INGETROKKEN Amendement Sociaal Zevenaar Verordening fysieke leefomgeving ongewijzigd laten artikel 6.1.9
Tekst van het document
Amendement Verordening fysieke leefomgeving – ongewijzigd laten artikel 6.1.9 De ondergetekende stelt volgend amendement voor bij voorstel Z/25/497977: Toelichting In de toelichting bij het voorstel wordt voorgesteld dat de wijziging van artikel 6.1.9. noodzakelijk is vanwege overlast. Uit informatie van het college blijkt dat deze overlast 11 meldingen bevat over de eerste 11 maanden van 2025. De genoemde wijziging te ingrijpend voor de Zevenaarse bevolking en de minieme overlast kan ook anders bestreden en of voorkomen worden. Voorgesteld de voorgestelde wijziging onder B te laten vervallen (geamendeerde wijzigingen vanaf pagina 5). Het ontwerpbesluit: De raad besluit: Artikel I De Verordening Fysieke Leefomgeving gemeente Zevenaar 2024 wordt als volgt gewijzigd: A Artikel 4.1.1 komt als volgt te luiden: Artikel 4.1.1 Standplaatsvergunning en weigeringsgronden (was artikel 5:18 APV) 1. Het is verboden zonder vergunning van het college een standplaats in te nemen of te hebben. 2. Het college kan de vergunning wegens strijd met een geldend (tijdelijk) omgevingsplan weigeren. 3. Onverminderd het bepaalde in artikel 2.1.7 kan de vergunning worden geweigerd als: a. de standplaats hetzij op zichzelf hetzij in verband met de omgeving niet voldoet aan eisen van redelijke welstand; of b.
een kwantitatieve of territoriale beperking als gevolg van bijzondere omstandigheden in de gemeente of in een deel van de gemeente noodzakelijk is in verband met een dwingende reden van algemeen belang; c. in het belang van de verkeersvrijheid of -veiligheid. B Artikel 6.1.9 komt als volgt te luiden: Artikel 6.1.9 Kampeermiddelen e.a. (was artikel 5.6 APV) 1. Het is verboden een woonwagen, kampeerwagen, caravan, camper, magazijnwagen, aanhangwagen, keetwagen of ander dergelijk voertuig dat voor de recreatie dan wel anderszins uitsluitend of mede voor andere dan verkeersdoeleinden wordt gebruikt: a. langer dan op drie achtereenvolgende dagen te plaatsen of te hebben op een weg; b. op een door het college aangewezen plaats te parkeren, waar dit naar zijn oordeel schadelijk is voor het uiterlijk aanzien van de gemeente. 2. Het college kan ontheffing verlenen van het in het eerste lid, aanhef en onder a, gestelde verbod. 3. Het in het eerste lid gestelde verbod geldt niet voor zover in het daarin geregelde onderwerp wordt voorzien door de provinciale Omgevingsverordening.
Pagina 1 van 8
C Artikel 6.2.1 komt als volgt te luiden: 6.2.1 Voorwerpen op, in of boven openbaar water (was artikel 5:24 APV) 1. Het is verboden een voorwerp, niet zijnde een vaartuig, op, in of boven openbaar water te plaatsen, aan te brengen of te hebben, als dit door zijn omvang of vormgeving, constructie of plaats van bevestiging gevaar oplevert voor de bruikbaarheid van het openbaar water of voor het doelmatig en veilig gebruik daarvan, dan wel een belemmering vormt voor het doelmatig beheer en onderhoud van het openbaar water. 2. Degene die voornemens is een steiger, een meerpaal of een ander voorwerp met een permanent karakter op, in of boven openbaar water te plaatsen, doet daarvan uiterlijk twee weken tevoren een melding aan het college. 3. De melding bevat in ieder geval naam, adres en contactgegevens van de melder, en een beschrijving van de aard en omvang van het voorwerp. 4. Het verbod is niet van toepassing op activiteiten met betrekking tot een waterstaatswerk waarvoor regels zijn gesteld bij of krachtens de Omgevingswet, de provinciale omgevingsverordening of de waterschapsverordening of op situaties waarin wordt voorzien door het Wetboek van Strafrecht, de Scheepvaartverkeerswet, het Binnenvaartpolitiereglement, het Rijnvaartpolitiereglement of het bepaalde bij of krachtens de Telecommunicatiewet.
D Artikel 6.2.2 komt als volgt te luiden: 6.2.2 Ligplaats woonschepen en overige vaartuigen (was artikel 5:25 APV) 1. Het is verboden met een vaartuig een ligplaats in te nemen of te hebben dan wel een ligplaats voor een vaartuig beschikbaar te stellen op door het college aangewezen gedeelten van openbaar water. 2. Het college kan aan het innemen, hebben of beschikbaar stellen van een ligplaats met dan wel voor een vaartuig op niet krachtens het eerste lid aangewezen gedeelten van openbaar water: a. nadere regels stellen in het belang van de openbare orde, volksgezondheid, veiligheid, milieuhygiëne en het uiterlijk aanzien van de gemeente; b. beperkingen stellen naar soort en aantal vaartuigen. 3. Het verbod is niet van toepassing op activiteiten met betrekking tot een waterstaatswerk waarvoor regels zijn gesteld bij of krachtens de Omgevingswet, de provinciale omgevingsverordening of de waterschapsverordening of op situaties waarin wordt voorzien door het Besluit bouwwerken leefomgeving of het overige bepaalde bij of krachtens de Omgevingswet, de Wet milieubeheer, het Rijnvaartpolitiereglement of het Binnenvaartpolitiereglement. 4.
Het college kan aan de rechthebbende op een vaartuig aanwijzingen geven met betrekking tot het innemen, veranderen of gebruik van een ligplaats in het belang van de openbare orde, volksgezondheid, veiligheid, de milieuhygiëne en het uiterlijk aanzien van de gemeente. 5. De rechthebbende op een vaartuig is verplicht alle door het college gegeven aanwijzingen met betrekking tot het innemen, veranderen of gebruik van een ligplaats op te volgen.
Pagina 2 van 8
E Artikel 7.2.1. komt als volgt te luiden: 7.2.1 Vergunningplicht handelsreclame (was artikel 4:16 APV) 1. Het is verboden zonder vergunning van het bevoegd gezag op of aan een onroerende zaak handelsreclame te maken of te voeren die vanaf een openbare plaats zichtbaar is. 2. Het verbod geldt niet voor: a. opschriften, aankondigingen of afbeeldingen in het inwendig gedeelte van een onroerende zaak, die niet kennelijk gericht zijn op zichtbaarheid vanaf de weg; b. opschriften of aankondigingen op of aan onroerende zaken, daartoe aangewezen door de overheid; c. opschriften of aankondigingen kleiner dan 0,50 m en de langste zijde korter dan 1 meter die betrekking hebben op: een openbare verkoping of een aanbieding ter verkoop, verhuur of verpachting van een onroerende zaak, zulks voor zolang zij feitelijke betekenis hebben; het beroep, de dienst of het bedrijf dat in of op de onroerende zaak wordt uitgeoefend of waarvoor die zaak is bestemd. d. opschriften die betrekking hebben op de naam of aard van in uitvoering zijnde bouwwerken of op de namen van degenen die bij het ontwerp of de uitvoering van het bouwwerk betrokken zijn, mits deze opschriften zijn aangebracht op borden bij of op de in uitvoering zijnde bouwwerken zelf, zulks voor zolang zij feitelijke betekenis hebben; e.
opschriften of aankondigingen op of aan onroerende zaken dienstbaar aan het openbaar vervoer, indien deze zijn aangebracht ten dienste van dat vervoer; f. één bord op het erf met een maximale afmeting van 0,5 m2, hoogte maximaal 1,2 m, breedte maximaal 1 m; g. één makelaarsbord van beperkte omvang (maximaal 2 m2) op het erf van een woning; h. één makelaarsbord op het erf van een (in aanbouw zijnde) gebouw, niet zijnde een woning, met een maximale afmeting van 10 m2; i. vergunningplichtige voorwerpen zoals bedoeld in artikel 7.1.1. j. gevallen waarin een omgevingsvergunning is verleend en het gevaar en de hinder zijn betrokken bij de afweging. 3. Het verbod in het eerste lid geldt niet voor opschriften of aankondigingen van kennelijk tijdelijke aard, voor zolang zij feitelijke betekenis hebben, mits: a. van het aanbrengen ervan tevoren schriftelijk kennisgeving is gedaan aan het bevoegd gezag; b. het bevoegd gezag niet binnen twee weken na ontvangst van die kennisgeving van enig bezwaar heeft doen blijken; c. deze opschriften of aankondigingen niet langer dan dertig dagen op, aan of in de onroerende zaak aanwezig zijn. 4. Een vergunning als bedoeld in het eerste lid kan worden geweigerd: a.
indien het opschrift, de aankondiging, voorwerp of afbeelding als bedoeld in het tweede lid de veiligheid van het verkeer in gevaar te brengen of ernstige hinder voor de omgeving te veroorzaken; b. indien de handelsreclame, op zichzelf of in verband met de omgeving niet voldoet aan de redelijke eisen van welstand.
Pagina 3 van 8
F Artikel 8.2.6. komt als volgt te luiden: Artikel 8.2.6 Nadere regels (was artikel 7 van Verordening naamgeving en nummering (adressen) gemeente Zevenaar 2018) 1. Het college kan nadere regels stellen over het proces en de wijze van: naamgeving en begrenzing van woonplaatsen, wijken, buurten en bouwblokken; naamgeving en begrenzing van de openbare ruimte; nummering van verblijfsobjecten, lig- en standplaatsen en afgebakende terreinen; opmaak van formulieren, besluiten en verklaringen. 2. De nadere regels zijn niet strijdig met het Convenant inzake postcodes. G Artikel 12.1.4. komt als volgt te luiden: 12.1.4 Overgangsrecht 1. Vergunningen, ontheffingen, vrijstellingen en aanwijzingen verleend/gedaan op grond van of krachtens de Afvalstoffenverordening Zevenaar 2019 blijven - indien en voor zover het gebod of het verbod waarop de vergunning, ontheffing of aanwijzing betrekking heeft, ook vervat is in deze verordening en voor zover zij niet eerder zijn vervallen of ingetrokken - na de inwerkingtreding van deze verordening van kracht. 2.
Besluiten, genomen krachtens de Algemene Plaatselijke Verordening gemeente Zevenaar 2023 en eerdere versies van de Algemene Plaatselijke Verordening gemeente Zevenaar die golden op het moment van de inwerkingtreding van deze verordening en waarvoor deze verordening overeenkomstige besluiten kent, gelden als besluiten genomen krachtens deze verordening. 3. Besluiten van het college die genomen zijn krachtens de Marktverordening Zevenaar 2019 gelden als besluiten genomen krachtens deze verordening. 4. Indien voor het tijdstip van inwerkingtreding van deze verordening een aanvraag om vergunning op grond van de Marktverordening Zevenaar 2019 is ingediend en voor het tijdstip van inwerkingtreding van deze verordening niet definitief op de aanvraag is beslist, wordt daarop deze verordening toegepast. 5. Met de inwerkingtreding van deze verordening vervallen alle eerdere gemeentelijke regels en voorschriften voor het benoemen van delen van de openbare ruimte en het nummeren van de daaraan liggende objecten. 6. Namen en nummers die op grond van de in paragraaf 8.2 voorschriften aan objecten zijn toegekend, blijven na inwerkingtreding van deze verordening bestaan. 7.
Het college kan in afwijking van lid 6 besluiten dat de op grond van de in paragraaf 8.2 genoemde regels en voorschriften aangebrachte namen en nummers binnen een door hen te bepalen termijn moeten worden vervangen door namen en nummers die voldoen aan de bij of krachtens deze verordening gestelde voorschriften 8. Besluiten, met inbegrip van nadere genoemde voorwaarden, genomen krachtens de verordeningen bedoeld in artikel 12.1.3, tweede lid, die golden op het moment van de inwerkingtreding van deze verordening en waarvoor deze verordening overeenkomstige bevoegdheden kent, gelden als besluiten genomen krachtens deze verordening. 9. Aanvragen voor vergunningen waarop op het moment van inwerkingtreding van deze verordening nog geen beslissing is genomen, worden afgehandeld op grond van deze verordening.
Pagina 4 van 8
10. Een krachtens de Erfgoedverordening 2018 gemeente Zevenaar aangewezen en geregistreerd gemeentelijke monument, wordt geacht aangewezen en geregistreerd te zijn overeenkomstig de bepalingen van deze verordening. 11. Nadere regels, beleidsregels en aanwijzingsbesluiten blijven van kracht en gelden als besluiten genomen krachtens deze verordening. Burgemeesters en wethouders zijn bevoegd om de nummering en de titel in de verwijzing van die nadere regels en aanwijzingsbesluiten te wijzigen met het oog op deze verordening.
Artikel II 1. Dit besluit treedt in werking op de dag na bekendmaking. 2. Dit besluit wordt aangehaald als Verordening Fysieke Leefomgeving gemeente Zevenaar 2024 derde wijziging. Wordt gewijzigd in: De raad besluit: Artikel I De Verordening Fysieke Leefomgeving gemeente Zevenaar 2024 wordt als volgt gewijzigd: A Artikel 4.1.1 komt als volgt te luiden: Artikel 4.1.1 Standplaatsvergunning en weigeringsgronden (was artikel 5:18 APV) 1. Het is verboden zonder vergunning van het college een standplaats in te nemen of te hebben. 2. Het college kan de vergunning wegens strijd met een geldend (tijdelijk) omgevingsplan weigeren. 3. Onverminderd het bepaalde in artikel 2.1.7 kan de vergunning worden geweigerd als: a. de standplaats hetzij op zichzelf hetzij in verband met de omgeving niet voldoet aan eisen van redelijke welstand; of b. een kwantitatieve of territoriale beperking als gevolg van bijzondere omstandigheden in de gemeente of in een deel van de gemeente noodzakelijk is in verband met een dwingende reden van algemeen belang; c. in het belang van de verkeersvrijheid of -veiligheid. B Artikel 6.2.1 komt als volgt te luiden: Artikel 6.2.1 Voorwerpen op, in of boven openbaar water (was artikel 5:24 APV) 1.
Het is verboden een voorwerp, niet zijnde een vaartuig, op, in of boven openbaar water te plaatsen, aan te brengen of te hebben, als dit door zijn omvang of vormgeving, constructie of plaats van bevestiging gevaar oplevert voor de bruikbaarheid van het openbaar water of voor het doelmatig en veilig gebruik daarvan, dan wel een belemmering vormt voor het doelmatig beheer en onderhoud van het openbaar water. 2. Degene die voornemens is een steiger, een meerpaal of een ander voorwerp met een permanent karakter op, in of boven openbaar water te plaatsen, doet daarvan uiterlijk twee weken tevoren een melding aan het college. 3. De melding bevat in ieder geval naam, adres en contactgegevens van de melder, en een beschrijving van de aard en omvang van het voorwerp. Pagina 5 van 8
4.
Het verbod is niet van toepassing op activiteiten met betrekking tot een waterstaatswerk waarvoor regels zijn gesteld bij of krachtens de Omgevingswet, de provinciale omgevingsverordening of de waterschapsverordening of op situaties waarin wordt voorzien door het Wetboek van Strafrecht, de Scheepvaartverkeerswet, het Binnenvaartpolitiereglement, het Rijnvaartpolitiereglement of het bepaalde bij of krachtens de Telecommunicatiewet.
C Artikel 6.2.2 komt als volgt te luiden: Artikel 6.2.2 Ligplaats woonschepen en overige vaartuigen (was artikel 5:25 APV) 1. Het is verboden met een vaartuig een ligplaats in te nemen of te hebben dan wel een ligplaats voor een vaartuig beschikbaar te stellen op door het college aangewezen gedeelten van openbaar water. 2. Het college kan aan het innemen, hebben of beschikbaar stellen van een ligplaats met dan wel voor een vaartuig op niet krachtens het eerste lid aangewezen gedeelten van openbaar water: a. nadere regels stellen in het belang van de openbare orde, volksgezondheid, veiligheid, milieuhygiëne en het uiterlijk aanzien van de gemeente; b. beperkingen stellen naar soort en aantal vaartuigen. 3. Het verbod is niet van toepassing op activiteiten met betrekking tot een waterstaatswerk waarvoor regels zijn gesteld bij of krachtens de Omgevingswet, de provinciale omgevingsverordening of de waterschapsverordening of op situaties waarin wordt voorzien door het Besluit bouwwerken leefomgeving of het overige bepaalde bij of krachtens de Omgevingswet, de Wet milieubeheer, het Rijnvaartpolitiereglement of het Binnenvaartpolitiereglement. 4.
Het college kan aan de rechthebbende op een vaartuig aanwijzingen geven met betrekking tot het innemen, veranderen of gebruik van een ligplaats in het belang van de openbare orde, volksgezondheid, veiligheid, de milieuhygiëne en het uiterlijk aanzien van de gemeente. 5. De rechthebbende op een vaartuig is verplicht alle door het college gegeven aanwijzingen met betrekking tot het innemen, veranderen of gebruik van een ligplaats op te volgen. D Artikel 7.2.1 komt als volgt te luiden: Artikel 7.2.1 Vergunningplicht handelsreclame (was artikel 4:16 APV) 1. Het is verboden zonder vergunning van het bevoegd gezag op of aan een onroerende zaak handelsreclame te maken of te voeren die vanaf een openbare plaats zichtbaar is. 2. Het verbod geldt niet voor: a. opschriften, aankondigingen of afbeeldingen in het inwendig gedeelte van een onroerende zaak, die niet kennelijk gericht zijn op zichtbaarheid vanaf de weg; b. opschriften of aankondigingen op of aan onroerende zaken, daartoe aangewezen door de overheid; c.
opschriften of aankondigingen kleiner dan 0,50 m en de langste zijde korter dan 1 meter die betrekking hebben op: een openbare verkoping of een aanbieding ter verkoop, verhuur of verpachting van een onroerende zaak, zulks voor zolang zij feitelijke betekenis hebben; het beroep, de dienst of het bedrijf dat in of op de onroerende zaak wordt uitgeoefend of waarvoor die zaak is bestemd. Pagina 6 van 8
d.
3.
4.
opschriften die betrekking hebben op de naam of aard van in uitvoering zijnde bouwwerken of op de namen van degenen die bij het ontwerp of de uitvoering van het bouwwerk betrokken zijn, mits deze opschriften zijn aangebracht op borden bij of op de in uitvoering zijnde bouwwerken zelf, zulks voor zolang zij feitelijke betekenis hebben; e. opschriften of aankondigingen op of aan onroerende zaken dienstbaar aan het openbaar vervoer, indien deze zijn aangebracht ten dienste van dat vervoer; f. één bord op het erf met een maximale afmeting van 0,5 m2, hoogte maximaal 1,2 m, breedte maximaal 1 m; g. één makelaarsbord van beperkte omvang (maximaal 2 m2) op het erf van een woning; h. één makelaarsbord op het erf van een (in aanbouw zijnde) gebouw, niet zijnde een woning, met een maximale afmeting van 10 m2; i. vergunningplichtige voorwerpen zoals bedoeld in artikel 7.1.1. j. gevallen waarin een omgevingsvergunning is verleend en het gevaar en de hinder zijn betrokken bij de afweging. Het verbod in het eerste lid geldt niet voor opschriften of aankondigingen van kennelijk tijdelijke aard, voor zolang zij feitelijke betekenis hebben, mits: a. van het aanbrengen ervan tevoren schriftelijk kennisgeving is gedaan aan het bevoegd gezag; b. het bevoegd gezag niet binnen twee weken na ontvangst van die kennisgeving van enig bezwaar heeft doen blijken; c.
deze opschriften of aankondigingen niet langer dan dertig dagen op, aan of in de onroerende zaak aanwezig zijn. Een vergunning als bedoeld in het eerste lid kan worden geweigerd: a. indien het opschrift, de aankondiging, voorwerp of afbeelding als bedoeld in het tweede lid de veiligheid van het verkeer in gevaar te brengen of ernstige hinder voor de omgeving te veroorzaken; b. indien de handelsreclame, op zichzelf of in verband met de omgeving niet voldoet aan de redelijke eisen van welstand.
E Artikel 8.2.6 komt als volgt te luiden: Artikel 8.2.6 Nadere regels (was artikel 7 van Verordening naamgeving en nummering (adressen) gemeente Zevenaar 2018) 1. Het college kan nadere regels stellen over het proces en de wijze van: naamgeving en begrenzing van woonplaatsen, wijken, buurten en bouwblokken; naamgeving en begrenzing van de openbare ruimte; nummering van verblijfsobjecten, lig- en standplaatsen en afgebakende terreinen; opmaak van formulieren, besluiten en verklaringen. 2. De nadere regels zijn niet strijdig met het Convenant inzake postcodes. F Artikel 12.1.4 komt als volgt te luiden: Artikel 12.1.4 Overgangsrecht 1. Vergunningen, ontheffingen, vrijstellingen en aanwijzingen verleend/gedaan op grond van of krachtens de Afvalstoffenverordening Zevenaar 2019 blijven - indien en voor zover het gebod of het verbod waarop de vergunning, ontheffing of aanwijzing betrekking heeft, ook vervat is in deze verordening en voor zover zij niet eerder zijn vervallen of ingetrokken - na de inwerkingtreding van deze verordening van kracht. Pagina 7 van 8
Besluiten, genomen krachtens de Algemene Plaatselijke Verordening gemeente Zevenaar 2023 en eerdere versies van de Algemene Plaatselijke Verordening gemeente Zevenaar die golden op het moment van de inwerkingtreding van deze verordening en waarvoor deze verordening overeenkomstige besluiten kent, gelden als besluiten genomen krachtens deze verordening. 3. Besluiten van het college die genomen zijn krachtens de Marktverordening Zevenaar 2019 gelden als besluiten genomen krachtens deze verordening. 4. Indien voor het tijdstip van inwerkingtreding van deze verordening een aanvraag om vergunning op grond van de Marktverordening Zevenaar 2019 is ingediend en voor het tijdstip van inwerkingtreding van deze verordening niet definitief op de aanvraag is beslist, wordt daarop deze verordening toegepast. 5. Met de inwerkingtreding van deze verordening vervallen alle eerdere gemeentelijke regels en voorschriften voor het benoemen van delen van de openbare ruimte en het nummeren van de daaraan liggende objecten. 6. Namen en nummers die op grond van de in paragraaf 8.2 voorschriften aan objecten zijn toegekend, blijven na inwerkingtreding van deze verordening bestaan. 7.
Het college kan in afwijking van lid 6 besluiten dat de op grond van de in paragraaf 8.2 genoemde regels en voorschriften aangebrachte namen en nummers binnen een door hen te bepalen termijn moeten worden vervangen door namen en nummers die voldoen aan de bij of krachtens deze verordening gestelde voorschriften 8. Besluiten, met inbegrip van nadere genoemde voorwaarden, genomen krachtens de verordeningen bedoeld in artikel 12.1.3, tweede lid, die golden op het moment van de inwerkingtreding van deze verordening en waarvoor deze verordening overeenkomstige bevoegdheden kent, gelden als besluiten genomen krachtens deze verordening. 9. Aanvragen voor vergunningen waarop op het moment van inwerkingtreding van deze verordening nog geen beslissing is genomen, worden afgehandeld op grond van deze verordening. 10. Een krachtens de Erfgoedverordening 2018 gemeente Zevenaar aangewezen en geregistreerd gemeentelijke monument, wordt geacht aangewezen en geregistreerd te zijn overeenkomstig de bepalingen van deze verordening. 11. Nadere regels, beleidsregels en aanwijzingsbesluiten blijven van kracht en gelden als besluiten genomen krachtens deze verordening. Burgemeesters en wethouders zijn bevoegd om de nummering en de titel in de verwijzing van die nadere regels en aanwijzingsbesluiten te wijzigen met het oog op deze verordening. 2.
Artikel II 1. Dit besluit treedt in werking op de dag na bekendmaking. 2. Dit besluit wordt aangehaald als Verordening Fysieke Leefomgeving gemeente Zevenaar 2024 derde wijziging. Zevenaar, 17 december 2025 Huub Meijer, Sociaal Zevenaar
Dit amendement is ingetrokken in de vergadering van 17 december 2025.
Pagina 8 van 8