CConstaterende datZuidplas
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 15 Geanonimiseerd - Advies en verslag 15 A21.001720

Gemeenteraad 26 oktober 2021, gemeente ZuidplasBij agendapunt: Rv Afhandelen bezwaarschriften Wvg1.957 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

gemeente

Zuidplas Commissie voor de bezwaarschriften Algemene kamer Vergadering van 9 september 2021 Aan: de gemeenteraad

Onderwerp: _____________ Het bezwaarschrift vant^ J B fê M H H S Id.d. 10 mei 2021 tegen het collegebesluit van 24 maart 2021 (bekendgemaakt op 25 maart 2021) waarbij een tijdelijk voorkeursrecht op grond van de Wet voorkeursrecht gemeenten (Wvg) is gevestigd en het raadsbesluit van 19 mei 2021 (bekendgemaakt op 21 mei 2021) waarbij een voorkeursrecht op grond van de Wvg is gevestigd. Omtrent de ontvankelijkheid: De commissie constateert dat het bezwaarschrift is gemotiveerd en binnen de in artikel 6:7 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) genoemde termijn is ontvangen. Het bezwaarschrift voldoet voorts aan de overige vereisten voor ontvankelijkheid. Gelet op dat gegeven adviseert de commissie het college om het bezwaarschrift ontvankelijk te verklaren. Omtrent de feiten: Bij het besluit van 24 maart 2021 (bekendgemaakt op 25 maart 2021) heeft het college een voorlopig voorkeursrecht gevestigd op de locatie en daarmee ook op het perceel waartoe bezwaarmaker gerechtigd is. Op 10 mei 2021 heeft bezwaarmaker tegen dit voorlopig voorkeursrecht bezwaar gemaakt en een zienswijze ingediend. Bij het besluit van 19 mei 2021 (bekendgemaakt op 21 mei 2021) heeft de gemeenteraad het voorkeursrecht definitief gevestigd.

De gemeenteraad heeft aan het besluit ten grondslag gelegd dat de gemeente Zuidplas bij de toekomstige ontwikkeling en realisatie van het gebied, voor zover mogelijk, de regie wenst te voeren bij de ontwikkeling van het plangebied. Het voorkeursrecht is gedurende het proces van planontwikkeling een beschermingsinstrument waardoor ongewenste (prijs-)ontwikkelingen kunnen worden voorkomen dan wel beperkt. Verkopen aan derden, die de ontwikkeling van het gebied kunnen frustreren, worden bemoeilijkt. Omtrent de bezwaren: Kort samengevat komen de bezwaren neer op het volgende: 1. Het perceel van bezwaarmaker heeft als bestemming 'Wonen' en 'Tuin'. Daarmee voldoet het perceel niet aan de criteria dat het momenteel agrarisch of bedrijfsmatig wordt gebruikt. Om die reden moet het perceel verwijderd worden van de lijst met aangewezen gronden. Omtrent de van toepassing zijnde regelgeving: Artikel 2 Wvg bepaalt dat de gemeenteraad gronden aan kan wijzen waarop de artikelen 10 tot en met 15, 24 en 26 van toepassing zijn. In artikel 3 Wvg is het volgende bepaald: 1. Voor aanwijzing komen in aanmerking gronden waaraan bij het bestemmingsplan of inpassingsplan een niet-agrarische bestemming is toegekend en waarvan het gebruik afwijkt van dat plan. 2. Een besluit tot aanwijzing vermeldt ten aanzien van de onroerende zaken waarop het betrekking heeft:

1 van 3

gemeente

Zuidplas a. b. c.

3.

de kadastrale aanduiding; de grootte van elk van de desbetreffende percelen volgens de kadastrale registratie; de grootte van een perceelsgedeelte, indien de aanwijzing betrekking heeft op een gedeelte van een onroerende zaak, en d. de namen van de eigenaren van de desbetreffende onroerende zaken en van de rechthebbenden op de beperkte rechten waaraan die zaken zijn onderworpen. Bij het besluit behoort een kadastraal overzicht waarop duidelijk zijn aangegeven de gronden waarop de aanwijzing betrekking heeft en de bijbehorende percelen of perceelsgedeelten.

In artikel 4 Wvg is het volgende bepaald: 1. In afwijking van artikel 3, eerste lid, komen voor aanwijzing voorts in aanmerking: a. gronden die zijn begrepen in een structuurvisie, waarbij aanwijzingen zijn gegeven voor de bestemming en waaraan bij de structuurvisie een niet-agrarische bestemming is toegedacht en waarvan het gebruik afwijkt van de toegedachte bestemming; b. gronden die bij een structuurvisie zijn aangewezen tot moderniseringsgebied als bedoeld in artikel 3.5 van de Wet ruimtelijke ordening, ongeacht of het gebruik van de gronden in die gebieden al dan niet afwijkt van die visie. 2. Artikel 3, tweede en derde lid, is van toepassing. In artikel 6 Wvg is het volgende bepaald: 1. Burgemeester en wethouders kunnen gronden voorlopig aanwijzen, mits bij het hiertoe strekkend besluit aan die gronden een niet-agrarische bestemming is toegedacht en het gebruik afwijkt van de toegedachte bestemming. Het besluit vervalt van rechtswege drie maanden na dagtekening of zoveel eerder als een besluit van de gemeenteraad tot aanwijzing ingevolge artikel 3,4 of 5 in werking treedt. 2. De artikelen 3, tweede en derde lid, 10 tot en met 15, 24 en 26 zijn van overeenkomstige toepassing. 3.

Indien bezwaar of beroep aanhangig is tegen een besluit tot voorlopige aanwijzing en dit besluit vervalt omdat een besluit van de gemeenteraad tot aanwijzing in werking is getreden, wordt het bezwaar of beroep mede geacht te zijn gericht tegen het besluit van de gemeenteraad. Van toepassing is de Structuurvisie Zuidplas 2030, vastgesteld op 27 november 2012 door de gemeenteraad en bekendgemaakt op 5 december 2012. Omtrent de overwegingen van de commissie: Ingevolge artikel 4, eerste lid, onder a van de Wvg komen vooraanwijzing in aanmerking gronden die zijn begrepen in een structuurvisie, waarbij aanwijzingen zijn gegeven voor de bestemming en waaraan bij de structuurvisie een niet-agrarische bestemming is toegedacht en waarvan het gebruik afwijkt van de toegedachte bestemming. De commissie constateert dat uit de Structuurvisie Zuidplas 2030 blijkt dat er aanwijzingen zijn dat aan de gronden van bezwaarmaker een niet-agrarische bestemming is toegedacht, te weten bedrijventerrein. Het huidige gebruik van de percelen is wonen en tuin. Het is niet onjuist dat de raad in zijn besluit heeft overwogen dat het gebied overwegend agrarisch wordt gebruikt. Hoewel het voor een belanghebbende extra belastend is om herhaald vanwege ruimtelijke plannen te moeten verplaatsen, heeft de wetgever de mogelijkheid van het vestigen van een voorkeursrecht in zo een geval niet beperkt.

Vooral in een omgeving met dynamische ontwikkelingen zoals dit deel van de provincie, moet met opvolgende plannen rekening worden gehouden. De commissie stelt vast dat is voldaan aan de vereisten van artikel 4, lid 1 sub a Wvg. Daarnaast constateert de commissie dat voldaan wordt aan de overige vereisten van artikel 3, lid 2 en 3 Wvg voor het vestigeri van een voorkeursrecht. De bezwaargrond slaagt niet.

2 van 3

gemeente

Zuidplas Advies aan de gemeenteraad: Het bovenstaande in acht nemend adviseert de commissie de gemeenteraad om: 1. het bezwaarschrift ontvankelijk te verklaren; 2. het bezwaarschrift ongegrond te verklaren; 3. het bestreden besluit in stand te laten. De voorzitter,

de secretaris,

De heer mr. P.C. Bakker

mevrouw mr. M.E. van Santen

3 van 3

gemeente

Zuidplas Samenvattend verslag van de hoorzitting van de Algemene kamer van de bezwaarschriftencommissie van 9 september 2021 Algemene kamer Aanwezig:

de heer mr. P.C. Bakker (voorzitter), mevrouw mr. C.J.A. Boere, de heer mr. J.M. Smits, mevrouw mr. M.E. van Santen (secretaris) en mevrouw mr. A. Boere (notulist)

Het bezwaarschrift v a n ^ ^ ^ ^ ^ m ^ ^ d . d . 10 mei 2021 tegen het collegebesluit van 25 maart 2021 waarbij een tijdelijk voorkeursrecht op grond van de Wet voorkeursrecht gemeenten (Wvg) is gevestigd en van rechtswege tegen het raadsbesluit van 19 mei 2021 waarbij een voorkeursrecht op grond van de Wvg is gevestigd. Aanwezigen: _____________ Bezwaarmaker: Namens het college en de raad: de heer R. Keesmaat, mevrouw L. van Duimen en mevrouw J. de Vries. De voorzitter opent de vergadering en geeft uitleg over de procedure. Hij geeft het woord a a n ^ ^ ^ H aan dat in het Masterplan zijn perceel bestemd is voor wonen en tuin. De Wvg is bedoeld voor agrarische gronden die een andere bestemming krijgen. Zijn perceel heeft geen agrarische bestemming. De vestiging van het voorkeursrecht raakt hem emotioneel. Hij is geboren en getogen in de polder en woont hier 50 jaar. Hij moet nu voor de tweede keer opkrassen ten behoeve van het algemeen belang. Het destijds moeten afstaan van het familiebezit (oorspronkelijke boerderij) ten behoeve van de Moordrechtboog was al pijnlijk. Nu heeft hij op de huidige locatie iets opgebouwd en moet hij weer vertrekken. Hij kan nergens in de buurt iets vergelijkbaars vinden. Dit is zwaar voor hem en dit alles gaat hem steeds meer tegenstaan. Hij heeft ingesproken in de raadsvergadering. Hij hoopt dat de gemeente goed met zijn belangen omgaat.

Hij snapt de ontwikkelingen, maar heeft hier geen begrip voor. De heer Keesmaat geeft aan dat de bezwaren zien op de ontwikkeling in de planvorming naar een bedrijventerrein. De gemeente wil eigendom verwerven met het oog op de regiefunctie. Hij begrijpt dat het vervelend is dat het perceel niet ingepast kan worden en dat het een uitdaging is om een nieuwe plek te vinden, maar dit maakt de afweging vanuit het algemeen belang niet anders. Wanneer het nieuwe bestemmingsplan, dan wel het nieuwe omgevingsplan wordt vastgesteld kan een zienswijze en vervolgens beroep worden ingediend. Mevrouw De Vries wijst op de kaart behorend bij de Structuurvisie 2030. ^ ^ ^ ^ ^ ^ ^ g e e f t aan dat hij veel informatie opgestuurd heeft gekregen, maar dat hij niet alles heeft kunnen lezen. Mevrouw De Vries wijst op de kaart de woning aan die tussen de spoorlijnen ligt. Het perceel is aangemerkt voor de gebiedsopgave Gouweknoop. Het gaat de bestemming bedrijventerrein krijgen. De woning en tuin kunnen niet worden ingepast. De gemeente wil met het vestigen van het voorkeursrecht de verkoop van het perceel aan anderen dan de gemeente voorkomen. Bij de nieuwe bestemming is sprake van beduidend ander gebruik. Mevrouw Boere vraagt of de gemeente speculatie wil voorkomen en dat dit de reden is van het vestigen van het voorkeursrecht.

Mevrouw De Vries antwoordt dat de wetgever dit voor ogen heeft gehad en dat daarnaast het instrument ook ingezet kan worden om de regie van de ontwikkelingen bij de gemeente te houden. Dit om stroperigheid in de planvorming en daarmee vertraging te voorkomen, zodat de onzekerheid voor

gemeente

Zuidplas de betrokkenen zo kort mogelijk duurt. Het Bid en het Masterplan geven een goed beeld van hoe het plangebied eruit komt te zien. Mevrouw Boere vraagt naar de onzekerheid voor de bewoners. Mevrouw De Vries antwoordt dat dit moeilijk los te koppelen is van de Wvg. Het is een uitvloeisel van de planvorming. Mevrouw Boere vraagt of de ontwikkeling van de Gouweknoop nog ver weg is. De heer Keesmaat antwoordt dat er voor twee mogelijke bedrijventerreinen subsidie is aangevraagd. Voorwaarde bij de subsidie is dat er uiterlijk in 2024 gebouwd gaat worden. Om dat mogelijk te maken moet er snel voorbelasting gepleegd worden. Dat gaat overlast geven voor de omgeving. Zand stuift, dat is niet te voorkomen. De woonomgeving verdwijnt, die ontwikkeling staat voor de deur. Tenzij er onvoorziene economische omstandigheden komen, gaat de ontwikkeling in hoog tempo voort. Dit wordt kenbaar gemaakt aan alle bewoners en eigenaren in het gebied. De gemeente gaat pas aan de slag na het vaststellen van het bestemmingsplan. Er is een strakke planning. Het vestigen van het voorkeursrecht maakt kenbaar dat het een serieuze ontwikkeling is. ^ I ^ ^ ^ ^ g e e f t aan dat je pas weet welke impact het voorkeursrecht heeft, als je het meemaakt. Het doet wat met je. Hij moet over 2,5 jaar iets anders hebben. Hij verkeert in grote onzekerheid over het vinden van een andere plek.

Mevrouw De Vries geeft aan dat er de afgelopen jaren al veel veranderd is in de Zuidplaspolder. Het is verstandig om bij een potentiële nieuwe aankoop contact op te nemen met de gemeente over de te verwachten ontwikkelingen op dat perceel. De heer Keesmaat geeft aan m e t ^ ^ B H Q i n gesprek te willen over wat de gemeente kan bieden. Hij wil zorgvuldig met de situatie omgaan. ^ ^ m ^ P g e e f t een compliment aan de gemeente, omdat die anders met de situatie omgaat als de provincie destijds bij de vorige onteigening. Hij maakt graag gebruik van de gelegenheid om met de gemeente in gesprek te gaan. Hij trekt zijn plan en is al aan het zoeken, er is alleen niets vergelijkbaars te vinden. De voorzitter geeft de verdere procedure weer en sluit onder dankzegging de hoorzitting.

De voorzitter,

De secretaris,

De heer mr. P.C. Bakker

Mevrouw mr. M.E. van Santen

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10635195/1