Bijlage 10 Technische vragen Inkoop Jeugd en WMO 21.08.2023 Z23.002117
Tekst van het document
Technische vragen Inkoop jeugd en Wmo Raadsvragen ingediend na 28 juni 2023; beantwoording 22 augustus Vraag Fractie Gemeente Vraag2
Antwoord
146
VVD
Gouda
P5. Er staat "Uit landelijke onderzoeken blijkt echter dat de samenhang tussen het inkoopmodel en bijvoorbeeld de omvang van de zorgbehoefte gering is. " Is er ook onderzoek naar de samenhang tussen het inkoopmodel en de kwaliteit en omvang van het zorgaanbod?
Dergelijke onderzoeken zijn ons niet bekend. De meeste onderzoeken richten zich op de hoeveelheid aanbod en de omzet, niet op kwaliteit. Waarschijnlijk omdat dit veel complexere onderzoeken zijn, waarbij alleen op casusniveau beoordeeld kan worden of het goede kwaliteit is.
147
VVD
Gouda
P5. Staat de zin: “Een effectieve uitvoering van de inkoop jeugd en wmo vraagt om een stevige sociale en pedagogische basis die bijdraagt aan het voorkomen van maatwerkvoorzieningen”. In de voorbereidingen heb ik begrepen dat vroegsignalering en preventie buiten de regionale inkoop vallen. Hoe moet ik deze zin dan begrijpen?
Het betreft de afbakening wat je wel/ niet in gaat kopen en waar de lokale verantwoordelijkheid ligt. Het is van belang dat die sociale basis in alle vijf de gemeenten aanwezig is. Dit maakt heldere productomschrijvingen voor de inkoop mogelijk en vervolgens ook het contractmanagement daar op. De sociale basis en de inkoop dienen op elkaar aan te sluiten, zodat er geen gaten zitten in het ondersteuningsaanbod en voor aanbieders helder is welke diensten in het voorliggende veld beschikbaar zijn voor verwijzing/ afschaling.
148
VVD
Gouda
P7. Er staat "Hierdoor is het lastig om eenduidig te kunnen sturen via contractmanagement, wat leidt tot Twee hypothetische, maar op de praktijk gebaseerde voorbeelden: 1. Het stapelen van producten (zoals extra onduidelijkheid voor de inwoner." Kunt u een voorbeeld geven hoe dit tot onduidelijkheid voor de uren begeleiding bij logeren). Het is verschillend hoe toegangen hiermee om gaan; hierdoor kan het zijn dat dit inwoner leidt? in gemeente A wel mogelijk is en in B niet. Hierdoor kan het dat aanbieders verwachtingen wekken bij inwoners op basis van de ervaringen bij gemeente A. Ook kan het zijn dat aanbieders richting de toegangsmedewerkers aangeven dat product A alleen ingezet kan worden met bijvoorbeeld extra begeleiding. Hierdoor raakt de consulent in een zakelijke discussie met de aanbieder verzeild over wat wel/ niet in het product zit. Ondertussen is voor de cliënt niet duidelijk of plaatsing nu wel of niet mogelijk is. 2. een inwoner bij gemeente A krijgt wel een bepaalde dienst geïndiceerd middels een uitzonderingscontract, terwijl gemeente B eenzelfde aanvraag weigert. Dit komt bijvoorbeeld voor bij aanbieders die inwoners zelf op een mogelijke begeleiding/behandeling wijzen, zelfs al een intake doen, terwijl de aanbieder geen contract heeft in MiddenHolland. Dergelijke verschillen zijn vervolgens lastig uit te leggen aan inwoners.
149
VVD
Gouda
P7. Begrijp ik op pagina 7 dat lokale toegang soms lastig is en tot verschillen kan leiden maar dat de gemeente wel zelf de toegang tot zorg in handen blijft houden. Met andere woorden blijft de lokale toegang?
150
VVD
Gouda
151
VVD
Gouda
P8. Er staat "We sturen op kwaliteit en effectiviteit via outcomecriteria, instroom" Hoe wordt dat gemeten? P8 er staat "We stimuleren samenwerking vanuit het oogpunt van normaliseren" Wie stelt de kaders voor deze normalisatie? Welke rol hebben de zorgaanbieders in de realisatie van genormaliseerde zorg?
152
VVD
Gouda
P9. Hoe is het op dit moment geregeld met de lokale toegang? Zijn er wachtlijsten, en zo ja hoe wordt hierop ingespeeld?
153
VVD
Gouda
P10. Gouda blijft als centrum gemeente het beschermd wonen uitvoeren en krijgt daarvoor van de andere gemeenten een financiële bijdrage. Als iemand klaar is en niet meer beschermd hoeft te wonen, welke gemeente regelt dan een huis? De gemeente waaruit de cliënt is gekomen of is dit ook een van de taken van Gouda?
154
VVD
Gouda
P13. Zijn er al plannen gemaakt om de cliënten op te vangen als hun aanbieder uit het aanbod verdwijnt?
155
VVD
Gouda
156
VVD
Gouda
P13. Hoe wordt positieve gezondheid in deze nota ingevuld, met andere woorden wat wordt verstaan met positieve gezondheid? P13. In sommige gevallen neemt de gemeente de taken van de school over via de wmo, is deze ontwikkeling ook meegenomen in de inkoopnota? Kunnen we als regio hier nog oplossingen voor vinden?
157
VVD
Gouda
158
VVD
Gouda
Ja, de toegang blijft lokaal. Maar we zorgen wel voor meer afstemming en uniformiteit daar waar dit voor de inkoop en sturing op aanbieders nodig is. Dit betreft met name regie en triage, maar ook heldere communicatie over wat wel/ niet ingekocht is en duidelijke werkprocessen en verdeling van taken/ verantwoordelijkheden tussen de lokale gemeenten en de regionale werkorganisatie. Hoe dit gemeten wordt is onderdeel van de uitwering. Normalisatie heeft betrekking op een brede maatschappelijke ontwikkeling, die we ook landelijk in de hervormingsagenda terug zien. Kaders kunnen dus zowel landelijk als lokaal/regionaal (bijv. in de nieuwe regiovisie) ontwikkeld worden. Zorgaanbieders kunnen op verschillende manieren een rol hebben. Bijvoorbeeld door met de cliënt te kijken, wanneer de cliënt zelf of met minder hulp verder kan. Daarvoor hoeft het probleem nog niet opgelost te zijn. Maar ook door in zijn aanpak en aanbod zoveel mogelijk aan te sluiten op 'normale voorzieningen' en uit te gaan wat 'normaal' is in betreffende situatie. Denk bijvoorbeeld aan zorgen voor aansluiting bij reguliere sportverenigingen in plaats van een 'eigen' groepje op te richten. Specifiek Gouda: Er is een aanmeldlijst, geen wachtlijst. Als er een spoedaanvraag gedaan wordt dan wordt binnen 24 uur contact opgenomen. De consulent of regisseur neemt de aanvraag met spoed in behandeling.
Bij elke aanvraag wordt binnen 5 werkdagen telefonisch contact opgenomen om te melden dat de aanvraag is ontvangen. (Zie ook routekaart aanvraag jeugdhulp voor uitgebreidere uitleg) Cliënten met regionale binding die uit kunnen stromen uit beschermd wonen en niet op eigen kracht aan huisvesting kunnen komen, kunnen zich aanmelden voor de regionale regeling huisvesting bijzondere doelgroepen. De 5 gemeenten in Midden Holland hebben met elkaar afgesproken dat zij middels de woningcorporaties een x aantal woningen beschikbaar stellen voor uitstroom uit instellingen, waaronder uit verblijf in beschermd wonen. Elke gemeente is verantwoordelijk voor het leveren van een deel van deze woningen. Cliënten kunnen in hun aanmelding aangeven wat voor hen een geschikte plek is om verder te herstellen (bijvoorbeeld in verband met werk en netwerk). Voorwaarde voor een uitstroomwoning is adequate begeleiding. Dat moet de gemeente regelen waar de cliënt komt te wonen. Gouda zorgt voor een goede overdracht naar die gemeente. Zoals in het kaderdocument opgenomen is het uitgangspunt dat niet (meer) gecontracteerde aanbieders hun trajecten kunnen afsluiten danwel ‘warm’ kunnen overdragen op een geschikt moment danwel als onderaannemer gaan fungeren mits de hoofdaannemer hiervoor open staat binnen een bepaald maximum kader. In het inkoopplan en implementatieplan wordt dit verder geconcretiseerd.
Positieve gezondheid sluit aan op normaliseren. Zie pagina 17 in het kaderdocument voor meer toelichting.
De gemeente neemt geen taken over van de school. Wel zijn er 'grijze gebieden' waar het onduidelijk is wie precies verantwoordelijk is. Het maken van afspraken met onderwijs hierover is geen onderdeel van dit inkooptraject, maar krijgt vorm in andere projecten/ overleggen die gericht zijn op de samenwerking jeugdhulppassend onderwijs. P14. Er staat dat de staatssecretaris adviseert om een stevige lokale toegang in te richten. Hoe is dit in Specifiek Gouda: De integrale toegang kijkt breed naar de vraag van een inwoner. Er is inhoudelijke Gouda gerealiseerd? achtervang vanuit de vakafdelingen. Er zijn afspraken over terugbeltijd indien de vakafdeling niet direct bereikbaar is. De consulent is direct bereikbaar voor een inwoner die voorzieningen of een aanvraag heeft. Als elke gemeente de lokale toegang zelf blijft bepalen en zelf blijft invullen, waarom wordt er dan telkens weer de nadruk gelegd op de lokale toegang? Dit is toch in feite iets wat buiten de scope van de regionale inkoop valt?
De inrichting van de toegang is inderdaad een lokale aangelegenheid. Wel is het in het kader van regionaal inkopen belangrijk om uniforme afspraken te maken over verwijsroutes/ overlegtafels en regie en uniformiteit in communicatie en instructie over de ingekochte producten.
Technische vragen Inkoop jeugd en Wmo Raadsvragen ingediend na 28 juni 2023; beantwoording 22 augustus Vraag Fractie Gemeente Vraag2 159
VVD
Gouda
160
VVD
Gouda
161
162
Antwoord
P17. Er staat dat er moet worden gewerkt met een integrale aanpak als er meerdere zorgproblemen Ja, dit is juist de meerwaarde van de lokale toegang. Daar kan die integraliteit met andere gemeentelijke wetten zijn. In Gouda hebben we het vaak over 1 gezin, 1 plan, 1 aanspreekpunt. Is dit meegenomen in de en regelingen meegenomen worden (denk aan werk en inkomen, inburgering, laaggeletterdheid enz.) totstandkoming van de nota? Indien nee, waarom niet? P17. Er staat dat het stoppen/afschalen wordt bepaald door de inwoner, aanbieder en de Specifiek Gouda: Vaak verloopt op- en afschalen in goed overleg en zal niet altijd een beschikking afgegeven toegang/verwijzer. Is dit dan ook een bestuursrechtelijk besluit waar bezwaar en beroep mogelijk is? En worden. Wanneer de backoffice een beschikking nodig heeft voor de uitvoering van de jeugdwet of als een wie maakt dan de definitieve keuze? Is dat de gemeente of de professional? belanghebbende erop staat een besluit (beschikking) te ontvangen dan geeft de gemeente deze beschikking altijd af. Zowel de beslissing om wél of geen voorziening te verstrekken is een beschikking waartegen bezwaar en beroep open staat. P19. Welke concrete maatregelen worden er regionaal genomen om de snelheid en kwaliteit van Voor de periode vanaf 2025 wordt dit uitgewerkt in het inkoopplan.
Op dit moment wordt voor de facturatie facturatie en prestatieverklaring te vergroten? gewerkt volgens het standaard landelijk administratieprotocol waarbij aanbieders binnen 30 dagen moeten factureren. Gebruik van landelijke standaarden zorgt voor een eenduidige manier van declareren. De afhandeling van facturen en monitoring van tijdige facturatie wordt lokaal gedaan. Als aanbieders niet tijdig factureren komt dit aan de orde in de contractmanagementgespreken en worden verbeterafspraken gemaakt. Voor de prestatieverklaring volgen we het landelijk standaard accountantsprotocol en de landelijke deadlines die hier bij horen. We rappelleren aanbieders tussentijd meerdere malen. P19. " De komende jaren zal, mede in relatie tot de personeelstekorten en met de ervaringen uit de Dit wordt nader uitgewerkt in het inkoopplan maar ook bijvoorbeeld in de ruimte die productomschrijvingen coronaperiode in het achterhoofd, de inzet op innovatieve technologieën en digitalisering gefaciliteerd bieden aan digitaal werken. Dit zal een onderwerp van gesprek zijn in de martkconsultatie met de aanbieders. worden. " Hoe krijgt deze facilitering vorm en hoe vertaalt zich dit in de voorliggende inkooptrajecten?