Raadsvoorstel Actualisatie Verordening investeringssubsidie en gemeentegarantie amateurverenigingen
Tekst van het document
Raadsvoorstel Onderwerp Zaakid
Actualisatie Verordening investeringssubsidie en gemeentegarantie amateurverenigingen 2022-036402
Auteur
Rutger Haspers +31793469390 R.Haspers@zoetermeer.nl
Gemeentesecretaris
Huykman, B.J.D.
Directeur
A. Quentin
Portefeuillehouder
Wethouder Weerwag
Medeverantwoordelijke(n)
Wethouder Ter Laak Wethouder Blansjaar
Uiterste behandeldatum (+ reden) Programma(s) Eerdere besluitvorming
Samenvatting
Programma 4 Vrije tijd Programma 2 Samenleven en ondersteunen Verordening investeringssubsidie en gemeentegarantie amateurverenigingen (raadsbesluit 050797, wijziging 2007: Verordening investeringsimpuls amateurverenigingen raadsbesluit 060037, herzien 2013) Raadsmemo Evaluatie Investeringsimpuls Amateurverenigingen, d.d. 23 april 2020 Raadsmemo Uitputting investeringssubsidie amateurverenigingen, d.d. 4 november 2020 Raadsmemo Afdoening motie 2106-13: Continuïteit investeringsimpuls verenigingen, d.d. 6 oktober 2021 Raadsmemo Afdoening motie 2106-21: Amateurverenigingen sport en cultuur investeringsimpuls, d.d. 13 oktober 2021) Raadsvoorstel: Fonds Zoetermeer 2040 investeringsvoorstel: Investeringsimpuls amateurverenigingen, d.d. 21 februari 2022 De Verordening investeringssubsidie en gemeentegarantie amateurverenigingen (laatst herzien in 2013) is een instrument om amateurverenigingen/stichtingen zonder winstoogmerk (sport, cultuur en welzijn) een extra kwaliteitsimpuls te geven. Het gaat bij deze impuls bijvoorbeeld om: de (ver)bouw van een clubhuis, uitbreiding van accommodatie, verbeteringen van het dak en aanschaf van bijvoorbeeld nieuwe duurzame sport- en spelmaterialen, muziekinstrumenten of vervanging van materialen en inventaris.
Op basis van motie 2111-37 ‘Modernisering Investeringsimpuls’ is het college opgedragen te komen tot een raadsvoorstel met een gemoderniseerde Verordening met in ieder geval een aanpassing van de bedragen, met daarbij een jaarlijkse aanpassing die recht doet aan de prijsstijgingen, zodat de investeringsimpuls zijn waarde behoudt. In dit voorstel wordt uitvoering gegeven aan de motie en wordt de raad voorgesteld de huidige verordening in te trekken en te vervangen door een nieuwe geactualiseerde verordening. De belangrijkste wijzigingen in de nieuwe verordening zijn:
1) uitbreiding van de doelgroep van de impuls, waarbij alle amateurverenigingen aanspraak kunnen maken op de regeling zolang zij een bijdrage leveren aan Zoetermeers beleid; 2) verhoging van de maximale bijdrage per aanvrager van € 75.000,- naar € 100.000,- in vijf jaar; 3) extra stimulans voor toegankelijkheid en duurzaamheid; 4) opnemen dat, indien de aanvragers een lager subsidiebedrag hebben ontvangen dan aangevraagd omdat het subsidieplafond bereikt is, zij bij aanvulling van het beschikbare budget geen aanspraak kunnen maken op het resterende bedrag. Daarnaast zijn er diverse aanpassingen gemaakt met als doel: actualisering van de verordening, het streven om zo compleet mogelijk te zijn zonder onnodig te verwijzen naar andere regelingen en begripsbepalingen en regels duidelijker toe te lichten. Aanvullend wordt de gemeenteraad gevraagd zich uit te spreken of de regeling bedoeld is (blijft) als stimuleringsregeling of dat de subsidie alleen verleend wordt als er sprake is van een noodzakelijke bijdrage. De raad wordt voorgesteld uit te gaan van het uitgangspunt van stimulering. Bijlagen
1. Verordening investeringssubsidie en gemeentegarantie amateurverenigingen 2022; 2. Was-wordt lijst.
2
Raadsbesluit Raadsvoorstel Actualisatie Verordening investeringssubsidie en gemeentegarantie amateurverenigingen 2022-036402 De raad van de gemeente Zoetermeer; Gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 6 december 2022 besluit 1. De huidige Verordening investeringssubsidie en gemeentegarantie amateurverenigingen in te trekken en te vervangen door de Verordening investeringssubsidie en gemeentegarantie 2022, met daarin onder andere de volgende aanpassingen: a) De doelgroep van de regeling uit te breiden naar alle amateurverenigingen die een bijdrage leveren aan Zoetermeers beleid. b) Het maximum bedrag dat een aanvrager mag aanvragen in een periode van vijf jaar te verhogen van € 75.000,- naar € 100.000,-. c) Meer in te zetten op toegankelijkheid en duurzaamheid door voorwaarden op te nemen die aansluiten op het gemeentelijk toegankelijkheids- en duurzaamheidsbeleid; d) Het percentage van de subsidiabele investeringskosten voor toegankelijkheid en duurzaamheid te verhogen van 25% naar 33%; e) Dat als de aanvrager een lager subsidiebedrag heeft ontvangen dan aangevraagd omdat het subsidieplafond bereikt is, dat zij bij aanvulling van het beschikbare budget geen recht hebben op het resterende bedrag.
f) Diverse andere tekstuele aanpassingen te maken en toevoegingen te doen ter verduidelijking en actualisering van de verordening zoals is opgenomen in de ‘waswordt’ lijst. 2. Een vereniging ook gebruik mag maken van de subsidiemogelijkheden als de investering zonder gemeentelijke bijdrage gerealiseerd kan worden. Dit besluit treedt in werking twee weken na de bekendmaking daarvan. Tenzij over dit besluit een inleidend verzoek tot het houden van een referendum wordt gedaan.
Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van de raad op 30 januari 2023 de griffier,
de voorzitter,
drs. R. Blokland MCM
drs. M.J. Bezuijen
3
Toelichting Probleemstelling en kader Inleiding Voor het bereiken van de ambities van Zoetermeer 2040 is een sterke sociale basis een van groot belang. Sterke verenigingen met een breed en toegankelijk aanbod voor de inwoners van Zoetermeer dragen hier aan bij. De Verordening investeringssubsidie en gemeentegarantie amateurverenigingen is een instrument om het verenigingsleven/stichtingen zonder winstoogmerk (momenteel: sport, cultuur en welzijn) een kwaliteitsimpuls te geven. Het doel van de subsidieverlening is het stimuleren van initiatieven van instellingen die bijdragen aan het stichten of het zichtbaar en duurzaam verbeteren van een accommodatie, de aanschaf van inventaris of andere duurzame kapitaalgoederen. Het gaat bijvoorbeeld om de (ver)bouw van een clubhuis, uitbreiding van accommodatie, vervanging van verlichting voor ledverlichting, zonnepanelen, verbeteringen van het dak en aanschaf van bijvoorbeeld nieuwe duurzame sport- en spelmaterialen, muziekinstrumenten, of vervanging van materialen en inventaris. Met deze regeling wordt momenteel maximaal 25% van de investering gesubsidieerd, met een maximaal bedrag van € 75.000,-. De verordening biedt amateurverenigingen ook ruimte voor het aanvragen van gemeentegarantie.
Deze garantie schept mogelijkheden voor amateurverenigingen leningen onder gemeentegarantie te laten aangaan ten behoeve van investeringen in de eigen accommodaties en/of duurzame goederen. In de Kadernota Garantstellingen (d.d. 20-09-2021) wordt eveneens verwezen naar deze verordening. In 2020 heeft de gemeenteraad een evaluatie ontvangen van de investeringsimpuls waaruit onder andere blijkt dat het een gewaardeerd instrument is, dat het meeste wordt gebruikt door sportverenigingen. In 2021 is de raad geïnformeerd over de uitputting van het budget. Op basis van een motie is dit in 2021 aangevuld met € 100.000,-. Aanvullend heeft het college uitvoering gegeven aan het houden van een enquête over de investeringsbehoefte (afdoening motie) waarna de gemeenteraad op 21 februari 2022 heeft besloten € 450.000,- toe te voegen aan de bestemmingsreserve vanuit Fonds Zoetermeer 2040. Momenteel staat nog een motie open met betrekking tot de investeringsimpuls. Op basis van motie 2111-37 ‘Modernisering Investeringsimpuls’ is het college opgedragen om voor de zomer van 2022 (verdaagd tot en met 31 oktober 2022) te komen tot een raadsvoorstel met een gemoderniseerde Verordening met in ieder geval een aanpassing van de bedragen en met daarbij een jaarlijkse aanpassing die recht doet aan de prijsstijgingen, zodat de investeringsimpuls zijn waarde behoudt.
In dit voorstel wordt uitvoering gegeven aan de motie en wordt de raad voorgesteld een aantal andere aanpassingen door te voeren waarmee de verordening wordt vervangen voor een actuele verordening. Beoogd effect Beoogd effect Zoetermeer 2040 De gemeente Zoetermeer heeft met de visie ‘Zoetermeer 2040’ een ontwikkelrichting vastgesteld. Het primair gewenste effect is het keren van de vier mechanismen die nader staan beschreven staan in de omgevingsvisie ‘Zoetermeer 2040’. In de aan te houden hoofdlijnen staat hoe de gemeente Zoetermeer deze mechanismen wil keren en wat er moet gebeuren om te zorgen dat Zoetermeer ook op langere termijn een prettige stad blijft, waar iedereen fijn kan
4
wonen, werken en recreëren. Investeren in verenigingen en stichtingen (en diens voorzieningen) draagt hieraan bij. Het sluit onder andere aan bij de volgende hoofdlijnen: •
Hoofdlijn 1: ‘Zoetermeer is mijn thuis’ Hier wordt ingegaan op het voorzieningsniveau van de stad, waarin wordt benadrukt dat Zoetermeer een gevarieerde gemeenschap een thuis wil geven met een passend voorzieningsniveau. Hierbij worden voorzieningen voor sport en cultuur nadrukkelijk benoemd als een belangrijk onderdeel. Ook wordt sociaal en fysiek eigenaarschap gestimuleerd.
•
Hoofdlijn 2: Duurzame stad in en tussen de parken Binnen hoofdlijn twee is er aandacht van de duurzaamheid van Zoetermeer waarin milieu en stedelijkheid samengaan. De investeringsimpuls kan bijdragen aan verduurzaming van de stad van (niet gemeentelijke) accommodaties/ voorzieningen.
•
Hoofdlijn 3: Palet van Buurten en wijken In hoofdlijn 3 wordt de kracht en het ‘eigen verhaal’ van de wijken benadrukt. Voorzieningen waaronder sportverenigingen en cultuur, worden gezien als dynamo’s van het samenleven en ontmoeten in de wijk. Ook preventie is een belangrijk onderdeel van hoofdlijn 3, waar verenigingen van toegevoegde waarde zijn.
Beoogd effect regulier beleid Naast de langere termijnvisie en doelen zoals beschreven in Zoetermeer 2040, is de Investeringsimpuls amateurverenigingen ook een middel voor het bereiken van beleidsdoelstellingen opgenomen in diverse beleidsnota’s. - Sportagenda 2017 en verder: Directe relatie met: Speerpunten: ‘Accommodaties op orde’, en ‘Vitale sportverenigingen’. Met als overkoepelend doel het speerpunt: ‘Zoetermeers zijn actief’ om inwoners naast sportplezier ook gezond en vitaal te houden. - Cultuurvisie 2030: Met de onlangs vastgestelde cultuurvisie wordt nagestreefd het cultureel vermogen van Zoetermeer te vergroten. De investeringsimpuls kan positief bijdragen aan programmalijnen: ‘Ruimte voor groei’ (onder andere gericht op het ondersteunen van culturele amateurverenigingen) ‘Cultuur om de hoek’ (gericht op brede programmering in de wijken en voor iedere inwoner cultuuraanbod op acceptabele afstand) en ‘Iedereen doet mee’ (gericht op programmering van passend voor alle doelgroepen in de stad). Naast het sport- en cultuurbeleid kunnen ook welzijnsverenigingen/-stichtingen (zoals wijkverenigingen) gebruik maken van de verordening. In dit voorstel wordt voorgesteld om ook andere amateurverenigingen toe te voegen. Eveneens wordt met dit voorstel beoogd om extra te stimuleren dat verenigingen bijdragen aan een duurzamer en toegankelijker Zoetermeer.
Zo kan de investeringsimpuls mede ingezet worden voor zonnepanelen, ledverlichting en andere energiebesparende maatregelen. Maar ook is de toegankelijkheid van de voorzieningen in de stad van groot belang en wil Zoetermeer een ‘open stad’ zijn. Voorstel/keuzemogelijkheden/risico’s 1. De huidige Verordening investeringssubsidie en gemeentegarantie amateurverenigingen in te trekken en te vervangen door de Verordening investeringssubsidie en gemeentegarantie 2022, met daarin onder andere de volgende aanpassingen: a) De doelgroep van de regeling uit te breiden naar alle amateurverenigingen die een bijdrage leveren aan Zoetermeers beleid. b) Het maximum bedrag dat een aanvrager mag aanvragen in een periode van vijf jaar te verhogen van € 75.000,- naar € 100.000,-.
5
c) Meer in te zetten op toegankelijkheid en duurzaamheid door voorwaarden op te nemen die aansluiten op het gemeentelijk toegankelijkheids- en duurzaamheidsbeleid; d) Het percentage van de subsidiabele investeringskosten voor toegankelijkheid en duurzaamheid te verhogen van 25% naar 33%; e) Dat als de aanvrager een lager subsidiebedrag heeft ontvangen dan aangevraagd omdat het subsidieplafond bereikt is, dat zij bij aanvulling van het beschikbare budget geen recht hebben op het resterende bedrag. f) Diverse andere tekstuele aanpassingen te maken en toevoegingen te doen ter verduidelijking en actualisering van de verordening zoals is opgenomen in de ‘waswordt’ lijst. 2. Een vereniging ook gebruik mag maken van de subsidiemogelijkheden als de investering zonder gemeentelijke bijdrage gerealiseerd kan worden. Dit besluit treedt in werking twee weken na de bekendmaking daarvan. Tenzij over dit besluit een inleidend verzoek tot het houden van een referendum wordt gedaan. Argumenten 1.1 Het komt ten goede aan de leesbaarheid van de verordening; De huidige verordening is al eerder geactualiseerd. Voor de modernisering van de verordening worden diverse voorstellen van aanpassingen gedaan. Indien we de huidige verordening behouden, zullen ook artikelen die zijn weggehaald (in de vorige actualisatie en de huidige) benoemd moeten worden, dit komt de leesbaarheid niet ten goede.
Door de verordening volledig te vervangen door een nieuwe wordt dit voorkomen. 1.2 De doelgroep van de regeling wordt duidelijker en een breder palet aan aanbod kan worden ondersteund. (1a) Gemeend wordt dat ook andere soorten verenigingen kunnen bijdragen aan een sterke sociale basis in Zoetermeer en de opgaven in de stad in relatie tot Zoetermeer 2040. Binnen de huidige verordening was niet duidelijk of bijvoorbeeld een natuur- of milieuvereniging onder ‘welzijn’ valt en daarmee in aanmerking komt voor de regeling. Door alle amateurverenigingen te beschouwen als doelgroep, kunnen ze – zolang het aansluit op Zoetermeers beleid en voldoet aan de andere voorwaarden - gebruik maken van de regeling. 1.3 Hiermee wordt uitvoering gegeven aan een specifiek onderdeel van de motie en houdt de investeringsimpuls zijn waarde. (1b) Op basis van motie 2111-37 ‘Modernisering Investeringsimpuls’ is het college opgedragen om te komen tot een raadsvoorstel met een gemoderniseerde verordening met in ieder geval een aanpassing van de bedragen, met daarbij een jaarlijkse aanpassing die recht doet aan de prijsstijgingen, zodat de investeringsimpuls zijn waarde behoudt. Tot heden was de hoogte € 75.000,- per aanvrager in 5 jaar.
Indien wordt uitgegaan van een gemiddelde indexering van 2% per jaar sinds de laatste keer dat de verordening was geactualiseerd (2013), komt dit per 2023 uit op € 91.425,-. Met € 100.000,- wordt er royaal afgerond om voor nu en de eerstvolgende jaren te spreken van voldoende waarde. Ook doet dit meer recht aan de inflatie. Om de waarde ook in de toekomst te behouden, wordt aanvullend tenminste iedere 3 jaar heroverwogen of het aan te vragen bedrag nog voldoende wordt geacht. De eerstvolgende heroverweging zal dan uiterlijk plaatsvinden in 2025. Tussentijdse evaluatiemomenten kunnen eveneens gebruikt worden om te komen tot een heroverweging. 1.4 Hiermee sluiten we aan op gemeentelijke beleidsuitgangspunten. (1c) De gemeente Zoetermeer hecht veel waarde aan duurzaamheid en wil bijdragen aan klimaatvraagstukken. Ook acht de gemeente het van groot belang dat inwoners met een handicap zich niet belemmerd voelen om deel te kunnen nemen aan verenigingsactiviteiten, doordat de accommodaties niet (goed) toegankelijk zijn. Om die redenen heeft de gemeente diverse (beleids)uitgangspunten opgenomen voor de gemeentelijke accommodaties. Gemeend 6
wordt dat als de gemeente met subsidie investeert in (ver)bouw van accommodaties en andere investeringen, dat deze investeringen (voor zover redelijkerwijs verwacht kan worden van een vereniging) aansluiten op het gemeentelijk beleid op het gebied van toegankelijkheid en duurzaamheid. 1.5 Met een hoger percentage worden verenigingen gestimuleerd hier eerder mee aan de slag te gaan. (1d) Met een hoger percentage proberen we de verenigingen te verleiden zoveel als mogelijk voor de toegankelijke en duurzame optie te kiezen. 1.6 Een ‘duurzame of toegankelijke keuze’ is soms simpelweg duurder dan het ‘reguliere’ alternatief. (1d) Als voorbeeld: een automatische deur met drukknop ten gunste van toegankelijkheid is aanzienlijk duurder dan een reguliere deur. Indien een vereniging toch kiest voor een toegankelijke optie, dan komt de gemeente hen met een hogere bijdrage (percentage) tegemoet. 1.7 Hiermee wordt voorkomen dat eventueel nieuw beschikbaar budget direct wordt uitgekeerd aan een oud initiatief. (1e) De middelen van de impuls zijn niet structureel. Als het budget uitgeput is geraakt en de gemeenteraad stelt nieuw budget ter beschikking, is het wenselijk dat dit budget benut kan worden voor nieuwe initiatieven. 1.8 De verordening wordt actueel en completer. (1f) De huidige verordening (2013) is op meerdere onderdelen gedateerd en diende geactualiseerd te worden.
Ook werd op onderdelen verwezen naar artikelen van de Algemene Subsidieverordening (ASV-2016). In de aangepaste verordening voor de investeringssubsidie, zijn de relevante artikelen uit de ASV-2016 zoveel als mogelijk opgenomen in de verordening in plaats van verwijzingen te plaatsen. Zodoende is de verordening meer zelfstandig leesbaar wat de leesbaarheid voor de gebruiker ten goede komt. Ook is de verordening juridisch getoetst en geactualiseerd. Waar het nodig werd geacht zijn ter verheldering teksten aangepast en/of toegevoegd. Ook zijn (leden van) artikelen, al dan niet aangepast, verplaatst. De opsomming van deze elementen zorgt voor een reeks aan aanpassingen en toevoegingen. Alle aanpassingen zijn zichtbaar gemaakt in de ‘was-wordt lijst’. De meer kaderstellende/ principiële aanpassingen zijn expliciet voorgelegd aan de raad onder besluiten 1 tot en met 6. 2.1 Het is een extra motivatie om te investeren in kwaliteit van de verenigingsvoorzieningen in Zoetermeer; Nagestreefd wordt om een kwaliteitsimpuls te bieden bij het verenigingsleven. Als een vereniging feitelijk wel over voldoende middelen beschikt om een investering te kunnen doen, betekent dit nog niet dat de vereniging de investering daadwerkelijk zal doen. Een bijdrage van de gemeente kan extra motiveren/stimuleren om over te gaan tot investeren.
2.2 Door alleen uit te gaan van noodzakelijkheid worden gezonde verenigingen ‘gestraft’ voor goed financieel beleid. Op het moment dat een vereniging een gezond financieel beleid hanteert en bijvoorbeeld actief werkt aan sponsoring dan is het niet wenselijk dat deze vereniging niet in aanmerking komt voor een bijdrage in tegenstelling tot een vereniging met een minder goed (financieel) beleid. Kanttekeningen 1.1 Door de doelgroep uit te breiden, raakt het budget waarschijnlijk sneller uitgeput. (1a) Indien meer (soorten) verenigingen aanspraak maken op de regeling, wordt het beschikbare budget verdeeld over een grotere doelgroep en is dus meer budget nodig.
7
1.2 Het budget kan eerder uitgeput raken. (1b) Doordat een aanvrager aanspraak kan maken op een hogere bijdrage, zal het beschikbare budget eerder op zijn. Dit betekent dat de gemeenteraad eerder aanvullende middelen beschikbaar zal moeten stellen óf (als het budget niet wordt aangevuld) dat uiteindelijk minder verenigingen in aanmerking komen voor middelen. 1.3 Een bestemmingsreserve wordt niet geïndexeerd.(1b) Om de waarde te behouden van de investeringsimpuls is indexatie wenselijk, nu en ook in de toekomst willen we dit heroverwegen. In het geval van een bestemmingsreserve (waar het budget is ondergebracht) wordt de dekking niet mee geïndexeerd. Dit betekent dat toekomstige indexering gedekt moet worden uit nieuw budget. 1.4 De keuze voor duurzaamheid en toegankelijkheid kost vaak meer, mogelijk zelfs dusdanig dat de meerkosten om aan de gemeentelijke eisen te voldoen het maximale subsidiebedrag overstijgt. (1c) De mogelijkheid bestaat dat het (financieel) nadelig wordt om gebruik te maken van de regeling omdat het kunnen voldoen aan de eisen een hogere investering vraagt dan het bedrag dat maximaal kan worden aangevraagd. Om deze reden kijken we bij bestaande bouw naar hetgeen dat redelijk en mogelijk is binnen het bestaande pand. Bij nieuwbouw worden hogere eisen gesteld, maar proberen we rekening te houden met de mogelijkheden van een amateurvereniging.
Om deze reden geldt op het gebied van toegankelijkheid alleen als harde voorwaarde dat een nieuwe accommodatie tenminste moet voldoen aan het normenkader op de vier belangrijkste onderdelen, te weten: 1) Trap en lift, 2) MIVA toilet (conform Zoetermeerse standaard), 3) Entree en 4) Signing (bewegwijzering). 1.5 Voor duurzaamheid zijn vaak ook andere subsidiemogelijkheden en er is sprake van een terugverdienmogelijkheid. (1d) Duurzaamheid wordt ook door het rijk gestimuleerd voor verschillende doelgroepen (denk aan de BOSA- subsidie voor sportaanbieders waar men eveneens een hoger percentage kan ontvangen voor duurzaamheidsmaatregelen). Bovendien levert het ook besparing in de exploitatie op, waarmee de investering kan worden terugverdiend. Hiermee is het de vraag of een hoger percentage voor energiebesparende mogelijkheden nodig is. Daar wordt tegenover gesteld dat niet voor iedere vereniging dezelfde regelingen gelden, dat het met een hoger gemeentelijke bijdrage steeds aantrekkelijk wordt om hierin te investeren en dat het een symbolische waarde heeft om het belang te benadrukken. 1.6 Het budget kan eerder uitgeput raken. (1d) Met het verhogen van de percentage van 25% naar 33% maakt dat het gemeentelijk budget eerder uitgeput kan raken. 1.7 Het is eigenlijk toeval als je aanvraagt op het moment dat het budget bijna is uitgeput, dit kan onrechtvaardig aanvoelen.
(1e) Gepoogd wordt dit voor te zijn door tijdig kenbaar te maken bij de gemeenteraad dat het budget uitgeput dreigt te raken en – indien mogelijk – de vereniging te adviseren te wachten met het doen van een aanvraag tot het budget is aangevuld. 2.1 Bij reguliere subsidies is noodzakelijkheid de norm Zoals opgenomen in de Algemene subsidieverordening 2016 dient noodzakelijkheid van de subsidie aangetoond te worden anders is dit een weigeringsgrond. Dit betekent dat we hier afwijken van de Algemene subsidieverordening. 2.2 Indien financiële draagkracht (inclusief de mogelijkheid om van derden subsidies te kunnen krijgen) geen rol speelt in de verordening zullen de middelen sneller op zijn dan in een situatie waarin financiële draagkracht wel meegenomen wordt.
8
De raad zal daardoor vaker de vraag voorgelegd krijgen of zij aanvullende middelen in de reserve bestedingsimpuls willen aanvullen. Financiën In 2021 is € 100.000,- toegevoegd aan de bestemmingsreserve en in 2022 € 450.000,-. Zodra dit budget benut is, kan er niet langer aanspraak gemaakt worden op de regeling tenzij de gemeenteraad de reserve aanvult. Op het moment van schrijven zijn er uit dit budget drie aanvragen toegekend voor in totaal € 113.038,-. Daarnaast staan er nog twee aanvragen met een totaal aangevraagd budget van € 32.650,- open. Verwacht wordt dat hiermee voor de jaren 2022 en 2023 in ieder geval voldoende in de reserve beschikbaar is om aanvragen in behandeling te nemen. Controleprotocol Geen gevolgen voor het controleprotocol. Participatie en Communicatie De (wijzigings)verordening wordt op de gebruikelijke wijze bekendgemaakt via het Gemeenteblad en wordt opgenomen in de regelingenbank op www.overheid.nl. De amateurverenigingen worden onder andere via het Sportloket, Cultuurloket en algemene gemeentelijke communicatie met de wijzigingsverordening bekend gemaakt. Op de gemeentelijke website komt een gebruiksvriendelijke tekst waarin de belangrijkste voorwaarden worden toegelicht. Duurzaamheid De impuls amateurverenigingen kan ingezet worden voor verbeteringen van duurzaamheid.
Onderdeel van dit voorstel is om dit aanvullend te stimuleren door een hoger percentage aan gemeentelijke bijdrage voor maatregelen die ten goede komen aan duurzaamheid. Ook worden meer voorwaarden gesteld met betrekking tot duurzaamheid. Toegankelijkheid en bruikbaarheid voor gehandicapten De impuls amateurverenigingen kan ingezet worden voor verbeteringen van toegankelijkheid. Onderdeel van dit voorstel is om dit aanvullend te stimuleren door een hoger percentage aan gemeentelijke bijdrage voor maatregelen die ten goede komen aan toegankelijkheid. Ook worden meer voorwaarden gesteld met betrekking tot toegankelijkheid. Rapportage en evaluatie De aanvragen en toekenningen worden gemonitord. De gemeenteraad wordt middels reguliere begrotingsprocedures geïnformeerd over het bestede bedrag. Aanvullend wordt de gemeenteraad voorafgaand aan de uitputting van het budget geïnformeerd over de benutting van de regeling of zodra hier een andere aanleiding voor is. Indien de aanpassing van de verordening leidt tot knelpunten (bij gemeente en/of doelgroep) dan kan dit aanleiding zijn om de verordening tussentijds aan te passen. Planning De geactualiseerde verordening is van kracht na openbaarmaking. Vanaf dat moment worden aanvragen beoordeeld op basis van de nieuwe verordening.
9