CConstaterende datZevenaar
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 7. 1236299 - Participatie tot ontwerpversie Omgevingsvisie Zevenaar 2040

Raadsvergaderingen 2022-2026 29 januari 2025, gemeente ZevenaarBij agendapunt: Z/23/456007 Ontwerpversie Omgevingsvisie Zevenaar 204012.971 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Proces om te komen tot de Omgevingvisie Zevenaar

1. Waarom een omgevingsvisie? Hoe willen we dat onze gemeente er over 20 jaar uitziet? Welke ontwikkelingen komen er op ons af? Waar willen we dan staan? Hoe zorgen we dat we dan nog steeds een aantrekkelijke leefomgeving hebben? Waar zijn we trots op en waar moeten we echt wat aan gaan doen? Hoe gaan we dat samen doen? Wie bepaalt of een idee een goed idee is? Hoe gaan we om met nieuwe initiatieven? Hoe zorgen we voor een duidelijke visie, zonder dat alles dichtgetimmerd is? Dit zijn allemaal vragen om te komen tot een Omgevingsvisie. We streven naar een omgevingsvisie, die zowel uitnodigend is, inspireert en verbindt en tegelijkertijd duidelijk is over wat waar kan. Hiermee willen we richting geven aan ruimtelijke ontwikkelingen. Maar dan alleen waar dat nodig is.

De Omgevingsvisie is effectief als hij inspireert, verbindt en uitnodigend is voor nieuwe ontwikkelingen. En vooral: als we keuzes durven te maken. De omgevingsvisie is een (verplicht door de gemeenteraad op te stellen) integrale visie met strategische hoofdkeuzen van beleid voor de fysieke leefomgeving voor de lange termijn. Het is in de eerste plaats een politiek-bestuurlijk document dat het beleid voor de fysieke leefomgeving integraal omschrijft. Integraal betekent dat de visie betrekking moet hebben op alle terreinen van de fysieke leefomgeving, aansluitend bij de reikwijdte van de Omgevingswet. De ‘fysieke leefomgeving’ is heel breed en omvat onder meer de beleidsterreinen cultureel erfgoed, energie-infrastructuur, landbouw, landschap, duurzaamheid, gezondheid, milieu, natuur en water. Boven- en ondergrond zijn daarbij onlosmakelijk met elkaar verbonden. De Omgevingsvisie Zevenaar vraagt om een nieuwe manier van kijken naar de fysieke leefomgeving: de gebruiker meer centraal stellen, maatwerk leveren, een goede balans vinden tussen ontwikkeling en bescherming.

Doel omgevingsvisie De omgevingsvisie voor Zevenaar is de strategische, integrale lange termijnvisie (2040) voor de fysieke leefomgeving. Bij nieuwe plannen, ontwikkelingen en vraagstukken werkt de omgevingsvisie als een afwegingskader. In de omgevingsvisie beschrijven wij de opgaven en ambities die wij in de gemeente willen realiseren. Voorbeelden kunnen zijn het verbeteren van mobiliteit, het behoud en ontwikkelen van een aantrekkelijk groen landschap of richting geven aan een woningbouwopgave. Ook grote actuele opgaven vanuit bijvoorbeeld het Klimaatakkoord en andere ’global goals’ (doelen op wereldwijd niveau) krijgen een plek in de omgevingsvisie. Daarnaast wordt gekeken hoe keuzes in de fysieke omgeving kunnen bijdragen aan het realiseren van opgaven uit het sociaal domein. Een voorbeeld is meer ruimte voor beweging en ontspanning in de buitenruimte. Het is belangrijk om aan te geven dat het combineren van verschillende ambities en belangen niet altijd en overal kan. We kunnen nooit overal en tegelijkertijd alle belangen 100 % bedienen: keuzes zijn noodzakelijk. De druk op de leefomgeving vraagt voortdurend om afweging van verschillende belangen die, vooral rond urgente en grote opgaven, kunnen botsen. Dit vraagt om een nieuwe manier van werken voor de gemeente en voor alle verschillende partijen.

Het is daarbij belangrijk dat we met elkaar vaststellen wat we belangrijk vinden, wat we graag willen beschermen, maar ook waar we ruimte zien voor nieuwe ontwikkelingen. Zo werken we samen aan een duurzame, veilige en gezonde gemeente waar het zowel nu als in de toekomst prettig is om te wonen, werken en te verblijven.

2. Koersdocument Omgevingsvisie Zevenaar De gemeenteraad heeft op 29 september 2021 het “Koersdocument Omgevingsvisie Zevenaar” vastgesteld. Dit koersdocument beschrijft de aanleiding en context waarbinnen het traject van het opstellen van de omgevingsvisie vorm krijgt. Het is een inhoudelijk stuk over bestaand beleid en thema’s en onderwerpen die voor de toekomstige ontwikkeling van Zevenaar van belang zijn en gevolgen hebben voor de fysieke leefomgeving. Enkele onderdelen uit dit document worden hier vermeld. Het gehele document is te vinden op www.zevenaar.nl onder verwijzing naar de raadsvergadering van 29 september 2001.

Van structuurvisie naar Omgevingsvisie

De Omgevingsvisie wordt een meer integrale opvolger van de structuurvisie van de voormalige gemeente Zevenaar uit 2013 en de opgestelde sectorale visiestukken zoals milieubeleidsplannen, verkeer- en vervoerplannen, groenplannen en woningvisies. Al het beleid voor de fysieke leefomgeving komt niet alleen samen in de omgevingsvisie, het wordt ook onderling verbonden en op elkaar afgestemd. De beoogde veranderingen vanuit de Omgevingswet gaan echter verder dan een bundeling van beleid en regelgeving en zullen niet van de ene op de andere dag gerealiseerd zijn. Voor de voormalige gemeente Rijwaarden is in 2017 al een Omgevingsvisie vastgesteld. Deze dient verwerkt te worden in de nieuwe Omgevingsvisie met inachtneming van het proces voorafgaand aan het opstellen van de Omgevingsvisie voor het Gelders Eiland en de keuzes die daarbij zijn gemaakt. Echter, deze keuzes dienen wel geplaatst te worden in de huidige context en dus met inachtneming van de huidige opgaven.

Uitgangspunten omgevingsvisie Zevenaar koersdocument Wij hanteren de volgende uitgangspunten voor het vervolgproces om te komen tot een Zevenaarse Omgevingsvisie:

1. We bouwen voort op wat we al hebben: we gaan bij het opstellen van de visie uit van wat er al ligt. Denk hierbij aan de hoofdopgaven uit de besturingsfilosofie (die verder verdiept en ruimtelijk vertaald moeten worden in de omgevingsvisie) en aan het bestaande beleid uit de strategische beleidsplannen en visies die we de afgelopen jaren hebben opgesteld (bijv. woonvisies, verkeersvisie, visie vrijetijdseconomie etc.). Dit beleid is grotendeels actueel, maar veelal sectoraal. De vertaling naar de omgevingsvisie bestaat derhalve mede uit een zoektocht naar de samenhang tussen doelen van de verschillende beleidsplannen en visies. Hierbij moet aandacht zijn voor het behapbaar maken van de breedte van de omgevingsvisie. 2. We leren van andere gemeenten: Wat zijn daarbij aandachtspunten: Doorbreek de sectorale aanpak Denk vanuit de centrale opgaven Streef naar een gebiedsgerichte aanpak en een actiegerichte visie Heb oog voor regionaal denken en doen: Zorg voor een goed vervolgtraject. 3. We staan nog steeds voor onze besturingsfilosofie die bij de fusie is vastgelegd: ‘Als gemeente zoeken we partners om nieuwe en creatieve antwoorden te geven op maatschappelijke vraagstukken. Daarbij treden we vooral verbindend op en niet als trekker.

De gemeente ondersteunt het proces en laat de uitvoering waar mogelijk en wenselijk over aan maatschappelijke instanties, verenigingen, (georganiseerde) burgers en private partijen.’ 4. We zetten in op het bevorderen van integraliteit (intern en extern) en het verbinden van domeinen. Extern door een samenhangende visie op de totale leefomgeving op te stellen, gericht op verbetering van de omgevingskwaliteit. Intern moet de Omgevingsvisie de integraliteit tussen teams bevorderen, evenals het realiseren van integrale besluitvorming. Op die manier kan de Omgevingsvisie bijdragen aan de beoogde cultuuromslag. 5. We willen een visie die richting geeft, keuzes maakt en een afwegingskader vormt. De Omgevingsvisie bevat geen opsomming van sectoraal beleid. Op die manier helpt de Omgevingsvisie bij het maken van beleidskeuzes en vormt het een toetssteen voor initiatieven vanuit de samenleving. Hierbij kijken we naar een goede balans tussen de wensen van de gebruiker(s) in een bepaald gebied, het algemeen belang en de kaders vanuit geldende wet- en regelgeving. 6. De Omgevingsvisie van Zevenaar is toegankelijk en aansprekend. Dit betekent dat we streven naar een Omgevingsvisie die concreet, begrijpelijk, digitaal ontsluitbaar (grafisch / visueel) is.

Op die manier is de Omgevingsvisie toegankelijk voor iedereen die met initiatieven wil bijdragen aan het behalen van de opgestelde ambities. 7. We kiezen voor een visie op hoofdlijnen, die concreet genoeg is als afwegingskader. We streven naar helderheid voor potentiële initiatiefnemers wat er in bepaalde gebieden mogelijk/gewenst is aan ontwikkelingen en wat niet. Dit uitgangspunt zal uiteindelijk ook vertaald moeten worden bij het opstellen van het Omgevingsplan, zodat niet alles in een latere fase alsnog 'dichtgeregeld' wordt. 8. We willen een Omgevingsvisie die dynamisch is en indien nodig inspeelt in op actuele ontwikkelingen. De Omgevingsvisie moet de waan van de dag overstijgen, maar tegelijkertijd kunnen zich belangrijke ontwikkelingen voordoen die van grote invloed zijn op de inrichting van de fysieke leefomgeving. Ook kan de fase van terugkoppeling aanleiding geven tot bijstelling van de Omgevingsvisie. 9. We streven naar een combinatie van themagericht en gebiedsgericht. Daarbij kiezen we niet op voorhand een geografische gebiedsindeling, maar gaan we uit van typologieën van gebieden (landelijk, centrum, bedrijven, woonwijk etc.). Lopende het proces geven we gebieds- en themagerichte invulling verder vorm. We hanteren een flexibel / wisselend schaalniveau indien nodig. 10.

De Omgevingsvisie is het resultaat van een proces dat bijdraagt aan de omslag in denken en doen (van 'nee, tenzij' naar 'ja, mits').

11. We kiezen voor een meer holistische aanpak om vorm te geven aan de fysieke leefomgeving. Hierbij dienen alle opgaven in samenhang te worden gezien met elkaar.

De opgaven in Zevenaar We leven in een tijdspanne waar meerdere opgaven naast elkaar lopen. Denk hierbij aan: de circulaire economie, de energietransitie, duurzaamheid, de stikstofproblematiek, biodiversiteit, wonen en vergrijzing. Al deze landelijke opgaven zijn relevant voor Zevenaar. Daarnaast kijken we ook wereldwijd naar de global goals en de opgaven daaruit voor de gemeente Zevenaar. We staan niet op onszelf, maar maken onderdeel uit van een groter geheel.

Global goals Op 25 september 2015 hebben 193 wereldleiders zich verbonden aan 17 doelen om wereldwijd bij te dragen aan duurzame ontwikkeling. Tussen nu en 2030 richten zij zich onder andere op het uitbannen van wereldwijde armoede en ongelijkheid, het tegengaan van klimaatverandering en het creëren van een welvarend en vreedzaam bestaan voor iedereen. De Global Goals richten zich op wat we hier kunnen doen: hier & daar. De Global Goals zijn voor alle mensen in alle landen.

Landelijke opgaven Op landelijk niveau beschrijft de Nationale Omgevingsvisie (NOVI) de gewenste ontwikkelingen van de fysieke leefomgeving. Hierin streeft het kabinet naar een gezonde en veilige leefomgeving met een goede omgevingskwaliteit: een leefomgeving die maatschappelijke functies de ruimte geeft en waar de boven- en ondergrond efficiënt wordt gebruikt. De NOVI biedt een kader voor het beleid in de fysieke leefomgeving, geeft richting en maakt keuzes waar dat kan. In 2019 is het ontwerp voor de NOVI verschenen, dit is in april 2020 aangescherpt. De NOVI kent de volgende prioriteiten: • Ruimte voor klimaatadaptatie en energietransitie • Duurzaam economisch groeipotentieel • Sterke en gezonde steden en regio’s • Toekomstbestendige ontwikkeling van het landelijk gebied

Provinciale opgaven De provincie Gelderland heeft in 2019 een (dynamische) Omgevingsvisie opgesteld: Gaaf Gelderland. Deze visie beschrijft de impact van de landelijke opgaven op de regio. Het werken aan een gezond, veilig, schoon en welvarend Gelderland staat centraal in deze visie. Om dit te bereiken, wordt de focus gelegd op een duurzaam, verbonden en economisch krachtig Gelderland. Hier wordt

verder invulling aan gegeven door de volgende zeven ambities: • Energietransitie  van fossiel naar duurzaam • Klimaatadaptatie  omgaan met veranderend weer • Circulaire economie  sluiten van kringlopen • Biodiversiteit  werken met de natuur • Bereikbaarheid  duurzaam verbonden • Economisch vestigingsklimaat  een krachtige, duurzame topregio • Woon- en leefklimaat  dynamisch, divers en duurzaam

Regionale opgaven: Groene Metropoolregio Arnhem-Nijmegen De regio Arnhem-Nijmegen staat voor uitdagingen op het gebied van verstedelijking, wonen, werk en bereikbaarheid, maar ook op nieuwe thema’s zoals klimaat, energie, circulariteit, gezondheid en leefkwaliteit. De grootste uitdaging is om die opgaven op een evenwichtige manier te combineren. Met de Regionale Agenda wordt deze gezamenlijke visie ‘Groene metropoolregio ArnhemNijmegen’ vertaald naar vijf centrale opgaven, met hierbinnen gerichte speerpunten en concrete acties. Het is de gezamenlijke agenda die richting geeft aan de inhoudelijke samenwerking als regio: fris, innovatief, integraal en verbindend. Hieronder worden de vijf opgaven benoemd. 1) 2) 3) 4) 5)

Verbonden regio Productieve regio Circulaire regio Ontspannen regio Groene groeiregio

3. Participatie  Enquête onder inwoners en ondernemers najaar 2022

Eind 2022 hebben we een enquête uitgezet onder onze inwoners en ondernemers. Denk mee over de Omgevingsvisie Zevenaar 2040 Vanaf 1 januari 2024 krijgen alle gemeenten in Nederland te maken met de nieuwe Omgevingswet De Omgevingsvisie is een belangrijk instrument van de Omgevingswet en geeft antwoord op de vraag: hoe zie de gemeente Zevenaar eruit in de toekomst? Steeds meer mensen wonen en werken in onze gemeente. Maar de ruimte binnen de gemeentegrenzen is beperkt. Hoe gaan we daarmee om? De Omgevingsvisie beschrijft hoe we zorgen dat de gemeente een fijne plek blijft. Om in te wonen, te werken en onze vrije tijd door te brengen. Niet voor alle opgaven hebben we ruimte. We moeten hier slim mee omgaan. Welke keuzes maken we in de fysieke leefomgeving? Daarbij wegen we de verschillende belangen zo goed mogelijk af. Bijvoorbeeld als het gaat om ruimte voor natuur, het bouwen van nieuwe woningen of de aanleg van een bedrijventerrein. Ook kijken we of opgaven samen kunnen gaan. Zoals het opwekken van duurzame energie bij (nieuwe) woningen. Deze keuzes zijn niet altijd even makkelijk te maken. Het maken van de Omgevingsvisie doen we graag samen met o.a. inwoners, ondernemers, verenigingen en instellingen. Met alle waardevolle kennis en inbreng komen we tot een evenwichtige visie die goed aansluit op de praktijk. Uw mening is belangrijk: vul de vragenlijst in.

Op dit moment staan we nog aan het begin van het proces; we willen graag eerst breed ophalen wat er leeft in de gemeente. Wat zijn voor verschillende doelgroepen de belangrijkste thema’s en opgaven voor de toekomst? Waar liggen kansen en mogelijkheden? T/m 30 november 2022 kunt u de vragenlijst invullen. Alle reacties worden meegenomen bij de totstandkoming van de Omgevingsvisie. De vragenlijst bestaat uit twee onderdelen: één op inhoud en één op de wijze hoe u betrokken wilt blijven bij het vervolg. Uiteraard kunt u, indien gewenst, ook meedenken en meepraten in het vervolgproces. Zevenaar zoals opgehaald uit een enquête1 onder onze samenleving eind 2022 In Zevenaar …….  zijn de activiteiten van de inwoners voornamelijk: wandelen en fietsen, horeca bezoeken, winkelen, culturele activiteiten en sporten.  willen mensen in de gemeente wonen vanwege de ligging in de regio, aangename leefomgeving, veilige leefomgeving, veel groen in de wijken, afwisselende landschappen en een goede bereikbaarheid per auto en OV.  kenmerken de kernen zich door de centrale ligging, het aangename woonklimaat, het dorpse karakter/ de kleinschaligheid, de sfeer/saamhorigheid en het verenigingsleven. Wat zijn volgens de inwoners de belangrijke aandachtspunten waar de gemeente Zevenaar gemeente breed op zou moet inzetten richting 2030-2040?      

Het woningaanbod Een gezonde en schone leefomgeving Veiligheid Parkeren en doorstroming Inspelen op klimaatverandering Groen in de wijken

1 Enquête uitgezet via het participatieplatform Zevenaar Verbindt in de periode oktober-december 2022.

Wat zijn volgens de inwoners de belangrijke aandachtspunten waar de gemeente Zevenaar in de kernen op zou moet inzetten richting 2030-2040?  Het woningaanbod     

Een gezonde en schone leefomgeving Saamhorigheid/ betrokkenheid Inspelen op klimaatverandering De eigen identiteit van de dorpen Groen in de wijken

De vragen en uitkomsten van de gehele enquête zijn in bijlage 1 opgenomen.

 Gesprekken interne organisatie en (keten)partners (periode februari-juni 2023) Overkoepelende opgaven, niet gebonden aan een gebied: Maatschappelijke Ontwikkeling  Onderwijsvisie: zijn er nog kernen waar we meer willen inzetten: welke voorzieningen per kern?  Wonen en zorg: vergrijzing en lang thuis blijven wonen  Leefbaarheid/ vitaliteit : daar ligt de relatie ro en mo. Wat wil je met de dorpen? Is er nog vitaliteit? Wat is acceptabel wat betreft voorzieningen in de nabijheid.  Woonbeleid in op verschillende typen wonen en levensbestendig. Jongeren en speciale doelgroepenbeleid (statushouders, Oekraïne)  Kerkenvisie  Vervoer (doelgroepen)  Sport: veilige en aantrekkelijke afstand. Bijv sportterreinen Giesbeek en Spijk. En wat met Hengelder: omnivereniging?  Bewegen: uitnodigen tot bewegen, logische fietsverbindingen  Kunst en cultuur: Gebouwen, maar ook in de openbare ruimte.  Speeltuinenbeleid incl. bewegen voor ouderen. Een inclusieve speeltuin. BOR           

Integraal accommodatie plan IBOR: beeldkwaliteit en technische kwaliteit Watertakenplan Deltaplan Ruimtelijke Adaptatie Kaart van klimaatadaptatie in de maak In collegeprogramma: 400 bomen, klimaatbos. Parkeervisie centrum meenemen voor mogelijk maken ontwikkelingen in het centrum: zijn we een groene gemeente of een autovriendelijke gemeente? Ondergrondse infra: er moeten routes vrijgehouden worden. Ondergronds combineren met het groenblauwe raamwerk? E-laadvisie: ruimtelijke impact Effecten van de dijken op de kernen: waterschap voor Gelders Deel. Regie op windmolens

Wonen  Uitgangspunt lijkt nu, inbreiding kernen en uitleg Zevenaar Oost. Als de behoefte is aan 1 of 2 persoons huishoudens is, wil je dan nog wel uitbreiden in Zevenaar Oost, ver van het centrum. Naar hoeveel inwoners willen we? Mobiliteit  Waar zoeken we de ruimte voor de verduurzaming van de mobiliteit? Dit leidt tot keuzes met betrekking tot elektrisch rijden, andere vormen van rijden en/ of deelauto’s.  Willen we investeren in uitbreiding van het wegennetwerk om ruimtelijke ontwikkelingen mogelijk te maken?  Hoe kunnen we bereikbaarheid integraal meenemen bij ontwikkelingen in de leefomgeving?  Wat betekent de aanleg van de A15 langs Zevenaar. Hoe maken we het Gelders Eiland beter bereikbaar?  Onderscheid:

 

o Fiets: Tot 15 km is de fiets een goed alternatief voor woonwerkverkeer. o Auto o Spoor o Water Uitgangspunt: Woningbouw alleen waar het OV is en waar de ontsluitingen zijn? Verder afronden A18?

Economie  Toekomst van de economie = innovatiedistrict (voormalige woon-werklandschappen).  Kleinere bedrijventerreinen: niet uitbreiden, zo laten en evt. transformeren/ upgraden, tenzij gelegen in de zone A12.  Solitaire bedrijven transformeren naar wonen is voorstelbaar. Binnen de bebouwde kom. In buitengebied? Conform VAb Beleid.  Overgang Duiven-Zevenaar: economisch gezien kansen voor economische functies en snelweg gerelateerde kansen.  Een Liemerse Stec zoals in Doetinchem. Kennis, innovatie lab waar onderwijs en kennis samenkomen. Duurzaamheid  Klimaatadaptatie  Opslag van energie  Warmtevisie  Rhederlaag, Byland en buurt rondom Reisenakker (Roodwilgen) zijn 3 grote potentiële warmtebronnen.  Op niveau van de kernen komen er warmtetransitieplannen en die zullen gaan aangeven wat het ruimtelijk effect worden. Dat betekent bijvoorbeeld koude warmte opslag.  Gebieden aanwijzen om te experimenteren voor opwek, opslag of andere nieuwe manieren. Dit niet te concretiseren, dus algemeen opnemen.  Energy Hub  Snellaadlocaties  Stadsdistributie

Gebied

Te landen opgaven

Vraagstukken

Opmerkingen

1. Uiterwaardengebied

Natuur en landschap:  IGSV Rivierklimaatpark  Klompenpaden/ ommetjes

Bahrse Pol Steenfabriek

Leisurelands

IJssel

Mobiliteit:  Fietsbrug naar Rheden  Provinciale wegen  Overnachtingshaven 2. Dorpenlint IJsselwaarden

Natuur en landschap: Landgoederenzone conform project natuurinclusieve landbouw. Groene kamers met woningen. Natuurinclusief bouwen Wonen:  Lathum en Angerlo is goed gevuld. Giesbeek zou nog wel passen.  Rivierweg aanpassen en Giesbeek verdichten.

VAB clusteren en landgoederenzones creëren voor woningbouw in buitengebied.

Sportvelden Giesbeek en deel ten oosten. Melkfabriek Angerlo.

1e auto voor de deur en 2e auto = deelauto o.i.d. of bij uitzondering. Juist vanuit duurzaamheid als drijfveer het beleid aanpassen. Niet zozeer vanuit autobezit en parkeren maar vanuit duurzaamheidsoverwegingen.

Mobiliteit:  Deelmobiliteit verder vormgeven en aansluiten op regio.

2. Het Broek:

3. Stedelijk gebied onder de A12:

Natuur en landschap:  De plek voor de agrariër  Verbinding noord en zuid versterken zowel voor natuur, recreatie als agrariër. Water: In het Broek meer waterberging, stikstof, groen blauwe raamwerk. Mobiliteit:  Recreatief fietsnetwerk versterken oost naar west en noord naar zuid.  Inzetten op snelfietsroutes Natuur en landschap:  Cluster waardevol stedelijk uitloopgebied

Fietsbrug voor school en werknemers: utilitair is deze heel nuttig, want er is een behoorlijke barrierewerking. Ook recreatief ter ontlasting van de Veluwe. Kansen vanuit VS. Landgoedachtige structuren voor woningbouw ten zuiden van de rivierweg zijn voorstelbaar.

Toekomst agrariërs? Wat i.v.m. nieuwe ontwikkelingen.

Behoud ruilverkavelingsstructuur. Open waardevol gebied Weidevogelgebied

Reisenakker: vasthouden aan structuurvisie?

VS: groen blauwe raamwerk. Inzicht in uitbreiding Zevenaar Oost Inzicht in project Witte Kruis/ woongebied Babberich

 

van Breuilly naar Oud Zevenaar. Noord Zuid verbindingen A12 richting Gelders Eiland Doortrekken Landeweer/ Hoofdraamwerk.

Water: Robuuste wadi’s aanbrengen om pieken en dalen in water op te vangen. bepaalde format hebben om robuust te zijn en iets bij te dragen. Wonen:  Reisenakker: Pauzeplekken, tijdelijke initiatieven  Spoorzones  Uitvoering geven aan compact centrum, meer dichtheden.  Landgoed moet open voor verbindingen en aan de randen woningbouw.  BAT  Mercurion en Tatelaar zijn goed voorstelbaar voor transformatie. Net als Zuidspoor.  Verduurzamen bestaande wijken. Andere invulling. Mobiliteit:  Parkeerring = reservering in omgevingsvisie behouden?  Gelijkvloerse kruisingen  Langzaam verkeerstunnel onder het spoor naar volwaardige tunnel.  Elektrisch vervoer naar de FOZ.

Noordelijke randweg? Hoofdgroenstructuur langs de A12 versterken Barrière werking spoor: kansen creëren met woningbouw spoorzones? Landgoed Sevenaer: een betere recreatieve dooradering?

4. Dorpenlint: Vanuit verstedelijkingsgedachte dorpenlint betrekken bij de stedelijke zone (al dan niet geheel of gedeeltelijk)?

Compact centrum: hoe combineer je dit met parkeerbeleid. Parkeerfonds. Gebruik Masiusplein.  Noordelijke stadsrand Economie: • Uitbreiden 7Poort en richting Transito: Let ook op goede fietsroutes voor woonwerk. • Provincie: bedrijventerreinen aansluitend laten zijn aan bestaand regionaal bedrijventerrein. • Goede pendel vanuit bedrijventerrein, via woonwijk naar station Zevenaar. • Vrachtwagenparkeren mogelijk maken. • Arbeidsmigranten: integraal plan rond de A12 zone Wonen:  Dorpenlint heeft waardevolle cultuurhistorische en landschappelijke waarde. Echter vanuit de relatie nabij het station, dit deel verstedelijken. Dichtbouwen en afronden, maar niet veel in het groen. Sowieso Zuidspoor. Ook Baston heeft plannen om daar te gaan verdichten.  Wel behoud van kernkwaliteiten van elk dorp. Mobiliteit: Gebiedsaanpak Babberich

Babberich is een mogelijke groeikern binnen Zevenaar

5. Rijnstrangen:

PAGW (programmatische aanpak grotere wateren) Ecologische opgave: Bos aanplanten: geen ruimte voor agrariërs Beperkt aantal eigenaren Twikkel gronden Inrichten hele gebied als inrichting Gelderse waard. Blauwdruk Gelderse Waard uitsmeren. Inzetten op kleinschalige extensieve landbouw Robuuste profielen Terugbrengen karakter landschapselementen Inpassen natuur inclusief ondernemen. Ervaren van het water De dijken in tact laten en specifiek op kaart brengen. Recreatieve verbinding Aerdt en Oud Zevenaar

Noodoverloop

Inzicht in belangen van hogere overheden. PAGW is RWS en Staatsbosbeheer).

6. Dorpenlint Gelders Eiland

Natuur en landschap: Hier wordt gewoond en gewerkt.

Wat zijn kansen voor natuurinclusieve landbouw zoals Gelderse Waard? Stedelijk gebied? Kun je hier niet nog meer mogelijk maken?

Geschikte plek Rijnobservatorium als trekker.

Wonen: Idem dorpenlint IJsselzone. Inbreiding, bouwen voor eigen behoefte. 7. Uiterwaardengebied Rijn

Natuur en landschap:  Eindplaatje: inrichtingsplan Rijnwaardense Uiterwaarden van staatsbosbeheer.  Agrarische sector (kleinschalig) en natuurinclusief bouwen.  Recreatie: fietsnetwerk verbeteren bij de Lommerse Waard Economie: Toekomst steenfabrieken achten wij goed. Watergebonden activiteiten behouden en versterken.

 Bijeenkomst gemeenteraad 2 juni 2023 Uitgangspunten en vragen voor de omgevingsvisie zoals opgehaald bij onze gemeenteraad op 2 juni 2023.

 Participatieronde 1 vanuit de participatieaanpak maart 2024 Samen met bureau SIR heeft de gemeente voor de Omgevingsvisie een participatieaanpak opgesteld. In dit uitvoeringsdocument wordt concreet invulling gegeven aan de aanpak. Waarom participeren? Het doel van de participatie is inwoners en betrokkenen te informeren en te raadplegen over de koers voor de komende periode en zo de kwaliteit te verhogen van de Omgevingsvisie door het perspectief vanuit de omgeving mee te nemen. Wat vinden mensen belangrijk en minder belangrijk in hun leefomgeving en hoe zien zij de toekomst van de gemeente Zevenaar? Over bestaand beleid gaan we niet (opnieuw) actief in gesprek, omdat de opgaven en ambities die hierin benoemd zijn, al vaststaan. De ruimte van invloed die publieksgroepen hebben is meedenken. De communicatievormen die hiervoor gebruikt worden zijn: Ronde 1: - Fysieke inloopavonden er kern/deelgebied - een online enquête die uitgezet wordt via het platform Zevenaar Verbindt. - waar nodig aanvullend bijeenkomsten met specifieke stakeholders Ronde 2: - Reflectie: de Omgevingsvisie als toetsingskader Inloopavonden: Toer Omgevingsvisie Zevenaar 2040 We kiezen ervoor om de stakeholders op te zoeken op de plek waar zij wonen, werken of deelnemen aan activiteiten. We gaan dus de dorpen in. Hieronder wordt de invulling hiervan verder vormgegeven.

Toer Omgevingsvisie Zevenaar 2040 Dinsdag 5 maart:

17.30- 19.15 uur

Oud Zevenaar (Schuttersgebouw St Anna)

Dinsdag 5 maart:

20.15- 22.00 uur

Babberich (Kulturhus De Borg)

Woensdag 6 maart:

17.30- 19.15 uur

Aerdt (Dorpshuis ‘Eensgezindheid’)

Woensdag 6 maart:

20.15- 22.00 uur

Lobith (Gildehuis)

Maandag 11 maart:

17.30- 19.15 uur

Herwen (De Cluse)

Maandag 11 maart:

20.15- 22.00 uur

Tolkamer (Lobede)

Donderdag 14 maart:

17.30- 19.15 uur

Angerlo (De Meent)

Donderdag 14 maart:

20.15- 22.00 uur

Giesbeek (Kulturhus De Brede Blik)

Maandag 18 maart:

17.30- 19.15 uur

Lathum (Dorpshuis Het gebouw)

Maandag 18 maart:

20.15- 22.00 uur

Pannerden (De Cirkel)

Woensdag 20 maart:

17.30- 19.15 uur

Spijk (Dorpshuis De Spieker)

Woensdag 20 maart:

20.15- 22.00 uur

Gemeentehuis Zevenaar (Patio)

Met beeldmateriaal en 1 of 2 vragen/ stellingen per bouwsteen die relevant zijn voor dat deelgebied vragen we de deelnemers om mee te denken. Door de vragen/ stellingen concreet te maken per gebied willen we de omgevingsvisie toegankelijk maken en meer concreet. De mogelijkheid bestaat natuurlijk ook om op deze inloopavonden andere zaken naar voren te brengen die relevant zijn voor de omgevingsvisie en de toekomst van Zevenaar richting 2040.

In dezelfde periode wordt een online enquête uitgezet. Deze zal via het platform Zevenaarverbindt! worden uitgezet. We hebben een participatielijst opgesteld om per bouwsteen in beeld te brengen welke stakeholders betrokken moeten worden bij de participatie. We zullen deze stakeholders actief uitnodigen. Daarnaast maken we gebruik van bestaande overlegmomenten om bepaalde stakeholders te bereiken. Als we constateren dat we deze stakeholders onvoldoende bereiken, zal in overleg met de interne werkgroep, de wethouder en de raadswerkgroep bekeken worden hoe we deze stakeholders wel voldoende kunnen betrekken met een stakeholdersbijeenkomst op het gemeentehuis. Ronde 2 De Omgevingsvisie als toetsingskader In de tweede gespreksronde wordt de aangepaste versie van de omgevingsvisie als toetsingsinstrument getest. Dit gebeurt door met een groep potentiële initiatiefnemers concrete (fictieve) initiatieven in te brengen en de Omgevingsvisie daarop toe te passen. Daarbij is de centrale vraag: o Geeft de omgevingsvisie voldoende inzicht of een bepaald initiatief in een bepaald gebied wel of niet haalbaar is? Het doel hiervan is om de kwaliteit van de Omgevingsvisie te verbeteren. Ook in deze participatieronde is de ruimte van invloed ‘meedenken’. De opgehaalde input wordt gebruikt om de omgevingsvisie verder aan te scherpen waar nodig.

Ook deze gespreksronde wordt afgesloten met een terugkoppeling. Wie hebben we uitgenodigd voor participatieronde 1?  35 stakeholders via collega’s met begeleidend schrijven  145 verenigingen sport, kunst en cultuur, jeugd en jongeren, welzijn en dorpshuizen met begeleidend schrijven.  Alle dorpsraden een specifiek bericht  60 Personen die eerder de enquête uit 2022 hebben ingevuld en hebben aangegeven geïnformeerd te willen blijven.

 Participatieronde 2: 27 mei 2024

Participatieronde 2: Verslaglegging werksessies Omgevingsvisie Zevenaar 2040

Datum: maandag 27 mei 2024 Tijd: 09.30-11.00 uur: Leefomgeving 11.30-13.00 uur: Mobiliteit 13.30-15.00 uur: Wonen 16.00-17.30 uur: Economie Locatie: Gemeentehuis Zevenaar, Turmac fabriek

Participatieaanpak Aanpak en opbrengst Bij het opstellen van de Omgevingsvisie 2040 zijn vanuit de gemeente Zevenaar nog enkele vraagstukken waar een keuze over gemaakt moet worden over wat hier wel, al dan niet, over wordt opgenomen in de visie. De vorige participatieronde heeft hier nog niet voldoende antwoord op kunnen geven. Daarom is er een tweede participatieronde georganiseerd. Hiervoor is de gemeente Zevenaar op 27 mei 2024 het gesprek aangegaan met (potentiële) initiatiefnemers en deskundigen/ partners, die in de toekomst ook met de Omgevingsvisie zullen werken. Om zo tot een richting te komen wat er voor de vraagstukken opgenomen zal worden in de omgevingsvisie. Ook was er in deze gesprekken gelegenheid om te reageren op de inhoud van de conceptversie in brede zin. De gesprekken vonden per bouwsteen plaats, dus:  Leefomgeving  Mobiliteit  Wonen  Economie In dit document deelt gemeente Zevenaar de resultaten van deze gesprekken. De dilemma’s die nog spelen en/ of die vanuit de participatie en gesprekken naar voren zijn gekomen, zullen aan de gemeenteraad worden voorgelegd.

Gesprek Leefomgeving 27 mei 2024 09:30 – 11:00

Aanwezige partijen:

Agrariërs Leisurelands Waterschap Rijn en IJssel Gemeente Zevenaar SIR communicatie & participatie (verslaglegging)

Vraagstuk 1: Hoe kunnen we de opgave groenblauw met agrarisch gebruik combineren?

Voor het eerste vraagstuk voor de bouwsteen Leefomgeving gingen we in gesprek over het combineren van het groenblauw raamwerk en het agrarisch gebruik. Voor dit vraagstuk richten we ons specifiek op Het Broek. Groenblauw raamwerk: In het groenblauw raamwerk hebben we de kansen om natuur, landschap en cultuurhistorie te versterken beschreven. Door te investeren in de ‘dynamische rivieren’, ‘gradiënt-bossen’ en ‘wateren broeklanden’ kan er een sterke landschappelijke structuur komen in een stedelijke omgeving. Dat maakt de regio aantrekkelijker voor bewoners en bezoekers en versterkt de biodiversiteit.

Daarnaast spelen in Het Broek de opgaven vanuit de energietransitie en op het gebied van waterbeheer, bodembeheer, innovatie en de toekomst van agrariërs. Agrariërs zien Het Broek als een bijzonder gebied met vruchtbare klei voor het duurzaam produceren van voedsel. Het is het laatste grote landbouwgebied in de Liemers, en het doel is om duurzame landbouw voor de toekomst mogelijk te maken. Hoe kunnen deze twee opgaves gecombineerd worden in Het Broek en kan er samen opgetrokken worden om dit gebied te versterken?   

Er is op dit moment een toekomstvisie voor het Rhederlaag die nog actueel is. Deze visie kan als input dienen voor dit gebied. Het idee van het groenblauwe raamwerk is dat dit functioneert als een buffer om rode opgaves op te kunnen vangen binnen het landschap. Wat we nu wel zien is dat de kernen steeds groter worden en dat er minder natuur is om naartoe te gaan. Agrariërs hebben ideeën om recreatie te combineren met hun agrarisch bedrijf. Dit wordt ook al gedaan. Wel heel kleinschalig/ hobbymatig. Is de inzet om dit meer grootschalig te doen en wat is hiervoor nodig?

  

Voor recreatie zouden we meer moeten spreken over uitloopmogelijkheden en wat er mogelijk is om de verschillende opgaven met het bestaande te combineren. Energietransitie. Hier liggen kansen voor biogas, waar agrariërs in Het Broek op in zouden willen zetten. Wordt er ook ruimte geboden voor zulke oplossingen? Een gevoelig punt is dat er in de omgevingsvisie gesproken wordt over stoppende agrarische bedrijven. Dit wordt genoemd omdat dit een ontwikkeling is die op dit moment door heel Nederland gezien wordt. We willen duidelijk maken dat we in de omgevingsvisie agrariërs niet stimuleren om te stoppen. Maar we reageren op deze ontwikkeling door te kijken naar alternatieven en hoe de huidige agrarische gebieden op een andere manier benut kunnen worden, wat past bij de gemeente Zevenaar.

Conclusie:

Het is een logische gedachte om recreatie te willen combineren met agrarische gebruik. Hier zijn ook plannen voor. Maar wanneer er te veel mensen in groepen komen, gaat dit ook ten koste van de natuur. Hier moet rekening mee gehouden worden. Daarom moeten we in de visie op hoofdlijnen opnemen wat de kansen, uitganspunten en doelen zijn voor dit vraagstuk. En wat we als gemeente hierin wel/niet mogelijk willen maken. Onderwerpen als water, droogte, energie etc. spelen hier ook een rol in. Kunnen we goede voorbeelden uitlichten in de visie, als voorbeeld voor andere plekken in onze gemeente. Dit omdat er nu ook al allerlei ontwikkelingen en initiatieven zijn. Door deze te omschrijven heb je een mooie start. De visie voor Rhederlaag wordt verwerkt in de omgevingsvisie. Droogte is een gebiedsbrede opgave. Hier is het waterschap mee bezig. In het groen blauwe raamwerk zouden functies als waterberging, landbouw en recreatie samen kunnen komen. Voor de opgave van de agrariërs is een specifieke sessie georganiseerd. Hier gaan we verder in op het vraagstuk van hoe we de agrariërs en de ontwikkelingen van deze sector een plek kunnen geven in de omgevingsvisie. Ook deze uitkomsten zullen verwerkt worden in de visie. Vooralsnog is in Nederland gekozen om in te zetten op de energietransitie door middel van zon- en windenergie. Gemeente Zevenaar werkt aan een duurzaamheidsvisie.

Hierin wordt verder ingegaan op deze opgave.

Vraagstuk 2: Recreatiemogelijkheden en de beleving van natuur.

We hebben als gemeente al veel te bieden met betrekking tot recreatie. Zoals het recreatiegebied Rhederlaag, De Bijland en de natuurgebieden. Voor de toekomst zien wij ook nog nieuwe kansen. Recreatie richt zich nu vooral op activiteiten voor één dag, waardoor bezoekers slecht voor een korte tijd in Zevenaar zijn. Door meer ruimte te bieden voor recreatie met een langer verblijf (verblijfsrecreatie), wordt dit verlengd. Wij zien dit als een kans voor meer leven/energie in gemeente Zevenaar en voor onze ondernemingen en voorzieningen. Het realiseren van deze ideeën zou negatieve effecten kunnen hebben op de natuur. Wat kan het gebied vanuit het perspectief van de natuur aan? En hoe verhouden deze opgaven zich tot elkaar?  Vanuit de eerste participatieronde kwam naar voren dat een (groot) deel van de inwoners van de kernen meer recreatie met overnachting wel ziet zitten, omdat dit ook bijdraagt aan de leefbaarheid. Dit zou voor kleine ondernemers in de kernen eventueel kunnen betekenen dat ze kunnen blijven bestaan. Hiervoor kan ook ingezet worden op nieuwbouw van woningen. Als het gaat om uitbreiding van recreatie, wordt wel de term kleinschaligheid steeds genoemd. De vraag

die daarbij speelt is: Wat is kleinschalig en is met een kleinschalig plan wel geld te verdienen? Moeten we als gemeente duidelijkheid bieden hierin. Of dat aan de markt overlaten?  Qua kleinschalige opties willen agrariërs ook graag recreatiemogelijkheden aanbieden op hun eigen terrein, maar dit werd in het verleden tegengehouden door de campings.  Wat betreft het Uiterwaarden gebied. Hier zijn weinig mogelijkheden, omdat dit wordt tegengehouden door het beleid van Rijkswaterstaat.

Conclusie:

Wat in de visie vastgesteld moet worden is wat is kleinschalig en grootschalig? Dit geeft richting voor wat er wel/niet mogelijk gemaakt moet kunnen worden en wat de ambities zijn voor de gemeente Zevenaar. Daarnaast kan het geen kwaad om bepaalde initiatieven expliciet te benoemen in de visie. Zoals de Bahrse Pol, omdat dit aandacht verdient. Dit gebied kan bijvoorbeeld ingezet worden voor verdere ontwikkeling van het recreatiegebied/ woningbouw. Verder worden er door initiatiefnemers soms wel kansen gezien, maar worden die tegengehouden door overheden/ regelgeving. Hier kan de omgevingsvisie ook een richting in kiezen. Daarnaast moet er ook rekening gehouden worden met de verkeerssituatie, wanneer er wel wordt ingezet op meer recreatie. Want recreatief gebruik zorgt voor meer fietsers en wandelaars. De wegen moeten hier wel geschikt voor zijn om bijvoorbeeld de agrariërs (landbouwvoertuigen) niet te hinderen.

Gesprek Mobiliteit 27 mei 2024 11:30 – 13:00

Aanwezige partijen:

Provincie Gelderland Rijkswaterstaat Gemeente Zevenaar SIR communicatie & participatie (verslaglegging)

Vraagstuk 1: Vervoersarmoede bewoners van Zevenaar en bereikbaarheid bedrijventerreinen.

We willen ervoor zorgen dat iedereen zich kan vervoeren binnen gemeente Zevenaar. We proberen vervoersarmoede tegen te gaan. Bijvoorbeeld door ervoor zorgen dat mensen in kleine dorpen ook in de toekomst de bus kunnen nemen in plaats van de auto. Dit kan met een gewone buslijn, een buurtbus, of een haltetaxi. We willen ook kijken naar andere opties zoals een automaatje of belbus. We vragen inwoners om mee te denken over deze mogelijkheden per dorp en hier creatief mee om te gaan. In het oostelijk deel van Zevenaar komen er veel nieuwe bedrijven en huizen bij. Het is belangrijk dat het openbaar vervoer hier goed op aansluit. Op dit moment is het openbaar vervoer naar de bedrijventerreinen nog niet goed genoeg. Kan dit beter?    

Over het algemeen gaat het nu niet goed met het Openbaar vervoer (OV). Dit komt omdat de hoeveelheid reizigers is afgenomen t.o.v. de periode voor corona. Dit effect is bij het busvervoer groter dan bij het treinvervoer. Door de financiële uitdagingen wordt er nu vanuit de hogere overheden eerst gefocust op het handhaven van het huidige OV. Wanneer het weer aanzienlijk beter gaat met het OV, kan er pas gekeken worden naar uitbreiding. In het kader van de participatie voor de omgevingvisie is gevraagd of onze inwoners vinden dat ze mobiel zijn. Hier kwam uit naar voren dat financiële redenen niet een grote belemmering zijn voor de mobiliteit, meer het gebrek aan goede verbindingen. Buslijnen naar bedrijventerreinen hebben een lage kostendekkingsgraad. Oplossing kan zijn om de voorzieningen bij het spoor te verbeteren zoals het inzetten van meer deelfietsen en/of scooters. Daarnaast zou er gekeken kunnen worden of er vanuit de ondernemers zelf iets georganiseerd wordt: een busje van en naar het terrein laten rijden aan het begin/einde van werkdag. De gemeente Zevenaar zou zulke eigen initiatieven kunnen stimuleren. Een andere oplossing zou kunnen zijn om deelauto´s of een automaatje-initiatief te initiëren. Wel bleek uit andere pilots dat dit niet direct aanslaat. Maar soms moet je gewoon blijven proberen/ stimuleren als je verandering wilt zien.

Wat verder cruciaal is, is dat de buurtbus behouden blijft richting 2040. Hoe kunnen we dit doen? Het netwerk hiervan in de gemeente Zevenaar is heel goed. Deze gaat nu bijvoorbeeld naar dorpen met slechts 450 inwoners. Er kan nog wel een verbeterslag plaatsvinden in de momenten waarop de buurtbus rijdt. Soms zit deze bijvoorbeeld te vol rond schooltijden en ’s avonds en in het weekend rijdt er niets. Hierdoor kunnen de jongeren niet weg, terwijl deze behoefte er wel is. Blijf investeren in goede fietspaden. Ook kun je (nieuwe) inwoners helpen met het inzichtelijk maken van hoe de bereikbaarheid in bepaalde gebieden is. Door te communiceren hoeveel minuten het kost om je van A naar B te verplaatsen met bepaalde vervoersmiddelen. Op deze manier faciliteer je mensen uit de omgeving en kun je de transitie naar nieuwe duurzame mobiliteit verder vormgeven. Wat ook een probleem is op het gebied van mobiliteit is parkeren, en dan met name rond het station. Dit kwam weliswaar niet naar voren uit de eerste participatieronde met de inwoners

voor de omgevingsvisie, maar het kan wat betreft reistijd veel schelen om ook parkeren en een toegang vanuit de zuidzijde van het station mogelijk te maken. Hier zou je reisminuten kunnen winnen met het aanleggen van parkeervoorzieningen. Belangrijk dat er nu ook vanuit de regio en provincie naar de ongelijke spoorovergangen wordt gekeken. Dit biedt voor de toekomst wellicht ook kansen voor het gebied rondom het station.  De brug over de IJssel voor langzaam verkeer die nu in de omgevingsvisie genoemd wordt, werd positief beoordeeld door 75% van de inwoners die geparticipeerd hebben. Er zijn hoge kosten aan verbonden, waardoor het initiatief eerder afgewezen is. Het blijft een kans voor beide gemeenten (Zevenaar en Rheden) om de fietsers en wandelaars van de verschillende gebieden met elkaar te verbinden. De brug zou geen onderdeel worden van de snelfietsroute, want hiervoor is de locatie niet geschikt.

Conclusie:

Voor dit vraagstuk wordt er de komende tijd niet ingezet op uitbreiding van het OV. Het beschikbare budget wordt alleen ingezet voor het verbeteren van dingen die er al zijn, zoals deelvervoer, de buurtbus en het stimuleren van eigen initiatieven. Dit komt omdat er op het gebied van OV weinig budget is omdat het OV niet voldoende rendabel is. Het toevoegen van meer bussen is erg duur. Waar we wel naar kijken is meer deelvervoer zoals OV-fietsen of scooters en carpoolen. De brug over de IJssel voor langzaam verkeer die in de omgevingsvisie staat, zou de bereikbaarheid in de gemeente ook verbeteren en voorzieningen toegankelijker maken voor inwoners, omdat de gebieden verbonden zijn. Maar de brug is wel erg duur. Dit is een afweging. Is de verbinding van de gebieden zo belangrijk voor de bereikbaarheid, dat het deze kosten waard is? Naast de opgave van de bereikbaarheid in de gemeente Zevenaar, is parkeren ook een belangrijk onderwerp. Vooral aan de zuidzijde van het station zouden meer voorzieningen aangelegd kunnen worden. Als dit een ambitie is, moet dit opgenomen worden in de omgevingsvisie.

Vraagstuk 2: Noordelijke randweg en nieuwe verbindingsweg oost Zevenaar.

We zoeken een goed alternatief voor het vrachtverkeer dat nu vanaf de A15 via de Arnhemseweg door de kern Zevenaar rijdt. Hiervoor is het idee om een Noordelijke randweg aan te leggen. Deze weg sluit aan op de Arnhemseweg, loopt parallel aan de A15 en de A12, en komt uit bij het bedrijventerrein Mercurion. Hierdoor hoeven vrachtwagens vanaf de A15 niet meer door Zevenaar te rijden, wat de bereikbaarheid en leefbaarheid verbetert. Maar het deel langs de A15 ligt in de gemeente Duiven. Om deze weg aan te leggen, zal er dus moeten worden samengewerkt. De Noordelijke randweg wordt dan onderdeel van een weg langs de A12, die in de toekomst via 7Poort verbonden wordt met het bedrijventerrein Transito. Deze weg kan ook (deels) gebruikt worden voor de nieuwe woningen in Reisenakker.

De randweg creëert een nieuwe structuur, naast het wegennetwerk dat er al is. Waarom zou je dit willen? De randweg is gericht op vrachtverkeer en is een soort bypass route. Dit is om te voorkomen dat al het vrachtverkeer door Zevenaar komt. Met de randweg biedt je een

  

alternatief. Het is hierbij wel belangrijk dat deze noordelijke randweg niet een alternatief wordt voor de snelweg. Het is een back-up. Wanneer er steeds meer woningbouw blijft komen, zou je misschien wel beter in kunnen zetten op een goed fietspad. Of dat de weg iets afgezwakt wordt. Maar het is met name interessant om hem in beeld te houden, mocht er dan op termijn toch behoefte zijn gezien de verkeerssituatie. Insteek is om het realiseren hiervan niet onmogelijk te maken. Blijf inzetten op het doortrekken van het Witte Kruis. Dit ligt nu stil, mede door de hoge kosten, maar wanneer dit gerealiseerd wordt, scheelt dit 600 vrachtwagens per dag die nu door de kernen gaan. Het vrachtverkeer wat via het water gaat is op dit moment al geoptimaliseerd. Hier ligt de oplossing niet, maar het wordt wel benut en ondernemers staan hier ook wel voor open. Maar dit gaat lastig omdat dit in samenwerking met Duitsland zou moeten. Een weg die in de participatie aan bod is gekomen, is de Rivierweg. Dit is een provinciale weg, die nu door sommigen als racebaan gezien wordt. Zou het mogelijk zijn om ter hoogte van de kern de snelheid naar beneden te brengen? Bijvoorbeeld 50 of 60 km/u. Dit is een provinciaal brede discussie en ligt gevoelig. Vanuit de omgeving wordt nu het signaal opgevangen dat de weg onveilig is en het een barrière is in het gebied.

Ook wordt de weg nu gebruikt om naar Doesburg te gaan, terwijl de snelweg hiervoor bedoeld is. Mocht het echt een wens zijn, kan deze ambitie opgenomen worden in de omgevingsvisie. Als laatste punt voor de bouwsteen mobiliteit is Station-Oost. Dat het station als niet realistisch gezien wordt, ligt op het gebied van infrastructuur (het station is volgens ProRail niet inpasbaar in de dienstregeling, tenzij grote infrastructurele aanpassingen worden gerealiseerd). In de plannen van de provincie en het Rijk is een extra station niet opgenomen omdat dit niet haalbaar is. Daarom is Oost nu afgeschaald naar een mobiliteitshub (een locatie waar meerdere vormen van mobiliteit samenkomen). Met de doorsteek op het BAT-terrein komt station Zevenaar binnen 5 minuten fietsafstand van Groot-Holthuizen te liggen. Het station in Babberich wordt gezien als een meer kansrijker scenario vanuit de inpassing in de dienstregeling, maar dit station komt dan op een Duits spoor te liggen. Daar komt alleen maar 1 keer per uur een trein. Het is fijn dat er een onderzoek loopt naar de ongelijkvloerse spooroverwegen van Zevenaar. Om een wensbeeld te communiceren naar ProRail, provincie en rijk moet er een visie op het totaal opgesteld worden, zodat dit gedeeld kan worden.

Conclusie: De noordelijke randweg is opgenomen als ambitie in de omgevingsvisie, omdat deze politiek gezien gewenst is. Een andere weg die verbeterd zouden kunnen worden is de Rivierweg. Qua verkeer wordt er verder meerwaarde gezien in het doortrekken van het Witte Kruis. Een extra station (zoals Station-Oost) toevoegen in de gemeente Zevenaar wordt door de hogere overheden op dit moment niet gezien als reëel. Misschien in de toekomst wel het station Babberich-Oost. StationOost is vanuit de gemeente gezien wel een wens. Verder moeten we inzetten op het versterken van het huidige station in combinatie met Zuidspoor en het verbeteren van de gelijkvloerse spoorovergangen.

Gesprek Wonen

27 mei 2024 13:30 – 15:00

Aanwezige partijen:

Baston Wonen Vryleve Volker Wessels Veluwezoom Verkerk Bouw Gemeente Zevenaar SIR communicatie & participatie (verslaglegging)

Algemeen

Hoe staat de omgevingsvisie t.o.v. de andere visies?  Andere visies en beleidsstukken worden hierin meegenomen. De omgevingsvisie is een soort kapstok. Zoektocht naar het goede abstractieniveau. Ontwikkelaar:  Locaties zoals bedacht en getekend zijn heel logisch. Positief dat de Wet Voorkeursrecht Gemeenten (WVG) is gevestigd op bepaalde plekken. Wat bouwen we voor wie, kijkend naar vraag in de markt en een gezonde mix aan typologieën.  Behoefte aan woningen voor senioren en starters. Aanwezigheid van voorzieningen moet in de afweging goed meegenomen worden. In Babberich is bijvoorbeeld behoefte aan seniorenwoningen. Maar het is niet zo makkelijk om het goede beeld te krijgen van het type woning bij deze behoefte. We merken duidelijk een blijvende behoeft aan grondgebonden woningen. Wat niet altijd overeenkomt met het idee van seniorenwoningen (nultreden). De vraag is of appartementen gewenst zijn, als deze iets verder liggen van de voorzieningen. Corporaties:  Wordt er gekeken naar de vitale wijk als geheel en verbinding/ ontmoeting onderling? Zien we nog te weinig. We leven in een maatschappij waar dat iets minder aan de orde is. Hoe kunnen we dit ondervangen?  We krijgen weleens ideeën mee voor collectieve woonvormen, maar geen concrete verzoeken.  De corporaties richten zich minder op nieuwbouw, maar meer op bestaande vormen.

Zoeken naar wat kan, ook met behulp van anderen.  Heb er aandacht voor om de visie niet te baseren op iets wat nu tijdelijk is. Denk in lange termijn.  De kleinere kernen ook zo goed mogelijk van voorzieningen voorzien. Meer bouwen dan alleen wonen. Klein beetje uitbreiden. Wat zijn voorzieningen? Voorzieningen in de kern zelf, zoals winkels, onderwijs, etc. Daar hoort een bepaalde uitbreiding bij. Echter, er moeten ook ondernemers zijn en initiatieven vanuit de samenleving.  De dorpen moeten niet een verlengstuk van de kern Zevenaar worden. Blijft nog wel moeilijk sturen wie er dan inkomt. Ook denken aan de mix van bewoners, niet alleen het type woningen. De mensen van buiten zijn vaak wel actiever. Komt meer initiatief vanuit nieuwe bewoners van buitenaf dan van bewoners die geboren en getogen zijn in het dorp.  Er lopen maar een paar nieuwbouwprojecten.

Vraagstuk 1: Stel we hebben een stuk grond waar 100 woningen gebouwd kunnen worden en we hebben een opgave voor onze reguliere bewoners en aandachtsgroepen. Waar zetten we dan op in? Hierbij spelen vragen zoals wat voor type woning, voor wie, welke ruimte in plan voor ontmoeten (gebouwd, openbare ruimte), voorzieningen, groen, infra en zorg nabij.

    

 

Met zijn allen stoppen we heel veel tijd/geld/energie in het bedenken van nieuwe woonconcepten en opzet van woonblokken. We kunnen dezelfde woningen ontwerpen en gebruiken voor meerdere plekken. Streven naar diversiteit en een gezonde mix. Je kunt de woonomgeving ook anders inrichten met bijvoorbeeld meer groen. Eigenlijk wil je niet overal kleine projecten, maar grote woonwijken van 100 of meer woningen. We zijn nu te afhankelijk van kleine invullingen. Corporaties staan (naast nieuwbouw) positief tegenover deelwonen of woningen splitsen. Deelwonen is veel goedkoper dan een oude woning splitsen. Het is een alternatieve woonvorm om de krapte op te lossen. Splitsen betekent een flinke investering. Delen zou makkelijker moeten zijn. Zitten wel juridische kanten aan, waardoor het nu niet direct haalbaar is. Ook problemen met parkeren. En het kan ook niet overal, want daar krijg je ook een straatbeeld wat niet gewenst is. Gemeenten en rijk moeten dit mogelijk kunnen maken. Buiten het centrale deel (stedelijke zone) is grondgebonden bouwen gewenst. Apparte-menten zijn ook kostbaarder. Appartementen kun je wel vullen met doorschuivers die een groter huis achter zich laten. Moet wel een bepaalde grootte hebben om rendabel te zijn. Ontwikkelaar kijkt eerst altijd wie de klant is en welke voorzieningen er in de buurt zijn. Het is heel locatiespecifiek wie je kunt huisvesten.

In de locatie moeten sowieso reguliere bewoners en aandachtsgroepen samengaan. Nu met de huidige mutaties gaat 25% naar aandachtsgroepen. Dit moet je goed spreiden, nu zie je het veel clustering wat soms ten koste gaat van de leefbaarheid. Rol van de buitenruimte? Aandacht voor elkaar? Ontmoeten zit in de ruimte en hoe je elkaar vindt en tegenkomt. Mensen moeten elkaar ontmoeten willen ze iets voor elkaar doen. Er is veel behoefte aan ontmoetingsplekken. Hier kun je met een goed ontwerp in sturen. Bijvoorbeeld door waar je je fiets parkeert, bankjes te plaatsen en zo mensen uit te nodigen tot een praatje. Concepten voor meer collectief doen/ meer ontmoeten moet voor de lange termijn passend zijn en moet zichzelf bewijzen. Soms moet je het ook gewoon met elkaar gaan doen. De ruimte alvast opnemen in je plan, met een mogelijkheid voor ontmoeten. Kijk ook naar wat de kracht van Zevenaar is. Mensen kiezen hier specifiek voor. Dit betekent dat je ruimte hebt, maar ook met een relatief goede prijs. Dat moeten we niet vergeten

Conclusie:

Op basis van de vraag die we nu zien in gemeente Zevenaar is de grootste behoefte grondgebonden woningen. Met een goede mix van doelgroepen en aandacht voor de voorzieningen. Eerst de locaties aanwijzen en dan kijken wat hiervoor nodig is om de woningen te realiseren. En wat daar gebouwd wordt. Waar vraagt de locatie om? Dit is per plan en locatie verschillend. In de gemeente zijn er beperkte mogelijkheden voor de bouw van appartementen. Maar dit hangt ook af van hoe stedelijk de locatie is. Of hoe dichtbij de snelweg. Voorzieningen als groen, mogelijkheden voor ontmoeten etc. blijven belangrijk.

Vraagstuk 2: Hoe geven we op een goede manier invulling aan de woningbouwopgave in de spoorzone Zevenaar.

We onderzoeken met elkaar waar we na 2030 woningen gaan realiseren. Een belangrijk doel voor de toekomst blijft het ontwikkelen binnen de stad. Door meer te bouwen in de spoorzones, kan de groene ruimte buiten deze zones opengelaten worden. Door meer huizen te bouwen dichtbij het spoor (verdichting), wordt het makkelijker om goed openbaar vervoer te realiseren. We willen de kansen hiervoor in de spoorzones verkennen en een beeld krijgen van de gewenste maat van verdichting. We zetten in Zevenaar ook in op een aanpak voor het gebied. Openbaar vervoer van hoge kwaliteit is daarbij een randvoorwaarde.         

 

Zeker interessante locatie en ook voor hoogbouw. Ook voor de doelgroepen van woningbouwcorporaties. In dit gebied heb je mogelijkheden en die moeten ook zeker benut worden. Als je het goed doet, zijn mensen ook wel heel blij hiermee. Het omgaan met de auto in dit gebied vergt ander beleid. Het is niet realistisch om te denken dat mensen geen auto nodig hebben, maar het moet wel op een andere manier. Bouwen wordt steeds moeilijker. Als gemeente moet je sturen op kwaliteit van plannen, maar de bouweisen en opgaven worden strenger. Als je overal aan moet voldoen, kun je niets meer. Geld blijft de factor. Appartementen zijn kostbaar om te bouwen. Kleine appartementen zijn in verhouding nog duurder en daarmee financieel uitdagender om te realiseren. Met zijn allen niet teveel proberen elke keer wat nieuws te maken. Gebruiken wat er ligt. Blijft ingewikkeld, want je wil kwaliteit bouwen en een locatie geven wat het nodig heeft. Maar je moet het wiel niet blijven uitvinden. Hoe om te gaan met het delen van tuinen/ gemeenschappelijke ruimtes. Wordt ook gekeken naar appartementen met gedeelde voorzieningen? Net wat meer dan een studentenkamer, maar wel iets betaalbaarder. Bezit in de nieuwe generatie wordt steeds minder belangrijk. Rijkdom zit in ervaringen.

Nog andere dragers nodig om dat te realiseren? Kunnen ook economische functies hier een plek krijgen? Productiebedrijven niet, maar kantoren kunnen hier wel een plekje krijgen. Die zitten ook graag in de buurt van het OV. Door in te zetten op efficiënter ruimtegebruik zijn er lagere kosten/ shared spaces. Lage parkeernorm, zo strategisch mogelijk groenstructuur of een watergang. Dit wordt vanuit de planvorming tegenwoordig steeds belangrijker. Complimenten voor wat er nu in de Omgevingsvisie staat, dit is een mooi concept.

Conclusie:

We moeten anders omgaan met ruimte, en dat heeft ook een andere “mindset” nodig. De eigen kavels van de corporaties zijn ongeveer op, maar met de opgave die er ligt kunnen de partijen goed aan de slag. In de omgevingsvisie kunnen we de opgave voor de bestaande bouw nog iets scherper opnemen. De spoorzone biedt kansen om het anders te doen. Bij het spoor is de openbare ruimte eromheen een aandachtspunt, maar ook het geluid en de trillingen etc. Uitgaande van sociale woningbouw en de haalbaarheid, is dat een uitdaging. Hier moet rekening mee gehouden worden in wat we realiseren, omdat de woningen ook moeten voldoen aan de wensen van (toekomstige) bewoners.

Gesprek Economie 27 mei 2024 16:00 – 17:30

Aanwezige partijen:

Onernemers Lindus Gemeente Zevenaar SIR communicatie & participatie (verslaglegging)

Vraagstuk 1: Transformatie bedrijventerreinen.

Het uitgangspunt in de Omgevingsvisie is het behoud van de bestaande bedrijventerreinen en uitbreiding 7Poort II en eventueel III langs de A12. Maar er zijn een aantal bedrijventerreinen die geschikt zijn voor een transformatie. Gezien de groei van onze gemeente en de centrale ligging met goede bereikbaarheid per fiets en OV, is het bedrijventerrein Zuidspoor de meest geschikte locatie voor een transformatie. Ook Mercurion en Tatelaar zijn opties. Wat is er nodig voor de transformatie van bedrijventerreinen en welke punten moeten we hierover opnemen in onze Omgevingsvisie?

           

Er moet een meer concreet beeld komen wat de visie is op Zuidspoor om te kijken of er überhaupt een business case is waar je het over kunt hebben. Die som moet vooraf gemaakt worden en niet eerst naar buiten gebracht worden. Dit is wel het moment om in één keer met duidelijkheid te komen. Geef bedrijven die vanuit een te transformeren bedrijventerrein komen bijvoorbeeld een voorkeurspositie op een nieuwe locatie. Er is nu een kans om op een andere plek uit te breiden (7Poort II). Geef duidelijkheid over de randvoorwaarden voor de transformatie, qua invulling en bereikbaarheid. Maakbedrijven moeten ook blijven in de regio. Faciliteer dit als gemeente. Is de verplaatsing van de bedrijventerreinen een belemmering voor personeel? Deze nieuwe bedrijventerreinen moet wel echt toegankelijk blijven. Aandacht voor hebben. Houd er rekening mee dat bij Zuidspoor dat de ondernemers op de erfgrens hebben gebouwd. Er is meer ruimte nodig om die 100% bebouwing om te zetten naar een ander bedrijventerrein. Bedrijven zullen moeten intensiveren. Wellicht kunnen er meer m2 teruggebouwd worden door te stapelen en in te zetten op collectieve voorzieningen zoals parkeren, laadinfra etc. Anders nadenken over het inrichten van een bedrijventerrein. Meer gezamenlijk. Bijvoorbeeld parkeerplekken delen (o.b.v. werktijden), maar ook andere voorzieningen gezamenlijk oppakken.

De ruimte moet efficiënt ingezet worden. Inzet op broedplaatsen waar onderwijs/ opleiden en werken bij elkaar komen. Voorbeeld: Technoforum. Kijk hoe je werknemers kunt binden aan bedrijven. Breng wonen en werken dichter bij elkaar. Woonwerkunits wel mogelijk maken. Behoud van bedrijvigheid in de kleine kernen speelt ook een belangrijke rol in de arbeidsinclusie. Deze lokale bedriijven hebben een belangrijke lokale functie. De insteek is niet alles te laten verdwijnen, maar juist behouden. Er komen voor circulariteit en duurzaamheid ook extra meters kijken, recycling bijvoorbeeld kost extra ruimte. Ook rekening houden met eventuele groeiambities van de bedrijven.

  

Eerst een visie, dan ruimte claimen. Doortrekken A15 vergroot zoekgebied voor sollicitanten aanzienlijk. 95 van de 100 mensen wonen nu binnen 20km. Tot 30km gaan verhuizen werknemers mee. Goede fietspaden zijn zeer gewenst. Wordt ook echt goed gebruikt. Ook met de elektrische fietsen. Als de fietspaden logische rechte lijnen zijn, helpt dit echt voor werknemers om de fiets te pakken voor woon-werkverkeer. Autorijden wordt duurder, betere fietsen, fietskleding en douchefaciliteiten op het werk.

Conclusie:

Geef duidelijkheid over randvoorwaarden voor een goede transformatie van bedrijventerreinen, want dit is een lang proces, waarbij de verwachtingen goed gemanaged moeten worden. Daarnaast is het ook belangrijk dat kleinere bedrijventerreinen blijven bestaan, zodat inwoners die minder makkelijk ver kunnen reizen, ook een bedrijventerrein in de buurt hebben. Een andere kans die we zien is om onderwijs en/of een innovatielab te integreren op bedrijventerreinen. De bereikbaarheid van de bedrijventerreinen blijft zoals eerder benoemd tijdens het gesprek over mobiliteit heel belangrijk. Dit geldt voor zowel de fiets, auto en OV. We moeten samen kijken naar hoe we verschillende opgaven op kunnen lossen voor één bedrijventerrein. Dit moet je vooraf afstemmen en inrichten, achteraf lukt dat niet. Ambitie om circulariteit in te zetten. Bijvoorbeeld restwarmte en reststromen inzetten voor de rest van het bedrijventerrein.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Zevenaar&id=19984b50-3bea-42ed-afd1-2d8a5ca1be60