GEWIJZIGD Raadsvoorstel - Wijziging Financiele verordening gemeente Zoetermeer
Tekst van het document
Raadsvoorstel Onderwerp
Wijziging Financiële verordening gemeente Zoetermeer
Zaakid
0637709486
Auteur
Grims, M.G.J. m.g.grims@zoetermeer.nl 079 – 346.99.40
Gemeentesecretaris
Huykman, B.J.D.
Directeur
A. Quentin
Portefeuillehouder
Wethouder Rosier
Medeverantwoordelijke(n)
Uiterste behandeldatum (+ reden) Programma(s)
8 juni 2021 B&W
Eerdere besluitvorming
Financiële verordening gemeente Zoetermeer 2017 (raadsbesluit 18 december 2017) Raadsvoorstel Rekenkameronderzoek begroting en paragrafen (12 oktober 2020) Voorstel voor aanpassing van de financiële verordening ex artikel 212 van de Gemeentewet. Deze aanpassing is nodig vanwege de wens van de raad over de modernisering van de begroting. Dit naar aanleiding van het RKC-onderzoek Van wie is de begroting van Zoetermeer? (april 2020). Het voorstel is met name gericht op een mogelijke aanpassing van het artikel over het moment waarop de raad een besluit neemt over de inrichting van de begroting in programma’s. Ook zijn enige technische wijzigingen verwerkt.
Samenvatting
Bijlagen
Alle
Met de verordening 212 stelt de raad de kaders voor het financieel beleid, het financieel beheer en de hoofdlijnen voor de inrichting van de financiële organisatie vast. De raad bewaakt met de financiële verordening de kwaliteit van de financiële functie en stelt de kaders voor de verantwoording van het college aan de raad vast. De nadere inrichting en uitvoering is een zaak van het college. 1. Financiële verordening gemeente Zoetermeer 2021 2. Toelichting op de financiële verordening gemeente Zoetermeer 2021
Raadsbesluit 0637709486 Raadsvoorstel Wijziging Financiële verordening gemeente Zoetermeer De raad van de gemeente Zoetermeer; Gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 8 juni 2021 Besluit 1. De financiële verordening als volgt te wijzigen: Oude tekst
Nieuwe tekst
a.
Artikel 3. Programmabegroting lid 1 De raad stelt bij aanvang van een nieuwe raadsperiode met het vaststellen van de eerste begroting de programma-indeling voor de komende raadsperiode vast.
Artikel 3. Programmabegroting lid 1 De raad stelt in de eerste helft van een nieuwe raadsperiode een programma-indeling vast.
b.
Artikel 7. Grondexploitaties lid 2 De grondexploitaties worden eens per jaar herzien en voor 1 maart aan de raad ter vaststelling aangeboden. Artikel 14. Reserves en voorzieningen lid 2 De Reserve Investeringsfonds 2030 (= Rif) wordt in ieder geval op de volgende wijze financieel gevoed: een positief jaarresultaat van de grondexploitaties wordt conform de in de nota Grondbeleid beschreven wijze overgeheveld naar de Rif; een positief saldo van de jaarrekening wordt voor maximaal 50% overgeheveld naar de Rif; een verworven subsidie die een aantoonbare relatie heeft met de opgaven van de Stadsvisie wordt gestort in de Rif.
Artikel 7. Grondexploitaties lid 2 De grondexploitaties worden eens per jaar herzien en ten tijde van de jaarrekening aan de raad ter vaststelling aangeboden. Artikel 14. Reserves en voorzieningen lid 2 De Reserve Investeringsfonds 2030 (= Rif) wordt in ieder geval op de volgende wijze financieel gevoed: een positief jaarresultaat van de grondexploitaties wordt conform de in de nota Grondbeleid beschreven wijze overgeheveld naar de Rif; een positief saldo van de jaarrekening wordt voor maximaal 50% overgeheveld naar de Rif; een verworven subsidie die een aantoonbare relatie heeft met de opgaven van de Stadsvisie wordt gestort in de Rif. maximaal de helft van de stijging van de algemene middelen uit de OZB en de Algemene Uitkering uit het Gemeentefonds voortkomend uit extra woningen/inwoners dient als aanvulling van de beschikbare ruimte in de Rif. Artikel 24. Financieel beheer lid 2 Het college zorgt voor het verzamelen en vastleggen van gegevens over de geleverde producten en diensten en de maatschappelijke effecten, opdat de rechtmatigheid, doelmatigheid en doeltreffendheid van het beleid zoals vastgesteld door de raad, kunnen worden getoetst.
c.
d.
Artikel 24. Financieel beheer lid 2 Het college zorgt voor het verzamelen en vastleggen van gegevens over de geleverde producten en diensten en de maatschappelijke effecten, opdat de doelmatigheid en doeltreffendheid van het beleid zoals vastgesteld door de raad, kunnen worden getoetst.
2
2.
De Financiële verordening gemeente Zoetermeer 2017 in te trekken.
3.
De Financiële verordening gemeente Zoetermeer 2021 vast te stellen.
Dit besluit treedt in werking twee weken na de bekendmaking daarvan. Tenzij over dit besluit een inleidend verzoek tot het houden van een referendum wordt gedaan.
Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van de raad op 12 juli 2021 de griffier,
de voorzitter,
drs. R. Blokland MCM
drs. M.J. Bezuijen
3
Toelichting Probleemstelling en kader Inleiding Wetgeving In de Gemeentewet en het Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten (BBV) zijn bepalingen opgenomen over het gemeentelijk financieel beleid en beheer. In aanvulling op de algemeen geformuleerde kaders in Gemeentewet en het BBV is lokaal maatwerk mogelijk. Het kan zijn dat de raad aanvullende wensen heeft ten aanzien van financiële kaderstelling en verantwoording. Deze aanvullende regels worden opgenomen in de financiële verordening. Deze verordening wordt ook wel de verordening 212 genoemd: een verwijzing naar het artikel in de Gemeentewet dat deze verordening verplicht stelt. Met de verordening 212 stelt de raad de kaders voor het financieel beleid, het financieel beheer en de hoofdlijnen voor de inrichting van de financiële organisatie vast. De raad bewaakt met de financiële verordening de kwaliteit van de financiële functie en stelt de kaders voor de verantwoording van het college aan de raad vast. Rekenkamercommissie onderzoek De Rekenkamercommissie heeft in het Onderzoeksrapport Begroting en paragrafen diverse aanbevelingen over de begroting verstrekt. Kernvraag van het onderzoek was: ”Hoe kan de raad gebruik maken van de begroting als middel om te sturen op inhoud?” De raad heeft de tijdelijke werkgroep modernisering begroting (hierna: werkgroep) ingesteld om vervolg te geven aan de aanbevelingen.
De werkgroep heeft het college verzocht om een voorstel voor te bereiden voor aanbeveling 3: aanpassing van de financiële verordening te heroverwegen, zodat programma’s niet direct vastliggen bij de start van een raadsperiode. Dit maakt het de raad mogelijk op een passend moment een inhoudelijk debat te voeren over de indeling van de begroting. Beoogd effect Een actuele en toekomstbestendige financiële verordening door: - vervolg te geven aan de aanbeveling: aanpassing van de financiële verordening te heroverwegen, zodat programma’s niet direct vastliggen bij de start van een raadsperiode. Het voorstel is gericht op een mogelijke aanpassing van het artikel over het moment waarop de raad een besluit neemt over de inrichting van de begroting in programma’s; - verwerking van enige technische wijzigingen en aanscherpingen in teksten. Voorstel/keuzemogelijkheden/risico’s Argumenten 1a. Artikel 3. Programmabegroting, lid 1 In de huidige financiële verordening is opgenomen dat de raad met het vaststellen van de eerste begroting na de verkiezingen de indeling van de begroting vaststelt (art. 3 Programmabegroting, lid 1). Achtergrond daarvan is dat het – destijds – logisch leek om een nieuwe raad bij de start van een raadsperiode zich over de indeling van de begroting te laten uitspreken tijdens het eerste begrotingsdebat.
Inmiddels is de gedachte dat een nieuwe raad bij zijn eerste begroting nog geen goed beeld heeft om een inhoudelijk debat te voeren over de indeling van de begroting.
4
Er zijn vier varianten in overweging genomen: 1. De raad stelt bij aanvang van iedere raadsperiode een programma-indeling voor die raadsperiode vast. Dit is in overeenstemming met de modelverordening van de VNG. 2. De raad stelt in ieder geval bij aanvang van de nieuwe raadsperiode een programmaindeling voor die raadsperiode vast. 3. De raad stelt in ieder geval bij aanvang van de nieuwe raadsperiode een programmaindeling vast. 4. De raad stelt in de eerste helft van een nieuwe raadsperiode een programma-indeling vast. Alle varianten zijn minder gebiedend/dicterend/voorschrijvend, omdat niet is opgenomen dat deze indeling al bij de eerste begroting van de nieuwe raad moet zijn ingevoerd. Variant 4 sluit het beste aan bij de achtergrond van het artikel en geeft de raad de mogelijkheid om op een voor de raad passend moment een inhoudelijk debat te voeren over de indeling van de begroting. 1b. Artikel 7. Grondexploitaties, lid 2 De datum van 1 maart blijkt in de praktijk nauwelijks haalbaar. De afgelopen jaren was dan ook meermaals sprake van een verdagingsmemo aan de raad. De bedoeling is om bij de jaarrekening te beschikken over actuele grondexploitaties ten behoeve van de waardering per 31 december. Het voorstel is om art 7.
Grondexploitaties, lid 2 te wijzigen in: De grondexploitaties worden eens per jaar herzien en ten tijde van de jaarrekening aan de raad ter vaststelling aangeboden. Om het Meerjarenperspectief Grondexploitatie (MPG) aan te kunnen bieden voor de datum van 1 maart is het noodzakelijk, dat het MPG met de herzieningen van de grondexploitaties inclusief raadsvoorstel en collegeoplegger ambtelijk geparafeerd wordt in de eerste week van februari voor een tijdige behandeling door B&W. In die week kan het MPG onmogelijk gereed zijn. In de herziening van de grondexploitaties worden immers boekwaardemutaties verwerkt, die ook van invloed zijn op de resterende nog te maken kosten. In het kader van de jaarrekening worden de laatste boekingen en correcties nog verwerkt tot en met eind januari. Nadien liggen nog veel werkzaamheden voor de herzieningen en het MPG op het kritieke pad die moeten worden uitgevoerd en niet versneld kunnen worden, zoals bepaling vervaardiging groot deel van het MPG, tussentijdse winst, afstemming met verantwoordelijk portefeuillehouder, e.d. 1c. Artikel 14. Reserves en voorzieningen, lid 2 Dit is een technische wijziging voortkomend uit de nota Reserves en voorzieningen (4.2 Algemene – en bestemmingsreserves, punt 7).
Voor toekomstige uitgaven en/of lasten verbonden aan de toekomstige Schaalspronginvesteringen moet de beschikbare ruimte in de Rif (inclusief de nog te verwachten winstafdrachten uit de grondexploitaties aan de Rif) beschikbaar worden gehouden (raadsvoorstel 06 37 29 12 15). Deze ruimte wordt aangevuld met maximaal de helft van de stijging van de algemene middelen uit de OZB en de Algemene Uitkering uit het Gemeentefonds. Het gaat hierbij om stijging die voortkomt uit de extra (netto = bruto – sloop) woningen/inwoners in stad. De inzet van deze dekkingsmiddelen dient jaarlijks te worden afgewogen in de perspectiefnota. Zie het raadsvoorstel ‘06 37 29 12 15 Kosten Schaalsprong 2018 en 2019, beslispunt 8’ link: Raadsvoorstel- schaal.pdf. 1d. Artikel 24. Financieel beheer, lid 2 De term ‘rechtmatigheid’ is toegevoegd vanwege nieuwe wetgeving (naar verwachting vanaf het boekjaar 2021) die voorschrijft dat de rechtmatigheidsverantwoording door het college moet plaatsvinden. Op dit moment verstrekken externe accountants een controleverklaring met een oordeel over getrouwheid en rechtmatigheid bij de jaarrekeningen van gemeenten. De externe accountants geven in de toekomst dan nog een controleverklaring af met alleen een oordeel over de getrouwheid van de jaarrekening. De rechtmatigheidsverantwoording door het college wordt ook in de jaarrekening opgenomen. 5
2. De Financiële verordening gemeente Zoetermeer 2017 in te trekken De Financiële verordening Zoetermeer 2017 is verouderd. 3. De Financiële verordening gemeente Zoetermeer 2021 vast te stellen Met de vaststelling van de Financiële verordening gemeente Zoetermeer 2021 is sprake van een actuele en toekomstbestendige financiële verordening. Kanttekeningen Niet van toepassing. Financiën Niet van toepassing. Controleprotocol Niet van toepassing. Participatie en Communicatie Het raadsbesluit wordt electronisch bekend gemaakt in het Gemeenteblad en gepubliceerd op de interne - en externe website. Duurzaamheid Niet van toepassing. Toegankelijkheid en bruikbaarheid voor gehandicapten Niet van toepassing. Rapportage en evaluatie Niet van toepassing. Planning Niet van toepassing.
6