Bijlage 1 - Kadernota IVB
Tekst van het document
Kadernota Integraal Veiligheidsbeleid Zoetermeer 2019-2022 GEACTUALISEERD
Versie: definitief Datum: oktober 2018
1
Voorwoord De kadernota Integraal Veiligheidsbeleid Zoetermeer (verder: de nota) bevat op een abstract niveau de kern van het veiligheidsbeleid van Zoetermeer. De nota die in 2011 voor het eerst is vastgesteld is in de basis nog steeds geldig. Met dien verstande dat na afloop van iedere vierjaarlijkse periode op basis van de actualiteit een herziene versie van de nota het levenslicht ziet. De eerste actualisatie vond in 2014 plaats. De nu voorliggende nota bevat de tweede actualisatie. Het coalitie-akkoord Groene, veilige stad met ambitie. Thuis in de wijk is medebepalend voor de inhoud van de nota. Veilig wonen, werken en ontspannen zijn ook voor het veiligheidsbeleid belangrijke uitgangspunten. De komende jaren wordt stevig ingezet op het wijkgericht werken. Iedere wijk is anders en verdient daarom een specifiek op die wijk toegesneden veiligheidsaanpak. Ideeën en initiatieven van bewoners worden ondersteund en samen met hen ten uitvoer gebracht. Dat op veiligheidsgebied soms al lange tijd wijkgericht wordt gewerkt blijkt uit het burgerinitiatief Wijk en Agent Samen (WAS). De WAS-teams zijn door wijkbewoners op wijkniveau op- en ingericht en hebben ieder hun eigen karakter en dynamiek. Geen WAS-team is hetzelfde! Een ander voorbeeld van de wijkgerichte werkwijze betreft de aanpak van problematische jeugdgroepen.
Zij zijn op wijkniveau in kaart gebracht en worden op wijkniveau aangepakt. Wat verstaan we eigenlijk onder veiligheid? De woordenboeken schrijven dat veiligheid inhoudt dat de mens zich beschermd weet tegen gevaar. Het gaat om bescherming tegen twee vormen van gevaar: Wat andere mensen de mens aan kunnen doen: geweld tegen hem plegen, zijn goederen stelen, zijn goederen vernielen etc. Kortom: misdaad en criminaliteit, Gevaren die de natuur de mens ‘aan kan doen’. Hiermee wordt gedoeld op de vier elementen: vuur (brand), water (overstroming), lucht (drager van en daarmee verspreiden van gevaarlijke stoffen) en aarde (aardbeving). Een tweede aspect van dit gevaar heeft de mens zelf in de hand. Indien de mens onvoldoende maatregelen neemt, kan hij het onheil over zichzelf afroepen. Door bijvoorbeeld zijn huis niet of weinig brandveilig te maken vergroot de mens de kans dat zijn huis, indien door brand getroffen, meer schade leidt of zelfs geheel wordt vernietigd. Deze twee kenmerken van veiligheid staan centraal in het integrale veiligheidsbeleid: het tegengaan van criminaliteit én het beschermen van de inwoners tegen de gevolgen die “natuurlijke” gebeurtenissen kunnen hebben. Daarnaast is er nog een belangrijk element: de preventie. Het is van groot belang te voorkomen dat de mens slachtoffer wordt van een daad van een ander mens of van een speling van de natuur.
De Zoetermeerder beschermt zich tegen de gevaren die hem kunnen bedreigen, daarbij geholpen door alle veiligheidspartners. De gemeente kan het veiligheidsbeleid niet alleen uitvoeren. Betrokkenheid van een groot aantal partijen is noodzakelijk. Daarom is er sprake van een integraal veiligheidsbeleid. De gemeente, de politie, het Openbaar Ministerie, het bedrijfsleven, de handhavers, partners vanuit de zorg en hulpverlening , het onderwijs, de woningbouwcorporaties, het jongerenwerk, de Veiligheidsregio Haaglanden, de reclasseringsorganisaties en bureau HALT werken samen om Zoetermeer veilig te houden. De betrokkenheid van inwoners is belangrijk en hun beleving wordt betrokken bij de mogelijkheden om de eigen wijk en/of buurt veilig te houden. Een belangrijke rol is weggelegd voor de inwoners en ondernemers van Zoetermeer. Burgerparticipatie is één van de uitgangspunten van het veiligheidsbeleid. Inwoners nemen zelf hun verantwoordelijkheid om de veiligheid voor henzelf en in hun buurt te verbeteren. Inwoners en ondernemers denken ook mee aan het formuleren van concrete oplossingen voor leefbaarheids- en veiligheidsvraagstukken. 2
De twee meest aansprekende vormen van grote betrokkenheid van inwoners zijn het reeds genoemde WAS in de analoge wereld en de Whatsappgroepen in de digitale wereld. In het kader van dit laatste is project Heterdaadkracht gestart. Dit project houdt in dat de politie bij heterdaad van bepaalde misdrijven via WhatsApp buurtbewoners vraagt uit te kijken naar de dader(s). De beheerders van de WhatsApp-buurtpreventiegroepen ontvangen vanuit de politie berichten die specifiek voor hun buurt zijn bestemd. Zij kunnen deze berichten vervolgens doorsturen in hun eigen WhatsApp-groep. Hierdoor worden bewoners snel en direct bereikt. Dit vergroot de pakkans.
3
INHOUDSOPGAVE
1. Missie en strategische uitgangspunten: de wijk centraal
4
2. Veiligheidsbeeld 2014-2017 2.1 Objectieve veiligheid: geregistreerde misdrijfcijfers 2.2 Subjectieve veiligheid: veiligheidsbeleving 2.3 Veiligheidsbeleid van de prioriteiten
6 6 6 6
3. Regie op integraliteit van de uitvoering van het veiligheidsbeleid 3.1 Versterking van de regierol 3.2 Veiligheidspartners
8 8 8
4. De speerpunten 4.1 Toelichting op keuze speerpunten 4.2 De strategische uitgangspunten 4.3 High Impact Crimes 4.4 Problematische jeugd(groepen) 4.5 Ondermijning 4.5 Extremisme en radicalisering
10 10 10 11 12 13 14
4
1. Missie en strategische uitgangspunten: de wijk centraal Zoetermeer wil een leefbare en veilige stad zijn. Wonen, werken en ontspannen in een veilig Zoetermeer zijn en blijven een basisbehoefte en een basisrecht van inwoners en ondernemers. Dat doen we integraal. Zoals in de inleiding reeds genoemd betekent integraal werken: samen met inwoners, ondernemers, instellingen en ketenpartners de veiligheid in Zoetermeer verbeteren zodat iedereen veilig kan wonen, werken en recreëren. Daarnaast gelden vanzelfsprekend ook de uitgangspunten uit het coalitieakkoord 2018-2022. Met name het wijkgericht werken krijgt op het veiligheidsterrein de komende jaren meer nadruk. De verbinding met de wijkregisseurs wordt van groter belang dan zij al is. De nieuwe missie luidt als volgt: We werken aan het verbeteren van de veiligheid van inwoners, ondernemers en bezoekers van onze stad. Dat doen we door integraal wijkgericht nauw samen te werken met private partners, publieke partners (met name uit het sociaal domein en de (klassieke) veiligheidspartners) en met inwoners. Een helder en krachtig veiligheidsbeleid van de gemeente Zoetermeer en zijn veiligheidspartners wordt voortgezet. De aanpak van veiligheid vereist een lange adem. Daarnaast is het lokaal veiligheidsbeleid in ontwikkeling en krijgen gemeenten steeds meer verantwoordelijkheden.
Het Integraal Veiligheidsbeleid Zoetermeer geeft aan op welke speerpunten wordt ingezet, welke effecten worden nagestreefd en wat de rol en verantwoordelijkheid zijn van de veiligheidspartners. Zoetermeer hanteert de volgende strategische uitgangspunten als kader voor de invulling van het veiligheidsbeleid: De wijk staat centraal Het tegengaan van gevoelens van onveiligheid begint in wijken en buurten Problemen worden per wijk aangepakt, maatregelen per wijk genomen. De problematiek is per wijk verschillend. Door een goede informatie-analyse te maken wordt de veiligheidsaanpak gericht ingezet. Versterking van zowel de sociale als de fysieke kwaliteit (vanuit veiligheids- en leefbaarheids optiek) van wijken. Bij sociale kwaliteit gaat het onder meer om sociale netwerken en de verbinding tussen mensen in hun eigen straat. Bij fysieke kwaliteit gaat het om de inrichting van de wijken en om aandacht voor de zogenaamde ‘kleine ergernissen’. Maar het betekent ook dat maatwerk mogelijk is zodat een aanpak aansluit bij specifieke problemen in de buurt en dat problemen zoveel mogelijk, samen met inwoners, in de buurten worden opgelost. Regels zijn logisch, duidelijk en worden gehandhaafd Verduidelijking en aanscherping van regels en stringente handhaving van regels. De gemeente zorgt er ook voor dat de regels die zij opstelt logisch en verklaarbaar zijn.
De inwoner van de stad begrijpt waarom de gemeente de regel opstelt en waarom de regel wordt gehandhaafd. De achterliggende gedachte van de regel en/of het probleem dat door het opstellen van de regel wordt opgelost, legt Zoetermeer goed uit. Het opstellen van overbodige regelgeving wordt daarmee voorkomen. Voor notoire overlastveroorzakers en recidivisten is er geen pardon. Voor hen geldt zero tolerance. Veiligheid begint bij de inwoner en ondernemer Grotere zelfredzaamheid: inwoners en ondernemers werken met elkaar en met de gemeente en organisaties samen aan veiligheid. Er dient sprake te zijn van een actieve betrokkenheid van
5
inwoners bij het verbeteren van de veiligheid en de leefbaarheid. Van hen wordt verwacht dat zij zelf de nodige beschermingsmaatregelen nemen om onveiligheid en criminaliteit te voorkomen. Ook voor het op orde houden van de omgeving, het aanspreken bij en melden van misstanden, wordt verwacht dat zij zelf initiatief tonen. Jongeren en de ouders/verzorgers van jongeren, met name ouders/verzorgers van jongeren die overlast veroorzaken, worden nadrukkelijk betrokken bij het tegengaan en voorkomen van overlast. Daarnaast wordt samengewerkt met vele netwerkpartners. De belangrijkste zijn: politie, Openbaar Ministerie, de reclasseringsorganisties, Veiligheidsregio Haaglanden, partners uit zorg en hulpverlening, het onderwijs, de woningcorporaties, Veiligheidshuis Haaglanden, het Regionaal Informatie en Expertisecentrum. Preventie kan onveiligheid voorkomen Zoetermeer zet in op ingrijpen aan de voorkant van onveiligheid. De mogelijkheden van preventie worden benut, zodat onveiligheid zoveel mogelijk wordt voorkomen. Het gaat met name om voorlichtings- en subsidieacties op het gebied van veiligheid ten behoeve van inwoners, de aanpak van onveilige plekken en het toepassen van tijdelijk mobiel cameratoezicht. Veiligheid en zorg In de afgelopen jaren is de relatie tussen veiligheid en zorg steeds sterker geworden.
Een goede zorg kan bijvoorbeeld voorkomen dat er opnieuw een geweldsincident plaatsvindt. Dat klinkt ongeloofwaardig, maar het tijdelijk huisverbod bewijst dat het kan. Nadat een tijdelijk huisverbod is opgelegd wordt direct de hulpverlening opgestart. Hulp op maat wordt geboden. Partijen maken afspraken hoe nu verder te gaan. Dat zorgt er voor dat er een stabiele en veilige relatie ontstaat en dat er in de toekomst geen huiselijk geweld meer plaatsvindt. In de komende jaren gaan we door met het verder versterken van de verbinding tussen zorg en veiligheid. Met name bij de (persoonsgebonden) aanpak op de terreinen radicalisering, problematische jeugdgroepen, het tegengaan van racisme en discriminatie, en binnen de crisisbeheersing. Informatiegestuurd werken Het gemeentebestuur wil tijdig, gericht en effectief en zo veel mogelijk feitelijk zijn in de uitvoering van haar veiligheidsbeleid. Door informatie slim in te zetten en te betrekken bij beleidskeuzes kan het gemeentebestuur zich zo specifiek mogelijk richten op de grootste risico’s en kansen. Voorbeelden van bronnen die zijn te gebruiken zijn politie-informatie, OOV-eigen data (bv. Personal Digital Assistants van de handhavers), open bron data en overige interne en externe (digitale) bronnen. Daarmee kan de stad vervolgens ‘onverwachte’ nieuwe ontwikkelingen voor zijn.
Zoetermeer wil daarom de komende jaren de informatiepositie op het gebied van leefbaarheid en veiligheid versterken door verder te werken aan datagedreven sturing en concrete projecten uit te voeren.
6
2. Veiligheidsbeeld 2014-2017 In dit hoofdstuk wordt kort ingegaan op het veiligheidsbeeld in Zoetermeer van de laatste vier jaar : de looptijd van de huidige nota. Er wordt ingegaan op zowel de objectieve als de subjectieve veiligheid. 2.1 Objectieve veiligheid: geregistreerde misdrijfcijfers De objectieve veiligheid wordt bepaald aan de hand van het aantal misdrijfaangiften. In tabel 2.1 is het aantal misdrijfaangiften vanaf 2014 opgenomen alsmede het aantal aangiften voor de High Impact Crimes. Er is sprake van een constante daling. Met uitzondering van het misdrijf straatroof. Tabel 2.1 Objectieve veiligheid 2014
2015
2016
2017
Misdrijven
Totaal
7.713
6.463
5.781
5.714
High Impact Crimes
Totaal Geweld Woninginbraak Straatroof Overvallen
1.364 752 554 45 13
1.253 697 495 53 8
1.015 659 302 46 8
924 637 247 29 11
2.2 Subjectieve veiligheid: veiligheidsbeleving Om de subjectieve veiligheid te meten, dat wil zeggen de gevoelens die mensen over het niveau van veiligheid hebben, wordt de inwoners van Zoetermeer per enquête gevraagd hoe vaak zij zich onveilig voelen in de eigen buurt en in de stad als geheel.1 Dat levert het volgende, vrij constante, beeld op. Tabel 2.2 Subjectieve veiligheid Rapportcijfer veiligheid in Zoetermeer Rapportcijfer veiligheid in de buurt % inwoners dat zich zelden of nooit onveilig voelt in Zoetermeer % inwoners dat zich zelden of nooit onveilig voelt in eigen buurt
2014
2015
2016
2017
7,2 7,5 55%
7,2 7,5 60%
7,4 7,7 56%
7,4 7,7 62%
68%
70%
73%
74%
2.3 Veiligheidsbeeld van de prioriteiten Op hoofdlijnen is ten aanzien van de prioriteiten in de afgelopen vier jaar het volgende gedaan. Geweld Het (preventief) cameratoezicht is uitgebreid; Veilig stappenacties; Er zijn gemiddeld 35 tijdelijk huisverboden per jaar opgelegd. De effectindicator is het rapportcijfer voor veiligheid in Zoetermeer. Dit cijfer is vanaf 2014 licht gestegen naar een 7,4. Woninginbraken Vanaf 2015 is er jaarlijks een succesvolle subsidie-actie geweest; Er zijn voorlichtingscampagnes gehouden. Met name rondom de donkere dagen, op de wijkveiligheidsavonden en in buurten waar was ingebroken; Regelmatige surveillance-rondes door de buurtpreventieteams Wijk en Agent Samen (WASteams). 1
De informatie is afkomstig uit de Omnibusenquêtes.
7
De effectindicator is het aantal woninginbraken per jaar. Dit aantal is vanaf 2014 meer dan gehalveerd. (Zie tabel 2.1.) Jeugdoverlast en jeugdcriminaliteit Er is een convenant gesloten met alle partners waardoor de aanpak is geïntensiveerd; Intensivering van de persoonsgerichte aanpak jeugd(inzet netwerkregisseurs); Start met informatie gestuurde werkwijze (informatie-analist); Jaarlijks is een aantal gebiedsverboden opgelegd. Variërend van 6 tot 25 per jaar; De Stadsmarshall heeft zijn werkterrein verbreed met Meerzicht. De effectindicator is het rapportcijfer voor veiligheid in de buurt. Dit cijfer is vanaf 2014 licht gestegen naar een 7,7. Georganiseerde criminaliteit Jaarlijks oprollen van hennepkwekerijen; Integrale aanpak is versterkt; Sluiting van ‘foute horecabedrijven’: horecasanctiebeleid en controle en handhaving. De effectindicator is het rapportcijfer voor veiligheid in Zoetermeer. Dit cijfer is vanaf 2014 licht gestegen naar een 7,4. Overlast en maatschappelijke onrust Aanpak radicalisering: o Intensivering van de persoonsgerichte aanpak radicalisering (inzet netwerkregisseurs); o Start met informatie gestuurde werkwijze (informatie-analist); Aanpak stille en enge plekken; Jaarlijkse handhavingsacties Randstadrail; Intensivering aanpak jaarwisseling (bijvoorbeeld vuurwerkshow); Aanpak woonoverlast is opgestart.
De effectindicator is het rapportcijfer voor veiligheid in de buurt. Dit cijfer is vanaf 2014 licht gestegen naar een 7,7.
8
3. Regie op de integraliteit van het veiligheidsbeleid 3.1 Versterking van de regierol op integraliteit De gemeente Zoetermeer voert een sterke regie op de integraliteit van het veiligheidsbeleid. Thema’s zoals de jaarwisseling, radicalisering en de aanpak van problematische jeugdgroepen worden getrokken en aangestuurd door de gemeente. De gemeente werkt daarbij nauw samen met een verscheidenheid aan veiligheidspartners. Daarbij heeft de gemeente naast een regisserende ook een coördinerende rol. De regierol betreft het brede terrein van de sociale veiligheid, variërend van (jeugd)criminaliteit, radicalisering en huiselijk geweld tot en overlast. Samen met inwoners, ondernemers en andere organisaties wordt gewerkt aan een veilig Zoetermeer. Regie op het lokale veiligheidsbeleid betekent sturing op de selectie en aanpak van de veiligheidsspeerpunten, sturing op een integrale samenwerking en de nakoming van afspraken op basis van de wet, gesloten convenanten of samenwerkingsovereenkomsten, sturing op tussentijdse evaluaties en de kwaliteit van de organisatie van veiligheid. Een voorbeeld hierbij is de samenwerking van gemeente en hulpdiensten in het kader van evenementenveiligheid. Goede samenwerking kan het effect van een ramp of crisis beperken.
In regionaal verband werken de gemeente Zoetermeer en andere regiogemeenten, de brandweer, de GHOR, en de Politie Eenheid Den Haag samen aan rampenbestrijding en crisisbeheersing. Deze vorm van veiligheid omvat het zoveel mogelijk voorkomen van incidenten, rampen en crises en het voorkomen en beperken van (gezondheids)schade bij incidenten, rampen en crises. In de afgelopen periode is met de regiogemeenten samengewerkt aan de uitwerking van de nieuwe visie op gemeentelijke crisisbeheersing. De komende periode richten we de gemeentelijke crisisorganisatie op een breder perspectief waarbij zij niet alleen is voorbereid op de klassieke rampen en crises, maar ook op incidenten in het sociaal domein en het domein van de openbare orde en veiligheid (zoals terroristische aanslagen) met (een grote) maatschappelijke impact. 3.2 Veiligheidspartners Samenwerking met de veiligheidspartners is essentieel om de veiligheid in Zoetermeer te verbeteren. Hieronder worden kort de belangrijkste partners die betrokken zijn bij de integrale uitvoering van het veiligheidsbeleid genoemd. Integraliteit: de veiligheidspartners Met de volgende partners wordt in de wijken samengewerkt en uitvoering gegeven aan de regierol op het veiligheidsbeleid: Inwoners (o.a.
WAS, Buurt Bestuurt, Burgernet, BuurtWhatsappgroepen), Buurtverenigingen, Woningcorporaties, Welzijnsorganisaties, Jongerenwerk, Ondernemers, Politie Zoetermeer, Politie eenheid Den Haag, Openbaar Ministerie HALT, Veiligheidsregio Haaglanden, RIEC, Sportverenigingen, HTM, Kwadraad, Verenigingen van Eigenaren,
9
Integraliteit: de veiligheidspartners Ministerie van Justitie en Veiligheid, Reclasseringsorganisaties, Steunpunt Huiselijk Geweld en AMK (Advies- en Meldpunt Kindermishandeling),Veilig Thuis, Veiligheidshuis Haaglanden, Verslavingszorg, Centrum voor Jeugd en Gezin (Meerpunt), Onderwijsinstellingen, AIVD, NCTV, Andere gemeenten.
10
4. De speerpunten 4.1 Toelichting op de keuze voor speerpunten De belangrijkste veiligheidsonderwerpen waarop de gemeente zich momenteel richt worden ‘prioriteiten’ genoemd. Omdat dit ten onrechte een rangorde suggereert, wordt voorgesteld niet langer over prioriteiten maar over ‘speerpunten’ te spreken. De speerpunten zijn niet geheel nieuw. Dat blijkt als we de speerpunten met de huidige prioriteiten vergelijken. Zie de onderstaande tabel voor de vergelijking. PRIORITEITEN 2015-2018 1. Geweld 2. Woninginbraken 3. Georganiseerde criminaliteit 4. Overlast en maatschappelijke onrust
SPEERPUNTEN 2019-2022 1. High Impact Crimes 2. 3.
Ondermijning Extremisme en radicalisering
5. Jeugdoverlast en jeugdcriminaliteit
4.
Problematische jeugdgroepen
De belangrijkste, kleine, verschillen zijn: momenteel zijn alleen de High Impact Crimes (verder: HIC) geweld en woninginbraken ieder voor zich een prioriteit. Naast deze twee misdrijven behoren ook straatroven en overvallen tot de HIC. Door voor de periode 2019-2022 alle HIC tot speerpunt te benoemen wordt recht gedaan aan het gelijkwaardige belang van deze vier misdrijven. Eventueel wordt per jaar bekeken welk misdrijf de meeste aandacht verdient; de term georganiseerde criminaliteit wordt vervangen door de meer ingeburgerde term ondermijning; radicalisering is een onderdeel van de huidige prioriteit overlast en maatschappelijke onrust. Extremisme, zowel van linker- als rechterzijde, wordt samen met radicalisering het nieuwe speerpunt. Het nieuwe speerpunt is minder uitgebreid dan de oude prioriteit. Overlast en maatschappelijke onrust omvat immers meer dan alleen radicalisering en extremisme; de omschrijving van overlastgevende jeugd wordt gewijzigd in problematische jeugdgroepen. Het gebruik van het meer overkoepelende bijvoeglijk naamwoord ‘problematische’ geeft aan dat het om meer gaat dan alleen overlast. Het kan ook gaan om bijvoorbeeld crimineel gedrag. Daarnaast wordt deze term ook in regionaal verband gebruikt. De vaststelling van de speerpunten betekent niet dat andere onderwerpen geen aandacht krijgen.
Projecten zoals de jaarwisseling, de aanpak van stille/enge plekken en Wijk en Agent samen (burgerparticipatie) worden voortgezet. Voor de periode 2019-2022 is onlangs het nieuwe Regionale Beleidsplan (verder: RBP) door het Regionaal Bestuurlijk Overleg vastgesteld.2 In de vorige editie van de nota is er voor gekozen om de in regionaal verband vastgestelde prioriteiten3 één op één als Zoetermeerse prioriteiten op te nemen. Uit de volgende tabel blijkt dat dit ook voor dit jaar gedeeltelijk het geval is. SPEERPUNTEN 2019-2022 1. High Impact Crimes 2. Ondermijning 3. Extremisme en radicalisering 4. Problematische jeugdgroepen 2
REGIONALE PRIORITEITEN 2019-2022 1. High Impact Crimes 2. Ondermijning 3. Aanpak van (Contra)-terrorisme, extremisme en radicalisering (CTER) 4. Problematische jeugdgroepen
Dit overleg bestaat uit: alle burgemeesters, de hoofdofficier van Justitie en de politiechef.
11
SPEERPUNTEN 2019-2022
REGIONALE PRIORITEITEN 2019-2022 5. Personen met verward gedrag 6. Cybercrime 7. (huiselijk) geweld
De belangrijkste verschillen zijn dat: in Zoetermeer cybercrime, dat wil zeggen: de misdaad op en/of met behulp van het internet, geen speerpunt is. Dit is bij uitstek een onderwerp dat op regionaal (en/of landelijk) niveau dient te worden opgepakt; de regionale prioriteit ‘personen met verward gedrag’ een in het licht van het totale veiligheidsbeleid gezien te klein thema is om voor de komende vier jaar prominent als speerpunt te worden benoemd. Dat wil uiteraard niet zeggen dat het thema, net zoals cybercrime, in het geheel geen aandacht krijgt. Die aandacht is er zeker, maar niet als speerpunt; geweld is één van de HIC. Het is daarom niet nodig om (huiselijk) geweld als zelfstandig speerpunt te benoemen. 4.2 De strategische uitgangspunten In de aanpak van de speerpunten worden de strategische uitgangspunten4 gehanteerd. Dat betekent dat voor alle speerpunten geldt dat er met name wijkgericht wordt gewerkt, de actieve betrokkenheid van inwoners en ondernemers daar waar mogelijk wordt gestimuleerd en een informatiegestuurde werkwijze centraal staat. Ook wordt zo veel mogelijk getracht (en daar waar praktisch mogelijk) het beleid met inwoners en ondernemers uit te voeren. De beschrijving van de speerpunten hieronder start met dat wat er precies onder wordt verstaan. En, indien van toepassing, welke thema’s binnen het speerpunt in ieder geval worden aangepakt.
Vervolgens worden de doelen en beoogde effecten benoemd. Het effect is wat binnen die prioriteit in de buitenwereld daadwerkelijk verandert. Vervolgens wordt beschreven welke resultaten geboekt moeten worden om dat effect te bereiken. De resultaten zijn tastbare (interne) producten die gerealiseerd zijn om het effect te bereiken. En tot slot volgt een beschrijving van de inspanningen, dit zijn de activiteiten die ondernomen worden om resultaten te boeken. Op deze wijze wordt inzichtelijk hoe de activiteiten bijdragen aan het bereiken van de beoogde effecten. 4.3 High Impact Crimes Wat? De High Impact Crimes (HIC) zijn geweld, woninginbraken, overvallen en straatroven. Het misdrijf dat de grootste problematiek kent, wordt aangepakt. Dat kan per jaar verschillen. Het grote voordeel hiervan is dat per wijk bepaald kan worden welk misdrijf in die wijk de meeste aandacht nodig heeft. Wat vaststaat is dat in ieder geval het thema huiselijk geweld de komende jaren prominent aandacht krijgt. In de vorige nota waren alleen de HIC-misdrijven ‘woninginbraken’ en ‘geweld’ een prioriteit. Door alle HIC-misdrijven als speerpunt te benoemen krijgen zij allen als uitgangspunt een gelijk gewicht. Doelen en beoogde effecten In Zoetermeer heeft de samenleving met minder geweld, woninginbraken, straatroven en overvallen te maken. Mensen begeven zich zonder gevaar voor lijf en leden op straat.
Inwoners kennen een veilige thuisomgeving en moeten zich veilig voelen in de woonomgeving en in de stad. Dit is ambitieus. De misdrijfaangiftecijfers zijn de afgelopen jaren spectaculair gedaald. Het wordt een enorme opgave om dit vol te houden en er voor te zorgen dat inwoners ook ervaren dat het risico om slachtoffer te worden (is) verminderd. Plegers van HIC delicten worden (eventueel na detentie) opgenomen in een integrale persoonsgerichte aanpak om recidive te voorkomen. 4
Zie hoofdstuk 1
12
Resultaten In de meest ideale situatie nemen de aantallen HIC af. De burgemeestersbevoegdheden worden daar waar van toepassing ingezet. Met name het opleggen van een tijdelijk huisverbod om huiselijk geweld tegen te gaan en het opleggen van een gebiedsverbod. Ook zou de vrees om slachtoffer te worden van deze misdrijven moeten afnemen. Recidive door HIC plegers wordt geminimaliseerd.
Cameratoezicht uitgaansgebied Tijdelijk huisverbod
X
X
X
X
Voorlichting
X
X
Opleggen gebiedsverbod Lik op stuk beleid
X
X
X
X
Nazorg overvallen
X
X
X
Inzet social media
X
X
X
PGA aanpak HIC’ers
X
X
Sociale partners
Wijk regisseur
Corporatie
Sportverenigingen
Inspanningen
Ondernemers
Politie
Gemeente
Partners
Inwoners
Inspanningen In onderstaande tabel wordt op het niveau van hoofdactiviteiten beschreven welke inspanningen worden geleverd om resultaten te boeken die bijdragen aan het gewenste effect.
X X
X
X X
X
X X
X
13
4.4 Problematische jeugd(groepen) Wat? De afgelopen jaren zijn er jeugdgroepen in Zoetermeer actief geweest die zorgen voor overlast en criminaliteit. Deze jongeren zorgen voor geluidsoverlast, vervuiling van de omgeving en/of vertonen intimiderend gedrag. In de meest ernstige gevallen is sprake van vandalisme en criminaliteit. Ook is bekend dat problematische jeugdgroepen de ‘kraamkamers’ kunnen zijn van een verder ontluikende criminele carrière en maatschappelijk afglijden in de hand werken. Doelen en beoogde effecten In Zoetermeer wordt door middel van een groeps- en persoonsgerichte aanpak getracht om de overlast en criminaliteit (door deze groepen) te reduceren en de kans op verder afglijden te minimaliseren. Door een persoonlijke benadering van de jongeren en ouders/verzorgers wordt per jongere een plan van aanpak gemaakt waarin interventies gericht op preventie, zorg/hulpverlening en waar nodig repressie samenkomen. Er worden plannen gemaakt op persoonsniveau, maar ook op groepsniveau. Op groepsniveaus is het doel om de overlast van de groep te laten verdwijnen en nieuwe aanwas te voorkomen. Waar dit van toepassing is, trekken wij samen op met de relevante wijkpartners. Resultaten Alle problematische jeugdgroepen zijn in beeld en op alle jeugdgroepleden is een persoonsgerichte aanpak opgestart.
Persoonsgerichte aanpak jeugdnetwerk
X
X X
X
X
X
X
X
X
X
X
X
X
X
X
X
X
X
X
Openbaar Ministerie
Stadsmarshall
X
Wijk regisseur
Wijkaanpak jongerengroepen Plaatsen van jongerenvoorzien ingen Samenwerking met het Veiligheidshuis Inzet Overlastwet
Sociale partners
Inspanningen
Jongerenwerk
Scholen
Politie
Inwoners
Partners
Gemeente
Inspanningen De bestaande aanpak wordt voortgezet. Daar waar van toepassing worden nieuwe ontwikkelingen geïmplementeerd. De persoonsgerichte aanpak wordt verder uitgebouwd. In onderstaande tabel wordt op het niveau van hoofdactiviteiten beschreven welke inspanningen worden geleverd om resultaten te boeken die bijdragen aan het gewenste effect.
X
X
X
X
4.5 Ondermijning Wat? Ondermijning kan gezien worden als een containerbegrip voor alle vormen van criminaliteit die de fundamenten van de samenleving aantasten. Ondermijnende criminaliteit heeft een ontwrichtend 14
effect op de samenleving. Voorbeelden van verschijningsvormen van ondermijning zijn georganiseerde hennepteelt/drugshandel, mensenhandel, fraude, witwassen enz. Het gaat vaak om misdaden die in georganiseerd verband plaatsvinden. Daarbij is er vaak ook sprake van verwevenheid tussen de boven- en onderwereld. Dit maakt dat ondermijning niet altijd zichtbaar is. Het ontwrichtende effect van ondermijning is niet alleen een strafrechtelijk maar ook een maatschappelijk probleem. Een integrale aanpak waarbij verschillende partijen samenwerken is daarom van belang. In deze integrale aanpak heeft de gemeente de regie en zet waar nodig bestuursrechtelijke middelen in om ondermijning aan te pakken. Doelen en beoogde effecten Het doel van de aanpak van ondermijning is het in beeld brengen van (vermoedelijke) georganiseerde ondermijnende criminaliteit en dit door middel van een integrale samenwerking met verschillende veiligheidspartners aan te pakken. Een eerste stap in het aanpakken van ondermijning is het creëren van bewustwording zowel binnen de gemeentelijke organisatie als daarbuiten (professionals, ondernemers, etc.). Deze bewustwording wordt gecreëerd door mensen te informeren over het fenomeen ondermijning, hen te laten zien wat mogelijke signalen zijn en waar zij met deze signalen terecht kunnen.
Het effect hiervan is dat (vermoedelijke) ondermijning in beeld wordt gebracht, de gemeente samen met de veiligheidspartners aan de slag kan met de signalen en dat de gemeente zelf ook weerbaar wordt tegen ondermijning en niet onbewust ondermijnende activiteiten faciliteert. Resultaten Inzicht hebben in de aard en de omvang van ondermijnende criminaliteit in Zoetermeer. Doordat er bewustwording is gecreëerd binnen de gemeente is de gemeente er alert op onbewust geen ondermijnende activiteiten te faciliteren. Dit wordt bereikt door beter gebruik te maken van bestuursrechtelijke middelen zoals het inzetten van de wet Bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur (wet Bibob). Door middel van de aanpak van ondermijning met verschillende veiligheidspartners samenwerken om zoveel mogelijk gevallen van ondermijnende criminaliteit aan te pakken.
X
X
X
Inspanningen Integrale aanpak illegale hennepteelt BIBOB toepassen Integrale aanpak OMG Voorlichting Samenwerking met het RIEC
X X x x
X x x
Belastingdienst
Openbaar Ministerie
X
Wijk regisseur
X
Sociale partners
Politie
X
Scholen
Inwoners
Partners
Gemeente
Inspanningen In onderstaande tabel wordt op het niveau van hoofdactiviteiten beschreven welke inspanningen worden geleverd om resultaten te boeken die bijdragen aan het gewenste effect.
X x
x
15
4.6 Extremisme en radicalisering Wat? Dit was in de vorige kadernota een prioriteit, met dien verstande dat hij toen onderdeel uitmaakte van ’overlast en maatschappelijke onrust’. Het nieuwe speerpunt is dus minder uitgebreid dan de oude prioriteit. Het tegengaan van radicalisering betreft het voorkomen van radicalisering en het uitreizen naar strijdgebied en de begeleiding van terugkeerders. Maar ook andere vormen van radicalisering en extremisme kunnen indien aan de orde aandacht krijgen. Te denken valt aan een mogelijke toename van extreem-rechtse of extreem-linkse verschijnselen. Doelen en beoogde effecten Afname van radicalisering in de samenleving. Geen nieuwe vormen van extremisme in de samenleving. Er is geen polarisatie. Resultaten Meldingen en signalen met betrekking tot radicalisering zijn opgepakt. Inspanningen De bestaande aanpak wordt voortgezet. Daar waar aan de orde worden nieuwe ontwikkelingen toegepast. De persoonsgerichte aanpak wordt verder uitgebouwd.
Persoonsgericht e aanpak Aanpak radicalisering
X X
X X
X
X X
Wijkregisseur
Sociale partners
Brandweer
Ondernemers
Scholen
Politie
Inwoners
Gemeente
In onderstaande tabel wordt op het niveau van hoofdactiviteiten beschreven welke inspanningen worden geleverd om resultaten te boeken die bijdragen aan het gewenste effect.
X x
16