CConstaterende datZoetermeer
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1 - Brief Aanbieding Programma Versnelling verduurzaming Gebouwde Omgeving, september 2022

Raadsvergadering 26 juni 2023, gemeente ZoetermeerBij agendapunt: Raadsvoorstel Vervolgvoorstel besteding SPUK Energiearmoede3.671 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

> Retouradres Postbus 20011 2500 EA Den Haag

Aan de Colleges van Burgemeester en Wethouders

Directoraat-Generaal Volkshuisvesting en Bouwen Directie Bouwen en Energie Turfmarkt 147 Den Haag Postbus 20011 2500 EA Den Haag Kenmerk 2022-0000500214 Uw kenmerk Bijlage(n) 1

Datum

13 september 2022

Betreft

Aanbieding Programma Versnelling verduurzaming Gebouwde Omgeving

Geacht college, Door de volatiele energieprijzen en geopolitieke spanningen is de energietransitie urgenter dan ooit. Mede dankzij u zijn er de afgelopen jaren grote stappen gezet in de gebouwde omgeving, maar een extra versnelling is hard nodig om de afhankelijkheid van fossiele energiebronnen nog verder terug te dringen. Bijna alle gemeenten hebben inmiddels een transitievisie warmte opgesteld en in de proeftuinen aardgasvrije wijken worden belangrijke lessen opgehaald waar we samen mee vooruit kunnen. In veel gemeenten lopen daarnaast succesvolle programma’s en regelingen om het isoleren van woningen en gebouwen te stimuleren. Voortbouwend op deze praktijkervaring is met het coalitieakkoord ingezet op verbetering van alle randvoorwaarden voor de transitie. De afspraken uit het coalitieakkoord wat betreft de energietransitie in de gebouwde omgeving zijn uitgewerkt in het Programma Versnelling Verduurzaming Gebouwde Omgeving (PVGO) waarmee het kabinet tevens laat zien hoe we de komende jaren verder willen versnellen. Met deze brief willen wij het PVGO aan u presenteren en de beleidsmaatregelen uitlichten die het meest relevant zijn voor u als gemeente. Het complete PVGO vindt u hier 1. Samen staan we sterker De opgave is groot en complex, zowel in de aantallen woningen en gebouwen, als in de benodigde aanpak.

De configuratie van locatie, omstandigheden, het gebouw en gebruikers is telkens uniek. Wij – Rijk en gemeenten – hebben elkaar dan ook hard nodig om samen vorm te kunnen geven aan de transitie. U staat als gemeente dicht bij de bewoners en lokale partijen waarmee u de lokale warmtetransitie vorm geeft. Wij staan als Rijk aan de lat om de juiste financiële, juridische en organisatorische randvoorwaarden te creëren. Door intensief samen te werken – ook met medeoverheden, energiebedrijven, woningcorporaties, bouwbedrijven, de financiële sector, maatschappelijke organisaties en vooral ook met de bewoners van de wijken zelf – kunnen we de voor 2030 en 2050 gestelde ambities realiseren.

https://www.rijksoverheid.nl/documenten/rapporten/2022/06/01/beleidsprogrammaversnelling-verduurzaming-gebouwde-omgeving 1

Pagina 1 van 9

Directoraat-Generaal Volkshuisvesting en Bouwen Directie Bouwen en Energie

Transitievisie warmte: hoe nu verder? U heeft met de transitievisie warmte een strategie ontwikkeld om de eerste wijken in uw gemeente te verduurzamen en (op termijn) aardgasvrij te maken. De ambities in de transitievisies warmte van alle gemeenten in Nederland tellen samen op tot ruim boven de 1,5 miljoen woningen en gebouwen die voor 2030 verduurzaamd worden. Na deze voortvarende start van planvorming komt het nu aan op de uitvoering.

Kenmerk 2022-0000500214

Het is de bedoeling dat u de komende periode de transitievisie warmte gaat uitwerken in concretere wijkuitvoeringsplannen. Het uitvoeringsplan draagt bij aan het ordenen en concretiseren van de visie op het aardgasvrij maken en/of isoleren van de wijk of buurt en biedt daarmee het handelingsperspectief voor uw bewoners. Om u bij het opstellen hiervan te ondersteunen, zijn er verschillende handreikingen uitgewerkt 2. Gezamenlijk streven is dat alle gemeenten voortvarend starten met de uitwerking van hun TVW’s en deze in 2024 zoveel als mogelijk hebben uitgewerkt in uitvoeringsplannen om de doelen voor 2030 te behalen 3. Gelijktijdig werkt het Rijk aan de verdere uitwerking van de randvoorwaarden. Er zijn verschillende maatregelen aangekondigd om de uitvoering van de transitievisies warmte en uitvoeringsplannen mogelijk te maken of te verbeteren. Die licht ik hieronder graag toe. 1. Bevoegdheden voor en ondersteuning van gemeenten Bij deze verduurzamingsopgave horen allereerst de corresponderende bevoegdheden voor gemeenten. Daarom is het wetsvoorstel Wet gemeentelijke instrumenten warmtetransitie (Wgiw) in voorbereiding waarmee gemeenten instrumenten krijgen om te besluiten wanneer en hoe een aangewezen gebied (stapsgewijs) van het aardgas af gaat en welk alternatief voor aardgas er wordt gekozen.

Woning- en gebouweigenaren zijn niet verplicht om aan te sluiten op het (collectieve) alternatief voor aardgas dat de gemeente kiest. Zij kunnen kiezen voor een alternatief, mits dat minimaal even duurzaam is. De AMvB die uitvoering geeft aan de wettelijke bepalingen – het Besluit gemeentelijke instrumenten warmtetransitie (Bgiw) – wordt tot 14 september geconsulteerd 4. 1.1. Wet gemeentelijke instrumenten warmtetransitie In de ontwerp Wet gemeentelijke instrumenten warmtetransitie 5 wordt de transitievisie wettelijk verankerd als een verplicht programma onder de Omgevingswet: het warmteprogramma. Het uitvoeringsplan kan worden vormgegeven als een vrijwillig programma onder de Omgevingswet. Het uitvoeringsplan is een belangrijke onderbouwing voor de wijziging van het omgevingsplan ten behoeve van de energietransitie in de gebouwde omgeving. In het omgevingsplan wordt dan het gekozen alternatief voor aardgas als warmtebron opgenomen. Daarmee ontstaat de juridische bevoegdheid om de zie onder andere: https://www.aardgasvrijewijken.nl/themas/regieenorganisatie/uitvoeringsplan/stappenplan +uitvoeringsplan/default.aspx en https://aardgasvrijewijken.nl/gemeentereis/default.aspx 3 Zie bestuursakkoord 4 www.internetconsultatie.nl/bgiw 5 Wet gemeentelijke instrumenten warmtetransitie | Overheid.nl | Wetgevingskalender 2

Pagina 2 van 9

Directoraat-Generaal Volkshuisvesting en Bouwen Directie Bouwen en Energie

levering van gas te beëindigen. In de Staalkaart Energietransitie Gebouwde Omgeving leest u hoe energietransitie een plek kan krijgen in het omgevingsplan. 6

Kenmerk 2022-0000500214

Onderbouwen kosteneffectiviteit en betaalbaarheid De keuze voor het warmtealternatief beïnvloedt de kosteneffectiviteit voor de samenleving en de individuele eindgebruikers. Gemeenten beschrijven de kosteneffectiviteit in de onderbouwing van de wijziging van het omgevingsplan (het wijkuitvoeringsplan). Om gemeenten hierbij te ondersteunen, stelt het Rijk – in samenwerking met de VNG en gemeenten – een handreiking op over de uitwerking van betaalbaarheid (en woonlastenneutraliteit) in de wijkaanpak. De handreiking helpt gemeenten om betaalbaarheid binnen de wijkaanpak vorm te geven en geeft inzicht in de indicatoren en aspecten waarmee rekening gehouden kan worden. Dit is ook behulpzaam voor de communicatie aan bewoners over de betaalbaarheid van de verduurzaming van hun woning. Het Rijk zal daarbij in 2022 de door TNO ontwikkelde tool “eindgebruikerskosten” laten aanpassen – waarin voor verschillende huishoudens, woningtypen en warmtestrategieën de kosten voor de eindgebruiker in beeld zijn gebracht – zodat rekening gehouden kan worden met veranderende omstandigheden. Denk hierbij aan de ontwikkeling van de energieprijzen, investeringskosten en rentetarieven. De handreiking betaalbaarheid zal naar verwachting eind dit jaar gereed zijn.

Afstemmen proces en planning Omdat alle betrokken partijen, waaronder netbeheerders, woningcorporaties en gebouweigenaren, tijd nodig hebben om zich voor te bereiden op het duurzame alternatief zal in het omgevingsplan een redelijke termijn gesteld moeten worden tussen de aanwijzing van het gebied in het omgevingsplan en het moment dat het gebied daadwerkelijk van het aardgas gaat. Als richtlijn wordt 8 jaar gehanteerd, zodat bewoners, gebouweigenaren en andere partijen voldoende tijd hebben om zich voor te bereiden op de overstap op een duurzaam alternatief. Meer informatie over het wetsvoorstel en achterliggende overwegingen vindt u in de brief Verduurzaming kosteneffectiviteit en keuzevrijheid in de energietransitie in de gebouwde omgeving 7. Er wordt gestreefd naar inwerkingtreding van de wet en de bijbehorende Algemene Maatregel van Bestuur per 1 januari 2024.

1.2.

Extra middelen voor de uitvoering

Een andere belangrijke randvoorwaarde is dat gemeenten en provincies voldoende middelen hebben om hun taken op het gebied van de energietransitie goed uit te voeren. Daarom heeft het kabinet vanaf 2023 oplopend naar 2030 structureel 800 miljoen euro uitgetrokken voor de uitvoeringskosten van het klimaatbeleid bij medeoverheden. Deze middelen zullen in de vorm van een Brede Doeluitkering worden verstrekt, zodat de administratieve lasten van gemeenten zo laag mogelijk blijven. Het kabinet heeft hierbij het advies van de Raad voor Openbaar Bestuur gevolgd 8. https://vng.nl/sites/default/files/202206/Staalkaart%20Energietransitie%20Gebouwde%20Omgeving%2020220516.pdf 7 Detail 2022D23231 | Tweede Kamer der Staten-Generaal 8 https://www.raadopenbaarbestuur.nl/actueel/nieuws/2021/01/25/van-parijs-naarpraktijk-18-miljard-euro-nodig-voor-lokale-uitvoering-klimaatakkoord 6

Pagina 3 van 9

Directoraat-Generaal Volkshuisvesting en Bouwen Directie Bouwen en Energie

Ook zal conform dit advies in 2024 een herijking plaatsvinden om te bezien of middelen en taken nog steeds in balans zijn. Omdat in de eerste jaren minder middelen beschikbaar zijn dan in het ROB advies staat, gaat het Rijk zich inspannen om door een kasschuif meer middelen voor 2023 en 2024 beschikbaar te stellen aan medeoverheden. Voor 2022 heeft het kabinet naast de eerder beschikbaar gestelde 70 miljoen euro, via een kasschuif, 80 miljoen euro extra beschikbaar gesteld zodat de werkzaamheden voor de energietransitie dit jaar gecontinueerd kunnen worden. Bovenstaande afspraken zijn ook vastgelegd in de bestuurlijke afspraken Klimaat 9 die Rijk en medeoverheden hebben gemaakt.

1.3.

Kenmerk 2022-0000500214

Nationaal Programma Lokale Warmtetransitie

Om de lokale uitvoering te ondersteunen start op 1 januari 2023 het Nationaal Programma Lokale Warmtetransitie (NPLW), een interbestuurlijk programma van Rijk, VNG en IPO. De huidige activiteiten van het Programma Aardgasvrije Wijken (PAW) en het Expertise Centrum Warmte (ECW) worden daarin voortgezet. Ik ben verheugd met het aanstellen van Maureen van Eijk als programmadirecteur. Het programma kent een regionale en nationale functie. Met de regionale functie ondersteunt het programma passend bij de behoeften in de regio. De nationale poot zal grotendeels de functies van het huidig PAW en ECW voortzetten, inclusief leren met de proeftuinen aardgasvrije wijken, het agenderen van beleidsknelpunten en het ontwikkelen van producten en sessies ter ondersteuning van gemeenten in de uitvoering. Zo blijven Rijk en medeoverheden samen optrekken. 1.4 Uitbreiding verbeterjehuis.nl Op 3 oktober aanstaande zal verbeterjehuis.nl worden uitgebreid, waardoor woningeigenaren de klantreis van oriëntatie tot en met het inschakelen van een uitvoerder en financier eenvoudig kunnen afleggen. De woningeigenaar wordt hierbij aan de hand van een uitgebreide tool en digitale 3D-beelden van de woning verdergaand ondersteund bij het kiezen voor een verduurzamingsmaatregel of –pakket, waarbij inzichtelijk wordt gemaakt of met de maatregelen aan de isolatiestandaard wordt voldaan.

Energieloketten kunnen woningeigenaren hiernaar doorverwijzen of van de informatie in de kennisbank gebruik maken zodat woningeigenaren bij hen dezelfde informatie als op verbeterjehuis.nl kunnen krijgen. Na oktober bekijk ik of verbeterjehuis.nl verder doorontwikkeld kan worden, bijvoorbeeld ten aanzien van de mogelijkheden voor ontsluiting van de transitievisies warmte en de uitvoeringsplannen.

2. Betaalbaarheid voor bewoners; inzet op isolatie en energiebesparing

De energieprijzen zijn de afgelopen tijd fors gestegen. Inmiddels is een groot deel van de huishoudens met een hogere energierekening geconfronteerd. Een groeiend aantal huishouden komt hierdoor in betalingsproblemen en houdt 9 De afspraken zijn opgenomen in bijlage 3 van het ontwerp beleidsprogramma Klimaat van de minister van Klimaat en Energie. Daar zijn ook afspraken opgenomen over de uitvoeringsmiddelen. Zie hier meer informatie: https://open.overheid.nl/repository/ronl00282341d912bc949745bebfd5c94cc1fac8a78e/1/pdf/Bijlage_1_tot_en_met_3_bij_het_Ont werp_Beleidsprogramma_Klimaat.pdf

Pagina 4 van 9

Directoraat-Generaal Volkshuisvesting en Bouwen Directie Bouwen en Energie

onvoldoende geld over voor de dagelijkse uitgaven. Op Prinsjesdag maakt het kabinet bekend welke maatregelen we zullen komen om deze effecten te dempen. Gelukkig zien we tegelijkertijd dat steeds meer huishoudens en bedrijven zelf verduurzamingsmaatregelen nemen om zo hun weerbaarheid tegen de huidige en toekomstige prijsfluctuaties te vergroten.

Kenmerk 2022-0000500214

Een wijkgerichte aanpak kan daarbij in veel situaties voordelen opleveren ten aanzien van de kosteneffectiviteit van verduurzaming voor het collectief en de individuele eindgebruiker door efficiëntie en opschaling 10. Het is daarbij wel van belang dat zoveel mogelijk huishoudens en gebouweigenaren meedoen om dat voordeel te behouden. Om uw bewoners in de wijkaanpak een goed aanbod te kunnen doen, zijn er verschillende subsidie- en financieringsinstrumenten ontwikkeld waar (ook) in de wijkaanpak gebruik van kan worden gemaakt.

2.1.

Investeringssubsidie Duurzame Energie en Energiebesparing

2.2.

Lokale aanpak Nationaal Isolatieprogramma

2.3.

Warmtefonds

Om te isoleren en een (hybride) warmtepomp aan te schaffen, kunnen bewoners gebruik maken van de Investeringssubsidie Duurzame Energie en Energiebesparing (ISDE). De ISDE is recent opgehoogd van gemiddeld 20 naar 30 procent 11 wanneer de woningeigenaar twee (isolatie)maatregelen neemt en 15 procent bij één isolatiemaatregel. De subsidie voor een (hybride) warmtepomp is overigens 30 procent, ook indien geen andere maatregelen worden genomen. Deze aanpassingen gelden ook voor de Subsidie Energiebesparing Eigen Huis (SEEH) gericht op VvE’s.

U kunt als gemeente uw bewoners extra ondersteunen via de lokale aanpak van het Nationaal Isolatieprogramma (NIP) 12. De lokale aanpak van het NIP is gericht op de woningen die slecht geïsoleerd zijn (label E, F en G) en beoogt kostenreducties en opschaling te bewerkstelligen. Anders dan bij de proeftuinen, kan elke gemeente meedoen aan deze regeling. Gemeenten kunnen hiervoor meerjarige plannen indienen, die aansluiten bij de transitievisies warmte en eventuele bewonersinitiatieven en die zich zo veel mogelijk richten op het verbeteren van woningen met de slechtste labels. Elke gemeente die voldoet aan de criteria zal de middelen ontvangen om aan de slag te gaan met een lokale, collectieve aanpak. De middelen kunnen, bovenop de 30% subsidie uit de ISDE, besteed worden aan isolatiemaatregelen, alsmede het proces binnen de gemeente en de ontzorging (o.a. ook via bewonersinitiatieven). De consultatie van de regeling start eind september. U kunt vanaf begin 2023 een aanvraag indienen. Er is meer dan 1 miljard euro beschikbaar tot en met 2030. Meer informatie over het NIP kunt u hier vinden 13.

Bewoners die verduurzamingsmaatregelen niet zelf kunnen financieren, kunnen maatregelen financieren via het Nationaal Warmtefonds. De mogelijkheden Netbeheer Nederland (2021) Volledig uitgevoerde wijkaanpak: Verkennende analyse. Het gaat om vaste bedragen per isolatiemaatregel. 12 https://www.volkshuisvestingnederland.nl/onderwerpen/nationaalisolatieprogramma/lokale-aanpak-samen-met-gemeenten 13 https://www.volkshuisvestingnederland.nl/onderwerpen/nationaal-isolatieprogramma 10 11

Pagina 5 van 9

Directoraat-Generaal Volkshuisvesting en Bouwen Directie Bouwen en Energie

worden steeds verder uitgebreid. Zo kunnen woningeigenaren ouder dan 75 jaar sinds februari 2022 financiering krijgen en zijn sinds 1 juni ook bij lagere leenbedragen lange looptijden mogelijk. Ook is het minimum leenbedrag verlaagd naar 1.000 euro en is het mogelijk om 100 procent financiering te ontvangen voor zonnepanelen. De financierbaarheid van verduurzamingsmaatregelen voor eigenaar-bewoners en VvE’s wordt de komende maanden verder verbeterd door het volgende: • vanaf 1 november 2022 is er financiering beschikbaar met een rentetarief van 0 procent voor woningeigenaren zonder leenruimte of met een inkomen tot 45.014 euro bruto 14; • woningeigenaren zonder leenruimte kunnen vanaf dan ook buiten de wijkaanpak tot 5000 euro financiering krijgen. Zij betalen aflossing naar draagkracht en het Warmtefonds draagt het restschuldrisico; • kleine VvE’s (minder dan 8 appartementen) kunnen vanaf 1 november bij het Warmtefonds aankloppen voor financiering. Op deze wijze wil ik verzekeren dat iedereen een passende financiering krijgt om de verduurzamingsmaatregelen te kunnen betalen. De voordelige financiering komt bovenop de genoemde subsidies.

2.4.

Kenmerk 2022-0000500214

Aanpak energiearmoede

De gestegen energieprijzen leiden tot steeds meer betalingsproblemen bij een groeiende groep huishoudens. Gemeenten hebben dit jaar 368,5 miljoen euro ontvangen ter bestrijding van energiearmoede door het nemen voor energiebesparende maatregelen, waarvan 68,5 miljoen uit het budget voor 2022 van de lokale aanpak van het NIP. Het geld is beschikbaar gesteld voor zowel koop- als huurwoningen. Hiermee kunt u huishoudens in kwetsbare wijken of straten een financieel steuntje in de rug geven bij het nemen van kleine en grote energiebesparende maatregelen. Doe wat kan voor de aankomende winter Het isoleren van woningen draagt structureel bij aan het terugdringen van energiearmoede. Ik wil u oproepen om in ieder geval ook in te zetten op laagdrempelige energiebesparende maatregelen die voor de aankomende winter nog uitgevoerd kunnen worden, omdat deze op korte termijn bijdragen aan het verlagen van de energierekening. We hebben een toolkit ontwikkeld om u(w ambtenaren) te ondersteunen bij de uitvoering van de aanpak, deze treft u aan in de bijlage. Daarbij organiseren we op 20 september een derde webinar over energiearmoede waarin dit keer de nadruk wordt gelegd op maatregelen die op korte termijn kunnen worden toegepast.

Grotere (isolatie)maatregelen ook nodig Naast de urgentie om voor komende winter maatregelen te treffen, is het nemen van grotere (isolatie)maatregelen nodig omdat het tot een structurele verlaging van het energieverbruik leidt. De middelen die aan u zijn uitgekeerd hebben een bestedingstermijn tot 31 december 2023. We willen voorkomen dat de middelen (gedeeltelijk) teruggevorderd worden omdat de bestedings- of uitvoeringstermijn In de eerste helft van oktober zal het Warmtefonds al starten met financiering tegen 0% rente voor woningeigenaren met een inkomen tot 40.000 euro bruto. Het Warmtefonds zal hier verder over communiceren. 14

Pagina 6 van 9

Directoraat-Generaal Volkshuisvesting en Bouwen Directie Bouwen en Energie

te kort om deze broodnodige structurele maatregelen te treffen. Deze kennen immers een langere voorbereidingstijd. Om deze reden is besloten de uitvoeringstermijn met een jaar te verlengen tot 31-12-2024. Toch willen we benadrukken en u op het hart drukken om op dit moment zoveel mogelijk middelen in te zetten op maatregelen die voor déze winter getroffen worden.

Kenmerk 2022-0000500214

3. Beleidsmaatregelen warmtealternatieven 3.1.

Warmtenetten

3.2.

Hybride warmtepomp

3.3.

Groen gas

Uit de eerste globale analyse van alle transitievisies warmte blijkt dat veel gemeenten in de eerste wijken kiezen voor een warmtenet als duurzaam alternatief voor aardgas. Om de ontwikkeling van toekomstige collectieve warmtenetten, zowel voor transport als distributie, verder te stimuleren is de minister voor Klimaat en Energie voornemens om in 2023 een Nationale Subsidieregeling Warmtenetten te publiceren. Dit sluit aan bij de plannen uit het Coalitieakkoord waarin is aangegeven dat middelen zullen worden gereserveerd voor onder andere subsidie voor investeringen in warmte-infrastructuur. Om u als gemeente voldoende sturingsmogelijkheden en bevoegdheden te geven ten aanzien van de borging van het publieke belang en verduurzaming van de warmtevoorziening, treedt naar verwachting in 2024 de Wet collectieve warmtevoorziening (Wcw) in werking. Hierover heeft de Minister voor Klimaat en Energie recent een voortgangsbrief met meer informatie gestuurd 15.

In wijken waar de gemeenten in de komende 10 jaar geen plannen heeft voor de inzet van een volledig aardgasvrije warmtetechniek (zoals een collectief warmtesysteem of een volledig elektrische warmtepomp) is een hybride warmtepomp een goed alternatief. Op korte termijn wordt er in samenwerking met sectorpartijen in het actieplan hybride warmtepompen gewerkt aan het opschalen van het aantal hybride warmtepompen. In de inspiratiegids hybride warmtepompen 16 staan best practices van gemeenten, corporaties en andere organisaties. Het is van belang om in te blijven zetten op isolatie in combinatie met een (hybride) warmtepomp.

Groen gas zal de komende jaren een toenemende rol krijgen in de gebouwde omgeving. Dit zal verlopen via een graduele bijmengverplichting voor alle woningen die nog op het aardgasnet zitten. Het kabinet heeft de ambitie om een bijmengverplichting op te leggen aan energieleveranciers die oploopt tot 1,6 miljard m3 groen gas in 2030 (Kamerbrief 32 813, nr. 1063). Hiermee wordt circa 20% van het gasverbruik van de woningen die in 2030 nog op het aardgasnet zitten verduurzaamd. Gemeenten, provincies en waterschappen spelen ook een belangrijke rol bij het opschalen van de groen gas productie. Deze rol is onder meer gelegen in de https://www.rijksoverheid.nl/documenten/kamerstukken/2022/07/15/voortgang-wetcollectieve-warmtevoorzienig 16 https://www.expertisecentrumwarmte.nl/documenten/inspiratiegids+hybride+warmtepom pen/default.aspx 15

Pagina 7 van 9

Directoraat-Generaal Volkshuisvesting en Bouwen Directie Bouwen en Energie

ruimtelijke inpassing van installaties voor groen gas productie; planvorming en vergunningverlening voor groen gas installaties zijn in Nederland decentraal belegd. Een actieve inzet van decentrale overheden bij inpassing is noodzakelijk om de haalbaarheid van de bijmengverplichting voor groen gas en daarmee de verduurzaming van de gebouwde omgeving richting 2030 te waarborgen. Het Rijk zet hier middels een Programma Groen Gas op in en werkt aan maatregelen gericht op onder andere marktontwikkeling, innovatie, ruimtelijke inpassing, biogrondstofbeschikbaarheid en internationale aspecten. Het Programma is op dit moment in ontwikkeling en wordt in het vierde kwartaal van 2022 aangeboden aan de Tweede Kamer.

Kenmerk 2022-0000500214

4. Overige beleidsmaatregelen 4.1.

Huurwoningen

Verhuurders gaan één miljoen woningen isoleren naar de standaard voor woningisolatie, zowel de corporaties als de private verhuurders. Dat vermindert het energieverbruik en de uitstoot van CO2. Daarnaast zorgt het voor lagere woonlasten voor huurders. Bovendien kunnen de meeste woningen daardoor in de toekomst worden aangesloten op een duurzame warmtevoorziening. Het isoleren van huurwoningen wordt op verschillende manieren gestimuleerd:

•

• •

4.2.

Aedes en de Rijksoverheid hebben prestatieafspraken gemaakt 17 over het isoleren naar de standaard voor woningisolatie isolatiestandaard van 675.000 huurwoningen. Deze afspraken borduren voort op de al gesloten prestatieafspraken over de verduurzaming van alle corporatiewoningen met slecht energielabel (E, F of G) in 2028 18. Om wettelijk te waarborgen dat alle slecht geïsoleerde huurwoningen – ook die van private verhuurders – worden verbeterd, zullen per 1 januari 2030 wettelijke eisen worden gesteld aan (de verhuur van) huurwoningen. Private verhuurders krijgen een ondersteuning om 325.000 huurwoningen tot (minimaal) de isolatiestandaard te renoveren. Per 1 april 2022 is de Subsidieregeling Verduurzaming en Onderhoud voor Huurwoningen (SVOH) opengesteld voor kleine particuliere verhuurders met gereguleerde huurwoningen. Utiliteitsbouw

Veel aandacht gaat uit naar het verduurzamen van koop-en huurwoningen. Uiteraard is het ook van belang om in de wijkuitvoeringsplannen de plannen voor het verduurzamen van andere gebouwen mee te nemen. Ongeveer een derde van de verduurzamingsopgave tot 2030 kan bereikt worden door verduurzaming van gebouwen. In het PVGO is er in het bijzonder aandacht voor bepaalde delen en sectoren van de utiliteitsbouw waar u als gemeente voor aan de lat staan. Denk hierbij aan maatschappelijk (gemeentelijk) vastgoed zoals scholen, gemeentehuizen en sportgebouwen, maar ook aan MKB en bedrijventerreinen.

https://www.volkshuisvestingnederland.nl/onderwerpen/nationale-prestatieafsprakenvoor-de-volkshuisvesting 18 https://www.rijksoverheid.nl/documenten/convenanten/2021/12/16/prestatieafsprakentariefverlaging-verhuurderheffing-per-1-1-2022 17

Pagina 8 van 9

Directoraat-Generaal Volkshuisvesting en Bouwen Directie Bouwen en Energie

Meer informatie over de verschillende instrumenten en de betreffende wetgeving kunt u op de website van RVO 19 vinden.

Kenmerk 2022-0000500214

Tot slot Ik hoop dat ik u met deze brief meer informatie heb gegeven die voor u als gemeenten relevant is om de transitie verder vorm te geven. Overige informatie over bijvoorbeeld normering kunt u terugvinden in het PVGO. Daarbij hoop ik dat het gehele pakket aan maatregelen uit het PVGO u de handvatten geeft om de komende jaren samen met mij de energietransitie in vertrouwen verder vorm te geven en uit te voeren. Hoogachtend, De minister voor Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening,

Hugo de Jonge

19

https://www.rvo.nl/onderwerpen/verduurzaming-utiliteitsbouw Pagina 9 van 9

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Zoetermeer&id=93033685-dceb-47aa-907f-4b436cf270a7