Bijlage 4 - Afdoeningsmemo motie 2206-58 “Geen voorrang voor statushouders in sociale huur” en toezegging 614
Tekst van het document
Aan De gemeenteraad van Zoetermeer
Zaakid 2023-034879
Van Het college/ Wethouders Weerwag en Ter Laak
Datum 24 april 2023
Onderwerp Motie 2206-58 Geen voorrang voor statushouders in sociale huur en toezegging 614
Bijlagen -
Op 27 juni 2022 heeft de gemeenteraad motie 2206-58: Geen voorrang voor statushouders in sociale huur aangenomen. In de motie verzoekt de raad het college om: - Het uitgangspunt te hanteren dat statushouders niet langer voorrang krijgen bij de toewijzing van sociale huurwoningen maar in te zetten op flexwoningen, tijdelijke woningen en noodwoningen om aan de taakstelling te voldoen; - Hiertoe een plan van aanpak te realiseren en de nodige wijzigingen aan te brengen in de huisvestingsverordening Zoetermeer dan wel andere relevante beleidsdocumenten. Inleiding Het college moet voldoen aan landelijke taakstelling voor de huisvesting van statushouders. Wanneer de taakstelling hoog is, brengt dat uitdagingen met zich mee. De statushouders die aan Zoetermeer zijn gekoppeld willen we zo snel mogelijk laten integreren door middel van inburgering en werk. Randvoorwaarde om te kunnen leren en werken is dat er voldaan wordt aan basisvoorwaarden zoals goede huisvesting en bestaanszekerheid. Het niet regelen van huisvesting voor statushouders belemmert de mogelijkheden om te kunnen integreren in onze samenleving. Het college heeft op verzoek van de gemeenteraad grondig onderzocht welke alternatieven er zijn voor huisvesting in de corporatievoorraad. Conclusie Het college kan de motie niet uitvoeren.
Door statushouders niet langer direct te bemiddelen naar een corporatiewoning raakt het vervullen van de taakstelling nog verder uit beeld. Verkenning huisvesting van statushouders Het college heeft de afgelopen periode alle opties voor de huisvesting van statushouders verkend: 1. Voorzetten huidige werkwijze: huisvesting in de corporatievoorraad 2. Niets doen 3. Zelf vastgoed kopen 4. Hotel- en accomodatieregeling (HAR) 5. Tijdelijke huisvesting op eigen vastgoedlocaties. 6. Vastgoed van derden 7. Flexwonen Alle opties kennen een van onderstaande nadelen: - Het verhuren van woningen is geen gemeentelijke taak. Dit geldt voor optie: 3, 4 en 5. - De gemeente is afhankelijk van medewerking van andere partijen. Dit geldt voor optie: 1 en 6. - De statushouders worden tijdelijk gehuisvest. De gemeente blijft verantwoordelijk voor vervolghuisvesting. Dit geldt voor optie 4, 5, 6 en 7.
-
De optie gaat ten koste van bestaande maatschappelijke of economische functies. Dit geldt voor optie 2, 4, 5 en 6. Verschillende opties vergen investeringen van de gemeente. Dit geldt voor optie 3, 4, 5 en 7. Optie 2 gaat de gemeente geld kosten, omdat de provincie uiteindelijk de huisvesting dan namens en op kosten van de gemeente Zoetermeer zelf gaat organiseren.
Het voortzetten van de huidige werkwijze is de meest effectieve manier om de taakstelling te realiseren en hieraan kleven ook de minste praktische, financiële, organisatorische, maatschappelijke en economische nadelen. Huishoudens met statushouders worden in de corporatievoorraad namelijk passend gehuisvest, zodat de inburgering kan starten. Hiermee wordt de taakstelling blijvend gerealiseerd in bestaande woningen. De afdoening van moties vindt drie keer per jaar plaats. In dat kader stelt het college de raad voor om motie 2206-58 als afgedaan te beschouwen.
Tijdens het debat over de concept huisvestingsverordening op 27 maart 2023 heeft het college toegezegd dat “bij de afdoening van motie “2206-58 PVV – Geen voorrang statushouders sociale huur”, de processen m.b.t. de voorrang van statushouders bij het toekennen van sociale huurwoningen te verduidelijken.” Hoe werkt de huisvesting van statushouders in de praktijk? Achtereenvolgens wordt hieronder ingegaan op de praktische werking en wettelijke grondslag van de taakstelling statushouders, de huidige praktijk van de huisvesting (verankerd in de huisvestingsverordening) en een beschrijving van de doelgroep statushouders. Taakstelling statushouders Alle Nederlandse gemeenten krijgen jaarlijks een taakstelling voor de huisvesting van statushouders opgelegd door de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid. Deze taakstelling is geregeld via Huisvestingswet 2014 Hoofdstuk 5 paragraaf 1. De statushouders worden verdeeld op basis van het inwoneraandeel van Zoetermeer ten opzichte van Nederland. Gemeenten zijn verplicht en als enige verantwoordelijk om de taakstelling te realiseren. De provincies zien hierop toe. Huidige praktijk van de huisvesting In Zoetermeer wordt de huisvesting van statushouders geregeld via de Huisvestingsverordening Zoetermeer 2019, artikel 3:11, lid 1a. Hierin is geregeld dat woningcorporaties statushouders een woning aan kunnen bieden via ‘directe aanbieding’.
Dat betekent dat deze woning niet wordt gepubliceerd op WoonnetHaaglanden, het regionale woonruimteverdeelsysteem. Het college maakt prestatieafspraken met de lokale woningcorporaties: De Goede Woning, Vestia en Vidomes, over hoeveel bijzondere doelgroepen (waaronder statushouders) zij jaarlijks huisvesten. Ze is daarbij afhankelijk van woningcorporaties aangezien de gemeente Zoetermeer zelf geen woningen bezit. Beschrijving doelgroep statushouders Met statushouders worden asielzoekers met een verblijfsstatus bedoeld. Statushouders wonen voordat ze in gemeenten zijn gehuisvest, in asielzoekerscentra naast asielzoekers zonder verblijfsstatus. Dat is een situatie die voor sommigen al jaren duurt. Gedurende deze periode kan een statushouder niet starten met inburgeren, integreren of werken. Een dak boven het hoofd is een eerste levensbehoefte die op orde moeten zijn om open te staan voor integratie in onze samenleving. De huishoudens statushouders die de afgelopen 4 jaar zijn gehuisvest bestaan voor de helft uit 1- en 2persoonshoudens en helft uit gezinnen met kinderen. Huishoudens met een statushouder hebben op het moment van huisvesting zowat allemaal een inkomen onder 120% van het sociaal minimum. Dat betekent dat zij volledig afhankelijk zijn van betaalbare sociale huurwoningen (hoogstens circa 650 euro per maand) voor huisvesting.
Tot slot bestaat de doelgroep voor 30% uit jongeren onder de 27 jaar en ongeveer 10% uit huishoudens boven de 65 jaar1. Voorgesteld wordt om toezegging 614 als afgedaan te beschouwen.
1 Bron: Explica (2022) “Aanbodontwikkeling Zoetermeer”, 5 september 2022
Bijlage I: stand van zaken huisvesting statushouders De taakstelling en realisatie van de huisvesting voor statushouders ziet er de afgelopen 4 jaar als volgt uit. De taakstelling voor het eerste half jaar van 2023 bedraagt 151 statushouders. De taakstelling voor de tweede helft van 2023 is nog niet gepubliceerd. Het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties heeft wel schriftelijke laten weten dat deze minimaal even hoog zal zijn als de taakstelling voor het eerste half jaar van 2023. Jaar
Taakstelling
Realisatie
Te realiseren Sociale huur naar statushouders
Verhuringen sociale huur
%
Aantal
Aantal
2019 2020
123 80
128 90
-5 -10
4,3% 3,5%
45 35
1.029 971
2021 2022
174 2052
127 2163
37 -11
3,5% 8,4%
46 81
1.222 965
Voor technische vragen kunt u zich wenden tot: Naam : Paul Seitzinger Telefoon : +31793469732 E-mailadres : P.Seitzinger@zoetermeer.nl
2 Bron: Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, “Overzicht huisvesting vergunninghouders 1 juli
2022” (inclusief de achterstand van 38 statushouders op 1-1-2022) 3 Bron: Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, “Overzicht huisvesting vergunninghouders 1 januari 2023”