Bijlage 1 Conceptbegroting 2024 van het Recreatieschap Hitland F 417 E23.003050
Tekst van het document
AB 30 maart 2023 HIT/2023-AB 30032023-6.4
RECREATIESCHAP HITLAND
BELEIDSBEGROTING 2024
Inhoudsopgave Deel 1 Programmaplan 1.
Inleiding
4
2.
Uitgangspunten
5
3.
Programma’s
6
3.1.
Bestuur
6
3.1.1. Algemeen 3.1.2. Bestuur en organisatie 3.2.
Recreatie en natuur
7
3.2.1. 3.2.2. 3.2.3. 3.2.4.
Bestuur en werkapparaat Onderhoud en beheer Overige zaken Begroting recreatie en natuur
3.3.
Exploitatie golfbaan
3.3.1 3.3.2
Begroting Voorgestane resultaatbestemming
4.
Algemene dekkingsmiddelen
9
12
Deel 2 Paragrafen 5.
Introductie
14
6.
Weerstandsvermogen
15
7.
Onderhoud kapitaalgoederen
17
8.
Bedrijfsvoering
19
9.
Financiering
20
2
DEEL 1 PROGRAMMAPLAN
3
1. Inleiding Het Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten (BBV) is van toepassing op gemeenschappelijke regelingen. Als gevolg hiervan dient de begroting te bestaan uit de volgende onderdelen: •
•
de beleidsbegroting, tenminste bestaande uit o het programmaplan en o de verplichte paragrafen de financiële begroting, tenminste bestaande uit o een overzicht baten en lasten met toelichting en o een uiteenzetting van de financiële positie met toelichting o de bijlage met overzicht geraamde baten en lasten per taakveld.
In deel 1 wordt het programmaplan beschreven. In deel 2 worden de paragrafen beschreven.
4
2. Uitgangspunten Het BBV schrijft voor, dat de begroting moet worden opgesteld aan de hand van programma’s i.c. een programmaplan. Een programmaplan dient te bevatten: a. de te realiseren programma’s b. een overzicht van de algemene dekkingsmiddelen c. een overzicht van de kosten van overhead d. het bedrag voor heffing van de vennootschapsbelasting e. het bedrag voor onvoorzien. Per programma dient te worden omschreven wat de doelstelling is, in het bijzonder de beoogde maatschappelijke effecten, de wijze waarop deze effecten bereikt worden en de raming van baten en lasten. Provincies, gemeenten en recreatieschappen kunnen in principe zelf bepalen welke programma’s i.c. beleidsthema’s worden onderscheiden. Voorts dienen bij ministeriële regeling vastgestelde beleidsindicatoren opgenomen te worden in de programma’s om de resultaten van de beleidsmatige inspanning meer inzichtelijk te maken. Het recreatieschap heeft op basis van de gemeenschappelijke regeling slechts één taakveld en dat is het beheer en de exploitatie en duurzame instandhouding van het openbaar toegankelijke recreatiegebied Hitland. Daarnaast heeft het recreatieschap zich meermalen uitgesproken voor een duurzame handhaving van het agrarisch middengebied met agrarisch gebruik. Er is derhalve één programma te onderscheiden nl. recreatie en natuur.
Zaken als bestuur en orde en veiligheid zijn hieraan gerelateerd, maar nemen geen aparte plaats als zelfstandig programma in. Toch wordt vanwege de Wet dualisering gemeentebestuur ingegaan op (de bestuurlijke aspecten in een programma bestuur. Voor de duidelijkheid wordt, naast genoemde programma’s bestuur en recreatie en natuur, een programma exploitatie golfbaan onderscheiden. De bij ministeriële regeling vastgestelde basis set van beleidsindicatoren voor programma’s is niet echt van toepassing op de genoemde 3 programma’s. Hiervoor wordt dan ook verwezen naar de beleidsindicatoren van de deelnemers in de gemeenschappelijke regeling.
5
3. Programma’s De doelstellingen van het recreatieschap kunnen als volgt worden samengevat: • het duurzaam in stand houden van zowel de recreatie als de natuur • het zo toegankelijk mogelijk aanbieden van de voorzieningen en • het verstevigen van de positie van het recreatieschap in de regio. Voor de golfbaan komt daarbij, dat de golfbaan minimaal budgettair neutraal geëxploiteerd moet worden. In dit hoofdstuk zullen de (3) programma’s beschreven worden, waarbij ook zal worden ingegaan op de kosten. De programma’s hebben betrekking op bestuur, recreatie en natuur en exploitatie golfbaan. Door de toenmalige gemeenteraden is in 2005 als uitgangspunt meegegeven, dat de bijdrage mag toenemen met maximaal de inflatiecorrectie. Voor het begrotingsjaar 2024 is door de gemeenten Capelle aan den IJssel en Zuidplas meer specifiek aangegeven, dat de bijdrage maximaal met 8,4 % mag stijgen t.o.v. de bijdrage voor het begrotingsjaar 2023. Voor het jaar 2024 is, met enkele uitzonderingen die nog nader zullen worden toegelicht, een stijging/indexering van de lasten van 5 % aangehouden. De begroting voor het jaar 2024 valt binnen de door de gemeenten genoemde uitgangspunten.
3.1. Bestuur 3.1.1. Algemeen Het BBV heeft een nadrukkelijke relatie met de Wet dualisering gemeentebestuur. Het effect van het BBV en de Wet dualisering gemeente bestuur op de Wet gemeenschappelijke regelingen blijft beperkt tot de Gemeentewet en met name daarvan de artikelen, die betrekking hebben op de onderdelen van de financiële functie (begroting, jaarstukken en verordeningen). Er is bepaald, dat de bepalingen in de Gemeentewet (met uitzondering van de eerder genoemde financiële bepalingen) zoals die luidden voor de inwerkingtreding van de Wet dualisering gemeentebesturen voor gemeenschappelijke regelingen van kracht blijven. Wel is per 1 juli 2022 de Wet Gemeenschappelijke Regelingen gewijzigd, o.a. om de kaderstellende en controlerende rol van gemeenteraden te versterken.
3.1.2. Bestuur en organisatie Het algemeen bestuur van het recreatieschap Hitland bestaat uit 4 bestuurders van Capelle aan den IJssel en 4 van Zuidplas, ieder met een vervanger voor vergaderingen van het algemeen bestuur.
Het dagelijks bestuur wordt gekozen door het algemeen bestuur en bestaat uit 2 vertegenwoordigers van Capelle aan den IJssel en 2 van Zuidplas. Algemeen en dagelijks bestuur worden bijgestaan door een secretaris. In 2013 is door het algemeen bestuur besloten om de penningmeesterfunctie voortaan bestuurlijk in te vullen. Algemeen en dagelijks bestuur worden in principe voor een tijdvak van 4 jaar aangewezen door de gemeenteraden respectievelijk het algemeen bestuur. 6
Voorzitter en vice-voorzitter zijn bij toerbeurt telkens voor de helft van het tijdvak van aanwijzing hun functie. Ook de penningmeesterfunctie wordt bij toerbeurt vervuld en wel door degene, die voor de helft van het al eerder genoemde tijdvak niet de voorzittersfunctie vervuld. Voor wat betreft bestuur en werkapparaat is de organisatorische opbouw als volgt: algemeen bestuur | dagelijks bestuur | secretaris (0,1 fp) directeur / alg. manager (1 fp) | baanmanager (1 fp) medew. communicatie / pr (0,8 fp) medew. sales en evenementen (0,67 fp) medew. boekhouding (0,5 fp) caddiemaster / receptioniste (2 fp) hfd caddiemaster / receptioniste (0,9 fp) Het recreatieschap Hitland besteedt nagenoeg alle werkzaamheden uit. Een aantal taken is echter essentieel voor het functioneren van het recreatieschap en wordt derhalve door eigen personeel uitgevoerd. Uit het schema is op te maken, dat er ca 7 formatieplaatsen zijn. Ongeveer 1,4 formatieplaats drukt op de openbare begroting en ruim 5,5 formatieplaatsen op de begroting van de golfbaan.
Op hoofdlijnen bestaan de “eigen” werkzaamheden uit het voorbereiden van bestuursvergaderingen, de advisering van het bestuur, het opstellen van begroting en jaarrekening, het verzorgen van periodieke management- en voortgangsrapportages voor het bestuur, het voorbereiden van en het toezicht op het onderhoud van het gebied, het bijhouden van de (financiële) administratie, marketing, promotie en voorlichting en diverse werkzaamheden voor de exploitatie van de golfbaan. 3.1.3. Doorontwikkeling openbaar gebied In 2009 is een Toekomstvisie Hitland, een strategische toekomstvisie op hoofdlijnen, opgesteld. Vanuit een denkrichting doorontwikkelen van het gebied is de visie verder vormgegeven aan de hand van een aantal thema’s, te weten het ruimtelijk perspectief, de recreatie en gebiedsontwikkeling, het open middengebied, bestuurlijke en financiële aspecten, de organisatie en golfbaanexploitatie. Op basis hiervan is een uitvoeringsstrategie opgesteld. In 2015 is er voorts gefaseerd nieuw beleid voor het recreatieschap uitgewerkt, waarvan het resultaat, een projectenlijst, 2016 en 2017 vrijwel volledig is uitgevoerd, met aanvullend een verbetering van de externe communicatie / PR / marketing. In 2022 is de Toekomstvisie geactualiseerd. Hieruit volgt een nieuwe projectenlijst met kansen.
Een financieel gevolg hiervan is afhankelijk van de uitkomst én de vervolgens te maken keuzen (2023) en kan momenteel nog niet worden gegeven.
7
3.2. Recreatie en natuur Het recreatieschap Hitland heeft circa 254 hectare openbaar toegankelijk recreatiegebied in eigendom, beheer en onderhoud, alsmede circa 12 hectare weiland. Het gebied is ingericht voor openbare dagrecreatie. Een als een aparte exploitatie te beschouwen onderdeel is de 18 holes golfbaan en de 9 holes par 3 golfbaan, die in totaal circa 64 hectare beslaan. Met het beheer van het openbare gebied (exclusief golfbaan) is een bedrag gemoeid van circa € 650.000,-. De middelen hiervoor worden verstrekt door de deelnemers in de gemeenschappelijke regeling Hitland. Voor wat betreft het openbare gebied kan onderscheid gemaakt worden in een 3-tal aspecten, te weten bestuur en werkapparaat, onderhoud en beheer van het gebied en overige zaken. 3.2.1. Bestuur en werkapparaat Het algemeen bestuur zal naar verwachting 3 keer bijeenkomen en het dagelijks bestuur 4-5 keer. Er hoeft voor bestuurskosten niets opgenomen te worden in de begroting. Voor hetgeen in eigen beheer wordt uitgevoerd is ongeveer € 160.000,- opgenomen aan personeelskosten. Verder is er € 75.000,- opgenomen voor het inhuren van toezicht in het gebied. Aan directe kosten is voor bestuur, werkapparaat en toezicht € 236.000,opgenomen in de begroting. 3.2.2. Onderhoud en beheer De belangrijkste functie binnen het gebied is de recreatie.
De inrichting van het gebied is afgestemd op een intensief recreatief gebruik in Hitland Zuid en een wat extensiever gebruik in Hitland Noord. Het gebied is in eerste aanleg ingericht met een recreatieve hoofdstructuur, waarbij ook enkele specifieke voorzieningen als het manifestatieterrein en de ijsbaan zijn aangelegd. In 2016 en 2017 is een aantal voorzieningen zoals parkeerterreinen, wandelpaden en steigers gerenoveerd en er zijn ook nieuwe voorzieningen zoals wandelpaden, speelterreinen, een ontmoetingstuin, een trimparcours en nieuw terreinmeubilair toegevoegd. Het gebied wordt hoofdzakelijk gebruikt om te fietsen, wandelen, skeeleren, paardrijden, sportvissen en kanoën. Hitland-Zuid wordt ook zeer veel gebruikt door hondenbezitters die hun hond uitlaten, mede omdat honden op veel plekken in Park Hitland los mogen lopen. De (her-)inrichting van het gebied heeft zowel natuurverlies als natuurwinst opgeleverd; natuurverlies door de verkleining van het weidevogelgebied en de toegenomen recreatiedruk. Als natuurwinst kan worden aangemerkt het behoud van bestaande gebieden en waarden en het ontstaan van nieuwe biotopen, die nieuwe soorten hebben aangetrokken. De invloed van de (her-)inrichting zal ook in 2024 worden gemonitord.
Het openbaar gebied omvat ruim 190 hectare, waarbij ca 17 hectare als natuurgebied wordt beheerd (de oude veenputten en de wielen in Hitland-Noord en de ecologische infrastructuur langs het Molenweteringpad en De Mient). Waar mogelijk wordt natuurontwikkeling een kans gegeven, omdat de recreatieve waarde van het gebied daarmee in hoge mate toeneemt. De overige 173 hectare worden als recreatiegebied beheerd.
8
De verdeling van de 190 hectare is als volgt: • Hitland-Noord 94 hectare • Middengebied 13 hectare • Hitland-Zuid 83 hectare. Voor wat betreft het onderhoud van het gebied wordt een kwaliteitsniveau en volume aangehouden, dat is vastgelegd in het beheerplan Hitland. De lasten van het onderhoud zijn gebaseerd op het beheerplan, evenals de reserveringen (voorziening) voor meerjaarlijks onderhoud voor en periode van 10 jaar. Aan directe kosten wordt er ca € 250.000,- uitgegeven aan jaarlijks onderhoud. Verder wordt ca € 104.500,- gereserveerd voor meerjaarlijks onderhoud in toekomstige jaren. In totaal beslaat de onderhoudslast (jaarlijks onderhoud en reservering) ruim de helft van de lasten voor het openbare gebied (55%). 3.2.3. Overige zaken Naast kosten voor bestuur en werkapparaat en onderhoud en beheer zijn voorts in de begroting nog indirecte kosten als waterschapslasten en verzekeringen, bureaukosten en overige kosten opgenomen. Een relatief groot deel daarvan wordt aangewend voor waterschapslasten (€ 17.500,-) en een bijdrage aan het voetveer (€ 25.000,-). In totaal is aan indirecte kosten ca € 70.000,- opgenomen in de begroting recreatie en natuur. 3.2.4. Begroting In de volgende tabel wordt een overzicht gegeven van de specifiek voor het openbare gebied opgenomen lasten en baten. Begroting 2024 openbaar gebied
Lasten
Lasten Kapitaallasten Personeelskosten Bestuurskosten Vergoedingen Belastingen Verzekeringen Bureaukosten Technisch onderhoud Overige kosten Voorziening groot onderhoud
1.100 235.000 500 500 18.500 5.000 1.900 250.000 44.000 104.500
Baten Opbrengsten algemeen Huur en pachten
Baten
6.000 5.000
Totaal lasten en baten
661.000 11.000
Bijdrage gemeenten
650.000
9
Het overzicht geeft de geraamde lasten en baten weer. Het totaal van lasten en baten is in termen van het BBV het resultaat voor bestemming. Toevoegingen aan voorzieningen zijn via de exploitatierekening gedaan en de uitgaven ten behoeve van meerjaarlijks onderhoud worden rechtstreeks ten laste van de voorziening meerjaarlijks onderhoud gebracht. Op het resultaat voor bestemming worden toevoegingen en onttrekkingen aan reserves in meerdering respectievelijk mindering gebracht, waarna het resultaat na bestemming ontstaat. Voor de begroting is een indexering van 8,4 % aangehouden t.o.v. 2023. Voor personeelskosten en onderhoudskosten zijn de werkelijk verwachte kosten geraamd. Het resultaat na bestemming is de bijdrage van de gemeenten om het exploitatietekort openbaar gebied te dekken. De bijdrage van de gemeenten is € 650.000,-, wat neerkomt op € 5,75 per inwoner. 3.2.5.
Programmaverantwoording ingevolge BBV Ingevolge het BBV moeten overzichten worden gegeven van: Algemene dekkingsmiddelen en kosten van overhead - Er zijn geen algemene dekkingsmiddelen uit heffingen, uitkeringen, dividenden of eigen middelen - Hitland heeft geen ondersteunende organisatieonderdelen, waarvan de kosten tot overheadkosten kunnen worden gerekend Heffing voor vennootschapsbelasting - Op Recreatie en Natuur is geen vennootschapsbelasting van toepassing Geraamd bedrag voor onvoorzien - er is niets geraamd voor onvoorziene uitgaven.
3.3. Exploitatie golfbaan De genoemde doelstellingen van het recreatieschap hebben ook betrekking op de exploitatie van de golfbaan. In essentie is het uitgangspunt het exploiteren van een openbare golfbaan, waarbij zowel in financieel opzicht als qua toelatingsbeleid een zo laag mogelijke drempel wordt gehanteerd. In financieel opzicht moet de golfbaan bedrijfsmatig en minimaal budgettair neutraal worden geëxploiteerd. Voor wat betreft het toelatingsbeleid geldt, dat iedereen welkom is voor zover er in verband met veiligheid en doorstroming in de baan over een bepaalde golfvaardigheid wordt beschikt. De exploitatie golfbaan bestaat uit een driving range, een 18 holes golfbaan en een 9 holes par 3 golfbaan. Op de 18 holes baan ligt een putting green, bij de driving range een chipping green en bij de par 3 baan ligt nog een gecombineerde putting green / chipping green. De golfaccommodatie beslaat in totaal circa 64 hectare. Binnen de exploitatie van de golfbaan zijn geen specifieke beleidsthema’s te onderscheiden.
10
3.3.1. Begroting In de volgende tabel wordt een overzicht gegeven van de specifiek voor de golfbaan opgenomen lasten en baten. Uit de tabel blijkt, dat in totaal een bedrag van € 1.514.500,is opgenomen aan lasten voor de exploitatie van de golfbaan. Aan baten is een bedrag ad € 1.610.000,- geraamd, waardoor de exploitatie 2024 een geraamd resultaat voor bestemming geeft van € 95.500- (6,5%) vóór belastingen. Begroting 2024 golfbaan
Lasten
Lasten Kapitaallasten Personeelskosten Vergoedingen Belastingen Verzekeringen Bureaukosten Technisch onderhoud Overige kosten Voorziening groot onderhoud
Baten
187.500 410.000 1.000 33.000 11.000 98.000 535.000 136.500 102.500
Baten Opbrengsten algemeen en MGH Huur en pachten Overige exploitatiebaten Kaartverkoop Sponsoring Driving range Div. opbrengsten Doorberekening diverse kosten
40.000 115.000 930.000 115.000 155.000 125.000 40.000
Totaal der lasten en baten
1.514.500
Resultaat voor bestemming
1.610.000
95.500
Het overzicht geeft de geraamde lasten en baten weer. Het totaal van lasten en baten is in termen van het BBV het resultaat voor bestemming. Hierop worden toevoegingen en onttrekkingen aan reserves in meerdering respectievelijk mindering gebracht. Voor de golfbaan is een beheerplan vastgesteld, waarin onder meer de wenselijke reserveringen voor meerjaarlijks onderhoud zijn opgenomen. In het overzicht van lasten en baten is dan ook een storting in een voorziening opgenomen voor meerjaarlijks onderhoud aan de golfbaan. In de begroting voor de golfbaan is bij de kostenpost belastingen rekening gehouden met een heffing vennootschapsbelasting van ca 19%.
11
3.3.2. Programmaverantwoording ingevolge BBV Ingevolge het BBV moeten overzichten worden gegeven van: Algemene dekkingsmiddelen en kosten van overhead - Er zijn geen algemene dekkingsmiddelen uit heffingen, uitkeringen, dividenden of eigen middelen - Hitland heeft geen ondersteunende organisatieonderdelen, waarvan de kosten tot overheadkosten kunnen worden gerekend Heffing voor vennootschapsbelasting - Hiervoor dient een bedrag van ca. € 20.000,- te worden gereserveerd Geraamd bedrag voor onvoorzien - er is niets geraamd voor onvoorziene uitgaven.
3.3.3. Voorgestane resultaatbestemming Voor het geraamde resultaat over 2024 wordt een positief resultaat van € 95.500,voorzien. Bij de vaststelling van de jaarrekening zal een besluit over de uiteindelijke resultaatbestemming worden genomen.
12
4.Algemene dekkingsmiddelen Het recreatieschap Hitland heeft geen lokale heffingen, uitkeringen, dividenden of eigen middelen, waarmee (een deel van) het exploitatietekort wordt gedekt. Het nadelig saldo van de exploitatie van het openbaar gebied (resultaat voor bestemming) wordt conform de gemeenschappelijke regeling gedragen door de gemeenten Capelle aan den IJssel en Zuidplas. De exploitatie van de golfaccommodatie is minimaal budgettair neutraal en geeft in de komende jaren geen exploitatietekort.
13
DEEL 2 PARAGRAFEN
14
5. Introductie De paragrafen geven een “dwarsdoorsnede” van de begroting vanuit een bepaald perspectief. Een groot deel van de paragrafen geeft een aanvulling op de informatie over de (meerjarige) financiële positie. In de begroting moeten op basis van het BBV de volgende verplichte paragrafen opgenomen worden: • lokale heffingen in deze paragraaf moet inzicht gegeven worden over inkomsten, beleid en aard van de lokale heffingen, alsmede enige andere zaken als lokale lastendruk en kwijtscheldingsbeleid • weerstandsvermogen dit is een verder ontwikkelde risicoparagraaf, waarin nu ook de weerstandscapaciteit moet worden opgenomen en gerelateerd aan de risico’s (het weerstandsvermogen) • verbonden partijen participaties in deze paragraaf moet inzicht worden gegeven in de zogenoemde verbonden partijen: participaties in derde rechtspersonen, waarin bestuurlijke invloed wordt uitgeoefend en waarmee financiële belangen gemoeid zijn • onderhoud kapitaalgoederen in deze paragraaf moet inzicht worden gegeven in de (meerjarige) onderhoudstoestand en kosten van wegen, gebouwen, kunstwerken en dergelijke • grondbeleid deze paragraaf betreft de hoofdlijnen van het grondbeleid • bedrijfsvoering in deze paragraaf komen de besturing en beheersing van, het toezicht op en de verantwoording over de bedrijfsprocessen op basis van een bedrijfsvoeringfilosofie aan de orde • financiering deze
paragraaf is bedoeld om de uitvoering van de treasuryfunctie te volgen. Voor het recreatieschap Hitland zijn de paragrafen lokale heffingen, verbonden partijen en grondbeleid niet van toepassing. Het recreatieschap heeft geen heffingen, neemt niet deel in andere rechtspersonen en voert ook geen actief grondbeleid. Op de andere paragrafen wordt hierna ingegaan.
15
6. Weerstandsvermogen / risicobeheersing Het weerstandsvermogen is te definiëren als het vermogen om niet-structurele financiële risico’s op te kunnen vangen teneinde de taken te kunnen voortzetten. Het weerstandsvermogen bestaat uit de relatie tussen weerstandscapaciteit, zijnde de middelen waarover het recreatieschap beschikt / kan beschikken om niet begrote kosten te dekken en de risico’s waarvoor geen voorzieningen zijn getroffen of verzekeringen voor zijn afgesloten. Het weerstandsvermogen is van belang voor het bepalen van de gezondheid van de financiële positie van het recreatieschap voor het begrotingsjaar, maar ook voor de meerjarenraming. Weerstandscapaciteit. Het recreatieschap heeft een Algemene Reserve om onverwachte niet structurele uitgaven op te kunnen vangen. Als uitgangspunt is vastgesteld, dat de Algemene Reserve een hoogte dient te hebben van circa 10 % van het exploitatietotaal van een begrotingsjaar met een maximum van € 200.000,-. Hieraan wordt voldaan. Voor wat betreft de exploitatie en het beheer en onderhoud van het gebied is een tweetal voorzieningen ingesteld om meerjarig onderhoud of in het geval van de exploitatie golfbaan renovatie en meerjaarlijks onderhoud te kunnen bekostigen (zie ook de paragraaf onderhoud kapitaalgoederen). Dit geschiedt op basis van de vastgestelde beheerplannen.
In het verleden zijn soms ook de positieve saldi van de exploitatie van de golfaccommodatie aan de voorzieningen meerjaarlijks onderhoud toegevoegd. Er is voorts nog een (bestemming-)reserve landelijk gebied en een (bestemming-)reserve investeringen openbaar gebied, waarover het algemeen bestuur kan besluiten om een bestemming voor (een deel van) de middelen te benoemen. Er is per 1 januari 2024 een saldo uit Algemene Reserve en (bestemming-)reserves te berekenen om de weerstandscapaciteit te kunnen bepalen. Alleen de Algemene Reserve en de bestemmingreserves zijn feitelijk niet bestemd en daardoor eventueel beschikbaar als kapitaal om risico’s op te vangen. De saldi van de reserves per 1 januari 2024 zijn minimaal als volgt: • Algemene Reserve € 200.000,• Bestemmingreserve investeringen openbaar gebied € 778.098,• Totaal € 978.098,Er is dus € 978.098,- aan reserves beschikbaar om eventuele risico’s op te vangen. Ook de activa kunnen echter als stille reserve worden gezien. Uit de toelichting op de vaste activa kan worden vastgesteld, dat grond, golfbaan, gebouwen en duurzame terreininrichting per 1 januari 2024 een boekwaarde hebben van € 6.092.701,-.
De totale weerstandscapaciteit is hiermee te bepalen op € 7.070.799,Als laatste kan er nog op gewezen worden, dat het ingevolge de gemeenschappelijk regeling zo is, dat de deelnemende gemeenten borg staan om eventuele tekorten te dekken.
16
Risico’s. De meest risicovolle posten uit een begroting zijn de kapitaaluitgaven, de kosten van technisch onderhoud en de inkomsten, die met de golfbaan gegenereerd moeten worden. De kapitaaluitgaven zijn geraamd op basis van de te betalen rente op een 3-tal geldleningen en afschrijvingslasten op investeringen. De leningen zijn aangegaan in de jaren 2017 2022 en 2023 voor een renteperiode van 10 jaar. Er is dus voor wat betreft de begroting en ook voor wat betreft de meerjarenraming geen risico verbonden aan de te betalen rente op de leningen, behoudens bij het aflopen van een leenperiode. Het Algemeen Bestuur heeft haar voorkeur uitgesproken om, indien haalbaar, aan het eind van elke periode een deel af te lossen om het risico op langere termijn te verminderen. Ten aanzien van de kosten van het technisch onderhoud is het volgende van belang. Voor het openbare gebied is in 2022 een nieuwe aanbesteding gehouden voor een onderhoudscontract voor 3-5 jaar. De raming van onderhoudskosten voor het openbare gebied in de voorliggende begroting en meerjarenraming is gebaseerd op de genoemde aanbesteding en de op basis daarvan overeengekomen vergoeding voor uitvoering van de werkzaamheden. In 2023 wordt het onderhoudsbestek voor de golfbaan opnieuw aanbesteed.
In de begroting is uitgegaan van min of meer gelijkblijvende taakstellende aanneemsommen, plus een zekere mate van indexering omdat in de voorbije jaren gebleken is dat met name loonkosten en kosten van brandstoffen en grondstoffen ongecontroleerd kunnen stijgen. Indien er zich echter niet verwachte omstandigheden of calamiteiten voordoen zijn de deelnemende gemeenten in de GR gehouden in de eventuele kosten daarvan bij te dragen. De inkomsten van de golfbanen bestaan in hoofdzaak uit kaartverkoop van jaarkaarten, greenfee en bedrijfskaarten, reserveringen en arrangementen. Voorafgaand aan het opstellen van deze begroting wordt normaliter op basis van het resultaat van het afgelopen boekjaar eerst de verwachtingen ten aanzien van de inkomsten in de begroting voor het lopende jaar bijgesteld. De begroting van 2023 is echter nog niet bijgesteld omdat een mogelijke structurele subsidie voor beheer en onderhoud openbaar gebied en een incidentele bate van het Hoogheemraadschap als vergoeding voor overname van grond ten behoeve van een nieuw gemaal te verwachten, maar nog niet zeker zijn. De begroting voor de golfbaan kent een eigen regime en staat los van bovengenoemde ontwikkelingen. De begroting 2024 is min of meer dezelfde als die van 2023, plus indexering vanwege flink gestegen loonkosten en kosten van brandstoffen en grondstoffen.
De tarieven van de golfbaan zijn gemiddeld met ca. 5% gestegen. Ondanks die sobere inschatting blijft er een zeker risico verbonden aan de mogelijkheden tot realisatie van de kaartverkoop, de reserveringen en van de verkoop van arrangementen. Golf is een buitenactiviteit en het weer blijkt van groot belang bij het plannen en uitoefenen van die activiteit. Het risico is dan te kwantificeren op zeg ca 10% van de verwachte inkomsten ad € 1.610.000, ofwel € 161.000,-. Daarnaast is het uitbreken van een virus, zoals COVID-19, een groot risico gebleken hetgeen slechts ten dele te beheersen is, omdat we volledig afhankelijk zijn van, vanwege de overheid, vastgestelde en opgelegde regels en richtlijnen.
17
De paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing heeft als doel om inzicht te geven in het vermogen van de organisatie om de risico’s die zij loopt af te kunnen dekken. Hiervoor is zowel de teller (beschikbare weerstandscapaciteit) als de noemer (kwantificering van de risico’s) van belang, ofwel € 7.070.799,-/ € 161.000,- = 44. Indien ook nog eens een risico-percentage van 10% wordt gehanteerd voor het optreden van een virus zoals Corona, wordt het risico 22. Kengetallen en toelichting. Begroting 2024 Kengetallen netto schuldquote netto schuldquote gecorrigeerd solvabiliteitsratio grondexploitatie structurele exploitatieruimte belastingcapaciteit
verloop van de kengetallen jaarrek. begroting begroting meerj.r. meerj.r. meerj.r. 2022 2023 2024 2025 2026 2027 226 222 217 211 206 201 226 222 217 211 206 201 14 15 14 14 14 14 78 78 76 75 74 73 3 5 4 4 4 1 nvt nvt Nvt nvt nvt nvt
Netto schuldquote De netto schuldquote geeft inzicht in de mate waarin de schuldenlast drukt op de exploitatie. Dit kengetal wordt berekend door het totaal van de geleende gelden te delen door de totale jaarlijkse baten. Het saldo wordt uitgedrukt in een percentage van de totale jaarlijkse baten. De netto schuldquote voor 2024 is 217% en neemt geleidelijk af. Gecorrigeerde netto schuldquote Aangezien het recreatieschap geen leningen aan is gegaan of aangaat om uit te lenen aan derden is de gecorrigeerde netto schuldquote eveneens 217%. Solvabiliteit Het kengetal solvabiliteit (eigen vermogen gedeeld door totaal vermogen) geeft aan in hoeverre het recreatieschap in staat is om in de toekomst aan haar financiële verplichtingen te voldoen. De solvabiliteit is met ca 15% aan de lage kant, maar is wel stabiel. Grondexploitatie Het kengetal grondexploitatie geeft inzicht in de omvang van de grondposities (activa, niet in de exploitatie) in relatie tot de totale baten. Het kengetal grondexploitatie is 76%. Structurele exploitatieruimte Het kengetal structurele exploitatieruimte geeft inzicht in de ruimte om bijvoorbeeld structurele tegenvallers in de baten en/of lasten op te kunnen vangen. Dit kengetal wordt berekend door de structurele baten te verminderen met structurele lasten en dit saldo te delen door het totaal van de baten. De structurele exploitatieruimte is 4%.
Belastingcapaciteit Het kengetal belastingcapaciteit geeft aan hoe het opcenten tarief zich verhoudt ten opzichte van het landelijke gemiddelde. Aangezien het recreatieschap geen belastingen heft is dit niet van toepassing.
18
Het EMU-saldo c.q. geprognotiseerde balans en structureel begrotingssaldo Als gevolg van het BBV dient meerjarig een geprognotiseerde balans te worden opgenomen, teneinde meer inzicht in het EMU-saldo mogelijk te maken. Er worden in de jaren na 2023 geen significante mutaties in de vaste en vlottende vorderingen en de vaste en vlottende schulden voorzien.
Balans
begroting
begroting
begroting
begroting
begroting
2023
2024
2025
2026
2027
Mat. vaste activa vlottende activa totaal activa
6.250.000 500.000 6.750.000
6.210.000 550.000 6.760.000
6.170.000 600.000 6.770.000
6.130.000 650.000 6.780.000
6.090.000 700.000 6.790.000
Tot eigen vermogen Voorzieningen Lange schulden Vlottende passiva tot passiva
1.100.000 300.000 4.650.000 700.000 6.750.000
1.110.000 300.000 4.650.000 700.000 6.760.000
1.120.000 300.000 4.650.000 700.000 6.770.000
1.130.000 300.000 4.650.000 700.000 6.780.000
1.140.000 300.000 4.650.000 700.000 6.790.000
bedragen per ultimo jr
Er zijn voldoende vrij besteedbare middelen in reserve om de risico’s van de exploitatie voor het jaar 2024 op te vangen. Tevens wordt, om vast te kunnen stellen dat er sprake is van een structureel evenwicht, een inzicht gegeven in het structurele begrotingssaldo. Er zijn geen incidentele baten en/of lasten. Begroting op taakveld Omschrijving
2024
2025
2026
2027
Bestuur
lasten baten
500 500
508 508
515 515
523 523
Openbaar groen en recreatie
lasten baten
785.000 785.000
796.775 796.775
808.727 808.727
820.858 820.858
Mutaties reserves
lasten baten
207.000 207.000
210.105 210.105
213.257 213.257
216.455 216.455
lasten baten
1.183.000 1.183.000
1.197.916 1.197.916
1.213.056 1.213.056
1.228.423 1.228.423
lasten baten
2.175.500 2.175.500
2.205.304 2.205.304
2.235.554 2.235.554
2.266.258 2.266.258
Overig baten en lasten Totaal
19
7. Onderhoud kapitaalgoederen De kapitaalgoederen van het recreatieschap zijn te onderscheiden in openbaar groen, de golfbanen en de gebouwen. Openbaar groen. Het openbaar groen is in de jaren 1983 tot 1994 aangelegd met subsidie van Rijk en provincie. Het resterende deel van de aanlegkosten is uit reserves betaald door het recreatieschap. Ook de renovatiewerkzaamheden en investeringen in nieuwe voorzieningen in 2016 en 2017 zijn met subsidie van de provincie uit de reserves van het schap betaald, waardoor er als gevolg van de aanleg en herinrichting van het gebied geen kapitaallasten zijn voor het openbare gebied. In het beheerplan is het onderhoud voor een periode van 10 jaar beschreven. In dat beheerplan was tevens een raming van de hieraan verbonden kosten opgenomen en een raming van de jaarlijks benodigde reserveringen voor meerjaarlijks onderhoud. Met die reserveringen wordt bereikt, dat er een redelijk constant uitgavenniveau is voor wat betreft het onderhoud. Het beheerplan is in 2020 bijgesteld en aangepast en ook de voor de kostenraming gebruikte normen zijn geactualiseerd op basis van het in de afgelopen jaren uitbestede onderhoud. De golfbanen. De 18 holes golfbaan is in 2 fasen aangelegd. 9 Holes zijn in 1995 in gebruik genomen en de uitbreiding naar 18 holes in het jaar 2000. De 9 holes par 3 baan is eind 2003 in gebruik genomen.
De aanleg is grotendeels gefinancierd, waardoor er voor de golfbanen wel kapitaallasten zijn. Op grond en inrichting van het terrein wordt - gezien ook het hoge voorzieningenniveau - niet afgeschreven. Er wordt wel afgeschreven op voorzieningen, die te zijner tijd vervangen moeten worden, zoals bijvoorbeeld de beregeningsinstallatie, bebording, netten en dergelijke. Het onderhoud van een golfbaan heeft een dusdanig hoog niveau, dat er eigenlijk nagenoeg geen sprake is van meerjaarlijks onderhoud. Elke noodzakelijke werkzaamheid komt ieder jaar in meerdere of mindere mate terug. Er wordt wel gereserveerd voor meerjaarlijks onderhoud voor waterlopen en verhardingen en voor renovatiedoeleinden om het hoge voorzieningenniveau op peil te houden. Voor de golfbanen is eveneens een beheerplan vastgesteld waarin het onderhoud voor een periode van 10 jaar is beschreven. In het beheerplan is tevens een raming van de hieraan verbonden kosten opgenomen en een raming van de jaarlijks benodigde reserveringen voor meerjaarlijks onderhoud en renovatiewerkzaamheden. Het beheerplan is in 2021 bijgesteld en aangepast. De gebouwen. De gebouwen van het recreatieschap hebben primair een functie voor de exploitatie van de golfbanen. Wel is in het hoofdgebouw kantoorruimte voor het recreatieschap ondergebracht.
20
Voor de gebouwen zijn contracten voor periodieke onderhoudskeuringen aangegaan. Op basis van onderhoudsschema’s worden voorts onderhoudswerkzaamheden aanbesteed en uitgevoerd. Financiële consequenties. In de tabel hieronder is een overzicht gegeven van de budgettaire consequenties van het onderhoud, onderscheiden naar de programma’s. Lasten onderhoud kapitaalgoederen In programma
2022
2023
2024
2025
2026
Recreatie en natuur jaarlijks onderhoud meerj. onderhoud
275.042 71.756
230.000 92.500
250000 104500
253.750 106.068
257.556 107.659
Exploitatie golfbanen onderhoud golfbaan gebouwen driving range meerj. onderhoud
448.345 15.333 34.033 99.271
460.000 25.000 20.000 97.500
475.000 25.000 20.000 98.904
485.000 26.500 21.500 104.038
495.000 27.500 12.500 105.598
Totaal
943.780
925.000
973.404
996.856 1.005.813
Naast de uitgaven voor de normale onderhoudsprogramma’s worden nog uitgaven gedaan voor meerjaarlijks onderhoud. In het jaar 2024 zal naar verwachting voor recreatie en natuur circa € 104.500,- aan meerjaarlijks onderhoud worden uitgevoerd. Voor de golfbanen zal naar verwachting ca € 102.500,- aan meerjaarlijks onderhoud en renovatiewerkzaamheden worden besteed. Voor de overige jaren wordt verwezen naar de financiële begroting.
21
8. Bedrijfsvoering De bedrijfsvoeringparagraaf dient inzicht te geven in de stand van zaken en de beleidsvoornemens betreffende de bedrijfsvoering. Daarbij dient een relatie te worden gelegd met het uitvoeren van de programma’s in het programmaplan. Een goede bedrijfsvoering is van belang voor een rechtmatig, doelmatig en doeltreffend beheer en beleid. Bij bedrijfsvoering is het gebruikelijk om een onderscheid te maken naar personeel, organisatie, informatisering, communicatie, financieel beheer (waaronder de administratieve organisatie en de interne controle), automatisering en facilitaire dienstverlening (waaronder huisvesting). Voor een zo kleine organisatie als het recreatieschap Hitland is dat echter wat overdreven. Er worden geen ingrijpende wijzigingen in de personeelsformatie en/of de organisatie en de huisvesting voorzien. Indien er groei is in omzet op de golfbaan en er daardoor meer bezetting nodig is, zal in eerste instantie worden ingehuurd. Voor wat betreft informatisering, (interne) communicatie en automatisering zijn geen bijzonderheden te melden. Het werkapparaat is klein en de communicatielijnen, werkstructuren en werkoverleggen zijn zeer direct. Het bestuur wordt door middel van voortgangsrapportages geïnformeerd.
Op het gebied van de uitvoering van de financiële functie is een nota over de administratieve organisatie en interne controle vastgesteld, die ook periodiek wordt herzien. In de AOIC zijn met name de financiën-uitvoerende taken en mandaten voor het werkapparaat vastgelegd, alsmede de controle daarvan. In de paragraaf Financiering zal wat uitgebreider worden ingegaan op de (interne) controle en de in- en externe informatievoorziening.
22
9. Financiering In deze financieringsparagraaf wordt per (financierings-) activiteit ingegaan op doelstellingen, richtlijnen en eventueel limieten. Verder zal de organisatie kort worden behandeld voor zover deze afwijkt van de Regeling Financieel Beheer. Als laatste zal worden ingegaan op de informatievoorziening, de administratieve organisatie en interne controle, wederom voor zover deze afwijken van de Regeling Financieel Beheer. Financieringsbeleid. Algemeen. De financieringsactiviteiten van het recreatieschap Hitland beperken zich tot lopende middelen (bankrekeningen en kas) en leningen. Ten aanzien van geldleningen is in het algemeen op te merken, dat dit geregeld is in de gemeenschappelijke regeling Hitland. Het voteren van kredieten voor nieuwe projecten en het als gevolg daarvan aangaan van geldleningen is voorbehouden aan het algemeen bestuur van het recreatieschap. Voor wat betreft de exploitatierekening is vastgelegd, dat de deelnemers in de gemeenschappelijke regeling naar rato van het inwonertal het exploitatietekort dekken. Hierna zal wat specifieker worden ingegaan op financiering, risico- en kasbeheer. Financiering. De doelstelling bij financiering is het voorzien in de (toekomstige) behoefte aan vreemd vermogen van het recreatieschap tegen zo laag mogelijke kosten.
Richtlijnen en limieten zijn hierbij verder niet aan de orde, omdat per gewenste financiering steeds weer besluitvorming plaatsvindt. Ten aanzien van de hoogte van lopende leningen heeft besluitvorming in het algemeen bestuur plaatsgevonden. Het aangaan van de leningen is voorts gemandateerd aan het dagelijks bestuur. De leningen zijn tegen een vaste rentevergoeding aangegaan; de leningen hebben een looptijd van 10 jaar. Voor een overzicht van de leenportefeuille wordt verwezen naar de bijlagen bij de financiële begroting. Op het renterisico is eerder al ingegaan. Het beleid ten aanzien van de exploitatierekening is er uiteraard op gericht de lasten zo laag mogelijk te houden. Risicobeheer. Ten aanzien van het risicobeheer kan worden ingegaan op rente-, koers-, krediet- en liquiditeitsbeheer. Voor het recreatieschap Hitland zijn slechts het rente- en het liquiditeitsbeheer van belang. Het recreatieschap heeft geen middelen belegd of uitgezet en heeft ook geen derivaten in gebruik. Doelstelling bij het renterisicobeheer is het minimaliseren van de rentekosten en het optimaliseren van de rentebaten. Richtlijnen en limieten rente zijn niet aan de orde. Ten aanzien van de rentekosten is nog op te merken, dat door de keuze voor een vaste looptijd van de huidige leningen de mogelijkheden om de rentekosten te minimaliseren beperkt zijn tot de (voorziene) afloop van die looptijd.
Doelstelling van het intern liquiditeitsbeheer is het voorzien in de huidige en toekomstige financieringsbehoefte, waarbij in principe geen vreemd vermogen wordt aangetrokken. Ingeval de liquiditeit van het recreatieschap onvoldoende is kan worden teruggevallen op een krediet in rekening-courant bij de BNG. Richtlijnen en limieten betreffen het
23
aanspreken van de rekening-courant (eerst na instemming penningmeester). Het krediet in rekening-courant is gelimiteerd tot € 226.890,-. Renterisico korte schulden. Prognose kasgeldlimiet 2024 (* € 1.000,-) Kasgeldlimiet 1e kwart. vlottende korte schuld maand 1 maand 2 maand 3 vlottende middelen maand 1 maand 2 maand 3 saldo (+ = schuld / - = overschot) maand 1 maand 2 maand 3
2e kwart. 3e kwart. 4e kwart.
200 200 200
300 200 225
300 200 225
300 250 225
650 650 650
600 600 600
600 600 600
650 650 650
-400 -450 -450
-300 -400 -375
-300 -400 -375
-350 -400 -425
gemiddeld saldo
-425
-350
-350
-385
kasgeldlimiet
185
185
185
185
ruimte onder kasgeldlimiet overschrijding van de limiet
610
535
535
570
geraamd begrotingstotaal 2.318 kasgeldlimiet (=8%) 185 1. Weergegeven is de stand per 1e van de maand. 2. De kasgeldlimiet bedraagt ca 8 % van het begrotingstotaal.
In het overzicht is het renterisico van de korte schulden getoetst aan de wettelijke norm. De kasgeldlimiet zal in het begrotingsjaar 2024 niet worden overschreden. Renterisico vaste schulden. De kapitaaluitgaven zijn geraamd op basis van onder meer de te betalen rente op een 3tal geldleningen. De leningen zijn aangegaan in de jaren 2017, 2022 en 2023 voor een renteperiode van 10 jaar. Er is voor dit en de komende begrotingsjaren geen risico verbonden aan de te betalen rente op de leningen. Wijze van rentetoerekening De hiervoor genoemde leningen zijn aangegaan om de grond voor en inrichting van golfbaan en gebouwen te kunnen bekostigen. De te betalen rente op de leningen wordt dan ook in zijn geheel toegerekend aan de (duurzame) investeringen in grond, golfbaan en gebouwen. Vervangingsinvesteringen met een afschrijvingstermijn van 10 jaar of minder worden uit de liquide middelen bekostigd. Voor een overzicht van de rentetoerekening wordt verwezen naar de Toelichting op de vaste activa in de Financiële begroting 2024 (pag. 12). 24
Kasbeheer. Bij het kasbeheer kan onderscheid worden gemaakt in geldstromenbeheer en saldo- en liquiditeitbeheer. De doelstelling bij het geldstromenbeheer is het betalingsverkeer zodanig in te richten, dat dit efficiënt en met zo weinig mogelijk externe bankkosten kan worden uitgevoerd. In de Regeling Financieel Beheer en in de AO/IC zijn limieten vastgelegd voor maximaal toegestane overboekingen en contante uitgaven. Verder is daarbij uiteraard vastgelegd op wie de limieten van toepassing zijn. De doelstelling van het saldo- en liquiditeitbeheer is het optimaliseren van de rentebaten. Ingeval er (tijdelijke) overtollige kas- of banktegoeden waren werden deze overgemaakt naar een depositorekening. Richtlijnen en limieten saldo- en liquiditeiten voor wat betreft overboekingen zijn, zoals dat ook voor normale overboekingen en betalingen het geval is vastgelegd in de Regeling Financieel Beheer en de AO/IC. Organisatie. Voor zover de organisatie en de mandatering afweken van de toenmalige Regeling Financieel Beheer is dit door het dagelijks bestuur in een AO/IC vastgelegd. Deze AO/IC is eveneens ter kennis gebracht van het algemeen bestuur van het recreatieschap. De AO/IC wordt in principe elke 2 jaar geactualiseerd. Hier wordt dan ook volstaan met een verwijzing naar de genoemde AO/IC. Informatievoorziening.
Het algemeen bestuur wordt door het dagelijks bestuur geïnformeerd door middel van de normale kanalen, te weten jaarlijks een begroting, 2 voortgangsrapportages en een jaarrekening met jaarverslag. Administratieve Organisatie. Ook hier wordt volstaan met een verwijzing naar de eerder genoemde AO/IC. Interne controle. De interne controle vindt plaats door uitvoering van de in de AO/IC vastgelegde mandatering en door een accountantscontrole op de jaarrekening. Hierbij wordt ook de aansluiting tussen de financiële administratie en de zogenoemde baanadministratie van de golfbaan gecontroleerd.
25