Bijlage 8. 1263153 - Nota zienswijzen Eltenseweg 1a Babberich
Tekst van het document
Z/18/320997
Nota zienswijzen projectomgevingsvergunning en hogere grenswaarde “Eltenseweg 1a Babberich” NL.IMRO.0299.PV00ELTENSEW1ABABB Gemeente Zevenaar
afdeling auteur(s) datum status
Vergunningen, Toezicht en Handhaving M. Westrik 03-06-2025 Definitief
Inhoudsopgave Inleiding Doorlopen procedure Ingediende zienswijzen
Zaaknummer Z2024-00000208
3 4 5
pagina 2 van 11
Inleiding In deze nota geeft het college van B&W van de gemeente Zevenaar haar standpunt op de ingekomen zienswijzen op de ontwerpbesluiten projectomgevingsvergunning en hogere grenswaarden Wet geluidhinder ‘Eltenseweg 1a Babberich’. Voornemen is om een woning te realiseren op de hoek van de Eltenseweg en Beekseweg in Babberich (de locatie maakt nu nog deel uit van de naastgelegen camping). Hiervoor is een omgevingsvergunning aangevraagd voor de volgende onderdelen: - Bouwen - Handelen in strijd met de ruimtelijke regels - Het maken, hebben of veranderen van een uitweg Om medewerking te kunnen verlenen moet worden afgeweken van het bestemmingsplan ‘Buitengebied Zevenaar Noord 2018’. Uit de beoordeling van de aanvraag blijkt dat wordt voldaan aan een goede ruimtelijke ordening. Uit het geluidsonderzoek volgt dat als gevolg van het wegverkeer op de Beekseweg de voorkeursgrenswaarde voor de geluidsbelasting op de noord- en oostgevel van de nieuwe woning wordt overschreden. De noordgevel wordt als dove gevel uitgevoerd, de oostgevel niet. Voor de oostgevel is een verzoek tot hogere grenswaarden ingediend. De maximale ontheffingswaarde wordt niet overschreden en er wordt voldaan aan de kaders uit het geluidbeleid.
Het college van burgemeester en wethouders wil daarom (met toepassing van artikel 110c van de Wet geluidhinder) een besluit hogere grenswaarden nemen voor de oostgevel van de nieuwe woning. Het ontwerp van de projectomgevingsvergunning heeft met ingang van 20 juni 2024 tot en met 31 juli 2024 ter inzage gelegen. Binnen deze periode zijn er twee zienswijzen ontvangen. Deze nota bevat de volgende onderdelen: - een weergave van de gevolgde procedure; - de ingediende zienswijzen met daarop de gemeentelijke reactie en een conclusie of de zienswijze aanleiding geeft om de projectomgevingsvergunning aan te passen. Deze nota hoort bij de definitieve beschikking voor de projectomgevingsvergunning. Als het college van B&W de projectomgevingsvergunning heeft vastgesteld, dan ontvangt elke indiener van een zienswijze na het besluit een brief met daarbij de zienswijzennota, de beschikking en de bekendmaking in het Gemeenteblad.
zaaknummer Z2024-00000208
pagina 3 van 11
Zichtbaarheid persoonsgegevens Volgens de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG) mag de gemeente NAW-gegevens (naam, adres en woonplaats) en enkele andere persoonsgegevens niet digitaal aanbieden. Een uitzondering geldt voor gegevens van: -
ondernemingen die behoren tot een rechtspersoon (zoals een bv of een vof) personen die beroepsmatig betrokken zijn bij de procedure, bijvoorbeeld advocaten en gemachtigden
In de digitale versie van deze zienswijzennota zijn daarom NAW-gegevens die niet onder de uitzonderingen vallen, geanonimiseerd.
Doorlopen procedure Zienswijzentermijn In het Gemeenteblad van Zevenaar en in de Zevenaar Post is bekend gemaakt dat het college van B&W het ontwerp van de projectomgevingsvergunning en besluit hogere grenswaarden “Eltenseweg 1a Babberich” voor zienswijzen ter inzage heeft gelegd. In de bekendmakingen is aangegeven dat iedereen van 19 juni 2024 tot en met 31 juli 2024 een zienswijze kenbaar kon maken bij het college van B&W van de gemeente Zevenaar over de projectomgevingsvergunning en het besluit hogere grenswaarden. Daarnaast is in de bekendmaking aangegeven waar de digitale en papieren versies van het ontwerp van de projectomgevingsvergunning en besluit hogere grenswaarden te raadplegen waren.
Zaaknummer Z2024-00000208
pagina 4 van 11
Ingediende zienswijzen Tijdens de termijn zijn er twee zienswijzen ingediend tegen de projectomgevingsvergunning en het besluit hogere grenswaarden. In onderstaand overzicht is aangegeven door wie de zienswijze is ingediend, op welke datum en onder welk nummer de zienswijze bij de gemeente is geregistreerd. Nr. Ingediend door 1 Reclamant 1
Ontvangstdatum 17 juli 2024
Registratiekenmerk INK/24/1220489
2
15 juli 2024
INK/24/1222624
Reclamant 2
Alle zienswijzen zijn binnen de termijn ingediend en daarmee ontvankelijk. Op de volgende pagina’s worden de ontvankelijke zienswijzen samengevat en van een gemeentelijke reactie voorzien. Elke zienswijze wordt afgerond met een conclusie waarin wordt aangegeven of de zienswijze heeft geleid tot een aanpassing. De ingediende zienswijzen zijn niet altijd letterlijk overgenomen. Vanwege de leesbaarheid kunnen teksten worden samengevat die over hetzelfde onderwerp gaan. Dit betekent niet dat er delen van een zienswijze buiten beschouwing zijn gelaten, bij de beoordeling is met de gehele inhoud van een zienswijze rekening gehouden. Als het college van B&W vindt dat een indiener op één van de punten van de zienswijze gelijk heeft, dan wordt de zienswijze voor dat punt gegrond verklaard. Als een indiener volgens het college van B&W bij een punt geen gelijk heeft, dan wordt de zienswijze ongegrond verklaard voor dat punt.
zaaknummer Z2024-00000208
pagina 5 van 11
Zienswijze 1, reclamant 1 (registratiekenmerk INK/24/1220489) a. Inhoudelijk punt uit de zienswijze Er wordt bezwaar gemaakt tegen het tegenover de eigen inrit aanleggen van de inrit van de nieuwe woning. Er is vanwege gebruik van een eigen marktwagen en leveranciers die met grote vrachtwagens komen, ruimte nodig om voor het eigen perceel in- en uit te kunnen rijden. Hier worden problemen mee verwacht nu er een inrit is getekend tegenover de eigen inrit. Dit omdat de weg maar 3,6 meter breed is. Als de inrit er toch komt worden problemen voorzien met de initiatiefnemer, omdat dat de kans bestaat dat de inrit stuk gereden wordt met de marktwagen of de vrachtwagens van de leveranciers. Tevens wordt de open ruimte tegenover de eigen inrit naast de weg gebruikt om auto's te parkeren als er bezoekers zijn. Dit omdat er verder voor de woning geen parkeermogelijkheden zijn en parkeren op de weg niet kan want dan is het praktisch niet meer toegankelijk voor verkeer. In het oorspronkelijke plan stond de inrit van perceel Eltenseweg 1a ingetekend tussen de 1e en 2e boom aan het begin van de Eltenseweg. Als de initiatiefnemer deze inrit hanteert in zijn bouwplan dan zijn er geen bezwaren.
Reactie gemeente De gemeente Zevenaar heeft beleidsregels vastgesteld voor omgevingsvergunningen voor uitwegen (Beleidsregels omgevingsvergunning voor uitwegen gemeente Zevenaar 2018, https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR613252/1). De uitweg van de nieuwe woning is aan de daarin genoemde kaders getoetst, waarbij de conclusie is dat er vanuit de volgende aspecten geen aanleiding is om de uitweg tussen de tweede en derde boom te weigeren: - de bruikbaarheid van de weg: ▪ het aantal openbare parkeerplaatsen wordt niet verminderd, waarbij niet binnen een afstand van 50 meter voldoende openbare parkeerplaatsen voorhanden blijven dan wel dat nieuwe openbare parkeerplaatsen, op kosten van de aanvrager, niet binnen een afstand van 50 m kunnen worden aangelegd. Langs de Eltenseweg mag geparkeerd worden. Met de uitweg (die in het verleden voor eerder gebruik ook op de beoogde locatie heeft gelegen) vervalt voor een gedeelte deze mogelijkheid, maar binnen 50 meter blijft voldoende ruimte beschikbaar om te parkeren voor bezoekers; ▪ de doorstroming op een gebied ontsluitende weg of op een weg die deel uitmaakt van de hoofdwegenstructuur wordt niet sterk negatief beïnvloed; ▪ de bij het ontwerpen van de wijkstructuur gemaakte afbakening tussen voetgangers- en autogebied wordt niet aangetast.
- het veilig en doelmatig gebruik van de weg, de uitweg komt niet te liggen: ▪ op of bij een kruising of splitsing van wegen; ▪ op een gebiedsontsluitingsweg; ▪ op de plaats van opstelstroken dan wel voorsorteervakken; ▪ binnen een afstand van 50 meter van een verkeersregelinstallatie; ▪ op een plaats waar de aanliggende rijbaan van de weg zodanig smal is dat de uitweg wegens te beperkte manoeuvreerruimte met een personenauto niet direct kan worden ingereden; Zaaknummer Z2024-00000208
pagina 6 van 11
kort bij een helling van de weg, waardoor onoverzichtelijke en/of onveilige situaties kunnen ontstaan; ▪ op een plaats waar de opstelruimte op het betreffende perceel voor het plaatsen van een personenauto minder dan 5 meter diep bij 2,5 meter breed, gemeten haaks op de rijbaan, zou bedragen op een plaats waar belemmeringen ontstaan voor het in- en uitrijden met een personenauto van één of meer bestaande garages; ▪ op een plaats waar de uitweg op een fiets- en/of voetgangerspad uitkomt en dat pad moet worden bereden om de openbare ruimte te bereiken, zoals een achter woningen liggend pad; ▪ op een plaats van een lichtmast welke wegens verlichtingseisen en/of houtopstand niet te verplaatsen is; ▪ aan een weg, waarbij verwacht wordt dat de uitweg een negatieve invloed zal hebben op de verkeersveiligheid of doorstroming als gevolg van een te groot snelheidsverschil of verhoogde kans op een onjuiste waarneming. bescherming van het uiterlijk aanzien van de omgeving: ▪ naar het oordeel van het college wordt niet sterk afbreuk gedaan aan de beeldkwaliteit en de beleving van openbare ruimte van het desbetreffende gebied; ▪ de uitweg is niet bedoeld voor een woning waarbij het slechts mogelijk is om te parkeren voor de voorgevelrooilijn, tenzij dit volgens het geldende bestemmingsplan is toegestaan; ▪ langs de Eltenseweg aan de zijde van de uitweg is een groenstrook aanwezig.
Daar waar de uitweg is voorzien, is echter geen groen aanwezig (in het verleden was hier al een uitweg). Daarmee leidt de uitweg niet tot een ernstige aantasting van de beeldkwaliteit in de straat; ▪ door het maken of veranderen van de uitweg wordt niet een moeras- en/of waterpartij met een breedte van meer dan 3 meter, gemeten bij de insteek van de sloot, doorsneden; ▪ de uitweg wordt niet breder dan 4 meter; ▪ er is geen sprake van een uitweg bij een woning met een tweede vergunde garage/carport die breder wordt dan 6 meter; ▪ er is geen sprake van een uitweg van een bedrijfspand/perceel breder dan 8 meter gemeten op de perceelsgrens; ▪ in een Bestemmingsplan, in Stedenbouwkundige randvoorwaarden, in de Welstandsnota, een Beeldkwaliteitplan, in beleidsstukken vanwege de Monumentencommissie of in het kader van beschermd Stads- of dorpsgezicht is niet vastgelegd dat uitwegen ter plekke niet wenselijk of toegestaan zijn. bescherming van groenvoorzieningen: ▪ er hoeven niet een of meerdere bomen gekapt te worden; ▪ langs de Eltenseweg aan de zijde van de uitweg is een groenstrook aanwezig. Daar waar de uitweg is voorzien, is echter geen groen aanwezig (in het verleden was hier al een uitweg). Daarmee leidt de uitweg niet tot een ernstige aantasting van de beeldkwaliteit in de straat; ▪
-
-
zaaknummer Z2024-00000208
pagina 7 van 11
▪
de afstand van de uitweg tot de naastgelegen bomen is kleiner dan een halve kruindiameter. In het verleden is het ook al in gebruik geweest voor een uitweg, de betreffende bomen waren toen (rond 2001) al aanwezig. Sindsdien is het zoals indiener van de zienswijze aangeeft ook in gebruik geweest voor het in- en uitrijden en het bezoekersparkeren voor de naastgelegen woningen. Op de beoogde locatie van de uitweg wortelen de bomen diep, er zijn geen wortels boven het maaiveld waargenomen (of aanwijzingen dat ze er direct onder liggen). Daarmee is het doel van de bepaling van een halve boomkruin (beschermen van de instandhouding van de bomen) niet in gevaar. Aanleg van de uitweg is mogelijk zonder dat dit tot problemen voor de betreffende bomen zal leiden. Daarmee wordt er geen aanleiding gezien om de uitwegvergunning te weigeren.
Er is ook gekeken naar de optie om de uitweg noordelijker aan te leggen, maar daar is er minder ruimte beschikbaar tussen de bomen. Ook heeft initiatiefnemer aangegeven vast te willen houden aan de aangevraagde locatie. Omdat die locatie voldoet aan het gemeentelijke beleidskader, is er geen reden om de uitwegvergunning te weigeren. Conclusie De zienswijze is op dit punt: ongegrond en leidt niet tot aanpassing van de projectomgevingsvergunning. b. Inhoudelijk punt uit de zienswijze Initiatiefnemer heeft informatie vertrekt aan de gemeente Zevenaar die niet waar is. De initiatiefnemer heeft verklaard dat de bewoners van [geanonimiseerd] en [geanonimiseerd] akkoord zouden zijn met de uitrit tegenover de uitrit van perceel [geanonimiseerd]. Dit is nooit besproken en dit kwalificeert als valsheid in geschriften of met opzet onjuiste informatie verschaffen om de goedkeuring van het bouwplan te verkrijgen. Reactie gemeente Omdat het een aanvraag van voor de inwerkingtreding van de Omgevingswet is (in werking getreden op 1 januari 2024), is participatie niet verplicht. Wel dient informatie die over de participatie is opgenomen in de documenten bij de aanvraag, overeen te komen met hetgeen heeft plaatsgevonden.
Conclusie De zienswijze is op dit punt: gegrond en leidt tot de volgende aanpassing van de projectomgevingsvergunning: - De volgende zin wordt verwijderd uit paragraaf 4.6.1 van de ruimtelijke onderbouwing: “Allen hebben aangegeven géén bezwaar te hebben op het getoonde plan.”
Zaaknummer Z2024-00000208
pagina 8 van 11
Zienswijze 2, reclamant 2 (registratiekenmerk INK/24/1222624) a. Inhoudelijk punt uit de zienswijze De voorgestelde plaats voor de in/uitrit aan de Eltenseweg te Babberich komt volgens de bouwplannen vrijwel recht tegenover de in/uitritten van [geanonimiseerd] en [geanonimiseerd]. Dit zorgt voor onveilige verkeerssituaties mede door de beperkte breedte en weinig overzicht van de Eltenseweg en de snelheid waarmee men mag rijden (60 km per uur) Daarnaast zorgt het plaatsen van de in/uitrit op deze plek ervoor dat leveranciers en de eigen marktwagen de draai niet meer kan maken om uit de eigen inrit te rijden of binnen te rijden. Door de betreffende inrit zorgt dit direct voor het verloren gaan van zeker 5 vrije parkeerplaatsen langs de Eltenseweg waardoor eventueel bezoek de auto niet meer kwijt kan of gedwongen op onveilige plaatsen moet gaan parkeren. Een door indieners van de zienswijzen eerder voorgestelde plaats voor de inrit (tussen de 1 e en 2 e boom op de Eltenseweg) zou voor alle weggebruikers van de Eltenseweg een betere en veel veiligere optie zijn. De voorgestelde plaats is ook op de Eltenseweg maar dichter naar de Beekseweg. Deze voorgestelde plaats zorgt ervoor dat de volledige breedte gebruikt kan worden voor alle inritten (ook de nieuwe), er ontstaat tevens een overzichtelijkere en veiligere situatie.
Reactie gemeente De gemeente Zevenaar heeft beleidsregels vastgesteld voor omgevingsvergunningen voor uitwegen (Beleidsregels omgevingsvergunning voor uitwegen gemeente Zevenaar 2018, https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR613252/1). De uitweg van de nieuwe woning is aan de daarin genoemde kaders getoetst, waarbij de conclusie is dat er vanuit de volgende aspecten geen aanleiding is om de uitweg tussen de tweede en derde boom te weigeren: - de bruikbaarheid van de weg: ▪ het aantal openbare parkeerplaatsen wordt niet verminderd, waarbij niet binnen een afstand van 50 meter voldoende openbare parkeerplaatsen voorhanden blijven dan wel dat nieuwe openbare parkeerplaatsen, op kosten van de aanvrager, niet binnen een afstand van 50 m kunnen worden aangelegd. Langs de Eltenseweg mag geparkeerd worden. Met de uitweg (die in het verleden voor eerder gebruik ook op de beoogde locatie heeft gelegen) vervalt voor een gedeelte deze mogelijkheid, maar binnen 50 meter blijft voldoende ruimte beschikbaar om te parkeren voor bezoekers; ▪ de doorstroming op een gebied ontsluitende weg of op een weg die deel uitmaakt van de hoofdwegenstructuur wordt niet sterk negatief beïnvloed; ▪ de bij het ontwerpen van de wijkstructuur gemaakte afbakening tussen voetgangers- en autogebied wordt niet aangetast.
- het veilig en doelmatig gebruik van de weg, de uitweg komt niet te liggen: ▪ op of bij een kruising of splitsing van wegen; ▪ op een gebiedsontsluitingsweg; ▪ op de plaats van opstelstroken dan wel voorsorteervakken; ▪ binnen een afstand van 50 meter van een verkeersregelinstallatie; zaaknummer Z2024-00000208
pagina 9 van 11
op een plaats waar de aanliggende rijbaan van de weg zodanig smal is dat de uitweg wegens te beperkte manoeuvreerruimte met een personenauto niet direct kan worden ingereden; ▪ kort bij een helling van de weg, waardoor onoverzichtelijke en/of onveilige situaties kunnen ontstaan; ▪ op een plaats waar de opstelruimte op het betreffende perceel voor het plaatsen van een personenauto minder dan 5 meter diep bij 2,5 meter breed, gemeten haaks op de rijbaan, zou bedragen op een plaats waar belemmeringen ontstaan voor het in- en uitrijden met een personenauto van één of meer bestaande garages; ▪ op een plaats waar de uitweg op een fiets- en/of voetgangerspad uitkomt en dat pad moet worden bereden om de openbare ruimte te bereiken, zoals een achter woningen liggend pad; ▪ op een plaats van een lichtmast welke wegens verlichtingseisen en/of houtopstand niet te verplaatsen is; ▪ aan een weg, waarbij verwacht wordt dat de uitweg een negatieve invloed zal hebben op de verkeersveiligheid of doorstroming als gevolg van een te groot snelheidsverschil of verhoogde kans op een onjuiste waarneming.
bescherming van het uiterlijk aanzien van de omgeving: ▪ naar het oordeel van het college wordt niet sterk afbreuk gedaan aan de beeldkwaliteit en de beleving van openbare ruimte van het desbetreffende gebied; ▪ de uitweg is niet bedoeld voor een woning waarbij het slechts mogelijk is om te parkeren voor de voorgevelrooilijn, tenzij dit volgens het geldende bestemmingsplan is toegestaan; ▪ langs de Eltenseweg aan de zijde van de uitweg is een groenstrook aanwezig. Daar waar de uitweg is voorzien, is echter geen groen aanwezig (in het verleden was hier al een uitweg). Daarmee leidt de uitweg niet tot een ernstige aantasting van de beeldkwaliteit in de straat; ▪ door het maken of veranderen van de uitweg wordt niet een moeras- en/of waterpartij met een breedte van meer dan 3 meter, gemeten bij de insteek van de sloot, doorsneden; ▪ de uitweg wordt niet breder dan 4 meter; ▪ er is geen sprake van een uitweg bij een woning met een tweede vergunde garage/carport die breder wordt dan 6 meter; ▪ er is geen sprake van een uitweg van een bedrijfspand/perceel breder dan 8 meter gemeten op de perceelsgrens; ▪ in een Bestemmingsplan, in Stedenbouwkundige randvoorwaarden, in de Welstandsnota, een Beeldkwaliteitplan, in beleidsstukken vanwege de Monumentencommissie of in het kader van beschermd Stads- of dorpsgezicht is niet vastgelegd dat uitwegen ter plekke niet wenselijk of toegestaan
zijn. bescherming van groenvoorzieningen: ▪ er hoeven niet een of meerdere bomen gekapt te worden; ▪ langs de Eltenseweg aan de zijde van de uitweg is een groenstrook aanwezig. Daar waar de uitweg is voorzien, is echter geen groen aanwezig (in het verleden was ▪
-
-
Zaaknummer Z2024-00000208
pagina 10 van 11
▪
hier al een uitweg). Daarmee leidt de uitweg niet tot een ernstige aantasting van de beeldkwaliteit in de straat; de afstand van de uitweg tot de naastgelegen bomen is kleiner dan een halve kruindiameter. In het verleden is het ook al in gebruik geweest voor een uitweg, de betreffende bomen waren toen (rond 2001) al aanwezig. Sindsdien is het zoals indiener van de zienswijze aangeeft ook in gebruik geweest voor het in- en uitrijden en het bezoekersparkeren voor de naastgelegen woningen. Op de beoogde locatie van de uitweg wortelen de bomen diep, er zijn geen wortels boven het maaiveld waargenomen (of aanwijzingen dat ze er direct onder liggen). Daarmee is het doel van de bepaling van een halve boomkruin (beschermen van de instandhouding van de bomen) niet in gevaar. Aanleg van de uitweg is mogelijk zonder dat dit tot problemen voor de betreffende bomen zal leiden. Daarmee wordt er geen aanleiding gezien om de uitwegvergunning te weigeren.
Er is ook gekeken naar de optie om de uitweg noordelijker aan te leggen, maar daar is er minder ruimte beschikbaar tussen de bomen. Ook heeft initiatiefnemer aangegeven vast te willen houden aan de aangevraagde locatie. Omdat die locatie voldoet aan het gemeentelijke beleidskader, is er geen reden om de uitwegvergunning te weigeren. Conclusie De zienswijze is op dit punt: ongegrond en leidt niet tot aanpassing van de projectomgevingsvergunning. b. Inhoudelijk punt uit de zienswijze In het gepubliceerde stuk dat omwonenden akkoord zijn. Dit is volledige onwaar. Reactie gemeente Omdat het een aanvraag van voor de inwerkingtreding van de Omgevingswet is (in werking getreden op 1 januari 2024), is participatie niet verplicht. Wel dient informatie die over de participatie is opgenomen in de documenten bij de aanvraag, overeen te komen met hetgeen heeft plaatsgevonden. Conclusie De zienswijze is op dit punt: gegrond en leidt tot de volgende aanpassing van de projectomgevingsvergunning: - De volgende zin wordt verwijderd uit paragraaf 4.6.1 van de ruimtelijke onderbouwing: “Allen hebben aangegeven géén bezwaar te hebben op het getoonde plan.”
zaaknummer Z2024-00000208
pagina 11 van 11