Bijlage 1 - Huisvestingsverordening Zoetermeer 2019 (huidige versie)
Tekst van het document
Bij het direct aanbieden zal een woning met specifieke kenmerken worden geclaimd voor de woningzoekende met de daartoe specifieke behoefte, die is ingedeeld in een urgentiecategorie. Deze
afwijkende wijze van aanbieden houdt in dat de corporatie een woonruimte rechtstreeks aan een woningzoekende te huur aanbiedt. Bij een weigering van de woonruimte die passend wordt geacht, volgens het bij de urgentieverklaring verleende zoekprofiel, zal geen nieuw aanbod worden gedaan en zal de urgentieverklaring vervallen. Een huisvestingsprobleem op grond van artikel 12, eerste lid, van de Huisvestingswet 2014 dient van dien aard te zijn dat een passende oplossing niet kan worden geweigerd.
Hoofdstuk 5 Bij wijziging in samenstelling van de voorraad is het belangrijk onderscheid te maken tussen splitsingsvergunningen en splitsingsakte. Bij splitsingsvergunning (rechtspersonenrecht) gaat het om de toestemming die nodig is om een woning te kunnen opdelen. Bij de splitsingsakte (vastgoedrecht) is sprake van een "notariële akte met een nauwkeurige omschrijving van te splitsen erfpacht of appartementsrecht, zoals het appartementsgebouw, de omschrijving van de afzonderlijke appartementen en de onderdelen van het Modelreglement waarvan wordt afgeweken. Bij de Splitsingsakte hoort de splitsingstekening, met daarop exact de grenzen tussen de verschillende appartementen onderling en die van de gemeenschappelijke ruimten." Voor splitsing van enkel een appartementsrecht is derhalve geen splitsingsvergunning nodig. Indien dit vergezeld gaat van splitsing van een woning, is dit wel noodzakelijk.
Artikel5:3 Dit artikel bevat bepalingen die betrekking hebben op de verschillende afwijzingsgronden, genoemd in het Huisvestingsbesluit, namelijk de samenstelling van de woonruimtevoorraad, belemmering van de stadsvernieuwing en bepalingen uit een oogpunt van indeling of staat van onderhoud. De toepassing van het eerste tot en met het vierde lid vergt een zorgr,uldige afweging van belangen. Teneinde deze afweging te kunnen maken dient de aanwager voldoende informatie te verstrekken bij het indienen van de aanwaag.
Artikel S:+ Dit artikel bevat de mogelijkheid om, op grond van dreigende belemmering van de stadsvernieuwing, een aanwaag om splitsingsvergunning aan te houden indien voor het gebied waarin het gebouw waarop de aanwaag om splitsingsvergunning betrekking heeft, is gelegen, reeds een voorbereidingsbesluit als bedoeld in artikel 21, van de Wet ruimtelijke ordening van kracht is.
Artikel5:8 De Huisvestingswet zor4 biedt de mogelijkheid om voor alle woningen bij onttrekking, samenvoeging en/of omzetting een vergunningplicht in te stellen. Onder het verbod om woonruimte'aan de bestemming te onttrekken' (zie artikel 21 van de Huisvestingswet zor4) zonder de daartoe vereiste vergunning valt zowel slopen als elk gebruik voor een ander doel dan (zelfstandige) bewoning. Omdat de vergunningplicht alleen geldt indien de onttrekking tot gevolg heeft dat die woonruimte niet langer geschikt is voor de bewoning door een huishouden van dezelfde omvang als waarvoor deze zonder zodanige onttrekking geschikt is, kan niet elke geringe onttrekking van een gedeelte van een woonruimte gebonden worden aan een vergunning. In de praktijk zal per geval moeten worden vastgesteld of al dan niet sprake is van onttrekken in de zin van artikel 21 van de Huisvestingswet zor4. Als vuistregel kan gehanteerd worden dat geen vergunning nodig zal zijn voor zover de te onttrekken woonruimte minder danzoo/o bedraagt van de gebruiksoppervlakte van de oorspronkelijk gebouwde woonruimte. Dit percentage kan uiteraard nog iets hoger liggen als het een zeer groot pand betreft. Voorwaarde hierbij is dat de woonfunctie niet wordt aangetast, d.w.z. dat de eigen opgang en wezenlijke voorzieningen van de woning gehandhaafd moeten worden.
Door te spreken over permanente bewoning is, ingeval van het niet houden van het hoofdverblijf in de onderhavige woonruimte, een onttrekkingsvergunning vereist. Hiermee is het mogelijk om het gebruik van woonruimte als tweede woning te reguleren. Eveneens is een vergunning verplicht indien de woonruimte feitelijk anders gebruikt wordt dan voor zelfstandige bewoning (bijvoorbeeld onzelfstandige bewoning), ook al is de woning bouwkundig nog geschikt voor zelfstandige bewoning. Op die manier kan onder andere ook kamer- of beddenverhuur in woningen die in beginsel geschikt zijn voor zelfstandige bewoning worden gereguleerd.
Artikel5:9, lid z Indien de woning langer dan rjaar in het bezit is van de huidige eigenaar dan moet voor het bepalen van de onder sub c. bedoelde koopprijs een taxatie worden overgelegd van een beëdigd taxateur. Is de huidige eigenaar korter dan een jaar eigenaar, dan kan volstaan worden met het overleggen van een kopie van de koopalite.
Artikel5:ro In het derde en vierde lid wordt de mogelijkheid geboden om aanvullende informatie in te winnen, waarmee de belangenafweging beter kan plaatsvinden.
Artikel5:rr,lid 4
Bij de hier genoemde voorwaarden en voorschriften kan gedacht worden aan de voorwaarde van tijdelijkheid bij omzetting in onzelfstandige woonruimte of onttrekking voor een tijdelijke praktijkruimte van een huisarts. Weigeren mag alleen indien het belang van de gemeente groter is dan het belang van de eigenaar van woonruimte (en dus niet even groot) én door de eigenaar van woonruimte niet kan worden voldaan aan de gestelde voorwaarden en voorschriften. De gemeenteraad stelt in de Huisvestingsverordening de voorwaarden die burgemeester en wethouders aan een vergunning mogen verbinden.
Artikel5:r3, lid r
Bij toekenning van een tijdelijke onttrekking (maximale periode van 5 jaar) moeten de noodzaak en de tijdelijkheid door de aanwager concreet worden aangetoond.
Artikel5;r4 Permanente bewoning van daartoe aangewezen woonruimte houdt in dat de huurder of eigenaar er permanent hoofdverblijf houdt, hetgeen blijkt uit een inschrijving in het bevolkingsregister. Indien niet aan dit vereiste wordt voldaan, is een onttrekkingsvergunning noodzakelijk. Wanneer blijkt dat de huurder of eigenaar de woonruimte niet permanent of bijvoorbeeld minder dan r8o dagen in een aaneengesloten periode van 36o dagen bewoont, vervalt het recht op inschrijving in het bevolkingsregister. In deze situatie is een onttrekkingsvergunning vereist, tenzij kan worden aangetoond dat er wel sprake is van permanente bewoning. Wanneer die niet afdoende kan worden aangetoond, kunnen burgemeester en wethouders, behalve het opleggen van een boete, de woonruimte doen verzegelen. Deze verzegeling wordt opgeheven als de woonruimte wordt verkocht of verhuurd aan iemand die de woonruimte wel als permanent hoofdverblijf gaat gebruiken, de eigenaar/gebruiker er alsnog permanent gaat wonen, of indien er alsnog een vergunning wordt verleend.
Artikel6:r Met ingang van 2o1S is er in de regio Haaglanden sprake van lokale registers standplaatszoekenden, die worden beheerd door de individuele gemeenten. Belangstellenden kunnen zich in meerdere lokale registers inschrijven, maar moeten dan voor elk register afzonderlijk voldoen aan de voorwaarden, zoals eventueel betaling van inschrijfgeld.
Artikel6:z De recente ontwikkelingen ten aanzien van het door het Rijk geformuleerde Beleidskader gemeentelijke woonwagen- en standplaatsenbeleid zijn aanleiding om bij toewijzing van een wijkomende standplaats, in de volgordebepaling, het belang van het samenleven in familieverband te erkennen.
Artikel T:r
Verslaglegging door woningcorporaties en evaluatie met woonconsumentenorganisaties, waaronder de SHH, is jaarlijks voorzien om te anticiperen op verplichtingen voortvloeiend uit de Herzieningswet toegelaten instellingen volkshuisvesting.
Artikel T:2, tweede lid
Ingevolge artikel 5:46, tweede lid, van de Awb moet de hoogte van de bestuurlijke boete worden afgestemd op de mate van verwijtbaarheid, de ernst van de gedraging en de persoonlijke omstandigheden van de
betrokkene.
Artikel T:2, derde lid
Na een eerste overtreding wordt de overtreder geacht te weten dat deze overtreding beboet kan worden. Voor hetzelfde feit kan niet tweemaal een boete worden opgelegd, maar er kan wel een boete worden opgelegd indien hetzelfde feit zich tweemaal voordoet. Van "opnieuw dezelfde overtreding" is sprake als de eerste overtreding beëindigd moet zijn en het om dezelfde woonruimte gaat. Hiervan is ook sprake als bij dezelfde woonruimte opnieuw dezelfde overtreding wordt begaan, nadat er sprake is geweest van een beëindiging van de eerste overtreding. Wordt eenzelfde overtreding begaan met betrekking tot een andere woonruimte, dan is eveneens sprake van "opnieuw dezelfde overtreding". Een overtreder overtreedt immers tweemaal hetzelfde artikel en de daarin beschermde norm. Kortom, van "opnieuw dezelfde overtreding" is sprake indien het een overtreding betreft van hetzelfde artikel. De bestuurlijke boete kan niet los worden gezien van het bestuurlijke traject dat naast de boete zelf gevoerd wordt. Voor lichtere overtredingen gelden lange begunstigingstermijnen om de overtredingen te beëindigen. Wanneer er bezwaar- en beroepsprocedures worden gevoerd dan wordt de begunstigingstermijn opgeschort
tot zes weken na beslissing op bezwaar/ beroep. Een termijn van rri5í;áur rroorkomt dat procedures volgen, enkel en alleen om de beëindiging van de overtreding zolang mogelijk op te schoden, lonend wordt. Een boete kan immers niet twee keer voor hetzelfde feit worden opgelegd. De overtreding moet beëindigd zijn geweest om een hogere boete op te kunnen leggen. De termijn van vijf jaar sluit aan bij de verjaringstermijn voor het opleggen van een bestuurlijke boete en de bewaartermijn van fiustitiële) gegevens over
overtredingen.
Artikel S:3 In deze verordening is de definitie van doorstromer ten opzichte van de definitie uit de oude verordening gewijzigd. Hierdoorbehoren niet langer alle woningzoekenden die over een zelfstandige woonruimte in Nederland beschikken en deze leeg achter laten tot de categorie doorstromer. Ook iemand die (aantoonbaar met in Nederland erkende documenten) na beëindiging van een duurzame gemeenschappelijke huishouding samen met andere gezinsleden uit dit huishouden op zoekis naar zelfstandige woonruimte en met de zorg voor zijn minderjarige kind(eren) is of wordt belast valt niet onder de definitie doorstromer. Voor deze woningzoekenden geldt in het regionale register van woningzoekenden tot rjuli zorg naast hun inschrijfduur ook woonduur als criterium. De woonduur komt voor deze woningzoekenden als criterium na r juli zozr te vervallen.
B[ilage I Woningen naar mate van toegankelijkheid
A. Gelijkvloerse woning (*) 1. Gelijkvloerse woning op de begane grond of bereikbaar via een lift. 2. Bereikbaar zonder treden. 3. Drempels zijn terug te brengen tot maximaal z cm. B. Rollatorwoning ("") 1. Drempels maximaal z cm. 2. Breedte van toegangspaden, gangen etc. naar de woning is minimaal 1.2o m. met een maximale helling van 1:12 (geldt tot z5 cm hoogteverschil). Toegangsdeuren van het gebouw en liftdeuren openen automatisch. 3. 4. Vrije doorgang van de complexdeur, tussendeuren en de voordeur is minimaal 85 cm. S. De doorgang van deuren in de woning is minimaal o,7Sm. 6. De lift meet inwendig minimaal 1,o5 x 1,3S m. en heeft een leuning. C. Rolstoelwoning (***) 1. Bedieningselementen bevinden zich tussen o,9o en 1,2o m. boven de vloer en o,So m. horizontaal
uit een inwendige hoek.
2. Alle binnendeuren hebben een wije doorgang van meer dan o,85 m. 3. Alle gangen zijn breder dan t,1o m. 4. De lift meet inwendig minimaal 1,o5 x 2,oS m. en heeft een leuning. S. Opstelruimte voor en achter de deur minimaal o,9o bij 1.1o cm. 6. De wije opstelruimte naast de voordeur is minimaal o,g5 cm. 7. Toegankelijke badkamer zonder douchebak, met toilet, douchevloer en wastafel. Minimale maat: z,r5 bij 2,1S m. of t,7o bij z,7o m. 8. De draaicirkel in de keuken is r,5o m. en de afstand tussen de wand achter het aanrecht en de tegenoverliggende wand is minimaal 1,8o m. D. Extra ruime rolstoelwoning (****) 1. De afmeting van de hoofdslaapkamer is minimaal 15 m2 en de breedte is minimaal 3,o fr. 2. De afmeting van de woonkamer is minimaal 24 frz, bij een minimale breedte van 3,o m.
Bijlage II Categorieën gebouwen als bedoeld in artikel5:r (splitsing)
Getneente Zoeterrneer: alle gebouwen, bevattende woonruimte onder de huurprijsgrens en middeldure huurwoningen.
Bijlage III Categorieën woonruimte als bedoeld in artikel 5:8 (onttrekkingen)
Getneente Zoeterrneer : alle woonruimten.
Bijlage IV Bestuurlijke boetes als bedoeld in artikel 7:3, vierde lid, van deze verordening.
Overtreding
1e keer
Recidive
Art. 8, eerste lid, van de Huisvestingswet 2014:
€,4ro
€ 4ro
- niet-bedrijfsmatige exploitatie.
C s.ooo
- bedrijfsmatige exploitatie
C ro.ooo
C ro.ooo C zo.ooo
€ 5.ooo € ro.ooo
C ro.ooo C zo.ooo
Art. 8, tweede lid, van de Huisvestingswet 2014:
Art. 21, eerste lid, van de Huisvestingswet 2014: - niet-bedrijfsmatige exploitatie. - bedriifsmatige exploitatie
Handelen in strijd met voorwaarden en voorschriften als bedoeld in artikel z6 van de Huisvestingswet 2014: - niet-bedrijfsmatige exploitatie - bedrijfsmatige exploitatie
C 5.ooo
C 1o.ooo
Onderscheid niet-bedrijfsmatige exploitatie en bedrijfsmatige exploitatie Van een bedrijfsmatige exploitatie is in de volgende gevallen sprake: 1. De overtreder verhuurt aantoonbaar meerdere woonruimten. Uit de omvang van de exploitatie blijkt het bedrijfsmatige aspect. Iemand die zich bedrijfsmatig bezig houdt met exploitatie behoort de regelgeving te kennen. 2. De overtreder houdt zich beroepsmatig bezig met regelgeving omtrent huisvesting en exploitatie van onroerend goed. Hieronder vallen in ieder geval: vastgoedontwikkelaars, makelaars, woningen kamerbemiddelingsbureaus en bedrijven die zich bezig houden met huisvesting van hun eigen werknemers. Het bedrijfsmatige aspect van de exploitatie vloeit voort uit de aard van het bedrijf of beroep van de overtreder. 3. Uit de omvang van onzelfstandige bewoning kan ook een bedrijfsmatig karakter van de exploitatie blijken: bij meer dan vier personen, kan dit aangemerkt worden als kamerverhuur in de zin van het Besluit brandveilig gebruik bouwwerken. De exploitant dient bij een exploitatie van die omvang ook te zorgen voor een brandveilig gebruik en op de hoogte te zijn van de overige regelgeving. 4. Onttrekking van woonruimte is enkel bedrijfsmatig indien dit vanuit commercieel oogpunt plaatsvindt.
Onttrekking in het kader van het voeren van een bedrijf (opslag supermarkt, meelsilo voor een bakkerij, of een logiesfunctie), maar ook het in gebruik hebben van woonruimte met een hennepkwekerij, is als een onttrekking vanuit commercieel oogpunt te beschouwen. S. Samenvoeging van een woonruimte is niet bedrijfsmatig, tenzij de overtreder zich beroepsmatig bezig houdt met huisvesting en exploitatie van onroerend goed. Hieronder vallen in ieder geval: vastgoedontwikkelaars, makelaars, woning- en kamerbemiddelingsbureaus en bedrijven die zich bezig houden met huisvesting van hun eigen werknemers. Het bedrijfsmatige aspect van de exploitatie vloeit voort uit de aard van het bedrijf ofberoep van de overtreder.
Recidive Van recidive is sprake indien binnen vijfjaar na beëindiging van een overtreding van een bepaald artikel opnieuw dezelfde overtreding van hetzelfde artikel wordt begaan.
BijlageV Lokaal maatwerk Krachtens artikel B:8 van deze verordening benoemen burgemeester en wethouders de volgende categorieën woningzoekenden en woonruimten onderwerp van lokaal maatwerk: r Doorstromers vanuit een goedkope corporatiewoning (onder de kwaliteitskortingsgrens) naar een niet-eengezinswoning . Jongeren onder de z3jaar . Groepswonen o Doorstromen via de doorstroommakelaar
.
SocialeNieuwbouwwoningen
Toelichting Doorstromen vanuit een goedkope corporatiewoning naar een niet eengezinswoning Om meer geschikt aanbod voor jongeren vrij te krijgen wordt voorgesteld om doorstromers, die een woning achter laten van een Zoetermeers woningcorporatie met een rekenhuur die gelijk is of lager dan de kwaliteitskortingsgrens (€ 4z4,44,prijspeil zorg) en reageren op een woning, zijnde geen eengezinshuurwoning, met een huur boven de kwaliteitskortingsgrens, voorrang te geven op basis van lokaal maatwerk. Hierdoor wordt het vrijkomen van woningen met een huur onder de kwaliteitskortings grens bevorderd. Jongeren onder de zg jaar De wachtduur van jongeren onder de z3 jaar nam in zotT in Zoetermeer toe met gemiddeld 18 maanden tot
66 maanden (was 48 maanden) (bron: SVH, Kengetallen zory).Zoetermeerse jongeren moeten gemiddeld 5,5 jaar ingeschreven staan om via de reguliere weg in aanmerking te komen voor een sociale huurwoning.
C ro.ooo
€ zo.ooo
Zoetermeerse woningen die verhuurd worden met een huur onder kwaliteitskortingsgrens kunnen via lokaal maatwerk met voorrang worden verhuurd aan Zoetermeerse jongeren, die vanwege de huurtoeslag zijn aangewezen op een woning met een huur onder de kwaliteitskortingsgrens. Het maakt daarbij niet uit of de te verhuren woning via lokaal maatwerk met voorrang is vrij gekomen of niet. Groepswonen Woongroepen ontstaan vaak op eigen initiatief of worden gerealiseerd om specifiek vormen van zorg te kunnen aanbieden. Het kan gaan om groepen ouderen, maar ook om jongeren met een bijzondere zorgwaag. Senioren zijn vaak actief betrokken bij de realisatie ervan. Groepen kunnen zelf bepalen wie wordt toegelaten als nieuwe bewoner. Om dit te bereiken moeten kandidaten via lokaal maatwerk met voorrang kunnen reageren op een wijkomende woning in de groep, omdat de gewenste kandidaat anders wordt verdrongen door andere, willekeurige kandidaten. Lokaal maatwerk kan worden toegepast bij een wijkomende groepswoning.
Doorstrominq via een doorstroommakelaar Vidomes heeft een doorstroommakelaar die succesvol senioren ondersteunt bij een -vaak latente verhuiswens. In de lokale prestatieafspraken is vastgelegd dat de woningcorporaties en de gemeente een doorstroommakelaar gaan inzetten. Via de doorstroommakelaar wordt de doorstroming bevorderd naar geschikte woningen voor ouderen, die schaarse grotere woningen achterlaten. Woningcorporaties krijgen de ruimte om via de doorstroommakelaar woningzoekenden direct te bemiddelen naar een andere woning. Dit maatwerk wordt ingezet om emtpy nesters en senioren (SS jaar of ouder), die niet passend wonen in hun huidige woning, door te laten stromen naar een passende woning binnen wijk, straat of complex. Onder niet passend kan hier worden verstaan: de omvang en samenstelling van het huishouden is niet passend bij de grootte van de woonruimte of de toegankelijkheid van de woonruimte is niet passend bij de huurder. Sociale Nieuwbouwwoningen De Zoetermeerse sociale woningmarkt is onderhevig aan toenemende schaarste. Het aantal verhuizingen en
daarmee de doorstroming is de afgelopen jaren flink afgenomen. Nieuwbouw en transformatie zijn goede mogelijkheden om schaarste te verminderen en daarmee doorstroming te genereren. Corporaties, die met deze mogelijkheden de voorraad vergroten, worden via lokaal maatwerk beloond. Corporaties mogen de nieuwbouwwoningen toewijzen aan nadere in overeenstemming met het college van Burgermeester en Wethouders bepaalde categorieën lokaal woningzoekenden. Voor de regionaal woningzoekende blijven er voldoende woningen beschikbaar. Immers de meeste mensen verhuizen lokaal. Bovendien gaat het om uitbreiding van het aanbod door nieuwbouw, dus voor andere woningzoekenden komt hetzelfde aantal woningen wij.
Ondertekening Aldus besloten in de openbare raadsvergadering van de gemeente Zoetermeer van 24 juni 2019.
De
De
MCM
Bekendmaking
Deze verordening is bekendgemaalit in het Gemeenteblad van 4 juli 2019 en treedt in werking op r juli zor9.