Agendabundel
Tekst van het document
Bundel - Commissie Samenleving 2022-2026 van 24 oktober 2023 Agenda bijlagen Agenda_Commissie_Samenleving_24_oktober_2023 1 Opening en vaststellen agenda 2 Z/23/452533 Meerjarenbegroting 2024-2027 De raad wordt voorgesteld om: 1. de meerjarenbegroting 2024 – 2027 vast te stellen overeenkomstig het aangeboden ontwerp; 2. in te stemmen met de vorming van bestemmingsreserves afschrijvingslasten van in totaal € 2.085.090 voor de volgende investeringen: a. IHP 2007 Lindenhage/Tamboerijn: € 275.000; b. Aanpassing tijdelijke huisvesting Platanenlaan: € 175.500; c. Rioolcombi (kolkenzuiger): € 400.000; d. Vervangen werkplekken hardware (2022-2025): € 1.189.790; e. Vervanging software centrumafsluiting parkeerbeheer: € 44.800. Portefeuillehouder: college Technische vragen: dinsdag 10 oktober, 18.30-20.00 uur: Inloopspreekuur voor vragen omtrent de begroting in de Patio vrijdag 13 oktober: deadline stellen technische vragen die niet beantwoord konden worden op 10 oktober. Vragen schriftelijk aanleveren bij de griffie d.m.v. invullen format (bijlage) Behandelschema: De Meerjarenbegroting wordt in alle commissies besproken. De onderdelen die in de commissie samenleving worden besproken zijn: 4. Onderwijs 4.1 Voorzien in gezonden en duurzame leer- en ontwikkelomgeving voor kinderen 5.
Sport, cultuur en recreatie 5.2 Stimuleren van sport- en beweegdeelname voor verschillende doelgroepen 5.3 Stimuleren van het behoud van cultureel erfgoed en een goed aanbod van culturele voorzieningen 6. Sociaal domein 6.1 Verruimen van de inkomensondersteuning voor meer bestaanszekerheid van inwoners 6.2 Ondersteunen van inwoners door passende jeugd- en maatschappelijke zorg, hulp en ondersteuning aan te bieden 6.3 Stimuleren en waarderen van de zorg van inwoners voor chronische zieke, gehandicapten of hulpbehoevende partner, familielid of vriend 6.4 Stimuleren van de deelname van meer inwoners aan het arbeidsproces 7. Volksgezondheid en duurzaamheid 7.1 Verbeteren van de volksgezondheid in Zevenaar 1175912 Raadsvoorstel en raadsbesluit Meerjarenbegroting 2024-2027 Bijlage 1. 1181080 Meerjarenbegroting 2024-2027 Bijlage 2. 1180930 Notitie vervolgtraject kadernota 2024-2027 1182053 Begroting in 1 oogopslag BEHANDELADVIES MEERJARENBEGROTING + VGR Technische vragen MJB 2024-2027_def RIB 2023-065 Septembercirculaire 2023 231017 Terugkoppeling auditcommissie 25 september en 4 oktober 23-880 231024 Beantwoording technische vragen (aanvullend) Lokaal Belang 231013 MJB 2024-2027 3 Rondvraag 4 Sluiting
Agenda commissie Samenleving 24 oktober 2023 Subtitel
Meerjarenbegroting 2024-2027
Tijd
19:30 uur
Locatie
Raadzaal
Voorzitter
J.W.H. Winters
1
Opening en vaststellen agenda
2
Z/23/452533 Meerjarenbegroting 2024-2027 De raad wordt voorgesteld om: 1. de meerjarenbegroting 2024 – 2027 vast te stellen overeenkomstig het aangeboden ontwerp; 2. in te stemmen met de vorming van bestemmingsreserves afschrijvingslasten van in totaal € 2.085.090 voor de volgende investeringen: a. IHP 2007 Lindenhage/Tamboerijn: € 275.000; b. Aanpassing tijdelijke huisvesting Platanenlaan: € 175.500; c. Rioolcombi (kolkenzuiger): € 400.000; d. Vervangen werkplekken hardware (2022-2025): € 1.189.790; e. Vervanging software centrumafsluiting parkeerbeheer: € 44.800. Portefeuillehouder: college Behandelschema: De Meerjarenbegroting wordt in alle commissies besproken. De onderdelen die in de commissie samenleving worden besproken zijn: •
•
4. Onderwijs 4.1 Voorzien in gezonden en duurzame leer- en ontwikkelomgeving voor kinderen 5. Sport, cultuur en recreatie 5.2 Stimuleren van sport- en beweegdeelname voor verschillende doelgroepen 5.3 Stimuleren van het behoud van cultureel erfgoed en een goed aanbod van culturele voorzieningen
Pagina 1
•
•
6. Sociaal domein 6.1 Verruimen van de inkomensondersteuning voor meer bestaanszekerheid van inwoners 6.2 Ondersteunen van inwoners door passende jeugd- en maatschappelijke zorg, hulp en ondersteuning aan te bieden 6.3 Stimuleren en waarderen van de zorg van inwoners voor chronische zieke, gehandicapten of hulpbehoevende partner, familielid of vriend 6.4 Stimuleren van de deelname van meer inwoners aan het arbeidsproces 7. Volksgezondheid en duurzaamheid 7.1 Verbeteren van de volksgezondheid in Zevenaar
3
Rondvraag
4
Sluiting
Zevenaar, 18 september 2023 Namens de Agendacommissie, Chiel Claassen, commissiegriffier
Pagina 2
*Z07A5F8EE8E*
Raadsvoorstel onderwerp zaaknummer documentnummer portefeuillehouder portefeuille behandelend ambtenaar/afdeling telefoon email
Meerjarenbegroting 2024-2027 Z/23/452533 INT/23/1175912 Arthur Boone Financiën Ingrid Meijerink (Fin) 0316-595377 i.meijerink@zevenaar.nl
1. Samenvatting Wij bieden u de meerjarenbegroting 2024-2027 ter vaststelling aan. Het is de tweede begroting van ons college van de bestuursperiode 2022-2026. De meerjarenbegroting laat een financieel meerjarenbeeld zien dat in 2024 en 2025 sluitend is. Op basis van de toezichtvoorschriften van de provincie moet óf het jaar 2024 óf het laatste jaar 2027 structureel en reëel sluitend zijn. De nu voorliggende meerjarenbegroting voldoet hieraan. Echter de jaren vanaf 2026 laten een negatief saldo zien door een daling van de algemene uitkering. 2. Raadsvoorstel Wij stellen u voor om: 1. de meerjarenbegroting 2024 – 2027 vast te stellen overeenkomstig het aangeboden ontwerp. 2. in te stemmen met de vorming van bestemmingsreserves afschrijvingslasten van in totaal € 2.085.090 voor de volgende investeringen: a. IHP 2007 Lindenhage/Tamboerijn: € 275.000; b. Aanpassing tijdelijke huisvesting Platanenlaan: € 175.500; c. Rioolcombi (kolkenzuiger): € 400.000; d. Vervangen werkplekken hardware (2022-2025): € 1.189.790; e. Vervanging software centrumafsluiting parkeerbeheer: € 44.800. 3. Waarom naar de raad De artikelen 189 tot en met 195 van de Gemeentewet regelen de bevoegdheid van de gemeenteraad tot het jaarlijks vaststellen van de begroting van de gemeente.
De raad ziet erop toe dat de begroting structureel en reëel in evenwicht is of dat dit evenwicht binnen de looptijd van de meerjarenbegroting tot stand zal worden gebracht. 4. Doelstelling en beoogd resultaat Bij ieder programma in de meerjarenbegroting wordt aangegeven wat de doelstellingen zijn en wat het beoogd effect van de inhoudelijke programmadoelstelling is.
5. Argumenten en alternatieven Argumenten 1.1 Wij geven uitvoering aan ons collegeprogramma Voor u ligt de tweede meerjarenbegroting 2024-2027 van het collegeprogramma 2022-2026 die een tweeledig beeld schetst. In de komende bestuursperiode staan de uitvoering van het collegeprogramma en het voortvarend oppakken van onderwerpen op de raadsagenda centraal. Het is echter van essentieel belang dat we de lange termijn niet uit het oog verliezen. Het blijft cruciaal om verstandig om te gaan met onze financiën. We moeten voorzichtig zijn met het aangaan van structurele verplichtingen en niet al te grote risico’s nemen. 1.2 De nu voorliggende meerjarenbegroting 2024-2027 is structureel en reëel sluitend. Op basis van de toezichtvoorschriften van de provincie moet óf het jaar 2024 óf het laatste jaar 2027 structureel en reëel sluitend zijn. Wij concluderen dat de nu voorliggende meerjarenbegroting hieraan voldoet en dus structureel en reëel sluitend is. 1.3 Het structurele tekort vanaf 2026 laat een realistisch negatief saldo zien. De jaren vanaf 2026 geven een negatief saldo door een daling van de algemene uitkering van ruim € 7 miljoen in 2026.
De VNG heeft in juli 2023 een uitzonderlijk begrotingsadvies uitgebracht met als strekking de begrotingen 2024 en 2025 structureel sluitend te presenteren en in de jaren 2026 en 2027 een realistisch negatief saldo te tonen als gevolg van de keuze van het Rijk om onvoldoende middelen beschikbaar te stellen voor het huidige takenpakket van gemeenten. Het meerjarenbeeld van de gemeente Zevenaar komt overeen met het landelijke beeld dat de VNG schetst. Als het Rijk vasthoudt aan de huidige kortingen op de algemene uitkering dan moeten gemeenten, en dus ook de gemeente Zevenaar, vanaf 2026 schrappen in het huidige voorzieningenniveau. De VNG is momenteel in gesprek met het demissionaire kabinet, politieke partijen en Tweede Kamer. Wij hebben zorgen over de houding van het Rijk en over het slechte structurele perspectief voor 2026 en verder. Daarnaast is het zo dat de val van het kabinet, de demissionaire status en het naar verwachting langdurige formatieproces zorgen voor onzekerheid over de landelijke koers. Over de Omgevingswet, de energietransitie, de spreidingswet, het aanpakken van de stikstofproblematiek en de Hervormingsagenda Jeugd wordt zeer verschillend gedacht. Over de definitieve invulling van deze onderwerpen moeten nog keuzes worden gemaakt die uitwerking zullen hebben op gemeenten. Daarnaast is het de vraag hoe het nieuwe kabinet zal omgaan met de algemene uitkering.
Ook is het onduidelijk hoe na de verkiezingen de verhouding tussen het Rijk en de nieuwgekozen provinciebesturen van invloed zal zijn op gemeenten. 1.4 De effecten van het vervolgtraject kadernota vanaf 2024 zijn verwerkt De kadernota 2024 is vastgesteld met een negatief begrotingssaldo 2024 van € 1.837.000. Op basis van de toezichtvoorschriften van de provincie moet minimaal óf het jaar 2024 óf het laatste jaar 2027 structureel en reëel sluitend zijn. De kadernota 2024-2027 voldeed hier niet aan. Gelet op dit negatieve saldo en gezien de onzekerheid omtrent de meicirculaire 2023 is de wens uitgesproken om naar mogelijkheden te zoeken om minimaal 2024 sluitend te krijgen. Hierbij lag in eerste instantie de focus op de korte termijn (2024 en 2025), maar we hebben ook gekeken naar de jaren 2026 en 2027. Begin juni 2023 hebben wij, onder de noemer “vervolgtraject kadernota”, een plan van aanpak opgesteld om dit doel te bereiken. De insteek hierbij was om het voorzieningenniveau op peil te houden waarbij de maatregelen zo min mogelijk impact hebben op de maatschappij. We hebben hierbij onder meer gekeken of er rek in reeds beschikbaar gestelde budgetten zat, of het noodzakelijk was om alle budgetten te zaaknummer Z/23/452533
pagina 2 van 6
indexeren, er dekking uit reserves mogelijk was en of er sprake was van planningsoptimisme. Dit heeft geresulteerd in diverse voorgestelde maatregelen. Hoewel we één vervolgtraject kadernota hebben ondernomen hebben we er toch voor gekozen om de maatregelen hieruit te verwerken in twee documenten (2e voortgangsrapportage 2023 en de meerjarenbegroting 2024-2027). Een deel van de voorgestelde wijzigingen heeft namelijk al effect op 2023. Hierover hebben wij u in de 2e voortgangsrapportage 2023 geïnformeerd. Maatregelen die vanaf 2024 of later tot een financieel effect leiden hebben we opgenomen in de meerjarenbegroting 2024-2027. Het totale positieve effect voor het jaar 2024 bedraagt € 3.531.000. Hiervan is € 804.000 opgenomen in de 2e voortgangsrapportage 2023 en € 2.727.000 in de meerjarenbegroting 2024-2027. De resultaten van het vervolgtraject kadernota als geheel treft u als bijlage aan bij deze meerjarenbegroting 2024-2027. Het positieve effect van het vervolgtraject kadernota in de meerjarenbegroting 2024-2027 bedraagt voor het jaar 2024 € 2.727.000. Hiervan heeft € 1.955.000 (structureel) betrekking op het niet doorvoeren van inflatiecorrectie op de bestaande budgetten. Het al dan niet indexeren van budgetten was een belangrijk speerpunt van het vervolgtraject kadernota.
Van alle budgetten hebben we beoordeeld of inflatiecorrectie noodzakelijk was, of dat het bedrag mogelijk ingezet kon worden als dekking voor het begrotingstekort. Op hoofdlijnen hebben we ervoor gekozen om o.a. budgetten waar we in voorgaande jaren tekort kwamen en budgetten met onderliggende contractuele overeenkomsten wel te indexeren. Daarnaast hebben we in de 1e voortgangsrapportage 2023 en de kadernota 2024-2027 al diverse budgetten structureel verhoogd waardoor dit nu niet nodig was, of voor een lager percentage. Denk hierbij aan bijdrages aan verbonden partijen, gas- en elektriciteitskosten en budgetten binnen het sociaal domein. Daarnaast hebben we ook diverse kleinere posten niet geïndexeerd omdat hier op basis van de afgelopen drie jaar nog enige ruimte in zat. Denk hierbij bijvoorbeeld aan kosten materieel en een deel van de afdelingsbudgetten. Door het relatief hoge inflatiepercentage heeft dit een relatief hoge impact. Hoewel de begroting wel gevoeliger is geworden voor onvoorziene en onverwachte ontwikkelingen, denken wij de maatregelen uit het vervolgtraject kadernota verantwoord zijn geweest. In de paragraaf weerstandsvermogen in de meerjarenbegroting hebben we hier wel een risico voor opgenomen. 2.1 Om structurele bestedingsruimte te creëren in de begroting kan voor een aantal investeringen een bestemmingsreserve afschrijvingslasten gevormd worden.
Eén van de maatregelen uit het vervolgtraject kadernota is de vorming van een vijftal bestemmingsreserves afschrijvingslasten voor een totaalbedrag van € 2.085.090. Het instellen van bestemmingsreserves is voorbehouden aan de raad. Door voor een aantal investeringen een bestemmingsreserve afschrijvingslasten te vormen dekken we de jaarlijkse afschrijvingslasten van de geselecteerde investeringen. Doordat de afschrijvingslasten uit deze investeringen in het verleden als nadeel in de begroting zijn opgenomen, levert deze actie nu een voordeel op. Dit voordeel is nodig om te komen tot een reëel en structureel sluitende meerjarenbegroting 2024-2027. Het betreft de volgende investeringen: • IHP 2007 Lindenhage/Tamboerijn: € 275.000; • Aanpassing tijdelijke huisvesting Platanenlaan: € 175.500; • Rioolcombi (kolkenzuiger): € 400.000; • Vervangen werkplekken hardware (2022-2025): € 1.189.790; • Vervanging software centrumafsluiting parkeerbeheer: € 44.800.
zaaknummer Z/23/452533
pagina 3 van 6
Deze investeringen zijn het meest rendabel, omdat ze allen een relatief snelle afschrijvingstermijn (maximaal 10 jaar) hebben. Hiermee bereiken we met een zo beperkt mogelijke aanspraak op de algemene reserves een zo hoog mogelijke extra structurele ruimte op de kortere termijn. Alternatieven n.v.t. 6. Hoe gaan we dat bereiken en is evaluatie nodig? De meerjarenbegroting is onderdeel van de planning en control-cyclus. Door middel van tussentijdse voortgangsrapportages en de jaarrekening wordt verantwoording afgelegd over het gevoerde beleid, de mate waarin doelen zijn behaald, de bereikte resultaten en financiële overschotten en tekorten. 7. Klimaat en duurzaamheid Bij programma 7 gaan we in op de ontwikkelingen bij duurzaamheid. 8. Communicatie De digitale meerjarenbegroting wordt op het portal van de gemeente Zevenaar gepresenteerd: https://zevenaar.pcportal.nl/ . Bij dit raadsvoorstel treft u de begroting in pdf-formaat aan, zodat u ook op deze wijze kennis kunt nemen van de inhoud. In dit format treft u op meerdere plaatsen een herhaling van teksten aan. Dit is een technisch gevolg van het werken met een website. 9. Kosten, baten en dekking Het actuele financieel meerjarenbeeld is als volgt: Exploitatie (bedragen x € 1.000)
Begroting 2023 -392 -5.521 0 -7 0
Begroting 2024 3.709 -1.630 -3.916 -1.041 0
Begroting 2025 5.508 -1.502 -3.791 1.347 0
Begroting 2026 -1.948 382 -3.359 -583 0
Begroting 2027 -2.185 -1.915 -3.317 789 0
-5.920
-2.878
1.562
-5.508
-6.627
1. Autonome ontwikkelingen
0
518
-110
-660
-1.520
2 Actualisatie bestaand beleid
0
-376
-376
-376
-376
3. Nieuw beleid
0
-382
-142
-202
-229
5. Vervolgtraject kadernota
0
2.727
2.418
2.480
2.910
Totaal mutaties begroting
0
2.486
1.790
1.242
785
-5.920
-391
3.352
-4.266
-5.841
Eliminatie incidentele baten en lasten
865
-161
-325
55
Structureel begrotingssaldo
474
3.191
-4.591
-5.786
Primitieve begroting 2023-2026 1e Voortgangsrapportage 2023 Kadernota 2024 2e voortgangsrapportage 2023 Wijzigingen tot de begroting 20242027 Stand tot de begroting
Saldo meerjarenbegroting 2024-2027
Het begrotingssaldo na de kadernota 2024 kwam uit op een nadeel van € 1.837.000. De mutaties die volgen uit de 2e voortgangsrapportage komen in 2024 uit op een nadeel van € 1.041.000. De mutaties in deze begroting zijn voor 2024 opgeteld € 2.486.000 positief. Dit leidt tot een nieuw negatief zaaknummer Z/23/452533
pagina 4 van 6
begrotingssaldo in 2024 van € 391.000. Na eliminatie van incidentele baten en lasten komt het structurele begrotingssaldo uit op € 474.000 (positief) in 2024. Ook het jaar 2025 laat een positief saldo zien: in 2025 wordt nog een stijging van de algemene uitkering verwacht. Daarna slaat het resultaat om in een negatief saldo, voornamelijk door een daling van de algemene uitkering van ruim € 7 miljoen in 2026. De jaren 2026 en 2027 zijn daarmee zogenaamde ravijnjaren geworden. De mutaties die zijn opgenomen in deze meerjarenbegroting bestaan uit autonome ontwikkelingen, actualisatie bestaand beleid en nieuw beleid. Het onderdeel “Financieel meerjarenbeeld” in de meerjarenbegroting 2024-2027 geeft een volledig beeld van alle financiële ontwikkelingen. Uiteraard vindt u deze mutaties ook terug bij iedere programma (“Wat kost het”). Structurele mutaties die opgenomen en toegelicht zijn in de 2e voortgangsrapportage 2023, zijn tevens financieel verwerkt in het meerjarenbeeld van deze begroting, maar hierin niet meer nader toegelicht. In bovenstaande tabel maken wij daarnaast inzichtelijk of sprake is van een structureel begrotingsevenwicht. Incidentele lasten en baten beïnvloeden het structurele begrotingssaldo. In 2024 en 2027 zijn de incidentele lasten hoger dan de incidentele baten. In 2025 en 2026 is dit omgekeerd.
Elimineren we incidentele baten en lasten dan heeft dit een positief effect op het structurele meerjarenbeeld in 2024 en 2027 en een negatief effect in 2025 en 2026. Gelet op de voorschriften van de provincie Gelderland voldoen we aan de voorwaarden van een structureel en reëel sluitende begroting. Het begrotingsjaar 2024 is immers reëel structureel sluitend. Ons weerstandsvermogen laat in deze meerjarenbegroting een goed niveau zien en komt uit op een ratio van 2,3. 10. Bijlagen De volgende bijlagen horen bij dit voorstel: Volgorde 1. 2.
Documentnummer INT/23/1181080 INT/23/1180930
Naam Meerjarenbegroting 2024-2027 Notitie vervolgtraject kadernota 2024-2027
Burgemeester en wethouders van Zevenaar De secretaris Danielle Jansen
zaaknummer Z/23/452533
De burgemeester Lucien van Riswijk
pagina 5 van 6
Raadsbesluit onderwerp zaaknummer documentnummer
Meerjarenbegroting 2024-2027 Z/23/452533 INT/23/1175912
De raad van de gemeente Zevenaar; gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van Zevenaar: Gelet op artikel 189 van de Gemeentewet; besluit: 1. de meerjarenbegroting 2024 – 2027 vast te stellen overeenkomstig het aangeboden ontwerp; 2. in te stemmen met de vorming van bestemmingsreserves afschrijvingslasten van in totaal € 2.085.090 voor de volgende investeringen: a. IHP 2007 Lindenhage/Tamboerijn: € 275.000; b. Aanpassing tijdelijke huisvesting Platanenlaan: € 175.500; c. Rioolcombi (kolkenzuiger): € 400.000; d. Vervangen werkplekken hardware (2022-2025): € 1.189.790; e. Vervanging software centrumafsluiting parkeerbeheer: € 44.800. Aldus besloten in de openbare vergadering van de raad van de gemeente Zevenaar, gehouden op 8 november 2023 . De griffier I.M. van Dijk
zaaknummer Z/23/452533
De burgemeester drs. L.J.E.M. van Riswijk
pagina 6 van 6
Versie raad dd 20-09-2023
INHOUDSOPGAVE Inhoudsopgave .................................................................................................................................... 2 Algemeen............................................................................................................................................ 3 Voorwoord .................................................................................................................................................. 4 Hoofdlijnen ................................................................................................................................................. 5 Leeswijzer ................................................................................................................................................. 10 Programma's ..................................................................................................................................... 13 0. Bestuur en ondersteuning ..................................................................................................................... 14 1. Veiligheid .............................................................................................................................................. 36 2. Verkeer, vervoer en waterstaat .............................................................................................................
43 3. Economie .............................................................................................................................................. 53 4. Onderwijs .............................................................................................................................................. 62 5. Sport, cultuur en recreatie ..................................................................................................................... 69 6. Sociaal domein ...................................................................................................................................... 82 7. Volksgezondheid en duurzaamheid ....................................................................................................... 97 8. Volkshuisvesting, ruimtelijke ordening en stedelijke vernieuwing ........................................................ 111 Paragrafen ...................................................................................................................................... 121 Lokale heffingen .....................................................................................................................................
122 Weerstandsvermogen ..............................................................................................................................134 Onderhoud kapitaalgoederen ................................................................................................................. 148 Financiering ............................................................................................................................................. 155 Bedrijfsvoering........................................................................................................................................ 162 Verbonden partijen .................................................................................................................................. 167 Grondbeleid .............................................................................................................................................185 Openbaarheidsparagraaf ........................................................................................................................ 192 Financiën......................................................................................................................................... 193 Inleiding ..................................................................................................................................................
194 Autorisatie .............................................................................................................................................. 195 Kaders en uitgangspunten ....................................................................................................................... 197 Financieel meerjarenbeeld ...................................................................................................................... 199 Overzicht van baten en lasten per programma ........................................................................................ 209 Overzicht baten en lasten op taakveld .................................................................................................... 210 Overzicht algemene dekkingsmiddelen, vennootschapsbelasting en onvoorzien .................................... 218 Overzicht van incidentele baten en lasten ............................................................................................... 219 Overzicht structurele toevoegingen en onttrekkingen reserves ............................................................... 224 Geprognosticeerde balans ......................................................................................................................
225 EMU-saldo .............................................................................................................................................. 226 Arbeidskosten gerelateerde verplichtingen ............................................................................................. 226 Bijlagen ........................................................................................................................................... 228 Overzicht mutaties Meerjarenbegroting 2024-2027 ................................................................................ 229 Overzicht mutaties tot de Meerjarenbegroting 2024-2027 ...................................................................... 232 Meerjareninvesteringsplan ...................................................................................................................... 234 Reserves en voorzieningen ...................................................................................................................... 240 Overzicht beleidsindicatoren .................................................................................................................. 241
2
ALGEMEEN
3
VOORWOORD Graag presenteren wij u de Meerjarenbegroting 2024-2027 van Zevenaar. Deze bieden wij u ter besluitvorming aan. De meerjarenbegroting bouwt voort op de uitgangspunten van de kadernota 2024 en is een uitwerking van het coalitieakkoord 2022-2026. Het collegeprogramma is integraal onderdeel van de begroting. Voor de behandeling van de begroting is het volgende proces uitgezet: • Inloopavond voor raads- en commissieleden: 10 oktober • Commissievergaderingen 24, 25 en 26 oktober • Raadsvergadering 8 november
Wij hopen op een constructief inhoudelijk debat, waarin we met elkaar de begroting behandelen en vaststellen. We wensen u veel leesplezier. Met vriendelijke groet, burgemeester en wethouders van Zevenaar, De secretaris Daniëlle Jansen
De burgemeester Lucien van Riswijk
4
HOOFDLIJNEN BESTUURLIJKE HOOFDLIJNEN Voor u ligt de Meerjarenbegroting 2024-2027, die een tweeledig beeld schetst. Enerzijds zijn de jaren 2024 en 2025 financieel sluitend. Dit betekent dat we gedurende deze jaren onze koers kunnen voortzetten en verder kunnen werken aan het realiseren van het collegeprogramma. Anderzijds laten de jaren 2026 en 2027 een negatief financieel resultaat zien. Het is van essentieel belang dat we de lange termijn niet uit het oog verliezen. Het blijft cruciaal om verstandig om te gaan met onze financiën. We moeten een realistisch perspectief met betrekking tot de mogelijkheden voor aanvullend nieuw beleid blijven houden en niet al te grote risico’s nemen. De Vereniging van Nederlandse Gemeenten heeft gemeenten opgeroepen om de begroting realistisch weer te geven met betrekking tot de financiële onzekerheden waarmee gemeenten in het hele land mee te maken hebben. Deze meerjarenbegroting komt tegemoet aan deze oproep. Desondanks blijft, net zoals in voorgaande jaren, aandacht voor het sociaal domein noodzakelijk, waarbij de hoop gevestigd is op een positieve bijdrage vanuit de Hervormingsagenda Jeugd. Op 7 juli is het kabinet Rutte-IV gevallen, waardoor er op 22 november vervroegde Tweede Kamerverkiezingen zullen plaatsvinden.
De val van het kabinet, de demissionaire status en het naar verwachting langdurige formatieproces zorgen voor onzekerheid over de landelijke koers. Over de Omgevingswet, de energietransitie, de spreidingswet, het aanpakken van de stikstofproblematiek en de Hervormingsagenda Jeugd wordt zeer verschillend gedacht. Over de definitieve invulling van deze onderwerpen moeten nog keuzes worden gemaakt die uitwerking zullen hebben op gemeenten. Daarnaast is het de vraag hoe het nieuwe kabinet zal omgaan met de algemene uitkering. Ook is het onduidelijk hoe na de verkiezingen de verhouding tussen het Rijk en de nieuwgekozen provinciebesturen van invloed zal zijn op gemeenten. In de komende bestuursperiode staan de uitvoering van het collegeprogramma en het voortvarend oppakken van onderwerpen op de raadsagenda centraal. Hiervoor is een goed functionerend bestuurlijk-ambtelijk samenspel van groot belang. We zijn verheugd met de ruimte die we hebben gekregen om 7PoortII te bouwen. Hiermee gaan we direct aan de slag. Ook is het proces gestart om een nieuwe integrale beleidsvisie sociaal domein te ontwikkelen. Verder zijn we met steun van de provincie Gelderland bezig met een organisatieontwikkeling om tot een toekomstbestendige organisatie te komen.
De afgelopen jaren zijn gemeenten geconfronteerd met geopolitieke spanningen, krapte op de arbeidsmarkt, binnenlandse crises en grote uitdagingen zoals de energietransitie en het woningtekort. Landelijke en regionale ontwikkelingen benadrukken steeds meer de noodzaak van een robuuste, strategisch sterke en toekomstbestendige organisatie.
5
FINANCIËLE HOOFDLIJNEN Inleiding In dit onderdeel van de begroting presenteren wij u het financieel meerjarenbeeld op hoofdlijnen en geven wij in het kort inzicht in de algemene financiële ontwikkeling, het weerstandsvermogen en overige bijzonderheden. Voor een uitgebreide toelichting op de financiële ontwikkelingen verwijzen wij u naar het hoofdstuk ‘Financieel meerjarenbeeld’. De kadernota 2024 is vastgesteld met een negatief begrotingssaldo van € 1.837.000 in 2024. Op basis van de toezichtvoorschriften van de provincie moet de meerjarenbegroting minimaal óf het jaar 2024 óf het laatste jaar 2027 structureel en reëel sluitend zijn. De kadernota 2024-2027 voldeed hier niet aan. Gelet op dit negatieve saldo en gezien de onzekerheid omtrent de meicirculaire 2023 is de wens uitgesproken om naar mogelijkheden te zoeken om minimaal 2024 sluitend te krijgen, met hierbij in eerste instantie de focus op de korte termijn (2024 en 2025), maar met oog voor de jaren 2026 en 2027. Begin juni 2023 hebben wij, onder de noemer “vervolgtraject kadernota”, een plan van aanpak opgesteld om dit doel te bereiken. De insteek hierbij was om het voorzieningenniveau op peil te houden waarbij de maatregelen zo min mogelijk impact hebben op de maatschappij.
We hebben hierbij onder meer gekeken of er rek in reeds beschikbaar gestelde budgetten zat, of het noodzakelijk was om alle budgetten te indexeren, er dekking uit reserves mogelijk was en of er sprake was van planningsoptimisme. Met alle budgethouders zijn 1op-1 gesprekken geweest en per domein is er, voor de integraliteit, een bijeenkomst geweest waarin met de afdelingshoofden de voorstellen zijn besproken. Dit heeft geresulteerd in diverse voorgestelde maatregelen. Hoewel we één vervolgtraject kadernota hebben ondernomen, hebben we er toch voor gekozen om de maatregelen hieruit te verwerken in twee documenten (2e voortgangsrapportage 2023 en de meerjarenbegroting 2024-2027). Een deel van de voorgestelde wijzigingen heeft namelijk al effect op 2023. Hierover hebben we u in de 2e voortgangsrapportage 2023 geïnformeerd. Maatregelen die vanaf 2024 of later tot een financieel effect leiden hebben we opgenomen in de meerjarenbegroting 2024-2027. De resultaten van het vervolgtraject kadernota als geheel treft u als bijlage aan bij deze meerjarenbegroting 2024-2027. Het positieve effect van het vervolgtraject kadernota in de meerjarenbegroting 2024-2027 bedraagt voor het jaar 2024 € 2.727.000. Hiervan heeft € 1.955.000 (structureel) betrekking op het niet doorvoeren van inflatiecorrectie op de bestaande budgetten.
Het al dan niet indexeren van budgetten was een belangrijk speerpunt van het vervolgtraject kadernota. Van alle budgetten hebben we beoordeeld of inflatiecorrectie noodzakelijk was, of dat het bedrag mogelijk ingezet kon worden als dekking voor het begrotingstekort. Op hoofdlijnen hebben we ervoor gekozen om o.a. budgetten waar we in voorgaande jaren tekort kwamen en budgetten met onderliggende contractuele overeenkomsten wel te indexeren. Daarnaast hebben we in de 1e voortgangsrapportage 2023 en de kadernota 2024-2027 al diverse budgetten structureel verhoogd waardoor dit nu niet nodig was, of voor een lager percentage. Denk hierbij aan bijdrages aan verbonden partijen, gas- en elektriciteitskosten en budgetten binnen het sociaal domein. Daarnaast hebben we ook diverse kleinere posten niet geïndexeerd omdat hier op basis van de afgelopen drie jaar nog enige ruimte in zat. Denk hierbij bijvoorbeeld aan kosten materieel en een deel van de afdelingsbudgetten. Door het relatief hoge inflatiepercentage heeft dit een relatief hoge impact. Onze verwachting is niet dat we dit de komende jaren bij een soortgelijke actie opnieuw realiseren omdat er naar verwachting steeds meer budgetten zijn waarbij inflatiecorrectie noodzakelijk is. Bovengenoemd traject heeft ervoor gezorgd dat wij u een reëel sluitende begroting 2024 kunnen aanbieden.
Hoewel de begroting wel gevoeliger is geworden voor onvoorziene en onverwachte ontwikkelingen, denken
6
wij dat de maatregelen uit het vervolgtraject kadernota verantwoord zijn geweest. In de paragraaf weerstandsvermogen is het bijbehorende risico opgenomen. Echter de jaren vanaf 2026 geven een negatief saldo. De VNG heeft in juli 2023 een uitzonderlijk begrotingsadvies uitgebracht met als strekking de begrotingen 2024 en 2025 structureel sluitend te presenteren en in de jaren 2026 en 2027 een realistisch negatief saldo te tonen als gevolg van de keuze van het Rijk om onvoldoende middelen beschikbaar te stellen voor het huidige takenpakket van gemeenten. Het meerjarenbeeld van de gemeente Zevenaar komt overeen met het landelijke beeld dat de VNG schetst. Als het Rijk vasthoudt aan de huidige kortingen op de algemene uitkering (landelijk 3 miljard) dan moeten gemeenten en dus ook de gemeente Zevenaar vanaf 2026 schrappen in het huidige taken- en voorzieningenniveau. De VNG is momenteel in gesprek met het demissionaire kabinet, politieke partijen en Tweede Kamer. Wij hebben zorgen over het slechte structurele perspectief voor 2026 en verder. Het Rijk en de VNG werken samen met betrokken partijen aan een hervormingsagenda jeugd die zich richt op een beter en beheersbaar jeugdstelsel. De hervormingsagenda is in juni 2023 vastgesteld maar nog niet uitgewerkt.
Wij zijn bezig met de ontwikkeling van een integrale visie sociaal domein, wat een belangrijke leidraad vormt voor al ons beleid en waarbij de principes uit de hervormingsagenda terugkomen. Eventuele besparingen in de vorm van lagere lasten door rijksmaatregelen in de jeugdzorg hebben wij vooralsnog niet in de begroting opgenomen. Tenslotte zijn door de provincie Gelderland twee richtlijnen uitgevaardigd: de richtlijn Klimaat- en energiemiddelen en de richtlijn Jeugdzorg. Voor de richtlijn Klimaat- en energiemiddelen betekent dit dat de middelen die in 2023 zijn ontvangen voor de tijdelijke regeling capaciteit decentrale overheden voor klimaaten energiebeleid voor de jaren 2024 tot en met 2027 als structurele baat in de begroting 2024 mogen worden opgenomen met als voorwaarde dat een gelijk bedrag als extra last is opgenomen voor deze klimaat- en energietaken. Voor de richtlijn Jeugdzorg betekent dit dat in 2024 en 2025 de compensatie van de tekorten in de jeugdzorg in de algemene uitkering is verwerkt. Het Rijk heeft deze middelen echter nog niet voor alle jaren toegekend. Voor de jaren na 2025 mag de compensatie volgens de Commissie van Wijzen voor 100% als inkomsten een stelpost worden opgenomen. Wij hebben beide richtlijnen overeenkomstig verwerkt in deze meerjarenbegroting. Ons weerstandsvermogen laat een goed niveau zien en komt uit op een ratio van 2,3.
In de financiële hoofdlijnen is een tabel opgenomen met de grootste mutaties, groter dan € 100.000. Financieel meerjarenbeeld Het actuele financieel meerjarenbeeld ziet er als volgt uit: Het saldo in de primitieve begroting 2023 was in het jaar 2024 € 3.709.000 positief. Na de begroting 2023-2026 zijn de 1e Voortgangsrapportage 2023 en de kadernota 2024 vastgesteld met samen een negatief effect van € 5.546.000. Dit negatieve effect werd voornamelijk veroorzaakt door loon- en prijsstijgingen, waaronder ook de gemeenschappelijke regelingen, en gestegen zorgkosten jeugd en Wmo. Het begrotingssaldo na de kadernota 2024 kwam uit op een nadeel van € 1.837.000. De mutaties die volgen uit de 2e voortgangsrapportage komen in 2024 uit op een nadeel van € 1.041.000. De mutaties in deze begroting zijn opgeteld € 2.486.000 positief. Dit leidt tot een nieuw negatief begrotingssaldo in 2024 van € 391.000. Na eliminatie van incidentele baten en lasten komt het structurele begrotingssaldo uit op € 474.000 (positief) in 2024.
7
Ook het jaar 2025 laat een positief saldo zien: in 2025 wordt nog een stijging van de algemene uitkering verwacht. Daarna slaat het resultaat om in een negatief saldo, voornamelijk door een daling van de algemene uitkering van ruim € 7 miljoen in 2026. De jaren 2026 en 2027 zijn daarmee zogenaamde ravijnjaren geworden. Exploitatie (bedragen x € 1.000) Begroting Begroting Begroting Begroting Begroting 2023 2024 2025 2026 2027 Primitieve begroting 2023-2026 -392 3.709 5.508 -1.948 -2.185 1e Voortgangsrapportage 2023 -5.521 -1.630 -1.502 382 -1.915 Kadernota 2024 0 -3.916 -3.791 -3.359 -3.317 2e voortgangsrapportage 2023 -7 -1.041 1.347 -583 789 Wijzigingen tot de begroting 20240 0 0 0 0 2027 Stand tot de begroting -5.920 -2.878 1.562 -5.508 -6.627 1. Autonome ontwikkelingen
0
518
-110
-660
-1.520
2 Actualisatie bestaand beleid
0
-376
-376
-376
-376
3. Nieuw beleid
0
-382
-142
-202
-229
5. Vervolgtraject kadernota
0
2.727
2.418
2.480
2.910
Totaal mutaties begroting
0
2.486
1.790
1.242
785
-5.920
-391
3.352
-4.266
-5.841
Eliminatie incidentele baten en lasten
865
-161
-325
55
Structureel begrotingssaldo
474
3.191
-4.591
-5.786
Saldo meerjarenbegroting 2024-2027
Structureel en reëel evenwicht Op grond van de voorschriften (BBV) dienen wij inzichtelijk te maken of er in de begroting en meerjarenraming sprake is van een structureel evenwicht. Hiervoor is inzicht in de incidentele baten en lasten nodig. Incidentele lasten beïnvloeden het structurele begrotingssaldo positief en incidentele baten negatief. Door het saldo van de incidentele baten en lasten te betrekken bij het financieel meerjarenbeeld ontstaat een beter inzicht in het structurele evenwicht van onze begroting.
Presentatie structureel begrotingssaldo (bedragen x € 1.000)
2024
2025
2026
2027
Saldo meerjarenbegroting 2024-2027 na bestemming Eliminatie incidentele baten en lasten (- = baten )
-391 865
3.352 -161
-4.266 -325
-5.841 55
Structureel begrotingssaldo
474
3.191
-4.591
-5.786
Bij het onderdeel financiën presenteren wij het 'Overzicht van incidentele baten en lasten'. In 2024 en 2027 zijn de incidentele lasten hoger dan de incidentele baten. In 2025 en 2026 is dit omgekeerd. Elimineren we incidentele baten en lasten dan heeft dit een positief effect op het structurele meerjarenbeeld in 2024 en 2027 en een negatief effect in 2025 en 2026. Op basis van de toezichtvoorschriften van de provincie moet óf het jaar 2024 óf het laatste jaar 2027 structureel en reëel sluitend zijn. Wij concluderen dat de nu voorliggende meerjarenbegroting hieraan voldoet en dus structureel en reëel sluitend is. 8
Toelichting financiële ontwikkelingen Bedragen x € 1.000 Begroting 2024 Begroting 2025 Begroting 2026 Begroting 2027
Mutatie omschrijving Overzicht van de mutaties >= € 100.000 1. Autonome ontwikkelingen
602
-31
-586
Aanpassing doorbelasting salarissen en overhead aan grondexploitaties Aanpassing rente grondexploitaties
152 V
42 V
-32 N
-203 N
55 V
942 V
574 V
786 V
Actualisatie rente investeringen en ramingen Treasury 2 Actualisatie bestaand beleid
395 V
-1.015 N
-1.128 N
-2.029 N
-360
-360
-360
-360
Organisatieontwikkeling
-360 N
-360 N
-360 N
-360 N
3. Nieuw beleid
-333
-93
-153
-180
Klimaatplan 'op weg naar een klimaatneutrale organisatie' Opstellen gemeentebreed Soorten Management Plan 5. Vervolgtraject kadernota
-33 N
-93 N
-153 N
-180 N
-300 N
0V
0V
0V
Actualisatie afschrijvingslasten MJB i.v.m. fasering investeringen Actualisatie reisdocumenten Inzet budget indexatie 2024 Vormen bestemmingsreserves afschrijvingslasten t.b.v. het creëren van structurele ruimte
2.291
2.337
-1.446
2.304
2.734
167 V
69 V
8V
167 V
-60 N
-63 N
-81 N
191 V
1.955 V
1.952 V
1.950 V
1.950 V
230 V
378 V
426 V
426 V
(V = Voordeel; N = Nadeel) Een toelichting op de bovenstaande posten kunt u terugvinden op de afzonderlijke programma's en in het onderdeel 'Financieel meerjarenbeeld'. In de bijlagen is een totaaloverzicht van de mutaties opgenomen. Weerstandsvermogen Op basis van de recente actualisatie geeft de ratio de volgende uitkomst:
Ratio weerstandsvermogen =
Beschikbare weerstandscapaciteit Benodigde weerstandscapaciteit
=
23.522.000
=
2,3
10.073.000
Het weerstandsvermogen van onze gemeente kan als goed worden gekenmerkt. De ratio moet minimaal 1,0 zijn. Ten opzichte van voorgaand jaar zijn twee factoren voor de beschouwing van belang. Ten eerste kunnen we nu investeringen in de gronden kwantificeren. Ten tweede geeft het vraagstuk over de hoogte van de algemene uitkering een slechter financieel beeld, met aanvullend moeilijkere omstandigheden om de weerstandsratio en de financiële kengetallen te beoordelen. Als de baten toenemen, zoals verwacht mag worden neemt de beschikbare weerstandscapaciteit toe en de financiële kengetallen verbeteren dan ook. De verbetering is afhankelijk van de hoogte van de rijksbijdrage. 9
LEESWIJZER Inleiding De meerjarenbegroting is het hulpmiddel om uw kaderstellende en controlerende rol uit te voeren en te kunnen sturen op hoofdlijnen. De begroting hebben wij ingericht op basis van de voorschriften (Besluit Begroting en Verantwoording; BBV) en de wensen van de provincie. Uiteraard hebben wij ook nadrukkelijk gekeken naar de informatieve waarde voor u en voor de inwoners van onze gemeente. De meerjarenbegroting bestaat uit een beleidsbegroting en een financiële begroting. De beleidsbegroting is opgebouwd uit de verschillende programma's en paragrafen. In de programma's presenteren wij ons gemeentelijke beleid op hoofdlijnen. De paragrafen richten zich op het beleid van relevante beheersaspecten, zoals de bedrijfsvoering, het weerstandsvermogen, onze kapitaalgoederen en de lokale heffingen. De financiële begroting gaat - naast een aantal samenvattende overzichten - vooral in op het financieel meerjarenbeeld van onze gemeente. U ontvangt deze meerjarenbegroting op basis van het papierarm vergaderen weer digitaal. Door de mogelijkheden van het internet kunnen wij meer informatie op een eenvoudigere manier beschikbaar stellen. Via de menustructuur kiest u welke informatie u tot u neemt en hoeft u niet eerst het boekwerk door te bladeren. Ook kunt u indien gewenst aantekeningen maken, die u bovendien altijd digitaal beschikbaar heeft.
Programma's Bij de programma's komen de zogenaamde 3 W-vragen terug: Wat willen we? Wat doen we? Wat kost het? Op programmaniveau hebben wij ook de vastgestelde beleidskaders opgenomen. Hiermee hebt u per programma het meest relevante vastgestelde beleid beschikbaar. Per programma maken wij onze doelstellingen (Wat willen we?) inzichtelijk. Hierbij presenteren wij u ook de verplichte beleidsindicatoren vanuit het BBV. Aanvullende eigen indicatoren ontwikkelen wij de komende jaren. Bij het onderdeel 'Wat doen we?' staan de te behalen resultaten opgesomd zoals opgenomen in het collegeprogramma. Over onze reguliere taken informeren wij u alleen indien hier aanleiding voor is. Bij de voortgangsrapportages en de jaarstukken leggen wij hier (tussentijds) verantwoording over af. In dit onderdeel presenteren wij ook op hoofdlijnen informatie over de verbonden partijen die een bijdrage leveren aan de uitvoering van ons beleid. Uitvoerige informatie over de verbonden partijen is opgenomen in de betreffende paragraaf. Per programma presenteren wij ook financiële informatie (Wat kost het?). Hier geven we de ontwikkelingen aan en de toelichting op deze ontwikkelingen. Op grond van de voorschriften (BBV) presenteren wij de financiële informatie ook op taakvelden.
Indien van toepassing bieden wij u ook inzicht in de incidentele baten en lasten, de reserves en voorzieningen, en het meerjareninvesteringsplan. Beleidsindicatoren Bij het onderdeel 'Wat willen we?' zijn (verplichte) beleidsindicatoren opgenomen. Om te zorgen dat wij onze doelstellingen realiseren hebben wij waar mogelijk een koppeling gemaakt tussen de doelstellingen van het huidige beleid en deze indicatoren. Bij nieuw beleid geven wij aandacht aan het meetbaar maken van de doelstellingen en een goede koppeling tussen ambitie, doelstelling, resultaten en indicator. Dit zien wij als een groeiproces. Zorgvuldigheid, duurzaamheid en eenvoud zijn de uitgangspunten bij het opstellen van de indicatoren. De komende jaren vullen wij deze (beleids)indicatoren verder aan, nadat deze zijn vastgesteld als onderdeel van beleidsnota’s. We gaan hierbij uit van het principe dat deze een hele cyclus mee moeten lopen. 10
Bij de ontwikkeling passen wij de onderstaande indeling toe: 1. Verplichte beleidsindicatoren - op basis van het BBV dienen wij een verplichte set beleidsindicatoren op te nemen. De provincie Gelderland is als referentiewaarde opgenomen. Er zijn geen normen bepaald ten aanzien van de beleidsindicatoren, deze volgen uit de doelstellingen die door de gemeenten worden bepaald. Bij de indicatoren is een link naar 'Waarstaatjegemeente?' opgenomen. Hier kunt u de (grafische) informatie vergelijken met andere gemeenten in Nederland. 2. Eigen beleidsindicatoren - een beperkte set van onze eigen beleidsindicatoren. Het uitgangspunt is dat deze duurzaam zijn en waar mogelijk wordt aangesloten bij indicatoren die al via openbare bronnen worden ontsloten. Bij de indicatoren staat het jaar van realisatie. De tussenliggende stappen zijn aangeduid als streefwaarden. Deze tussenstappen of streefwaarden moeten ervoor zorgen dat het uiteindelijke doel wordt gerealiseerd. Paragrafen Het BBV schrijft voor dat in de paragrafen de beleidslijnen worden vastgelegd met betrekking tot relevante beheersmatige aspecten en de lokale heffingen. De begroting bevat de volgende paragrafen: • Lokale heffingen In deze paragraaf geven wij de ontwikkelingen met betrekking tot ons belastinggebied weer. Per heffing geven wij aan wat het beleid is en op welke wijze het tarief tot stand is gekomen.
Ook geven wij inzicht in de (geraamde) opbrengsten. • Weerstandsvermogen In deze paragraaf brengen wij onze risico’s in beeld. Het weerstandsvermogen geeft inzicht in de financiële gezondheid van onze gemeente. Het geeft aan in welke mate wij in staat zijn om financiële risico’s op te vangen. Ook presenteren wij hier de financiële kengetallen. • Onderhoud kapitaalgoederen Deze paragraaf geeft inzicht in onze kapitaalgoederen. De kosten van het onderhoud van onze wegen, openbare verlichting, riolering en water, groen en gebouwen vormen een substantieel deel van de begroting. • Financiering In de financieringsparagraaf bespreken wij de uitvoering van het beleid en de specifieke beleidsvoornemens op het gebied van treasury. • Bedrijfsvoering De bedrijfsvoering betreft de processen binnen onze gemeentelijke organisatie om de beleidsdoelstellingen te kunnen realiseren, sturen en beheersen. Bedrijfsvoering bestaat uit de onderdelen personeel en organisatie, informatievoorziening en automatisering, planning en control, communicatie, inkoop en aanbesteding en juridische zaken. • Verbonden partijen Een gemeente werkt vaak samen met andere gemeenten of externe partijen om bepaalde doelen te bereiken. Als deze samenwerking in een bestuurlijke en financiële vorm wordt gegoten, spreken we van een verbonden partij.
In deze paragraaf lichten wij deze verbonden partijen, hun beleidsdoelstellingen en activiteiten en de hiermee gemoeid zijnde gemeentelijke bijdragen nader toe. • Grondbeleid Het grondbeleid heeft een grote invloed op en samenhang met de realisatie van doelstellingen op het gebied van ruimtelijke ordening en volkshuisvesting, verkeer en vervoer, cultuur, sport en recreatie en economische zaken. Het gaat om grote belangen in diverse disciplines. Daarnaast heeft het grondbeleid een grote financiële impact. De resultaten op grondexploitaties zijn dan ook van groot belang voor de financiële positie van onze gemeente. • Wet open overheid 11
In artikel 3.5 (Openbaarheidsparagraaf) van de Wet open overheid (Woo) wordt voorgeschreven dat bestuursorganen in de jaarlijkse begroting in een aparte paragraaf aandacht besteden aan de beleidsvoornemens inzake de uitvoering van deze wet en in de jaarlijkse verantwoording verslag doen van de uitvoering ervan, mede in relatie tot de beleidsvoornemens. In de memorie van toelichting bij de Woo staat o.a. dat met dit artikel beoogd wordt een impuls te geven aan de actieve openbaarheid door voor te schrijven dat bestuursorganen in hun begroting en verantwoordingsverslag aan moeten geven hoe zij rekening houden met de bepalingen uit de Woo. Financiën In dit hoofdstuk schetsen wij de autorisatie, kaders en uitgangspunten, financiële ontwikkelingen en het financieel meerjarenbeeld voor de komende jaren. Ook hebben wij hier de verplichte onderdelen als het overzicht van baten en lasten naar taakvelden, het overzicht van algemene dekkingsmiddelen, het overzicht van incidentele baten en lasten, de balans en de berekening van het EMU-saldo opgenomen. Tot slot presenteren wij een aantal bijlagen.
12
PROGRAMMA'S
13
0. BESTUUR EN ONDERSTEUNING ALGEMEEN
Omschrijving Dit programma gaat over de beleidsvelden bestuur, gemeentelijke organisatie, dienstverlening en belastingen. Wat willen we? Wij stellen in ons handelen goede dienstverlening aan onze inwoners, ondernemers en maatschappelijke organisaties centraal. We willen meer gebruik maken van digitalisering om dienstverlening te verbeteren en zetten daarbij ook in op het versimpelen en digitaal toegankelijk maken van onze dienstverlening. We nemen onze inwoners serieus en betrekken hen actief bij het maken van ons beleid en de uitvoering. Door vanuit respect, gelijkwaardigheid en transparantie te denken en te doen, zorgen we voor een goede basis voor de organisatie van morgen. We werken daarom ook aan strategisch personeelsbeleid. De financiën van onze gemeente zijn op orde en dat willen we zo houden. Ontwikkelingen Organisatieontwikkeling Kijkend naar 2024 en verder gaan wij verder bouwen aan een robuuste en wendbare organisatie. De aanpassing van de structuur is een randvoorwaarde om een verdere doorontwikkeling in de robuustheid en wendbaarheid mogelijk te maken. De vele opgaven die op ons afkomen zoals: de energietransitie, klimaatadaptatie, omgevingswet, schaarste woningen en veranderingen in het sociale domein leiden tot grote veranderopgaven.
De organisatieontwikkeling is nodig om de sturing, beheersing en verantwoording op termijn effectiever en efficiënter te maken en te werken aan meer strategische slagkracht. Doen we de goede dingen en doen we de dingen goed. We gaan werken aan de uitdagingen vanuit drie niveaus, namelijk op: domein-, team- en medewerker niveau. Hiermee bouwen we samen verder aan een robuuste organisatie, waarbij eventuele toekomstige nieuwe of uit te besteden taken (voortkomend uit veranderende opgaven, politieke of organisatorische overwegingen) eenvoudig in of buiten de domeinen gepositioneerd kunnen worden. Wij zijn daarom van mening dat deze beoogde hoofdstructuur een positief effect heeft op het adaptieve vermogen van de organisatie, en daarmee de toekomstbestendigheid van de Gemeente Zevenaar als organisatie. De provincie Gelderland onderschrijft de organisatiewijziging en heeft het commitment uitgesproken om het doorontwikkelingstraject financieel en met kennis en kunde te faciliteren, via de subsidieregeling Vitaal Openbaar Bestuur, en aangegeven dat dit een mooie en krachtige ontwikkelrichting is en een voorbeeld voor de regio kan vormen. Bezwaar- en beroep WOZ-waarde De gemeente bepaalt de waarde van (niet) woningen op grond van de Wet Waardering Onroerende Zaken. De hoogten van de OZB is gebaseerd op de WOZ-waarde, welke in Zevenaar gemiddeld is gestegen met 14,5%.
De gemeente ontvangt niet meer OZB als gevolg van de waardestijging omdat we een lager OZBtarief rekenen. We zien dat de hoogte van de WOZ-waarden de laatste jaren meer discussie bij belastingplichtigen oproept. Dit is een landelijke tendens die gepaard gaat met fors meer bezwaren. De toename van bezwaren zien we in het bijzonder bij de no-cure-no-pay bedrijven die namens belastingplichtigen bezwaren indienen. In Zevenaar is ruim de helft van het aantal bezwaren ingediend door deze bedrijven die hier winsten mee maken. De gemeente betaalt zo’n bureau een verplichte proceskostenvergoeding indien het bezwaar of het beroep gegrond is. Uiteindelijk betaalt de gemeenschap dan de kosten van die bureaus. Bij de afhandeling van de bezwaren bezoekt de gemeente veelal de bezwaarmaker en hoort daarbij zijn/haar grieven. Dit persoonlijk contact wordt op prijs gesteld. Gelet op de aard en de spreiding van de bezwaren over de gemeente verwachten we in 2024 en verder dat het aantal bezwaren stabiliseert dan wel vermindert. Ontwikkeling I&A organisatie Het bestuur van de gemeenschappelijke regeling Samenwerking de Liemers (SdL) heeft de huidige 14
samenwerking van de Regionale ICT-Dienst (RID) herijkt. Dit is opgenomen in ons collegeprogramma. De SdL zet op basis van de rapportage ‘Toekomstvisie RID de Liemers’ van M&I/partners de huidige ICTsamenwerking voort en intensiveert deze. Daarbij geldt wel als belangrijk uitgangspunt dat er een omschakeling plaats vindt van een “kostengedreven organisatie” naar focus op de professionaliteit en toegevoegde waarde van de RID. Binnen de gemeentelijke organisatie is het van belang om een goede vertaling te kunnen maken van gemeentelijke vraagstukken naar ICT-oplossingen en daardoor de dienstverlening naar burgers en bedrijven te verbeteren. Dit noodzaakt dat we onze eigen I-organisatie verder verstevigen en dichtbij het primaire proces van het sociale en fysieke domein organiseren. Leidend voor deze ontwikkeling zijn actuele I&A-visie en strategie, waarbij de I (de hoofdletter i) staat voor informatievoorziening, informatiebeveiliging en innovatie. Belangrijke speerpunten zijn onder meer een cloudstrategie, heldere governance, datagedreven werken en digitale volwassenheid. Een belangrijke lijn in onze aanpak/I&A-strategie is dat we fasegewijs nieuwe zaken oppakken. Wij merken dat wij als gemeente de komende jaren geconfronteerd worden met een aanzienlijke hoeveelheid nieuwe wet- en regelgeving.
Denkt u dan bijvoorbeeld aan wet digitale overheid, wet modernisering bestuurlijk elektronische verkeer en de nieuwe archiefwet. Wetten met steeds meer ICT-aspecten en componenten met impact voor de informatiehuishouding van Zevenaar. We houden in deze steeds meer digitalere samenleving oog voor de individuele behoefte van al onze inwoners. Ontvlechting Inkoop Zevenaar wil de inkoopfunctie professionaliseren met als doel beter in control te komen op het complexe inkoopproces. Met name het waarmaken van de ambities en opgaven in het collegeprogramma (duurzaamheid, social return en regionale inkoop) en het rechtmatig/doelmatig aanbesteden maakt het uitdagend goed grip te houden op het inkoopproces. Dit gaan we doen door de inkoop dichterbij te organiseren. Wij verwachten dat in 2024 de ontvlechting van de SdL is uitgevoerd en wij een start kunnen maken met invoeren van het bestuurlijk coördinatiemodel. Hierbij zijn afdelingen zelf verantwoordelijk voor inkoop en contractmanagement, waardoor inhoudelijke kennis geborgd is in de uitvoering. Dit doet recht aan de expertise van de vakmensen gepositioneerd in de afdelingen. Wel vindt centrale coördinatie plaats, wat inhoudt dat afdelingen begeleid en ondersteund worden vanuit centraal niveau. Stijgende gas- en elektriciteitskosten Gemeente Zevenaar neemt deel aan het collectief Arnhem-Nijmegen voor de inkoop van gas en elektra.
De energiecontracten liepen op 31 december 2022 af. Per 1 januari 2023 is de levering van electra verlengd bij Greenchoice (voorheen Groene Stroomfabriek) en het gas wordt geleverd door Eneco. Bij beide energieleveranciers is er sprake van een zogenaamd ‘klikcontract’, waarbij de energie – samen met een inkoopadviseur – door Collectief Arnhem-Nijmegen wordt ingekocht. Inmiddels is 90% van de inkoopvolumes voor 2024 vastgeklikt en 40-45% van de inkoopvolumes voor 2025 vastgeklikt. Doordat er diverse prijscomponenten zijn en een aantal van deze prijscomponenten weer afhankelijk zijn van het verbruik per aansluiting, is het lastig om een inschatting te maken van de netto kosten per m3 gas of per kWh elektriciteit. De kale leveringsprijs voor elektriciteit en gas is bijna gehalveerd ten opzichte van 2023 (op basis van 90% inkoopvolume). De lagere inkoopprijzen voor zowel gas als elektriciteit zetten in 2025 door, maar blijven fors hoger dan de leveringsprijzen in 2022. Voor 2024 is de energiebelasting en het BTW tarief op gas en elektra nog onduidelijk. Het enige bekende is dat de energiebelasting op gas wordt verhoogd en op elektriciteit wordt verlaagd, de exacte tarieven worden op Prinsjesdag bekend gemaakt. Hier rekening mee houdende zou de toename in netto kosten voor 2024 ten opzichte van 2022 voor elektriciteit een kleine factor twee zijn, voor gas een ruime factor twee.
Ter vergelijking: in 2023 zijn de netto kosten voor zowel gas als elektriciteit ruim factor 3 ten opzichte van 2022. Flexibele in-, door- en uitstroom personeel We willen voor ons personeelsbestand (formatie) en onze personele bezetting naar een flexibele manier van omgang bij in-, door- en uitstroom. Met deze nieuwe benadering zorgen we dat de vertrekkende medewerker een ‘warme overdracht’ kan organiseren voor de nieuwe medewerker. Hiermee borgen we dat de beschikbare kennis en ervaring bij in-, door- en uitstroom beter wordt behouden en overgedragen. Dit past binnen ons beleid van duurzame inzetbaarheid en aantrekkelijke werkgeverschap in de context van de krappe arbeidsmarkt. In de volgende kadernota vragen we budget aan.
15
Compensatie niet-productieve uren Als gevolg van ontwikkelingen in de demografische opbouw van ons personeelsbestand zal het beroep op wettelijke verlofregelingen (o.a. Wet Arbeid en Zorg) en mantelzorg de komende jaren toenemen. Met deze regelingen ervaren medewerkers een betere werk-privébalans. Landelijk zien we een trendmatige stijging in het ziekteverzuim. Ondanks het feit dat wij hierop acties ondernemen zien ook wij een lichte stijging ontstaan, onder meer in het langdurig verzuim. Met de afname van het aantal productieve uren ontstaat het risico dat andere medewerkers extra belast worden. Om dit te voorkomen en ervoor te zorgen dat de maatschappelijke en bestuurlijke opgaven volgens planning uitgevoerd kunnen worden, is mogelijk op termijn een verruiming van de ambtelijke formatie nodig.
Beleidskaders • Besturingsfilosofie • Dienstverleningsvisie 2018-2022 • Inkoop- en aanbestedingsbeleid 2017 Liemerse gemeenten en SDL • Collegeprogramma 2022-2026 (2022) • Financiële verordening (artikel 212 Gemeentewet) 2023 • Verordening controle financieel beheer en organisatie (artikel 213 Gemeentewet) 2023 • Nota Verbonden partijen • Nota reserves en voorzieningen 2018 • Nota activerings- en afschrijvingsbeleid 2022 • Beleidsnota risicomanagement en weerstandsvermogen 2023 • Nota garantiebeleid 2023 • Normen- en toetsingskader 2023 • Verordening Rekenkamer 2023 • Verordening op de raadscommissies (3e wijziging, 2023)
WAT WILLEN WE? 0. Bestuur en ondersteuning Wij stellen in ons handelen goede dienstverlening aan onze inwoners, ondernemers en maatschappelijke organisaties centraal. We willen meer gebruik maken van digitalisering om dienstverlening te verbeteren en zetten daarbij ook in op het versimpelen en digitaal toegankelijk maken van onze dienstverlening. We nemen onze inwoners serieus en betrekken hen actief bij het maken van ons beleid en de uitvoering. Door vanuit respect, gelijkwaardigheid en transparantie te denken en te doen, zorgen we voor een goede basis voor de organisatie van morgen. We werken daarom ook aan strategisch personeelsbeleid. De financiën van onze gemeente zijn op orde en dat willen we zo houden.