Raadsvoorstel - Ruimtelijk kader en Investeringsbudget middengebied Entree
Tekst van het document
Dit budget is aanvullend benodigd voor het nog niet gedekte deel van de investeringen. De risico’s zijn geraamd op € 5,46 mln en hiervoor wordt een reserve gevormd van € 2,9 mln. Structurele lasten van programma Entree De investering wordt verricht in een periode van 2021 t/m 2032 en bestaat uit verschillende onderdelen in het gebied. De structurele exploitatiekosten van de investering bedragen in 2033 totaal € 1,3 mln.. Dit betreft voornamelijk kosten van rente en afschrijving van de investering en de kosten van het beheer/onderhoud van het openbaar gebied. Daarnaast zijn er exploitatielasten van het aanvullende investeringbudget van in totaal € 0,1 mln. (investeringsbudget voor de risico’s van € 2,6 mln.). Beide exploitatielasten worden gedekt door de toename van de algemene uitkering en OZB als gevolg van de toename van het aantal woningen. De totale stijging van inkomsten bedraagt in 2033 ca. € 6,1 mln.. Van de stijging wordt 50% toegerekend als dekking voor de lasten van de investeringen en daaraan gekoppeld extra onderhoud. De andere 50% wordt in de begroting gereserveerd voor de verwachte stijging van begrotingsbudgetten die voortkomen uit de groei van het aantal inwoners in de tijd met ongeveer 10.000. De € 6,1 mln. is gebaseerd op een netto stijging van het aantal woningen ruim van 4.0001 en een bedrag van € 1.500 per woning (voor OZB en algemene uitkering).
Het bedrag van € 1.500 1 Het programma Entree telt 4500 woningen. Vanuit eerdere planvorming was in de begroting aan de batenkant al rekening
gehouden met een stijging van 446 woningen.
20
is een ervaringscijfer en daarnaast behoudend ingeschat. In het Raadsbesluit ‘Kosten schaalsprong 2018 en 2019’ was eerdere aangegeven een bandbreedte van €1.500 – €2.000. Omdat de stijging van inkomsten uit OZB en algemene uitkering later in de tijd plaatsvindt dan het moment waarop er lasten in de begroting ontstaan, is er in de jaren 2022 tot en met 2024 tijdelijk verschil tussen extra lasten en extra baten; een faseringsverschil in de dekking. In totaal een bedrag van € 0,4 mln. Voor de dekking van dit faseringsverschil wordt een beroep op de Reserve Investeringsfonds (RIF) gedaan. Voor 2025 en verder is er een jaarlijks overschot dat beschikbaar is voor investeringen uit het programma schaalsprong. Dat dekkingsoverschot wordt gestort in het RIF. In bijlage 8 is een overzicht opgenomen van het verloop over de verschillende jaren. Omdat in dit voorstel het resultaat van Entree op de gemeentelijke baten is opgenomen en het voor de jaren 2022/24 tussentijds het beroep op het Rif en de storting in latere jaren (vanaf 2025) is bij het bepalen van deze saldi rekening gehouden met het effect van de kosten van de stationshal van ca. € 0,4 mln.. Dit voorstel (visie stationsgebied Zoetermeer en realisatie eerste fase) is afzonderlijk ingediend en hiervoor geldt een afzonderlijk besluitvormingsproces.
Risico’s Voor de mogelijke financiële gevolgen van risico’s geldt dat er, naast reserveringen binnen de verstrekte budgetten voor onvoorzien (zowel bij de investeringslasten als bij het kostenverhaal*) Voor risico’s geldt dat er naast reserveringen binnen de verstrekte budgetten voor onvoorzien (zowel bij de investeringslasten als bij het kostenverhaal) een afzonderlijk risico geraamd van € 5,46 mln. Hier wordt een afzonderlijke reserve voor gevormd van € 2.9 mln.. met als dekking de vrijval van het eerder beschikbaar gestelde budget voor 2021 van € 0,6 mln. en de reserveringen in het Rif voor de Entree van € 2, 3 mln. voor 2022/2025. Voor de dekking van het restant van € 2,6 mln. wordt een voorstel gedaan bij de perspectiefnota In afwachting daarvan wordt een aanvullend investeringsbudget gevraagd van € 2,6 mln. Het Rif is toereikend voor de verschillende onttrekkingen die voortvloeien uit dit voorstel. *voor de omvang van deze posten wordt verwezen naar bijlage 5
Controleprotocol Niet van toepassing. Participatie en Communicatie Al langere tijd werken we samen met mensen uit de directe omgeving van het Entreegebied, andere geïnteresseerden uit de stad en eigenaren in het Entreegebied. Van april tot en met september 2019 zijn hun ideeën verzameld middels de methode Publiek Private Buurt Samenwerking (PPBS). Dit resulteerde in het Inspiratieboek De Entree waarin de vele ideeën zijn gebundeld. Het college heeft d.d. 29 oktober 2019 het eindverslag van dit deel van de participatie (voorheen samenspraak) vastgesteld. De raad is hierover in een raadsmemo op 30 oktober 2019 geïnformeerd. 2020 stond vooral in het teken van het verwerken van de ideeën in de verschillende concept documenten, zoals bestemmingsplan en structuurontwerp. Hierover is het projectteam (digitaal) in gesprek gebleven met een groep van buurtvertegenwoordigers die structureel betrokken is bij de planvorming van Entree. Een brede stads- of buurtbijeenkomst was helaas in 2020 door de corona-beperkende maatregelen niet mogelijk. Door de lancering van de website
21
www.entreezoetermeer.nl, berichten op sociale media en via nieuwsbrieven hebben wij toch alle geïnteresseerden kunnen informeren over de nieuwe stadswijk in wording. Door de ontwikkelingen die staan te gebeuren in 2021, is het essentieel om de omgeving proactief te betrekken tijdens deze planfase. In bijlage 7 lichten we toe hoe de communicatie en participatie dit jaar globaal zal verlopen. De vorm is afhankelijk van de duur van de coronabeperkende maatregelen In de bijlage is het jaarplan Participatie Entree toegevoegd. Duurzaamheid De ontwikkeling van een duurzame stadswijk is een rode draad in de gebiedsontwikkeling. In het Masterplan is duurzaamheid op verschillende plekken benoemd als uit te werken thema. Naast onderzoeken in het MER op duurzaamheid en energietransitie is er in 2020 een rapport Duurzame gebiedsontwikkeling opgesteld. Hieruit zijn concrete maatregelen gekomen die een plek hebben gekregen in het Structuurontwerp Openbare Ruimte, het Planuitwerkingskader en het Beeldkwaliteitsplan. Als extra borging van een duurzaam leefklimaat worden over maatregelen in het Planuitwerkingskader onder meer op het gebied van duurzaamheid, energietransitie en klimaatadaptatie op vrijwillige basis afspraken gemaakt in de anterieure overeenkomsten.
In de verdere planuitwerking van de openbare ruimte (Inrichtingsplan) en de verschillende private projecten van de grondeigenaren worden deze onderdelen verder uitgewerkt. Hiermee zijn de ambities van het Masterplan De Entree geborgd. Toegankelijkheid en bruikbaarheid voor gehandicapten Een aantal zaken met betrekking tot toegankelijkheid is in wet- en regelgeving vastgelegd. Dat betreft regelgeving vooraf: eisen die gesteld worden aan bijvoorbeeld een gebouw of de openbare ruimte. Onder wet- en regelgeving ‘vooraf’ vallen de onderdelen uit het Bouwbesluit, die over toegankelijkheid gaan en de norm ‘NEN 1814’. Bij een verdere uitwerking van het project wordt geadviseerd door de Vrijwillige Advies Commissie (VAC). Daarnaast zal de Toegankelijkheidsraad Zoetermeer bij de uitwerking van de ontwikkelingen die met dit bestemmingsplan mogelijk worden gemaakt, gevraagd en ongevraagd advies geven aan het college van burgemeester en wethouders. Daarnaast zal de Toegankelijkheidsraad Zoetermeer bij de toets van het inrichtingsplan openbare ruimte moeten worden betrokken De gemeente Zoetermeer ontwikkelt het gemeentelijk vastgoed middels de Integrale Toegankelijkheids Standaard (ITS). (https://www.pbtconsult.nl/ontwerprichtlijnen/itstandaard/213/56/).
Voor de buitenruimte hanteert de gemeente de richtlijnen toegankelijkheid van CROW (https://www.crow.nl/publicaties/richtlijn-toegankelijkheid ). Deze vier punten voor de binnenruimte van ITS en de CROW voor de buitenruimte worden ook door de VAC en de Toegankelijkheidsraad meegenomen in de advisering. Bovenop het bouwbesluit stelt de gemeente Zoetermeer de ambitie in dat minimaal 1 lift per gebouw toegankelijk is voor een brancard. Betreft een ambitie op basis van vrijwilligheid, ze bijlage 2 PUK, bijlage 3 maatregelenlijst. Toegankelijkheid en bruikbaarheid voor gehandicapten wordt per project gehouden aan de vastgestelde kaders voor wat betreft toegankelijkheid en bruikbaarheid voor gehandicapten.
22
Rapportage en evaluatie De raad wordt twee keer per jaar geïnformeerd over de voortgang van de woningbouwmonitor, de schaalsprongrapportages en de ruimtelijk fysieke projecten. Dit is inclusief eventuele afwijkingen van planningen of gewenste uitwerking van het Programma Entree. Waar nuttig of nodig wordt u via separate memo’s geïnformeerd. Indien aan de orde worden aan de Raad aparte voorstellen ter besluitvorming voorgelegd.
23
Vervolg/Planning Onderdeel WETTELIJKE procedure Gebiedsbusinesscase Ruimtelijk kader (Structuurontwerp Openbare Ruimte, Planuitwerkingskader) Nota van Beantwoording zienswijzen op de concept startdocument DEFINITIEFstartdocument (extra) ONTWERPgebiedsexploitatiepl an Collegebesluit en ter info aan de Raad, publicatie terinzagelegging ONTWERPbeeldkwaliteitsplan
Besluit college
Besluit raad
Ter informatie aan raad
Zienswijze indienen of beroep mogelijk
x x
Planning NIEUW Q1-2021 Q1-2021
x
x
Q2-2021
x
x
Q2-2021
x
x
x (zienswijze)
Q2-2021
x
x
Q2-2021
ONTWERPbestemmingsplan
x
x
x (zienswijze) x (zienswijze)
Nota van Beantwoording zienswijzen op de ONTWERPstukken DEFINITIEFbeeldkwaliteitsplan DEFINITIEFgebiedsexploitatiep lan DEFINITIEFbestemmingsplan Onherroepelijk bestemmingsplan (incl. beeldkwaliteitsplan en gebiedsexploitatieplan) bij geen beroep Onherroepelijk bestemmingsplan bij beroep x=van toepassing
x
x
Q2-2021 Q4-2021
x x
x (beroep) x (beroep)
Q4-2021 Q4-2021
x
x (beroep)
Q4-2021 Q4-2021
Q4-2022 /Q1-2023
Disclaimer; De informatie in de bovenstaande tabel is met de grootst mogelijke zorgvuldigheid samengesteld. Ondanks de in acht genomen zorgvuldigheid kan de informatie in het schema worden ingehaald door de tijd en staat onderhevig aan externe factoren waar het programma Entree géén en/of beperkte invloed op heeft.
24