Bijlage 1. 1236154 - Omgevingsvisie Gemeente Zevenaar 2040
Tekst van het document
‘Zevenaar: stad en landschap in balans’ Omgevingsvisie Gemeente Zevenaar 2040 Versie november 2024
VOORWOORD Voor u ligt de Omgevingsvisie van de gemeente Zevenaar. Hoe willen we dat onze gemeente er over circa 20 jaar uitziet? Welke ontwikkelingen komen er op ons af? Hoe zorgen we dat we dan nog steeds een aantrekkelijke leefomgeving hebben? Waar zijn we trots op en waar moeten we echt wat aan doen? Hoe gaan we dat samen doen? Wie bepaalt of een idee ook een goed idee is? Hoe gaan we om met nieuwe initiatieven? Met voorliggende omgevingsvisie zetten we in op een wensbeeld op hoofdlijnen dat uitnodigend is, inspireert, verbindt en tegelijkertijd duidelijk is over wat waar kan en wat niet. Hiermee willen we richting geven aan ruimtelijke ontwikkelingen in een gebied waar goede kansen liggen om een bijdrage te leveren aan ambities zonder afbreuk te doen aan de bestaande kwaliteiten en identiteit van dat gebied. In de omgevingsvisie beschrijven wij de opgaven en ambities die wij in de gemeente willen realiseren. Voorbeelden zijn het verbeteren van mobiliteit, het behoud en ontwikkelen van een aantrekkelijk groen landschap of richting geven aan een woningbouwopgave. Daarnaast wordt gekeken hoe keuzes in de fysieke omgeving kunnen bijdragen aan het realiseren van opgaven uit het sociaal domein. Een voorbeeld is meer ruimte voor beweging en ontspanning in de buitenruimte.
Het is belangrijk om aan te geven dat het combineren van verschillende ambities en belangen niet altijd en overal kan. We kunnen nooit overal en tegelijkertijd alle belangen 100 procent bedienen: keuzes zijn noodzakelijk. De druk op de leefomgeving vraagt voortdurend om een afweging van verschillende belangen. Het is daarbij belangrijk dat we met elkaar vaststellen wat we belangrijk vinden, wat we graag willen beschermen, maar ook waar we ruimte zien voor nieuwe ontwikkelingen. Zo werken we samen aan een duurzame, veilige en gezonde gemeente waar het zowel nu als in de toekomst prettig is om te wonen, werken en te verblijven. Zevenaar, december 2024 Aad van Orden Wethouder Ruimtelijke Ordening
INHOUDSOPGAVE 1.
Algemeen
4
2.
Een introductie
5
3.
Opgaven Zevenaar vanuit verleden richting 2040
6
4.
De acht ambities van Zevenaar
7
5.
De visie in bouwstenen
10
6.
Uiterwaarden IJssel
32
7.
Dorpen IJsselzone
35
8.
Het Broek
37
9.
Stedelijke zone
40
10.
Dorpen middengebied
45
11.
De Rijnstrangen
48
12.
Dorpen Gelders Eiland
50
13.
Uiterwaarden langs de Rijn
54
14.
Hoe geven we als gemeente uitvoering aan de omgevingsvisie
56
Bijlage 1: Bronnenlijst
63
1. ALGEMEEN Leeswijzer Een beknopte introductie van de gemeente Zevenaar treft u aan in hoofdstuk 2. In hoofdstuk 3 wordt kort aangegeven waar Zevenaar nu voor staat en wat de kenmerken zijn van de gemeente Zevenaar in 2040. In hoofdstuk 4 komen de acht ambities van de gemeente aan bod. In hoofdstuk 5 gaan we vervolgens nader in op vier ‘bouwstenen’. De visie voor de gemeente Zevenaar richting 2040 wordt beschreven aan de hand van de bouwstenen Wonen, Werken, Mobiliteit en Leefomgeving, zoals ook in regionaal beleid wordt gehanteerd. In dit hoofdstuk worden de hoofdlijnen en de generiek van toepassing zijnde onderdelen per bouwsteen beschreven. In de hierna volgende hoofdstukken 6 tot en met 13 worden vervolgens per deelgebied de bouwstenen verder uitgediept. De deelgebieden worden hierbij van noordelijke naar zuidelijke richting doorlopen. Een belangrijk onderdeel van de omgevingsvisie vormt het landschapskader. Dit kader is in de deelgebieden verwerkt om te gebruiken bij het beoordelen of nieuwe initiatieven voldoende bijdragen aan ruimtelijke kwaliteit. Hoe we de ambities en doelen van de omgevingsvisie willen uitvoeren, wordt tot slot in hoofdstuk 14 beschreven. Waarom we een omgevingsvisie hebben opgesteld en hoe het proces van totstandkoming ervan is verlopen, is beschreven in een los document: ‘Proces om te komen tot de Omgevingsvisie Zevenaar 2040’.
bewegingsruimte. Vaak zal bepalend zijn hoe het initiatief wordt uitgevoerd. We willen dat initiatieven zo worden ingekleed dat deze bijdragen aan meerdere doelen die we met elkaar hebben vastgesteld. We onderscheiden in deze omgevingsvisie de vier bouwstenen Wonen, Werken, Mobiliteit en Leefomgeving en een onderverdeling van de gemeente in acht deelgebieden. Het gehanteerde hogere abstractieniveau leidt tot meer flexibiliteit, mogelijkheden voor maatwerk en creativiteit van initiatiefnemers. Deze toekomstvisie is geen blauwdruk waarin exact staat wat er op straatniveau gaat veranderen, maar beschrijft wel wat de ambities zijn voor toekomstige ontwikkelingen. De omgevingsvisie is een parapludocument. De omgevingsvisie bundelt de verschillende beleidsterreinen tot één richtinggevende visie voor de hele fysieke leefomgeving; zowel boven- als ondergronds. Op sommige punten is de omgevingsvisie heel concreet. Bijvoorbeeld als het gaat om gebieden die we op het oog hebben voor woningbouw. Op andere punten staan ambities beschreven die we later uitwerken. Het is niet zo dat de omgevingsvisie al het bestaande beleid vervangt. Deze visie bouwt voort op belangrijke eerdere vastgestelde beleidsdocumenten en geeft een meer integrale richting aan toekomstig beleid. We hebben het opstellen van de visie aangegrepen om bestaand beleid waar mogelijk nog concreter te maken.
Ook zijn er beleidsdocumenten die zijn opgesteld tijdens het maken van de omgevingsvisie. Deze zijn op elkaar afgestemd. Een overzicht van alle relevante beleidsstukken is als bijlage opgenomen.
Abstractieniveau In deze omgevingsvisie kijken we vanuit een hoger abstractieniveau naar de toekomst van Zevenaar. We kiezen daarmee niet voor een gedetailleerd eindbeeld, waarin nauwkeurig is geformuleerd wat wel en niet mag en of de regelgeving dit wel mogelijk maakt. Het gaat om ambities waar we over willen dromen en waarvan er een aantal werkelijkheid kunnen worden met de middelen die we hebben. Door de opgaven en ambities die we nastreven op hoofdlijnen te beschrijven, kunnen initiatieven minder zwart-wit beoordeeld worden (het kan wel of kan niet). De inzet is er met name op gericht om plannen die in hoofdlijnen stroken met de gemeentelijke uitgangspunten verder te kunnen faciliteren richting concrete realisatie. Door de vraag te beoordelen of initiatieven bijdragen aan de gestelde doelen uit de omgevingsvisie, ontstaat meer 4
2. EEN INTRODUCTIE Identiteit Zevenaar Door de strategische ligging kent het grondgebied van de gemeente Zevenaar een zeer lange bewoningsgeschiedenis waarbij de nog immer aanwezige sporen ver terug gaan in de tijd. Vanuit die basis heeft Zevenaar zich ontwikkeld tot wat het nu is: de centrumgemeente binnen de Liemers met hierbinnen de stadskern Zevenaar. Gelegen binnen het oostelijk gedeelte van het Nederlandse rivierenlandschap is Zevenaar door verschillende gemeentelijke herindelingen uitgegroeid tot de grootste gemeente van de Liemers met circa 45.000 inwoners. Het is een verstedelijkt gebied, dat nauw verbonden is met de stad Arnhem en na gereedkomen van de A15 ook met de stad Nijmegen. Ook is er een nadrukkelijke relatie met de direct aangrenzende regio Achterhoek en de Duitse buurgemeente Emmerich am Rhein.
(zwembad, ziekenhuis, verpleeghuizen (voortgezet) onderwijs en allerlei andere centrumfuncties. Deze waardevolle centrumrol willen we behouden en waar mogelijk verder uitbouwen. Om dit te bereiken willen we nadrukkelijk ook de kracht van de regio hierbij benutten en relevante samenwerkingsverbanden aangaan. Niet alleen met omliggende gemeenten, maar ook met het naastgelegen Duitsland. Juist de tegenstellingen tussen de stad Zevenaar en de kernen en het afwisselende landschap met haar functies zorgen voor de bijzondere identiteit. Het is dan ook belangrijk om deze diversiteit te behouden en verder te versterken. Daarbij is het van belang om de verschillende gebieden zo goed mogelijk met elkaar te verbinden, zodat er eenvoudig een uitwisseling tussen de verschillende gebieden kan plaatsvinden. Zo kunnen de kernen vanuit het oogpunt van leefbaarheid voor veel voorzieningen terugvallen op de stad Zevenaar en biedt het buitengebied mogelijkheden voor landschapsbeleving. Zevenaar is …… ‘Een blauwe ader in de groene metropool’ De gemeente Zevenaar heeft een aantrekkelijk en gevarieerd landschap dat door de eeuwen heen is gevormd door de invloed van de natuur, het water en de mens.
De herinneringen aan de rijke geschiedenis, de kernkwaliteiten en de kenmerkende verschillen tussen de landschappen moeten bij ruimtelijke ontwikkelingen zo goed mogelijk behouden blijven en versterkt worden. (bron: Koersdocument)
In de stad Zevenaar komen verschillende voorzieningen en functies samen. Het is een bundeling van diverse woon- en werkgebieden, cultuur (museum, schouwburg, galeries, horeca en landgoederen), winkelcentra, voorzieningen 1
Liemers: Doesburg, Duiven, Montferland, Westervoort en Zevenaar.
De identiteit van Zevenaar wordt mede bepaald door de kwaliteiten van de acht in deze visie te onderscheiden deelgebieden: 1. Uiterwaarden IJssel 2. Dorpen IJsselzone 3. Het Broek 4. Stedelijk zone 5. Dorpen Middengebied 6. De Rijnstrangen 7. Dorpen Gelders Eiland 8. Uiterwaarden langs de Rijn Deze deelgebieden vinden hun basis in de landschappelijke kenmerken en het hieruit voortvloeiende landgebruik. Deze indeling is reeds eerder gehanteerd in de ‘Kwaliteitsgids Landschap’ die een uitvoerige beschrijving biedt van het
huidige grondgebied en de kwaliteiten en kansen benoemt. Dit document vormt dan ook een waardevolle bron van informatie aanvullend op deze Omgevingsvisie. In een enkel geval zijn de deelgebieden met het oog op het toekomstige beeld iets gewijzigd, met name door de hogere verstedelijkingsgraad én door uitbreidingen van woongebieden en bedrijventerreinen (werklocaties). In veel gevallen zijn de grenzen van de deelgebieden herkenbaar en buiten ook duidelijk waarneembaar in de vorm van dijken, de snelweg en sterk verschillend grondgebruik. In de Kwaliteitsgids Landschap is de culturele basiskwaliteit bepaald voor Zevenaar. Dit is de optelsom van cultuurhistorische waarden en belevingswaarden plus de kwaliteit van de leefomgeving, waarbij onder andere de bruikbaarheid en toegankelijkheid van belang zijn. De culturele waarden van het landschap laten zich lezen als verschillende lagen, die elkaar overlappen. Denk aan lagen als landgebruik, infrastructuur, reliëf, bodem, hydrologie, grote landschapsstructuren, kleine landschapselementen en erfgoed. Waar veel waarden samenkomen en het landschapstype goed herkenbaar is, kan gesproken worden van een hogere culturele basiskwaliteit van het landschap. Maar ook landschappen met een lagere basiskwaliteit bezitten culturele lagen die behouden moet blijven en/of van betekenis zijn voor een groter geheel.
Ook lagen die nu minder sterk zijn, kunnen versterkt worden bij ontwikkeling. Grotere dragers van het landschap zijn onder meer de rivieren, de weteringen en oude en nieuwe dijken. Eveneens landschappelijk beeldbepalend en functioneel waardevol zijn de spoorlijnen, de A12 en ook de Rivierweg. Tegelijkertijd zijn dit door hun aard en omvang elementen die een barrièrewerking opleveren bij het verbinden en beleven van het landschap. Bij nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen dienen alle karakteristieken meegewogen te worden, waardoor ook het nieuwe herkenbaar is als typisch van de plek, straat of regio. Een belangrijk streven is om oude historische elementen en structuren weer herkenbaar te maken omdat het verbindende schakels zijn tussen verschillende landschapstypen en een relatie te leggen met recreatie. Hierbij kan onder meer gedacht worden aan het UNESCO Werelderfgoed (de NederGermaanse limes), de Bijland, de burcht van Zevenaar, landgoed Sevenaer, de Aa (en andere rivierdoorbraken), middeleeuwse versterkte torens, verdedigingslinies, redoutes (wachttorens) en kleine verdedigingswerken. Zevenaar stimuleert ontwikkelingsplannen die bijdragen aan het behoud, het herstel en de beleving van archeologisch en cultureel erfgoed. 5
3. O PGAVEN ZEVENAAR VANUIT VERLEDEN RICHTING 2040 2.1 Zevenaar - de historie als basis De gemeente Zevenaar heeft een aantrekkelijk en gevarieerd landschap dat door de eeuwen heen is gevormd door de invloed van de natuur, het water en de mens. De herinneringen aan de rijke geschiedenis, de kernkwaliteiten en de kenmerkende verschillen tussen de landschappen moeten bij ruimtelijke ontwikkelingen zo goed mogelijk behouden blijven en versterkt worden. Landschappelijke waarden vormen een waardevolle basis voor de omgevingsvisie. Cultuurhistorie is één van de pijlers waardoor het landschap is gevormd. Gemeente Zevenaar kent een divers cultuurhistorisch landschap waarbij bebouwing, structuren en landschap individueel en als ensemble een belangrijke kwaliteit vormen. Een zichtbare cultuurhistorie is belangrijk voor de identiteit van de gemeente en helpt het landschap te begrijpen en te ervaren. Gebeurtenissen uit bijvoorbeeld de Romeinse Tijd (Limes) en de Tachtigjarige Oorlog (Mauritslinie) en de eeuwenlange strijd tegen het water hebben een belangrijke rol gespeeld in de ontwikkeling van het landschap en vormen daarom een belangrijk onderdeel van de cultuurhistorie.
Andere voorbeelden zijn de ontwikkelingen van de landgoederen die grote invloed hebben gehad op het landschap, en de invloed van de uitleg van de historische binnenstad van Zevenaar op de totstandkoming van de huidige stad. De cultuurhistorische waarden zijn niet los te zien van hun omgeving en bieden kansen ter versterking van de ruimtelijke kwaliteiten. Nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen zijn mogelijk, zolang de aanwezige cultuurhistorische waarden worden behouden en/of versterkt. Oude, nog bestaande historische elementen en structuren zijn verbindende schakels tussen verschillende landschapstypen en dienen weer herkenbaar te worden gemaakt. Denk hierbij bijvoorbeeld aan (oude) dijken, geulen, (oude) wegen, weteringen als de Hengelder Leigraaf en de Angerlose wetering. Het zichtbaar maken en houden van deze (historische) structuren maakt de verschillende ontstaansverhalen van de landschapstypen zichtbaar en versterkt de identiteit van Zevenaar. Door behoud en versterking van de cultuurhistorische waarden bij nieuwe ontwikkelingen worden gebiedseigen plannen gecreëerd, met bijzondere en herkenbare plekken.
De identificatie met en de beleving van onze leefomgeving neemt erdoor toe waardoor een aantrekkelijk landschap wordt gecreëerd waarin het fijn wonen, werken en recreëren is.
Op basis van prognoses heeft Zevenaar in 2040 ruim 48.150 inwoners en 23.250 huishoudens ( nu 45.050 inwoners en 20.570 huishoudens).
2.2 Zevenaar nu De gemeente Zevenaar heeft binnen de regio een eigen lokale kleur met specifieke opgaven en te behouden kernkwaliteiten. De specifieke kernkwaliteiten vormen het vertrekpunt voor de aanpak van de opgaven voor de toekomst en de onderwerpen die daarbij voor Zevenaar van belang zijn. Zowel vanuit cultuurhistorisch perspectief als ter bevordering van het leefklimaat is het belangrijk om deze kernkwaliteiten te behouden en (indien mogelijk) te versterken.
Kernkwaliteiten: Zevenaar... • vormt het hart van de Liemers: een prachtig landschap dat verscholen ligt tussen de heuvels van de Veluwe en Montferland en de rivieren Rijn, IJssel, Oude IJssel en het Pannerdensch Kanaal; • is een landelijke gemeente met een hoge kwaliteit van wonen, werken, leven en recreëren; • heeft een bruisende stad en verschillende kleine kernen met een eigen identiteit en sterke sociale cohesie (gemeenschapszin); • is een groene leefomgeving ; • heeft een sterke gemeenschapszin; • is een evenementengemeente met een hoge recreatieve waarde; • zet in op maakindustrie, logistiek en vrijetijdseconomie binnen de gemeente die belangrijk zijn voor de werkgelegenheid en de leefbaarheid, maar die ook een zorgvuldige inpassing vergen; • heeft waardevolle cultuurhistorische en ecologisch waardevolle elementen in het gebied. (Bron: ‘Koersdocument Omgevingsvisie Zevenaar 2040’)
In de omgevingsvisie komen de verschillende opgaven samen in acht integrale hoofdambities. Met de ambities geven we aan waar we voor staan en waar we in de toekomst naar toe willen. Daarnaast plaatsen we onze ambities in regionaal perspectief.
Ambities: Zevenaar... 1. is een fijne woongemeente in een dynamische omgeving met een goed woningaanbod (voor jong en oud). 2. kent een onderwijsaanbod en werkgelegenheid passend bij de beroepsbevolking. 3. heeft mooie landschappen en natuur en beleefbare cultuurhistorie, waar het fijn recreëren is. 4. is een gezonde, veilige en schone leefomgeving. 5. is een klimaat neutrale gemeente. 6. heeft een voorzieningenniveau passend bij de regiofunctie. 7. zet in op een goede bereikbaarheid als noodzakelijke basisvoorwaarde voor de leefbaarheid en vitaliteit. 8. staat voor saamhorigheid in de kernen, ruimte voor ontmoeting en initiatieven.
2.3 Zevenaar in 2040 Richting 2040 staan we voor een aantal opgaven om de kernkwaliteiten van de gemeente te behouden dan wel te versterken. Daarom zetten we in op een brede, integrale omgevingsvisie met duidelijke ambities. 6
4. D E ACHT AMBITIES VAN ZEVENAAR De acht samenhangende ambities die we beschrijven in deze omgevingsvisie vragen om keuzes richting 2040. Waar en hoe krijgen deze opgaven een plek? We streven naar meervoudig ruimtegebruik en kijken hoe we kunnen voortbouwen op de huidige opzet van de gemeente, het centrum, de wijken, de dorpen en het buitengebied. Hieronder beschrijven de we de ruimtelijke hoofdkeuzes van Zevenaar per ambitie.
1
Een fijne woongemeente in een dynamische omgeving met een goed woningaanbod (voor jong en oud)
• Ruim 80% van de nieuwe woningen bouwen we in de stedelijke zone. • De dorpen ontwikkelen mee in de woningbouwopgave, passend bij schaal en omvang. We kiezen daarbij voor een mix van type woningen, passend bij de kenmerken van elk dorp/ elke kern. • Als we bouwen buiten de kernen, dan willen we dat de woningen goed worden ingepast in de omgeving (landschapsversterking). • We differentiëren naar doelgroepen en kijken naar passende woonmilieus per gebiedsopgave. • We willen dat 2/3 deel van de nieuw toe te voegen woningen betaalbaar is. 1/3 deel van de totaal toe te voegen woningen valt in de sociale huurcategorie waarbij wij wel de balans in onze woningvoorraad in het oog houden. Naast het uitbreiden van nieuwbouw, met name kleinere eenheden, richten we ons ook actief op mogelijkheden binnen de bestaande woningvoorraad. • We verdichten en vergroenen door ook de hoogte in te gaan in de stedelijke zone. • We willen adaptief kunnen blijven programmeren: aantallen en typologie laten meegroeien met de vraag/behoefte. • We zien kansen voor conceptueel circulair bouwen. • We willen meer betaalbare woningen en kleinere woningen. • We bevorderen passend aanbod voor senioren en doorstroming. • Inwoners met en zonder ondersteunings- of zorgvraag kunnen in iedere kern wonen en passende ondersteuning en zorg ontvangen.
• We stellen ons op als een faciliterende gemeente waarbij we
proactief schakelen, stimuleren, agenderen en verbinden om woonvormen te ontwikkelen die bijdragen aan het vergroten van het woningaanbod en/of passend wonen van inwoners. • Een goed wegennet en goede bereikbaarheid is randvoorwaardelijk.
2
Een onderwijsaanbod en werkgelegenheid passend bij de beroepsbevolking
• Bestaande en soms minder passende bedrijvigheid binnen de stedelijke zone willen we geleidelijk verplaatsen of vervangen door passende functies: transformatie naar woongebieden. - Zuidspoor is het meest voor de hand liggende voor een gefaseerde transformatie. - Mercurion: geleidelijke transformatie. - Tatelaar: inzetten op deels transformatie en deels revitalisering. • Nieuwe bedrijfslocaties sluiten aan op de structuur van de stad. Nieuwe (logistieke) bedrijfslocaties willen we plaatsen langs de A12. • We blijven inzetten op vrijetijdseconomie, (ondersteunende) logistiek, agrarische economie en maakindustrie. Daarbij is innovatie belangrijk. Ook zien we mogelijkheden voor het faciliteren van hightech bedrijven. • We willen starters en werkenden de mogelijkheid geven om een leven lang door te ontwikkelen. Daarmee zijn bedrijven én inwoners geholpen. • Nieuwe werkgelegenheid faciliteren we, waarbij we juist de combinatie werken en onderwijs willen versterken. We geven ruimte aan bijzondere samenwerkingsvormen zoals een technische campus (te denken valt aan voorbeelden als Fieldlab of Technoforum). • We willen toekomstbestendige werklocaties, zowel wat betreft klimaatadaptatie, de energietransitie en circulariteit. • Bereikbaarheid van de werklocaties blijft heel belangrijk, voor zowel fiets, auto en openbaar vervoer.
We willen als gemeente inzetten op het stimuleren van de fiets in de vorm van goede (lokale en regionale) fietsverbindingen voor woon-werkverkeer en goede verbindingen vanuit het station met de werklocaties, inclusief voldoende fietsvoorzieningen op het station en de werklocaties. • We willen dat er meer collectief wordt gekeken naar mogelijkheden om gezamenlijk bij het uitgeven van de
werklocaties verschillende opgaven op te lossen aan de voorkant. Een nieuwe kijk op de inrichting van werklocaties. • We staan geen nieuwvestiging van agrarische bedrijven toe. Bestaande agrariërs die een nieuwe locatie willen, kunnen gebruik maken van een bestaande leegstaande agrarische locatie, mits deze op een passende locatie ligt. • Voor huidige agrariërs die willen doorgaan, zetten we in op het faciliteren van mogelijkheden die in te passen zijn binnen de ambities voor het landschap, verduurzaming en kringlooplandbouw. • Voor bedrijven waar beëindigen van de agrarische activiteiten is voorzien, denken we mee in de mogelijkheden voor transformatie. • We stellen nieuw beleid op voor vrijkomende agrarische bebouwing. • We hebben als Zevenaar een sterke connectie met het omliggende water en watergebonden bedrijvigheid.
3
Mooie landschappen en natuur en beleefbarecultuurhistorie, waar het fijn recreëren is
• We willen de groenblauwe gebieden en structuren binnen en buiten de stedelijke zone versterken en deze nog meer met elkaar verbinden. Hiermee zijn de landschapswaarden overal in de stedelijke zone nabij en kunnen deze bijdragen aan een goed woon en leefklimaat, de energietransitie, klimaatadaptatie, biodiversiteit en gezondheid. • We gaan verdroging tegen door bufferzones aan te leggen waar we water vasthouden. • Streven is de 3-30-30o richtlijn om het gebied groener, gezonder en aangenamer te maken. Het streven is 3 bomen zichtbaar vanuit elk huis, 30 procent bladerdek in elke wijk en 300 meter tot de dichtstbijzijnde groene ruimte. • We geven uitvoering aan de bossenstrategie; meer bomen en bos in het landelijk gebied en in dorpen en steden. • De komende jaren wordt ingezet op het versterken van recreatie en toerisme met de focus op de beleving van water, natuur, cultuurhistorie en winkelen. • We zetten in op het beleven van de cultuurhistorie door drie verhaallijnen 1. Strijd tegen het water 2. Leven van het water 3. Romeinse Limes • Cultuurhistorie en erfgoed spelen een grote rol in de beleving, identiteit, herkenbaarheid en aantrekkelijkheid 7
van de stad. Zo speelt het een rol bij de ontwikkeling van onze identiteit en is het een inspiratiebron voor het maken van ruimtelijke plannen. • We behouden en versterken daar waar mogelijk de cultuurhistorische en landschappelijke waarden. Dit betekent dat we bepaalde gebieden ook vrijwaren van nieuwe ontwikkelingen. • Verblijfsrecreatie: We dagen ondernemers uit om een meer hoogwaardig aanbod te creëren. Een hotel (niet in gebruik voor opvang) nabij de A12 is wenselijk en er liggen kansen om de locatie Carvium Novum in te vullen als aantrekkelijk recreatief verblijfsgebied. We zien verder geen grootschalige mogelijkheden voor verblijfsaccommodaties binnen onze gemeente. Wel willen we de meer kleinschalige initiatieven, die aanvullend zijn op het bestaande aanbod. • We stimuleren biodiversiteit. • Kinderen kunnen zoveel mogelijk dichtbij huis naar de peuteropvang en naar school. • We willen een divers en kwalitatief cultureel aanbod dat de aantrekkingskracht van de gemeente Zevenaar versterkt.
4 Een gezonde, veilige en schone leefomgeving
• In en tegen de stedelijke zone willen we een groot ‘stadspark’ als tegenhanger voor de verstedelijking (hoogbouw in spoorzone). • We vergroenen de openbare ruimte en creëren een uitnodigend karakter. Zo willen we onze bewoners verleiden tot meer bewegen, gezond gedrag en veilige sociale interactie. Een openbare ruimte die uitnodigt tot bewegen, spelen, elkaar ontmoeten en het groen beleven. Dit draagt bij aan de gezondheid van onze inwoners en voorkomt sociaal isolement. • We zorgen voor een goede openbare veiligheid, een veilige omgeving met veilige gebouwen, voor zelf- en samen redzame inwoners, voor bescherming van kwetsbaren en voor effectieve hulpverlening. • We stimuleren een veilig leefklimaat door samenwerking tussen bewoners en organisaties. Het hebben en houden van een prettig en veilig leefklimaat is een taak van iedereen. • Bij besluiten over ruimtelijke ontwikkelingen zijn veiligheid en gezondheid (bescherming én bevordering) een integraal onderdeel van de belangenafweging.
• De bescherming tegen een schadelijke luchtkwaliteit is belangrijk voor de gezondheid en leefbaarheid van de stad. Daarnaast draagt de verbetering van de luchtkwaliteit bij aan herstel van de natuurwaarden. • Het voorkomen van wateroverlast bij hevige regenbuien door meer opvanggebieden voor regenwater aan te leggen
5 Een klimaatneutrale gemeente
• Voor windenergie (als onderdeel van de RES opgave) zien we mogelijkheden nabij bestaande locaties en langs de A12 (energiecorridor). • Tot 2030 zetten we in op zon en wind. Na 2030 bepalen we dit op grond van keuze voor energiebron en de laatste stand der techniek. • We geven zoekzones aan waar we mogelijkheden zien voor grootschalige opwek. We zetten in op zon op daken. Ook op windturbines, mits goed ingepast eventueel in combinatie met zon. • We hechten veel waarde aan klimaatadaptief bouwen. We willen voorbereid zijn op extreme neerslag, zeespiegelstijging, hitte en droogte. Dit doen we door nieuwbouw en bestaande bouw, en de omgeving hiervan klimaatadaptief in te richten en met beheer in stand te houden. • We willen een handelingsperspectief voor energiebesparing aan inwoners en bedrijven. • Doorontwikkeling van het warmtenet. Een belangrijk onderdeel van de energietransitie is de warmtetransitie, de verduurzaming van de warmtevraag van wijken, die per definitie een wijkgerichte aanpak vraagt. • We willen zo goed mogelijk invulling geven aan afspraken in het Klimaatakkoord. • Circulariteit bij gebiedsontwikkeling. De bouw in Nederland is voor de helft verantwoordelijk van het Nederlandse materiaalgebruik. De productie van bouwmaterialen draagt significant bij aan de uitstoot van onder meer CO2.
Daarom krijgt circulair bouwen steeds meer de aandacht vanuit de overheid en de bouwsector. Circulair bouwen houdt in dat bij de bouw, sloop en renovatie van gebouwen principes uit de circulaire economie worden. • Uitbreidingen van het elektriciteitsnet in beeld brengen en deze programmeren/afstemmen met andere ontwikkelingen.
6 Een voorzieningenniveau passend bij de regiofunctie
• In de stedelijke zone zien we ruimte voor forse groeiambitie in wonen en werken. • We zijn met onze woonopgave regiobreed georiënteerd. • We zetten met de kern Zevenaar in op regionale voorzieningen voor zorg, onderwijs en vrije tijd, op evenementen en de markt. • Winkels en andere veel gebruikte voorzieningen hebben of krijgen hun plek zoveel mogelijk in het centrum van de kern Zevenaar. • We gebruiken de omgeving van het station vooral voor wonen en voor voorzieningen waar veel mensen gebruik van maken, ook om de noodzaak van autobezit te beperken. • We kijken hoe we de functie van de stad voor de omgeving nog sterker kunnen maken.
7
Een goede bereikbaarheid als noodzakelijke basisvoorwaarde voor de leefbaarheid en vitaliteit
• We koersen op meer autoluw met minder parkeren in het straatbeeld door andere vervoersmiddelen te stimuleren en auto’s te verleiden andere routes te nemen. • Fietsers en voetgangers krijgen prioriteit en duurzaam openbaar vervoer wordt dé vervoerswijze waar dit kan. • Inzet op verbeteren van de spoorzone. Veiliger maken en beter aansluiten van het station. Ook willen we de bereikbaar vanuit de zuidzijde van de spoorlijn mogelijk maken met voorzieningen zoals shared mobility-faciliteiten en parkeren. We zetten daar in op een gebiedsaanpak waarbij de visie op verkeer en parkeren en de woon(zorg) visie (met daarin tevens de mogelijkheden voor meer gestapelde bouw) samenkomen. Hoogwaardig openbaar vervoer en fietsvoorzieningen zijn daarbij harde randvoorwaarden. • We willen meer maatwerk in ons parkeerbeleid. • We zullen moeten investeren in uitbreiding en verbetering 8
van het wegennetwerk om ruimtelijke ontwikkelingen mogelijk te maken. Het gaat daarbij om een mix aan maatregelen. • We willen vervoersarmoede zoveel mogelijk tegengaan. • We willen een hoofdstructuur parallel aan de A12. Insteek is adaptief te handelen bij lopende ontwikkelingen op basis van de visie en mogelijkheden open te houden binnen de ontwikkelingen. Verdere ontwikkeling van de stad maakt nut en noodzaak en daarmee haalbaarheid uiteindelijk groter. • Een mooie en functionele fiets- en loopbrug over de IJssel ter hoogte van de Marsweg. Deze brug zien we als waardevolle toevoeging voor het Rivierklimaatpark IJsselpoort maar ook voor de verbinding tussen de gemeenten Rheden en Zevenaar.
8
om een breed palet aan basisvoorzieningen. Per project hanteren we normgetallen voor voldoende voorzieningen, waarbij we altijd zoeken naar mogelijkheden voor multifunctioneel gebruik. We onderzoeken of we dit kunnen vastleggen in het omgevingsplan.
Saamhorigheid in de kernen, ruimte voor ontmoeting en initiatieven
• We realiseren gemengde woonwijken met een gevarieerd woningaanbod. • We willen het maatschappelijke voorzieningenniveau (winkels, horeca, werk, zorg, onderwijs, sport, cultuur en vrijetijds-besteding), waar mogelijk, op peil en bereikbaar hebben. Voorzieningen in de buurt zorgen voor een sterke sociale infrastructuur. Vooral detailhandel en horeca zijn belangrijk voor de leefbaarheid van de kernen. Deze voorzieningen willen we graag behouden per kern. • We realiseren groen en een uitnodigende buitenruimte op wijkniveau. We willen een mooie openbare ruimte die uitnodigt tot spelen, bewegen en ontmoeten. Een openbare ruimte die toegankelijk en inclusief is en gericht op alle leeftijden (ommetje, fietsrouting, fitness in de openbare ruimte, skating, etc.). • Een thuis voor iedereen door mensen mee te laten doen in de samenleving en passende huisvesting te bieden. Waarin omzien naar elkaar centraal staat. • We willen veerkrachtige dorpen en buurten met mensen die samen leven, elkaar ontmoeten en naar elkaar omkijken zodat iedereen mee kan doen. • Uitgangspunt is inzet op positieve gezondheid door sociale netwerken, beweging, ontmoeting, basisvoorzieningen (nabij of thuisgebracht) en een toegankelijke omgeving. • Voldoende ruimte bieden aan voorzieningen en daarbij streven naar multifunctioneel ruimtegebruik. Het gaat 9
5. DE VISIE IN BOUWSTENEN 5.1 Algemeen We werken in de omgevingsvisie met algemene bouwstenen en meer gebiedsgericht bouwstenen. In dit hoofdstuk gaan we nader in op de vier bouwstenen zoals deze ook in regionaal beleid worden gehanteerd, te weten: 1. Leefomgeving 2. Wonen 3. Economie 4. Mobiliteit Brede welvaart Aanvullend op deze bouwstenen gaan we in deze omgevingsvisie ook nader in op het begrip ‘brede welvaart’. Brede welvaart is een overkoepelend begrip en gaat over ‘de kwaliteit van leven in het hier en nu en de mate waarin deze ten koste gaat van die van latere generaties of van die van mensen elders in de wereld’ (definitie CBS). In de nationale politiek en op diverse plekken in de samenleving klinkt al langer een roep om een ruimere blik op welvaart dan het gebruikelijke perspectief van economische groei. Welvaart is meer dan het hebben van een inkomen en een dak boven ons hoofd. Door te bouwen aan brede welvaart zetten we in op het verbeteren van de levenskwaliteit, de leefomgeving, de welvaart én het welzijn van mensen. Het begrip brede welvaart gaat dus óók over gezondheid, leefbaarheid, onderwijs, sociale cohesie, persoonlijke ontplooiing en veiligheid. • We richten ons op positieve gezondheid, veiligheid en zoveel mogelijk eigen regie voeren. • De omgeving waar je woont, leefgewoonten en gezondheid hebben veel met elkaar te maken.
Een vitale wijk of dorp helpt inwoners om gezond te blijven. Zowel fysiek, mentaal als sociaal-emotioneel. • We willen de leefomgeving zo inrichten dat we sport, beweging en gezond gedrag stimuleren. Ons doel is om de gezondheid van onze inwoners zoveel mogelijk te verbeteren. • Met een goede veiligheid willen we de risico’s die mensen lopen in hun leefomgeving zoveel mogelijk beperken. Denk bijvoorbeeld aan de opslag, productie, gebruik en het vervoer van gevaarlijke stoffen, bodem, licht, lucht, stof, geur, geluid, trillingen en windhinder. Deze aspecten zijn van invloed op de gezondheid en het welbevinden van onze inwoners. De onderdelen vanuit de ‘brede welvaart’ komen aan bod in de verschillende bouwstenen van deze omgevingsvisie en dienen in samenhang met elkaar te worden gezien.
Regionale context: Groene Metropoolregio Arnhem-Nijmegen Zevenaar is gelegen binnen de Groene Metropoolregio Arnhem-Nijmegen. De afgelopen jaren is er vanuit de regio, in samenwerking met de provincie en het Rijk ruimtelijk beleid opgesteld: de Verstedelijkingsstrategie. Dit is ook door de gemeenteraad vastgesteld. Daarin staan de ambities, doelen en opgaven voor de fysieke leefomgeving voor de regio weergegeven. Deze stukken zijn, voor zover relevant, verwerkt in deze omgevingsvisie.
Kaart Regioarrangement 2023
Kaart verstedelijkingsstrategie 2022
In het Verstedelijkingsakkoord ‘Meer landschap meer stad’ zijn samen met de Regio Foodvalley, provincies Gelderland en Utrecht en drie waterschappen afspraken gemaakt met het Rijk om tot en met 2040 in beide regio’s de leefomgeving, economie en bereikbaarheid te versterken en 100.000 nieuwe woningen te bouwen (november 2022). https:// www.gmr.nl/media/vuzn0qs5/230112_onderzoeksagendagebiedsuitwerkingen_definitief_jan2023.pdf Provinciale context: regioarrangement Het Rijk wilde eind 2023 met alle provincies afspraken maken over hoe elke provincie de opgaven op het gebied van wonen, bereikbaarheid, energie, economie, landbouw en natuur goed ruimtelijk kan inpassen. De provincie Gelderland heeft besloten haar ruimtelijk voorstel vanuit haar zeven regio’s op te bouwen via regioarrangementen. Het regioarrangement Groene Metropoolregio beschrijft de ambities, doelen en opgaven voor de fysieke leefomgeving rondom de hoofdopgaven energie/economie, verstedelijking/wonen (incl. mobiliteit) en landelijk gebied. https://gelderland.stateninformatie.nl/document/13580662/1
Landelijke context: NOVEX Arnhem-Nijmegen-Foodvalley Naast de ruimtelijke regie per provincie wordt ook ingezet op een gebiedsgerichte regie in NOVEX-gebieden. Het gaat hier om gebiedsontwikkelingen waar nationale opgaven in het fysieke domein zodanig stapelen dat een gebiedsgerichte ordening en prioritering van verschillende nationale opgaven noodzakelijk is om te kunnen komen tot de gewenste herbestemming en/ of ingrijpende herinrichting. Dit met behoud of versterking van de ruimtelijke kwaliteit. De Groene Metropoolregio Arnhem-Nijmegen en Regio Foodvalley vormen samen het NOVEX-gebied ArnhemNijmegen-Foodvalley. In dit gebied werken 26 gemeenten, 3 waterschappen, 2 provincies en het Rijk samen aan de toekomst van dit gebied. Het is een gebied met stedelijk en landelijk gebied, met grote rivieren, de Veluwe en de Utrechtse Heuvelrug. In het gebied Arnhem-NijmegenFoodvalley komen een aantal grote nationale opgaven bij elkaar: een woningbouwopgave, een forse herstelopgave van natuur- en watersystemen en de noodzakelijke transitie van de landbouw. Deze opgaven concurreren in ruimte en hebben onderling effect op en afhankelijkheden van elkaar. Het is dus belangrijk om deze opgaven integraal te bekijken en aan te pakken. Het Rijk heeft daarom het gebied aangemerkt als één van de NOVEX-gebieden in Nederland.
In deze gebieden zullen Rijk en regio als partners gebieds- en opgavegericht nauw samenwerken. Met de verstedelijkingsstrategieën hebben de samenwerkende overheden in de afgelopen periode veel ervaring opgedaan met deze manier van werken. Het Rijk treedt op als actieve partner in de gebieden door capaciteit en middelen in te zetten om tot die strategieën te komen. Ook zal het Rijk 10
actief meedoen bij de uitwerking naar een gezamenlijk gedragen programmering en bestuurlijke afspraken: het NOVEX-Ontwikkelperspectief. https://www.gmr.nl/projecten/novex-arnhem-nijmegenfoodvalley/
5.2 Bouwsteen Leefomgeving De bouwsteen ‘leefomgeving’ is de meest diverse en meest omvattende bouwsteen. Binnen deze bouwsteen krijgen vrijwel alle onderwerpen die effect ondervinden van de fysieke inrichting of juist effect hebben op het functioneren ervan, een plaats. Om hier een logische structuur in te krijgen, hebben we gekozen voor de volgende indeling: • De uitnodigende leefomgeving • De gezonde leefomgeving • De sociale leefomgeving • De duurzame leefomgeving 5.2.1 Uitnodigende Leefomgeving Water/ droogte/ klimaatadaptatie Ruimtelijke ontwikkelingen kunnen van grote invloed zijn op de waterhuishouding in een gebied. Ze kunnen gevolgen hebben voor de waterkwantiteit, de waterkwaliteit en de waterveiligheid. Ook andersom zijn er gevolgen zoals verdroging, verzakkingen en drinkwatertekorten. Water is van oudsher een belangrijke factor geweest bij het in cultuur brengen van het Liemerse en dus Zevenaarse landschap, Dit landschap is gevormd en getekend door het omgaan met water dat ooit bekend stond om zijn ondoordringbare moerassen. Klimaatverandering maakt wateropgaven weer actueel. Het watersysteem van Zevenaar reageert sterk op de waterstanden van de rivieren Rijn en IJssel, waarbij hoge rivierstanden ervoor zorgen dat sloten sneller vol lopen en lage rivierstanden juist droogval veroorzaken.
In bijgevoegde kaart is de invloedssfeer van de grote rivieren op het watersysteem van de Liemers weergegeven bij lage waterstanden. Hieruit is op te maken dat ongeveer de helft van de Liemers invloed van de grote rivieren ondervindt op het watersysteem. Hoe donkerder de kleur, hoe groter het effect.
Belangrijkste conclusies vanuit het rapport Feitenbeeld de Liemers (juni 2023)
De opgave: grondwater weer op peil brengen en slim omgaan met het neerslagoverschot en de rivierinvloeden Jaarrond is er water genoeg, maar in (winter)periodes met veel regen voeren we dit water grotendeels af waardoor we dit in (zomer)periodes met meer droogte niet kunnen benutten. Als gevolg wordt er flink beslag gelegd op de grondwatervoorraden, waardoor de grondwaterstand steeds dieper weg zakt. Daarnaast moeten we ook slim omgaan met toenemende rivierinvloed en piekbuien om overlast te voorkomen. Om het watersysteem van de Liemers en dus gemeente Zevenaar weer in balans te krijgen zal er meer watervoorraad aan het systeem moeten worden toegevoegd. De meest kansrijke zoekrichting is het toevoegen van extra watervoorraad in het bodemprofiel: waterberging. Waar kan aan gedacht worden als het gaat om het vergroten van waterberging? • Waar mogelijk het strategisch verlagen van groenstroken; • Meer elementenverharding en vermindering van nodeloze verharding; • Uitvoering van revitaliseringsprojecten tot 2037 uitgaande van een klimaatrobuust ontwerp van het watersysteem en de waterketen (riolering) van de kernen; • Waterberging in landelijk gebied vergroten na (geohydrologisch onderzoek naar waterbalans).
Het watersysteem staat voor grote opgaven wat betreft watertekorten in droge periodes, wateroverschotten bij extreme neerslag, verzakkingen, dijkversterking, drinkwater, natuur en waterkwaliteit. Met de opgaven in het achterhoofd zullen er met de omliggende gemeenten, provincie en waterschap keuzes moeten worden gemaakt om de opgaven zoveel mogelijk integraal aan te pakken. Deze keuzes zullen de komende tijd in beeld worden gebracht. Als gemeente zetten we in op verschillende onderdelen om de gevolgen van klimaatverandering tegen te gaan en de biodiversiteit te verhogen: • Het voorkomen van wateroverlast bij hevige regenbuien
door meer opvanggebieden voor regenwater aan te leggen. Dit kan ook in bestaande crevassegeulen (oeverdoorbraakgeulen van rivieren) of waterplassen die zijn ontstaan na de doorbraak van dijken; • Het voorkomen van droogte door bijvoorbeeld regenwater op te vangen en naar het grondwater te laten zakken; • Het beperken van hittestress door: - meer schaduw door het aanplanten van bomen; - het stimuleren van groene daken; - meer groen en minder verharding en waar mogelijk toepassing van semi-verharding; • Het stimuleren van verticaal groen/geveltuinen; • Accepteren dat gewenste vergroening en efficiënt ruimtegebruik soms gepaard gaat met langere loopafstand naar de auto; • Het stimuleren van de biodiversiteit door bijv. ons maaibeleid aan te passen en in te zetten op rijkere beplantingsvormen. De inzet kan bijvoorbeeld bloemrijk grasland zijn in plaats van strak gemaaid gras. We stellen een biodiversiteitsplan op om vorm te geven aan de ambities die we hebben. Cultureel erfgoed Het cultureel erfgoed bestaat uit het cultuurlandschap met de gebouwde monumenten en de ondergrondse archeologische resten. Het cultuurlandschap wordt gevormd door dijken, watergangen, wegen, verkavelingen en dergelijke. Deze plekken dragen bij aan de identificatie met de straat, het dorp/ de stad, de streek en het land waarin wij wonen.
Deze identificatie met een plaats, en de gemeenschapszin daarvan, wordt onder andere versterkt door de folklore, schutterijen, muziekverenigingen, carnaval, kermissen en sagen. De gemeente hecht veel belang aan het behoud van haar monumentwaardige gebouwen, historische structuren en erfgoed. Voor het duiden van ons cultureel erfgoed hanteren wij de Handreiking begrippenkader cultureel erfgoed onder de Omgevingswet, uitgegeven door de Rijksdienst van Cultureel Erfgoed. Gemeenten kunnen door het eenduidig toepassen van de wettelijke begrippen voor cultureel erfgoed in omgevingsplannen het cultureel erfgoed beter beschermen. En ook optimaal gebruikmaken van enkele landelijke bepalingen voor het behoud ervan. https://www. cultureelerfgoed.nl/publicaties/publicaties/2020/01/01/ handreiking-begrippenkader-cultureel-erfgoed-onder-deomgevingswet. Cultureel erfgoed bestaat dus uit monumenten, archeologische monumenten, stads- en dorpsgezichten, cultuurlandschappen en ander cultureel erfgoed. Dat 11
andere cultureel erfgoed is roerend cultureel erfgoed zoals historische schepen in een historische haven, of immaterieel cultureel erfgoed dat aan een specifieke plek gebonden is, zoals het molenaarsambacht. Ook het werelderfgoed en de omgeving van een beschermd monument is een aandachtspunt.
zijn bij de maatschappij. Erfgoed en kunstbeoefening en -beleving zijn belangrijke middelen om doelstellingen vanuit het sociaal domein te realiseren. Het verdrag van Faro De centrale vraag in het verdrag van Faro luidt: voor wie en waarom hebben we erfgoed? Het zijn onze inwoners en bedrijven die betekenis geven aan ons erfgoed. Erfgoed is alles wat mensen willen doorgeven aan volgende generaties. Het is dus belangrijk dat iedereen die dat wil ook toegang heeft, kan meedoen en meebepalen. Het betreft zowel materieel als immaterieel erfgoed. Bijvoorbeeld publieksarcheologie, meewerken aan de carnavalsoptocht en andere lokale tradities als kermis, oogstfeesten, schutterijen en processies, maar ook het verzamelen van verhalen en historisch onderzoek doen naar lokale geschiedenis. Het is belangrijk dat jongeren actief betrokken worden. Er is een verschuiving gaande waarbij de focus verplaatst van experts die bepalen wat erfgoed is naar betrokkenheid vanuit de gemeenschap. Erfgoed laat ons nadenken over wie we zijn als samenleving, over wat ons bindt aan elkaar en aan de plek waar we leven. Over hoe we daar gezamenlijk vorm aan kunnen geven: overheid, inwoners en alles wat daartussen zit. Erfgoed kan zo een belangrijke rol spelen in een nieuwe relatie tussen onze inwoners en overheid of instellingen.
Bron: De vijf elementen van cultureel erfgoed als onderdeel van de leefomgeving, opgenomen in het begrippenkader.
Bij nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen worden alle cultuurhistorische karakteristieken (monument, landschap en archeologie) meegewogen. Hierdoor is ook het nieuwe herkenbaar als typisch van deze streek, regio of plek. Met de toegenomen diversiteit, neemt ook de kwaliteit in onze leefomgeving toe. De onderstaande cultuurhistorische waardenkaarten en de ‘Kwaliteitsgids Landschap’ zijn hierbij belangrijke richtinggevende documenten.
Uit de participatie bij de omgevingsvisie kwam naar voren dat inwoners monumentale panden en landgoederen en de strijd met en tegen het water het belangrijkst vinden als het gaat om beleving van het landschap, cultuurhistorie en/of erfgoed.
Wij hechten veel belang aan het behoud van ons cultureel erfgoed, materieel en immaterieel. Ons cultureel erfgoed vertelt ons wie wij zijn, waar wij vandaan komen en waar we naar toe willen gaan. Het heeft een intrinsieke waarde. Het is boeiend, is mooi en geeft plezier. Ook heeft het een economische waarde, die een gevolg is van haar bijdrage aan de kwaliteit van onze leefomgeving en haar aantrekkelijkheid voor toerisme en recreatie. De afgelopen jaren is er een belangrijke verschuiving te zien naar het besef van de sociale waarde van cultureel erfgoed. Cultureel erfgoed brengt mensen samen, omdat activiteiten samen bezocht of georganiseerd worden. Cultuur en erfgoed dragen bij aan persoonlijke ontwikkeling en mentale gezondheid. Bij culturele en erfgoedinstellingen en -verenigingen zijn vele vrijwilligers actief, die zingeving en plezier halen uit hun werk. Het is een goede manier om anderen te ontmoeten, actief te blijven en betrokken te
Als het gaat om cultureel erfgoed staat Zevenaar voor: a) het beschermen, behouden en versterken van de monumenten. b) h et beschermen, behouden en versterken van het cultuurhistorisch landschap. c) monumenten die als onderdeel van hun omgeving, door hun omgeving beschermd worden tegen ontsiering en beschadiging. d) het behouden en uitdragen van de uitzonderlijke universele waarde van ons werelderfgoed Herwen – De Bijland binnen de Neder-Germaanse Limes. e) te ontwikkelen plannen dragen bij aan behoud, herstel en beleving van ons cultureel erfgoed. f) publieksparticipatie. g) erfgoededucatie. h) cultureel erfgoed enerzijds en recreatie en toerisme anderzijds profiteren van en versterken elkaar. 12
Landschap We willen in Zevenaar aantrekkelijke, gevarieerde en herkenbare landschappen. De verschillende karakteristieken van het landschap dragen in belangrijke mate bij aan de identiteit van Zevenaar. Denk hierbij aan het landgoederen landschap rond Bingerden, het open kommengebied in Het Broek, de oeverwallen met de kernen en verspreide bebouwing en de uiterwaarden langs de rivier. De gebieden bieden bewoners een aantrekkelijk uitloopgebied, waarin ruimte is voor mens en natuur en waarbij we kwetsbare natuurgebieden ontzien. Door het natuurlijk systeem te versterken, kunnen we de negatieve effecten van klimaatverandering minimaliseren en de biodiversiteit versterken. Ook de groene openbare ruimte in stedelijk gebied heeft waarde voor natuur, kwalitatieve uitstraling en verkoeling. Met de steeds verdere verstedelijking staat de groene ruimte echter nog steeds onder druk. Naast alle plannen in deze omgevingsvisie voor verdere bouw, willen we werken aan de groene ruimte. Deze twee ontwikkelingen zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden en zouden zodoende in de fase van planvorming samen opgepakt moeten worden. Hierbij aansluitend bij het motto uit de verstedelijkingsstrategie van de regio: “Meer stad, meer landschap”.
Natuur Langs de randen van de gemeente Zevenaar vormen de uiterwaarden van de Rijn en IJssel en de Rijnstrangen een groot samenhangend, grensoverschrijdend en bijzonder natuurgebied. Deze natuurgebieden zijn onderdeel van het Gelders Natuurnetwerk (GNN) en overlappen grotendeels met het Natura2000-gebied Rijntakken. De Gelderse Poort in het zuiden en de IJsselpoort in het noorden maken hier deel van uit. Gebieden van het GNN in het noorden van Zevenaar zijn onderdeel van de Groene ontwikkelingszone (GO)/ecologische verbinding tussen de natuurgebieden op de Veluwezoom en Montferland. Het GNN heeft een belangrijke functie voor de verspreiding en instandhouding van dieren en planten.
GNN en GO wordt op onderstaande afbeelding nader weergegeven.
Natuur is overal om ons heen en in velerlei opzichten waardevol. Behalve de ecologische waarde omdat er sprake is van een leefgebied waar planten en dieren leven, vormt het ook een economische en sociale waarde. Een natuurlijke omgeving is nog steeds de basis voor onze voedselproductie. Dit draagt bij aan het verminderen van hittestress en is positief voor onze gezondheid. Natuur, water en klimaatadaptatie hangen nauw met elkaar samen voor het creëren van een leefbare omgeving en een robuust landschap. Voor klimaatadaptatie is een veerkrachtig landschap van belang. Dit betekent een goede biodiversiteit en goede ecologische dwarsverbindingen bij gradiënten, watergangen/weteringen en over de rivier tussen bosrijke en natuurkerngebieden. Hier liggen kansen om natuur, rivier en landbouw met elkaar te verweven. Per landschapszone kan worden gekeken naar de karakteristieke landschapselementen voor het creëren van groenelementen die tegelijkertijd het bestaande landschap, de waterhuishouding, natuur en biodiversiteit versterken. Groen We vinden het belangrijk dat er voldoende groen is in en rond onze kernen en dat onze waardevolle groenstructuren beschermd zijn. We zorgen hiermee voor een goede balans tussen groen en steen. Zo vermindert groen de kans op wateroverlast, biedt groen verkoeling tijdens warme dagen en draagt groen bij aan een betere gezondheid en hoger welzijn.
Het bepaalt mede hoe we onze leefomgeving waarderen. Daarnaast levert groen een belangrijke bijdrage aan de biodiversiteit en legt het CO2 vast. Stedelijk groen In het stedelijke gebied van de kern Zevenaar bepalen met name enkele waardevolle groengebieden door hun kwaliteit
en omvang de huidige groenstructuur, zijnde: • Landgoed Sevenaer • Freulebos • Stationsplein • Gimbornhof • Oude Wal • Begraafplaats Arnhemseweg • Begraafplaats met park Rosorum • Omgeving sportpark Hengelder Daarnaast zijn de groene wegprofielen van de grotere wegen en singels sterk bepalend in de groenbeleving. Hier is veelal ruimte voor hele grote bomen die in hoge mate bijdragen aan de structuur van de stad. Bij nieuwe ontwikkelingen en herontwikkelingen liggen er kansen om deze structuur van bomen te versterken. Dit belang is veel groter dan alleen de visuele beleving. Bomen dragen namelijk bij aan de leefbaarheid en de inzet is erop gericht het raamwerk van de groenstructuur in het stedelijk gebied uit te breiden en ook aan te laten sluiten op de groenblauwe structuren buiten de stad. De meer kleinere groenvoorzieningen op wijkniveau zorgen voor een extra groenbeleving, waarbij gevarieerd groen is afgestemd op de omgeving. Structuurbepalend groen draagt in hoge mate bij aan de functies van het (openbaar) groen. Uitgangspunt vormt de 3-30-30o richtlijn. De richtlijn is bedoeld om het stedelijk gebied groener, gezonder en aangenamer te maken. Het houdt in dat we streven naar 3 bomen zichtbaar vanuit elk huis, 30 procent bladerdek in elke wijk en 300 meter tot de dichtstbijzijnde groene ruimte.
Landelijk gebied In het landelijke gebied zijn het vooral de natuurgebieden, bossen en uiterwaarden die onze groene omgeving bepalen. In het agrarisch gebied wordt de groene omgeving vooral gevormd door bomenrijen, bermen en houtopstanden/ houtwallen. Deze vormen belangrijke ecologische verbindingen in het agrarisch gebied en zijn beeldbepalend. Ontgronden Onder ontgronden valt het afgraven en daardoor verlagen van de bodem. Dit geldt voor land (het maaiveld) en de waterbodem. Hierbij wordt een grondlaag zoals klei, veen, zand of grind weggehaald. Vaak wordt dit gedaan voor zandwinning. We willen dat elke ontgronding, met of zonder winning van bouwgrondstoffen, moet bijdragen aan het realiseren van een maatschappelijk gewenste functie of aan het verbeteren van het functioneren van een maatschappelijk gewenste functie. Daarbij moet het eindbeeld bijdragen aan een landschappelijke versterking, besef van cultuurhistorische waarden en uiteindelijk logisch aansluiten 13
op het omliggend landschap. Het enkel achterlaten van waterplassen onder de noemer ‘nieuwe natuur’ is onvoldoende. Het is de verantwoordelijkheid van de initiatiefnemer(s) om te zorgen voor zoveel mogelijk draagvlak in de omgeving. Nut en noodzaak van winning moet worden aangetoond in het licht van de gewenste transformatie. Wij wegen de betrokken belangen bij besluitvorming over ontgrondingen zorgvuldig af. De winning van bouwgrondstoffen moet plaatsvinden als onderdeel van een project met een meervoudige doelstelling, een zo groot mogelijk maatschappelijke meerwaarde én voldoende draagvlak. Ontgronden kan zowel binnendijkse (aan de landzijde van de rivier) als buitendijkse (aan de rivierzijde van de dijk). Binnendijkse locaties voor ontgronding zorgen in de regel voor meer overlast dan buitendijkse locaties. Wij gaan dus terughoudend om met de winning van bouwgrondstoffen, met name binnendijks. Groenblauwe raamwerk Zoals opgenomen in het NOVEX Ontwikkelperspectief, bestaat de ambitie om 3.000 hectare recreatief uitloopgebied te realiseren in de regio: multifunctionele plekken waar huidige en toekomstige inwoners kunnen genieten en bewegen in het groen. We geven als gemeente uitvoering aan een deel van deze opgave binnen het “Groenblauwe raamwerk”.
Het groenblauwe raamwerk is het geheel van paren, bossen, natuurterreinen, watergangen, dijken, polders en andere ‘groene’ en ‘blauwe’ gebieden. Voor Zevenaar betekent dit dat we de groenblauwe gebieden en structuren binnen en buiten de stedelijke zone willen versterken en deze nog meer met elkaar willen verbinden, zodat landschapswaarden overal in de stedelijke zone nabij zijn. Hierbij wordt ingestoken op het creëren en versterken van recreatieve en ecologische verbindingen. Daarbij gaan we op zoek naar slimme combinaties van functies om de ruimtevraag te verminderen. In de Liemers zien we vanuit het groenblauwe raamwerk kansen voor Het Broek, de groene gebieden tussen de dorpen (waaronder de landgoederenzone) en de verbinding met het rivierengebied bij de Rijnstrangen en de IJssel (zie ook de Gelderse Poort). In deze focusgebieden liggen verschillende opgaven voor een robuust water- en bodemsysteem (inclusief aanpak droogte) en het inpassen van meervoudige ruimteclaims, waaronder toekomstbestendige en natuurinclusieve landbouw en recreatief uitloopgebied. We zetten in Zevenaar en Liemers ook in op een bossenstrategie (al dan niet in de vorm van een voedselbos). Momenteel loopt er al een programma tot en met 2026 om in een
periode van 4 jaar 1.600 extra bomen aan te planten in Zevenaar. De bossenstrategie gaat echter verder. Het draagt bij aan de reductie van CO2 en zorgt ervoor dat er robuuste recreatieve uitloopgebieden komen die er voor zorgen dat het aantrekkelijk wonen, werken en verblijven is in Zevenaar. Kansrijke gebieden hiervoor liggen tussen de kernen van Westervoort, Duiven en Zevenaar. Ook de zone ten zuiden van de noordelijke kernen die als landgoederenzone is opgenomen op de visiekaart, kan hierin een rol spelen. We willen als Zevenaar en regio aantrekkelijk zijn voor toeristen en eigen inwoners, met toegankelijke recreatieve en toeristische voorzieningen die passen bij de groeiende vraag naar recreatief uitloopgebied. Dit ook door de forse woningbouwopgave in de regio. We gaan met het groenblauwe raamwerk nog verder onderzoeken wat we precies verstaan onder recreatief uitloopgebied en hoe en waar we deze ambitie een plek geven. Door middel van uitbreiding van de padenstructuur en toeristische overstappunten kan het stedelijk uitloopgebied beter bereikbaar worden vanuit de woonomgeving. Op veel plekken in de regio is er ruimte voor (extra) recreatie, maar er zijn ook plekken waar de natuur verstoord en beschadigd wordt door de recreatiedruk.
Door het groenblauwe raamwerk te ontwikkelen en te koppelen aan een goed recreatief routenetwerk en projecten voor recreatie(spreiding), zorgen we voor een betere verdeling van de bezoekers over de regio. We zien mogelijkheden om samen met buurgemeenten op te trekken, bijvoorbeeld met de aanleg van de brug over de IJssel om de omgeving van Rhederlaag en Het Broek te koppelen met Rheden en de Veluwezoom. Ambities uitnodigende leefomgeving Water/ droogte/ klimaatadaptatie: • Water, waterkeringen, door het water gevormde landschapselementen en waardevolle gebiedsbepalende elementen dragen in hoge mate bij aan de identiteit van het landschap en zijn dus belangrijk. • De beleving van het bijzondere waterrijke landschap is onderdeel van infrastructurele opgaven en uitbreiding van de padenstructuur. • We willen dat de openbare ruimte bestand is tegen de gevolgen van klimaatverandering zoals hitte, droogte en wateroverlast.
• Ook in het buitengebied zijn er gevolgen vanuit klimaatverandering maar hier liggen ook kansen om bij te dragen in de oplossing van hieruit voortvloeiende problemen. • We passen onze omgeving aan op de gevolgen van klimaatverandering door meer groen en (infiltratie van) water mogelijk te maken. Dit is niet alleen goed voor onze gezondheid en welzijn, maar ook voor de ruimtelijke kwaliteit en natuur. Cultuurhistorie: • De cultuurhistorische waarden dienen als inspiratiebron voor behoud en versterking van de ruimtelijke kwaliteit. • Onze inwoners vinden monumentale panden en landgoederen en de strijd met en tegen het water het meest belangrijkst als het gaat om de beleving van landschap, cultuurhistorie en/of erfgoed. De aanwezigheid van deze waarden is bij planontwikkeling een essentieel aandachtspunt. • We geven invulling aan de sociale waarde van cultureel erfgoed (vanuit het Verdrag van Faro), met vooral inzet op jongeren. Landschap: • We zetten in op versterking van de landschapsstructuren in combinatie met de landbouwtransitie en het creëren van een grotere beleefbaarheid van het landschap voor de inwoner, de recreant en toerist. • We zien in het buitengebied kansen voor het creëren van uitloopgebieden in relatie tot het stedelijk gebied. •De kwaliteit van het landschap is de basis voor toekomstige ontwikkelingen in Zevenaar.
Het is de bedoeling dat nieuwe ontwikkelingen de kwaliteit en identiteit van het Zevenaarse landschap versterken. Natuur: • We zien kansen voor een bossenstrategie. De bossenstrategie draagt onder andere bij aan klimaatdoelen als CO2-reductie, voorkomen van hittestress, versterken van biodiversiteit en draagt bij aan een uitbreiding van recreatieve uitlooploopgebieden dicht bij het stedelijk gebied. • Het openbaar groen stimuleert de biodiversiteit, zowel flora als fauna. We willen de biodiversiteit vergroten en het bestaande behouden. • We kunnen de natuur niet meer naar onze hand te zetten, maar de natuur wel zoveel mogelijk laten aansluiten bij het natuurlijke water- en bodemsysteem. 14
Om deze omslag te maken, zijn er ingrijpende keuzes nodig in de ruimtelijke inrichting van ons land. Rijksbeleid Water en Bodem Sturend (WBS) ziet op zeven uitgangspunten/ principes die zijn vertaald naar 33 keuzes en 55 bijbehorende maatregelen. Deze passen we zo goed mogelijk toe.
• We zetten ook in op voldoende hondenvoorziening (speel- en/of losloopplekken) op een gewenste afstand tot woningen. • Versterken van de ommetjes, waar dit mogelijk is. Ommetjes voor een kleine wandeling met of zonder de hond worden als zeer waardevol gezien door onze inwoners. • De openbare ruimte nodigt waar mogelijk uit tot zelfbeheer. • Het groen sluit aan op bestaande en vastgestelde structuren en op de omgeving met de structuren van het omliggende landschap. Ontgronden: • Wij wegen de betrokken belangen zorgvuldig af. Terughoudendheid is gepast. De winning van bouwgrondstoffen moet plaatsvinden als onderdeel van een project met een meervoudige doelstelling, een zo groot mogelijk maatschappelijke meerwaarde én voldoende draagvlak. Groenblauwe raamwerk: • We geven als Zevenaar uitvoering aan het ontwikkelen van een robuust “Groenblauw raamwerk” waar veel van bovengenoemde ambities kunnen samenkomen en elkaar versterken.