Raadsvoorstel Perspectiefnota 2022
Tekst van het document
Raadsvoorstel Onderwerp
Perspectiefnota 2022
Zaakid
0637702025
Auteur
Grims, M.G.J. m.g.grims@zoetermeer.nl 079 – 346.99.40
Gemeentesecretaris
Huykman, B.J.D.
Directeur
A. Quentin
Portefeuillehouder
Wethouder Rosier
Medeverantwoordelijke(n)
Uiterste behandeldatum (+ reden) Programma(s) Eerdere besluitvorming Samenvatting
21 juni 2021 commissie 28 juni 2021 voorjaarsdebat Alle
Volgend jaar zijn er gemeenteraadsverkiezingen en dus zijn dit de laatste perspectiefnota en begroting van deze college- en raadsperiode. In principe schetst een perspectiefnota - als basis voor de programmabegroting - de voorstellen tot aanpassen van beleid. Met als basis het Coalitieakkoord van 2018 en rekening houdend met het financieel perspectief. En zoals gebruikelijk zijn in de perspectiefnota ook de afwijkingen over het lopende begrotingsjaar 2021 opgenomen: het Eerste Tussenbericht. Gezien de financiële situatie wordt een beleidsarme perspectiefnota gepresenteerd, waarin wel alle onvermijdelijke ontwikkelingen en de (financiële) leereffecten uit de jaarrekening 2020 en het Eerste Tussenbericht worden opgenomen. Ook worden de gevolgen van COVID-19 geduid. Er worden in de Perspectiefnota 2022 in principe geen voorstellen voor beleidswijzigingen opgenomen, tenzij een onderwerp dermate urgent is dat dit niet tot een afweging in het najaar kan wachten. Financiële vertreksituatie niet gunstig, wel onzeker De structurele meerjarige financiële situatie van de gemeentelijke begroting blijft zorgelijk: €*1.000
Financiëel perspectief op hoofdlijn Financieel perspectief
MJB 2022-2025 2021
2022
2023
2024
2025
-4.909
-6.836
-5.083
-4.966
-5.654
In bovenstaande tabel is rekening gehouden met een extra structurele rijksvergoeding van € 3.950.000 voor jeugdzorg en Wmo. De kernvraag is: wil de raad een structureel en reëel sluitende begroting vaststellen in november 2021?
Gelet op lopende onderhandelingen tussen VNG en kabinet over de kostencompensatie voor jeugdzorg en Wmo beschouwt het college de financiële stand van zaken in de Perspectiefnota 2022 als een tussenstand. Een stand die niet positief is, maar de verwachting is ook, dat het rijk op enig moment met compensatie komt. Dilemma’s Door het uitblijven van duidelijkheid over de kostencompensatie vanuit het rijk ontstaat een dilemma in het voor te stellen dekkingsplan van de (meerjaren)begroting. Er is een begrotingstekort dat bovendien in omvang oploopt. Ook is er een spanningsveld tussen het moment waarop de begroting 2022 moet worden vastgesteld (voor medio november a.s.) en het moment dat er – na de nog onderhanden zijnde kabinetsformatie - door een nieuw kabinet een besluit wordt genomen. En daar tussendoor spelen de formele bepalingen van het begrotingsevenwicht en de toezichtrol die de provincie daarbij heeft. En dat dilemma krijgt nog een extra accent, omdat in de meerjarenbegroting 2021-2024 beleidsintensiveringen zijn opgenomen met een tijdelijk budget tot en met het jaar 2022. Het gaat hierbij om tijdelijke beleid vastgelegd in het Coalitieakkoord 2018 dat dus vanaf 2023 eindigt.
De vraag is: nu acteren met bezuinigingen en/of lastenverzwaringen of afwachten totdat er meer duidelijkheid vanuit het rijk is? Het college kiest op dit moment voor een pas op de plaats: zeer terughoudend met beleidsintensiveringen, blijven inzetten op het realiseren van de huidige bezuinigingstaakstellingen Ombuigen en vernieuwen, maar (nog) geen verdere bijsturingsacties. Zie hiervoor ook besluit 2. Het voordeel van deze werkwijze is dat geen wellicht onnodige bezuinigingen of lastenverzwaringen worden doorgevoerd. Aan de andere kant beseft het college, dat indien er - in de aanloop naar de vaststelling van de begroting in november – geen of onvoldoende duidelijkheid van het rijk over structurele (en hogere) compensatie komt het traject van preventief begrotingstoezicht door de provincie een reëel scenario is. Eind april 2021 heeft het kabinet een extra tijdelijke vergoeding voor de kosten van jeugdzorg toegezegd. Het is nog onzeker of, en zo ja hoe de provincie deze tijdelijke extra vergoeding betrekt in haar oordeel over het begrotingstoezicht. Gelet op de controlerende en toezichthoudende taak van de raad in het vaststellen van een (structureel en reëel in evenwicht zijnde) begroting maakt het college de raad actief deelgenoot van het dilemma en de door het college op dit moment voorgestelde werkwijze.
Ter dekking van het tekort in 2022 wordt een beroep gedaan op de reserve vrij inzetbaar en in het financieel perspectief is met potlood (als + pm post) een stijging van de rijksvergoeding opgenomen. De Perspectiefnota 2022 (PN) vormt samen met de gevolgen van de meicirculaire de input voor het voorjaarsdebat. Hiermee heeft de raad handvatten om in het voorjaarsdebat nader richting te geven. Ook kan de raad aandacht voor specifieke onderwerpen vragen.
datum print: woensdag 19 mei 2021
2
De meicirculaire wordt eind deze maand verwacht en is dus niet verwerkt in deze perspectiefnota. Op dit moment is nog geen betrouwbare inschatting te geven over de gevolgen van deze circulaire voor onze gemeente. Zo snel als mogelijk na het verschijnen van de meicirculaire wordt de raad in een afzonderlijke memo op hoofdlijn over de financiële uitkomst van de meicirculaire voor het voorjaarsdebat geïnformeerd. De uitkomsten van het voorjaarsdebat zijn de basis voor het samenstellen van de Programmabegroting 2022 – 2025. Besteding Enecogelden De besteding van Enecogelden is een afzonderlijk traject en maakt geen deel uit van deze perspectiefnota. In mei 2021 is de raadsbehandeling van het Eneco afwegingskader. Een raadsvoorstel over bestedingsrichtingen (in tranches en thema’s) wordt apart aangeboden en komt tijdens het voorjaarsdebat aan de orde. Bijlagen
1. Perspectiefnota 2022 2. Begrotingswijziging
datum print: woensdag 19 mei 2021
3
Raadsbesluit 0637702025 Perspectiefnota 2022 De raad van de gemeente Zoetermeer; Gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 18 mei 2021 besluit Perspectiefnota 2022 1. De financiële uitgangssituatie en het financieel perspectief, de geformuleerde voorstellen voor beleidswijzigingen en de voorgenomen reservering in de Reserve Investeringsfonds als uitgangspunten te nemen voor het opstellen van de ontwerp Programmabegroting 2022 – 2025 voor zover daar in de raad voldoende draagvlak voor is. 2. In afwachting van de nadere duiding van (structurele) rijksvergoedingen geen aanvullend dekkingsplan voor 2022 voor te bereiden, zodat op dit moment nog geen sprake is van een voorstel voor een sluitende begroting 2022. 3. De voorstellen die in de vergadering van de gemeenteraad in het Voorjaarsdebat door fracties naar voren zijn gebracht, voor zover deze op voldoende draagvlak kunnen rekenen, als richtinggevend te betrekken bij het opstellen van de Programmabegroting 2022 – 2025. 4. De voorstellen voor beleidswijzigingen voor de jaarschijf 2021 vast te stellen en voor de navolgende posten voor 2021 exploitatiebudgetten beschikbaar te stellen: 1. Huis van de wijk Rokkeveen (€ 120.000) ten laste van het begrotingssaldo 2. Uitvoeren wet donorregistratie (€ 14.000) met dekking via uitkering Gemeentefonds 3.
Uitwerken ontwerp ter verbetering van de raad- en commissiezaal (€ 100.000) ten laste van het begrotingssaldo. 5. In te stemmen met de aframing van het exploitatiebudget in 2021 voor autonome groei door veroudering van de bevolking van € 800.000 op OAD en het beschikbaar stellen van een exploitatiebudget huishoudelijke hulp met hetzelfde bedrag op programma 2 6. Van Programma 2 Vergroten zelfredzaamheid en maatschappelijke participatie: de doelstellingen en bijbehorende effectindicatoren van 2.2 (Langer) zelfstandig wonen en 2.4 Meedoen naar vermogen (ongeacht aard van de beperking) samen te voegen tot een nieuwe doelstelling 2.2 Bevorderen meedoen aan de samenleving en zelfstandig wonen. 7. De volgende effectindicatoren voor de doelstelling 2.2 ‘Bevorderen meedoen aan de samenleving en zelfstandig wonen’ (Programma 2) te wijzigen/vast te stellen: a. % klanten van het samenwerkingsverband InZet dat tevreden is over de kwaliteit van de ondersteuning (nieuw) met als streefwaarde: 80% van de klanten geeft minimaal een 7,5 b. % mantelzorgers dat zich voldoende ondersteund voelt door de gemeente/het samenwerkingsverband InZet (gewijzigd). De volgende effectindicatoren te laten vervallen (oude doelstelling 2.4 Meedoen naar vermogen ongeacht de aard van de beperking): c. % cliënten en mantelzorgers dat (zeer) tevreden is over de onafhankelijke cliëntondersteuning d.
% cliënten en mantelzorgers dat bekend is met de onafhankelijke cliëntondersteuning. 8. De streefwaarde van Programma 3 Leefbaarheid, duurzaam en groen voor effectindicator: ‘aantal kg restafval per inwoner’ voor 2023 bij te stellen van 160 kg per inwoner naar ‘minder dan in 2022’ (<2022) en voor 2024 naar ‘minder dan in 2023’ (<2023). 9. De streefwaarde van Programma 6 Dienstverlening en participatie voor effectindicator: ‘gemiddeld rapportcijfer aanvraag en afhandeling digitale producten’ te wijzigen van 7,7 naar 7,3.
datum print: woensdag 19 mei 2021
4
10. De begrotingswijziging bij het raadsbesluit van 14 december 2020 over het Afval- en grondstoffenbeleidsplan Zoetermeer 2020 (0637520012) terug te draaien, en de hierdoor vrijvallende € 85.000 vanaf 2023 niet ten gunste van het begrotingssaldo te brengen, maar te reserveren voor toekomstige ICT-aanpassingen. 11. Uit de Reserve Investeringsfonds 2030 via programma 7 een bedrag van € 2.575.000 over te hevelen naar de Reserve risico’s programma Entree en het bij het raadsbesluit ‘Ruimtelijk kader en Investeringsbudget middengebied’ (0637682126) (besluit 7) ingestelde aanvullend investeringsbudget van € 2.575.000 in te trekken. 12. Voor kapitaallasten als gevolg van de koppeling aan duurzame energiebronnen Palenstein (panden Croesinckplein 2) en het Castellum (Rakkersveld sport en Sociaal Culturele deel) gedurende de periode 2022 t/m 2051 jaarlijks € 42.450 aan de Reserve Dekking Kapitaallasten te onttrekken ten gunste van het programma OAD. 13. Voor 2021 op programma 4 een exploitatiebudget van € 50.000 beschikbaar te stellen voor bijdragen in investeringen door amateurverenigingen en dit bedrag te dekken door aanwending van de Reserve Investeringsimpuls amateurverenigingen. 14. In de reserve vrij inzetbaar een reservering van € 3.544.000 aan te houden voor eventuele tegenvallers als gevolg van COVID-19. 15.
De reserve vrij inzetbaar via OAD aan te vullen ten laste van de Reserve Enecogelden met het bedrag van € 7.565.225 dat nodig is voor dekking van het raadsvoorstel voortgang voortgezet onderwijs (september 2020).
Bestemming resultaat jaarrekening 2020 (bijlage 3) 16. In te stemmen met de volgende resultaatbestemming van de jaarrekening 2020: a. Voor de navolgende budgetoverhevelingen/voorstellen voor resultaatbestemming voor 2021, 2022 en 2023 exploitatiebudgetten beschikbaar te stellen van € 5.617.374, € 1.546.639 respectievelijk € 145.000 en deze budgetten in 2021, 2022 en 2023 te dekken door aanwending van de Vrij inzetbare reserve: 1. Zaakgericht werken/Digitalisering dienstverlening (2021: € 86.700, 2022: € 67.300) 2. Procesverbetering en verbetering dienstverlening (2021: € 100.000) 3. Bouw- en woonrijpmaken Engelandlaan 270 (2021: € 160.000, 2023: €145.000) 4. Versterking hoger onderwijs en kenniseconomie (2021: € 136.787) 5. Afboeking boekwaarde Van Doornenplantsoen 1 (2021: € 385.839, 2022: € 385.839) 6. Beschikking SSVOZ (2021: € 2.062.500, 2022: € 687.500) 7. Flankerend beleid Ombuigen en Vernieuwen (2021: € 346.000) 8. Citymarketing (2021: € 150.000) 9. Balijhoeve (2021: € 75.000) 10. Wet Inburgering (2021: € 248.000) 11. Herinrichting Bleiswijkseweg (2021: € 412.250) 12. Voorbereidingskosten Omgevingswet (2021: € 215.000, 2022: € 162.000) 13. Project beter samenspel (2021: € 193.000) 14. Project implementatie inkoop ZIN (2021: € 164.000) 15. Aanpak ondermijning (2021: € 58.000) 16. Arbeidsmarktregio ZHC gelden (2021: € 622.752) 17.
Versterkingsgelden radicalisering (2021: € 107.546) 18. Beschermd wonen (2021: € 20.000, 2022: € 50.000) 19. Wijkbudget Impuls wijkgericht werken (2021: 50.000, 2022: 95.000) 20. Clientondersteuning (2021: € 24.000, 2022: € 99.000)
datum print: woensdag 19 mei 2021
5
b. Voor herfaseringen voor programma’s 1, 3, 4 en 7 alsmede voor OAD voor de jaren 2021, 2022 en 2023 exploitatiebudgetten beschikbaar te stellen van € 7.776.258, € 1.367.182 respectievelijk € 298.500 en deze bedragen te dekken door aanwending van de navolgende reserves alsmede vanuit subsidies en bijdragen van derden zoals hieronder aangegeven: 1. Brede bestemmingsreserve (2021: € 60.525) 2. Reserve investeringsfonds 2030 (2021: € 1.076.731, 2022: € 345.782, 2023: 298.500) 3. Reserve Enecogelden (2021: € 4.737.545) 4. Vrij inzetbare reserve (2021: € 85.207, 2022: € 1.021.400) 5. Subsidies en bijdragen derden (2021: € 1.816.250) 17. De investeringskredieten ouder dan twee jaar voor een totaalbedrag van € 68.249.969 en daarmee verband houdende geraamde dekking van € 7.367.590 niet af te sluiten
Eerste Tussenbericht 2021: 18. In te stemmen met de financiële afwijkingen 2021 voor totaal € 3.592.000 bestaande uit: 1. Financiële ontwikkelingen bestaand beleid (nadeel € 1.679.000) 2. Onvermijdelijke ontwikkelingen (nadeel € 1.058.000) 3. Afwijkingen ombuigen en vernieuwen (nadeel € 855.000)
Begrotingswijziging 19. De uit bovenstaande besluiten voortvloeiende begrotingswijziging vast te stellen.
Over deze besluiten geen referendum mogelijk te maken omdat het voorstellen tot aanpassing van de begroting betreft.
Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van de raad op 28 juni 2021 de griffier,
de voorzitter,
drs. R. Blokland MCM
drs. M.J. Bezuijen
datum print: woensdag 19 mei 2021
6