CConstaterende datZoetermeer
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1 - Integraal Huisvestingsplan (speciaal) basisonderwijs en speciaal onderwijs

Raadsvergadering 20 februari 2023, gemeente ZoetermeerBij agendapunt: Raadsvoorstel Vaststellen integrale huisvestingsplannen primair onderwijs en integraal huisvestingsplan voortgezet onderwijs6.317 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Integraal Huisvestingsplan Onderwijs Zoetermeer (Speciaal) basisonderwijs en speciaal onderwijs - 2023-2027

Opdrachtgever Gemeente Zoetermeer

Datum 3 november 2022

Referentienummer 2200156/

Auteur Maarten Groenen Chantal Pieterse Leonoor Clemens

│ Onderdeel van ICS Ruimteregiegroep BV

Inhoudsopgave 1.

2.

3.

4.

Inleiding

3

1.1

Inleiding

3

1.2

Feiten en cijfers

4

1.3

Scope

4

1.4

Plan van Aanpak

6

Relevante ontwikkelingen

7

2.1

Demografisch

7

2.2

Financieel

10

2.3

Duurzaamheid

10

2.4

Wetswijzigingen

11

Projecten

12

3.1

Gewijzigde projecten

12

3.2

Nieuwe projecten

14

3.3

Samenvatting

16

Financiën

17

4.1

Financiële kaders

17

4.2

Investeringen

18

Bijlagendocument

19

www.icsadviseurs.nl

1.

Inleiding

1.1

Inleiding

In 2016 heeft de gemeente Zoetermeer het Integraal Huisvestingsplan Primair Onderwijs 2016-2020 vastgesteld. In het licht van een aantal actuele ontwikkelingen, zoals het coalitieakkoord ‘Samen doen wat nodig is’ met aangescherpte duurzaamheidsambities en de aanstaande wetwijzigingen, vindt de gemeente Zoetermeer het van belang om het meerjarenperspectief voor alle schoolgebouwen binnen het primair, voortgezet en speciaal onderwijs hierop te actualiseren. Om dit te realiseren is de wens uitgesproken om, in samenwerking met de schoolbesturen, nieuwe kaders en plannen te formuleren. Het voorliggende Integraal Huisvestingsplan Onderwijs 2023-2027 (verder IHP) is hiervan een eerste resultaat. Het IHP is echter niet los te zien van een gezamenlijke visie op onderwijs en de onderwijshuisvesting. In samenwerking met de schoolbesturen en kinderopvangpartners is in 2020 tevens de ‘Kadernotitie Onderwijshuisvesting gemeente Zoetermeer - Primair en speciaal onderwijs’ opgesteld, waarin de speerpunten voor de nabije toekomst worden geformuleerd, en kaders voor de planvorming van het IHP zijn geformuleerd. Voor de komende jaren dient deze kadernotitie als basis voor de gesprekken tussen de gemeente en de schoolbesturen. De kadernotitie en dit IHP moeten dus in samenhang worden bezien en vastgesteld worden door de gemeenteraad.

In vervolg op dit IHP wordt momenteel gewerkt aan de ontwikkeling aan een lange termijn perspectief; Masterplan 2028-2040. Om projecten voor de langere termijn te kunnen formuleren, die aansluiten bij de Kadernotitie en ontwikkelingen in de stad, is verder en integraal onderzoek en brede afstemming nodig. De grootste schoolbesturen binnen de gemeente Zoetermeer, Unicoz Onderwijsgroep (Unicoz) en Stichting Openbaar Primair Onderwijs Zoetermeer (OPOZ), doorlopen momenteel een separaat traject waarin zij tevens de beoogde planvorming voor de periode 2028-2040 onderzoeken en onderlinge afspraken aan het uitwerken zijn. Dit traject heeft tevens consequenties voor de huisvesting van het speciaal basisonderwijs (SBO) en het speciaal onderwijs (SO) en vraagt daarom ook om afstemming met de andere schoolbesturen, het samenwerkingsverband en de gemeente. Over de opgenomen projecten in het voorliggende IHP 2023-2027 is reeds consensus en de wens om deze op korte termijn te realiseren. Het voorliggende IHP is opgesteld onder begeleiding van ICSadviseurs en in samenwerking met de vertegenwoordigers van de gemeente, schoolbesturen van het (speciaal) basisonderwijs en speciaal onderwijs die actief zijn binnen het gemeentegebied van Zoetermeer.

www.icsadviseurs.nl

3/19

1.2

Feiten en cijfers

De gemeente Zoetermeer bestaat uit 10 wijken: Buytenwegh De Leyens, Seghwaert, Noordhove, Oosterheem, Palenstein, Stadscentrum, Dorp, Driemanspolder, Meerzicht en Rokkeveen. In de gemeente zijn 9 schoolbesturen actief , waarvan 5 schoolbesturen in het (S)BO en 4 schoolbesturen in het (V)SO. n e raa

is es in s an

11

o

(s eciaa asis on er i s ( oor e e s eciaa on er i s 1

1 eer in en in

1

eer in en in

1 1

1 eer in en in eer in en in

Voor het (S)BO en (V)SO beschikt de gemeente momenteel over 53 schoolgebouwen: 46 voor het (S)BO en 7 voor het (V)SO. In totaal bedraagt de permanente onderwijscapaciteit voor dit type 79.911 m² bvo. De leerlingprognose, opgesteld door de gemeente Zoetermeer in september 2022, houdt rekening met twee scenario’s: scenario 1 (waarin de woningvoorraad t/m 2032 met 8.619 woningen groeit) en scenario 2 (waarin de woningvoorraad t/m 2032 met 7.327 woningen groeit). In scenario 1 neemt het aantal leerlingen in het (S)BO af van circa 11.000 in 2022 naar circa 10.600 leerlingen in 2037. Dit is een afname van ongeveer 400 leerlingen. De verwachte piek ligt rondom 2027 met circa 11.364 leerlingen. In scenario 2 wordt eveneens een daling van het aantal leerlingen verwacht naar circa 10.400 leerlingen in 2037, na eerst een beperkte groei tot 11.250 in 2027. De leerlingontwikkeling in het SBO en SO laat zich moeilijk prognosticeren en is geen onderdeel van de prognose. De ontwikkeling en omvang van het SBO en SO wordt besproken en afgestemd binnen het samenwerkingsverband.

1.3

Scope

Op basis van de uitgangspunten in de kadernotitie, de staat van de gebouwen en ontwikkelingen in de wijk hebben de betrokken schoolbesturen een prioritering gemaakt van de schoolgebouwen binnen het (S)BO en SO die zij een plek willen geven in het IHP 2023-2027. Daarnaast zijn in voorliggend IHP een aantal schoolgebouwen opgenomen die reeds in het IHP 2016-2020 waren aangemerkt als project en waarvan er momenteel 1 in ontwikkeling is. De schoolgebouwen voor het voortgezet (speciaal) onderwijs en faciliteiten voor het bewegingsonderwijs vallen buiten de scope.

www.icsadviseurs.nl

4/19

Figuur 1 geeft een overzicht van de, in het IHP 2023-2027, in opgenomen schoolgebouwen. Tevens geeft de kaart inzicht in de overige (S)BO en SO scholen in de gemeente Zoetermeer. Ook de VSO scholen zijn hierop weergegeven.

1

oor

i en e ie

11 1

1 1 1

en

e e ens

e

e

1 1

o e

aer 1

1 1

a s cen r os er ee 1

1

1

eer ic

rie ans o er

1

a eins ein or

i en e ie 1

o e een

Figuur 1 - Onderwijs in de gemeente Zoetermeer

www.icsadviseurs.nl

5/19

1.4

Plan van Aanpak

Een belangrijk uitgangspunt voor het IHP is dat het een gezamenlijk plan is van de schoolbesturen en de gemeente. Betrokkenheid en draagvlak vormen de basis voor de aanpak. Unicoz en OPOZ hebben hierbij het initiatief genomen en zijn een gezamenlijk traject gestart om een toekomstbestendige visie en plan te ontwikkelen voor hun scholen. Op basis hiervan is een voorstel voor de projecten voor het IHP 2023-2027 geformuleerd en volgt later tevens een voorstel voor projecten voor het IHP 2028-2040. Het IHP 2023-2027 is vervolgens afgestemd en besproken met de gemeente en andere schoolbesturen. Bij het ontwikkelen van het voorstel voor de projecten in het IHP 2023-2027 is rekening gehouden met de volgende aspecten: ▪ ▪

▪

▪

▪ ▪ ▪

Integraal Huisvestingsplan Primair Onderwijs 2016-2020: In dit IHP zijn tevens projecten opgenomen, die nog niet zijn gerealiseerd of in voorbereiding zijn; Kadernotitie Onderwijshuisvesting gemeente Zoetermeer - ri air en s eciaa on er i s’: In de kadernotitie staan heldere kaders voor de toekomstige planvorming, o.a. een streven naar dubbel- of tweestrooms schoolgebouwen en een wijkbenadering; Relevante ontwikkelingen: De stad en maatschappij zijn continue in beweging. Plannen voor de huisvesting van de scholen dienen hierop in te spelen. Te denken valt aan de Bouwopgave Zoetermeer 2040, stijgende bouwkosten of duurzaamheidsambities. Masterplan: OPOZ en Unicoz werken op basis van de ambitie en uitgangspunten van de Kadernotitie en de maatschappelijke ontwikkelingen in Zoetermeer, aan een totaalplan voor de huisvestingsopgave voor de komende decennia. Uitvoerbaarheid: De voorgestelde projecten moeten in de periode 2023-2027 tot uitvoering kunnen worden gebracht. Inzicht kwaliteit gebouwen: Actueel inzicht in de kwaliteit van de schoolgebouwen en de ervaren knelpunten is van belang voor het ontwikkelen van nieuwe plannen. Vervangingsfonds: De voorgestelde plannen dienen te passen binnen de kaders van het Vervangingsfonds. De effecten van de voorgestelde plannen op het Vervangingsfonds moeten inzichtelijk worden gemaakt.

In deze rapportage komen de bovenstaande aspecten verder terug. Zo worden de relevante ontwikkelingen en kadernotitie in respectievelijk hoofdstuk 2 beschreven. In hoofdstuk 3 worden de projecten beschreven, waarbij de koppeling wordt gemaakt met het IHP 2016-2020, de uitvoerbaarheid en de kwaliteit van de gebouwen. Tenslotte worden in hoofdstuk 4 de financiële consequenties in beeld gebracht.

www.icsadviseurs.nl

6/19

2.

Relevante ontwikkelingen

Bij het ontwikkelen van het integraal huisvestingsplan en de kadernotitie is rekening gehouden met relevante lokale en landelijke ontwikkelingen. In dit hoofdstuk zijn de relevante ontwikkelingen op het gebied van demografie, financiën, duurzaamheid en wetgeving beknopt beschreven.

2.1

Demografisch

Bouwopgave Zoetermeer 2040 De druk op de woningmarkt in Zoetermeer is groot en neemt snel toe. Er zijn zo'n 700 woningen per jaar nodig om aan de behoefte te voldoen. Zoetermeer wil de komende 10 tot 15 jaar 10.000 woningen bouwen en er wordt gezocht naar mogelijkheden om dit aantal op termijn uit te breiden tot in totaal 16.000 woningen. Hierdoor groeit Zoetermeer naar verwachting met 18.000 tot 30.000 inwoners. De Bouwopgave Zoetermeer 2040 betreft niet alleen een groei van het aantal huizen en inwoners, maar betreft de ontwikkeling van de stad in de volle breedte. Er komt een kwaliteitsimpuls voor de binnenstad en voor de hele stad wordt geïnvesteerd in bereikbaarheid en parkeermogelijkheden, het voorzieningenniveau, de onderwijsmogelijkheden, de ruimtelijke ordening en andere voorzieningen voor het bedrijfsleven, het prettig samen leven in de stad, het groen en de duurzaamheid. Waarbij er ook aandacht blijft voor de bestaande wijken en woningen. Met de Visie Zoetermeer 2040 speelt de gemeente in op de Bouwopgave Zoetermeer 2040. Visie Zoetermeer 2040 De ‘Visie Zoe er eer ’ is de integrale visie voor de lange termijn voor de stad en haar samenleving. Hierin staat de opgave centraal om tot een betere balans en tot een opwaartse beweging in de stad te komen. Het schetst een visie voor de sociale, economische en ruimtelijke ordening van de stad.

De visie is op 31 januari 2022 door de raad vastgesteld. De Strategische agenda 2040 slaat vervolgens de brug tussen de Visie Zoetermeer 2040 en de uitvoering op lange termijn. In de strategische agenda staan de programma's opgenomen waaraan de komende jaren wordt gewerkt. De ‘Visie Zoe er eer ’ en Strategische agenda 2040 zullen effect hebben op de woningbouw en daarmee ook op de groei en samenstelling van de bevolking. Monitoring van en het opstellen van actuele leerling prognoses zijn daarom van groot belang. Prognose De door de gemeente Zoetermeer opgestelde leerlingenprognose (2022) geeft inzicht in de verwachte ontwikkeling van het aantal leerlingen in het basisonderwijs. De leerlingprognose is in de planvorming de basis voor de berekening van de ruimtebehoefte per school en wijk. De leerlingprognose houdt rekening met twee scenario’s: scenario 1 ( 8.619 woningen extra in 2032) en scenario 2 (7.327 woningen extra in 2032). De leerlingprognose is toegevoegd in bijlage 2. De leerlingontwikkeling in het SBO en SO laat zich moeilijk prognosticeren en is geen onderdeel van de prognose scenario 1 en 2. Tabel 1 geeft een overzicht van de historie en de verwachte leerlingprognose per prognosegebied op basis van scenario 1. De kolom historie (2021 en 2022) geeft de oktobertelling van het voorgaande jaar weer.

www.icsadviseurs.nl

7/19

Historie

Historie

Prognose →

Leerlingaantal

2021

2022

2023

2025

2027

2030

2033

2037

∆ 2022 2037

Dorp

388

369

375

382

381

434

475

544

175

Stadscentrum

238

245

233

280

338

361

442

536

291

Paleinstein

409

455

449

502

555

594

639

583

128

Driemanspolder

507

498

495

484

474

469

479

505

7

Meerzicht-West

1020

1001

1000

988

948

858

783

748

-253

Meerzicht-Oost

576

574

564

575

556

528

514

510

-64

Buytenwegh

1089

1114

1100

1080

1063

1008

931

868

-246

De Leyens

872

841

815

744

719

674

662

621

-220

Seghwaert-Zuidwest

636

621

618

612

622

621

642

647

26

Seghwaert-Noordoost

906

902

892

887

895

874

828

748

-154

Noordhove-West

267

271

265

274

280

279

249

198

-73

Noordhove-Oost

490

487

478

498

496

481

436

377

-110

Rokkeveen-West

558

544

567

575

657

674

635

518

-26

Rokkeveen-Oost

1126

1140

1136

1165

1234

1222

1.126

898

-242

Oosterheem-Zuidwest

1249

1245

1278

1276

1154

951

806

739

-506

Oosterheem -Noordoost

1650

1625

1590

1604

1545

1406

1.350

1.405

-220

Industrie- en buitengebied

62

50

45

41

36

34

38

50

0

het Entreegebied

0

0

0

222

569

1133

1.309

1.236

1236

12.043

11.982

11.900

12.189

12.522

12.601

12.344

11.731

-251

TOTAAL

Verschil

Tabel 1 - Leerling ontwikkeling basisonderwijs ( scenario 1) Uit de tabel is op te maken dat volgens de prognose in scenario 1 de leerlingenaantallen in het basisonderwijs de komende jaren zullen toenemen. De piek in de leerlingontwikkeling wordt verwacht in 2030, wanneer er ca. 600 meer leerlingen worden verwacht ten opzichte van 2022. Het is de verwachting dat na 2031 het leerlingaantal weer snel afneemt tot circa 11.700 leerlingen in 2037. Binnen Zoetermeer zijn er verschillen in de leerlingontwikkeling waarneembaar. Het leerlingenaantal in de prognosegebieden Driemanspolder, Rokkeveen-West, Seghwaert-Zuidwest blijft naar verwachting redelijk stabiel. Deprognosegebieden Meerzicht-West, Buytenwegh, De Leyens, Segwaert-Noordoost, Noordhove (Oost en West) en Oosterheem (Oost en West) krijgen op termijn vermoedelijk te maken met een grote daling van het aantal leerlingen. Daarentegen neemt het aantal leerlingen in de prognosegebieden Dorp, Stadscentrum en het Entreegebied flink toe.

www.icsadviseurs.nl

8/19

Scenario 2 Tabel 2 geeft een overzicht van de historie en de verwachte leerlingprognose per prognosegebied op basis van scenario 2. De kolom historie (2021 en 2022) geeft de oktobertelling van het voorgaande jaar weer. Historie

Historie

Prognose →

Leerlingaantal

2021

2022

2023

2025

2027

2030

2033

2037

∆ 2022 2037

Dorp

388

369

375

381

381

414

449

515

146

Stadscentrum

238

245

233

267

290

306

373

456

211

Paleinstein

409

455

449

493

528

557

592

542

87

Driemanspolder

507

498

495

479

471

463

474

501

3

Meerzicht-West

1020

1001

1000

990

938

850

775

739

-262

Meerzicht-Oost

576

574

564

575

556

528

514

510

-64

Buytenwegh

1089

1114

1100

1080

1063

1008

931

868

-246

De Leyens

872

841

815

744

719

674

662

621

-220

Seghwaert-Zuidwest

636

621

618

612

622

621

642

647

26

Seghwaert-Noordoost

906

902

892

887

895

874

828

748

-154

Noordhove-West

267

271

265

274

280

279

249

198

-73

Noordhove-Oost

490

487

478

494

491

475

432

373

-114

Rokkeveen-West

558

544

567

575

627

642

605

493

-51

Rokkeveen-Oost

1126

1140

1136

1165

1234

1222

1.126

898

-242

Oosterheem-Zuidwest

1249

1245

1278

1259

1139

936

794

729

-516

Oosterheem -Noordoost

1650

1625

1590

1601

1538

1400

1.344

1.400

-225

Industrie- en buitengebied

62

50

45

41

36

34

38

50

0

het Entreegebied

0

0

0

222

569

1133

1.309

1.236

1236

12.043

11.982

11.900

12.139

12.377

12.416

12.137

11.524

-458

TOTAAL

Verschil

Tabel 2 - Leerling ontwikkeling basisonderwijs (scenario 2) De tabel laat zien dat volgens de prognose in scenario 2 de leerlingenaantallen in het basisonderwijs de komende jaren geleidelijk zullen toenemen en vanaf 2030 sterk zullen afnemen. Het is de verwachting dat er in 2037 circa 450 leerlingen minder zijn ten opzichte van 2022. Net zoals in scenario 1 zijn met deze prognose ook verschillen per prognosegebied zichtbaar. De verschillen per prognosegebied zijn redelijk vergelijkbaar met scenario 1. Er is echter sprake van wat minder groei en wat meer daling. In dit IHP is scenario 1 als uitgangspunt gehanteerd.

www.icsadviseurs.nl

9/19

2.2

Financieel

Bouwkosten De Vereniging Nederlandse Gemeenten (VNG) heeft in maart 2018 het advies gegeven de normbedragen voor onderwijshuisvesting per 1 januari 2019 met 40% (en daarnaast nog 6,6% voor prijsontwikkeling) te verhogen. De reden hiervoor is dat de jaarlijkse indexering van de normbedragen over de afgelopen jaren, de werkelijke prijsontwikkelingen in de markt niet goed blijkt te hebben gevolgd. De VNG heeft de normbedragen de afgelopen jaren flink geïndexeerd. Voor 2021 is tevens een eenmalige toeslag van +9,6% opgenomen om in te spelen op de verhoogde kwaliteitseisen BENG (Bijna Energie Neutraal Gebouw). In dit advies is echter nog geen rekening gehouden met de huidige marktwerking en prijsstijgingen in de bouw. Het is de ambitie om in het Vervangingsfonds ten behoeve van de toekomstige vervangingscyclus rekening te houden met realistische investeringsbedragen, waarbij wordt ingespeeld op schommelingen in de markt. In dit IHP hanteren we daarom, in lijn met de kadernotitie, actuele normbedragen, waarbij helder is wat er vanuit deze normbedragen gerealiseerd moet worden en welke kosten (posten) er buiten vallen. In hoofdstuk 4 zijn de financiële uitgangspunten hierover uitgewerkt.

2.3

Duurzaamheid

Klimaatakkoord en routekaarten In het Klimaatakkoord zijn concrete doelstellingen geformuleerd voor het reduceren van de CO2-emissie binnen Nederland. Voor 2030 is het streefdoel een reductie van 49% (t.o.v. 1990) en voor 2050 is een hard einddoel van een reductie van 95% afgesproken. Om deze reductie te realiseren moeten alle gemeentes in 2022 een zogenaamde portefeuilleroutekaart hebben opgesteld. Ook voor de onderwijshuisvesting geldt dat dergelijke portefeuilleroutekaarten moeten worden opgesteld, waarin de CO2-reductie wordt geconcretiseerd. In het IHP 2028 – 2040 zal hieraan invulling worden gegeven. Gemeentelijke ambities De gemeente Zoetermeer zet volop in op de doelstellingen van het Klimaatverdrag van Parijs en omarmt het Duurzaamheidspact dat de Zoetermeerse politieke partijen gezamenlijk hebben ondertekend. Ze wil samen met inwoners en partners van de stad meters maken met de energietransitie. In het Programma Duurzaam en Groen Zoetermeer 2020-2032 ligt de focus op de energietransitie in de gebouwde omgeving en op de versterking van groen/biodiversiteit. Hiermee wordt invulling gegeven aan de belangrijkste taken die de gemeente vanuit het klimaatakkoord heeft gekregen.

De gemeente heeft als bevoegd gezag de bevoegdheid om te besluiten wanneer en hoe het aardgas uit een wijk verdwijnt én bepaalt samen met andere gemeenten waar en hoeveel duurzame energie er in de regio wordt opgewekt. Warmtevisie Zoetermeer In 2050 mag aardgas in Nederland niet meer gebruikt worden als verwarmingsbron voor woningen en andere gebouwen zoals scholen. n e ‘War e isie Zoe er eer’ ( oor e e een eraa as es e in an ari besc ri f e e een e aar isie o o een aar as ri e s a e o en “ e e een e Zoe er eer s reef naar een aardgasvrije stad in 2040. Dit is in lijn met de visie Zoetermeer 2040 (Gemeente Zoetermeer, 2021). Een aardgasvrije gebouwde omgeving betekent dat alle energie die nodig is in Zoetermeer voor verwarmen, oe en én oor ar a er en o en in on er aar as oe or en o e e ” Het klimaatakkoord vraagt dat gemeenten na de warmtevisie per wijk een uitvoeringsplan opstelt waarin wordt uitgewerkt hoe de woningen en gebouwen in de wijk allen aardgasvrij zullen worden. De wijken Palenstein, Meerzicht, Buytenwegh en Driemanspolder zijn in de Warmtevisie van Zoetermeer aangewezen als prioritaire gebieden en zullen naar verwachting als eerste van het gas af te gaan. Met betrekking tot onderwijshuisvesting is de ambitie van de gemeente Zoetermeer om aardgasvrije schoolgebouwen te realiseren.

Aansluitend op de overkoepelende ambitie van de gemeente betekent dit dat er voor elk schoolgebouw een plan nodig is om in 2050 zonder aardgas op een duurzame energiebron te verwarmen en duurzaam in elektriciteit te voorzien. In het IHP 2028 – 2040 worden de plannen t.a.v. de energietransitie verder geconcretiseerd.

www.icsadviseurs.nl

10/19

2.4

Wetswijzigingen

(B)ENG Per 1 januari 2021 is het wettelijk verplicht bij de realisatie van nieuwe schoolgebouwen te voldoen aan BENG (Bijna Energie Neutraal Gebouw). Hiervoor zijn tevens nieuwe energieprestatie indicatoren geformuleerd (NTA 8800). Deze energieprestatie indicatoren stellen eisen aan (1) de maximale energiebehoefte in kWh per m2 gebruiksoppervlak per jaar, (2) het maximale primair fossiel energiegebruik, eveneens in kWh per m2 gebruiksoppervlak per jaar en (3) het minimale aandeel hernieuwbare energie in procenten (%). In de Kadernotitie is als uitgangspunt geformuleerd dat alle nieuwe schoolgebouwen minimaal energieneutraal (ENG) moeten worden (met een financiële bijdrage van schoolbesturen) en wordt de lat dus hoger gelegd dan het wettelijk minimum. Aanstaande wetswijziging Verder zijn er door de PO-raad, VO-raad en VNG een aantal voorstellen gedaan m.b.t. onderwijshuisvesting. (oud) Minister Slob van OCW heeft deze voorstellen overgenomen. De voorstellen hebben betrekking op de renovatie van schoolgebouwen, het verplicht stellen van Integrale Huisvestingsplannen en de verruiming van het investeringsverbod voor het primair onderwijs. Het is de verwachting dat deze voorstellen in 2023 aan de Tweede Kamer worden voorgelegd en deze voorstellen mogelijk vanaf 2024 van kracht zullen zijn.

www.icsadviseurs.nl

11/19

3.

Projecten

Voor het IHP 2023-2027 is in samenspraak tussen schoolbesturen en gemeenten een aantal projecten geformuleerd. Deze projecten sluiten aan op het Integraal Huisvestingsplan Primair Onderwijs, de Kadernotitie Onderwijshuisvesting gemeente Zoetermeer - Primair en speciaal onderwijs en/of relevante ontwikkelingen in de stad. Bij het formuleren van de projecten is tevens rekening gehouden met de uitvoerbaarheid, kwaliteit van de schoolgebouwen en het Vervangingsfonds. In dit hoofdstuk zijn de beoogde projecten nader beschreven en is de koppeling gemaakt met de voorgaande aspecten. Uitgangspunt bij het formuleren van de projecten is de leerlingprognose van scenario 1, waarin de woningvoorraad t/m 2032 met 8.619 woningen groeit. In dit hoofdstuk maken we onderscheid tussen gewijzigde en nieuwe projecten. Bij het beschrijven van de projecten worden de consequenties voor de onderwijshuisvesting beschreven. De planvorming voor o.a. de kinderopvang dient in een volgende fase verder te worden uitgewerkt.

3.1

Gewijzigde projecten

Voor een aantal schoolgebouwen geldt dat er reeds in het IHP 2016-2020 is besloten om bepaalde oor ienin en en i e en oe e ennen n e e ara raaf e ‘gewijzigde ro ec en’ i n ie sc o en opgenomen, die in het vorige IHP al zijn vastgesteld, maar nog niet gerealiseerd zijn. Per schoolgebouw is opnieuw naar de situatie gekeken en is in deze paragraaf de aanleiding voor en invulling van de ingreep (voorziening) verder beschreven.

1 - Kindcentrum De Touwladder - Unicoz Onderwijsgroep Aanleiding: De nieuwbouw van Kindcentrum De Touwladder is reeds vastgesteld in het IHP 2016-2020. Het huidige schoolgebouw aan de Velddreef 328, in de wijk Seghwaert, dateert uit 1982 en is destijds gerealiseerd als semipermanente bouw. Voor dit schoolgebouw geldt verder dat er geen levensduur verlengende ingreep (LVI) is uitgevoerd, Met de nieuwbouw wordt tevens aangesloten bij de ambitie uit de Kadernotitie om de levensduur van eerste generatie schoolgebouwen met gemiddeld 10 jaar te verkorten om de versnelling van de duurzaamheidsambities te realiseren. Invulling: Het is de ambitie om de nieuwbouw van Kindcentrum De Touwladder onderdeel te laten zijn van de realisatie van een brede voorziening in de wijk met tevens ruimten voor o.a. kinderopvang, sport en jeugdzorg. De ontwikkeling van een Huis van de wijk wordt al enige tijd onderzocht en gegeven het verwachte bouwvolume moet een geschikte andere locatie in de wijk worden gezocht. Naast de ambitie om een Huis van de wijk te realiseren is er ook de ambitie om de leerlingen van Kindcentrum De Touwlader en IKC De Hofvijver (zie ook 3.2) onder één dak te huisvesten. Hierbij wordt gestreefd naar het delen van voorzieningen en het realiseren van meer faciliteiten.

www.icsadviseurs.nl

12/19

Belangrijk uitgangspunt is hierbij in ieder geval dat de (onderwijs)capaciteit aansluit op de behoefte op wijkniveau. Het realiseren van deze brede voorziening betekent dat er geen tijdelijke huisvesting voor Kindcentrum De Touwladder nodig is.

2 - De Keerkring SO (Cesar Franckrode) – Stichting Resonans Aanleiding: Het huidige school gebouw aan de Cesar Franckrode 66-68, in de wijk Buytenwegh, dateert uit 1975. Met de vervangende nieuwbouw wordt aangesloten bij de ambitie uit de Kadernotitie om de levensduur van eerste generatie schoolgebouwen met gemiddeld 10 jaar te verkorten. Unicoz en Resonans hebben de ambitie om samen een expertisecentrum voor SO en SBO op te richten waarbij de scholen SBO De Horizon (zie ook 3.2) en De Keerkring SO samen zijn gehuisvest als twee scholen onder één dak. Invulling: De vervangende nieuwbouw van De Keerkring SO is beoogd op een nieuwe locatie elders in de stad. Vervolgonderzoek is nodig om de exacte locatie, omvang en partners voor het expertisecentrum te bepalen. Voor De Keerking SO betekent dit in ieder geval dat er geen tijdelijke huisvesting nodig zal zijn. De capaciteit van De Keerkring SO dient samen met het samenwerkingsverband te worden bepaald en aan te sluiten bij de toekomstige behoefte in de regio. Na realisatie van de vervangende nieuwbouw valt de huidige locatie, conform wet- en regelgeving, terug aan de gemeente Zoetermeer. De nieuwbouw van De Keerkring VSO wordt opgenomen in het IHP voor het Voortgezet (Speciaal) Onderwijs dat momenteel wordt opgesteld.

www.icsadviseurs.nl

13/19

3.2

Nieuwe projecten

Op basis van de in paragraaf 1.4 beschreven aspecten is gekeken naar welke schoolgebouwen in aanmerking komen voor het voorliggende IHP 2023-2027. In deze paragraaf or e in in an e ‘nie ro ec en’ esc re en

e

3 - IKC De Hofvijver - Unicoz Onderwijsgroep Aanleiding: Het huidige school gebouw aan de Forelsloot 3-4, in de wijk Seghwaert, dateert uit 1977. De school huisvest momenteel 205 leerlingen (1-1-2022). Voor dit schoolgebouw geldt verder dat er geen levensduur verlengende ingreep (LVI) is uitgevoerd. Om aan te sluiten bij de ambitie uit de Kadernotitie, om de levensduur van eerste generatie schoolgebouwen met gemiddeld 10 jaar te verkorten om de versnelling van de duurzaamheidsambities te realiseren, wordt voorgesteld om vervangende nieuwbouw te realiseren voor IKC De Hofvijver. Invulling: Het is de ambitie om de leerlingen van IKC De Hofvijver en Kindcentrum De Touwladder onder één dak te huisvesten (zie 3.1) als onderdeel van een brede voorziening. Het realiseren van deze brede voorziening betekent dat er naar verwachting geen tijdelijke huisvesting voor IKC De Hofvijver nodig is. De nieuwbouw van IKC De Hofvijver en Kindcentrum De Touwladder passen tevens in het lange termijn perspectief voor de scholen in de wijk Seghwaert.

4 - IKC Het Palet - Unicoz Onderwijsgroep Aanleiding: Het huidige school gebouw aan het Marsgeel 14-18, in de wijk Rokkeveen, dateert uit 1988 en is in 2001 uitgebreid middels een dakopbouw. De school huisvest momenteel 358 leerlingen (1-1-2022). De kwaliteit van het schoolgebouw wordt als matig tot slecht beoordeeld. Voor dit schoolgebouw geldt verder dat er geen levensduur verlengende ingreep (LVI) is uitgevoerd. Om aan te sluiten bij de ambitie uit de Kadernotitie, om de levensduur van eerste generatie schoolgebouwen met gemiddeld 10 jaar te verkorten om de versnelling van de duurzaamheidsambities te realiseren, wordt voorgesteld om vervangende nieuwbouw te realiseren voor IKC Het Palet. Invulling: De vervangende nieuwbouw wordt gerealiseerd op de huidige locatie aan het Marsgeel. Dit betekent dat er tijdens de bouw tijdelijke huisvesting nodig is. Er moet worden onderzocht of een andere schoollocatie beschikbaar is of dat (ergens) noodlokalen kunnen worden geplaatst. In aansluiting op de Kadernotitie wordt een twee- of dubbelstrooms locatie gerealiseerd en aanvullende ruimte voor kinderopvang. Belangrijk uitgangspunt hierbij is dat de (onderwijs)capaciteit aansluit op de behoefte op wijkniveau. Verder wordt onderzocht of het toevoegen van een binnensportaccommodatie tot de mogelijkheden behoort.

Aanvullend maken gemeente en schoolbestuur nadere afspraken over het inzetten van onderhoudsmiddelen door het schoolbestuur, die als gevolg van het naar voren halen van de vervangende nieuwbouw kunnen worden bespaard.

www.icsadviseurs.nl

14/19

5 - IKC Het Zwanenbos – Stichting Openbaar Primair Onderwijs Zoetermeer (OPOZ) Aanleiding: IKC Het Zwanenbos biedt zowel regulier als speciaal basisonderwijs aan. Het huidige schoolgebouw aan het Kerkenbos 24-26, in de wijk Meerzicht, dateert uit 1974. De school huisvest momenteel 237 leerlingen (1-1-2022). Hiervan volgen 160 leerlingen regulier onderwijs en 85 leerlingen speciaal basisonderwijs; totaal 14 groepen in 14 lokalen. Binnen het samenwerkingsverband (SWZ Zoetermeer) werken de schoolbesturen en partners samen om o.a. invulling te geven aan het Passend onderwijs. Binnen het samenwerkingsverband wordt gesproken over de behoefte en het aanbod van speciaal (basis)onderwijs binnen de gemeente. Met het Samenwerkingsverband worden de intensivering en optimalisering van speciaal basisonderwijs (sbo) en regulier basisonderwijs onder één dak verder onderzocht. Met de nieuwbouw wordt tevens aangesloten bij de ambitie uit de Kadernotitie om de levensduur van eerste generatie schoolgebouwen met gemiddeld 10 jaar te verkorten om de versnelling van de duurzaamheidsambities te realiseren. Verder zijn in de wijk Meerzicht de nodige woningbouwplannen en is de wijk aangewezen als focuswijk (Programma Duurzaam & Groen 20202023) en zal daarmee een van de eerste wijken van het gas af te gaan.

De realisatie van een nieuw schoolgebouw in deze focuswijk biedt kansen voor een integrale gebiedsontwikkeling. Verder kan met de realisatie van een nieuw schoolgebouw worden ingespeeld op de verwachte groei van het aantal leerlingen in het nabijgelegen Entreegebied en de ontwikkeling van het speciaal basisonderwijs. Invulling: De exacte locatie van de vervangende nieuwbouw wordt onderzocht en dient te worden bepaald. Om invulling te geven aan de verwachte groei van het regulier basisonderwijs (in het nabijgelegen Entreegebied) én aan te sluiten bij de Kadernotitie, wordt een locatie met de omvang gerealiseerd die in lijn ligt met de ambities zoals verwoord in de kadernota (tweestrooms). Dit betekent dat ten opzichte van de huidige situatie de capaciteit wordt vergroot. Deze extra capaciteit wordt ingezet ten behoeve van het speciaal basisonderwijs om aan te sluiten op de stadsbrede behoefte en te voorzien in regulier onderwijs op de behoefte uit het Entreegebied. De exacte invulling en verdeling van deze extra capaciteit dient nog nader te worden bepaald. Tijdens de bouw is er tijdelijke huisvesting nodig, indien de vervangende nieuwbouw op de huidige locatie wordt gerealiseerd. De invulling hiervan dient nog nader te worden bepaald.

6 - SBO De Horizon - Unicoz Onderwijsgroep Aanleiding: Het huidige school gebouw aan de Mendelssohnrode 2-4, in de wijk Buytenwegh, dateert uit 1977. Voor dit schoolgebouw geldt verder dat er geen levensduur verlengende ingreep (LVI) is uitgevoerd. Om aan te sluiten bij de ambitie uit de Kadernotitie, om de levensduur van eerste generatie schoolgebouwen met gemiddeld 10 jaar te verkorten, om de versnelling van de duurzaamheidsambities te realiseren, wordt voorgesteld om vervangende nieuwbouw te realiseren voor SBO De Horizon. Unicoz, Resonans en het samenwerkingsverband hebben de ambitie om samen een expertisecentrum voor SO en SBO op te richten waarbij de scholen SBO De Horizon en De Keerkring SO samen zijn gehuisvest als scholen onder één dak. Met de ontwikkeling van het expertisecentrum en nieuwbouw van IKC Zwanenbos ontstaat een divers onderwijsaanbod ten aanzien van het speciaal basisonderwijs binnen de gemeente. Invulling: De vervangende nieuwbouw van SBO De Horizon is beoogd op een nieuwe locatie elders in de stad. Vervolgonderzoek is nodig om de exacte locatie, omvang en partners voor het expertisecentrum te bepalen. Voor SBO De Horizon betekent dit dat er geen tijdelijke huisvesting nodig zal zijn. De capaciteit van SBO De Horizon sluit aan bij de visie van het samenwerkingsverband en de stadsbrede behoefte.

Vooralsnog wordt hierbij uitgegaan van de realisatie van een schoolgebouw voor 150 leerlingen (10 groepen). Na realisatie van de vervangende nieuwbouw valt de huidige locatie, conform wet- en regelgeving, terug aan de gemeente Zoetermeer.

www.icsadviseurs.nl

15/19

7 - MKC Passe Partout – Montessori Onderwijs Zuid-Holland Aanleiding: Het huidige schoolgebouw aan het Saturnusgeel 64, in de wijk Rokkeveen, dateert uit 1989 en is in 1995 en 2005 uitgebreid. De school huisvest momenteel 180 leerlingen (1-1-2022). Voor dit schoolgebouw geldt verder dat er geen levensduur verlengende ingreep (LVI) is uitgevoerd. Om aan te sluiten bij de ambitie uit de Kadernotitie, om de levensduur van eerste generatie schoolgebouwen met gemiddeld 10 jaar te verkorten om de versnelling van de duurzaamheidsambities te realiseren, wordt voorgesteld om vervangende nieuwbouw te realiseren voor MKC Passe Partout. Invulling: De vervangende nieuwbouw wordt gerealiseerd op de huidige locatie aan het Saturnusgeel. Dit betekent dat er tijdens de bouw tijdelijke huisvesting nodig is. Er moet worden onderzocht of een andere schoollocatie beschikbaar is of dat (ergens) noodlokalen kunnen worden geplaatst. Nadere afstemming tussen gemeente en schoolbestuur is nodig om de exacte omvang van de nieuwbouw te bepalen. Vooralsnog wordt hierbij uitgegaan van de realisatie van een schoolgebouw voor 168 leerlingen en wordt daarbij minimaal voor de school een oppervlak aangehouden voor een 8-klassige school.

Aanvullend maken gemeente en schoolbestuur nadere afspraken over het inzetten van onderhoudsmiddelen door het schoolbestuur, die als gevolg van het naar voren halen van de vervangende nieuwbouw kunnen worden bespaard.

8 - Nieuwe schoollocaties De prognosegebieden Stadscentrum en Entreegebied laten als gevolg van nieuwe woningbouw een aanzienlijke verwachte groei van het aantal leerlingen zien. Voor beide gebieden wordt de ontwikkeling van een nieuwe schoollocatie onderzocht. In samenspraak met de schoolbesturen moet de invulling van deze schoollocaties nader worden onderzocht en bepaald.

3.3

Samenvatting

Onderstaande tabel geeft een samenvatting van de beschreven projecten, waarbij tevens het beoogde jaar van uitvoering is toegevoegd. Type project

Naam school

Gewijzigde projecten

2 - De Keerkring SO 1 - Kindcentrum De Touwladder 3 - IKC De Hofvijver 4 - IKC Het Palet 5 - IKC Het Zwanenbos 6 - SBO De Horizon 6 - MKC Passe Partout

Nieuwe projecten

Te realiseren onderwijscapaciteit (m² bvo) 1.475 2.338 2.338 2.338 1.443 1.130

Beoogd jaar van uitvoering (contract aannemer) 2025 2024 2024 2024 2026 2025 2027

* Bij het bepalen van de te realiseren onderwijscapaciteit is bij het realiseren van een dubbelstroomse schoollocatie uitgegaan van 425 leerlingen en een bijbehorende normatieve ruimtebehoefte van 2.338 m³ bvo.

www.icsadviseurs.nl

16/19

4.

Financiën

4.1

Financiële kaders

In de Kadernotitie zijn financiële uitgangspunten voor de realisatie nieuwe schoolgebouwen opgenomen. Ten behoeve van het IHP 2023-2027 zijn deze kaders verder geconcretiseerd en tevens geactualiseerd. Voor alle lopende en nieuwe projecten is een aparte stichtingskostenraming opgesteld. Hierbij gelden de volgende financiële kaders: Basisbedrag: In de Kadernotitie is aangegeven dat bij de nieuwbouw (bijna energie neutraal, gasloos en Frisse scholen B) van een schoolgebouw uit moet worden gegaan van een normvergoe in an € ,- per m² bvo inclusief btw en prijspeil 2020. Als gevolg van verdere prijsontwikkelingen wordt in het IHP 2023-2027 uitgegaan van een nor er oe in an € 3.000,- per m² bvo (prijspeil 2022). Bij het bepalen van investering is daarnaast in lijn met de Verordening Voorzieningen Huisvesting Onderwijs gerekend met een startbedrag. Hierbij is het startbedrag uit de Modelverordening van de VNG prijspeil 2022 gehanteerd. In deze normvergoeding is het volgende opgenomen: − − − − − − − −

Directe en indirecte bouwkosten onderwijshuisvesting Bijkomende kosten voor advies, ontwerp, uitvoeringen en vergunningen Onvoorzien Inrichting schoolplein (afhankelijk van het aantal leerlingen tot een max van 600 m² - excl. fiets- en auto parkeren) Frisse scholen - Gemiddeld klasse B Duurzaamheid - Gasloos en BENG* Circulair ontwerpen en bouwen mits budgetneutraal Kwaliteitskader onderwijshuisvesting 2021

* Met een aanvullende bijdrage vanuit schoolbesturen wordt onderzocht hoe ENG wordt gerealiseerd. De volgende locatie- en project specifieke kosten en maken geen onderdeel uit van bovengenoemde normvergoeding: − − − − − − − −

Sloopkosten bij huisvesting op bestaande locatie Kosten bouwrijp maken (bij andere locatie) Inrichting buitenterrein > 600 m² Asbest sanering (indien nodig) Locatie specifieke infrastructuur (parkeren, kiss en ride, etc.) Locatie specifieke kosten t.g.v. welstand, stedenbouw en monumenten Verhuiskosten (1x) Onvoorziene prijsontwikkelingen / marktwerking

Op basis van ervaringscijfers is het de verwachting dat hiervoor met circa 15-20% aan bijkomende kosten moet worden rekening gehouden. Tijdelijke huisvesting: Het doel is om zoveel mogelijk tijdelijke huisvesting te voorkomen. Indien noodzakelijk worden kosten met betrekking tot tijdelijke huisvesting gezien als project- en locatie specifieke kosten.

www.icsadviseurs.nl

17/19

Demarcatie De schoolbesturen dragen de kosten voor onderwijs specifieke aanpassingen aan de gebouwen, school specifieke vaste inrichting en losse inventaris. Tevens is in de Kadernotitie opgenomen dat schoolbesturen een eigen bijdrage leveren aan het energieneutraal realiseren van nieuwe schoolgebouwen. De hoogte van de bijdrage wordt bij de realisatie op projectniveau bepaald. Kinderopvang Ten behoeve van de IKC-vorming wordt in overleg met schoolbestuur en kinderopvangorganisatie per project bepaald wat het aanvullende ruimteprogramma ten behoeve van kinderopvang is. Over de bekostiging van dit aanvullende programma vindt per project separate besluitvorming plaats. Bruto vloeroppervlakte in plaats van aantal lokalen De noodzakelijke ruimte voor nieuwbouw van schoolgebouwen wordt niet vertaalt naar het aantal lokalen, maar naar bruto vloeroppervlakte. Dat geeft schoolbesturen de vrijheid om bij nieuwbouw binnen de beschikbare bruto vloeroppervlakte te kiezen voor een indeling die past bij de identiteit van school. Daarbij kan onder andere gedacht worden aan meerdere kleinere ruimtes die geschikt zijn voor één op één gesprekken en/of (zorg)ondersteuning voor kinderen die dat nodig hebben.

4.2

Investeringen

Op basis van de genoemde financiële kaders en beschreven projecten zijn de investeringen, aanvullende budget (t.b.v. de gewijzigde projecten) en toeslagen voor paalfundering en lift per project bepaald en weergegeven in de onderstaande tabel. De bedragen zijn prijspeil 2022 en inclusief btw. Type project

Naam school

Investering

Toeslag paalfundering

Gewijzigde projecten

2 - De Keerkring SO

€ 4.416.209

€ 56.221

€

1

€

€

€

1

1 - Kindcentrum De Touwladder* 3 - IKC De Hofvijver

Nieuwe projecten

Toeslag lift

1

4 - IKC Het Palet

€

1

€

€

1

5 - IKC Het Zwanenbos

€

1

€

€

1

6 - SBO De Horizon

€

7 - MKC Passe Partout

€

TOTAAL

1

€ 1

€ 30.583.950

1

**

€ 5.526 € 405.883

€ 8 8.7 6

* Voor de nieuwbouw is in het Integraal Huisvestingsplan Primair Onderwijs 2016-2020 en aanvullend in 2018 al een in es erin s e as es e an € 1 ,-. ** SBO De Horizon en De Keerkring SO hebben de ambitie om gezamenlijke huisvesting te realiseren. Derhalve is voor beide projecten één keer gerekend met de toeslag voor een lift. e o a e in es erin inclusief btw.

www.icsadviseurs.nl

oor e e i i

e en nie

e ro ec en inc sief oes a en e raa

€ 31.798.629,-

18/19

Bijlagendocument Als bijlage aan dit IHP is een bijlagedocument opgenomen met de volgende bijlagen: Bijlage 1 – Kadernotitie Onderwijshuisvesting gemeente Zoetermeer - ri air en s eciaa on er i s’ Bijlage 2 – Leerling prognose

De hoogste kwaliteitseisen aan onze dienstverlening. Een goed gebouw begint met het beste idee. Colofon Datum: Auteur(s):

3 november 2022 Maarten Groenen, Chantal Pieterse, Leonoor Clemens

info@icsadviseurs.nl 088 - 235 04 27

www.icsadviseurs.nl www.icsadviseurs.nl

19/19 Onderdeel van ICS Ruimteregiegroep BV

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Zoetermeer&id=038b785d-7d13-48d7-9cf4-a217407fb4d1