Bijlage 12 Beantwoording technische vragen Nota Omgevingskwaliteit Z23.001363
Tekst van het document
*Z23.001363*
Informatienota aan de raad
onderwerp
nummer raadsstuk
Beantwoording technische vragen Nota Omgevingskwaliteit datum 06/06/2023 afzender
portefeuillehouder
behandelend ambtenaar
College van burgemeester en wethouders
F. Klovert
E. Reussink
registratienummer
bijlagen
openbaar of geheim
Z23.001363
Openbaar
Aan de raad van de gemeente Zuidplas Inleiding De CU/SGP heeft technische vragen gesteld over het raadsvoorstel R23.000044 “Vaststellen Nota Omgevingskwaliteit Zuidplas”. Via dit schrijven beantwoorden wij de door u gestelde technische vragen. Namens de fractie van de ChristenUnie/SGP wil ik graag de volgende technische vragen indienen bij agendapunt 11 Rv Vaststellen Nota Omgevingskwaliteit Zuidplas: 1. Voor de invoering van de Omgevingswet is het “nodig dat alles wat kan en mag in de fysieke leefomgeving, op nationaal, provinciaal en lokaal niveau eenvoudiger, toegankelijker en meer integraal organiseren” (citaat implementatieplan Omgevingswet gemeente Zuidplas, pag. 5). Kunt u aangeven hoe deze nota op lokaal niveau leidt tot verbetering op deze 3 aspecten (eenvoud, toegankelijkheid, integraliteit)? Antwoord: In het implementatieplan Omgevingswet wordt het in essentie samengevat: “Ruimte voor ontwikkeling en waarborgen van kwaliteit”. De Nota Omgevingskwaliteit Zuidplas gaat met name in op het waarborgen van die kwaliteit. Deze nota is integraal bekeken door de vakafdelingen in samenwerking met Dorp, Stad en Land (Welstandscommissie). Hierbij is er ook een uitgebreide evaluatie gedaan van het huidige welstandsbeleid waarbij gekeken is hoe dit eenvoudiger, duidelijker en toegankelijker gemaakt kan worden.
Het begrip omgevingskwaliteit volgt uit de maatschappelijke doelstellingen van de Omgevingswet (art 2.1 Ow). Naast een veilige en gezonde fysieke leefomgeving is ook ‘het bereiken en in stand houden van een goede omgevingskwaliteit’ toegevoegd als centrale doelstelling. Omgevingskwaliteit wordt geduid als; ‘het belang van aspecten als cultureel erfgoed, architectonische kwaliteit van bouwwerken, stedenbouwkundige kwaliteit en kwaliteit van natuur en landschap.’ Met de invoering van de Omgevingswet was het nodig om het bestaande welstandsbeleid tegen het licht te houden en om te vormen naar een bredere nota Omgevingskwaliteit die voldoet aan de doelstellingen van de Omgevingswet. De nota vormt een basis voor het omgevingsplan en vormt een integraal beleid voor omgevingskwaliteit. Deze nota geeft aan welke ruimtelijke kwaliteit wordt voorgestaan bij bouwplannen en de inrichting van de openbare ruimte.
2. In hoeverre is bij het opstellen van de nota omgevingskwaliteit een (nieuwe) afweging gemaakt over specifieke locaties in de gemeente en de bestaande waarden, uitgangspunten, afspraken, pagina 1 van 2
onderwerp
registratienummer
informatienota aan de raad
Z23.001363
toezeggingen en dergelijke die daar gelden/in het verleden vastgesteld zijn. Antwoord: De Nota Omgevingskwaliteit gaat in op ruimtelijke kwaliteitsaspecten en waarden zoals die in Zuidplas zijn te vinden. In de Welstandsnota Zuidplas 2015 is dat gedaan en zo ook in diens voorgangers per dorp. Nu is er opnieuw op verschillende schaalniveaus naar de waarden van Zuidplas gekeken. Onderscheidend zijn gebieden, structuren en plekken besproken om de waarde te kunnen duiden en die toe te kennen in de vorm van bescherming in de verschillende regie niveaus. De Nota Omgevingskwaliteit is een document dat ruimtelijke zaken beschouwt, registreert, waardeert en vervolgens borgt. Uitgangspunten en toezeggingen doet ze geen uitspraken over.
3. De zienswijzen bij het Rijksbeschermd dorpsgezicht Moordrecht gaan met name in op de regeldruk die dit met zich meebrengt en de beperkingen voor het verduurzamen van de panden. Welke voordelen (denk aan beschikbare subsidies op landelijk, provinciaal, en/of gemeentelijk niveau, of de bescherming van belangrijke waarden) brengt een Rijksbeschermd dorpsgezicht met zich mee? Antwoord: De aanwijzing als beschermd gezicht is een erkenning van het bijzondere historische karakter van het gebied. De bedoeling van de aanwijzing is de historische karakteristieken te behouden en nadrukkelijk een plek te geven in ruimtelijke ontwikkelingen. Dit gebeurt door middel van een bestemmingsplan, dat speciaal voor het gebied wordt opgesteld. Het (beschermende) bestemmingsplan biedt een bepaalde mate van rechtszekerheid. Recente onderzoeken wijzen uit dat de aanwijzing als beschermd gezicht leidt tot een waardevermeerdering van de panden in het gebied. Vaak wordt meer geïnvesteerd in de ruimtelijke kwaliteit van gebouwen en omgeving. Voor individuele panden binnen het rijksbeschermd dorpsgezicht, zonder rijks- of gemeentelijke monumentenstatus, zijn er geen subsidies beschikbaar. 4.
In het raadsvoorstel geeft u aan dat er met de erfgoedvisie, de bijbehorende uitwerking voor het verduurzamen van panden in een Rijks beschermd dorpsgezicht en de voorliggende nota omgevingskwaliteit “een goede basis ontstaat om in gesprek te gaan met belanghebbenden”. Hoe moeten wij die goede basis duiden als de standpunten (ver) uiteenlopend zijn? Antwoord: De basis van de bescherming ligt hem in het vastleggen van de waarden en (rijks)regels die gelden voor het beschermen van monumenten en het beschermd dorpsgezicht. Hiervoor zijn landelijke richtlijnen. Als gemeente zijn we niet strenger dan de landelijke richtlijnen maar we mogen ook niet soepeler zijn dan de landelijke richtlijnen. Dat de standpunten hierover uiteenlopen signaleren we. Binnen de geldende richtlijnen en visies proberen we in gesprek te gaan met belanghebbenden over de mogelijkheden om toch te verduurzamen en tegelijkertijd de waarden te beschermen. 5. Op pagina 11 van de nota geeft u aan dat u in sommige situaties advies vraagt aan de Commissie Ruimtelijke Kwaliteit. Deze commissie is voor haar advisering mede gebonden aan de nu voorliggende nota.
Heeft u overwogen de Commissie te vragen zich uit te laten over de toereikendheid van de in deze nota opgenomen uitgangspunten voor de ruimtelijke kwaliteit, de beoordelingskaders en eventuele gesignaleerde manco’s in deze nota? Zo nee, bent u dit - gegeven het belang ervan voor de toepassing daarvan door de Commissie - voornemens alsnog aan de Commissie te vragen? Antwoord: Dorp, stad en land (onafhankelijk adviseur van de gemeente Zuidplas en verzorgd de bemensing van de Commissie Ruimtelijke Kwaliteit) is medeopsteller van de nota. Daarmee heeft zij meegedacht over de opgenomen uitgangspunten. Zij zijn van mening dat de nota voldoende handvatten geeft voor een beoordeling en mogelijkheden biedt om, waar nodig, maatwerk te bieden. pagina 2 van 2