Bijlage 1 Kadernota Warmtetransitie Z21.000943
Tekst van het document
*Z21.000943*
Kadernota Warmtetransitie
onderwerp
nummer raadsstuk
Kaders Warmtetransitie datum 18/05/2021 afzender
portefeuillehouder
behandelend ambtenaar
College van burgemeester en
J.A. Verbeek
S. Akinci
registratienummer
Bijlagen
Openbaar
Z21.000943
-
wethouders
Aan de raad van de gemeente Zuidplas
Kernboodschap In 2050 moeten alle ruim zevenmiljoen woningen en een miljoen andere gebouwen in Nederland zijn verduurzaamd. Dit is afgesproken in het Klimaatakkoord en vastgelegd in het Klimaatplan 2021-2030 van het kabinet. In een stapsgewijze duurzame transformatie van de gebouwde omgeving worden woningen en gebouwen in Nederland energiezuiniger en comfortabeler gemaakt. Daartoe moet voor eind 2021 in elke gemeente een Transitie Visie Warmte zijn vastgesteld. De voorliggende Kadernota Warmtetransitie schept de kaders waarbinnen deze keuzes in de Transitie Visie Warmte gemaakt zullen worden.
De Transitie Visie Warmte In 2050 moeten alle ruim zevenmiljoen woningen en een miljoen andere gebouwen in Nederland zijn verduurzaamd. Dit is afgesproken in het Klimaatakkoord en vastgelegd in het Klimaatplan 2021-2030 van het kabinet. In een stapsgewijze duurzame transformatie van de gebouwde omgeving worden woningen en gebouwen in Nederland energiezuiniger en comfortabeler gemaakt. Er wordt overgestapt van fossiele warmtevoorzieningen, zoals de traditionele cv-ketel, naar aardgasvrije alternatieven. Gemeenten hebben in deze warmtetransitie de regierol toegewezen gekregen. Daartoe moet voor eind 2021 in elke gemeente een Transitie Visie Warmte zijn vastgesteld. Deze visie vormt onderdeel van de omgevingsvisie en daarmee samenhangende uitvoeringsprogramma’s en omgevingsplannen. In de periode tot en met 2030 moeten de eerste anderhalf miljoen woningen en andere gebouwen zijn verduurzaamd. Op dit moment zijn vrijwel al deze gebouwen voor hun ruimteverwarming, warm tapwater en kookvoorzieningen afhankelijk van aardgas. Voor al deze toepassingen zal in de warmtetransitie een duurzaam alternatief moeten worden gevonden. Die warmtetransitie zal er in elke gemeente anders uitzien. Per buurt en woningtype kan de meest geschikte techniek voor de verduurzaming verschillen.
In de Transitie Visie Warmte geeft de gemeente aan in welke buurten al voor 2030 wordt onderzocht of deze aardgasvrij kunnen worden en welke warmtealternatieven in deze buurten het meest geschikt is. pagina 1 van 7
onderwerp
registratienummer
informatienota aan de raad
Z21.000943
Zuidplas kiest er bewust voor om in de Transitie Visie Warmte geen startbuurten aan te wijzen. Een startbuurt impliceert dat alle keuzes rondom de warmtetransitie voor deze buurt al gemaakt zijn en dat de spreekwoordelijke schop direct in de grond kan. Zuidplas spreekt daarom over verkenningsbuurten: De verkenningsbuurten zijn de buurten waar, na vaststelling van de TVW, als eerste zal worden verkend hoe we de warmtetransitie het best kan worden vormgeven. Onderdeel van die verkenning is het uitvoeren van een verdiepend onderzoek naar de technische en economische haalbaarheid van de warmtetransitie en waarin dieper in gesprek gegaan wordt met de bewoners over de vormgeving van de warmtetransitie. Samen met bewoners wordt in de verkenningsfase gewerkt aan buurtuitvoeringsplannen. Deze plannen kunnen op basis van specifieke eigenschappen en de gesprekken met bewoners per buurt verschillen.
Inleiding op de Kadernota In de jaren ’60 van de vorige eeuw stapte Nederland af van verwarming door kolen en werd in zeer korte tijd een vrijwel landsdekkend aardgasnet uitgerold. Er was toen één warmtebron die voor elke woning en elk gebouw toepasbaar was. De huidige warmtetransitie is minder eenvoudig. Er zijn meerdere technieken beschikbaar. Welke techniek het meest geschikt is, varieert per buurt of zelfs per woningtype. Tegelijk ontwikkelen de technische en economische haalbaarheid van verschillende opties zich voortdurend. Al deze factoren spelen een rol in de keuze voor een warmtealternatief per buurt en het aanwijzen van de buurten die als eerste in aanmerking komen om in transitie te gaan. De voorliggende Kadernota Warmtetransitie schept de kaders waarbinnen deze keuzes in de Transitie Visie Warmte gemaakt zullen worden. Bij het opstellen van de kaders is Zuidplas in gesprek gegaan met zowel professionele partijen als inwoners. De professionele partijen betreffen de in Zuidplas actieve woningcorporaties, netbeheerders en gemeentelijke afdelingen. Met deze partijen is regelmatig overleg aan zogenoemde transitietafels. Bewoners zijn allereerst betrokken via de informatieavonden en kennissessies die vanuit de gemeente zowel fysiek als digitaal zijn georganiseerd. Bewoners is daarbij gevraagd zich aan te melden voor een Inwoners Advies Raad.
Met deze adviesraad is de dialoog aangegaan over de voor bewoners belangrijke aspecten die een rol spelen bij de warmtetransitie. Hieruit zijn vervolgens criteria geformuleerd die vervolgens opnieuw met de Inwoners Advies Raad zijn besproken en verwerkt in deze kadernota.
Participatietraject met inwoners Informatieavonden Februari/maart 2020: 5 avonden (1.164 deelnemers) Juli: digitaal (1.042 keer bekeken) Kennissessies (digitaal, januari 2021) Waterstof & groen gas (219 keer bekeken, waardering: 7,8) Warmtenet (320 keer bekeken, waardering: 8,5) Warmtepomp (320 keer bekeken, waardering: 7) Kernenergie (160 keer bekeken, waardering: 7,8) Inwoners Advies Raad (digitaal) November 2020 (24 deelnemers, waardering 7,75) Maart 2021 (16 deelnemers, waardering: 7,4) Enquête 1.803 respondenten Ambassadeurs Ervaringen delen (8 ervaringsdeskundigen) Warmte-scan (18 warmtefotografen) Energiecoach (5 ambassadeurs)
Deze kaders zijn opgedeeld in drie categorieën. De eerste categorie omvat algemene uitgangspunten die binnen de gemeente Zuidplas altijd van toepassing zijn bij de warmtetransitie. De tweede categorie omvat selectiecriteria die worden gewogen bij de keuze voor een warmtealternatief. De derde categorie omvat selectiecriteria die worden toegepast om te bepalen in welke buurten als eerste wordt verkend hoe de warmtetransitie concreet vormgegeven gaat worden.
pagina 2 van 7
onderwerp
registratienummer
informatienota aan de raad
Z21.000943
De Uitgangspunten De uitgangspunten vormen de algemeen geldende voorwaarden waaronder Zuidplas de warmtetransitie wil vormgeven. Het zijn de waarden die Zuidplas hoog in het vaandel draagt en waar de gemeente altijd naar wil handelen, ongeacht het gekozen warmtealternatief. Bewoners kunnen de gemeente hierop aanspreken. 1. Haalbaar en betaalbaar Ongeacht de keuze voor het warmtealternatief of het moment waarop de transitie in een buurt in gang gezet wordt, moet de warmtetransitie voor alle betrokken partijen haalbaar en betaalbaar zijn. Daarbij zijn twee randvoorwaarden van groot belang; de snelheid waarmee de verduurzaming van de gebouwde omgeving ter hand genomen kan worden en de kosten waarmee dat gepaard gaat. Op het niveau van individuele huishoudens is woonlastenneutraliteit het uitgangspunt. Dat wil zeggen dat de kosten van verduurzamingsmaatregelen kunnen worden terugverdiend via de energierekening. Dit komt binnen bereik door kostenreductie, een betaalbare energierekening, subsidies en aantrekkelijke financiering. De invulling die de Rijksoverheid geeft aan de arrangementen om woonlastenneutraliteit te kunnen bereiken, moet helder zijn. 2. Verantwoord en toekomstgericht Het tempo van de warmtetransitie moet voor alle partijen behapbaar zijn. Het is niet mogelijk om in te veel buurten tegelijk aan de slag te gaan.
Woning- en gebouweigenaren moeten kunnen anticiperen op de transitie. Fasering van de warmtetransitie over een langere periode kan daaraan een bijdrage leveren. Daarnaast moet er tijd en ruimte zijn om te leren van de ervaringen uit eerdere projecten en deze toe te passen in nieuwe buurten. De Transitie Visie Warmte heeft een adaptief karakter en wordt om de vijf jaar herijkt. 3. Zorgvuldig proces De warmtetransitie raakt de inwoners van Zuidplas letterlijk in hun privédomein. De belangen van bewoners moeten goed geborgd zijn. Betrokkenheid van bewoners is derhalve van groot belang. Tegelijk zit niet elke bewoner te wachten op een intensief participatietraject. Daarom moet bij elke stap in het proces zorgvuldig worden gewogen op welke wijze bewoners betrokken worden. Ook moet helder zijn welke partij verantwoordelijk is voor de verschillende stappen in het proces en de concrete uitvoering van de warmtetransitie. De warmtetransitie wordt waar mogelijk integraal bekeken. Bijvoorbeeld door de warmtetransitie te combineren met de herinrichting van het openbaar gebied. Daarbij wordt ook rekening wordt gehouden met andere (duurzaamheids-)opgaven. 4. Transparante communicatie Zuidplas is transparant over de afwegingen die ten grondslag liggen aan de keuze voor een warmtealternatief en de aanwijzing van verkenningsbuurten en staat open voor de inbreng van belanghebbenden.
Daarnaast communiceert Zuidplas in openheid over de tijdlijn die inwoners kunnen verwachten. Onderzoeken en cijfers zijn voor alle betrokkenen beschikbaar en toegankelijk en Zuidplas werkt actief aan het ontsluiten van deze gegevens. 5. Betrekken van bewoners Bij het opstellen van buurtuitvoeringsplannen gaat Zuidplas altijd in gesprek met de bewoners pagina 3 van 7
onderwerp
registratienummer
informatienota aan de raad
Z21.000943
van de buurt. Zij krijgen een duidelijke rol in de wijze waarop de transitie in hun buurt wordt aangepakt. Om participatiemoeheid te voorkomen, worden verschillende instrumenten ingezet om bewoners te betrekken, elk met een eigen intensiteit. Bewoners die vooral ontzorgd willen worden, worden op een andere manier benaderd dan bewoners die actief willen meedenken 6. Handelingsperspectief De warmtetransitie zal niet in elke buurt op hetzelfde moment van start gaan. Dat wil niet zeggen dat ook in buurten die pas later aan de beurt zijn, stappen gezet kunnen worden richting verduurzaming. Verantwoorde isolatiestappen besparen energie en reduceren de uitstoot van CO₂, ook als de resterende warmtevraag wel met aardgas wordt bediend. Zuidplas wil ook bewoners van de buurten die nog niet direct worden losgekoppeld van het aardgas een handelingsperspectief bieden om energie te besparen en zich voor te bereiden op de transitie. Toegang tot gedegen informatie over het zetten van isolatiestappen, praktische tips en collectieve inkoopacties voor de verduurzaming van de woning behoren tot de mogelijkheden. 7. Aansluiten bij bestaande initiatieven In de toekomst zullen er steeds meer lokale initiatieven ontstaan, omdat inwoners zelf aan de slag gaan. Deze initiatieven zijn een indicator voor de aanwezigheid van draagvlak.
De gemeente Zuidplas faciliteert en ondersteunt lokale initiatieven zoveel mogelijk en delen deze succesverhalen.
Criteria voor de selectie van het Warmtealternatief Deze set criteria vormen de basis op grond waarvan wordt gekozen welk warmtealternatief of alternatieven toepasbaar zijn in een specifieke buurt of wijk. 1. Gebruikerskosten Dit zijn de kosten die de bewoner op jaarbasis kwijt is aan warmte. Het gaat bijvoorbeeld om de extra elektriciteitsvraag bij een warmtepomp, de kosten voor gebruik van warmte uit een warmtenet of de rekening voor waterstof of duurzaam gas. 2. Eigenaarskosten Dit zijn de extra kosten die een gebouweigenaar moet maken voor isolatie en aanpassingen aan de afgiftesysteem, zoals de vervanging van radiatoren of de aanleg van vloerverwarming. Vaak leiden woonaanpassingen ook tot extra comfort of een hogere woningwaarde. 3. Totale Nationale Kosten Dit zijn alle kosten van verschillende partijen bij elkaar opgeteld. Dat zijn de kosten van gebouweigenaren voor aanpassingen aan de woning en installaties, maar ook subsidies, investeringen van netbeheerders en de energierekening van de bewoner. 4. Duurzaamheid Het doel van de warmtetransitie is het verminderen van CO₂-uitstoot. Uitgangspunt is dat alle ingezette warmtealternatieven in de toekomst CO₂-neutraal zijn. Bij collectieve oplossingen zal de in te zetten warmtebron dan ook duurzaam moeten zijn of zal er zicht moeten zijn op verduurzaming daarvan.
Ook de benodigde elektriciteit zal op termijn geheel duurzaam moeten pagina 4 van 7
onderwerp
registratienummer
informatienota aan de raad
Z21.000943
zijn opgewekt. Naast CO₂-reductie worden ook andere aspecten meegenomen, zoals materiaalgebruik en het effect van in bedrijf genomen installaties op bodem, grondwater, oppervlaktewater en leefomgeving. Bijzondere aandacht verdient de inzet van houtige biomassa. Er is veel discussie over de effecten van verbranding van houtige biomassa op de luchtkwaliteit en het daadwerkelijke effect hiervan op het reduceren van CO₂. Het Rijk beraadt zich de rol van houtige biomassa in de energietransitie. De SER heeft in juli 2020 een advies uitgebracht waarin is aangegeven dat de inzet van houtige biomassa voor warmte voor gebouwen moet worden afgebouwd. In Zuidplas zal houtige biomassa niet worden ingezet voor de basislast van de warmtevraag. Ook als piek- of backupvoorziening verdient inzet van groen gas, dat gewonnen wordt uit vergisting van biomassa, de voorkeur boven houtige biomassa. 5. Impact op de leefomgeving De warmtetransitie zal gepaard gaan met overlast. Die is vooral tijdelijk, bijvoorbeeld bij aanpassingen aan de woning of graafwerkzaamheden in de straat voor de aanleg van een warmtenet. De inzet van luchtwarmtepompen kan ook leiden tot meer omgevingsgeluid.
Voor de inwonersadviesraad wegen gebruikerskosten en eigenaarskosten het zwaarst Leefomgeving mee in de afweging voor het warmtealternatief. Speciaal werd daarbij aandacht gevraagd voor Duurzaamheid woningeigenaren die niet lang meer in de eigen Eigenaarskosten woning zullen blijven wonen en voor eigenaren met weinig investeringsruimte. Specifiek voor de Gebruikerskosten impact op de leefomgeving werd opgemerkt dat Totale Nationale Kosten tijdelijke overlast van een verbouwing of opengebroken straat minder zwaar weegt dan de 0 1 permanente impact die warmtealternatieven met zich mee kunnen brengen, bijvoorbeeld de geluidsdruk van luchtwarmtepompen.
2
3
4
5
Criteria voor de selectie van de Verkenningsbuurten Deze set criteria vormt de basis op grond waarvan wordt gekozen welke buurten in aanmerking komen om aangewezen te worden als verkenningsbuurten. 1. Zekerheid Voordat de warmtetransitie in een buurt in gang wordt gezet, moet er zekerheid zijn over de beschikbaarheid van een lokale bron. Ook moeten we kosten goed in beeld hebben, zodat we later niet voor verassingen komen te staan. En technisch moet de oplossing net zo betrouwbaar zijn als de CV-ketel nu is. Voor wat betreft de broninzet heeft elke techniek een eigen technische levensduur waar in de businesscase mee gerekend wordt. Individuele warmtepompen hebben een technische levensduur van circa 15 jaar, waarna deze vervangen moeten worden. Voor geothermiebronnen wordt over het algemeen gerekend met een minimale levensduur van 30 jaar. Na uitputting zal een nieuwe bron geboord moeten worden, zodat de initiële bron te tijd krijgt te regenereren. pagina 5 van 7
onderwerp
registratienummer
informatienota aan de raad
Z21.000943
2. Draagvlak Met de warmtetransitie komen we letterlijk binnen bij de mensen thuis. Daarom is draagvlak belangrijk. Daar werken we aan door met de bewoners in gesprek te gaan om zo goed mogelijk uit te leggen wat we gaan doen en waarom het nodig is. We willen nu geen warmteoplossing opdringen als de mensen er nog helemaal niet klaar voor zijn. 3. Onderhoud Om de overlast van werkzaamheden in de straat of binnenshuis te beperken, is het belangrijk om de energietransitie zo veel mogelijk samen te laten vallen met andere werkzaamheden. Bijvoorbeeld door de aanleg van een warmtenet samen te laten vallen met werkzaamheden aan het riool. Of door te isoleren wanneer er groot onderhoud is gepland. 4. Contracteerbaarheid Bij een gezamenlijke wijk- of buurtaanpak is het een uitdaging om met elke gebouweigenaar aparte afspraken te maken, zeker aan het begin van de warmtetransitie. Buurten waar veel corporatiewoningen staan of VVE’s actief zijn, komen mogelijk eerder in aanmerking om te starten met de warmtetransitie. 5. Uniformiteit Bij werkzaamheden aan de woning kan schaal een voordeel zijn. Indien er in een buurt veel dezelfde type woningen staan, kunnen we een uniforme aanpak voor de woningisolatie ontwikkelen. Dit kan de kosten verlagen en bovenal het tempo van de woningaanpassingen versnellen.
Door de inwonersadviesraad wordt zekerheid veruit het zwaarst gewogen als selectiecriterium voor de Uniformiteit aanwijzing van verkenningswijken. Ook de Contracteerbaarheid contracteerbaarheid scoort hoog, waarbij een Koppelen aan Onderhoud gezamenlijke aanpak voor kopers en huurders bij Draagvlak ‘versnipperd’ bezit als aandachtspunt naar voren is Zekerheid gebracht. Daarbij wordt opgemerkt dat zowel zekerheid als contracteerbaarheid een positieve 0 1 2 3 invloed zullen hebben op het draagvlak. Ook wordt benadrukt dat woningisolatie altijd moet worden meegenomen bij onderhoud aan woningen, ook in een buurt die niet als verkenningsbuurt wordt aangewezen.
4
5
Vervolg Aan de hand van de door de gemeenteraad van Zuidplas vastgestelde criteria zullen alle buurten van Zuidplas onderworpen worden aan een analyse op basis van deze criteria. Hieruit volgt een lijst van buurten die in aanmerking komen om aangewezen te worden als verkenningsbuurt. Ook zal per buurt worden aangegeven welke warmtealternatieven geschikt zijn om in te zetten. Deze uitkomsten worden verwerkt in de Transitie Visie Warmte, die in november ter besluitvorming wordt voorgelegd aan de gemeenteraad. Hierin wordt ook de procesrol van de gemeente nader geduid en zal worden ingegaan op de middelen die vanuit het rijk voor deze taak beschikbaar worden gesteld. Na vaststelling van de pagina 6 van 7
onderwerp
registratienummer
informatienota aan de raad
Z21.000943
Transitie Visie Warmte wordt voor de verkenningsbuurten een traject gestart om, in lijn met de uitgangspunten, te komen tot uitvoeringsplannen per buurt. De warmtetransitie is een dynamisch proces. Technieken ontwikkelen zich, economische uitgangspunten kunnen veranderen en bovenal doet Zuidplas in elke buurt weer nieuwe ervaringen op. Al deze ontwikkelingen dragen bij aan de kennis van de warmtetransitie en kunnen van invloed zijn op keuzes in de toekomst. Daarom wordt de Transitie Visie Warmte om de vijf jaar herijkt en opnieuw voorgelegd aan de gemeenteraad.
Namens het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Zuidplas,
J.F. Weber Burgemeester
R.C.L. Heijdra Gemeentesecretaris
pagina 7 van 7