Voorwoord tussentijdse cijfers SD tm P06
Tekst van het document
De tussentijdse cijfers sociaal domein gemeente Zevenaar (t.b.v. commissie vergadering van 9 september) Inleiding Deze tussentijdse cijfers Programma 6 Sociaal Domein betreft een beknopte (financiële) weergave, zodat ontwikkelingen in perspectief kunnen worden geplaatst. Met deze tussentijdse cijfers maken we inzichtelijk wat de stand van zaken is van de Wmo en Jeugdhulp in de gemeente Zevenaar. De tussentijdse cijfers zijn altijd een weergave van wat op basis van beschikbare data op het moment van analyseren bekend is. De cijfers bieden een overzicht van de financiële resultaten en prestaties en geven inzicht in de voortgang ten opzichte van de vastgestelde doelstellingen en begroting. Cijfers in het sociaal domein zijn voortdurend aan verandering onderhevig. Zo kunnen declaraties door zorgaanbieders later worden ingediend, waardoor er verschil tussen rapportages kan zijn. Ook kunnen afgegeven beschikkingen nog niet verwerkt zijn door de backoffice op het moment van rapporteren. Verder kunnen er door achterstanden en wachttijden met terugwerkende kracht administratieve wijzigingen worden doorgevoerd waardoor getallen niet overeenkomen met een eerdere monitor. Dat is helaas niet te voorkomen. We proberen u met deze tussentijdse rapportage altijd zo goed mogelijk te informeren. Als u opmerkingen ter verbetering of verheldering van de rapportage heeft dan horen wij dat graag.
Gegevens Deze tussentijdse cijfers zijn tot stand gekomen vanuit in eigen beheer gebouwde power BI dashboards en het regionaal dashboard en waar gewenst aangevuld. Algemeen beeld Wmo en Jeugdhulp (periode 1 januari tot en met 30 juni 2025) Het sociaal domein staat (nog steeds) voor grote uitdagingen en veranderingen als gevolg van maatschappelijke, demografische en beleidsmatige ontwikkelingen. Uit de realisatiecijfers over de periode januari tot en met juni 2025 blijkt het volgende: De totale kosten voor Wmo en Jeugdhulp blijven beneden de begroting. Dit wordt verklaard door een lagere vraag naar jeugdhulp en jeugdbescherming en een efficiëntere inzet van middelen in deze sectoren. Voor de toegang tot eerstelijnsvoorzieningen Jeugd (taakveld 6.22) en arbeidsparticipatie (taakveld 6.5) liggen de kosten boven de begroting. Dit wordt veroorzaakt door intensiever gebruik van toegangsvoorzieningen in de eerste lijn en hogere uitgaven aan de Wmo participatievoorziening activerend werk. De hogere daadwerkelijke kosten (€ 31.246) voor de post ‘toegang en eerstelijnsvoorzieningen Jeugd’ (begroot € 15.485) hebben te maken met een stijging van het product Crisisinterventie. De landelijke visie op jeugdbescherming en uithuisplaatsing is erop gericht om uithuisplaatsingen zoveel mogelijk te voorkomen en om kinderen en ouders te ondersteunen in hun gezamenlijke opvoeding.
De focus ligt op het belang van het kind en het zo thuis mogelijk opgroeien, met een terughoudende houding ten aanzien van uithuisplaatsing. Vanuit dit uitgangspunt ligt het in lijn dat de kosten rondom crisisinterventie (preventie) toenemen met o.a. doel om uithuisplaatsingen zoveel mogelijk te voorkomen. De hogere kosten (€ 49.390) voor “Wmo activerend werk” (arbeidsparticipatie) zijn een gevolg van meer inzet op deze voorziening. Dit is in samenwerking met de RSD. De financiële gegevens splitsen de verbinding tussen gebruik en effect nog onvoldoende uit, waardoor (nog) niet helemaal duidelijk is of de overschrijding ook de gewenste effecten heeft (bijvoorbeeld toeleiding naar werk en/of instroom in de bijstand te beperken). Dit vraagt nog om een nadere analyse en gerichte aandacht.
Kanttekeningen Hoewel deze tussentijdse cijfers een positief beeld schetsen van € 416.883 moeten hierbij ook enkele belangrijke kanttekeningen worden geplaatst: 1. Beperkte weergave van de Cijfers: Deze tussentijdse cijfers beslaan slechts een deel van programma 6 sociaal domein, namelijk enkel de zorgkosten voor Jeugdhulp en Wmo die via het berichtenverkeer worden verwerkt. Het stoplichtmodel in deze rapportage houdt geen rekening met de taakvelden en bedragen die buiten dit berichtenverkeer vallen. 2. Volledige Verantwoording binnen P&C cyclus: De verantwoording en voortgang van de overige taakvelden binnen het sociaal domein worden behandeld binnen de reguliere planning- en control cyclus, met name in de eerste en tweede voortgangsrapportage. Deze rapportages geven een completer beeld van de financiële situatie. 3. Conjunctuur- en seizoensinvloeden: Bij de begroting is geen rekening gehouden met conjunctuurschommelingen of seizoensinvloeden, wat de kostenramingen mogelijk vertekent. Deze kanttekeningen benadrukken de noodzaak van een breder financieel inzicht en voorzichtigheid bij het interpreteren van het huidige positieve resultaat. 4. Indexatie in de begroting 2025: In de primaire begroting 2025 is op hoofdlijnen uitgegaan van een generieke indexatieopslag van 1,2%.
Met de extra Rijksmiddelen uit de meicirculaire en om aan te sluiten op een meer reële begroting, is in deze tussentijdse cijfers al rekening gehouden met de bijstelling hiervan. Deze aanpassing wordt voorgesteld in de tweede voortgangsrapportage. Ondanks dat de cijfers na indexatie 2025 weinig rood kleuren, laten zij zien dat er ook aandachtspunten zijn. Voorbeelden: • Jeugdhulp ambulant overschrijdt al de bijgestelde begroting. • Voordeel op verblijf neemt af, terwijl hier een bezuinigingsopgave ligt. De verdere ontwikkeling hiervan zullen wij zorgvuldig blijven monitoren. Toegang / Wachtlijsten De wachtlijst Jeugd is momenteel niet lang. Dit komt onder andere door een gewijzigde werkwijze en samenwerking met partners. Tegelijkertijd is er nog wel een wachtlijst. Dit komt mede door de vakantieperiode en de ziekte van enkele consulenten, waarvoor de vervanging later is ingezet dan gepland waardoor er minder zaken konden worden opgepakt. Enkele van de zaken die op de wachtlijst staan zijn zaken waar geen directe hulp van een consulent nodig is, omdat zij bijvoorbeeld op de wachtlijst staan voor Behandeling D en deze aanvraag via zowel de huisarts als via de gemeente hebben gedaan. Ook staan er zaken op de wachtlijst die door de gezinscoaches opgepakt kunnen worden, die naar verwachting in oktober starten.
Het aantal openstaande meldingen voor de Wmo (zogenaamde ‘wachtlijst’) is gedaald. We zitten gemiddeld binnen de wettelijke termijn voor HbH en dagbesteding/begeleiding. Dankzij de pilot HbH hebben we de wachtlijst kunnen wegwerken. Voor Wonen, rollen en vervoer (Wrv) halen we de termijn momenteel niet. In de komende zes maanden werken we hieraan door processen te verbeteren en de kennis binnen het team te versterken.
Leeswijzer Deze tussentijdse rapportage bestaat uit de volgende drie hoofdstukken en bijlage: - Hoofdstuk 1 Totaal overzicht kosten Programma 6. - Hoofdstuk 2 De Toegang. - Bijlage: Begrippenlijst. Hierbij presenteren wij de data die relevante ontwikkelingen laten zien. Ook presenteren we begrotingswijzigingen. Zo kunt u de ontwikkeling volgen. Over het algemeen proberen we een vergelijking over dezelfde periode met voorgaand kalenderjaar te geven.