Bijlage 1 Bestuursovereenkomst COA Zoetermeer
Tekst van het document
Bestuursovereenkomst inzake de vestiging van een opvanglocatie in de voormalige Penitentiaire Inrichting, Rokkeveenseweg 50 te Zoetermeer
(Structuur versie 17 juni 2021 )
Bestuursovereenkomst inzake de vestiging van een opvanglocatie
Partijen a. Het Centraal Orgaan opvang asielzoekers, gevestigd aan de Rijnstraat 8 te Den Haag, hierbij vertegenwoordigd door de bestuursvoorzitter van het COA, de heer M. Schoenmaker, hierna te noemen: ‘COA’ b. De gemeente Zoetermeer gevestigd aan het Stadhuisplein 1 te Zoetermeer, hierbij vertegenwoordigd door de burgemeester, de heer M.J. Bezuijen, hierna te noemen: ‘de Gemeente’
Overwegende: • dat het COA op grond van de Wet Centraal Orgaan opvang asielzoekers (d.d. 19 mei 1994) tot kerntaak heeft de opvang en begeleiding van vreemdelingen; • dat de Gemeente bereid is mee te werken aan de opvang van vreemdelingen in een opvanglocatie binnen de gemeente Zoetermeer; • dat het COA en de Gemeente een optimaal functioneren van de opvanglocatie in de plaatselijke gemeenschap en in relatie tot de betrokken diensten en instellingen willen bewerkstelligen door het maken van afspraken en het treffen van de nodige voorzieningen; • dat de bestuursovereenkomst onverlet laat dat het COA voor het gebruik van de opvanglocatie over de benodigde vergunningen moet beschikken; • dat de Gemeente zich binnen haar publiekrechtelijke verantwoordelijkheden inspant voor een zorgvuldige en voortvarende vergunningverlening; • dat het Faciliteitenbesluit Opvangcentra, d.d. 29 juli 1994 (Stb. 636) en de aanvullingen van 8 juni 1998 (Stb. 347) en 25 januari 2001 (Stb.
60) van toepassing zijn, alsmede eventuele toekomstige wijzigingen en aanvullingen; • dat de directe verantwoordelijkheid voor het nemen van de noodzakelijke maatregelen op de beleidsterreinen Onderwijs, Gezondheidszorg en Openbare orde en veiligheid, behalve bij de Gemeente en het COA, bij meerdere partijen ligt; • dat het uitgangspunt is dat de randvoorwaarden voor de te nemen maatregelen in verband met de opvang van vreemdelingen op de beleidsterreinen Onderwijs, Gezondheidszorg en Openbare Orde en veiligheid voldoende in bestaande wet- en regelgeving zijn vastgelegd. 2 / 11
Komen het volgende overeen: Artikel 1 - Definities In deze overeenkomst wordt verstaan onder: a) Vreemdeling: de persoon die in de opvanglocatie van het COA wordt opgevangen, zoals bedoeld in artikel 3 van de Wet Centraal Orgaan opvang asielzoekers. Het betreft hier zowel asielzoekers, als bewoners die een verblijfsvergunning hebben maar nog geen reguliere huisvesting in een gemeente hebben; b) Capaciteitsplaatsen: plaatsen in een opvanglocatie beschikbaar voor de opvang van vreemdelingen, zoals bedoeld in artikel 1.b van het Faciliteitenbesluit; c) Opvanglocatie: een opvangvoorziening waarin door of onder verantwoordelijkheid van het COA opvang wordt geboden aan vreemdelingen. Hieronder vallen een Opvangcentrum of een Noodopvang; d) Datum van ingebruikname: de datum waarop de eerste vreemdeling gebruik maakt van de opvanglocatie; e) Faciliteitenbesluit: het Faciliteitenbesluit Opvangcentra d.d. 29 juli 1994 (Stb. 636). Artikel 2 - Opvanglocatie 1. De Gemeente stemt in met het gebruik van de opvanglocatie voormalige Penitentiaire Inrichting (PI) aan de Rokkeveenseweg 50 te Zoetermeer door het COA voor de periode van één jaar. 2. Het COA gebruikt deze locatie onder eigen verantwoordelijkheid als een opvang van vreemdelingen. Artikel 3 – Aantal vreemdelingen en capaciteitsplaatsen 1. In de opvanglocatie worden maximaal 500 vreemdelingen opgevangen. 2.
Het COA spant zich in voor een evenwichtige samenstelling van de vreemdelingen voor wat betreft herkomst, geslacht, leeftijd en gezinssituatie. Er worden geen Alleenstaande Minderjarige Vreemdelingen (AMV) en minimaal 50% statushouders opgevangen. Het resterende aantal opvangplaatsen wordt ingezet voor evident kansrijke asielzoekers. 3. Op verzoek van de Gemeente verstrekt het COA aan de Gemeente informatie over het aantal en over de in het vorige lid bedoelde samenstelling van de vreemdelingen dat in de gevraagde periode in de opvanglocatie verblijft. Het COA verstrekt op eigen initiatief informatie aan de Gemeente als structurele wijzigingen in aantal of samenstelling vreemdelingen plaats zal vinden. 3 / 11
Artikel 4 - Duur van de overeenkomst 1. De bestuursovereenkomst wordt aangegaan voor de duur van één jaar ingaande vanaf het moment van feitelijke ingebruikname door de vreemdelingen. Op het moment dat de eerste vreemdeling gebruik maakt van de opvanglocatie wordt deze datum vastgelegd in de “Verklaring datum ingebruikname opvanglocatie”, zoals weergegeven in bijlage A die aan deze overeenkomst zal worden toegevoegd. 2. De overeenkomst eindigt van rechtswege na het verstrijken van de in lid 1 genoemde periode van één jaar. 3. Het COA kan per aangetekende brief besluiten tot tussentijdse opzegging van de overeenkomst. Indien het COA overgaat tot tussentijdse opzegging geldt een opzegtermijn van tenminste twee maanden richting de verhuurder Rijksvastgoedbedrijf, waarvan COA de gemeente gelijktijdig van in kennis zal stellen. 4. Het COA kan gedurende de gebruiksperiode uiterlijk drie maanden voor afloop van deze overeenkomst, besluiten tot een aanvraag van verlenging van de overeenkomst voor een nader overeen te komen termijn. Het is de bevoegdheid van de Gemeente om hier wel of niet haar toestemming voor te geven. 5.
De Gemeente kan de overeenkomst bij aangetekend schrijven tussentijds opzeggen in het geval de aanwezigheid en de overlast door de bewoners van het opvangcentrum aantoonbaar leidt tot ernstige verstoring van de openbare orde en aantasting van de openbare veiligheid in de directe omgeving van het opvangcentrum. De gemeente gaat hier niet eerder toe over dan nadat het COA in de gelegenheid is gesteld maatregelen te treffen welke binnen haar bevoegdheden liggen ter voorkoming van een verstoring van de openbare orde en aantasting van de openbare veiligheid en deze maatregelen geen doel treffen. De gemeente neemt hierbij een opzegtermijn van 3 maanden in acht. Dit laat toepassing door het gemeentebestuur van de wettelijke bevoegdheden tot optreden tegen of naar aanleiding van verstoringen van de openbare orde of de veiligheid dan wel handelen in strijd met andere regels onverlet. Artikel 5 - Uitkeringen Faciliteitenbesluit 1. De aanspraak op verstrekking van de uitkering als bedoeld in artikel 3, eerste lid en artikel 4, eerste lid van het Faciliteitenbesluit, vangt aan op de datum van ingebruikname. 2. Indien de Gemeente meer kosten maakt dan waar de Gemeente conform het Faciliteitenbesluit artikel 3 en 4 “Opvang locatie” recht op heeft, garandeert het COA dat de Gemeente er kostenneutraal uitkomt mits daar zowel vooraf als 4 / 11
achteraf een deugdelijke prognose en onderbouwing (met accordering van COA) tegenover wordt gesteld. 3. De nadere afspraken rond kosten en vergoedingen zijn opgenomen in bijlage C: Aanvullende werkafspraken onder artikel 9. Artikel 6 - Aanvullende werkafspraken 1. Ter uitwerking van de afspraken uit deze overeenkomst worden aanvullende werkafspraken vastgelegd in bijlage C die onderdeel zal gaan uitmaken van deze overeenkomst. Artikel 7 - Overige bepalingen 1. Genoemde bijlagen behoren bij en geven een nadere toelichting en/of uitwerking van deze bestuursovereenkomst. 2. Indien de bestaande wet- en regelgeving op de beleidsterreinen Onderwijs, Gezondheidszorg en Openbare orde en veiligheid niet afdoende blijkt te zijn en hierdoor een knelpunt op dat onderdeel ontstaat, dan zullen het COA en de Gemeente zich gezamenlijk inspannen dit knelpunt aan te kaarten bij het verantwoordelijke Ministerie. 3. In geval van een wijziging van wet- of regelgeving die gevolgen heeft voor deze overeenkomst, treden partijen met elkaar in overleg over hoe deze gevolgen het beste kunnen worden opgevangen. 4. Wijzigingen van deze overeenkomst zullen, na overeenstemming hierover tussen partijen, schriftelijk worden vastgelegd en als addendum aan deze overeenkomst worden gehecht. 5.
In situaties waarin deze overeenkomst niet voorziet of in geval van geschillen, de uitleg en/of de uitvoering ervan, zullen partijen een maximale inspanning verrichten om deze geschillen in onderling overleg op te lossen.
Aldus overeengekomen, in tweevoud opgemaakt en ondertekend,
5 / 11
Centraal Orgaan opvang asielzoekers
gemeente Zoetermeer
M. Schoenmaker
drs. M.J. Bezuijen
Den Haag
Zoetermeer
datum:
datum:
BIJLAGEN: Bijlage A: Verklaring datum ingebruikname opvanglocatie Bijlage B: Toelichting Bestuursovereenkomst. Bijlage C: Aanvullende werkafspraken
6 / 11
Bijlage A
Verklaring datum ingebruikname opvanglocatie (wordt door het COA verzonden zodra de opvanglocatie voor bewoning in gebruik is genomen)
College van burgemeester en wethouders van de gemeente Zoetermeer Ten aanzien van de Burgemeester, de heer M.J. Bezuijen Postbus 15 2700 AA Zoetermeer
[ datum ] [ kenmerk ] Onderwerp: Verklaring datum ingebruikname opvanglocatie voormalige PI Zoetermeer
Geacht College, Het Centraal Orgaan opvang asielzoekers (COA) wil het college bedanken voor alle gezamenlijke inspanningen om te komen tot het realiseren van een opvanglocatie in Zoetermeer. Samen met u geven we invulling aan een maatschappelijk vraagstuk; het bieden van opvang en begeleiding aan asielzoekers in Nederland. Met deze verklaring willen wij u informeren dat de opvanglocatie voormalige PI Zoetermeer op [datum en jaar] voor de opvang en begeleiding van asielzoekers in gebruik wordt genomen. Dit is overeenkomstig artikel 4 van de bestuursovereenkomst. Wij vertrouwen op een goede samenwerking met uw gemeente, met omwonenden en andere betrokken organisaties. Mocht u vragen hebben over de verklaring of over de opvanglocatie dan kunt u contact opnemen met [naam regiomanager / locatiemanager en e-mailadres]. Met vriendelijke groet, Den Haag, Centraal Orgaan opvang asielzoekers
F. van der Plas manager Vastgoed en Facilitair
7 / 11
Bijlage B
Toelichting Bestuursovereenkomst
I - Doel Bestuursovereenkomst Inleiding Het Centraal Orgaan opvang asielzoekers (COA) zorgt er voor – op grond van de Wet COA - dat vreemdelingen in een kwetsbare positie in een veilige en leefbare omgeving professioneel worden opgevangen en begeleid in een opvanglocatie. Het COA opent pas een opvanglocatie nadat de gemeente daarmee heeft ingestemd. In de bestuursovereenkomst staan afspraken tussen de gemeente en het COA over de vestiging en ingebruikname van een opvanglocatie. Het COA dient over de benodigde vergunningen te beschikken voordat een opvanglocatie in gebruik wordt genomen. De gemeente is door het ondertekenen van de bestuursovereenkomst niet gebonden deze vergunningen te verlenen, maar partijen komen overeen dat de gemeente zich zal inspannen voor een zorgvuldige en voortvarende vergunningverlening. De wettelijke kosten die gepaard gaan met de vergunningverlening zijn voor kosten van het COA. Het doel van de bestuursovereenkomst is: 1.1 Afspraken vastleggen over de vestiging van een opvanglocatie in de gemeente. 1.2 Inzichtelijk maken van elkaars wettelijke bevoegdheden en verantwoordelijkheden op de beleidsterreinen Onderwijs, Gezondheidszorg en Openbare orde en veiligheid, in relatie tot de opvanglocatie.
1.1
Afspraken vastleggen over de vestiging van een opvanglocatie
In de bestuursovereenkomst zijn afspraken opgenomen die nodig zijn voor het in gebruik nemen van de opvanglocatie. Daarbij valt te denken aan afspraken over welke locatie, of het een Opvangcentrum of Noodopvang betreft, het aantal bewoners, duur en welke wettelijke financiële uitkeringen beschikbaar worden gesteld (Faciliteitenbesluit). Meer informatie over de praktische en financiële aspecten die de komst van een opvanglocatie met zich mee brengen, zoals communicatie, veiligheid, leefbaarheid, terugkeer en vertrek, bedrijfsvoering van het COA en ook over de uitkeringen en berekensystematiek van het Faciliteitenbesluit staan op de website van het COA https://www.coa.nl.
8 / 11
De gemeente heeft met bijlage C: ‘Aanvullende Werkafspraken’ aanvullingen en uitwerkingen op de in deze overeenkomst genoemde afspraken gemaakt. Dit gebeurt onder erkenning van elkaars bevoegdheden en verantwoordelijkheden. Aantal vreemdelingen en capaciteitsplaatsen Voor het COA is het van belang om de bezetting in een opvanglocatie optimaal te kunnen gebruiken. Daarom worden in de Bestuursovereenkomst maximaal aantal vreemdelingen benoemd. Om het maximum aantal vreemdelingen te kunnen onderbrengen in de opvanglocatie, is het noodzakelijk om meer capaciteitsplaatsen beschikbaar te hebben. Zo kan het voorkomen dat een gezin bestaande uit vier personen in een wooneenheid met capaciteit voor vijf personen wordt geplaatst. De vijfde capaciteitsplaats blijft daardoor vacant. Daarom zijn meer capaciteitsplaatsen nodig dan het maximum aantal op te vangen vreemdelingen. Niet elke capaciteitsplaats zal in de praktijk bezet worden. Voor het COA is de instroom leidend bij het plaatsen van vreemdelingen in opvanglocaties. Het COA maakt geen onderscheid naar nationaliteit, leeftijd, religie, seksuele geaardheid, achtergrond, etc. Faciliteitenbesluit Indien in een gemeente een opvangcentrum is gevestigd heeft de gemeente recht op uitkeringen volgens het Faciliteitenbesluit.
Aan de gemeente wordt jaarlijks door het COA een uitkering verstrekt op basis van het aantal door asielzoekers permanent te bezetten capaciteitsplaatsen verminderd met het aantal op 1 januari van het uitkeringsjaar in de basisregistratie personen ingeschreven bewoners van het opvangcentrum. Het Faciliteitenbesluit maakt voor de bekostiging onderscheid tussen artikel 3 en 4 (Opvangcentrum) en artikel 5 (Noodopvang). Onder Opvangcentrum vallen verschillende typen locaties1 zoals azc (asielzoekerscentrum), col (Centrale Ontvangstlocatie), pol (Procesopvanglocatie), HTL (Handhaving en Toezichtlocatie) en GL (Gezinslocatie). Onder Noodopvang vallen Noodopvang en Aanvullende Opvang (AVO). 1.2
Onderwijs, Gezondheidszorg en Openbare orde en veiligheid
Op bovengenoemde beleidsterreinen ligt de directe verantwoordelijkheid bij meerdere partijen. Dit is belangrijk om te constateren en te realiseren voor de komst van de opvanglocatie. Uitgangspunt is dat de voor de opvang van vreemdelingen benodigde 9 / 11
voorzieningen en de te nemen maatregelen afdoende zijn geregeld in de bestaande weten regelgeving. Indien de regelgeving op een bepaald onderdeel niet afdoende blijkt te zijn en hierdoor een knelpunt kan ontstaan, dan kunnen het COA en de gemeente zich gezamenlijk inspannen dit aan te kaarten bij het verantwoordelijke Ministerie. Onderwijs In de Nederlandse leerplichtwet is opgenomen dat alle kinderen in de leerplichtige leeftijd naar school moeten. De gemeente is verantwoordelijk voor de huisvesting en inrichting van de onderwijsvoorzieningen en handhaving van de leerplicht. De leerplicht geldt dus ook voor kinderen in de opvanglocatie. Vanaf het moment dat deze kinderen staan ingeschreven in de BRP heeft de gemeente de wettelijke taak de leerplicht van deze kinderen te handhaven. Op grond van artikel 5a van het Faciliteitenbesluit heeft de gemeente aanspraak op een uitkering verstrekt door het COA voor huisvesting van het basisonderwijs voor kinderen van de opvanglocatie. Dit is opgenomen in bijlage C: Aanvullende werkafspraken. Gezondheidszorg Net als iedereen kunnen asielzoekers naar de huisarts, een verloskundige of het ziekenhuis. COA-medewerkers informeren asielzoekers over de Nederlandse gezondheidszorg en begeleiden minder zelfredzame bewoners bij hun gang naar de zorg. Op elk opvanglocatie houdt een huisarts spreekuur.
Met vragen over hun gezondheid kunnen de bewoners van een opvanglocatie 24/7 bellen met een medisch contactcentrum. GGD Net als voor alle andere inwoners van Nederland is de GGD verantwoordelijk voor de publieke gezondheidszorg voor asielzoekers. Deze zorg omvat onder meer infectieziektepreventie en -bestrijding, gezondheidsvoorlichting en jeugdgezondheidszorg (JGZ). Ook voert de GGD bij aankomst in Nederland de verplichte controle op tuberculose uit, voor asielzoekers uit landen waar tbc veel voorkomt. Jeugdhulp Sinds 1 januari 2019 zijn gemeenten verantwoordelijk voor de jeugdhulp aan kinderen die in een opvanglocatie wonen en aan alleenstaande minderjarige vreemdelingen (amv). Gemeenten krijgen hiervoor een vergoeding op basis van het aantal kinderen in de Opvanglocatie. Meer informatie over jeugdhulp staat op de website van de VNG https://vng.nl/rubrieken/onderwerpen/asielzoekerskinderen
10 / 11
Openbare orde en veiligheid De burgemeester is op grond van de Gemeentewet verantwoordelijk voor de openbare orde en veiligheid in de gemeente. De burgemeester en de officier van justitie maken op grond van artikel 13 van de Politiewet in het driehoeksoverleg afspraken over de inzet van politie in de gemeente. Het handhaven van de veiligheid binnen de opvanglocatie valt onder de verantwoordelijkheid van het COA. Indien incidenten binnen de opvanglocaties gevolgen kunnen hebben voor de openbare orde wordt door het de politie en de burgemeester geïnformeerd .Uitwerking van het handhaven van de openbare orde en veiligheid is opgenomen in het Veiligheidsplan dat onderdeel uitmaakt van bijlage C: Aanvullende werkafspraken. Om opvanglocaties veilig en leefbaar te houden, heeft het COA huisregels die asielzoekers in alle azc's moeten naleven. Laten zij hun medebewoners of COAmedewerkers niet in hun waarde of overtreden ze op een andere manier de huisregels, dan treft het COA maatregelen. Strafbare feiten meldt het COA altijd bij de politie. Samen met de partners uit de bestuursrecht- en strafrechtketen treft het COA maatregelen tegen overlastgevers.
11 / 11