Beantwoording Technische vragen LHN - 6 april 2023
Tekst van het document
Beantwoording technische vragen LHN over de rapportage sociaal domein en monitor Jeugd. Geachte mevrouw Siegelaer, U heeft donderdag 30 maart jl. via drie mails technische vragen gesteld die betrekking hebben op de rapportage sociaal domein en/of de monitor Jeugd. Een deel van de van antwoorden heeft u op 3 april jl. ontvangen. De beantwoording van de resterende vragen ontvangt u onderstaand. Met vriendelijke groet, Michel Sips Afdeling Sociaal Domein
Vragen over de rapportage: Vraag 4 Is het bekend waar de NPO middelen voor zijn ingezet en is er inzicht in de effecten? Zijn de achterstanden van de leerlingen ingelopen en was het mogelijk om dat met te middelen te realiseren? Antwoord 4 In de afdoening van de toezegging terugkoppeling NPO (7-12-2022) is gemeld dat in de loop van 2023 een terugkoppeling naar de raad over de inzet van de middelen t/m 2022 wordt gedaan. De inzet van de middelen is opgenomen in het vastgestelde Plan NPO gemeente Zoetermeer dat als bijlage bij de afdoening is meegestuurd.
Vragen over de monitor: Vraag 3: Wat is de oorzaak van het aantal toegenomen jeugdige die doorstromen in de Jeugdhulp? Antwoord 3: De gegevens over de doorstroom geven een beeld van het aantal unieke jeugdigen waarvoor in twee opeenvolgende jaren hulp wordt gedeclareerd. Dit geeft een globaal beeld. De reden voor doorstroming is op basis van de beschikbare data niet te herleiden. Het kan zijn dat de hulp pas aan het eind van het vorige jaar is gestart en daarom doorloopt in een volgend jaar. Het kan ook zijn dat in de loop van de tijd een andere vorm van jeugdhulp wordt ingezet. Ook dan telt de jeugdige als doorstromer. Het valt op dat het getal in 2022 iets hoger ligt, maar voor 2022 geldt ook dat het totaal aantal jeugdigen met jeugdhulp is gestegen. Het aandeel jeugdigen dat doorstroomt ten opzichte van het totaal is gelijk gebleven. Zowel in 2021 als 2022 bedraagt dit 67,9% van het totaal aantal unieke jeugdigen met jeugdhulp.
Vraag 4: Waarom hebben jeugdige steeds langer zorg nodig? Antwoord 4: Dat is een vraag die niet op basis van de gegevens in de monitor kan worden beantwoord. We zien al een aantal jaar dat de intensiteit (duur en/of hoeveelheid) van de zorg toeneemt. Dit is een landelijk beeld. Vraag 5: In de monitor van september 2022 wordt het aantal herintreders met een % aangegeven tm 2021, kunt u deze ook voor 2022 toesturen? Antwoord 5: Zie onderstaande tabel: Jaar
Aantal unieke jeugdigen dat herintreder is
2018 2019 2020 2021 2022
205 263 289 354 429
Aandeel herintreders t.o.v. het tot aantal unieke jeugdigen met jeugdhulp 4,5% 5,9% 6,5% 7,6% 9,0%
Tabel 1. Aandeel aantal herintreders ten opzichte van het totaal aantal jeugdigen met jeugdhulp (periode 2018-2022).
Vraag 8: Doelrealisatie en uitval, in 2021 is het % vroegtijdige uitval gedaald wat was hier de succesfactor in? Zijn de percentages van het totaal 2022 al bekend? Vraag 8a: wat was hier de succesfactor in? Antwoord 8a: Dat is op basis van deze gegevens van het CBS niet te zeggen. Het cijfer geeft alleen een beeld van het percentage jeugdhulptrajecten dat voortijdig wordt beëindigd ten opzichte van het totaal aantal jeugdhulptrajecten. Het is mogelijk om, op basis van CBS-gegevens, iets meer te specificeren over de uitval, namelijk door wie het traject is beëindigd. Voortijdig beëindigd, eenzijdig door de cliënt Voortijdig beëindigd, in overeenstemming Voortijdig beëindigd, eenzijdig door de aanbieder Voortijdig beëindigd door Externe omstandigheden (niet nader gespecificeerd)
Zoetermeer 25% 53,1% 6,3% 15,6%
Nederland 16,7% 60,5% 6,9% 15,9%
Tabel 2. Beëindigde jeugdhulptrajecten voortijdig afgesloten in 2021 (bron: CBS)
Op basis van de CBS-gegevens kunnen we concluderen dat het overgrote deel (81,2% in 2021) van de jeugdhulptrajecten volgens plan wordt beëindigd. Dit is hoger dan het landelijk gemiddelde. De uitval is daarmee ook lager. De reden van uitval is niet bekend, wel zien we dat in Zoetermeer relatief meer
jeugdhulptrajecten eenzijdig door de cliënt worden beëindigd. Wat hiervoor de reden is, is niet bekend.
Vraag 8b: Zijn de percentages van het totaal 2022 al bekend? Antwoord 8b: Het CBS heeft op dit moment alleen de percentages over de eerste helft van 2022 beschikbaar. Vraag 10: Er wordt veel meer gebruikt gemaakt van de specialistische jeugd-ggz en geïntrigeerde specialistische jeugd-ggz, kan de zorg verleend worden aan de jeugdige binnen de gestelde richtlijnen voor de intake en start van de behandeling? Antwoord 10: Op basis van tabel 11 ‘de top tien’ blijkt dat de meeste jeugdigen in 2022 gebruikmaakten van een van deze twee vormen van jeugd-ggz. De wachttijd voor de intake en behandeling van deze vormen van jeugdhulp verschillen per aanbieder, dus dat maakt het lastig om een algemene uitspraak hierover te doen. Op de website Startpunt Jeugdhulp Haaglanden zijn actuele wachttijden bij de jeugdhulpaanbieders voor zowel professionals als jeugdigen en ouders te raadplegen.