Bijlage 3 - Collegereactie op het advies van de ASD
Tekst van het document
> Retouradres Postbus 15, 2700 AA Zoetermeer
Adviesraad Sociaal Domein Zoetermeer Stadhuisplein 1 2711EC ZOETERMEER
Bezoekadressen Engelandlaan 502 2711 EB Zoetermeer Stadhuisplein 1 2711 EC Zoetermeer Postadres Postbus 15 2700 AA Zoetermeer Telefoon 14 079 www.zoetermeer.nl
Onderwerp: collegereactie op uw advies van 22 juli
Datum 23 juli 2024 Uw kenmerk Adviesraad sociaal domein 2024-02
Beste voorzitter en leden van de adviesraad,
Ons kenmerk 2024-132337 Bijlagen 1
Het college spreekt zijn dank uit voor het door u uitgebrachte advies inzake de adviesaanvraag van het college van 18 april jl. In de overleggen die de gemeente en de adviesraad voorafgaand met elkaar hebben gehad, hebben we stilgestaan bij de noodzakelijkheid om huishoudelijke ondersteuning op een vernieuwende manier in te richten. Het college en de adviesraad voelen beiden duidelijk deze noodzaak vanwege de toenemende vergrijzing in Zoetermeer en de dreigende krapte op de arbeidsmarkt. In de overleggen kwam ook aan de orde dat het college en de adviesraad op bepaalde onderdelen anders kijken naar de mogelijkheden hoe we huishoudelijke ondersteuning kunnen vernieuwen. De wijze van uitvoering van de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 (Wmo) staat namelijk voor een belangrijk deel vast. Hierdoor zijn bepaalde ideeën, zoals resultaatgericht indiceren, (nog) niet mogelijk. Het college zal de Wmo binnen de wettelijke kaders en jurisprudentie innoveren en uitvoeren. Het college deelt het advies van de adviesraad om de gewenste situatie in beeld te houden en binnen de wetgeving naar ruimte te zoeken voor innovatie. Het college zal dit o.a. doen voor de inkoop van nieuwe huishoudelijke ondersteuning in 2025. In bijlage 1 gaat het college nader in op het advies van de adviesraad.
Met vriendelijke groet, Namens burgemeester en wethouders van Zoetermeer,
de secretaris, B.J.D. Huykman
de burgemeester, drs. M.J. Bezuijen
Bijlage 1: reactie college per advies van de adviesraad 1. Goed om nu maatregelen te nemen om demografische ontwikkelingen en ontwikkelingen op de arbeidsmarkt te kunnen opvangen. De ASD adviseert de horizon niet op 2027 te leggen maar verder vooruit te kijken. Reactie college: de adviesraad en het college delen het besef van urgentie om huishoudelijke ondersteuning nu aan te gaan passen op de te verwachten demografische ontwikkeling. De horizon van dit beleid gaat voorbij 2027. Het college gaat daarbij uit van de looptijd van de nieuwe raamovereenkomst die per 1-11-2025 ingaat. Deze looptijd is in principe 4 jaar. In die periode kunnen wet- en regelgeving veranderen waarop geanticipeerd dient te worden. Het is daarom belangrijk om ook in visie en beleid ruimte te bewaren om in te spelen op veranderingen. 2. De ASD adviseert om het concept “positieve gezondheid” te omarmen en concreet uit te werken om preventie in algemene zin vorm te geven waarmee een beroep op de WMO kan worden verminderd en/of uitgesteld. Reactie college: we delen het advies van de ASD om het concept van positieve gezondheid concreet uit te werken om preventie in brede zin vorm te geven. Dit heeft het college onder andere gedaan in de nota Preventief Gezondheidsbeleid. In deze nota is de visie op positieve gezondheid uitgewerkt in preventieve doelen.
Aan deze doelen wordt vanuit verschillende programma’s gewerkt in de stad. Voorbeelden van concrete activiteiten voor ouderen zijn: • • • •
Signalerend huisbezoek (wordt gedaan op basis van een vragenlijst die uitgaat van positieve gezondheid); De inzet van een preventieverpleegkundige bij (kwetsbare) ouderen, wijkgericht en ook vanuit positieve gezondheid; Voorlichting over gezonde voeding door diëtisten; Verschillende (beweeg)activiteiten van het netwerk BRAVO (Brede activiteiten voor ouderen), georganiseerd door het domein sport en vrije tijd.
Het college beseft dat preventie in brede zin een goed middel is om een beroep op de Wmo te voorkomen of uit te stellen, en werkt hier al aan. In het plan Integraal werken aan een gezonde stad kunt u lezen welke thema’s en doelen hiervoor worden aangepakt. Voorbeelden van de manier waarop we samen met onze partners aan een gezonde stad werken, zijn te vinden op Activiteiten – Samen Gezond (samenzoetermeergezond.nl). 3. De ASD adviseert het toepassen van dit concept sec op de huishoudelijke ondersteuning te laten varen. Verenging van het begrip positieve gezondheid doet dit concept geweld aan en leidt tot een weinig respectvolle benadering van inwoners. Reactie college: wij passen het concept van positieve gezondheid breder toe dan alleen binnen de huishoudelijke ondersteuning (zie ook de reactie bij advies 2). Het college is namelijk positief over het concept van positieve gezondheid in het algemeen én in het huishouden. Het principe van positieve gezondheid gaat uit van de mogelijkheden en kracht van mensen in plaats van wat ze niet kunnen. Deze
benadering is ook toepasbaar als mensen belemmeringen ervaren bij het uitvoeren van huishoudelijke activiteiten. Uit de pilot met Powerful Ageing blijkt dat sommige mensen die een beroep doen op Wmo, met fysieke training (zeker op langere termijn) beter zijn geholpen dan met overname van huishoudelijke activiteiten. Door de training voelen zij zich fitter, kunnen zij beter omgaan met hun beperkingen en hebben zij geen huishoudelijke ondersteuning meer nodig. Wat betreft het college is dit een goed voorbeeld van positieve gezondheid. Als dit concept goed wordt toegepast, vindt het college dit de meest respectvolle benadering van inwoners. Daarbij is altijd sprake van maatwerk. Als duidelijk is dat iemand wel huishoudelijke ondersteuning nodig heeft, moet iemand dat ook krijgen. Het college vindt niet dat mensen eerst moeten trainen als dat niet past bij hun hulpvraag. 4. Gezien de ernst van de situatie is de huidige (her) indicatie-systematiek zeker op termijn niet houdbaar. De huidige werkwijze leidt tot een rigide individueel recht op hulp dat door geld- en personeelsgebrek niet kan worden waargemaakt. De bijbehorende frustratie, claimcultuur en afstand tussen gemeente en inwoner is ongewenst. De ASD adviseert een systematiek waarbij de gemeente de noodzaak voor hulp vaststelt. Waar aanbieder/ professional in samenspraak met de betrokken inwoner de hulp flexibel inzet.
Waar frequent aandacht is voor de situatie waarin iemand verkeert, waarbij de informatie van huishoudelijke hulpen wordt benut en die uitgaat van begrip over en weer. Een systematiek die niet leunt op wantrouwen (beheersing) en bureaucratie maar op vertrouwen in aanbieders/professionals en inwoners binnen heldere financiële kaders. Reactie college: de wetgever heeft het college de rol gegeven om te bepalen welke ondersteuning past bij de hulpvraag van een inwoner. Het college wil deze rol correct uitvoeren en een goede balans vinden tussen doelmatigheid en rechtmatigheid. We zijn daarom gestart met een toegangsteam voor de Wmo dat meldingen screent op o.a. juistheid en urgentie, en herindicaties verkort afdoet. Dit scheelt veel tijd waardoor inwoners sneller kunnen worden geholpen. Voor de nieuwe huishoudelijke ondersteuning krijgt dit toegangsteam ook een rol in de verkorte toekenning van huishoudelijke ondersteuning niveaus 1 en 2. Daarnaast wil het college de samenwerking met aanbieders intensiveren om de ondersteuning zo goed mogelijk aan te laten sluiten op de hulpvraag van een inwoner. Echter, het volledig flexibel maken van ondersteuning is (nog) niet mogelijk. Het college moet volgens de Centrale Raad van Beroep indiceren in voor de inwoner duidelijk gedefinieerde tijdseenheden. Dit ter bescherming van de rechtspositie van de hulpvrager.
We mogen aanbieders daarom ook niet met de inwoner zelf laten bepalen hoeveel huishoudelijke ondersteuning de inwoner krijgt. 5. De ASD realiseert zich dat de huidige landelijke regelgeving het vormgeven van een andere aanpak kan bemoeilijken. De ASD adviseert om de gewenste situatie hierdoor niet uit het oog te verliezen maar wanneer nodig te zoeken naar de ruimte die de huidige regelgeving biedt dan wel toe te werken naar meer passende regelgeving (veel gemeenten zijn zoekende). Reactie college: we delen het advies van de adviesraad om de gewenste situatie in beeld te houden en binnen de wetgeving naar ruimte te zoeken voor innovatie. Het
college heeft hiervoor een innovatief project uitgevoerd aangaande de huishoudelijke ondersteuning en zal de resultaten hiervan verwerken in het inkooptraject dat in 2025 zal worden uitgevoerd. En het college zal de ontwikkelingen in wet-, regelgeving en jurisprudentie nauwlettend in de gaten houden om ruimte voor nieuwe innovaties te vinden.