CConstaterende datZoetermeer
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 2 - GEWIJZIGDE Concept accountantsverslag (update 12 juni 2026)

Raadsvergadering 18 juni 2026, gemeente ZoetermeerBij agendapunt: Resultatendebat Jaarstukken 2025 (exclusief stemmingen)13.515 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

De controle is grotendeels gereed. De planning is dat wij op 25 juni 2026 de controleverklaring zullen verstrekken.

CONCEPT Accountantsverslag 2025

Aan de gemeenteraad van de gemeente Zoetermeer Postbus 15 2700 AA ZOETERMEER Onderwerp Accountantsverslag 2025 Datum 12 juni 2026 Kenmerk 312021003.26.298

Geachte leden van de gemeenteraad, Wij hebben de controle van de jaarrekening 2025 van uw gemeente afgerond. De jaarrekening van gemeente Zoetermeer is opgesteld onder verantwoordelijkheid van het college van burgemeester en wethouders. Met dit accountantsverslag informeren wij u over onze belangrijkste controlebevindingen. Op 8 april 2026 hebben wij (een deel van) de bevindingen in dit accountantsverslag afgestemd met Concerncontrol, het afdelingshoofd F&C en een afvaardiging van de afdeling F&C. Wij hebben een concept van dit accountantsverslag besproken op 20 april 2026 met de wethouder Financiën en op 26 mei 2026 met de auditcommissie. Bij de jaarrekening 2025 hebben wij op 25 juni 2026 een goedkeurende controleverklaring afgegeven. Ons accountantsverslag is bedoeld om u te ondersteunen in de beoordeling van de jaarrekening 2025. De bevindingen en beschouwingen in dit verslag komen voort uit onze controlewerkzaamheden en diverse besprekingen die wij met uw medewerkers hebben gevoerd. Voor de goede orde vermelden wij dat uw controlerende taak uiteraard verder gaat dan uitsluitend het financieel getinte perspectief vanuit de accountantscontrole. Wij maken u erop attent dat voor dit accountantsverslag een beperkte verspreidingskring geldt. Het accountantsverslag is uitsluitend bestemd voor de gemeenteraad en het college van burgemeester en wethouders.

Wij geven u toestemming om dit accountantsverslag (zonder de persoonlijke handtekening) te publiceren via de agenda’s van de raadscommissies en de gemeenteraad.

Met vriendelijke groet, Publieke Sector Accountants B.V.

W. Kalkman RA

Publieke Sector Accountants B.V. is ingeschreven in het handelsregister van de Kamer van Koophandel te Utrecht onder nummer 69411409.

Inhoudsopgave Contact: De volgende personen kunnen benaderd worden bij vragen met betrekking tot dit accountantsverslag:

Wouter Kalkman 06 – 2127 2977 wkalkman@psa-ra.nl

Managementsamenvatting .................................... 2 1. Onze controleaanpak en de uitkomsten daarbij . 1 2. Financiële positie en resultaat ............................ 6 3. Bevindingen eindejaarscontrole ....................... 12 4. Interne beheersing ........................................... 28 5. Overige aangelegenheden ................................ 30

Sylvia Jansen 06 – 1321 3929 sjansen@psa-ra.nl

6. Aandachtspunten auditcommissie ................... 38 7. Bijlage: verplichte tabel SiSa ............................. 43

Managementsamenvatting

Aanpak en uitkomsten

Financiële positie

Bevindingen controle

Interne beheersing

Overige onderwerpen

Audit Commissie

Bijlage

Managementsamenvatting Algemeen beeld

Belangrijkste bevindingen en adviezen

De controle van uw gemeente verloopt over het algemeen goed. Uw organisatie is goed in staat om een kwalitatief goede jaarrekening op te stellen inclusief het bijbehorende balansdossier. Wij merken op dat een aantal dossiers hardnekkig niet voldoen aan de afspraken die wij daarover maken. Een voorbeeld is de overlopende activa en passiva, waar uw gemeente inmiddels verbeterslagen voor aan het maken is. Tegelijkertijd is het aantal regelingen in de SiSa-bijlage onverminderd hoog en heeft uw gemeente moeite om alle SiSa-regelingen tijdig aan te leveren voor de accountantscontrole.

Centraal in onze controle staan risico’s die verband houden met schattingen en/of fraude. Schattingen kunnen namelijk de getrouwheid van de jaarrekening beïnvloeden door schattingsonzekerheden. Voor fraude geldt dat het opzettelijk is waardoor dit minder snel zal worden ontdekt door de interne en externe controle. De voornaamste schattingsposten in uw jaarrekening zijn de voorzieningen. Bij frauderisicofactoren richten wij ons met name het aspect prestatielevering en op handmatige betalingen.  

De samenwerking hebben wij als prettig ervaren. Onze belangrijkste conclusie De strekking van onze controleverklaring bij uw jaarrekening 2025 is goedkeurend. Er is sprake van een bedrag van € 815.000 aan ongecorrigeerde fouten en voor € 1.119.000 aan onzekerheden. Uw rechtmatigheidsverantwoording Het college van burgemeester en wethouders heeft rechtmatigheidsfouten geconstateerd die groter zijn dan de verantwoordingsgrens. Er is sprake van rechtmatigheidsfouten op het gebied van begrotingsrechtmatigheid (€ 6,43 miljoen bruto en € 3,16 miljoen netto) en het voorwaardecriterium (€ 1,40 miljoen) voornamelijk rechtmatigheid van inkopen.

Aanpak en uitkomsten

Financiële positie

Bevindingen controle

Advies om de onzekerheden in het sociaal domein op te lossen. Wij adviseren om voor de overlopende activa en passiva (inclusief de overlopende posten rondom de SiSa-regelingen) een uniform proces in te richten, waarbij alle verantwoordelijken op dezelfde wijze boekingen (en onderbouwingen) voor vorderingen en verplichtingen aanleveren. Daarnaast adviseren wij om alvorens de jaarrekening aan te leveren voor de controle intern een extra check uit te voeren op alle opgenomen vorderingen en verplichtingen. De controle van de overlopende posten heeft ons erg veel tijd gekost. Wij hebben vernomen dat in 2026 stappen worden genomen om hier verbeteringen in aan te brengen. Het op een juiste en volledige manier van het verwerken van lasten (inkoopfacturen) is een aandachtspunt. De fout bedraagt afgerond € 815.000. Deze lasten zitten nu in de administratie 2026.

Interne beheersing

Overige onderwerpen

Audit Commissie

Bijlage

Financieel resultaat Het gerealiseerd totaalsaldo van baten en lasten in 2025 bedraagt € 5,6 miljoen voordelig. Uw eigen vermogen neemt als gevolg daarvan met dit bedrag toe. Per saldo is tussentijds € 19,6 miljoen onttrokken aan de reserves, zodat het uiteindelijk gerealiseerde resultaat over 2025 € 25,2 miljoen voordelig bedraagt.

Aanpak en uitkomsten

Financiële positie

Bevindingen controle

Interne beheersing

Overige onderwerpen

Audit Commissie

Bijlage

1

1.

Onze controleaanpak en de uitkomsten daarbij

Aanpak en uitkomsten

Financiële positie

Bevindingen controle

Interne beheersing

Overige onderwerpen

Audit Commissie

Bijlage

Reikwijdte van de controle

1

1. Onze controleaanpak en de uitkomsten daarbij Met de opdrachtbevestiging van 11 augustus 2025 (kenmerk 312021003.25.574) heeft u ons de opdracht gegeven tot het controleren van de jaarrekening 2025. De reikwijdte van onze controle staat omschreven in deze opdrachtbevestiging. Er is gedurende het verloop van de controle op geen enkele wijze sprake geweest van een beperking in de reikwijdte van onze controle. De doelstelling van de controle is het afgeven van een controleverklaring bij de jaarrekening van gemeente Zoetermeer. In dit accountantsverslag geven wij een toelichting op de bevindingen naar aanleiding van de controle. Onze controle wordt verricht in overeenstemming met Nederlands recht, waaronder de Nederlandse Controlestandaarden en de beleidsregels toepassing Wet normering topinkomens (WNT). Tijdens de uitvoering van de oorspronkelijke controleplanning hebben zich geen wijzigingen van materieel belang in de reikwijdte voorgedaan. Wij achten de reikwijdte van onze controle voor 2025 voldoende voor de doelstelling van onze controle.

Materialiteitsbepaling is overeenkomstig het vastgestelde controleprotocol

De wijze waarop wij de materialiteit bepaald hebben, sluit aan op de door de gemeenteraad op 3 november 2025 vastgestelde ”Controleprotocol 2025”, inclusief het normenkader. De maximaal toe te passen marges voor de accountantscontrole zijn vastgelegd in het Besluit accountantscontrole decentrale overheden (het Bado). De bij onze controle van de jaarrekening 2025 toegepaste goedkeuringstoleranties bedragen derhalve:

Bron: jaarrekening 2025

Fouten & onzekerheden

Goedkeuringsmaterialiteit 2% (was in 2024 nog 1%)

€ 10,8 miljoen

De gemeenteraad heeft in het controleprotocol de rapporteringstolerantie vastgesteld op € 100.000. De gemeenteraad heeft een besluit genomen op 3 november 2025 dat de verantwoordingsgrens voor de rechtmatigheidsverantwoording 1% van de lasten exclusief de dotatie aan de reserves bedraagt. De rapporteringsgrens voor de paragraaf bedrijfsvoering is gesteld op € 100.000 op basis van een besluit van de gemeenteraad op 3 november 2025.

Aanpak en uitkomsten

Financiële positie

Bevindingen controle

Interne beheersing

Overige onderwerpen

Audit Commissie

Bijlage

Voor de jaarrekeningcontrole 2025 onderkennen wij een aantal risico’s en aandachtspunten, die een verhoogd (bruto) risico met zich mee (kunnen) brengen op een materiële fout in uw jaarrekening en die een mogelijke impact op de bedrijfsvoering kunnen hebben. De risico’s en aandachtspunten zijn hieronder weergegeven. Opname van een risicogebied of aandachtspunt in deze opsomming betekent niet dat er sprake is van risico’s die zich daadwerkelijk voordoen, maar zijn enkel bedoeld om aan te geven dat wij hier tijdens onze controle (extra) aandacht aan hebben besteed. Het inschatten als risico is inherent aan deze posten en is geen gevolg van verwachte leemten in de interne beheersing van uw gemeente. Ook is sprake van inschattingen van bruto risico’s, alvorens eventuele beheersmaatregelen zijn genomen. Risico’s voor de jaarrekening 2025 Verslaggeving  Bestaan en waardering van activa als gevolg van schattingselementen (inschatting van levensduur en restwaarden).  De waardering en risico inschatting met betrekking tot lopende grondexploitaties, inclusief de geldende regels rondom het tussentijds winstnemen.  Verwerking van reservemutaties als gevolg van wijzigingen in de Kadernota rechtmatigheid van de commissie BBV in 2018. Hierin is opgenomen dat mutaties in bestemmingsreserves in principe één-op-één het raadsbesluit volgen.

 De verantwoording en waardering van voorzieningen (met name de voorzieningen groot onderhoud) in relatie tot de aanwezigheid van actuele beheerplannen en andere onderbouwingen.  Uw fiscale positie in het kader van de vennootschapsbelasting (Vpb). Interne beheersing  “Management override of controls”. Dit betreft de mogelijkheid die het management heeft om specifieke controlemaatregelen te omzeilen, bijvoorbeeld door memoriaalboekingen of het schattingsproces. De specifieke aandacht voor dit risico is voorgeschreven vanuit de controlerichtlijnen en is niet uniek voor de gemeente Zoetermeer.  De naleving van de (Europese) aanbestedingsregels.  Naleving van de (Europese) aanbestedingsregels en het onderkend corruptierisico hierbij.  Het risico op het ontbreken van een prestatieverklaring in het inkoopproces.  Het risico op een onrechtmatige handmatige betaling.  Risico’s en onzekerheden in het sociaal domein, waaronder prestatielevering Wet Maatschappelijke Ondersteuning (hierna: WMO) en de Jeugdwet.  De actualiteit van de gevoerde administratie(s), gericht op de betrouwbaarheid van de (tussentijdse) informatievoorziening.  De voortgang en status van de (noodzakelijke en gewenste) verbeteringen met betrekking tot de kwaliteit van de interne beheersing in relatie tot de af te geven collegeverklaring rechtmatigheid.  De kwaliteit van de IT-beheersomgeving.

Aanpak en uitkomsten

Financiële positie

Bevindingen controle

Interne beheersing

Overige onderwerpen

Audit Commissie

Bijlage

2

Onze aanpak is gericht op risico’s

De jaarrekening voldoet aan het BBV

3

Ter voorkoming van een materiële fout in de jaarrekening heeft u voor risicogebieden beheersmaatregelen getroffen. Wij hebben ons bij de controle gericht op de opzet en het bestaan van de door u ingerichte beheersingsomgeving, die deze risico’s moeten verkleinen. Voor een toelichting op een aantal onderkende risico’s en aandachtpunten verwijzen wij naar hoofdstuk 3. ‘bevindingen eindejaarscontrole’. Daarnaast verwijzen wij u naar onze bevindingen in hoofdstuk 4. ‘Interne beheersing’.

Significante verslaggevingsgrondslagen en de toepassing hiervan zijn belangrijk voor de presentatie van de financiële positie en de baten en lasten van gemeente Zoetermeer. Daarnaast vereisen zij van het college van burgemeester en wethouders het toepassen van oordeelsvorming ten aanzien van moeilijke, subjectieve en complexe posities, die vaak – vanwege de noodzaak om inschattingen te moeten maken over het effect van zaken – inherent onzeker zijn. De belangrijkste verslaggevingsgrondslagen van gemeente Zoetermeer zijn uiteengezet in de jaarstukken 2025 in onderdeel ‘Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling’. Wij hebben het door het college van burgemeester en wethouders toegepaste proces voor belangrijke verslaggevingsgrondslagen geëvalueerd en hebben gegevensgerichte controlewerkzaamheden uitgevoerd. Wij hebben de toepassing van de juiste methodiek, de aannames, de berekeningen en de consistente toepassing van de betrokken modellen en/of de van toepassing zijnde financiële verslaggeving beoordeeld. Wij zijn van mening dat de verslaggevingsgrondslagen en de toegepaste inschattingen redelijk zijn en consistent zijn gebruikt: de jaarstukken voldoen aan het BBV (Besluit begroting en verantwoording).

De baten en lasten, alsmede balansmutaties met betrekking tot specifieke uitkeringen zijn rechtmatig

Op basis van uw controleprotocol en normenkader hebben wij de naleving van het financieel rechtmatigheidskader voor uw gemeente met betrekking tot de specifieke uitkeringen gecontroleerd. Hierbij zijn geen materiële bijzonderheden geconstateerd. Uw gemeente maakt gebruik van 40 specifieke uitkeringen, deze zijn verantwoord via de SiSa-bijlage in uw jaarrekening.

De rechtmatigheidsverantwoording in de jaarrekening overschrijdt de verantwoordingsgrens

In de jaarrekening 2025 legt uw college van burgemeester en wethouders verantwoording af over een drietal rechtmatigheidscriteria die niet expliciet blijken uit het getrouw opnemen van de baten en lasten alsmede de balansmutaties. Dit betreffen het begrotings-, voorwaarden-, en misbruik- en oneigenlijk gebruik criterium. In deze rechtmatigheidsverantwoording licht het college toe in hoeverre bij de in de jaarrekening verantwoorde baten en lasten, alsmede de balansmutaties het begrotings-, voorwaarden-, en misbruik- en oneigenlijk gebruik criterium zijn nageleefd. Dit houdt in dat de verantwoorde baten en lasten, alsmede de balansmutaties in overeenstemming zijn met door de gemeenteraad vastgestelde kaders zoals de begroting en verordeningen en met bepalingen in de

Onze conclusie is derhalve dat de baten en lasten, alsmede de balansmutaties met betrekking tot specifieke uitkeringen, rechtmatig zijn weergegeven in de jaarrekening 2025.

Aanpak en uitkomsten

Financiële positie

Bevindingen controle

Interne beheersing

Overige onderwerpen

Audit Commissie

Bijlage

Deze verantwoording hanteert een grensbedrag omdat alleen de van belang zijnde aspecten in de verantwoording hoeven te worden betrokken. Deze grens is door de gemeenteraad bepaald en bedraagt 1% van de totale lasten exclusief toevoegingen aan de reserves en is daarmee vastgesteld op € 5,4 miljoen. Er zijn afwijkingen geconstateerd die bij elkaar opgeteld boven dit grensbedrag uitkomen en zijn toegelicht in de rechtmatigheidsverantwoording in uw jaarrekening.

Geïdentificeerde fouten in de jaarstukken

Naar aanleiding van onze jaarrekeningcontrole resteren er ongecorrigeerde afwijkingen. De door ons gerapporteerde bevindingen zijn niet materieel (dus hebben geen invloed op de strekking van onze controleverklaring). De overige bevindingen zijn naar onze mening van belang voor uw beoordeling van de jaarstukken en de verdere kwaliteitsverbetering van de administratieve organisatie en interne beheersing. Voor de (niet materiële) fouten en tekortkomingen in de jaarstukken verwijzen wij u naar de diverse onderdelen van dit rapport.

Goedkeurende controleverklaring voor getrouwheid

Wij zijn van oordeel dat de jaarrekening 2025 van gemeente Zoetermeer een getrouw beeld geeft van het eigen vermogen op 31 december 2025 en het resultaat over 2025. Hierbij geldt als voorwaarde dat de door ons gecontroleerde jaarrekening ongewijzigd door de gemeenteraad wordt vastgesteld. Wij verzoeken u derhalve ons een door voorzitter en de griffier ondertekend besluit van de vastgestelde jaarrekening te verstrekken. Mochten nog wijzigingen worden aangebracht in de definitieve versie van de jaarrekening dan dienen wij deze te beoordelen alvorens onze controleverklaring hierbij mag worden opgenomen.

Aanpak en uitkomsten

Financiële positie

Bevindingen controle

Interne beheersing

Overige onderwerpen

Audit Commissie

Bijlage

4

relevante wet- en regelgeving. Bij de waarderingsgrondslagen in de jaarrekening is het door de gemeenteraad vastgestelde normenkader van de relevante wet- en regelgeving verder toegelicht.

5

2.

Financiële positie en resultaat

Aanpak en uitkomsten

Financiële positie

Bevindingen controle

Interne beheersing

Overige onderwerpen

Audit Commissie

Bijlage

6

2. Financiële positie en resultaat Uw financiële positie in 1 oogopslag 2025 Ontwikkeling eigen vermogen (bedrag keer 1 miljoen)

Totale lasten

€ 539 miljoen

Totale baten

€ 545 miljoen

400 350 300 250 200 150

6,7

Weerstandsratio

100 50 -

2018

2019

2020

Aanpak en uitkomsten

2021

2022

2023

Financiële positie

2024

2025

Bevindingen controle

57%

Solvabiliteitsratio

Interne beheersing

Overige onderwerpen

Audit Commissie

Bijlage

7 De vermogenspositie van uw gemeente neemt in absolute zin toe

In het Bbv, de verslaggevingsregels voor gemeenten, wordt een duidelijk onderscheid gemaakt tussen resultaatbepaling en resultaatbestemming. Alle baten en lasten dienen via het overzicht van baten en lasten in de jaarrekening te lopen. Er mogen geen baten of lasten rechtstreeks in het eigen vermogen (dat bestaat uit de algemene reserve en de bestemmingsreserves) worden gemuteerd. De mutaties in het eigen vermogen vinden plaats door middel van de resultaatbestemming. Het gerealiseerd saldo van baten en lasten over 2025 bedraagt € 6 miljoen voordelig. Per saldo is tussentijds € 19 miljoen aan de reserves onttrokken, zodat het uiteindelijk gerealiseerde resultaat over 2025 € 25 miljoen voordelig bedraagt. Dit resultaat is afzonderlijk vermeld onder het eigen vermogen in de balans.

Eigen vermogen (in € 1.000.000)

2025

2024

2023

2022

Eigen vermogen per 1 januari

361

375

379

355

-/- 19

-/- 21

-/- 14

-/- 7

Gerealiseerd resultaat

25

7

10

31

Totaal (‘gerealiseerd saldo van baten en lasten’)

6

-/- 14

-/- 4

24

367

361

375

379

Tussentijdse resultaatbestemming

Eigen vermogen per 31 december

De tussentijdse resultaatbestemming bestaat uit de stortingen in en onttrekkingen uit de reserves, in overeenstemming met de besluiten van uw gemeenteraad. De omvang van het eigen vermogen bedraagt ultimo 2025 57% van het balanstotaal (op 1 januari 2025: 56% van het balanstotaal). In de toelichting op balans bij het onderdeel eigen vermogen van de jaarrekening geeft het college een nadere toelichting op de mutaties in het eigen vermogen over het jaar 2025. Wij verwijzen u naar deze toelichting. Het verloop van het eigen vermogen van uw gemeente ziet er als volgt uit:

Aanpak en uitkomsten

Financiële positie

Bevindingen controle

Interne beheersing

Overige onderwerpen

Audit Commissie

Bijlage

8 Als signaalwaarde voor de solvabiliteitsratio geldt volgens de VNG een percentage van 20%. Bij een solvabiliteitsratio lager dan 20% bevindt de gemeente zich op glad ijs. In de begroting 2025 heeft de gemeenteraad de solvabiliteit bepaald op 41%. De solvabiliteit in de jaarrekening 2025 komt uit op 57% en is hoger dan de begroting. Ter vergelijking hebben wij de solvabiliteit van een aantal gemeenten opgenomen. Daaruit blijkt dat de solvabiliteit van uw gemeente per 31 december 2024 boven het gemiddelde van Nederland ligt. Ter vergelijking over 2024: Gemeente Nederland Den Haag Leiden Delft Leidschendam-Voorburg Lansingerland Pijnacker-Nootdorp Zoetermeer

Solvabiliteit 2024 39% 33% 31% 42% 62% 63% 65% 56%

Bron: www.waarstaatjegemeente.nl

Aanpak en uitkomsten

Financiële positie

Bevindingen controle

Interne beheersing

Overige onderwerpen

Audit Commissie

Bijlage

9

Resultaat 2025 is beïnvloed door reservemutatie(s)

Exploitatieresultaat (in € 1.000.000) Totale baten

545

Totale lasten

539

Gerealiseerde saldo van baten en lasten voordelig

6

Af: stortingen in reserves

30

Bij: onttrekkingen aan reserves

49

Saldo mutaties reserves, per saldo onttrekking

19

Gerealiseerd resultaat (voordelig)

25

Het feitelijke saldo van baten en lasten in een jaar wordt weergegeven als het gerealiseerde totaalsaldo van baten en lasten. Daarnaast kent de gemeente ook het gerealiseerde resultaat. Dit is het gerealiseerde totaalsaldo van baten en lasten plus of min de tussentijdse resultaatbestemmingen. Deze bestemmingen bestaan uit in de loop van het jaar gedane onttrekkingen uit reserves minus de tussentijdse stortingen in reserves. De stortingen dan wel onttrekkingen aan reserves vinden plaats op basis van de door u genomen besluiten. Het gerealiseerde resultaat is dus mede het gevolg van de bestuurlijke besluitvorming. Concreet betekent dit voor uw gemeente het volgende: De exploitatie over 2025 laat een voordelig gerealiseerd saldo van baten en lasten van € 6 miljoen (exclusief mutaties in reserves) zien, ten opzichte van een begroot (na wijziging) nadelig saldo van € 27 miljoen (exclusief mutaties in reserves). Dit is een voordeel van € 33 miljoen. Het gerealiseerde voordelig resultaat ad € 25 miljoen is afzonderlijk op de balans onder het eigen vermogen opgenomen. In de jaarstukken wordt op diverse plaatsen een nadere toelichting gegeven op de totstandkoming van het resultaat en worden de verschillen tussen de begroting (na wijziging) en de gerealiseerde baten en lasten verklaard. Wij verwijzen u naar deze toelichtingen.

Aanpak en uitkomsten

Financiële positie

Bevindingen controle

Interne beheersing

Overige onderwerpen

Audit Commissie

Bijlage

Het college van burgemeester en wethouders kwalificeert het weerstandsvermogen als ruim voldoende om de onderkende risico’s af te kunnen dekken

Het weerstandsvermogen bestaat uit de relatie tussen de beschikbare weerstandscapaciteit en de benodigde weerstandscapaciteit vanwege ingeschatte risico’s. De beschikbare weerstandscapaciteit heeft het college bepaald op € 168 miljoen (incl. grondzaken voor € 5 miljoen). De inventarisatie van risico’s die in de paragraaf Weerstandsvermogen (in het jaarverslag) is opgenomen, geeft een indicatie van de financiële omvang van de belangrijkste (specifieke) risico’s, inclusief een kans inschatting van het zich voordoen van het geïdentificeerde risico, om zo de benodigde weerstandscapaciteit te kunnen bepalen. Daarbij wordt een doorlopend inzicht gegeven in de grootste risico’s (qua financiële impact en kans) voor uw gemeente, en wordt aangegeven welke risico’s zijn verdwenen en/of nieuw zijn geïdentificeerd. Ook wordt een inhoudelijke toelichting gegeven op nieuw gedefinieerde en gewijzigde risico’s in de top van de grootste risico’s. Uw gemeente heeft op basis van deze risico-inventarisatie door middel van een simulatie berekend wat de benodigde weerstandscapaciteit is bij het vastgestelde zekerheidspercentage. Hieruit volgt een bedrag aan gewenste weerstandscapaciteit van € 25 miljoen, inclusief de risico’s van grondzaken van € 4 miljoen. Het weerstandsvermogen bedraagt 6,7 (concern exclusief grondzaken 7,4, grondzaken 1,2) en voldoet daarmee ruim aan de norm.

Wij verwijzen u voor de onderkende risico’s en de kwantificering daarvan naar de paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing. Overigens merken wij hierbij op dat deze cijfers niet aan accountantscontrole of een beoordelingsopdracht zijn onderworpen.

Aanpak en uitkomsten

Financiële positie

Bevindingen controle

Interne beheersing

Overige onderwerpen

Audit Commissie

Bijlage

10

Het nadelige exploitatieresultaat 2025 (vóór bestemming) is mede ontstaan na een aantal incidentele baten en lasten. Door het effect van de incidentele baten en lasten buiten beschouwing te laten, ontstaat meer inzicht in de reguliere baten en lasten. Het inzicht in de reguliere baten en lasten is van belang, omdat het een betere indicatie geeft van de toekomstige baten en lasten, overigens zonder rekening te houden met beleidswijzigingen. In de toelichting op het overzicht van baten en lasten is eveneens inzicht in de incidentele baten en lasten gegeven. Kortheidshalve verwijzen wij u naar deze uiteenzetting

11

3.

Bevindingen eindejaarscontrole

Aanpak en uitkomsten

Financiële positie

Bevindingen controle

Interne beheersing

Overige onderwerpen

Audit Commissie

Bijlage

Oplevering is verder verbeterd ten opzichte van de controle 2024 en tegelijkertijd op onderdelen voor verbetering vatbaar

12

3. Bevindingen eindejaarscontrole De controle van boekjaar 2025 is het vijfde jaar waarin wij de jaarrekening van uw gemeente controleren. Bij de start van de controle op 2 maart 2026 waren de concept jaarstukken gereed. De oplevering van de onderbouwende stukken was op 2 maart 2026 nog niet geheel volledig. De afgesproken stukken waren er vaak wel, echter voldeden deze nog niet altijd. Om deze redenen konden wij de controle van de jaarstukken niet op alle onderdelen conform planning en niet efficiënt uitvoeren. Desalniettemin hebben wij op 2 maart 2026 een start kunnen maken met de jaarrekeningcontrole. Wat viel op in positieve zin:  Dossier grondexploitaties. Wat gaat beter:  De rechtmatigheidsverantwoording was eerder gereed dan vorig jaar.  Dossier niet uit de balans blijkende verplichtingen is beter opgeleverd dan vorig jaar; onderbouwing moet robuuster.  De spendanalyse inzake de rechtmatigheid van de Europese aanbestedingen was goed voorbereid. Wat moet echt beter:  Dossier overlopende activa en overlopende passiva. De stukken zijn voor een groot deel pas in de derde week van de controle aangeleverd. De aanlevering was nog niet van het niveau wat we zouden verwachten, ondanks de diverse gesprekken die we de afgelopen jaren hierover hebben gevoerd.  De SiSa-verantwoordingen waren op 2 maart 2026 nog niet allemaal gereed.

Deels heeft de aanlevering pas in de 4e controleweek of zelfs erna plaatsgevonden.  De WNT-verantwoording bleek diverse onjuistheden te bevatten, mede als gevolg van een aantal waarnemend gemeentesecretarissen. Ons advies is om de interne controle op de WNT-verantwoording aan te scherpen.  Voor het goed kunnen uitvoeren van statistische steekproeven moet sprake zijn van homogene massa’s. Deze te controleren massa’s bevatten bij meerdere balansposten vaak nog diverse onjuistheden waardoor een efficiënte detailcontrole niet kan worden uitgevoerd. Wij vragen opnieuw uw aandacht voor kwalitatieve en tijdige voorbereiding van een aantal onderdelen van het accountantsdossier. Wij bespreken dit graag met de ambtelijke organisatie in een evaluerend gesprek om de samenwerking verder te optimaliseren. De controle is om deze redenen niet efficiënt verlopen en wij gaan in overleg met de afdeling Financiën en Concerncontrol over

Aanpak en uitkomsten

Financiële positie

Bevindingen controle

Interne beheersing

Overige onderwerpen

Audit Commissie

Bijlage

Grondexploitaties

Een belangrijke post in de jaarrekening van de gemeente Zoetermeer betreft de voorraden (grondexploitaties). Door de schattingscomponenten die samenhangen met de waardering van de grondexploitaties, besteden wij hier tijdens de controle bijzondere aandacht aan. De risico’s voor de grondexploitaties zijn in essentie terug te brengen tot de zogenoemde vijf P’s:  

  

Planning: is de tijdsplanning van de projecten afgestemd op de (on)mogelijkheden in de markt? Immers, de marktbehoefte bepaalt welke projecten op welk moment te realiseren zijn. Programmering: in de afgelopen jaren hebben economische ontwikkelingen geleid tot belangrijke wijzigingen in woningbehoefte en vraag naar bedrijventerrein. Is er een kritische analyse van de ‘mix’ van aanbod van bedrijventerrein en woningen (huur, koop, vrije kavels, appartementen, etc.) in de projecten, in relatie tot de huidige marktvraag in de gemeente? Prijs: de verkoopprijzen van woningen zijn momenteel hoog. Hoe vertaalt dit zich in grondprijzen en wat zijn de verwachtingen op de (middel-)lange termijn? Plankosten: zijn de geraamde kosten die voor de grondexploitaties gemaakt moeten worden realistisch? U kunt hierbij denken aan de totstandkoming van de ramingen van bijvoorbeeld civieltechnische werken en interne plankosten. Parameters: zijn de gehanteerde kosten- en opbrengstenindexaties in lijn met de actuele marktontwikkelingen en zijn de renteparameter en disconteringsvoet in overeenstemming met de voorschriften in het BBV?

De grondexploitaties zijn door uw gemeente voor de jaarrekening 2025 opnieuw doorgerekend (geactualiseerd), en waar nodig zijn door uw college de verwachtingen bijgesteld. Daarbij is tevens beoordeeld of het onderhanden werk in de jaarrekening op een juiste wijze is gewaardeerd en of er mogelijk een (aanvullende) verliesvoorziening moet worden getroffen of winstnames moeten worden verwerkt. In exploitatie genomen gronden Uw gemeente heeft op peildatum 31 december 2025 14 in exploitatie genomen bouwgronden. Per jaareinde 2024 waren dat 12 projecten. De mutaties in 2025 zijn: Aantal projecten op 31 december 2024: 12 Geopend: 1 (Roggeakker) Splitsing Oosterheem: toename 5 Overgebracht naar MVA: 2 Afgesloten: 2 (Engelandlaan 140 en Oosterheem)

Aanpak en uitkomsten

Financiële positie

Bevindingen controle

Interne beheersing

Overige onderwerpen

Audit Commissie

Bijlage

13

meerwerk. Wij zullen ook de auditcommissie daarover zo snel als mogelijk over informeren, na hoor en wederhoor met uw ambtelijke organisatie.

14

Aantal projecten op 31 december 2025: 14 Een paar financiële kenmerken van uw grondexploitaties: 

 

De boekwaarde van de 14 projecten is € 36,4 miljoen (gemiddeld 2,6 miljoen per project). De balanswaarde (dat is de boekwaarde onder aftrek van de verliesvoorzieningen) bedraagt € 13,9 miljoen. Daarbij geldt dat op basis van de voorschriften van het BBV onder de voorzieningen ook nog verlieslatende voorzieningen staan voor € 2,7 miljoen. Voor vijf projecten geldt dat er sprake is van een zogenoemd verlieslatend project voor een bedrag van € 25 miljoen. Dit verlies is in 2025 en in eerdere jaren al genomen. Palenstein is het project met het hoogste verlies (€ 21 miljoen). In 2025 is sprake van tussentijdse winstneming voor een bedrag van ruim € 3 miljoen bij vooral Oosterheem en Oosterhage. In hoofdstuk 6 (Aandachtspunten Auditcommissie) leggen wij de werkwijze nader toe.

De onzekerheden die met de resultaten van grondexploitaties samenhangen, ontstaan doordat de waardering (en daarmee de te nemen winsten en verliezen) gebaseerd zijn op schattingen. De omvang van de in de toekomst nog te realiseren opbrengsten en kosten is hier een belangrijk factor in. In de huidige portefeuille van bouwgronden in exploitatie verwacht uw gemeente de komende jaren nog € 43 miljoen aan investeringen te doen (2024: € 52 miljoen) en moet er nog € 61 miljoen aan opbrengsten worden gerealiseerd (2024: € 58 miljoen). De meeste kosten zijn nog te realiseren bij de projecten Markt 10 (€ 7 miljoen) en Edisonpark (€ 22 miljoen). De meeste opbrengsten zijn nog te realiseren bij de projecten Edisonpark (€ 28 miljoen) en Markt 10 (€ 7 miljoen). Risicoanalyse en controleaanpak Wij controleren de waardering van de grondexploitaties aan de hand van een risicoanalyse. In deze analyse betrekken wij de omvang van de nog te realiseren kosten en opbrengsten, de looptijd van de projecten, afwijkingen van het MPG ten opzichte van eerdere jaren, het effect van de parameters, programmering, winstnemingen en verliesvoorzieningen. Op basis van deze risicoanalyse zijn wij van mening dat de risico’s op een aantal projecten afnemen. Op basis van onze initiële inschatting kwalificeerden wij de volgende onderdelen het meest risicovol: 

Op termijn is het project Edisonpark het meest risicovol. De reden hiervan is dat dit project veruit de langste looptijd heeft (9 jaar) en dat binnen dit project sprake is van een hoge prognose van kosten en opbrengsten. Bij deze toekomstige baten en lasten is sprake van schattingsonzekerheid. Op dit project wordt een positief resultaat verwacht van € 0,9 miljoen (2024: € 0,9 miljoen). Het risico bestaat dat in deze grondexploitatie een schattingsfout zit van meer dan € 0,9 miljoen gezien de omvang van de nog te realiseren kosten en opbrengsten. Het risico bestaat dat dit project dan omslaat naar een verliesgevend project. Er is een reële kans dat dit bij een volgende actualisatie wel staat te gebeuren, er is immers niet veel marge meer over. Omdat het resultaat van deze grondexploitatie stabiel is, lijkt het risico niet heel groot. Doordat er nog nauwelijks gronden zijn verkocht is het risico op onjuiste winstname erg klein. Wij hebben dit project daarom niet verder in onze controle betrokken.

Aanpak en uitkomsten

Financiële positie

Bevindingen controle

Interne beheersing

Overige onderwerpen

Audit Commissie

Bijlage

De grondexploitatie Markt 10 is in 2024 volledig herzien en de nieuwe aanbestedingsprocedure moet worden opgestart. Dit project laat in 2025 op basis van de herziening een verlies zien van € 3 miljoen (was in 2024 € 6 miljoen). Wij zijn van mening dat de grondexploitatie deugdelijk is onderbouwd. Wel is er sprake van schattingsonzekerheden op met name de geraamde kosten van bouw- en woonrijpmaken. Uiteindelijk zullen de aanbestedingen moeten uitwijzen in welke mate deze kosten goed zijn ingeschat. Een andere risico zijn de plankosten, afhankelijk van de voortgang van het project kunnen hier afwijkingen ontstaan. Dit geldt ook voor de ingerekende subsidie uit de woningbouwimpuls.

Voor het project Palenstein geldt dat dit project in 2026 moet worden afgerond en er alleen nog investeringen gedaan moeten worden voor circa € 2 miljoen. Ondanks de effecten van de inflatie en toenemende bouwkosten zijn de risico’s bij dit project inmiddels te overzien. Het project Oosterheem verloopt de afgelopen jaren redelijk stabiel en lijkt structureel winstgevend. Parameters De parameters die uw gemeente hanteert voor de kosten- en opbrengstenstijgingen binnen de grondexploitaties zijn vastgelegd in de parameterbrief. Voor de stijging van de kosten (GWW) wordt een parameter gehanteerd van 3,5 % in 2026 en vanaf 2026 3,0%. Voor plankosten 2,85% in 2026 en 2% vanaf 2027. Voor de opbrengsten wordt bij sociale woningbouw een parameter gehanteerd van 0% voor 2026 en 2% voor 2027 en verder. Voor bedrijventerrein wordt een opbrengstenstijging van 2% gehanteerd. Voor wonen in de vrije sector wordt een opbrengstenstijging gehanteerd van 6,5% in 2026, 4,5% in 2027 en 2028 en 2% voor 2029 en verder. Wij merken op dat uw gemeente met de gekozen parameters niet bijzonder afwijkt van de verwachte marktontwikkelingen. Wel geldt dat de opbrengstenstijgingen gemiddeld gezien hoger zijn dan de ingerekende kostenstijgingen.

Dit heeft het bijeffect dat sommige projecten die stilliggen een positieve financiële ontwikkeling laten zien, terwijl er met het project in het betreffende boekjaar geen voortgang is geboekt. Wij vinden het belangrijk dat u zich als raadslid hiervan bewust bent voor de juiste interpretatie van de stukken. Wij merken daarnaast op dat de dynamiek in de wereld en de verwachte energiecrisis die daar als gevolg van ontstaat, mogelijk invloed kan hebben op de uitkomsten van uw grondexploitatieprojecten. Wij hebben deze parameters als passend aangemerkt. De berekening van de renteparameter (0%) en de doorrekening naar de grondexploitaties is in overeenstemming met het BBV.

Voorzieningen voor groot onderhoud

Gemeenten kunnen voor het groot onderhoud een voorziening ex artikel 44 lid 1 sub c instellen (kosten die in een volgend begrotingsjaar zullen worden gemaakt, mits het maken van die kosten zijn oorsprong mede vindt in het begrotingsjaar of in een voorafgaand begrotingsjaar en de voorziening strekt tot gelijkmatige verdeling van lasten over een aantal begrotingsjaren). De

Aanpak en uitkomsten

Financiële positie

Bevindingen controle

Interne beheersing

Overige onderwerpen

Audit Commissie

Bijlage

15

Uw gemeente heeft een voorziening voor groot onderhoud voor de volgende objecten:    

Schoolgebouwen gemeente Overige accommodaties Riolering Verzamelcontainers

In het kader van een goed financieel inzicht is het noodzakelijk dat uw gemeente beschikt over actuele beheerplannen voor het groot onderhoud. In 2023 zijn de beheerplannen door uw gemeenteraad vastgesteld. Aan de hand van deze beheerplannen hebben wij de toereikendheid van de onderhoudsvoorzieningen vastgesteld. Bij de start van onze controle is het saldo van de voorziening in de jaarrekening niet aangesloten op het beheerplan. Uw gemeente loopt daardoor het risico dat de middelen voor het groot onderhoud niet toereikend zijn dan wel dat middelen ten onrechte nog in de voorziening zitten en niet voor ander doelen kunnen worden ingezet. In 2023, 2024 en 2025 hebben wij diverse gesprekken gevoerd over de voorzieningen groot onderhoud, met als doel de verwachtingen ten aanzien van de jaarrekening 2025 en de daarbij behorende oplevering scherp te maken. In onze managementletters hebben wij hier ook aandacht aan besteed. Advies: wij adviseren u de realisatie van de onderhoudsplannen minimaal jaarlijks te analyseren en vragen uw aandacht voor de kwaliteit van het balansdossier.

Pensioenverplichtingen mogelijk niet toereikend om kapitaalstorting per 1 januari 2028 te kunnen dekken

Vanaf 1 januari 2028 zal het Algemeen Burgerlijk Pensioenfonds (ABP) verantwoordelijk worden voor uitvoeren van de pensioenregeling voor politieke ambtsdragers, zoals de leden van het college van burgemeester en wethouders van uw gemeente. Uw gemeente moet hiervoor begin 2028 een eenmalige kapitaalstorting doen en vanaf dan pensioenpremies afdragen aan het ABP. Vanaf 1 januari 2028 is uw gemeente vervolgens jaarlijks pensioenpremies aan het ABP verschuldigd. Uw gemeente heeft in de zomer van 2025 meegedaan aan een landelijk onderzoek van het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK), het Interprovinciaal Overleg (IPO), de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) en de Unie van Waterschappen, waarbij is ingegaan op:  de voor de overdracht beschikbare middelen (waaronder de pensioenvoorziening)

Aanpak en uitkomsten

Financiële positie

Bevindingen controle

Interne beheersing

Overige onderwerpen

Audit Commissie

Bijlage

16

afgelopen jaren hebben wij diverse gesprekken gevoerd over de analyses die moeten plaatsvinden om te kunnen vaststellen dat de voorziening op 31 december van enig jaar toereikend zijn om als het geplande onderhoud uit te voeren.

het vermogen dat nodig is om op basis va de Wet toekomst pensioenen (Wtp) in te kopen bij het ABP (de eenmalige kapitaalstorting); en de toekomstige aan het ABP verschuldigde pensioenpremie.

Op 3 december 2025 heeft de Commissie BBV een antwoord op een vraag gepubliceerd over de verantwoording en waardering van de pensioenvoorziening in de jaarrekening 2025. De Commissie BBV heeft daarbij de volgende stellige uitspraak gedaan: 

 

Decentrale overheden die aan het recente onderzoek naar de omvang van de overdrachtswaarde van Appa naar ABP hebben meegedaan, dienen bij de verantwoording over begrotingsjaar 2025 de hoogte van de voorziening en eventueel aanwezige kapitaalverzekeringen per 31 december gelijk te stellen aan de prognose op basis van het uitgevoerde onderzoek (benodigd vermogen op 1 januari 2025 op basis van inkoop Wtp bij ABP) en rekening te houden met de gewijzigde verplichtingen over 2025. Decentrale overheden die niet aan het onderzoek hebben deelgenomen moeten de pensioenverplichting voor ambtsdragers eveneens analoog aan de gehanteerde berekening van het onderzoek onderbouwen. Uitgaande van het uitgevoerde onderzoek zal de pensioenverplichting per 1 januari 2025 naar verwachting tussen de 10% en 20% moeten worden verhoogd om deze per 31 december 2025 op het juiste niveau te krijgen. Bovenstaande bedragen dienen tot het moment van overdracht aan het ABP jaarlijks herzien te worden; In de jaarrekening dient een toelichting te worden opgenomen waarin de mogelijkheid voor eventuele vrijval van de voorziening door bijvoorbeeld rentestijging wordt benoemd alsmede de einddatum waarop de overdracht naar het ABP plaatsvindt.

Het college is ten behoeve van de jaarrekening 2025 nagegaan wat de totale pensioenverplichting zou moeten zijn en op welke wijze in dekking daarvan is voorzien. Op basis van actuele actuariële berekeningen bedraagt de totale verplichting ultimo 2025 € 6,9 miljoen, waarbij de dekkingsgraad van het ABP van december 2025 (123,5) is gebuikt voor het berekenen van uw verplichting. De jaarlijks wijzigende rekenrente en de dekkingsgraad die het ABP hanteert, zijn de komende jaren medebepalend voor omvang van de totale verplichting die uw gemeente per 1 januari 2028 zal hebben. De waardering van de totale verplichting blijft daarmee een aandachtspunt de komende jaren.

Europese aanbestedingen

In het kader van de rechtmatigheidsverantwoording 2025 heeft het college de juiste toepassing van de Europese aanbestedingsrichtlijnen gecontroleerd aan de hand van een spendanalyse. Wij waarderen de zorgvuldige wijze waarop uw VICmedewerker deze werkzaamheden heeft uitgevoerd. De interne controlewerkzaamheden zijn verder geprofessionaliseerd, wat een solide basis vormt voor de rechtmatigheidsverantwoording. Wij hebben de controles van de VIC-medewerker beoordeeld en komen

Aanpak en uitkomsten

Financiële positie

Bevindingen controle

Interne beheersing

Overige onderwerpen

Audit Commissie

Bijlage

17

Advies: Wij adviseren een oorzaakanalyse uit te voeren op de geconstateerde onrechtmatigheden in het boekjaar en op basis hiervan vast te stellen of aanvullende maatregelen noodzakelijk zijn, om het risico op onrechtmatige inkopen verder te beperken. De geconstateerde onrechtmatigheden zijn hieronder schematisch weergegeven en corresponderen met de rechtmatigheidsverantwoording in de jaarrekening. Rechtmatigheidsfouten ingevolge het niet naleven van EU-aanbestedingsregels

Omvang in €

Onrechtmatige uitgaven in 2025 (7 dossiers), nieuw in 2025

1.281.406

Onrechtmatige uitgaven in 2024 met doorloop naar 2025 (1 dossier)

46.494

Totaal

Aanbesteding inhuur externen

1.327.900

De gemeente maakt voor externe inhuur gebruik van een dynamisch aankoopsysteem (DAS), waarbinnen opdrachten via verschillende procedures worden uitgezet. Wij hebben vastgesteld dat een deel van de geconstateerde onrechtmatigheden bij aanbestedingen (in twee gevallen) betrekking heeft op externe inhuur via het DAS. Bij opdrachten boven de Europese drempelwaarde bestaat het risico dat ten onrechte geen Europese aanbestedingsprocedure wordt toegepast, wat leidt tot onrechtmatigheden. Advies: Wij geven de gemeente in overweging om binnen het DAS voor de inhuur van derden standaard de Europese procedure toe te passen. Hiermee kan het risico op onrechtmatigheden bij de inhuur van extern personeel worden verkleind.

Aanpak en uitkomsten

Financiële positie

Bevindingen controle

Interne beheersing

Overige onderwerpen

Audit Commissie

Bijlage

18

tot dezelfde conclusies. Uit de spendanalyse blijkt dat bij diverse dossiers niet is voldaan aan de Europese aanbestedingsregels. Over 2025 blijkt uit de spendanalyse een totaal aan onrechtmatigheden van € 1,33 miljoen (2024: € 2,15 miljoen).

De gemeente heeft voor het onderhoud, de vervanging en aanleg van buiteninstallaties (zoals straatverlichting) een raamovereenkomst enkelvoudig onderhands gegund aan de zittende leverancier, terwijl op basis van het inkoop- en aanbestedingsbeleid een nationale aanbesteding was vereist. De maximale contractwaarde (€ 5,5 miljoen) ligt dicht bij de Europese aanbestedingsdrempel voor werken, waardoor gedurende de looptijd zorgvuldige monitoring van de opdrachtwaarde noodzakelijk is. De afwijking van het beleid is gemotiveerd met marktkrapte, capaciteitsproblemen in de sector en het belang van continuïteit en veiligheid. Omdat hiermee opnieuw dezelfde leverancier wordt gecontracteerd, ontstaat een langdurige afhankelijkheid van één partij, wat risico's met zich mee kan brengen. Cluster Inkoop adviseert om voor deze opdracht een uitgebreide marktconsultatie uit te voeren om de markt tijdig voor te bereiden op een toekomstige aanbesteding. Advies: Wij sluiten ons aan bij het advies van Cluster Inkoop en adviseren de gemeente deze marktconsultatie voor deze opdracht daadwerkelijk uit te voeren. Daarnaast adviseren wij om bij dergelijke afwijkingen van het aanbestedingsbeleid vooraf een marktconsultatie uit te voeren, zodat de gekozen aanbestedingsstrategie beter kan worden onderbouwd.

Dit stelt de gemeente in staat aanbestedingskeuzes transparanter te motiveren en risico's op het gebied van aanbestedingsrechtmatigheid en integriteit beter te beheersen.

Effecten Overeenkomst gebiedsgerichte ondersteuning Wmo en preventieve jeugdhulp

Op 1 mei 2021 is de ‘Overeenkomst gebiedsgerichte ondersteuning Wmo en preventieve jeugdhulp’ (hierna: Overeenkomst) met een externe organisatie ondertekend en ingegaan. Dit betreft een overeenkomst met een organisatie die in Zoetermeer optreedt als aanbieder voor welzijn, dagbesteding, begeleiding en preventieve jeugdhulp. Op grond van deze overeenkomst voert de organisatie in opdracht van de gemeente Zoetermeer diensten uit in het kader van de Wmo 2015 en de Jeugdwet. Het budget van de organisatie is gericht op een taakgerichte uitvoeringsvariant. Dit wil zeggen dat de variant bekostiging van zorg en verantwoording over de geleverde zorg niet op cliëntniveau plaatsvindt, maar dat er een taak wordt toegekend voor een vast budget, gericht op een specifieke (deel)populatie of opdracht, waarbij de gecontracteerde aanbieder(s) de ruimte krijgt/krijgen om de taak samen met de cliënt in te vullen. Het aan de externe aanbieder ter beschikking gestelde budget ad € 17 miljoen, exclusief projectsubsidies, is over 2025 op een juiste manier verantwoord aan uw gemeente.

Aanpak en uitkomsten

Financiële positie

Bevindingen controle

Interne beheersing

Overige onderwerpen

Audit Commissie

Bijlage

19

Aanbesteding Raamovereenkomst buiteninstallaties

Het college neemt in de jaarrekening een rechtmatigheidsverantwoording op, waarin het zich verantwoordt over de rechtmatige totstandkoming van de baten, lasten en balansmutaties (inclusief begrotingsrechtmatigheid). Wij hebben vastgesteld dat deze voldoet aan het voorgeschreven model en dat daarbij de door de raad vastgestelde kaders zijn gehanteerd. Deze kaders zijn in overeenstemming met richtlijnen die vanuit de commissie BBV zijn gegeven. Het is onze verantwoordelijkheid om de getrouwheid van de rechtmatigheidsverantwoording in de jaarrekening 2025 van de gemeente te controleren. Onze controle richt zich op de vraag of de rechtmatigheidsverantwoording door het college toereikend is onderbouwd. Wij hebben vastgesteld dat de rechtmatigheidsverantwoording in de jaarrekening een getrouw beeld geeft. De raad heeft de verantwoordingsgrens vastgesteld op 1% van de totaal begrote lasten. Met ingang van 2025 wordt bij de berekening van dit percentage uitgegaan van de lasten van de gemeente exclusief toevoegingen aan de reserves. Tot en met 2024 werd hierbij uitgegaan van de lasten inclusief toevoegingen aan de reserves. De verantwoordingsgrens bedraagt daarmee € 5,4 miljoen. Op basis van de rechtmatigheidsverantwoording in de jaarrekening stelt het college van burgemeester en wethouders vast dat de omvang van de rechtmatigheidsfouten € 9,49 miljoen bedraagt.

Dit is hoger dan de daarvoor gestelde verantwoordingsgrens. Van de rechtmatigheidsfouten is volgens het college overigens een bedrag van € 3,27 miljoen acceptabel op basis van door de gemeenteraad vastgestelde afspraken. De door het college gerapporteerde afwijkingen kunnen als volgt worden samengevat: Samenvatting rechtmatigheidsverantwoording Begrotingscriterium (bruto) Begrotingscriterium (netto) Voorwaardencriterium (met name Europese aanbestedingen en SiSa-regeling B2) M&O-criterium Rechtmatigheidsfouten bruto Rechtmatigheidsfouten netto Verantwoordingsgrens

Bedragen € 6.429.000 € 3.160.000 € 3.040.000 €0 € 9.469.000 € 6.200.000 € 5.400.000

Omdat de rechtmatigheidsbevindingen de verantwoordingsgrens overschrijden, zijn deze opgenomen in de rechtmatigheidsverantwoording. Een nadere toelichting op de onrechtmatigheden en de voorgenomen maatregelen om deze te herstellen en te voorkomen, is opgenomen in de paragraaf bedrijfsvoering. In dit kader heeft de gemeenteraad tevens een rapporteringsgrens vastgesteld, waarboven rechtmatigheidsafwijkingen in de paragraaf bedrijfsvoering nader dienen te worden toegelicht. Deze rapporteringsgrens bedraagt € 100.000.

Aanpak en uitkomsten

Financiële positie

Bevindingen controle

Interne beheersing

Overige onderwerpen

Audit Commissie

Bijlage

20

Rechtmatigheidsverantwoording

Europese aanbestedingen Het college heeft door middel van een zogenoemde spendanalyse inzicht gekregen in de wijze waarop inkopen rechtmatig hebben plaatsgevonden. Deze analyse was goed bruikbaar voor onze controle van de rechtmatigheidsverantwoording 2025. Uit deze analyse blijkt dat voor een bedrag van € 1.327.900 (over 2024 € 2.153.000) inkopen ten onrechte niet Europees zijn aanbesteed. SiSa-regeling B2 Wij verwijzen hiervoor naar onderdeel “Er zijn fouten, onzekerheden en rechtmatigheidsafwijkingen met betrekking tot de SiSaregelingen”. Het gaat om een bedrag van € 1.638.000. ‘Spelregels’ tussen de Gemeenteraad en het college van B&W Uit de financiële verordening blijkt dat tussen de raad en het college afspraken zijn gemaakt over de actieve informatieplicht. Dit houdt in dat het college de raad uit eigen beweging informeert over relevante en omvangrijke afwijkingen. Wij constateren echter dat geen expliciete afspraken zijn vastgelegd over wanneer begrotingsafwijkingen als acceptabel worden beschouwd. Daarnaast ontbreekt een nadere concretisering van het begrip tijdig informeren van de raad. Het ontbreken van deze spelregels kan leiden tot interpretatieverschillen bij de beoordeling van de begrotingsrechtmatigheid en bemoeilijkt een eenduidige toepassing van het begrotingscriterium.

Dit geldt in het bijzonder voor begrotingsafwijkingen, waarbij onderscheid wordt gemaakt tussen acceptabele en niet-acceptabele afwijkingen en waarbij mede van belang is of afwijkingen tijdig aan de raad zijn gemeld.

Aanpak en uitkomsten

Financiële positie

Bevindingen controle

Interne beheersing

Overige onderwerpen

Audit Commissie

Bijlage

21

Begrotingscriterium Het begrotingscriterium vormt een belangrijk toetsingskader binnen de rechtmatigheidsverantwoording. Dit houdt in dat financiële beheershandelingen die ten grondslag liggen aan baten, lasten en balansmutaties binnen de door de raad geautoriseerde begroting en investeringskredieten moeten blijven. Wij hebben vastgesteld dat het college hierop specifieke werkzaamheden heeft uitgevoerd, waaronder controles op programmaoverschrijdingen en kredietoverschrijdingen. Het totaal aan bruto begrotingsonrechtmatigheden bedraagt € 6,43 miljoen. Het college heeft hierop een analyse uitgevoerd en de aard van deze onrechtmatigheden toegelicht in de paragraaf bedrijfsvoering. Van dit totaal heeft het college € 3,27 miljoen, op basis van met de gemeenteraad afgestemde afspraken, als acceptabel aangemerkt.

•

in welke situaties begrotingsafwijkingen als acceptabel worden aangemerkt;

•

wanneer sprake is van een tijdige melding aan de raad.

22

Advies: wij adviseren om de financiële verordening aan te vullen met expliciete spelregels waarin wordt vastgelegd:

Daarnaast adviseren wij om het proces rondom de analyse van de begrotingsrechtmatigheid verder te versterken door een intern reviewproces in te richten. Hierbij kan bijvoorbeeld de VIC een onafhankelijke toets uitvoeren op de opgestelde analyse van de begrotingsrechtmatigheid. Dit draagt bij aan een consistente en controleerbare onderbouwing van de rechtmatigheidsverantwoording en draagt tevens bij aan een efficiëntere controle.

Vennootschapsbelasting

Uitgangspunt in uw jaarrekening is dat in beperkte mate sprake is van activiteiten die onder de vennootschapsbelastingplicht vallen. Het college heeft voor 2025 een vennootschapsbelastingverplichting ingerekend van € 273.000. Deze VPB-last wordt met name gevoed door resultaten op de grondexploitaties. Advies: Overigens adviseren wij u om bij nieuwe en gewijzigde activiteiten de vennootschapsbelastingverplichting blijvend te actualiseren. Hieronder valt ook een periodieke toets of het grondbedrijf nog steeds door de ondernemerspoort gaat.

Wet normering topinkomens (WNT)

De Wet normering topinkomens (WNT) regelt de openbaarmaking van topinkomens in de publieke en semipublieke sector, en stelt ook maxima aan de hoogte van de bezoldiging van topfunctionarissen en tevens aan de ontslagvergoedingen. Bij wet is vastgelegd dat rechtspersonen of organisaties die volledig of in aanzienlijke mate uit publieke middelen zijn gefinancierd beloningen van topfunctionarissen openbaar dienen te maken, ook als deze de in de wet gestelde maximale bezoldiging over 2025 van € 246.000 niet te boven gaat. Daarnaast dienen gemeenten het salaris openbaar te maken van overige medewerkers (inclusief – wanneer aan bepaalde voorwaarden is voldaan – ingehuurd personeel) die een bezoldiging ontvangen boven deze norm. Ten slotte stelt de WNT een aantal overige eisen, zoals een maximale ontslagvergoeding voor topfunctionarissen van € 75.000. Ook dienen de ontvangen vergoedingen die bij andere WNT-plichtige instellingen zijn ontvangen te worden verantwoord in de WNTverantwoording. Aangezien het voor ons niet mogelijk is de volledigheid vast te stellen van de dienstbetrekkingen en de ontvangen vergoedingen, is in de Regeling Controleprotocol WNT opgenomen dat wij de anticumulatiebepaling niet hoeven te controleren. In onze controleverklaring is dit ook als zodanig toegelicht.

De WNT-toezichthouders kunnen hier wel zelfstandig onderzoek naar doen en zo nodig handhavend optreden. In 2025 is voor geen van de topfunctionarissen en overige medewerkers sprake van een overschrijding van de grensbedragen.

Aanpak en uitkomsten

Financiële positie

Bevindingen controle

Interne beheersing

Overige onderwerpen

Audit Commissie

Bijlage

Fouten en onzekerheden WMO Zorg in natura (ZIN) en Jeugd

Het vaststellen dat de prestaties in het kader van de WMO Zorg in natura (ZIN) en Jeugdhulp (ZIN) zijn geleverd kan worden vastgesteld via de verantwoording van de zorginstelling. Bij deze verantwoordingen is op basis van het controleprotocol Wmo en Jeugd boven een bepaald grensbedrag een controleverklaring van de accountant van de zorginstelling vereist. De accountant stelt onder andere vast dat de zorg is geleverd. Door het ontbreken van (goedkeurende) controleverklaringen bij geleverde zorg resteert een bepaalde massa waarbij geen zekerheid kan worden verkregen over de geleverde prestaties. Hierdoor resteren er onzekerheden in het kader van de uitvoering van de WMO en Jeugdwet. De onzekerheden bij WMO kunnen als onderstaand worden weergegeven:

De totale onzekerheid over 2025 bij de WMO bedraagt derhalve € 1.119.000 (over 2024 € 200.000). Dit beeld wordt mede gevormd door een controleverklaring met een beperking bij één van de productieverantwoordingen voor een bedrag van circa € 800.000.

Aanpak en uitkomsten

Financiële positie

Bevindingen controle

Interne beheersing

Overige onderwerpen

Audit Commissie

Bijlage

23

In het kader van de WNT attenderen wij u erop dat u de plicht heeft om uiterlijk 1 juli 2026 uw WNT-verantwoording over het kalenderjaar 2025 via internet op een algemeen toegankelijke wijze openbaar te maken, en dat voor een periode van zeven jaar. Indien op grond van andere op de verantwoordelijke van toepassing zijnde regelgeving of een besluit een later tijdstip waarop het financieel verslaggevingsdocument openbaar moet worden gemaakt geldt, is die latere datum de uiterlijke datum van openbaarmaking.

De totale onzekerheid bij de jeugdhulp via de gemeenschappelijke regeling Servicebureau Jeugdhulp Haaglanden bedraagt € 0. Uw gemeente heeft aanvullend onderzoek gedaan naar de prestatielevering rondom de jeugdhulp, waarmee de onzekerheid is gereduceerd tot € 0.

Vier-ogenprincipe Jeugdproces niet geborgd

Door de VIC en de kwaliteitsmedewerkers van het Sociaal Domein is geconstateerd dat het vier-ogenprincipe binnen het besluitvormingsproces Jeugd niet systeemtechnisch is geborgd. Hierdoor bestaat het risico dat besluiten door één functionaris worden genomen zonder toetsing door een tweede functionaris. Deze situatie achten wij onwenselijk. Advies: Wij adviseren om het vier-ogenprincipe systeemtechnisch te borgen. Totdat dit is gerealiseerd, adviseren wij mitigerende maatregelen te treffen, zodat besluiten binnen het proces met voldoende functiescheiding tot stand komen.

Er zijn fouten, onzekerheden en rechtmatigheidsafwijkingen met betrekking tot de SiSa-regelingen

Op grond van het Besluit accountantscontrole decentrale overheden, artikel 5, lid 4, rapporteren wij in dit accountantsverslag over de fouten en onzekerheden van de specifieke uitkeringen die in 2025 onder SiSa vallen. Wij doen dit met een tabel, die ook opgenomen moet worden als er geen fouten of onzekerheden geconstateerd zijn. Per regeling is hierin aangegeven of, en zo ja welke financiële fouten of onzekerheden zijn geconstateerd. Wij hebben deze tabel in hoofdstuk 6 ‘verplichte tabel SiSa’ opgenomen. B2 – regeling Ten aanzien van regeling B2 is een onregelmatigheid geconstateerd bij de uitvoering van de hersteloperatie kinderopvangtoeslag, waarbij de rechtmatigheid van een bedrag van € 1.638.000 nader wordt onderzocht. Dit bedrag hebben wij meegenomen als onzekerheid voor in ons rechtmatigheidsoordeel rondom de SiSa-regelingen. Gelet op het lopende onderzoek gaan wij hier in dit accountantsverslag niet verder inhoudelijk op in.

Overlopende posten

Binnen de overlopende posten worden verschillende categorieën onderscheiden op basis van artikel 40a BBV (overlopende activa) en artikel 49 BBV (overlopende passiva). In het vorige accountantsverslag hebben wij uitgebreid gerapporteerd over mogelijke verbeterpunten bij de verantwoording van de overlopende posten. In december 2025 heeft een sessie plaatsgevonden met (nagenoeg) alle business controllers, waarin

Aanpak en uitkomsten

Financiële positie

Bevindingen controle

Interne beheersing

Overige onderwerpen

Audit Commissie

Bijlage

24

Daarbij is onvoldoende zekerheid verstrekt over de prestatielevering voor dat bedrag. Wij adviseren u maatregelen te nemen om de onzekerheden op de WMO in 2026 en verder te verminderen.

Daarnaast hebben wij in de afgelopen periode meerdere projectsubsidies gecontroleerd, waarbij eveneens diverse correcties noodzakelijk zijn gebleken. Dit wijst erop dat de interne beheersing rondom subsidies verdere aandacht vraagt. Met name het tijdig en volledig in kaart brengen van de subsidievoorwaarden en het verder implementeren van de nieuwe wijze van verantwoorden kan bijdragen aan een betere beheersing en verantwoording. Wij adviseren om de nieuwe wijze van verantwoorden zo spoedig mogelijk te implementeren binnen de financiële administratie. Dit maakt het mogelijk om gedurende het jaar beter inzicht te krijgen in de voortgang en besteding van subsidies en om, waar nodig, tijdig bij te sturen. Dit proces van verbeteringen is door uw gemeente opgestart en zal naar verwachting leiden tot een betere oplevering bij de controle van de jaarrekening 2026 en verder.

SiSa regelingen woningbouw (VRO)

In de SiSa-bijlage zijn diverse regelingen van het Ministerie van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening opgenomen (de zogenoemde J‑regelingen). De gemeente Zoetermeer maakt van een aantal van deze regelingen gebruik. In het kader van deze regelingen worden onder meer woningen gerealiseerd of herstructureringen van woningen uitgevoerd. De feitelijke uitvoering hiervan ligt bij derde partijen, waaronder projectontwikkelaars. De gemeente heeft met deze derde partijen geen afspraken gemaakt over tussentijdse verantwoording van de gerealiseerde werkzaamheden. Als gevolg hiervan worden de uitgaven door de gemeente pas verantwoord op het moment van daadwerkelijke betaling aan de derde partijen. Hierdoor loopt de verantwoording van de bestedingen in de SiSa-verantwoording en de jaarrekening niet synchroon met de feitelijke voortgang van de woningbouw- of herstructureringsactiviteiten. Wij adviseren de gemeente om deze werkwijze af te stemmen met het Ministerie van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening, om mogelijke interpretatieverschillen in de verantwoording te voorkomen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Zoetermeer&id=ffa6988d-209b-4ff1-a77f-c95af9f7552a