Bijlage 4 - Besluit SIF preventie in de praktijk
Tekst van het document
Raadsvoorstel Onderwerp
Sociaal innovatiefonds
Zaakid
2022-000092
Auteur
Martine Kummer +31793469271 M.Kummer@zoetermeer.nl
Gemeentesecretaris
Huykman, B.J.D.
Directeur
E.C.R.H. Eijkelberg
Portefeuillehouder
Wethouders Ter Laak, Van Driel, Groeneveld en Iedema
Medeverantwoordelijke(n)
Uiterste behandeldatum (+ reden) Programma(s)
Programma 1 Onderwijs, economie en arbeidsparticipatie Programma 2 Samen leven en ondersteunen
Eerdere besluitvorming
Raadsvoorstel Afwegingskader investeringsfonds op basis van Eneco middelen d.d. 28 juni 2021 raadsvoorstel (agendapunt 8a)
Samenvatting
Op 28 juni 2021 heeft de gemeenteraad het Raadsvoorstel “Afwegingskader Investeringsfonds op basis van Eneco-middelen” vastgesteld. Onderdeel van dit besluit is het instellen van een sociaal innovatiefonds, inclusief het afwegingskader waar aanvragen voor dit fonds aan moeten voldoen. In aanvulling op de criteria waar elke aanvraag aan moet voldoen zijn hierin ook specifieke criteria opgenomen voor het sociaal innovatiefonds: investeringen zijn gericht op het herstellen van de bestaanszekerheid, het bevorderen van positieve gezondheid, en het verbeteren van kansengelijkheid van Zoetermeerders, om te komen tot betere (gezondheids-) zorg en ondersteuning voor meer mensen met minder geld. Leidend criterium voor de aanvragen is de impact die daarmee gemaakt wordt, oftewel wat is de verwachte maatschappelijke bijdrage die met het voorstel wordt bereikt. In het raadsvoorstel dat nu voorligt zijn zeven aanvragen opgenomen voor het investeringsfonds, voor het thema sociaal innovatiefonds.
Het gaat om: a) Basisbanen b) Vindplaatsen verborgen schulden c) Onder de pannen d) Impact gedreven inzet voor jeugd & gezinnen e) Innovatief wijkgericht en integraal ondersteuningsaanbod gericht op preventie f) Positieve gezondheid en het huishouden g) Preventie in de praktijk Voor deze zeven aanvragen is de inzet van middelen op basis van het sociaal innovatiefonds het fundament waarop nieuwe ontwikkelingen in gang kunnen worden gezet.
Eenmaal uitgewerkt en geïmplementeerd leveren deze ontwikkelingen een structurele bijdrage aan de doelen van het sociaal innovatiefonds. De uitgewerkte aanvragen zijn opgenomen als bijlage bij dit voorstel. Bijlagen
Bijlage 1 Aanvragen: a) Basisbanen b) Vindplaatsen verborgen schulden c) Onder de pannen d) Impact gedreven inzet voor jeugd & gezinnen e) Innovatief wijkgericht en integraal ondersteuningsaanbod gericht op preventie f) Positieve gezondheid en het huishouden g) Preventie in de praktijk Bijlage 2: Advies interne toetsgroep plus reactie college Bijlage 3: Advies externe toetsgroep plus reactie college (concept) Bijlage 4: Begrotingswijziging
2
Raadsbesluit (2022-000092) Sociaal innovatiefonds De raad van de gemeente Zoetermeer; Gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 11 januari 2022 besluit 1. De bestemmingsreserve Sociaal Innovatiefonds in te stellen 2. Een bedrag van € 3.381.170 in het Sociaal Innovatie fonds te storten ten laste van de reserve Zoetermeer 2040 3. Dit fonds in te zetten voor het bereiken van de gewenste en noodzakelijke impact in het sociaal domein door een investeringsimpuls te geven aan ontwikkelingen die daar aan bijdragen. In dit voorstel gaat het om de volgende projecten: a) Basisbanen b) Vindplaatsen verborgen schulden c) Onder de pannen d) Impact gedreven inzet voor jeugd & gezinnen e) Innovatief wijkgericht en integraal ondersteuningsaanbod gericht op preventie f) Positieve gezondheid en het huishouden g) Preventie in de praktijk 4. Voor de onder ad 3 genoemde projecten in de programmabegroting een budget op te nemen: a. op programma 1 van € 1.117.170 ten behoeve van de voorstellen 3 a, b en c ; b. op programma 2 van € 2.024.000 ten behoeve van de voorstellen 3 d, e, f, en g; c. van € 240.000 ten behoeve van de kosten voor een programmamanager sociaal innovatiefonds d. deze budgetten per programma te dekken door een even grote onttrekking uit de Reserve Sociaal Innovatiefonds 5. De uit dit voorstel voortvloeiende begrotingswijzing vast te stellen 6.
Motie 2111-12A: Basisbanen bieden kansen voor mens en stad als afgedaan te beschouwen. Over onderdeel 5 van dit besluit geen referendum mogelijk te maken, omdat het een begrotingswijziging betreft. Dit besluit treedt in werking twee weken na de bekendmaking daarvan. Tenzij over de overige onderdelen van dit besluit een inleidend verzoek tot het houden van een referendum wordt gedaan.
Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van de raad op 21 februari 2022 de griffier,
de voorzitter,
drs. R. Blokland MCM
drs. M.J. Bezuijen
3
Toelichting Probleemstelling en kader Inleiding In de visie Zoetermeer 2040 staat de opgave voor Zoetermeer beschreven om een aantal dalende trens te keren, om zo tot een betere balans en een ‘opwaartse beweging’ te komen. Hiervoor zijn zes hoofdlijnen benoemd: 1. Zoetermeer is mijn thuis 2. Duurzame stad in en tussen de parken 3. Palet van wijken en buurten 4. Doorlopende ontplooiingskansen voor iedereen 5. Stad van toegepaste innovatie 6. Zoetermeer regiostad In deze hoofdlijnen worden de sociale, fysieke en economische uitdagingen en kansen in samenhang bekeken. Elke hoofdlijn heeft in meer of mindere mate raakvlakken met (de ontwikkelingen in) het sociaal domein. Om er een paar te noemen: In ‘Zoetermeer is mijn thuis’ is het verbreden en versterken van de sociale basis een belangrijke opgave. In ‘Palet van wijken en buurten’ gaat het onder andere over preventief werken aan de sociale balans, waarbij we niet alleen individuele problemen aanpakken maar ook kijken naar wat nodig is om de concentratie van problemen te verminderen. Preventie staat daarbij voorop. En in ‘Doorlopende ontplooiingskansen’ gaat het onder andere om het bieden van een veilige plek en goede voorzieningen voor kinderen om zich te ontwikkelen en te leren en om vergelijkbare kansen op werk (ten opzichte van de regio).
Om de dalende trends in Zoetermeer te kunnen keren is voortzetting van het huidige beleid niet voldoende. Er zijn vernieuwende ideeën en aanpakken nodig die leiden tot duurzame stappen vooruit. Daarvoor moeten keuzes gemaakt worden. Niet vanuit een somber toekomstperspectief maar vanuit verlangen; het verlangen om een positieve impact te maken op de stad en de inwoners. In het sociaal domein definiëren we voor die impact twee sporen: de preventieve keten en de formele zorg en ondersteuning. Onder de preventieve keten verstaan we het samenspel vanuit de domeinen welzijn, wonen, onderwijs, armoede, schuldhulpverlening en participatie. De formele zorg betreft onder andere de inzet van medisch geïndiceerde zorg, Wmo- en Jeugdhulp. Beide sporen hebben een sterke relatie met elkaar. We kiezen ervoor om zo veel mogelijk impact te maken in de preventieve keten, vanuit de visie dat door het versterken van preventie en de sociale basis inwoners minder afhankelijk zijn, of worden, van langdurige ondersteuning. De preventiecoalitie, onderdeel van Zoetermeer 2025, en de recent vastgestelde Woonzorgvisie zijn daarvoor belangrijke pijlers. Door het herstellen van bestaanszekerheid, het vergroten van kansengelijkheid en het bevorderen van gezond leven en positieve gezondheid wordt zo veel mogelijk voorkomen dat mensen in een kwetsbare positie komen.
Bestaanszekerheid is daarbij de basis van waaruit gebouw kan worden aan kansengelijkheid en positieve gezondheid. Immers het vergroten van kansengelijkheid en het bevorderen van (positieve) gezondheid werkt alleen als de basis op orde is. Van daaruit kan aansluiting gezocht worden bij geschikte en echt gewenste gezondheidsbevordering met een ‘opwaartse spiraal’ tot gevolg. Alle preventieve inzet ten spijt zullen er altijd inwoners zijn die op enig moment in hun leven professionele ondersteuning nodig hebben. Voor die inwoners zorgen we voor een passend aanbod. Wat dat precies is kan voor iedereen anders zijn.
4
Het inzetten van (steeds) meer zorg leidt niet tot betere uitgangspunten voor de inwoner op het gebied van bestaanszekerheid, kansengelijkheid en positieve gezondheid. Daarom kiezen we voor een mensgerichte benadering en het voorkomen van onnodige problemen (en daardoor oplopende kosten). We brengen de menselijke maat terug. Natuurlijk deden- en doen- we al veel vanuit deze visie. Maar het sociaal innovatiefonds biedt een unieke mogelijkheid om breed te investeren in verbetering en innovatie. Hierdoor ontstaat de benodigde ruimte om te werken aan de ‘wissels’ in het sociaal domein, de transformatie en het daadwerkelijk ‘ontschotten’. Belangrijke thema’s daarbij zijn: - van curatief naar preventief; - van sectoraal naar integraal; - koppeling van het fysieke en het sociale domein. Vanuit deze visie is het voorstel te starten met zeven gerichte projecten die bijdragen aan het bereiken van de gewenste impact door in te zetten op preventie, waarvoor een beroep wordt gedaan op middelen uit het investeringsfonds (voor het thema sociaal innovatiefonds). De aanvragen staan niet los van elkaar maar versterken elkaar juist. Alle aanvragen zijn gericht op het versterken van preventie en de sociale basis.
De aanvraag ‘Preventie in de praktijk’ vervult een bijzondere rol als ‘proeftuin’ om nieuwe ontwikkelingen aan elkaar te verbinden en biedt, waar passend, experimenteerruimte om nieuwe ontwikkelingen uit te testen en door te ontwikkelen voordat ze stadsbreed uitgerold worden. De recent vastgestelde woonzorgopgave vraagt om een gezamenlijke aanpak en het ontwikkelen van nieuwe en innovatieve woonzorgconcepten. De uitvoering hiervan is essentieel om innovatie in het sociaal domein te faciliteren, omdat de beschikbaarheid van (passende) woningen en woonvormen voor speciale doelgroepen een randvoorwaarde is voor het bieden van effectieve ondersteuning. Daarmee zijn de realisatie van de uitvoeringsagenda van de Woonzorgvisie en de aanvragen in dit voorstel voor het sociaal innovatiefonds onlosmakelijk aan elkaar verbonden. De huidige voorstellen voor het sociaal innovatiefonds zijn een eerste concrete stap in een innovatieve en domein overstijgende manier van werken. Daarmee is nog niet alles 100% afgedicht. Om de raakvlakken tussen de aanvragen onderling maar ook om de verbinding in de breedte met andere domeinen goed te leggen is een programmatische sturing op de uitvoering van de aanvragen noodzakelijk. Hierdoor kunnen in de uitvoering slimme koppelkansen tussen de aanvragen onderling én in de breedte met andere domeinen gelegd en benut worden.
Dit kan zowel ‘groot ’zijn, bijvoorbeeld de relatie met de woonzorgopgave, maar ook ‘klein’ bijvoorbeeld door bij het inrichten van nieuwe ondersteuningsactiviteiten voor bepaalde doelgroepen ook gelijk afstemming te zoeken over de inrichting van een stukje buitenruimte dat daarbij past. Ook de verbinding met technologische innovaties en het gebiedsprogramma Dutch Innovation Park (waar innovatie een belangrijk thema is) maakt hier onderdeel van uit. Belangrijk is tevens om van elkaar te leren en gebruik te maken van elkaars successen: wat succesvol is kan elders ook weer gebruikt worden. Door deze programmatische sturing wordt een domein brede aanpak gerealiseerd waarbij de totale opbrengst groter is dan de som van de afzonderlijke aanvragen. Programmamanager Om uitvoering te geven aan deze programmatische sturing wordt een programmamanager sociaal domein aangesteld. De programmamanager zal zich richten op drie onderdelen: • het zorgdragen voor goede samenhangende uitvoering van de voorstellen in het sociaal innovatiefonds; • samen met ‘Woningbouw als katalysator’ optrekken in de uitvoering van projecten in het kader van de Woonzorgvisie;
5
•
zorgen voor samenhangende programmering met het kernteam Zoetermeer 2040 (dus niet sectoraal werkend vanuit sociaal domein, maar integraal werkend vanuit Zoetermeer 2040). De programmamanager gaat als eerste aan de slag met het opstellen van een verantwoordingsformat met de doelen en de resultaten per project maar nadrukkelijk ook van alle projecten als geheel, zodat slimme koppelkansen tussen de aanvragen onderling én in de breedte met andere domeinen optimaal gelegd en benut worden. Looptijd De voorgestelde projecten hebben een verschillende looptijd. Omdat het om innovatieve projecten gaat met een domein overstijgend karakter is het nodig om de projecten de tijd te geven om te groeien en gezamenlijk door te ontwikkelen. Daarvoor is het nodig om de projecten niet al kort na de start te evalueren, maar om daar wat langer de tijd voor te nemen. Een periode van een jaar is daar voor de meeste projecten te kort voor. Toetsing Conform het proces dat is vastgelegd in het raadsvoorstel ‘Afwegingskader investeringsfonds’ zijn alle aanvragen getoetst door een interne toetsgroep. Het advies van de interne toetsgroep is bijgevoegd als bijlage bij dit voorstel, inclusief de reactie van het college op de adviezen. Voorstellen voor een bedrag hoger dan € 500.000,- worden ook voorgelegd aan een externe toetsgroep.
Dit betreft de aanvragen ‘Impact gedreven inzet voor jeugd & gezinnen’ en ‘Preventie in de praktijk’. Op het moment van het schrijven van dit raadsvoorstel heeft de externe toetsgroep advies uitgebracht op de concept voorstellen. De opmerkingen van de externe toetsgroep worden verwerkt waarna de voorstellen voorgelegd worden voor een definitieve toets. De uitkomsten van de definitieve toets en de reactie van het college worden nagestuurd aan de raad tijdig voor de behandeling van dit raadsvoorstel. Beoogd effect Met deze voorstellen wordt een bijdrage geleverd aan het keren van de mechanismen uit Zoetermeer 2040 en aan het vergoten van de bestaanszekerheid en kansengelijkheid en het bevorderen van positieve gezondheid van de Zoetermeerse inwoners. Kader Raadsvoorstel “Afwegingskader Investeringsfonds op basis van Eneco-middelen” Toelichting aanvragen a) Basisbanen De basisbaan is een op maat gemaakte baan voor mensen die het op de gewone arbeidsmarkt niet redden. Het gaat om banen waar maatschappelijke taken worden uitgevoerd en waar mensen voor betaald krijgen. Een plek om weer aan sociale contacten te werken en om structuur te krijgen in het leven. De basisbaan biedt inwoners en organisaties kansen om bij te dragen aan de samenleving. Het welzijn van mensen neemt toe als ze een baan en eigen inkomen hebben.
Dit heeft weer een positief effect op wijken en de stad, doordat meerdere partijen samenwerken. Deze aanvraag is tevens een uitwerking van de motie ‘Basisbanen bieden kansen voor mens en stad’ b) Vindplaatsen verborgen schulden Met dit voorstel willen we een extra impuls geven op preventie, een outreachende hulpverlening en verhoging van het bereik van de schuldhulpverlening en inkomensvoorzieningen onder werkende minima. Hulp vragen is voor velen een grote stap; die stap maken wij graag zo klein mogelijk. We onderzoeken hoe we slimmer en beter kunnen worden in het bereiken van de doelgroep vanuit nieuwe vindplaatsen en in samenwerking met nieuwe partners. We zoeken daarvoor samenwerking met Zoetermeerse werkgevers in de aanval op schulden. Eenmaal in beeld, willen we werkgevers en werkende minima beter informeren, ondersteunen met snelle 6
oplossingen, waarbij het opkopen van (kleine) schulden centraal staat daar waar er perspectief is dat verdere financiële problematiek wordt voorkomen. Doel is om mensen een schuldzorgvrij toekomstperspectief te bieden die tevens gericht is op het bevorderen van gezond financieel gedrag. c) Onder de pannen Te weinig (betaalbare) woonruimte, schaarste op de woonmarkt leidt tot een groter groeiende groep, met name, economisch daklozen. Onder de Pannen is een landelijk initiatief gericht op het voorkomen van (economische) dakloosheid. Een belangrijk aspect is het buiten toepassing verklaren van de kostendelersnorm (= verminderen van de uitkering bij samen in één woning wonen), zodat mensen niet ontmoedigd of gestraft worden als zij anderen in huis nemen. Daarmee is Onder de Pannen een zeer interessante optie om te onderzoeken en te starten, als onderdeel van de motie ‘Meer maatwerk bij kostendelersnorm’. d) Impact gedreven inzet voor jeugd & gezinnen Met een investering uit het sociaal innovatiefonds kan het factorenmodel in Zoetermeer worden geïntroduceerd. Het factorenmodel is een wetenschappelijk onderzocht instrument voor het maken en uitvoeren van beleid o.b.v. een maatschappelijke kosten-baten analyse (MKBA). Het factorenmodel is voor jeugd al volledig beschikbaar en eenzelfde model is voor alle leeftijden in ontwikkeling.
Met de introductie van dit model kunnen aan de hand van kenmerken van de wijk bewezen effectieve vormen van ondersteuning worden gekozen die bijdragen aan de kansrijke en gezonde ontwikkeling van Zoetermeerse jeugdigen. e) Innovatief wijkgericht en integraal ondersteuningsaanbod gericht op preventie Met dit voorstel willen we wijkgerichte ondersteuningspakketten ontwikkelen om inwoners preventiever, effectiever en efficiënter te ondersteunen. De bedoeling is dat door inzet van deze methodiek de noodzaak van zwaardere zorg afneemt, en de kwaliteit van leven van inwoners toeneemt. Deze aanpak wordt specifiek afgestemd op en toegepast in zes wijken1. Hiermee willen we een extra impuls geven aan de kansengelijkheid en positieve gezondheid van inwoners door het zorg- & welzijnsaanbod te differentiëren in de wijken op basis van de behoefte, bevolkingssamenstelling en verwachte ontwikkelingen. De zo te creëren ‘Zoetermeerse methodiek’ is gericht op positieve gezondheid, mentaal welzijn en gezonde leefstijl, en wordt nadrukkelijk ontwikkeld in samenwerking met alle relevante partners. • De kansengelijkheid tussen inwoners van de verschillende wijken wordt vergroot door differentiatie in het aanbod van inZet, gericht op de sociale structuur van de wijken en de behoeften van de bewoners.
• Mensen met een hulpvraag worden ondersteund op basis van de beginselen van positieve gezondheid, zodat inwoners zelf de regie behouden over hun leven en zo min mogelijk structureel afhankelijk zijn van professionele ondersteuning. f) Positieve gezondheid en het huishouden We willen inwoners met een ondersteuningsvraag voorzien van praktische handvatten om het huishouden zelf te organiseren. Dat betekent omdenken en toch dicht bij de vraag van de inwoner blijven. Er dient een palet aan mogelijkheden gecreëerd te worden zodat inwoners met een ondersteuningsvraag zelf de regie kunnen houden in hun leven. Hierdoor neemt het beroep op maatwerkvoorzieningen Wmo af. Voor de ontwikkeling van dit palet aan mogelijkheden wordt een pilot gestart voor een periode van twee jaar. Dit om te leren en mogelijke successen te vertalen naar een stedelijke aanpak. We willen als impact dat oudere inwoners van Zoetermeer zo lang mogelijk zinvol, vitaal, zelfstandig te leven en zich gelukkig voelen. Daarnaast wordt werkgelegenheid gecreëerd aan de onderkant van de arbeidsmarkt. Dit is van belang in een tijd waarin steeds hogere kwalificaties gesteld wordt aan arbeid.
Buytenwegh De Leyens, Centrum (Dorp, Driemanspolder, Palenstein, Stadscentrum), Oosterheem, Rokkeveen, Meerzicht, NoordhoveSeghwaert 1
7
g) Preventie in de praktijk We willen bereiken dat huidige en toekomstige bewoners in Zoetermeer zich thuis voelen in de stad en in hun wijk, buurt. Daarvoor is bestaanszekerheid een voorwaarde. Het is cruciaal dat bewoners voldoende inkomen hebben, een geschikte woning en een veilige leefomgeving. Veel bewoners hebben nu te maken met schulden en armoede, wonen niet in een passende woning en ervaren de leefomgeving als onveilig. Dat gaan we op verschillende manieren aanpakken. Daarbij kiezen we voor een mensgerichte benadering en voorkomen we onnodige problemen en oplopende kosten voor ondersteuning. We brengen de menselijke maat terug. Om een goede start te maken kiezen we ervoor om deze benadering in één wijk te starten. Daar willen we investeren in het herstellen van de bestaanszekerheid, gezond leven gemakkelijker maken en de kansengelijkheid vergroten. Door deze drie ‘pijlers’ in samenhang en gericht in te zetten kunnen we maximaal effect bereiken. De kern van dit voorstel is dan ook een hefboomwerking: preventief investeren in het sociaal domein levert maatschappelijke besparingen op. Hiervoor sluiten we coalities met onze partners van Zoetermeer 2025. De samenhang binnen dit verband is eveneens cruciaal. We kiezen ervoor deze aanpak als eerste in de wijk Meerzicht toe te passen.
De visie ZM2040 en het Louter-onderzoek zijn belangrijke onderleggers die aantonen dat het starten met deze sociale innovatie in Meerzicht legitiem en noodzakelijk is. Het draagt bij aan de aansluiting bij de stad en voorkomt dat het gebied niet verder afglijdt. Met deze aanpak op maat van de wijk sturen we maximaal op impact. Tegelijkertijd leveren de effecten en inzichten van deze (baten)strategie, voordelen op die weer bruikbaar zijn in andere wijken van de stad. De aanpak met grote ambities zal stapsgewijs ontwikkeld worden volgens de methode van participatief actie-onderzoek. Niet op papier maar in de praktijk wordt al doende geleerd. Zo blijft de flexibiliteit behouden om te reageren op wijzigende omstandigheden. Voorstel/keuzemogelijkheden/risico’s 1. De bestemmingsreserve Sociaal Innovatiefonds in te stellen 2. Een bedrag van € 3.381.170 in het Sociaal Innovatie fonds te storten ten laste van de reserve Zoetermeer 2040 3. Dit fonds in te zetten voor het bereiken van de gewenste en noodzakelijke impact in het sociaal domein door een investeringsimpuls te geven aan ontwikkelingen die daar aan bijdragen.
In dit voorstel gaat het om de volgende projecten: a) Basisbanen b) Vindplaatsen verborgen schulden c) Onder de pannen d) Impact gedreven inzet voor jeugd & gezinnen e) Innovatief wijkgericht en integraal ondersteuningsaanbod gericht op preventie f) Positieve gezondheid en het huishouden g) Preventie in de praktijk 4. Voor de onder ad 3 genoemde projecten in de programmabegroting een budget op te nemen: a. op programma 1 van € 1.117.170 ten behoeve van de voorstellen 3 a, b en c ; b. op programma 2 van € 2.024.000 ten behoeve van de voorstellen 3 d, e, f, en g; c. van € 240.000 ten behoeve van de kosten voor een programmamanager sociaal innovatiefonds d. En deze budgetten per programma te dekken door een even grote onttrekking uit de Reserve Sociaal Innovatiefonds 5. De uit dit voorstel voortvloeiende begrotingswijzing vast te stellen 6. Motie 2111-12A: Basisbanen bieden kansen voor mens en stad als afgedaan te beschouwen.
8
Argumenten 1.1.+ 2.1. Dit is nodig om het sociaal innovatiefonds daadwerkelijk op te richten en te vullen De basis voor het sociaal innovatiefonds is het raadsvoorstel en -besluit ‘Afwegingskader investeringsfonds op basis van Eneco middelen’ d.d. 28 juni 2021. In het voorstel dat nu voorligt wordt gevraagd het sociaal innovatiefonds daadwerkelijk op te richten en te vullen met het budget voor de aanvragen in dit raadsvoorstel. 3.1.
Hiermee wordt een bijdrage geleverd aan het keren van de mechanismen uit Zoetermeer 2040 De hoofdlijnen uit Zoetermeer 2040 hebben elk in meer of mindere mate raakvlakken met het sociaal domein. Met de gevraagde investeringsimpuls wordt een bijdrage geleverd aan het realiseren van de noodzakelijke vernieuwing om deze mechanismen te keren. 3.2.
Dit is nodig om meer mensen te kunnen ondersteunen met minder geld en om bestaanszekerheid, kansengelijkheid en positieve gezondheid te vergroten In het afwegingskader voor het investeringsfonds is als doel opgenomen om meer mensen te ondersteunen met minder geld en om bestaanszekerheid, kansengelijkheid en positieve gezondheid te vergroten. De gevraagde investeringsimpuls draagt hieraan bij. 4.1+5.1. Dit is nodig om de financiering voor de voorgestelde projecten te realiseren De programmamanager sociaal innovatiefonds, en het budget daarvoor, is noodzakelijk voor de integrale uitvoering en verantwoording van de projecten. Om de voorgestelde projecten daadwerkelijk uit te kunnen voeren is het nodig dat de gevraagde middelen op de juiste plek in de begroting landen. 6.1. Met het toekennen van de gevraagde investeringsimpuls kan de motie beschouwd worden als afgedaan Kanttekeningen Geen. Financiën Voor de voorstellen wordt een beroep gedaan op middelen op basis van het investeringsfonds, voor het thema sociaal innovatiefonds. De claim ad 3.381.170 is voor de gezamenlijke aanvragen, indicatief gaat het om de volgende onderverdeling per aanvraag: a) b) c) d) e)
Basisbanen € 494.520 Vindplaatsen verborgen schulden € 385.000,Onder de pannen € 237.650,Impact gedreven inzet voor jeugd & gezinnen € 530.000,Innovatief wijkgericht en integraal ondersteuningsaanbod gericht op preventie € 464.000,f) Positieve gezondheid en het huishouden € 400.000,g) Preventie in de praktijk € 630.000, Een nadere onderbouwing is opgenomen in de uitgewerkte aanvragen in de bijlage. Voor de programmamanager sociaal innovatiefonds is rekening gehouden met een budget ad € 120.000 per jaar voor een periode van 2 jaar. Uitgangspunt is dat de investeringen leiden tot financiële of maatschappelijke baten. Het kan zowel gaan om kwalitatieve baten (in maatschappelijke zin) als om ‘harde euro’s’ (in de zin van een besparing op de uitgaven van de gemeente). Veelal gaat het om een combinatie van beiden: een preventief ondersteuningsaanbod leidt tot het voorkomen van problemen waardoor inwoners zich beter voelen én minder een beroep doen op dure ondersteuning. Projecten en andere ontwikkelingen die succesvol zijn worden onderdeel van de reguliere bedrijfsvoering. 9
Daarmee krijgen de resultaten een duurzame verankering naar de toekomst wat uiteindelijk bijdraagt aan de mate waarin het fonds revolverend is: we gaan op een andere manier denken en werken en dat betaalt zich op termijn uit. Op dit moment is dat nog moeilijk concreet te maken, dit maakt onderdeel uit van de reguliere verantwoording. Informatiebeveiliging, privacy en informatiebeheer (IPI) Niet van toepassing. Controleprotocol Het voorstel heeft geen gevolgen voor het controleprotocol. Participatie en Communicatie Bij de concrete uitwerking van de voorgestelde aanvragen worden alle relevante partners betrokken, uiteraard inclusief de inwoners die het betreft. Duurzaamheid Niet van toepassing. Toegankelijkheid en bruikbaarheid voor gehandicapten Waar van toepassing wordt rekening gehouden met het bevorderen van gelijke kansen door het verbeteren van de toegankelijkheid en bruikbaarheid van de stad voor gehandicapten. Rapportage en evaluatie Het college rapporteert via het reguliere traject van Tussenberichten en jaarrekening over de stand van zaken van het investeringsfonds, waaronder ook het thema sociaal innovatiefonds.
10