Memo - Rapportage ruimtelijk fysiek 2e helft 2020, afdoening toezeggingen 34, 150 en 375 en verdaging toezegging 376
Tekst van het document
Aan De gemeenteraad van Zoetermeer
Zaakid 0637680460
Van Het college/ Wethouders Paalvast en Rosier
Datum 11 maart 2021
Onderwerp Rapportage ruimtelijk fysiek 2e helft 2020, afdoening toezeggingen 34, 150 en 375 en verdaging toezegging 376
Bijlagen 1
Inleiding Twee keer per jaar wordt de raad geïnformeerd over de stand van zaken van alle ruimtelijke projecten die bij de gemeente Zoetermeer worden gedaan en over de stand van zaken van de woningbouwmonitor. De raad heeft op 2 juni 2020 besloten om in het vervolg de schaalsprongrapportage gelijktijdig aan te bieden met de voortgangsrapportage ruimtelijke projecten en de woningbouwmonitor. De ‘rapportage ruimtelijk fysiek’ bestaat daarom uit 3 onderdelen: de voortgang van de woningbouwmonitor (hoofdstuk 3), de voortgang van de schaalsprongprogramma’s (hoofdstuk 4) en de voortgang van de ruimtelijke projecten (hoofdstuk 5). Gelijktijdig met de rapportage ruimtelijk fysiek kan aan de raad voorgesteld worden om kaders vast te stellen voor nieuwe stedelijke ontwikkelingsprojecten als er voor deze nieuwe projecten nog geen kaders bestaan. Bij de rapportage over de huidige voortgang zijn er geen nieuwe projecten waar kaders voor vastgesteld moeten worden. Amendement Met amendement 2011-E is op 30 november 2020 besloten om toekomstige rapportages ruimtelijk fysiek ter kennisname aan te bieden aan de raad in plaats van ter besluitvorming. De rapportage ruimtelijk fysiek 2e helft 2020 treft u hierbij aan. De volgende Rapportage Ruimtelijk Fysiek over de periode 1 januari tot 1 juli 2021 zal in de tweede helft van 2021 aan de raad worden aangeboden.
Toezeggingen In de raadsvergadering van 8 oktober 2018 is toezegging 34 gedaan: “Naar aanleiding van de versnellingsagenda woningbouw worden bij ieder concreet bouwplan de consequenties voor de bewoners die in de hoogbouwvisie staan (windhinder, bezonning, uitzicht, privacy, zichtlijnen, e.d.) teruggekoppeld aan de raad.’’ Bij de start van een planologische procedure waarbij de raad uiteindelijk de wijziging van een bestemmingsplan vaststelt, wordt de raad vooraf, bij het voorontwerp bestemmingsplan, door middel van een memo geïnformeerd. In dit memo wordt de raad gevraagd om aandachtspunten voor het voorontwerpbestemmingsplan. In de praktijk zien we dat door ontwikkelaars wordt gekozen voor een planologische procedure, waarbij zowel het bestemmingsplan wordt gewijzigd, als de aanvraag voor een omgevingsvergunning wordt ingediend (de zogeheten gecoördineerde procedure). Dat betekent dat de procedure van de omgevingsvergunning én het bestemmingsplan tegelijkertijd worden doorlopen. Dus de consequenties voor de bewoners van ieder bouwplan zijn beschikbaar ten tijde van het voorontwerp bestemmingsplan dat kenbaar wordt gemaakt aan de raad.
In de raadsvergadering 1 juli 2019 is toezegging 150 gedaan: “Wethouder Paalvast zegt toe dat, zoals afgesproken is in de versnellingsagenda, er voor alle locaties een bestemmingsplanwijziging en een bouwplan naar de raad komt.’’ In het verlengde van toezegging 34 wordt voor elke locatie binnen de Versnellingsagenda een wijziging van het bestemmingsplan opgesteld en voorgelegd aan de raad. Ten tijde van het voorontwerpbestemmingsplan wordt de raad hierover via een memo geïnformeerd en kan ze op het bouwplan reageren via het meegeven van aandachtspunten. Een bestemmingsplanwijziging van alle versnellingslocaties komt dan ook naar de raad en de raad neemt hierover een besluit. In het geval dat er geen bestemmingsplan wordt aangepast, zal de uitgebreide WABO-procedure gevolgd worden. In dat geval kan het college alleen medewerking verlenen als de gemeenteraad een ‘verklaring van geen bedenkingen’ heeft afgegeven. Zodoende is de gemeenteraad ook in dat geval betrokken bij de vergunningverlening. In de commissie Stad van 23 november 2020 is toezegging 375 gedaan: “Wethouder Paalvast zegt toe in de volgende rapportage ruimtelijk fysiek een tijdlijn op te nemen met beslismomenten en samenspraakmomenten.” De projecten in hoofdstuk 4 en 5 zijn voorzien van een tijdlijn waar beslismomenten en participatiemomenten voor komend half jaar zijn opgenomen.
In de commissie Stad van 23 november 2020 is toezegging 376 gedaan “Wethouder Paalvast zegt toe de volgende rapportage ruimtelijk fysiek volledig digitaal aan te bieden.” De deadline voor deze toezegging is 1 juli 2021. Momenteel wordt er een projectmanagementtool aangeschaft waar ook de voortgang van projecten vastgelegd kan worden. Deze tool wordt naar verwachting in juli 2021 in gebruik genomen. Het is niet mogelijk om de rapportage over de 1e helft 2021 al te laten genereren door de projectmanagementtool. Pas als de rapportage over de 2e helft 2021 gemaakt gaat worden, kan dit volledig digitaal via de projectmanagementtool gegenereerd worden. Dit betekent dat de rapportage die verschijnt in april 2022, die gaat over de 2e helft 2021, volledig digitaal aangeboden kan worden. Voorgesteld wordt om hiermee toezeggingen 34, 150 en 375 als afgedaan te beschouwen en de afdoening van toezegging 376 te verdagen naar 1 mei 2022.
Voor technische vragen kunt u zich wenden tot: Naam : V.R. de Groot Telefoonnummer : 06-27.85.23.04 E-mailadres : v.r.de.groot@zoetermeer.nl
: