CConstaterende datZoetermeer
Koppel je AI →
Document · PDF

Verordening op de heffing en invordering van marktgelden 2022 - vastgesteld

Raadsvergadering 20 december 2021, gemeente ZoetermeerBij agendapunt: Raadsvoorstel Verordening marktgelden 2022849 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Raadsbesl u it 06377 44098 De raad der gemeente Zoetermeer; gelezen het voorstel van het college van 16 november 2021; gelet op artikel 229, eerste lid, aanhef en onderdelen a en b, van de Gemeentewet;

besluit vast te stellen de volgende:

VERORDENING OP DE HEFFING EN INVORDERING VAN MARKTGELDEN 2022

Artikel í Begripsomschrijvingen Deze verordening verstaat onder:

a. markt: de wekelijkse warenmarkt welke krachtens besluit van het college op de daartoe aangewezen plaats, dag en tijd wordt gehouden;

b marktterrein: de gehele oppervlakte van de voor de openbare dienst bestemde grond of, welke bij besluit van het college voor het uitoefenen van de markthandel is of wordt aangewezen; c. standplaats: de op en voor de duur van een markt door het college aangewezen ruimte voor het uitoefenen van de markthandel; d. vaste plaats: een standplaats die tot wederopzegging beschikbaar wordt gesteld; e. dagplaats: een standplaats die per marktdag beschikbaar wordt gesteld; f. kwartaal: de periode van 1 januari tot en met 31 maart; de periode van 1 april tot en met 30 juni; de periode van I julitot en met 30 september; de periode van 1 oktober tot en met 31 december.

Artikel 2 Belastbaar feit Onder de naam 'marktgelden'wordt een recht geheven voor het hebben of innemen van een standplaats op de daarvoor aangewezen dagen op de voor de openbare dienst bestemde als marktterrein aangewezen plaatsen, en voor de diensten die met de markt verband houden.

AÉikel 3 Belastingplicht Belastingplichtig is degene aan wie een standplaats is toegewezen of die een standplaats inneemt.

AÉikel 4 Maatstaf van heffing Het marktgeld wordt geheven naar het aantal vierkante meters dat de standplaats inneemt.

Artikel 5 Belastingtarief Het marktgeld bedraagt: 1 op dinsdag en vrijdag: a. voor de eerste 12 m2, met een minimum van 12 m2: per m2, per dag of een gedeelte daarvan € 1,50; per m2, per kwartaal€ 15,98; b. voor het meerdere: per m2 per dag of een gedeelte daarvan € 1,24: per m2, per kwartaal€ 12,58;

1 2 I 2

2 opzaterdag: a. voor de eerste 12 m2, met een minimum van 12 m2: 1 per m2, per dag of een gedeelte daarvan € 1,66;

2 1 2

per m2, per kwartaal € 17,59;

b. voor het meerdere:

3 4

per m2 per dag of een gedeelte daarvan €. 1,40; per m2, per kwartaal € 14,19. Het belastingtarief per dag of een gedeelte daarvan, wordt geheven over dagplaatsen Het belastingtarief per kwartaalwordt geheven over vaste plaatsen.

AÉikel 6 Belastingtijdvak

1 Met betrekking tot de heffing van marktgelden die per dag worden geheven, is het belastingtíjdvak gelijk aan een dag. 2 Voor de marktgelden die per kwartaal worden geheven, is het belastingtijdvak gelijk aan een kwartaal.

Artikef 7 Wtlze van heffen

1 Het marktgeld als bedoeld in artikel 5, eerste en tweede lid, letter a en b, onderdeel 1,

wordt geheven door middel van een mondelinge kennisgeving. Het gevorderde bedrag wordt mondeling aan belastingplichtige bekendgemaakt. 2 Het marktgeld als bedoeld in artikel 5, eerste en tweede lid, letter a en b, onderdeel 2, wordt geheven bijwege van aanslag.

Artikel 8 Ontstaan van de belastingschuld voor het per dag geheven marktgeld Het marktgeld als bedoeld in artikel 5, eerste en tweede lid, letter a en b, onderdeel 1 is verschuldigd bij de aanvang van de dienstverlening of bij de aanvang van het gebruik van de dagplaats.

Artikel9 Ontstaan van de belastingschuld voor het per kwaÉaalverschuldigde marktgeld Het marktgeld als bedoeld in artikel 5, eerste en tweede lid, letter a en b, onderdeel 2 is verschuldigd bij het begÍn van het kwartaal oÍ, zo dit later is, bij de aanvang van de belastingplicht.

Artikel í0 Termijnen van betaling

1 ln afla/jking van artikel 9, eerste lid, van de lnvorderingswet í990 moet het marktgeld dat: a. bijwege van een mondelinge kennisgeving wordt geheven, worden betaald op het moment van het doen van de kennisgeving; b. bijwege van aanslag wordt geheven, binnen één maand na dagtekening van het aanslagbiljet worden betaald.

2 De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in het voorgaande lid gestelde termijnen.

AÉikel íí Kwijtschelding Bij de invordering van marktgelden wordt geen kwijtschelding verleend.

Artikel í2 lnwerkingtreding en citeeÉitel

1 De 'Marktgeldverordening 2021' van 14 december 2020 wordt ingetrokken met ingang van

de in het vierde lid genoemde datum van ingang van de heffing, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan. 2 ln afirvijking van het in het eerste bepaalde, blijft, indien de datum van inwerkingtreding van deze verordening ligt na de in het vierde lid genoemde datum van ingang van de heffing, de ingetrokken verordening gelden voor de in de tussenliggende periode plaatsvindende belastbare feiten voor zover tezake daarvan de heffing van marktgelden

in die periode plaatsvíndt.

3 Deze verordening treedt in werking met ingang van de vierde dag na die van de bekendmaking. 4 De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2022. 5 Deze verordening kan worden aangehaald als de Verordeníng marktgelden2l22 Vastgesteld in de openbare vergadering van 20 december 2021,

de

de

MCM

Bezuijen

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Zoetermeer&id=979613fe-95df-4d33-9276-d48c96d5e3f7