CConstaterende datZoetermeer
Koppel je AI →
Document · PDF

Raadsvoorstel Programma Energietransitie Zoetermeer

Raadsvergadering 11 september 2023, gemeente ZoetermeerBij agendapunt: Raadsvoorstel Programma Energietransitie Zoetermeer3.961 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Raadsvoorstel Onderwerp Zaakid

Programma Energietransitie Zoetermeer 2023-040288

Auteur

Peter Verheggen +31793469860 P.F.Verheggen@zoetermeer.nl

Gemeentesecretaris

Huykman, B.J.D.

Afdelingshoofd

Eijkelberg E.C.R.H. (Eric)

Portefeuillehouder

Wethouder Velzen

Medeverantwoordelijke(n)

Wethouder Weerwag Wethouder Van der Meer Wethouder Ter Laak

Uiterste behandeldatum (+ reden) Programma(s)

Programma 3 Leefbaarheid, duurzaam en groen

Eerdere besluitvorming

Instemming met Klimaatakkoord Actualisatie Programma Duurzaam & Groen Zoetermeer Coalitieakkoord 2022 - 2026 'Doen wat nodig is' Transitievisie warmte Zoetermeer Regionale Energiestrategie, Lokale verkenning windenergie en zonnestroom, Duurzaamheidsfonds 2040, MRDH Uitvoeringsagenda bereikbaarheid (UAB 2016)

Samenvatting

Op 17 februari 2020 heeft de gemeenteraad het voorstel vastgesteld tot Actualisatie van het Programma Duurzaam & Groen Zoetermeer voor de periode 2020 – 2023. Het huidige programma loopt dus af. De volgende ontwikkelingen zijn kaderstellend voor het nieuwe programma. - De gemeenteraad heeft met motie 2002-02 PvdA Overzichtelijke naamgeving het college verzocht het programma voortaan te splitsen in een deel energietransitie en een deel gericht op groen. - De door de gemeenteraad vastgestelde Visie Zoetermeer 2040. Bepaald moet worden wat de positie van dit programma wordt in relatie tot deze Visie. - Het Coalitieakkoord 2022 - 2026 'Doen wat nodig is'. In dit akkoord zijn opgaven benoemd en zijn er structureel financiële middelen beschikbaar gesteld. - De door het Rijk opengestelde Tijdelijke regeling capaciteit decentrale overheden voor klimaat- en energiebeleid (CDOKE) (rvo.nl). Deze regeling is ook gericht op duurzame mobiliteit. - De volgende inhoudelijke vastgestelde beleidskaders: Transitievisie warmte Zoetermeer, de Regionale Energiestrategie, de lokale verkenning windenergie en zonnestroom, Duurzaamheidsfonds 2040, MRDH Uitvoeringsagenda bereikbaarheid (UAB 2016).

Bijlagen

Met dit nieuwe programma: - wordt rekening gehouden met de genoemde ontwikkelingen en kaders en - kan een bijdrage worden geleverd aan het keren van de negatieve mechanismen uit de Visie Zoetermeer 2040 én - de aanpak worden versneld en op een groter schaalniveau plaatsvinden. 1. Programma Energietransitie Zoetermeer 2023 – 2026 2. Tijdelijke regeling capaciteit decentrale overheden voor klimaat- en energiebeleid (CDOKE) (rvo.nl) 3. Begrotingswijziging

2

Raadsbesluit Programma Energietransitie Zoetermeer 2023-040288 De raad van de gemeente Zoetermeer; Gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 27 juni 2023 besluit 1. Het nieuwe programma Energietransitie Zoetermeer voor de periode 2023 – 2026 vast te stellen. 2. De raadsbesluiten voor de Transitievisie warmte Zoetermeer, de Regionale Energiestrategie, de lokale verkenning windenergie en zonnestroom, Duurzaamheidsfonds 2040, MRDH Uitvoeringsagenda bereikbaarheid (UAB 2016) ongewijzigd als kader te gebruiken voor dit programma. 3. Als strategie te hanteren de energietransitie zo optimaal mogelijk te benutten bij het keren van de Zoetermeerse mechanismen uit de Visie Zoetermeer 2040 4. Als gevolg van de voorgestelde strategie prioriteit te geven aan: a. de wijken Centrum, Meerzicht en Buytenwegh b. maatregelen die voor structurele vermindering van (kans op) energiearmoede zorgen c. vergroting adaptief vermogen van onze energievoorziening 5. De aanpak van de energietransitie binnen dit programma langs drie pijlers te organiseren: a. Gebouwde omgeving, bestaande uit alle woningen en gebouwen in Zoetermeer b. Energiearchitectuur in samenhang bestaande uit: i. opwek en infrastructuur (incl. opslag en beter benutten infrastructuur) elektriciteit ii. bronnen en infrastructuur voor aardgasvrije warmte (incl. bepalen keuze voorkeursalternatief voor aardgasvrije warmte). c.

Mobiliteit 6. Voor de uitvoering van het in besluitpunt 1 genoemde programma de volgende bedragen beschikbaar te stellen: a. € 1.926.928 in 2023 b. € 2.507.595 in 2024 c. € 2.457.595 in 2025 7. De bedragen uit besluitpunt 6 te dekken uit: a. het in de perspectiefnota 2024 opgenomen bedrag van € 2.000.000 voor 2023, 2024 en 2025 naar aanleiding van de subsidie “Tijdelijke regeling capaciteit decentrale Overheden voor klimaat- en energiebeleid (CDOKE) b. de resterende bedragen uit de CDOKE zijnde in 2023 -/- € 223.541 (in mindering vanwege herfasering naar budget voor 2024 en 2025), 2024 € 207.595 (verhoogd door herfasering uit budget 2023) en 2025 € 207.595 (verhoogd door herfasering budget uit 2023) c. Het via de Perspectiefnota 2024 opgenomen budget ‘klimaatgelden 2022’ van € 700.469,8. Om de dekking van 7b mogelijk te maken het in de perspectiefnota 2024 opgenomen bedrag van € 2.000.000 vanwege de CDOKE subsidie met de volgende bedragen aan te passen: 2023 -/- € 223.541,- , 2024 € 207.595,- en 2025 € 207.595,9. De uit dit voorstel voortvloeiende begrotingswijziging vast te stellen 10. Motie 2103-02 Zó! - Warmtetransitie serieus onderwerp als afgedaan te beschouwen. Over de onderdelen 6, 7, 8 en 9 van dit besluit geen referendum mogelijk te maken, omdat het een begrotingswijziging betreft. Dit besluit treedt in werking twee weken na de bekendmaking daarvan.

Tenzij over de overige onderdelen van dit besluit een inleidend verzoek tot het houden van een referendum wordt gedaan.

3

Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van de raad op 11 september 2023 de griffier,

de voorzitter,

drs. R. Blokland MCM

drs. M.J. Bezuijen

4

Toelichting Probleemstelling en kader Inleiding Op 17 februari 2020 heeft de gemeenteraad het voorstel vastgesteld tot Actualisatie van het Programma Duurzaam & Groen Zoetermeer voor de periode 2020 – 2023. Het huidige programma loopt dus af. De volgende ontwikkelingen zijn kaderstellend voor het nieuwe programma. - De gemeenteraad heeft met motie 2002-02 PvdA - Overzichtelijke naamgeving het college verzocht het programma voortaan te splitsen in een deel energietransitie en een deel gericht op groen. - De door de gemeenteraad vastgestelde Visie Zoetermeer 2040. Bepaald moet worden wat de positie van dit programma wordt in relatie tot deze Visie. - Het Coalitieakkoord 2022 - 2026 'Doen wat nodig is'. In dit akkoord zijn opgaven benoemd en zijn er structureel financiële middelen beschikbaar gesteld. - De door het Rijk opengestelde Tijdelijke regeling capaciteit decentrale overheden voor klimaat- en energiebeleid (CDOKE) (rvo.nl). Deze regeling is ook gericht op duurzame mobiliteit. - De volgende inhoudelijke vastgestelde beleidskaders: Transitievisie warmte Zoetermeer, de Regionale Energiestrategie, de lokale verkenning windenergie en zonnestroom, Duurzaamheidsfonds 2040, MRDH Uitvoeringsagenda bereikbaarheid (UAB 2016).

Beoogd effect Met dit nieuwe programma wordt: - rekening gehouden met de inleiding genoemde ontwikkelingen en kaders en - een bijdrage geleverd aan het keren van de negatieve mechanismen uit de Visie Zoetermeer 2040 - de aanpak van de energietransitie versneld en vindt op een groter schaalniveau plaats. De beoogde resultaten zijn voor de: Gebouwde omgeving (pijler 1) • De middelen uit nationale regelingen (o.a. isolatieprogramma (NIP) zijn optimaal benut voor investeringsbijdragen aan lokale huiseigenaren, vooral voor degenen die dit het meest nodig hebben. • Het Energieloket is ook specifieker beschikbaar voor speciale doelgroepen zoals VvE’ en huiseigenaren in gemengde complexen van huur en koop (gespikkeld bezit) • Eigenaren van woningen (grondgebonden en gestapeld) krijgen specifieker advies hoe ze bij een stapsgewijze aanpak elke stap ‘spijtvrij’ kunnen uitvoeren. • In aansluiting op het energieloket voor woningen is er ook een energieloket voor bedrijfs- en utiliteitsgebouwen beschikbaar. • de verduurzaming van het gemeentelijk vastgoed wordt planmatig uitgevoerd. Energiearchitectuur (pijler 2) • Er is een systeemperspectief opgesteld voor een geïntegreerd energiesysteem voor Zoetermeer. Hiermee bedoelen we een perspectief op het systeem dat Zoetermeer in staat stelt om de huidige en nieuwe ontwikkelingen mogelijk te maken.

5

• •

• •

Dit perspectief is in lijn gebracht met relevante kaders voor sturing en integrale keuzes, zoals de ruimtelijke strategie, de visie op de ondergrond, de regionale energiestrategie, de economische agenda en mobiliteitsvisie. De gewenste en effectieve rol van de gemeente in de collectieve warmtevoorziening is bepaald. Dit betekent dat we zelfstandig én met andere (systeem)partners hebben bepaald wat we aan de markt willen overlaten, wat wij als publieke taak zien en/of waar samenwerking nodig is tussen markt en overheid. Dit hebben we te doen in het kader van de beoogde Wet Collectieve Warmtevoorziening. We hebben de kansen benut in de – prioritaire - gebieden. In die gebieden moeten nú keuzes worden gemaakt die langjarig doorwerken. We hebben regie genomen op strategische samenwerking, verbinding van sectoren (denk aan onderwijs, werkgelegenheid) en vergroten van de realisatiekracht.

Mobiliteit (pijler 3) • Vanuit mobiliteit zijn bouwstenen geformuleerd voor de realisatie van een integrale ruimtelijke strategie. Zo wordt mobiliteit integraal onderdeel van de ambitie en keuzes die dit vraagt. • Voor deze bouwstenen zijn onderzoeken uitgevoerd naar de haalbaarheid van diverse maatregelen. • Vanuit mobiliteit is met kennis en capaciteit bijgedragen aan de strategie op de energie infrastructuur. • Op basis van de nieuwe inzichten is ook de mobiliteitsvisie herzien. Verder nog in ondersteunde zin: • Communicatie en participatie zijn er gericht om in co creatie keuzes te kunnen maken in het energiesysteem en duidelijkheid te bieden aan huiseigenaren waar zij verantwoordelijk voor zijn bij de energietransitie en in hoeverre de gemeente hier bij kan helpen. • Het datamanagement is zodanig op orde dat er op een verantwoorde manier data gestuurde keuzes gemaakt kunnen worden. Voorstel/keuzemogelijkheden/risico’s Voorgesteld wordt: 1. Het nieuwe programma Energietransitie Zoetermeer voor de periode 2023 – 2026 vast te stellen. 2. De raadsbesluiten voor de Transitievisie warmte Zoetermeer, de Regionale Energiestrategie, de lokale verkenning windenergie en zonnestroom, Duurzaamheidsfonds 2040, MRDH Uitvoeringsagenda bereikbaarheid (UAB 2016) ongewijzigd als kader te gebruiken voor dit programma. 3.

Als strategie te hanteren de energietransitie zo optimaal mogelijk te benutten bij het keren van de Zoetermeerse mechanismen uit de Visie Zoetermeer 2040 4. Als gevolg van de voorgestelde strategie prioriteit te geven aan: a. de wijken Centrum, Meerzicht en Buytenwegh b. maatregelen die voor structurele vermindering van (kans op) energiearmoede zorgen c. vergroting adaptief vermogen van onze energievoorziening 5. De aanpak van de energietransitie binnen dit programma langs drie pijlers te organiseren: a. Gebouwde omgeving, bestaande uit alle woningen en gebouwen in Zoetermeer b. Energiearchitectuur in samenhang bestaande uit: i. opwek en infrastructuur (incl. opslag en beter benutten infrastructuur) elektriciteit ii. bronnen en infrastructuur voor aardgasvrije warmte (incl. bepalen keuze voorkeursalternatief voor aardgasvrije warmte).

6

c. Mobiliteit 6. Voor de uitvoering van het in besluitpunt 1 genoemde programma de volgende bedragen beschikbaar te stellen: a. € 1.926.928 in 2023 b. € 2.507.595 in 2024 c. € 2.457.595 in 2025 7. De bedragen uit besluitpunt 6 te dekken uit: a. het in de perspectiefnota 2024 opgenomen bedrag van € 2.000.000 voor 2023, 2024 en 2025 naar aanleiding van de subsidie “Tijdelijke regeling capaciteit Decentrale Overheden voor klimaat- en energiebeleid (CDOKE) b. de resterende bedragen uit de CDOKE zijnde in 2023 -/- € 223.541 (in mindering vanwege herfasering naar budget voor 2024 en 2025), 2024 € 207.595 (verhoogd door herfasering uit budget 2023) en 2025 € 207.595 (verhoogd door herfasering budget uit 2023) c. Het via de Perspectiefnota 2024 opgenomen budget ‘klimaatgelden 2022’ van € 700.469,8. Om de dekking van 7b mogelijk te maken het in de perspectiefnota 2024 vanwege de CDOKE-subsidie opgenomen bedrag van € 2.000.000 met de volgende bedragen te muteren: 2023 -/- € 223.541,- , 2024 € 207.595,- en 2025 € 207.595,9. De uit dit voorstel voortvloeiende begrotingswijziging vast te stellen 10. Motie 2103-02 Zó! - Warmtetransitie serieus onderwerp als afgedaan te beschouwen.

Argumenten 1.1 De periode komt overeen met looptijd van de landelijke subsidieregeling en de raadsperiode Zowel het coalitieakkoord ‘Doen wat nodig is’ als de landelijke subsidieregeling ‘CDOKE’ hebben dezelfde looptijd als dit nieuwe programma energietransitie. 2.1 Het beleid is recent vastgesteld en er is nog geen aanleiding voor wijzigingen. We bouwen voort op reeds genomen, actuele besluiten. Zo zijn we een betrouwbare partner in deze transitie. 3.1 De energietransitie is een in Zoetermeer 2040 genoemde majeure ontwikkeling die huidige kwetsbaarheden kan omzetten naar nieuwe perspectieven voor Zoetermeer. Goed uitgevoerde verduurzaamde woningen hebben een gezond binnenmilieu, een hogere waarde, zijn toekomstbestendig en onderhoudsarm. 4.1 Door prioriteit te geven aan de oudste wijken kunnen we de in Zoetermeer 2040 genoemde verschillen tussen de wijken verkleinen. Uitvoering van de werkzaamheden ten behoeve van de energietransitie zorgen voor significante verbeteringen van de gebouwde omgeving (zowel op woning als straat/buurt niveau), resulterend in minder grote verschillen in kwaliteit van wijken. 4.2 Met de energietransitie kan ook structureel aan vermindering van (het risico op) energiearmoede worden bijgedragen Energietransitie moet zoveel mogelijk bijdragen aan bestrijding van energiearmoede.

We richten ons in eerste instantie op wijken waar problematiek het grootst is. Verduurzaamde woningen verbruiken minder energie, waardoor energiearmoede en de schuldenproblematiek wordt verminderd. 4.3 De ambitie voor 10.000 extra woningen én de energietransitie bij woningen, mobiliteit en bedrijfsprocessen, maken verzwaring, optimaler en slimmer gebruik van huidige en nieuwe energie infrastructuur noodzakelijk Zoetermeer heeft de ambitie om in de periode tot 2040 10.000 extra woningen te realiseren. En tegelijkertijd zal in 2040 een groot deel van onze economie, hoe we onze woningen verwarmen en hoe we ons verplaatsen door stad en regio anders, duurzamer zijn geworden (transitie). 7

5.1 De aanpak van de energietransitie kan resultaat gericht plaatsvinden door het via deze drie pijlers te organiseren. Voor Zoetermeer betekent de energietransitie aanpassingen in gebouwen, energieinfrastructuur en de mobiliteit. In deze sectoren moeten de resultaten behaald worden. De landbouw en industrie zijn voor Zoetermeer niet relevant. De beoogde resultaten voor deze raadsperiode zijn onder het kopje ‘beoogde effect’ opgenomen. 6.1 Deze middelen zijn noodzakelijk om de beoogde resultaten in het bijgaande programma te kunnen behalen. Onder het kopje beoogd effect van dit raadsvoorstel zijn de beoogde resultaten benoemd. 7.1 Het Rijk heeft deze subsidie (de regeling CDOKE) voor de uitvoering van het klimaatakkoord beschikbaar gesteld. Op 29 november 2019 hebben de gemeenten in een Buitengewone Algemene Leden Vergadering (BALV) van de VNG met een overweldigende meerderheid (99,66 %) ingestemd met het klimaatakkoord. Eén van de drie voorwaarden voor de instemming was een vergoeding voor de toegenomen uitvoeringslasten van de gemeente. In dit kader heeft het ROB een bindend advies uitgebracht n.a.v. een zogenaamd ‘artikel 2 onderzoek’. De rijksoverheid heeft n.a.v. dit advies de “Tijdelijke regeling capaciteit decentrale overheden voor klimaat- en energiebeleid (CDOKE)” opengesteld.

De regeling is bedoeld om de interne gemeentelijke organisatie te versterken voor het uitvoeren van de klimaat- en energietaken. Dit kan voor meerdere jaren. Onder de Klimaatwet en dus ook de CDOKE, valt niet het beleid gericht op reductie van fijnstof of stikstof, circulariteit, klimaatadaptatie bodem, geluid, luchtkwaliteit, externe veiligheid en geurhinder. Het kabinet heeft nu middelen beschikbaar gesteld voor de jaren 2023 t/m 2025. Het is het voornemen van het kabinet om deze middelen te continueren tot 2030 maar de besluitvorming hierover heeft nog niet plaatsgevonden. De middelen worden door de gemeente taakstellend ingezet (in=uit). 7.2 De klimaatgelden voor 2022 in te zetten voor uitvoering van het programma Voor de uitvoering van het klimaatakkoord heeft de gemeente in 2022 € 700.469 ontvangen van het rijk. De middelen zijn in 2022 niet uitgegeven, omdat de planvorming nog niet gereed was. De middelen worden toegevoegd aan het programma. 8.1/9.1 De kosten van het programma energietransitie zijn berekend, de programmabegroting moet worden gemuteerd en het budgetrecht ligt bij de raad. In de Perspectiefnota is een geschat budget opgenomen voor het programma met de toezegging dat voor de uitvoering een raadsvoorstel zal worden voorgelegd. Met dit raadsvoorstel wordt hieraan invulling gegeven.

Het uitvoeringsprogramma is gereed, de kosten zijn berekend en de programmabegroting wordt met de begrotingswijziging daarop aangepast. 10.1 Er is conform de motie voor de Transitievisie warmte een amendeerbaar raadsbesluit voorgesteld. In de raadsvergadering van 15 maart 2021 is de motie 2103-02 Zó! - Warmtetransitie serieus onderwerp aangenomen. Het college wordt verzocht: - om in ieder geval iedere twee jaar, te beginnen met in maart 2023 met voortgangsrapportages naar de raad te komen, met amendeerbare raadsvoorstellen zodat de warmtetransitie in commissie en raad besproken en vastgesteld kan worden, - om bij iedere tussentijdse belangrijke stap de raad tijdig en formeel te informeren met voldoende mogelijkheden om zaken te agenderen en/of tot besluitvorming te komen. In maart is met een memo de voortgangsrapportage energietransitie toegezonden. In het memo is de motie verdaagd naar 1 oktober 2023. Met het voorgestelde beslispunt 3 is ook aan het verzoek voldaan m.b.t. een amendeerbaar raadsvoostel. In de voortgangsrapportage zijn relevante tussentijdse belangrijke stappen genoemd. 8

Kanttekeningen 6.1 Met de beoogde uitbreiding van de capaciteit heeft Zoetermeer nog steeds substantieel minder capaciteit beschikbaar voor de energietransitie dan voor een typische G40 gemeente noodzakelijk zou moeten zijn In het ROB rapport is voor een typische G40 gemeente voor de geïntensiveerde taken een gewogen gemiddeld berekend van 39-43 fte. Door de inzet van de CDOK regeling van het Rijk kunnen er maximaal ca. 20 fte worden bekostigd. Het benodigde aantal fte kan overigens voor Zoetermeer wel wat lager ingeschat worden dan voor een typische G 40 gemeente door de marginale aanwezigheid van landbouw en industrie. 6.2 De ambitie van Zoetermeer (energiezuinig en aardgasvrij in 2040) is met de huidige beschikbare middelen nog niet haalbaar. De gemeente heeft vooral een faciliterende rol en kan de ambitie alleen waarmaken als het Rijk de goede omstandigheden heeft gecreëerd. Het Rijk heeft haar middelen nu beschikbaar gesteld gericht op een ambitie voor 2050. Ook zijn alle benodigde wet- en regelgeving nog niet aangepast. Aan het einde van deze programmaperiode wordt geëvalueerd hoe de ontwikkelingen verlopen en de ambitie van Zoetermeer nog haalbaar kan worden geacht. 7.1 De huidige regeling capaciteit decentrale overheden voor klimaat- en energiebeleid (CDOKE) is nog tijdelijk De huidige regeling loopt tot 31 december 2025. Er wordt gewerkt aan een regeling voor na 2025.

Hier zijn al middelen voor gereserveerd. In het bijgaande programmaplan is al onder voorbehoud van deze onzekerheid ook een doorkijk naar 2026 opgenomen. Financiën Klimaatgeld 2022 Voor de uitvoering van het klimaatakkoord heeft de gemeente in 2022 € 700.469 ontvangen van het rijk. De middelen waren in 2022 niet uitgegeven, omdat de planvorming nog niet gereed was. De middelen zijn toegevoegd aan het programma en door de gemeente vrij te besteden met als kader de raadsbesluiten voor de Transitievisie warmte Zoetermeer, de Regionale Energiestrategie, de lokale verkenning windenergie en zonnestroom, Duurzaamheidsfonds 2040, MRDH Uitvoeringsagenda bereikbaarheid (UAB 2016): 2023 € 150.469 2024 € 300.000 en 2025 € 250.000. De middelen zijn via de besluitvorming Perspectiefnota 2024 (onderdeel resultaatbestemming) ter beschikking gesteld. Om deze reden komt dit niet tot uitdrukking in de begrotingswijziging. Klimaatgelden 2023/2025 Vanuit de “Tijdelijke regeling capaciteit decentrale overheden voor klimaat- en energiebeleid (CDOKE)” is er voor Zoetermeer voor de jaren 2023 t/m 2025 respectievelijk een bedrag van € 2.045.329, € 2.063.883 en € 2.082.437 beschikbaar. De besteding van dit budget geschiedt met in achtneming van de voorwaarden als taakstellend budget tot het maximum van deze door het Rijk beschikbaar middelen.

De uitkering wordt verstrekt als specifieke uitkering van het Rijk. Dat houdt in dat de beleidsruimte voor de gemeenten beperkt is tot hetgeen in de voorwaarden van het Rijk is opgenomen. In de voorwaarden is opgenomen dat de uitkering voor minimaal 90% dient te worden besteed aan apparaatskosten voor klimaat- en energiebeleid en mag voor maximaal 10% gebruikt worden voor overige kosten die te maken hebben met de uitvoering van het klimaat- en energiebeleid. De middelen voor 2023 dienen uiterlijk te zijn besteed op 31 december 2025 en de andere jaren dienen ook binnen 2 jaar na het jaar van toezegging te zijn besteed. Onder apparaatskosten worden daarbij verstaan: - salarissen en sociale lasten voor ambtelijk personeel (inclusief ondersteunende taken zoals HR, financiën en ICT); 9

- kosten voor ingeleend personeel; - overige goederen en diensten, zoals het afnemen van technisch- of beleidsonderzoek, een onderzoeksopdracht, het inhuren van bijvoorbeeld een omgevingsdienst, het afnemen van juridische dienstverlening. Rekening houdend met de noodzakelijke kosten voor overhead kan met de beschikbaar gestelde middelen maximaal ca. 20 fte extra worden bekostigd. Extra wil zeggen capaciteit die extra is ten opzichte van de jaren vóór 2023. Met deze extra capaciteit, het budget van het collegeprogramma en het duurzaamheidsfonds kan de inzet worden geleverd om resultaten te bereiken die onder het onderdeel beoogd effect in dit raadsvoorstel worden benoemd. De totale capaciteit komt daarbij op ca. 26 fte. De geraamde besteding is daarbij als volgt: Bedrag 2023 Personele lasten 1.264.738 Overhead 453.270 Overige lasten 58.451 subtotaal Lasten 1.776.459 Middelen 2022 150.469 Totaal lasten Dekking Rijk Herfasering* Subtotaal Baten Rijk 2022 Totaal baten fte Personele lasten Overhead Overige lasten Totaal Lasten

2024

2025

1.764.525 443.070

1.764.525 443.070

2.207.595

2.207.595

300.000

250.000

1.926.928

2.507.595

2.457.595

2.045.329 -268.870

2.063.883 143.712

2.082.437 125.158

1.776.459 150.469

2.207.595 300.000

2.207.595 250.000

1.926.928

2.507.595

2.457.595

18,8 2,8**

17,8 3

17 ,8 3

20,8

20,8

21,6

*besteding 2023 mag tot uiterlijk 2025 ** bedrag is nog niet volledig aangewend deze fte betreft alleen reeds benodigde fte Financiën, Juridische aangelegenheden, Inkoop en aanbesteding en Communicatie. De overhead is ook benodigd voor overige kosten zoals automatisering en personeelszaken.

Het zal naar verwachting nog niet lukken om de verlangde personele bezetting in 2023 te werven. Deels zal dit om die reden worden uitgezet via inhuur of opdrachten. De niet

10

benutte middelen worden geherfaseerd naar 2024 en 2025 en in die jaren worden aangewend. De overhead is volgens de normering berekend op basis van € 27.000 per fte en € 10.200 voor een tijdelijke fte. De huidige formatie duurzaam (energietransitie) (vóór 2023) bestaat 5,61 fte vanuit de exploitatiebegroting; € 544.202,-. Begrotingswijziging In de Perspectiefnota is voor Klimaat en energiebeleid al een bedrag van € 2.000.000 voor 2023, 2024 en 2025 opgenomen. Rekening houdend met de herfasering houdt in dat voor de jaren 2023, 2024 en 2025 de mutatie -/- € 223.541, € 207.595 en € 207.595 bedraagt. Spuk 2.045.329 2.063.883 2.082.437

Perspectiefnota -2.000.000 -2.000.000 -2.000.000

herfasering -268.870 143.712 125.158

begrotingswijziging -223.541 207.595 207.595

Het betreft hier een rijksubsidieregeling waarover via de SiSa-systematiek (single information single audit) verantwoording moet worden afgelegd en waarover via een door het rijk opgelegd controleprotocol controle moet worden uitgevoerd. De uitkering moet onder andere worden besteed voor het vergroten van de capaciteit op het gebied van klimaat- en energiebeleid. Klimaatgelden 2022 In de Perspectiefnota 2024 (bijlage 3, post 15) is aangegeven dat de middelen worden de komende jaren als volgt uitgegeven: € 150.469 in 2023, € 300.000 in 2024 en € 250.000 in 2025. De middelen worden besteed aan planvorming vastgoed € 450.000 en verduurzaming ondernemers € 200.000 en er is nog een post overig van € 50.000. Bestaande middelen: De gemeente heeft naast deze extra middelen ook bestaande middelen. In het kader van het collegeakkoord jaarlijks 5 ton beschikbaar gesteld. Dit bedrag is benodigd voor: - het energieloket (en bijbehorende collectieve inkoopacties) ca. € 180.000,- onderzoeken, analyses, adviezen voor de energiearchitectuur ca. € 180.000,- onderzoek, analyses, adviezen duurzame mobiliteit ca. € 40.000,- reeds aangestelde capaciteit ca.

€ 100.000,Daarnaast is er door de gemeenteraad een duurzaamheidsfonds beschikbaar gesteld om initiatieven van inwoners en ondernemers te ondersteunen en voor een aantal complexen van het gemeentelijke vastgoed de onrendabele top te dekken bij het verduurzamen. Bij het raadsbesluit Duurzaamheidsfonds 2040 en het raadsvoorstel Criteria per bestedingscategorie van het duurzaamheidsfonds zijn hiervoor limitatieve bestedingsmogelijkheden vastgesteld. Controleprotocol Geen gevolgen voor het controleprotocol. Participatie en Communicatie Dit raadsvoorstel leidt niet tot aanpassing van inhoudelijk beleid. Het gaat om de inzet van de gemeente. Bij de betreffende inhoudelijke beleidskaders hebben specifieke participatie- en communicatietrajecten plaatsgevonden. Dit programma wil de komende jaren de inzet op participatie en communicatie intensiveren. De communicatie en participatie zijn er gericht om in co creatie keuzes te kunnen maken in het energiesysteem en duidelijkheid te bieden aan huiseigenaren waar zij verantwoordelijk voor zijn 11

bij de energietransitie en in hoeverre de gemeente hier bij kan helpen. Duurzaamheid Met dit raadsvoorstel wordt invulling gegeven aan duurzaamheid. Toegankelijkheid en bruikbaarheid voor gehandicapten n.v.t. Rapportage en evaluatie Jaarlijks zal over het programma worden gerapporteerd via de planning & controlcyclus én de jaarlijkse voortgangsrapportage energietransitie. Voor beide trajecten wordt van de bijbehorende indicatoren gebruik gemaakt. Aan het einde van de raadsperiode zal het programma worden geëvalueerd. Planning In het bijgaande programma is de planning opgenomen.

12

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Zoetermeer&id=b308caad-1329-459d-9e71-55c87287d593