Agendabundel
Tekst van het document
structuurvisie vallen.) maar we mogen er als inwoners vanuit gaan dat u allen de geldende wetten, regelingen en gemaakte afspraken zelf heel goed kent, Dus hoe kan het dan dat het college positief is over de voorliggende conceptplannen en haar medewerking hieraan wil verlenen? Want alleen al de Structuurvisie 2030 Gemeente Zevenaar spreekt overduidelijk over het zoveel mogelijk realiseren van 34-Structuurvisie Gemeente Zevenaar 2030). Maar appartementen bij transportknooppunten ook begrippen als “'Verbinden", “Diversiteit” en "Kwaliteit" worden in diezelfde Structuurvisie als “onlosmakelijk onderdeel van de identiteit van Zevenaar” gezien! Oftewel, het gaat om veel meer dan alleen fysiek ruimtelijk verbinden. Juist het verbinden op sociaal maatschappelijk vlak en diversiteit in leefmilieus en klein stedelijkheid rondom het centrum van Zevenaar zijn speerpunten van de door de gemeente Zevenaar opgestelde visie voor de toekomst! Bij elke ruimtelijke ontwikkeling is het uitgangspunt om oog te hebben voor duurzaamheid belevingswaarde, voorveiligheid, gezondheid en bereikbaarheid. uitvoeren. En vraagt om flexibiliteit in denken, plannen, organiseren waarbij geen rekening is De woontoren in haar huidige concept heeft een eenzijdige functie, gehouden met bovenstaande punten.
ln hoeverre is de bouw van deze woontoren duurzaam, wat is het effect van wind- en toekomstige energieneutrale schaduwvorming waarbij de energievoorziening van huidige huishoudens in het gedrang komt, hoe zit het met de inpasbaarheid in de omgeving, is er gekeken de huidige bebouwing? naar de korrelgrootte en omvang
Samengevat: is er wel goed nagedacht over de kwaliteit in de breedste zin van het woord? Of zoals beschreven op pagina 39 van de reeds genoemde Structuurvisie: “Kwaliteit wil zeggen dat er sprake is van een goede, duurzame ruimtelijke ontwikkeling met weloverwogen integrale keuzes".
En om hier even verder op voort te borduren: u De geplande woontoren ligt weliswaar binnen de kern van Zevenaar', maar niet rondom een transportkncogpunt. e De geplande woontoren is niet onderscheidend in innovatie, duurzaamheidsniveau en al “gat in de markt” helemaal geen o De geplande woontoren zal zeker geen Woonruimte bieden aan starters. ionde gezinnen en (alleenstaande) senioren. De geplande woontoren levert zeker geen betaalbare Woningen op. De ontwikkelaar heeft immer vermogende tweeverdieners als doelgroep voor ogen. Geen brede doelgroep dus. Ten/vijl dit allemaal zaken zijn waar de gemeente zelf van zegt (structuurvisie Gemeente Zevenaar 2030, pag 42/43/53/65/89/90) zeer veel belang aan te hechten. De woontoren in haar huidige opzet voldoet momenteel niet aan de eigen visie van de gemeente.
Mobiliteit- infrastructuur De gemeente Zevenaar geeft aan veel belang te hechten aan een verkeersveilige en leefbare woonomgeving. Duurzaamheid is hiervan een onlosmakelijk onderdeel geworden. (Structuurvisie Gemeente Zevenaar, pag 99/100). Het streven is om minder auto-verkeersbewegingen te creëren, een hoger tietsgebruik en om meer gebruik te maken van het openbaar vervoer. Publiek aantrekkelijke ontwikkelingen moeten dus juist gesitueerd worden nabij openbaar vervoer(externe)en fiets(intern)-kncoppunten. Op deze manier wordt de toename van de automobiliteit afgevlakt. En meer kunnen en passant het aantal parkeerplaatsen ook drastisch verminderd worden en komt er ruimte voor bijv. groenvoorzieningen. Veiligheid
En dan is er ook nog het heikele punt van de rotonde op de Noordeinde... de aanleg van deze rotonde is een belofte van de gemeente Zevenaar aan haar inwoners! Het zou niet een welles/nietes gemarchandeerd worden. spel, hiermee mag spelletje moeten zijn. Want veiligheid is een of aanrijding bijna aanrijding! Dit roept ook de vraag op Wekelijks zie ik vanuit mijn keukenraam waarom erin de tussenliggende jaren nooit veilige zebra-paden zijn aangelegd om de twee cruciale oversteekpunten vanuit onze wijk. (Ik ven/vijs wederom naar de Structuurvisie Gemeente Zevenaar pag. 99/100/108) Veiligheid mag nooit en te nimmer verkwanseld worden uit financiële overwegingen. Het zal toch niet zo zijn dat de geplande rotonde nu als "wisselgeld" wordt ingezet tijdens de onderhandelingen met de projectonhNikkelaar'? Wij voelen ons absoluut niet serieus genomen en hebben heel veel vragen aangaande het ,proces en de spreektijd graag naar het digitale document van deze de inhoud. ik verwijs u hiervoor inspraak. Wat heeft de gemeente concreet het afgelopen jaar ondernomen om de bouw van een 34 meter hoge woontoren te verhinderen nu zij heeft aangegeven deze zelf ook niet meer te willen? Wat heeft de gemeente concreet ondernomen om een invulling aan de bebouwing, anders dan de huidige concept-woontoren, van Blok D te geven? We denken dan aan een andere typologie (bijv.
grondgebonden woningen, gestapelde woningen, enz) Welke obstakels is zij in haar ogen tegengekomen waardoor de bouw van de woontoren niet verhinderd kan worden? We willen graag bewegende beelden van schaduw- en windberekeningen zien gedurende een heel jaar van het oorspronkelijke plan en de nieuwe opzet.
Wanneer gaat de gemeente actief (dus niet alleen als wij er om vragen) participeren met alle betrokkenen? In hoeverre is er gesproken over 'leefbaarheid' Oftewel: het TOTALE welbevinden van de omwonenden? Hoe heeft de gemeente de (verkeers)veiligheid in het vizier? ls er bijvoorbeeld een berekening over de te verwachten extra verkeersbewegingen? Waarom is er geen sprake meer van de bouw van de geplande rotonde? Hoe zit het met de fysieke leefomgeving, zoals bijvoorbeeld het geplande hoge aantal parkeerplaatsen van 1,64 parkeerplaats per woning? Welke CROW-norm hanteert de gemeente Zevenaar? 10. Hoe zit het met de bouw van welk complex dan ook op de grond qua waterhuishouding, grondwaterstand, aanleggen van fundering, voorkomen van verzakkingen, voorkomen van schade aan huidige omliggende bebouwing, enz. enz. En uiteraard leven er nog veel meer vragen en onduidelijkheden onder alle betrokkenen waar we zeker op een later moment nog op terug willen komen.
Communicatie gaat niet alléén over het proces en de inhoud, maar zeker ook over de emotie! Achter de voordeuren van de ruim 190 adressen, Wonen gezinnen met kinderen, alleenstaande ouderen, Mensen die jonge stellen, levensgenieters, hardwerkende (thuis)werkers, ernstig zieken, enz straks beroofd worden van hun daglicht en zonlicht door de bouw van een woontoren met een hoogte van maar liefst 34 meterllll Een woontoren waarvan de gemeente Zevenaar zelf ook steeds heeft aangegeven deze niet meer te ambiëren. Het wordt de allerhoogste tijd dat de gemeente Zevenaar alle beschikbare wetgeving gaat bestuderen om de bouw in de huidige vorm te verhinderen en indien nodig op zoek gaat naar de benodigde mazen in de wet. Ja, dat kost tijd en dus geld. Maar ruim 10 jaar na dato in een volledig veranderde samenleving botweg zeggen u wist als omwonenden waar u aan begon", nee, die vlieger gaat niet meer op!
Afsluitend: Ons betoog begon met de openingszin van de Structuurvisie 2030, het integrale komgas voor toekomstig beleid van de gemeente Zevenaar. Laten we in gezamenlijkheid zorgen op koers te blijven zodat we de juiste richting niet uit het oog te verliezen. En ook in de toekomst kunnen blijven zeggen “Zevenaar is een gemeente waar het goed wonen en werken ist”
Hoogachtend, namens de werkgroep Project Noordeinde Chantal Spoelstra
QÉLMEENTE
ONTVANGSTBEWUS Vandaag, ontvangen van
een schrijven van
gericht Vaan f
over hetonderwerp
Mmšwwmiš:
nm ašgm AM Zwmmw Pmmtšnm
w
1 6. 210608 VNG Ledenbrief 21-048 Arbitrage jeugd en afspraken rijk-VNG.pdf
Aan de leden
Datum
8 juni 2021 Kenmerk
COS/U202100506 Lbr. 21/048 Telefoonnummer
070 373 8393 Bijlage(n)
-
Onderwerp
Arbitrage jeugd en afspraken rijk–VNG
Geachte leden van college en gemeenteraad, Op 2 juni jl. hebben de VNG en het rijk in een bestuurlijk overleg gesproken over de uitspraak van de Commissie van Wijzen inzake het jeugddossier. Op basis van de afspraken in dit overleg stelt het rijk voor 2022 € 1,314 miljard extra ter beschikking aan gemeenten ter compensatie voor de tekorten op het gebied van jeugdhulp. Hiermee volgt het kabinet de uitspraak van de Commissie. In het overleg is ook vastgesteld dat het nieuwe kabinet een besluit dient te nemen over de structurele financiële bekostiging van gemeenten vanaf 2023 op dit dossier en dat rijk en VNG zich committeren aan een Hervormingsagenda Jeugd. Deze agenda dient voor 1 januari 2022 te worden opgesteld. In deze brief lichten we de afspraken nader toe. Wat vooraf ging Het onderzoek ‘Stelsel in Groei’, uitgevoerd door AEF, heeft aangetoond dat gemeenten € 1,7 miljard tekort komen in de uitvoering van de taken op basis van de Jeugdwet. In december 2020 hebben het rijk en de VNG de uitkomsten van dit onderzoek geaccepteerd. Daarbij is afgesproken dat in februari nader zou worden gesproken over een oplossing voor de acute financiële problemen van gemeenten en dat het kabinet en de VNG dit onderzoek gezamenlijk zouden wegen om een antwoord te geven op de vraag hoe de omvang van het tekort via een combinatie van middelen en maatregelen het hoofd kan worden geboden.
Deze gezamenlijke bestuurlijke weging zou een zwaarwegende inbreng ten behoeve van een nieuw kabinet zijn. Op dat moment is onder opdrachtgeverschap van de VNG en het rijk een stuurgroep gestart om extra maatregelen in kaart te brengen. Deze stuurgroep, onder leiding van Marjanne Sint, heeft in april 2021 haar rapport opgeleverd. Omdat het kabinet medio maart nog steeds geen uitspraak deed over het structureel benodigde budget en het kabinet de gemeenten op de korte termijn geen zicht bood op een oplossing voor de grote tekorten van gemeenten, riep de VNG de arbitrage in. Uiteindelijk heeft het
Vereniging van Nederlandse Gemeenten Nassaulaan 12 Den Haag | Postbus 30435 | 2500 GK Den Haag 070 - 373 83 93 | info@vng.nl
U202100506
PROD
kabinet eind april € 613 miljoen vrijgemaakt voor 2021 vanwege de acute problemen in de jeugdzorg. Uitspraak Commissie van Wijzen De VNG heeft de Commissie van Wijzen gevraagd om op 5 punten een uitspraak te doen: 1. Het rijk gehouden is om gemeenten vanaf 2022 een structureel vergoedingenniveau voor de jeugdhulp toe te kennen dat uitgaat van de uitkomsten van het onderzoek van AEF en het daarin vastgestelde tekort ad € 1,6 -1,8 miljard, te vermeerderen met een vergoeding voor toekomstige volumegroei en adequate indexatie. 2. Op het sub 1 bedoelde bedrag uitsluitend een aftrek mag plaats hebben voor besparingen die zich laten realiseren op basis van financieel vooraf gedegen gevalideerde maatregelen, rekening houdend met de uitvoerbaarheid en de benodigde implementatietijd. 3. Het rijk tevens is gehouden om gemeenten afdoende te compenseren voor de geleden en nog te lijden tekorten op de jeugdhulp totdat er duidelijkheid bestaat omtrent het structureel benodigde vergoedingenniveau. 4. Het rijk en de VNG (namens de gemeenten) gezamenlijk verantwoordelijk zijn voor de inrichting en uitvoering van een Ontwikkelagenda 2022-2027 die ertoe strekt dat de oorspronkelijke bedoeling van de decentralisatie ten volle wordt waargemaakt en de beheersbaarheid en effectiviteit van het stelsel worden verbeterd en er een zwaarwegend belang is daarmee zo snel mogelijk aan de slag te gaan. 5.
De VNG in positie wordt gebracht om de sub 4 bedoelde verantwoordelijkheid ten volle te kunnen waarmaken. In haar uitspraak is de Commissie van Wijzen de VNG op bijna alle knelpunten tegemoetgekomen. In 14 onderdelen doet de Commissie uitspraak, waarin zij stelt dat het rijk gemeenten dient te compenseren voor het feitelijke tekort met inachtneming van het accres. =De Commissie baseert dit op het gegeven dat bij de uitvoering van de Jeugdwet door gemeenten sprake is van medebewind, waarvan het Rijk ingevolge artikel 108 lid 3 Gemeentewet de kosten heeft te vergoeden. Hier kan alleen van worden afgeweken indien de gemeentelijke activiteiten niet rechtstreeks de uitvoering van de Jeugdwet betreffen. Hiermee heeft de Commissie een heldere uitspraak gedaan over de juiste interbestuurlijke verhoudingen. Op basis van deze uitspraak komt de Commissie voor 2022 op zo’n € 1,9 miljard. Het genoemde bedrag kan met middelen en met maatregelen die voortvloeien uit de Hervormingsagenda Jeugd (dit is de nieuwe term voor ‘ontwikkelagenda’) worden gedekt. Dat wil zeggen dat naarmate er meer maatregelen kunnen worden genomen en deze geëffectueerd zijn, dit in mindering kan worden gebracht op de benodigde financiële middelen.
Tevens geeft de Commissie handvatten mee hoe de agenda dient te worden vormgegeven en gemonitord en benoemt de Commissie dat gemeenten en rijk vanuit hun verantwoordelijkheid dienen bij te dragen aan de noodzakelijke verbetering van het jeugdhulpstelsel. De Commissie heeft geen uitspraak gedaan over de vraag van de VNG over de tekorten in de voorafgaande jaren. Het bestuur van de VNG heeft besloten om de uitspraak van de Commissie van Wijzen volledig te omarmen. Dit geldt voor de financiële consequenties van de uitspraak, maar ook voor de inhoudelijke opgaven die de Commissie heeft genoemd. De financiële compensatie van gemeenten door het rijk dient dus samen te gaan met een stevige inzet van gemeenten en rijk om te komen tot een verbeterde jeugdhulp en beheersing van de kosten. Hiermee spreken we een grote verantwoordelijkheid uit om ook daadwerkelijk tot een verbetering te komen.
Vereniging van Nederlandse Gemeenten
2/5
Afspraken VNG en rijk op basis van de uitspraak van de Commissie van Wijzen Op 2 juni jl. heeft de VNG met het kabinet afspraken gemaakt over de compensatie van het rijk voor gemeenten in 2022 en over een gezamenlijke hervormingsagenda jeugd, die voor 1 januari 2022 moet worden opgeleverd om als basis te dienen voor de jaren 2022–2028. Het nieuwe kabinet zal gezamenlijk met het vaststellen van de hervormingsagenda een besluit nemen over de structurele financiering van gemeenten vanaf 2023. De structurele financiering is voor de VNG randvoorwaardelijk voor de uitvoering van de hervormingsagenda. Toelichting financiële compensatie voor 2022 Het demissionaire kabinet maakt voor 2022 € 1,314 miljard vrij ter compensatie van gemeenten voor de tekorten op jeugdzorg. Dit bedrag is gebaseerd op de uitgangspunten in het rapport van de Commissie van Wijzen van € 1,9 miljard. Het verschil wordt verklaard door het volgende: € 300 miljoen hadden gemeenten al toegekend gekregen voor 2022, er ligt een besparingsopgave van € 214 miljoen (zie tabel 1, pag. 12 uitspraak Commissie van Wijzen)* en er is rekening gehouden met accres-verschillen. Met deze compensatie volgt het rijk de uitspraak van de Commissie van Wijzen volledig. Deze compensatie is een antwoord voor de tekorten van gemeenten in 2022 op dit dossier.
Tegelijkertijd biedt het de mogelijkheid om vanuit de inhoud een impuls te geven aan een verbeterde jeugdhulpverlening, met inachtneming van de notie dat de opgave ook zal zijn om de komende jaren in gezamenlijkheid met de partners tot een vermindering van de kosten voor de jeugdhulp te komen. *Dit betreft de onderstaande maatregelen uit het rapport van de stuurgroep Sint. Met het maken van deze afspraken heeft de VNG zich gecommitteerd om, indien van toepassing met medewerking van het rijk, deze maatregelen op te pakken: • Afbakening reikwijdte jeugdhulp (op basis van de uitspraak van de Commissie zal het rijk hierin een stevige rol moeten pakken); • Versterking bestaanszekerheid; • Tariefdifferentiatie; • Beperking verwijzingen naar gecontracteerd aanbod; • Regionalisering (gemeenten zijn hier in het kader van de Norm voor Opdrachtgeverschap al intensief mee bezig); • Brede invoering POH-Jeugd GGZ; • Standaardisatie uitvoering. Uitkering bedrag en meerjarig perspectief In de komende weken zal er op basis van overleg door het rijk duidelijkheid worden geboden aan gemeenten over de wijze van uitkering van het budget. Dit dient voor 1 juli a.s. plaats te vinden. In het overleg heeft de VNG aangedrongen om dit budget volledig uit te keren in de Algemene Uitkering in het Gemeentefonds. De budgettaire verwerking geschiedt bij de Miljoenennota.
Omdat de middelen vooralsnog alleen voor het jaar 2022 zijn toegekend, blijft de vraag bestaan hoe gemeenten hiermee om mogen gaan in meerjarig perspectief bij het opstellen van de begroting voor volgend jaar. De VNG zal zich ervoor inspannen dat gemeenten nog deze maand duidelijkheid krijgen hoe ze hiermee om mogen gaan, zodat zij hier rekening mee kunnen houden in hun reguliere begrotingsproces. Op korte termijn zullen hierover nadere gesprekken worden gevoerd met BZK en IPO. Doel is om gezamenlijk te komen tot een pragmatische oplossing tot aan het moment dat een nieuw regeerakkoord definitief uitsluitsel geeft over het structurele financiële perspectief.
Vereniging van Nederlandse Gemeenten
3/5
Hervormingsagenda Jeugd Het demissionaire kabinet en de VNG zijn in deze afspraken overeengekomen om te starten met het proces om te komen tot een Hervormingsagenda Jeugd. Dit doen we vooruitlopend op eventuele besluitvorming van een nieuw kabinet in de formatie. De agenda zal zowel afspraken omvatten die raken aan de uitvoering binnen het huidige stelsel als afspraken die vragen om aanpassing in wet- en regelgeving. Het rapport van de stuurgroep Sint en de uitspraak van de Commissie van Wijzen biedt hiervoor de basis. De VNG en het rijk hebben hierbij het commitment uitgesproken om beide vanuit ieders verantwoordelijkheid met maximale inspanning deze agenda te realiseren. De VNG zal dit doen door een grote rol te vervullen in het programmatisch vormgeven van de Hervormingsagenda. De agenda dient te leiden tot zowel een verbetering van de hulpverlening als ook een stevigere beheersing van het stelsel. De VNG en het rijk zullen in gezamenlijkheid sturing geven aan het opstellen en uitvoeren van deze agenda. Dit gebeurt samen met andere relevante partners, zoals aanbieders, professionals en cliënten. Met deze agenda komt er ook een grote verantwoordelijkheid te liggen bij gemeenten en de VNG om te komen tot een betere jeugdhulpverlening. Deze handschoen pakken we graag samen met u op.
Toelichting op verdere uitwerking middelen voor 2021 Eerder hebben we u geïnformeerd over de afspraken van 22 april 2021 over de compensatie van het rijk van € 613 miljoen voor gemeenten in het jaar 2021 vanwege de acute problemen in de jeugdhulp. Hieronder benoemen we een aantal verdere uitwerkingen van deze afspraken. Van dit bedrag zal € 120 miljoen via specifieke uitkeringen met diverse doelen worden uitgekeerd. Daarnaast wordt € 493 miljoen via de algemene uitkering in het gemeentefonds beschikbaar gesteld, waarvan € 255 miljoen beschikbaar is gesteld om extra regie en inzet op wachttijden te kunnen realiseren. Het grootste gedeelte is beschikbaar gesteld in de meicirculaire. Er is € 55 miljoen achtergehouden omdat een zeer gering deel hiervan beschikbaar wordt gesteld voor landelijke ondersteuning en coördinatie op de regie op de wachttijden. Het overige wordt in de septembercirculaire uitgekeerd aan gemeenten. Aanpak problematische wachttijden Deze aanpak betreft de problematische wachttijden in de regionaal ingekochte Jeugdzorg (JeugdzorgPlus, Wvggz-instellingen voor jeugd en Orthopedagogische Behandelcentra en de zorgvormen crisiszorg en intensief ambulante zorg). De afspraken zijn tweeledig en betreffen het intensiveren van de aanpak van complexe casuïstiek en het verstevigen van regionaal en landelijk inzicht en overzicht.
Hiervoor wordt een samenhangende opdracht gegeven aan het Ondersteuningsteam Zorg voor de Jeugd en het Ketenbureau i-Sociaal Domein. De eerste resultaten worden in het najaar verwacht en zullen naar verwachting bijdragen aan het maken van vervolgafspraken voor de komende jaren. Specifieke uitkering voor de acute GGZ Een ander onderdeel van de afspraken voorzag in € 50 miljoen voor de problemen in de acute GGZ vanwege een toegenomen vraag als gevolg van de coronapandemie. Momenteel wordt hiervoor een aanpak uitgewerkt die 8 coördinerende gemeenten in staat zal stellen om samen met een vastgesteld aantal GGZ-aanbieders die acute GGZ leveren een plan in te dienen. Dit plan voorziet in extra inzet van de acute GGZ om de grote druk op deze zorg te verminderen. Middelen kunnen ingezet voor tijdelijke uitbreiding van de (ambulante en klinische) crisiscapaciteit en het verminderen van de druk op de jeugd-ggz crisiscapaciteit, waaronder activiteiten die bijdragen aan het voorkomen van crisis.
Vereniging van Nederlandse Gemeenten
4/5
Ter afsluiting Het is een goede zaak dat het demissionaire kabinet conform de uitspraak van de Commissie heeft gehandeld en duidelijkheid heeft gegeven voor het jaar 2022. Het is nu aan de formerende partijen en het nieuwe kabinet om hetzelfde te doen en zo tot een structurele oplossing te komen voor financiële problemen met betrekking tot de jeugdhulp. Wij zullen dit ook bij deze partijen kenbaar blijven maken. Daarnaast gaan wij graag met u aan de slag aan de verdere transformatie doormiddel van de Hervormingsagenda. Dit vraagt een grote inzet van gemeenten, rijk en betrokken partijen. Dit zijn we aan onze inwoners, en in het bijzonder de jeugd, verplicht. Met vriendelijke groet, Vereniging van Nederlandse Gemeenten
L.K. Geluk Algemeen directeur
Vereniging van Nederlandse Gemeenten
5/5
1 7. 210609 VNG Ledenbrief 21-049 verzoek om ondertekening convenant Wet wijziging woonplaatsbeginsel.pdf
Aan de leden
Datum
9 juni 2021 Kenmerk
TISB/U202100503 Lbr. 21/049 Telefoonnummer
070-373 8393 Bijlage(n)
-
Onderwerp
Verzoek om ondertekening convenant Wet wijziging woonplaatsbeginsel Geachte leden van college en gemeenteraad, Zoals u wellicht weet wordt per 1 januari 2022 de Wet wijziging woonplaatsbeginsel Jeugdwet van kracht. Het woonplaatsbeginsel in de Jeugdwet regelt welke gemeente (financieel) verantwoordelijk wordt. Het huidige woonplaatsbeginsel is gebaseerd op de woonplaats van de gezagsdrager van een jeugdige. Het nieuwe woonplaatsbeginsel gaat uit van de woonplaats waar de jeugdige staat ingeschreven op het moment van de zorgvraag. Doel van de wetswijziging is het verminderen van administratieve lasten, het sneller kunnen leveren van zorg en ondersteuning aan jeugdigen en het versterken van preventie. Voor gemeenten en zorgaanbieders betekent de implementatie van het nieuwe woonplaatsbeginsel een behoorlijke (administratieve) verandering. We verwachten dat per 1 januari 2022 zo’n 12.000 jeugdigen ‘administratief’ zullen gaan verhuizen. We zijn verheugd dat bijna alle gemeenten al aan de slag zijn met invoering zodat we voorkomen dat jeugdigen bij de overgang naar het nieuwe woonplaatsbeginsel tussen wal en schip vallen. Convenant Implementatie woonplaatsbeginsel Jeugd Om de implementatie van deze wet soepel te laten verlopen én de administratieve lasten voor gemeenten en zorgaanbieders zo laag mogelijk te houden, hebben we een convenant opgesteld.
Wij verzoeken het college dit convenant te ondertekenen door middel van het invullen van het ondertekeningsregister, graag vóór 1 juli 2021. Voor alle duidelijkheid: met het tekenen van het ondertekeningsregister heeft u het convenant ondertekend. U hoeft het convenant niet fysiek of digitaal naar ons terug te sturen. U vindt het convenant en het register op https://vng.nl/reactieformulier-ondertekening-convenant-implementatie-woonplaatsbeginsel-jeugd.
Vereniging van Nederlandse Gemeenten Nassaulaan 12 Den Haag | Postbus 30435 | 2500 GK Den Haag 070 - 373 83 93 | info@vng.nl
U202100503
PROD
In deze brief lichten we achtereenvolgens toe waarom dit convenant is opgesteld, wat er in dit convenant wordt geregeld en hoe de implementatie van het woonplaatsbeginsel verloopt. Een bericht van gelijke strekking gaat ook naar uw ambtelijke organisatie. Waarom dit convenant? Op dit moment wordt door gemeenten uitgezocht welke jeugdigen nu jeugdhulp (met verblijf) ontvangen waarvan de zorg doorloopt na 2022. De jeugdigen die per 1 januari 2022 door het nieuwe woonplaatsbeginsel ‘administratief’ gaan verhuizen naar een andere gemeente, noemen we de migratiegroep. Dit zullen bijna uitsluitend jeugdigen zijn met verblijf. Gemeenten en zorgaanbieders hebben uitgesproken behoefte te hebben aan duidelijke afspraken over de implementatie van het Woonplaatsbeginsel om te voorkomen dat onduidelijkheden nadelige gevolgen hebben voor jeugdigen waarvoor gemeenten verantwoordelijk zijn. Daarom zijn aanvullende afspraken gemaakt, in nauwe afstemming met gemeenten, die zijn vastgelegd in het convenant. Hoofdlijnen van het convenant Ten aanzien van de migratiegroep worden in het convenant enkele aanvullende afspraken gemaakt. Het gaat feitelijk om twee afspraken: 1.
De afspraak dat de beslissing of de startdatum van (aaneengesloten) verblijf, vanwege het ontbreken van historische gegevens, niet of zeer moeilijk te achterhalen is, is een gezamenlijke beslissing van twee gemeenten: • de gemeente die vóór de inwerkingtreding van de Wet wijziging woonplaatsbeginsel verantwoordelijk is, en • de gemeente die na de inwerkingtreding van de Wet wijziging woonplaatsbeginsel verantwoordelijk wordt. En dat, wanneer de twee gemeenten er gezamenlijk niet uitkomen, de gemeente die vóór de inwerkingtreding van de Wet wijziging woonplaatsbeginsel verantwoordelijk was, verantwoordelijk blijft. Daarbij geldt nog dat bij een verschil van inzicht eerst een adviescommissie geconsulteerd kan worden. Deze adviescommissie bestaat uit de regioadviseurs van het Ketenbureau iSociaal Domein. Wanneer het advies van de adviescommissie het verschil van inzicht tussen twee gemeenten niet oplost, kunnen de gemeenten zich wenden tot de Geschillencommissie Sociaal Domein. 2. Tijdens de behandeling van de wet is een motie aangenomen, de motie van het lid Westerveld. In deze motie wordt de regering gevraagd om afspraken te maken met VNG en gemeenten om jeugdhulp die nog niet is afgerond, die doorloopt na de wettelijke overgangstermijn van één jaar, en waarvan er geen zorginhoudelijke redenen zijn om de jeugdhulp te wijzigen of te stoppen, te continueren.
Vereniging van Nederlandse Gemeenten
2/3
Met de ondertekening van het convenant zijn gemeenten gebonden aan de afspraken. De afspraken in het convenant zijn enkel van toepassing op de migratiegroep. Het convenant is goedgekeurd door de VNG-commissie Zorg, Jeugd en Onderwijs van de VNG op 15 april 2021. Implementatie woonplaatsbeginsel Dit convenant staat niet op zich. De voorbereidingen van de implementatie zijn al in het voorjaar 2020 gestart. Gemeenten en zorgaanbieders worden ondersteund door een projectgroep Implementatie woonplaatsbeginsel bestaande uit Ketenbureau i-Sociaal Domein, VNG, VWS en zorgbranches Jeugd. Ook is een referentiegroep met gemeenten, zorgaanbieders en gecertificeerde instellingen nauw betrokken bij de implementatie. Via een community, webinars en regiobijeenkomsten hebben we veel contact met gemeenten en zorgaanbieders. Daarnaast zijn al diverse handreikingen en andere documenten opgeleverd. Meer informatie over deze implementatie-ondersteuning is terug te vinden in de community Groep Woonplaatsbeginsel Jeugd op de website i-sociaaldomein.nl. Vragen Heeft u nog vragen dan kunt u contact opnemen met Hester Heringa, e-mailadres: hester.heringa@vng.nl, telefoon: 06 – 1809 5479. Met vriendelijke groet, Vereniging van Nederlandse Gemeenten
mr L.K. Geluk Algemeen directeur
Vereniging van Nederlandse Gemeenten
3/3
1 8. 210610 VNG Ledenbrief 21-050 moties en preadviezen voor ALV 16 juni 2021.pdf
Aan de leden
Datum
10 juni 2021 Kenmerk
COS/U202100511 Lbr. 21/050 Telefoonnummer
070 3738393 Bijlage(n)
-
Onderwerp
Moties en preadviezen voor ALV 16 juni 2021
Geachte leden van college en gemeenteraad, Voor de ALV van 16 juni a.s. ontvangt u hierbij een eerste zending met ingediende moties en preadviezen daarop van het VNG-bestuur. Begin volgende week stelt het VNG-bestuur nog een aantal preadviezen vast en ontvangt u zo spoedig mogelijk nog een tweede zending met moties en preadviezen. Wij beseffen dat deze voorstellen u pas kort voor de ALV bereiken en zijn u bij voorbaat dankbaar voor uw inspanningen om de standpuntbepaling in uw gemeente voor te bereiden. Ingediende moties en preadviezen VNG bestuur De volledige moties en preadviezen van het bestuur vindt u hier: https://vng.nl/artikelen/agenda-enstukken-alv-16-juni-2021. In het onderstaande overzicht van ingediende moties met preadviezen volgen wij de volgorde op de ALV-agenda. Agendapunt 8a. Stand van zaken uitvoering Klimaatakkoord - Motie Velsen e.a.: “Nu als één overheid aan de slag met ruimtelijke inpassing energietransitie in de ondergrond” Preadvies: overnemen. Agendapunt 9. Verantwoording over uitvoering moties uit eerdere ledenvergaderingen (hier behandelen we ook de nieuwe moties die niet onder een ander agendapunt vallen) - Motie Boxmeer e.a.: “Bezwaarschriften WOZ via no-cure-no-pay kosten de gemeenten veel tijd en geld!” Preadvies: overnemen. - Motie Hilversum: “Stop met sturen aan de achterkant”. Preadvies: overnemen.
Vereniging van Nederlandse Gemeenten Nassaulaan 12 Den Haag | Postbus 30435 | 2500 GK Den Haag 070 - 373 83 93 | info@vng.nl
U202100511
PROD
-
-
Motie Gooise Meren en Blaricum: “Stel circulariteit centraal, niet de inzameling van PMD!” Preadvies: ontraden. Motie Wierden en Losser: motie “Voorkomen massale afkeur van verpakkingsmateriaal”. Preadvies: aanhouden. Motie Moerdijk: “Betrouwbaarheid datum inwerkingtreding en compensatie kosten uitstel Omgevingswet”. Preadvies: overnemen. Motie Leusden: “Geen (duurzaamheids-) doelen bereiken met dwangarbeid of kinderarbeid” Preadvies: overnemen.
10b. VNG-inzet voor de kabinetsformatie: motie Zoetermeer “Zonder geld geen gemeenten” - Motie Zoetermeer: “Zonder geld geen gemeenten” (motie en preadvies reeds eerder verspreid) met geactualiseerde toelichting in het preadvies Preadvies: overnemen. Tot slot Voor de goede orde wijzen wij erop dat alle gemeentesecretarissen inmiddels een code hebben ontvangen, waarmee de vertegenwoordiger van de gemeente de stemmen uit kan brengen en gebruik kan maken van de chatfunctie. Wij hebben de gemeentesecretarissen gevraagd om deze code door te sturen aan de beoogde vertegenwoordiger van de gemeente. Mocht u hierover vragen hebben dan kunt u die stellen via vngconnectcongressen@vng.nl Wij hopen dat u op 16 juni a.s. fysiek of digitaal opnieuw in groten getale van de partij bent als stemgerechtigde, inspreker of toehoorder. Met vriendelijke groet, Vereniging van Nederlandse Gemeenten
L.K. Geluk Algemeen directeur
Vereniging van Nederlandse Gemeenten
2/2
1 9. 210616 Raadsmemo Euregio Rijn-Waal 10 juni 2021.pdf
Van: Euregio Rhein Waal <info@euregio.org> Verzonden: woensdag 16 juni 2021 10:05 Aan: Euregio Rhein Waal <info@euregio.org> Onderwerp: Raadsmemo Euregio Rijn-Waal 10-06-2021 / Ratsnotiz Euregio Rhein-Waal 10.06.2021
In de bijlage(n) van deze mail zijn potentiele bedreigingen verwijderd. Klik hier als u de originele bijlage(n) toch nodig heeft (een verklaring is vereist).
Zu Ihrer Information / ter informatie
Von: Euregio Rhein Waal Gesendet: Mittwoch, 16. Juni 2021 09:55 An: Euregio Rhein Waal <info@euregio.org> Betreff: Raadsmemo Euregio Rijn-Waal 10-06-2021 / Ratsnotiz Euregio Rhein-Waal 10.06.2021 Geachte heer/mevrouw, Bijgevoegd ontvangt u een memo met de belangrijkste resultaten van de Euregioraadsvergadering van 10 juni jl.. Dit memo is een initiatief van het Euregio-platform voor raadsleden. U kunt dit memo gebruiken om aan uw gemeenteraad verslag te doen over actuele ontwikkelingen binnen de Euregio Rijn-Waal. Voor aanvullende informatie staan wij u graag ter beschikking. Met vriendelijke groet, Sjaak Kamps
Sehr geehrte Damen und Herren, anbei erhalten Sie eine Notiz mit den wichtigsten Ergebnissen der Euregioratssitzung vom 10. Juni. Diese Notiz ist eine Initiative der Euregio-Plattform für Ratsmitglieder. Sie können diese Notiz als Grundlage für die Berichterstattung über die aktuellen Entwicklungen in der Euregio Rhein-Waal an Ihren Gemeinderat nutzen. Für ergänzende Informationen können Sie gerne Kontakt mit uns aufnehmen. Mit freundlichen Grüßen Sjaak Kamps
Euregio Rhein-Waal/Euregio Rijn-Waal Emmericher Str. 24 47533 Kleve Tel. +49 2821 79300 Fax. +49 2821 793030 E-Mail: info@euregio.org www.euregio.org De Euregio Rijn-Waal aanvaardt geen aansprakelijkheid voor schade, van welke aard dan ook, die verband houdt met risico's verbonden aan het elektronisch verzenden van berichten.
Die Euregio Rhein-Waal übernimmt keine Haftung für Schäden, die durch Fehler bei der elektronischen Übertragung der Nachricht entstanden sein könnten.
Resultaten Euregioraadsvergadering d.d. 10 juni 2021 in Nijmegen/digitaal Wegens Corona vond de Euregioraadsvergadering dit keer via zoom plaats. Voorzitter Thomas Ahls en vice-voorzitter Hubert Bruls begroeten de deelnemers vanuit de historische Trêveszaal in het stadhuis van Nijmegen. Afscheid Geert van Rumund Tijdens de vergadering werd afscheid genomen van Geert van Rumund. Geert van Rumund was tot eind mei burgemeester van Wageningen en maakte sinds 2019 deel uit van het Dagelijks Bestuur. Hij heeft zich als burgemeester van de stad, waarin de Duitse capitulatie werd getekend, steeds sterk gemaakt voor de grensoverschrijdende betrekkingen. De opvolger van Geert van Rumund in het Dagelijks Bestuur is nog niet bekend. 50 jaar ERW Dit jaar bestaat de Euregio Rijn-Waal 50 jaar en dit jubileum dient gevierd te worden. Zo is er o.a. op onze website www.euregio.org een aparte rubriek ingericht, waarin verwezen wordt naar de diverse jubileumactiviteiten en publiceren wij elke maand een interessant artikel uit het verleden. Verder zijn er diverse publicaties gepland, waaronder een kroniek, een bundeling van portretten van inwoners uit de Euregio Rijn-Waal, die over hun euregionale identiteit berichten en een brochure met de mooiste wandel- en fietsroute. Elke lidorganisatie is met een route in de brochure vertegenwoordigd.
Afhankelijk van de corona-situatie vindt er op 13 december 2021 een Euregionale Kerstmarkt plaats met producten, demonstraties en optredens verzorgd door (INTERREG)projectpartners en willen wij nog een publieksgerichte “ludieke” actie organiseren in de vorm van een grensharmonie. Euregionaal Mobiliteitsplan De Euregioraad heeft in zijn vergadering van 28 november 2019 het secretariaat van de Euregio RijnWaal verzocht om een Euregionaal Mobiliteitsplan op te stellen, dat antwoord geeft op de uitdagingen op het gebied van mobiliteit en bereikbaarheid, waarmee de Euregio Rijn-Waal geconfronteerd wordt. Het secretariaat heeft hieraan gevolg gegeven en een INTERREGprojectaanvraag voor het opstellen van een Euregionaal Mobiliteitsplan ingediend, die op 8 oktober 2020 door de INTERREG-stuurgroep is goedgekeurd. Voor de ontwikkeling van het Euregionale Mobiliteitsplan wordt samengewerkt met een consortium bestaande uit Loendersloot Groep BV, IGS Ingenieursgesellschaft Stolz mbH und Jan Oostenbrink Intercultural Management Cross Border Cooperation. Het proces wordt vanuit het Dagelijks Bestuur begeleid door Peter Hinze, burgemeester van Emmerich. Tijdens de Euregioraadsvergadering presenteerde het consortium de stand van zaken met betrekking tot de Desk Research. Tevens werden de zes stakeholderbijeenkomsten die de komende weken plaatsvinden toegelicht.
De Desk Research kunt hier downloaden Mocht u geïnteresseerd zijn in de stakeholderbijeenkomsten of algemene aanvullende informatie over het Euregionaal Mobiliteitsplan wensen, kunt u contact opnemen met Heidi de Ruiter via deruiter@euregio.org of +49-2821-793022. Voorbereiding INTERREG VI A In juli 2020 is door de Europese Ministerraad onder Duits voorzitterschap het Meerjarig Financieel Kader (MFK) van de Europese Unie voor de periode 2021 – 2017 vastgesteld. In het MKF zijn ook de financiële randvoorwaarden voor het nieuwe Interreg VI programma 2021-2027 opgenomen. Voor
het Interreg VI programma is iets minder dan 8 miljard euro beschikbaar. Het programma NederlandDeutschland kan de komende subsidieperiode over een cofinancieringsbedrag van 240 miljoen euro beschikken, dit is 18 miljoen euro meer dan in het huidige programma. De Interreg-partners van het Interreg VI A programma Nederland-Duitsland zijn al geruime tijd bezig met de inhoudelijke voorbereiding van het nieuwe Interreg-VI A programma. Er hebben stakeholderbijeenkomsten (o.a. in Kalkar) plaatsgevonden en er is gekeken naar de toekomstvisies van Rijk, Provincies, Deelstaten en Euregio’s. Op basis daarvan en op basis van de concept-Interreg verordening, zijn een aantal maatschappelijke uitdagingen geformuleerd die leiden tot een viertal prioriteiten voor het nieuwe Interreg VI A programma Nederland-Duitsland: Een innovatiever programmagebied Een groener programmagebied Samen werken aan een verbonden grensgebied Europa dichter bij de burger. Voor de eerste twee prioriteiten is ca. 65% van het budget gereserveerd. Voor de laatste beide prioriteiten is 35% van de middelen beschikbaar. Deze prioriteiten sluiten goed aan bij de Strategische Agenda 2025+ van de Euregio Rijn-Waal en bieden volop kansen om voor de Euregio belangrijke initiatieven financieel te ondersteunen. Op dit moment is er nog onzekerheid over het definitieve programma-gebied.
De Europese Commissie wil het werkgebied verkleinen. In ons werkgebied staan onder meer de regio´s Veluwe en Zuid-West Gelderland ter discussie. De programma-partners hebben bij de Europese Commissie aangegeven, dat zij graag aan het huidige programmagebied willen vasthouden. Volgens de huidige tijdsplanning kan het nieuwe Interreg VI A programma NederlandDuitsland deze zomer in Brussel bij de EU ingediend worden. Goedkeuring van het programma zou dan in het meest positieve scenario nog eind 2021 plaats kunnen vinden. Grenslandagenda NRW-NL Tijdens de tweede Grenslandconferentie op 2 december 2020 in Duisburg hebben Nederland en Nordrhein-Westfalen de nieuwe Grenslandagenda voor 2021 vastgesteld met de thema´s arbeidsmarkt, onderwijs, mobiliteit en veiligheid. De Grenslandagenda 2021 vindt u onder https://www.mbei.nrw/sites/default/files/asset/document/grenzlandagenda2021.pdf De Grenslandconferentie 2022 zal dit jaar op 30 september in Enschede plaatsvinden. Al naar gelang de Corona-situatie zal de Grenslandconferentie digitaal of in hybride vorm plaatsvinden. De Save the Date is op 30 april verstuurd. De uitnodiging met het programma volgen tijdig. De Gemeente Apeldoorn heeft in dit kader aangeboden om in 2022 een grensoverschrijdende conferentie rondom het thema veiligheid te organiseren, die naar alle waarschijnlijkheid in mei 2022 zal plaatsvinden.
Voor de organisatie van de conferentie ontvangt de Gemeente Apeldoorn een People to People subsidie. Jaarrekening 2020 Er zijn bij de controle van de jaarrekening over 2020 geen onregelmatigheden vastgesteld. Het jaar wordt met een klein positief overschot van € 112.170,31 afgesloten. De Euregioraad heeft decharge verleent aan het Dagelijks Bestuur en aan de secretaris.
Jaarrekening 2020 Projecten logistiek, verkeer en opslag
Projecten wetenschappelijk onderzoek, innovatie en technologie
Projecten arbeidsmarkt en bedrijfsadvisering € 268.241,49
€ 11.355.091,32
€ 2.534.904,57
Projecten agrobusiness en food € 4.649.650,86
People to People € 584.866,32
Budget Euregio Rijn-Waal 2020
Projecten energie en milieubescherming
Projecten gezondheid en welzijn € 992.753,39
€ 2.915.177,69
€ 4.583.292,31
Projecten onderwijs en cultuur € 1.723.240,17 GrensInfoPunt € 404.761,19
Projecten kunst, entertaiment en creatieve sector € 508.496,66
2020totaal/Inkomsten (€ 3.027.348,00) Ledenbijdrage en institutionele subsidies
Overige inkomsten
GrensInfoPunt
2020totaal/Uitgaven (€ 2.915.177,69) €404.761
People to People
€ 549.059
DigiPro/EnerPRO
€ 525.150
€222.315 €9.134
Gezondheidszorg en welzijn
€129.730
Interreg Europe
€126.476
Interreg-Financiële controle
€142.157
Interreg-Projectenbegeleiding Subsidies EU en regionale cofinanciering
€567.331
Interreg-Programmabegeleiding € 1.953.139
Euregio-Forum Organisatiekosten Euregio
€588.793 €71.075 €653.405
1 10. 210617 Motie Borstonderzoek (gemeente Krimpen aan den IJssel).pdf
Motie Borstonderzoek De gemeenteraad van Krimpen aan den IJssel in vergadering bijeen op 3 juni 2021, gelet op artikel 35 van het Reglement van orde, Constaterende: • Dat de staatssecretaris voor Volksgezondheid heeft besloten het tijdsinterval voor het periodiek borstonderzoek voor vrouwen tijdelijk te verlengen van tweejaarlijks naar driejaarlijks; • Dat als reden hiervoor is vermeld dat het momenteel en de komende drie jaar niet mogelijk is landelijk consequent aan de termijn van twee jaar te kunnen voldoen; • Wenselijk zou zijn om ook de leeftijdsgrens voor het borstonderzoek te verlagen van 50 naar 35 jaar; • Dat het hier weliswaar gaat om landelijk beleid, maar dat ook de raden als primaire volksvertegenwoordiging op het terrein van volksgezondheid een belangrijke politieke signaalfunctie hebben. Overwegende: • Dat deze maatregel op korte en langere termijn leidt tot verslechtering van deze uiterst belangrijke preventieve voorziening; • Dat ongeveer 1 miljoen vrouwen vanaf vijftig jaar in Nederland van deze preventieve voorziening gebruik maken; • In Nederland krijgt 1 op de 7 vrouwen borstkanker. Het bevolkingsonderzoek is bedoeld om borstkanker zo vroeg mogelijk te ontdekken. De kans op een succesvolle behandeling is dan groter. Ook is vaak een minder ingrijpende behandeling nodig.
Spreekt uit: • Dat de genomen maatregel ongewenst en onverantwoord is en moet worden gestopt; • Overwogen moet worden om de leeftijdsgrens te verlagen van 50 naar 35 jaar; • Dat dit signaal vanuit de volksvertegenwoordigingen in ons land zo breed mogelijk moet worden overgebracht naar de staatssecretaris. Verzoekt de raad in samenspraak met het college: • Er bij de demissionair en toekomstige staatssecretarissen, door toezending van deze motie, op aan te dringen dat hij zijn maatregel intrekt en er alles aan doet om te realiseren dat de tweejarentermijn zo consequent mogelijk wordt toegepast; • Deze motie bij de gemeenteraden in Nederland en de leden van de Tweede Kamer bekend te maken. En gaat over tot de orde van de dag. Wilma Lingen, Stem van Krimpen
Zonder stemming aangenomen
1 11. 210621 VNG Ledenbrief 21-053 stand van zaken Omgevingswet.pdf
Aan de leden
Datum
21 juni 2021 Kenmerk
POM/U202100495 Lbr. 21/053 Telefoonnummer
070 373 8393 Bijlage(n)
-
Onderwerp
Ledenbrief Omgevingswet
Geachte leden van de gemeenteraad en van het college van BenW, De datum voor de inwerkingtreding van de Omgevingswet is met een half jaar verplaatst naar 1 juli 2022. De VNG, het IPO, de Unie van Waterschappen en het rijk hebben, na gesprekken met alle betrokken stakeholders, gezamenlijk voor deze nieuwe datum gekozen. Het besluit is bekrachtigd in het Bestuurlijk Overleg met de minister op 26 mei jl.. In deze ledenbrief informeren wij u wat de afwegingen zijn geweest, hoe u de komende periode verder kunt gaan met de voorbereidingen en komen de onderwerpen financiën en raadsverkiezingen aan bod. Voorwaarden verantwoorde inwerkingtreding De inwerkingtreding van de Omgevingswet markeert het begin van een transitieperiode die in elk geval tot eind 2029 duurt. Bij inwerkingtreding van de wet hoeft dan ook nog niet alles af te zijn. De voorwaarden voor verantwoorde inwerkingtreding zijn dat de dienstverlening aan inwoners en ondernemers tenminste op het huidige niveau blijft, dat de vergunningverlening door kan gaan en dat de planvorming voor urgente woningbouw en gebiedsontwikkeling geen hinder ondervindt. Daarvoor is het nodig dat de landelijke voorzieningen van het Digitaal Stelsel Omgevingswet (DSO) in oktober gereed zijn, zodat gemeenten daarop kunnen aansluiten en minimaal zes maanden de tijd hebben om het stelsel in te regelen in hun eigen organisatie en ermee te oefenen.
Alleen op deze manier ontstaat er een werkend stelsel Omgevingswet. Drie startopties Voorafgaand aan het Bestuurlijk Overleg hebben de VNG en het programma Aan de slag een zorgvuldig traject doorlopen. In gemeentelijk verband hebben werksessies plaatsgevonden met de G6 en is gesproken met de G40, de M50 en de K80. Er zijn drie startopties besproken en uitgewerkt: 1 januari, 1 april en 1 juli 2022. Het uitgangspunt was om te komen tot een datum waarop de wet zo snel als mogelijk, maar wel verantwoord in werking kan treden. Er is gekeken
Vereniging van Nederlandse Gemeenten Nassaulaan 12 Den Haag | Postbus 30435 | 2500 GK Den Haag 070 - 373 83 93 | info@vng.nl
U202100495
PROD
naar de uitvoerbaarheid, de inzet van tijdelijke alternatieve maatregelen en de politieke, juridische en financiële consequenties. Verantwoord in werking treden betekent ook dat gemeenten voldoende tijd hebben om te kunnen oefenen met het gehele stelsel en met hun eigen content. 1 juli 2022 als beste optie Er is op dit moment veel gereed en gemeenten zijn goed op weg. Tegelijkertijd zien we dat de ontwikkeling van het Digitaal Stelsel Omgevingswet en de koppeling voor Omgevingswetbesluiten (de STOP/TP-standaard) meer tijd vraagt dan gepland. Daardoor lopen softwareleveranciers vertraging op bij het aanpassen van hun softwarepakketten voor gemeenten. Van de drie startopties is gebleken dat 1 juli 2022 de enige datum is waarop gemeenten zes maanden netto oefentijd hebben. Zes maanden netto oefentijd betekent dat er negen maanden bruto doorlooptijd moet zijn vanwege reces, release van nieuwe features, uitval en onderhoud van het stelsel. Ook de overgang van de oefenomgeving naar de productieomgeving kost tijd. Voldoende oefentijd is ook van belang voor stedenbouwkundige bureaus, softwareleveranciers en het georganiseerde bedrijfsleven (o.a. Neprom, VNO-NCW en MKB/Metaalunie). Tijdelijke alternatieve maatregelen Het nieuwe instrumentarium van de Omgevingswet helpt om de grote maatschappelijke opgaven zoals de woningbouwopgave en de energietransitie in samenhang aan te pakken.
Het is dan ook van belang om de wet in werking te laten treden. Daarbij kunnen niet alle risico’s van deze grote stelselwijziging worden uitgesloten. Het gaat om het nemen van verantwoorde risico’s. Er is een aantal tijdelijke alternatieve maatregelen (TAM) ontwikkeld. Deze TAM garanderen de continuïteit van de primaire processen op het moment dat nog niet alle landelijke of lokale voorzieningen blijken te werken. U bepaalt als gemeente zelf of u een TAM inzet op één of meerdere onderdelen. Binnenkort volgt er meer informatie over de TAM en de keuze die u daarin kunt maken. Juiste startmoment bestaat niet Er bestaat geen ideale datum voor de inwerkingtreding van de Omgevingswet. Daarvoor bestaan te veel uiteenlopende wensen en ambities en bovendien is het juiste startmoment geen optelsom van de voor- en nadelen. Ook zien we in de implementatieprocessen bij gemeenten grote verschillen. De keuze voor 1 juli 2022 is een bestuurlijk oordeel gebaseerd op de huidige stand van zaken en de te verwachten ontwikkelingen. Dat maakt de we ons als gemeenten, samen met de bestuurlijke partners en de (software)leveranciers en de stedenbouwkundige bureaus moeten inzetten om de datum van 1 juli 2022 te halen. Focus op oefenen in de komende periode Het uitstel van zes maanden geeft gemeenten ook daadwerkelijk zicht op netto zes maanden oefen- en inregeltijd.
De afgelopen maanden heeft de VNG een groot aantal oefentrajecten in de planvormings- en vergunningenketen begeleid waarbij gemeenten zijn aangesloten op het DSO. De ervaring leert dat zo snel mogelijk aansluiten op het DSO van groot belang is, omdat dan gestart kan worden met het oefenen met de landelijke voorzieningen. En daarbij ook zeer belangrijk: het inregelen en beproeven van de gemeentelijke processen. De VNG en het programma Aan de slag ontwikkelen op dit moment een aanpak die gemeenten ondersteunt bij dit oefenen en inregelen. Daarover volgt op korte termijn meer informatie via onder andere de Regionale Implementatiecoaches Omgevingswet (RIO’s). De RIO’s ondersteunen gemeenten – in regionaal verband – bij de implementatie van de wet. Gemeenten kunnen het komende jaar op hun ondersteuning blijven rekenen.
Vereniging van Nederlandse Gemeenten
2/4
Gemeenten voor wie 1 januari 2022 wél een haalbare datum was, worden aangemoedigd om door te gaan met de ingezette transitie. Ook vooruitlopend op de daadwerkelijke start van de Omgevingswet, kan in de geest van de wet gewerkt blijven worden en kunnen voorbereidingen op de omgevingsvisie, omgevingsplan en omgevingsvergunning doorlopen. Verkiezingen en besluiten gemeenteraad Vóórdat de Omgevingswet in werking treedt, moet de gemeenteraad een aantal besluiten nemen. Deze gaan onder andere over het adviesrecht voor buitenplanse omgevingsplanactiviteiten en de participatieverplichting daarop. Ook moet met de komst van de wet de legesverordening opnieuw worden vastgesteld. Deze besluiten vallen, met het uitstel van de wet, deels in de periode rondom de gemeenteraadsverkiezingen. In een memo hebben we de relatie tussen de gemeenteraadsverkiezingen, de benodigde raadsbesluiten en de inwerkingtreding van de Omgevingswet uiteen gezet en geven we handvatten hoe u hiermee kunt omgaan. Financiële consequenties Al langere tijd maken gemeenten zich zorgen over de financiële effecten van de Omgevingswet. Recentelijk is bestuurlijk vastgesteld dat de Omgevingswet budgetneutraal moet kunnen worden ingevoerd in een periode van tien jaar na inwerkingtreding.
Tevens is bestuurlijk vastgesteld dat financiële compensatie van (een deel van) de invoeringskosten een optie is als blijkt dat de ‘terugverdientijd’ van tien jaar onhaalbaar is. Dit voorjaar is het Integraal Financieel Beeld Omgevingswet verschenen, waarin de raming van de eenmalige en structurele financiële effecten van de Omgevingswet is bijgesteld. Uit de gemeentelijke consultatie die de VNG heeft uitgevoerd blijkt dat budgetneutrale invoering binnen tien jaar onhaalbaar wordt geacht door gemeenten. Ook geven gemeenten aan niet tien jaar te kunnen wachten op eventuele financiële compensatie. Tenslotte komt uit de consultatie naar voren dat verlichting van de financiële druk op korte termijn noodzakelijk is om de invoering van de Omgevingswet te accommoderen. Nu de beoogde invoering van de wet zes maanden later gaat plaatsvinden, lopen de invoeringskosten verder op en blijven de baten langer uit. Wij hebben aan de minister gevraagd om de gemeentelijke invoeringskosten in 2022, ter hoogte van een bedrag van €150 miljoen, eenmalig te compenseren. En om de structurele effecten te verlichten, hebben wij de minister gevraagd om op de afgesproken financiële evaluatiemomenten (eind 2022, 2023 en 2027) te berekenen of de terugverdientijd van tien jaar haalbaar is en zo niet, om op die momenten reeds tot financiële compensatie over te gaan.
Er zijn op dit moment nog geen concrete toezeggingen van de minister op deze punten, dus we blijven erover in gesprek. Harriët Tiemens, voorzitter van de VNG-commissie Ruimte, Wonen en Mobiliteit, heeft bovenstaande tijdens de ALV op 16 juni jl. uiteengezet als opvolging van de motie die de gemeente Noordoostpolder tijdens de ALV in september 2020 heeft ingediend. Daarbij lichtte Tiemens toe dat de minister heeft aangegeven zelf geen toezeggingen te kunnen doen op deze claims vanwege haar demissionaire status. De minister heeft wel toegezegd onze claims door te geleiden naar de juiste onderhandelingstafels. Motie Algemene Ledenvergadering 16 juni Tijdens de ALV is de motie ‘Betrouwbaarheid datum inwerkingtreding en compensatie kosten uitstel Omgevingswet’ ingediend door de gemeente Moerdijk, ondersteund door de gemeenten Zundert,
Vereniging van Nederlandse Gemeenten
3/4
Roosendaal, Etten-Leur, Rucphen en Halderberge. De motie riep om alles in het werk te stellen dat dit het laatste uitstel van de Omgevingswet is. Commissievoorzitter Tiemens lichtte toe dat met de minister is afgesproken dat de landelijke voorziening van het digitaal stelsel uiterlijk in oktober van dit jaar gereed moet zijn, zodat gemeenten hun laatste aansluitingen kunnen realiseren en processen kunnen inregelen en beproeven. Dit is een voorwaarde voor inwerkingtreding van de wet. Het tweede deel van de motie ging over financiën, waarover hiervoor in de brief meer. Parlementaire behandeling Omgevingswet Nu er een nieuwe beoogde datum is voor inwerkingtreding van de Omgevingswet, moet het Koninklijk Besluit (KB) opnieuw worden voorgelegd aan beide Kamers. Het KB stelt de definitieve inwerkingtredingsdatum van de wet vast. De VNG is van mening dat het KB met de nieuwe datum naar de Kamers kan op het moment dat kan worden vastgesteld dat aan de voorwaarden voor verantwoorde inwerkingtreding is voldaan. Dan kan er met voldoende vertrouwen door het parlement zekerheid worden gegeven over de datum inwerkingtreding van de wet. De VNG benadrukt dat het voor gemeenten van groot belang is om hier zo snel mogelijk duidelijkheid over te hebben. Wet kwaliteitsborging voor het bouwen De inwerkingtreding van de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen (Wkb) is gekoppeld aan de Omgevingswet.
Dit betekent dat de Wkb ook op 1 juli 2022 in werking treedt. Andere wetgeving in het kader van de Omgevingswet – zoals voor bodem, geluid, natuur en grondeigendom – treedt ook op 1 juli 2022 in werking. Meer informatie Voor meer informatie over de Omgevingswet verwijzen wij u naar de website van VNG. Vanzelfsprekend kunt u ook contact opnemen met uw RIO. Wij adviseren u deze brief door te sturen in uw organisatie. Met vriendelijke groet, Vereniging van Nederlandse Gemeenten
mr L.K. Geluk Algemeen Directeur
Vereniging van Nederlandse Gemeenten
4/4
1 12. 210622 Brief initiatiefgroep Raadhuisplein, MKB Zev., SAZ en Horeca Ned. inzake herstelplan corona _geredigeerd_.pdf
Initiatiefgroep Raadhuisplein
Beste
,
Geachte Raad, Geacht College,
Zevenaar, 22 juni 2021. Onderwerp: Herstelplan Corona. In uw mail van 8 juni j.l. vraagt u, , MKB, SAZ, de Horeca en ons, de initiatiefgroep Raadshuisplein, een mening op welke wijze invulling gegeven kan worden aan het herstelplan. Hierbij wordt een nieuw mogelijk alternatief genoemd zijnde: “Keuze 2: gratis parkeren in het tijdsvenster 9.00-11.00 in een bepaalde periode totdat het maximumbedrag is bereikt.” Deze keuzemogelijkheid heeft tot gevolg dat de Horeca niet profiteert van het aangenomen amendement. Daarin is nadrukkelijk aangegeven dat: het 1e uur gratis parkeren wordt totdat het nieuwe parkeerbeleid er is. Dit zou met voorrang opgepakt dienen te worden. Dit heeft de Raad op 4 november besloten. Wij zoeken samen met anderen naar gemeenschappelijk te behalen doelen om het centrum bruisend te maken en te herstellen van Corona. Het eventueel kiezen voor het gratis parkeren van 9-11 uur levert 2-spalt op en past daarom daar niet bij. We hopen dat u hiervoor begrip heeft. In tegenstelling tot de mening van de betaald parkeren lobbyisten en een zelfbenoemde verkeerspsycholoog blijkt uit een eenvoudige inventarisatie in buurgemeenten (Elst, Velp e.a.), de Gelderlander enquête, dat het klantvriendelijk parkeren wel degelijk een zeer belangrijke rol speelt op het goed functioneren van het centrum. Ondertussen neemt de leegstand in het centrum neemt enorm toe.
Bijgaande foto’s spreken voor zich. De door de Gemeenteraad gelegde koppeling dat de herstelmaatregel duurt totdat er een nieuw parkeerbeleid is, vinden we een uitermate goede koppeling. Het planmatig karakter van deze koppeling levert meer (synergie) voordelen op, bovendien is het een goede stok achter de deur. Gelet op het bovenstaande vinden we dat de intenties van het amendement van 4 november uitgevoerd dienen te worden. Ten aanzien van de kosten merken we op dat de eerste 8 (acht) maanden al voorbij zijn. De middelen voor Corona gerelateerde maatregelen ontbreken onzes inziens niet. We verzoeken om een zo spoedig mogelijke invoering. Als alternatief voor het 1e uur gratis zijn wij, allen, het erover eens dat ook kan worden gekozen voor 2 aaneengesloten dagen per week, gratis parkeren, dit totdat het nieuwe parkeerbeleid er is. (Maandag en dinsdag is voor de Horeca niet interessant, vrijdag en zaterdag zijn relatief druk en is er
soms parkeerregulatie nodig, de voorkeur gaat vooralsnog uit naar woensdag en donderdag en dat kost ook de Gemeente ook minder.)
We gaan er vanuit dat wij u naar behoren te hebben geïnformeerd en zien uw beraadslagingen met belangstelling tegemoet.
De initiatiefgroep Raadhuisplein, MKB – Zevenaar, Stichting activiteiten Zevenaar, Koninklijke Horeca Nederland namens Horeca Zevenaar,
1 13. 210629 Brief Manifest passend beleid voor collectieve en andere woonvormen.pdf
28 juni 2021
Geachte raadsleden, geacht college van burgemeester en wethouders, Begin dit jaar hebben wij ons manifest ‘Passend beleid voor collectieve en andere woonvormen’ namens de eerste ondertekenaars bij u onder de aandacht gebracht. In de tussentijd zijn collectieve en andere woonvormen veelvuldig in het nieuws geweest, waaronder op NOS, Volkskrant, NRC en in lokale media. Ook zijn er steeds meer gemeenten die stappen nemen om collectieve en andere woonvormen een volwaardige plek te geven in het woningbouwbeleid. De maatschappij ziet - net als wij - collectief wonen als een woonvorm die past bij de behoeften van deze tijd: omzien naar elkaar, betaalbaar wonen, duurzame bouw en eigen zeggenschap over bouw en beheer. De behoefte aan collectieve en andere woonvormen blijkt ook uit ons grote aantal ondertekenaars. Ruim 200 (landelijke) organisaties steunen ons manifest waaronder kennisnetwerk Cooplink, Nederland zorgt voor Elkaar, LSA Bewoners, Platform 31 en 140 bewonerscollectieven. Samen vertegenwoordigen we duizenden bewoners en professionals die zich hard maken voor collectieve woonvormen. Al deze organisaties en inwoners ondersteunen het doel dat Ruimte voor Collectief Wonen nastreeft namelijk: Passend gemeentelijk beleid voor collectieve en andere woonvormen én een volwaardige plek in het woningbouwprogramma van iedere gemeenten.
Middels deze aanbiedingsbrief willen wij het manifest ‘Passend beleid voor collectieve en andere woonvormen’ nogmaals bij u onder de aandacht brengen (bijlage 1). Wij vragen alle raadsleden om zich in de verkiezingsprogramma’s uit te spreken over collectieve en andere woonvormen en om concrete ambities, doelen en beleid op te nemen in de collegeakkoorden voor de periode 2022-2026. Daarnaast nodigen wij gemeenten en (lokale) politieke partijen van uit om in 2021 al beleid te ontwikkelen voor collectieve woonvormen, ons manifest te ondertekenen en de kennis op dit gebied uit te wisselen met andere gemeenten. Hiertoe kunt u eventueel de aangereikte motie gebruiken (bijlage 2). We gaan de komende tijd graag met u in gesprek om wooninitiatieven van ondernemende inwoners een plek te geven in uw verkiezingsprogramma’s. Vriendelijke groeten, Namens Ruimte voor Collectief Wonen, Liezelotte Nagtegaal E | gemeente@ruimtevoorcollectiefwonen.nl W | www.ruimtevoorcollectiefwonen.nl T | 06-27189002
Bijlagen: 1. Manifest Passend beleid voor collectieve en andere woonvormen 2. Voorbeeldmotie Collectieve en andere woonvormen
28 juni 2021
Passend beleid voor collectieve en andere woonvormen Wij zijn een snel groeiende groep ondernemende burgers en organisaties die een grote meerwaarde ziet in collectieve en andere woonvormen. Woonvormen waarin bewoners zelf de regie hebben; als vereniging, coöperatie of CPO. Wij geven met ons manifest gehoor aan de intentie van de Omgevingswet, waarin initiatiefnemers - meer dan ooit de mogelijkheid krijgen om te participeren in de inrichting van de eigen leefomgeving. Collectief wonen geeft ons de mogelijkheid om invulling te geven aan onze veranderende woonwensen én aan de maatschappelijke opgaven waarvoor wij ons willen inzetten.
Ons doel is passend gemeentelijk beleid voor collectieve en andere woonvormen én een volwaardige plek in de woningbouwprogramma’s van iedere gemeente.
In de aanloop naar de gemeenteraadsverkiezingen in 2022 en de invoering van de Omgevingswet, richten we ons manifest aan alle Nederlandse gemeenten. Aan iedereen binnen de gemeenten die vorm geeft aan het woonbeleid en de uitvoering hiervan. Wij vragen alle raadsleden om zich concreet uit te spreken over collectieve en andere - niet traditionele - woonvormen in de eigen verkiezingsprogramma’s en de (toekomstige) collegeleden om concrete ambities, doelen en beleid op te nemen in de op te stellen collegeakkoorden.