Agendabundel
Tekst van het document
Bundel - Raadsvergaderingen 2022-2026 van 26 november 2025 Agenda bijlagen Agenda raadsvergadering 26 november 2025 1 Opening 2 Vaststellen agenda 3 Benoemingen en ontheffingen 3.a Z/25/504679 Benoeming van A.L. (Sander) Artz tot commissielid namens Sociaal Zevenaar Portefeuillehouder: Lucien van Riswijk Raadsvoorstel en -besluit 1277679 - Benoeming van A.L. (Sander) Artz tot commissielid namens Sociaal Zevenaar 4 Mededelingen 4.a Mededelingen raadsleden vanuit hun vertegenwoordigende rol in diverse gemeenschappelijke doelen 4.b Mededelingen college 5 Mondelinge vragen aan het college 6 Hamerstukken 6.a Z/25/502131 Vaststelling stedenbouwkundig plan project Slenterweg Portefeuillehouder: Aad van Orden Raadsvoorstel - en besluit 1272675 - Vaststelling Stedenbouwkundig plan project Slenterweg Bijlage 1. 1272718 - Stedenbouwkundig plan Slenterweg Zevenaar, 30 juni 2025 6.b Z/25/493985 Vaststellen van de Algemene Plaatselijke Verordening 2025 eerste wijziging Gemeente Zevenaar Portefeuillehouder: Lucien van Riswijk Raadsvoorstel - en besluit 1255992 - Vaststellen van de Algemene Plaatselijke Verordening 2025 eerste wijziging gemeente Zevenaar Bijlage 1. 1258541 - Algemene Plaatselijke Verordening 2025 eerste wijziging gemeente Zevenaar Bijlage 2. 1258551 - Was-wordt lijst Algemene plaatselijke verordening 2025 eerste wijziging gemeente Zevenaar Bijlage 3.
1273128 - Wijzigingsbesluit Algemene plaatselijke verordening 2025 eerste wijziging gemeente Zevenaar. Bijlage 4. 1273119 - Handreiking districtelijk model APV ‘ondermijningsproof’ Samen Weerbaar 7 Bespreekpunten 7.a Z/25/500848 Kaders en uitgangspunten Mobiliteitsprogramma gemeente Zevenaar Portefeuillehouder: Toon Albers De fracties van de VVD, D66, GroenLinks, PvdA en Lokaal Belang hebben op dit agendapunt een amendement ingediend (agendapunt 7.a.1.) Raadsvoorstel - en besluit 1269844 - Mobiliteitsprogramma gemeente Zevenaar Bijlage 1. Mobiliteitsprogramma VVD, D66, GroenLinks, PvdA en Lokaal Belang Kaders en uitgangspunten Mobiliteitsprogramma 7.a.1 Amendement gemeente Zevenaar Amendement VVD D66 GL PvdA Lokaal Belang - Kaders en uitgangspunten Mobiliteitsprogramma gemeente Zevenaar 8 Moties vreemd aan de orde van dag De fracties van Sociaal Zevenaar, PvdA en D66 hebben een motie vreemd aan de orde van de dag ingediend inzake "integrale haalbaarheid Sportpark Hengelder (Basis + Plusplan)" (agendapunt 8a).
Motie vreemd Sociaal Zevenaar PvdA D66 Onderzoek naar integrale haalbaarheid Sportpark Hengelder (Basis 8.a + Plusplan) Motie vreemd Sociaal Zevenaar PvdA D66 Onderzoek naar integrale haalbaarheid Sportpark Hengelder (Basis + Plusplan) 9 Vaststellen besluitenlijsten van de vorige raadsvergaderingen De raad wordt gevraagd de besluitenlijsten van de raadsvergaderingen van 28 oktober en 5 november jl. vast te stellen. Besluitenlijst raadsvergadering 28 oktober 2025 (concept) Besluitenlijst raadsvergadering 5 november 2025 (concept) 10 Raadsinformatiebrieven (RIB) ter kennisname 11 Ingekomen stukken afdoen conform advies 1277964 - Lijst ingekomen stukken raad 26 november 2025 12 Sluiting
Agenda raadsvergadering 26 november 2026 Tijd
19:30 uur
Locatie
Raadzaal
Voorzitter
L.J.E.M. van Riswijk
1
Opening
2
Vaststellen agenda
3
Benoemingen en ontheffingen
3.a
Z/25/504679 Benoeming van A.L. (Sander) Artz tot commissielid namens Sociaal Zevenaar Portefeuillehouder: Lucien van Riswijk Voorgesteld besluit: De raad wordt voorgesteld te benoemen tot commissielid namens de fractie van Sociaal Zevenaar: A.L. (Sander) Artz.
4
Mededelingen a. Mededelingen raadsleden vanuit hun vertegenwoordigende rol in diverse gemeenschappelijke doelen b. Mededelingen college
5
Mondelinge vragen aan het college
6
Hamerstukken
6.a
Z/25/502131 Vaststelling stedenbouwkundig plan project Slenterweg Portefeuillehouder: Aad van Orden Voorgesteld besluit: De raad wordt voorgesteld het stedenbouwkundig plan (d.d. 30 juni 2025) voor de woningbouwontwikkeling aan de Slenterweg in Zevenaar vast te stellen.
Pagina 1
6.b
Z/25/493985 Vaststellen van de Algemene Plaatselijke Verordening 2025 eerste wijziging Gemeente Zevenaar Portefeuillehouder: Lucien van Riswijk Voorgesteld besluit: De raad wordt voorgesteld de Algemene Plaatselijke Verordening 2025 eerste wijziging gemeente Zevenaar vast te stellen.
7
Bespreekpunten
7.a
Z/25/500848 Kaders en uitgangspunten Mobiliteitsprogramma gemeente Zevenaar Portefeuillehouder: Toon Albers Voorgesteld besluit: De raad wordt voorgesteld: 1. In te stemmen met de kaders en uitgangspunten van het Mobiliteitsprogramma gemeente Zevenaar “Voor een leefbaar, veilig en bereikbaar Zevenaar”, namelijk: a. Het hoofddoel: “een veilig mobiliteitssysteem dat de leefbaarheid versterkt en de bereikbaarheid waarborgt voor huidige en toekomstige inwoners, ondernemers en bezoekers van de gemeente Zevenaar”. b. Drie subdoelen en de voorgestelde volgorde: (1) Leefbaarder Zevenaar, (2) Verkeersveiliger Zevenaar, (3) Betere multimodale bereikbaarheid. c. Een indeling in mobiliteitsmilieus: (a) centrum en stationsgebied, (b) overige bebouwde kom kern Zevenaar, (c) overige kernen inclusief landelijk gebied. 2. Het college opdracht te geven tot een nadere uitwerking van het Mobiliteitsprogramma met een investeringsplan en uitwerking van het parkeerbeleid. 3. Met ingang van het begrotingsjaar 2026 een structureel budget van € 40.000 beschikbaar te stellen voor eenvoudige maatregelen voor het verbeteren van de verkeersveiligheid.
8
Moties vreemd aan de orde van dag
9
Vaststellen besluitenlijsten van de vorige raadsvergaderingen De raad wordt gevraagd de besluitenlijsten van de raadsvergaderingen van 28 oktober en 5 november jl. vast te stellen.
10
Raadsinformatiebrieven (RIB) ter kennisname
11
Ingekomen stukken afdoen conform advies
Pagina 2
12
Sluiting
Zevenaar, 17 november 2025. De burgemeester van Zevenaar, Lucien van Riswijk
Pagina 3
Raadsvoorstel onderwerp zaaknummer documentnummer portefeuillehouder portefeuille
Benoeming van A.L. (Sander) Artz tot commissielid namens Sociaal Zevenaar Z/25/504679 INT/25/1277679 Lucien van Riswijk Bestuur en ondersteuning
1. Samenvatting De fractie van Sociaal Zevenaar draagt A.L. (Sander) Artz voor ter benoeming tot commissielid. De raad beslist hierover op basis van de voordracht van de fractie. Vooraf controleert de Commissie voor het Onderzoek van de Geloofsbrieven of A.L. (Sander) Artz voldoet aan de voorwaarden voor het lidmaatschap van de commissie. Bij een positief advies kan de raad besluiten tot benoeming. Na benoeming wordt hij geïnstalleerd in de commissie Samenleving en mag hij deelnemen aan commissievergaderingen. 2. Raadsvoorstel Wij adviseren u: 1. te benoemen tot commissielid namens de fractie van Sociaal Zevenaar: A.L. (Sander) Artz. 3. Waarom naar de raad De fractie van Sociaal Zevenaar draagt A.L. (Sander) Artz voor ter benoeming tot commissielid. De raad besluit hierover op grond van artikel 4, tweede lid, van de Verordening op de raadscommissies van de gemeente Zevenaar 2025. De benoeming is nodig zodat A.L. (Sander) Artz op 9 december 2025 kan deelnemen aan de commissievergadering. 4. Doelstelling en beoogd resultaat Doel van dit voorstel is om A.L. (Sander) Artz te benoemen als commissielid namens de fractie van Sociaal Zevenaar, zodat hij op 9 december 2025 kan deelnemen aan de vergadering van de commissie Samenleving. 5. Argumenten en alternatieven Argumenten 1.1. Fracties mogen drie commissieleden voordragen die geen raadslid zijn.
Elke fractie mag maximaal drie commissieleden voordragen die geen raadslid zijn. De fractie van Sociaal Zevenaar heeft momenteel twee commissieleden die geen raadslid zijn en mag daarom nog één commissielid voordragen. Kanttekeningen 1.1. Positief advies van de Commissie voor het Onderzoek van de Geloofsbrieven vereist. Bij een positief advies van de Commissie voor het Onderzoek van de Geloofsbrieven kan de raad overgaan tot benoeming, want dan is vastgesteld dat aan alle benoemingsvoorwaarden is voldaan. Is het advies van de commissie negatief, dan kan de raad niet overgaan tot benoeming.
6. Hoe gaan we dat bereiken en is evaluatie nodig? Om als commissielid deel te kunnen nemen aan vergaderingen, moeten eerst een aantal stappen worden doorlopen zoals vastgelegd in artikel 4 van de Verordening op de raadscommissies van de gemeente Zevenaar 2025. Evaluatie is niet nodig, omdat de benoeming een formele stap betreft die volgens vaste regels verloopt. De stappen staan hieronder uitgelegd: Stap 1. Voordracht door de fractie: Een fractie heeft een persoon voorgedragen als commissielid. Dit is de eerste stap in het proces. Stap 2. Geloofsbrievenonderzoek: De Commissie voor het onderzoek van de Geloofsbrieven onderzoekt aan de hand van de daarvoor aangeleverde documenten of de voorgedragen persoon voldoet aan de voorwaarden. Voor commissieleden gelden dezelfde regels als voor raadsleden, zoals vastgelegd in de artikelen 10, 11, 12, 13 en 15 van de Gemeentewet. Stap 3. Besluit van de gemeenteraad: Als de Commissie voor het onderzoek van de Geloofsbrieven een positief advies geeft, beslist de gemeenteraad of de voorgedragen persoon wordt benoemd. Stap 4. Eed of belofte en deelname aan vergaderingen: Na de benoeming wordt het nieuwbenoemde commissielid uitgenodigd voor de eerstvolgende commissievergadering. Daar legt hij of zij de eed of verklaring en belofte af. Vanaf dat moment mag hij of zij ook actief deelnemen aan de commissievergaderingen. 7.
Klimaat en duurzaamheid Niet van toepassing. 8. Communicatie Na besluitvorming ontvangt het nieuwbenoemde commissielid een kopie van het raadsbesluit. 9. Kosten, baten en dekking Op grond van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers ontvangt een commissielid vanaf het moment van beëdiging een vergoeding per bijgewoonde commissievergadering, ten laste van de gemeente. De hoogte van deze vergoeding is afhankelijk van het aantal inwoners van de gemeente. Op deze vergoeding is de fiscale vrijwilligersregeling van toepassing, zoals vastgesteld in raadsbesluit INT/23/1154719 van 28 juni 2023. 10. Bijlagen Niet van toepassing Voorzitter en griffier van de raad van de gemeente Zevenaar De griffier Lennart Sluis
zaaknummer Z/25/504679
De burgemeester Lucien van Riswijk
pagina 2 van 3
Raadsbesluit onderwerp zaaknummer documentnummer
Benoeming van A.L. (Sander) Artz tot commissielid namens Sociaal Zevenaar Z/25/504679 INT/25/1277679
De raad van de gemeente Zevenaar; gelezen het voorstel van de voorzitter en de griffier van 21 november 2025 met kenmerk INT/25/1277679; gelet op artikel 4 van de Verordening op de raadscommissies van de gemeente Zevenaar 2025; gehoord en gelezen het verslag van de Commissie voor het onderzoek van de Geloofsbrieven; overwegende dat deze commissie de geloofsbrieven heeft onderzocht en in orde bevonden; besluit: 1. te benoemen tot commissielid namens de fractie van Sociaal Zevenaar: A.L. (Sander) Artz. Aldus besloten in de openbare vergadering van de raad van de gemeente Zevenaar, gehouden op 26 november 2025. De griffier Lennart Sluis {{ZTA:Type(certificate):Signatory(0):Size(140:45)}}
zaaknummer Z/25/504679
De burgemeester Lucien van Riswijk {{ZTA:Type(certificate):Signatory(1):Size(140:45)}}
pagina 3 van 3
Raadsvoorstel onderwerp zaaknummer documentnummer portefeuillehouder portefeuille
Vaststelling Stedenbouwkundig plan project Slenterweg Z/25/502131 INT/25/1272675 A. van Orden Ruimtelijke ontwikkeling
1. Samenvatting Rotij Grondontwikkeling Oost B.V. heeft – in samenwerking met Van Campen Bouwgroep B.V. – het voornemen om circa 110 woningen te realiseren aan de Slenterweg in Zevenaar. Dit plan is in lijn met de gemeentelijke omgevingsvisie. Het te ontwikkelen perceel is momenteel nog in gebruik als agrarische grond en sluit aan op het bestaande buurtschap Ooy. De gemeente heeft een faciliterende rol, wat inhoudt dat wij niet de initiatiefnemer zijn van het plan, maar het proces tot wijziging van het omgevingsplan begeleiden. Een eerste stap in het planologische proces is de vaststelling van het stedenbouwkundig plan. 2. Raadsvoorstel Wij stellen de raad voor: 1. het stedenbouwkundig plan (d.d. 30 juni 2025) voor de woningbouwontwikkeling aan de Slenterweg in Zevenaar vast te stellen. 3. Waarom naar de raad Door de raad in deze fase van de planvorming te betrekken kan zij zich uitspreken over de ruimtelijke en programmatische keuzes die tot nu toe zijn gemaakt. Gelet op de omvang van het project Slenterweg is het gewenst dat de gemeenteraad in dit stadium al actief betrokken wordt. 4. Doelstelling en beoogd resultaat De vaststelling van het stedenbouwkundig plan markeert de afronding van een fase in het planproces. Aan de hand van het vastgestelde stedenbouwkundig plan wordt de vervolgprocedure ingezet. 5.
Argumenten en alternatieven Argumenten 1.1 Het stedenbouwkundig plan voldoet aan de uitgangspunten van de omgevingsvisie In de omgevingsvisie, en meer specifiek de bouwsteenkaart ‘Wonen’, zijn de zoekgebieden voor woningbouw visueel gemaakt. De locatie Slenterweg valt daaronder. Daarnaast is dit project specifiek benoemd bij de beschrijving van de ontwikkeling van buurtschap Ooy (paragraaf 10.2.2). Voor het overige biedt de omgevingsvisie geen specifieke kaders voor de ontwikkeling. 1.2 Het plan is vanuit stedenbouwkundig, landschappelijk en verkeerskundig oogpunt passend Hoewel het niet strak tegen de jaren ‘90 wijk Ooy wordt aangelegd, is er wel op ingezet om deze nieuwe ontwikkeling als logische vervolg hierop te zien. Hiertoe worden ruimtelijke koppelingen gelegd op het vlak van zowel stedenbouw als landschap.
Hoofdopzet De te ontwikkelen locatie is in de basis een vrij standaard perceel, gelegen tegen een eigenzinnig vormgegeven bestaande stedenbouwkundige omgeving. Door voldoende aandacht te geven aan logische verbindingen en de interne en omliggende groene ruimte kan deze uitbreidingslocatie tot een aantrekkelijk nieuw woongebied ontwikkeld worden, verweven binnen de bestaande ruimtelijke context. Stedenbouw Binnen het plangebied wordt qua woningtypologieën een logische uitbreiding gegeven aan de wijk Ooy. Een relatief luchtige bebouwingsopzet met het nodige groen van formaat, waarbij wordt ingezet op een grondgebonden programma van rijwoningen, tweekappers en vrijstaande woningen. Een nadere uitwerking van het architectuurbeeld volgt in het vervolgtraject. Huisvesting van bijzondere doelgroepen is nog niet concreet in het plan opgenomen, maar kan in de nadere uitwerking binnen de geboden hoofdstructuur overwogen worden indien de vraag zich hiertoe aandient. Logische verbindingen vanuit de bestaande woonomgeving worden opgepakt om richting deze uitbreiding te gaan en openbare verblijfsruimte te koppelen. De tussenliggende groenstructuur tussen bestaande en nieuwe woonomgeving wordt rianter van maat en in samenspraak met het Waterschap heringericht om een meerwaarde te kunnen bieden op het vlak van waterberging, biodiversiteit en beleving.
Landschap Het principe van een omliggend groen verblijfs-/uitloopgebied zoals aan de noord- en westzijde van Ooy reeds aanwezig wordt verder uitgebreid en vormt tegelijkertijd een groene overgang naar de bestaande woningen aan de noordzijde en richting de doorgaande Pannerdenseweg aan de westzijde. De bijbehorende padenstructuren in het groen worden onderdeel van een steeds groter geheel, waardoor het gebied steeds beter als uitloopgebied voor een grote doelgroep kan fungeren en waar tevens ruimte is voor toevoeging van landschapselementen, de waterbergingsopgave en speelvoorziening. Ook binnen de wijk is er ruimte voor twee evenwichtig over het plangebied verdeelde groene ruimtes van formaat die, vrij van autoverkeer, bijdragen aan het woongenot en het groene karakter van de wijk. Verkeer Autoverkeer wordt afgewikkeld via een duidelijke hoofdentree aan de Slenterweg, waarbij door middel van een heldere lus-structuur de woonomgeving wordt ontsloten. Woningen met eigen opstelplekken voor de auto zijn direct hieraan gelegen. Het verdere parkeren is direct aan deze lus gelegen en wordt in een drietal grote ‘verscholen’ parkeervelden opgelost. Dit resulteert verder in een grotendeels autovrije en autoluwe openbare ruimte waarbij fietsen en wandelen gestimuleerd worden boven autogebruik, zeker voor de korte afstanden.
Dit laatste sluit aan bij de in het mobiliteitsprogramma genoemde doelstelling voor de kern Zevenaar.
zaaknummer Z/25/502131
pagina 2 van 6
Fig 1. Stedenbouwkundig plan 1.3 Het plan levert een belangrijke bijdrage aan de woningbouwopgave In de concept anterieure overeenkomst, die ten grondslag ligt aan de verdere planuitwerking, zijn afspraken gemaakt over het woningbouwprogramma. Hoewel dit een voorlopige afspraak is, en er op onderdelen nog beperkte afwijkingen mogelijk zijn, ziet dit programma er als volgt uit: Aantal 33 12 10 16 26 13 110
Type Sociale huurwoningen Goedkope koopwoningen (rijwoningen) Betaalbare koopwoningen (hoekwoningen) Betaalbare koopwoningen of Middenhuurwoningen (rijwoningen) Vrije sector Woningen (tweekapper) Vrije sector Woningen (vrijstaand) Totaal
Hieruit blijkt dat met het plan met name wordt ingezet op de sociale en betaalbare woningsector. 71 van de 110 woningen vallen in dit segment. Daarmee wordt ruimschoots voldaan aan de norm.
zaaknummer Z/25/502131
pagina 3 van 6
1.4 Het plan lijkt ruimtelijk inpasbaar Bij het opstellen van het stedenbouwkundig plan is ook aandacht besteed aan de ruimtelijke inpasbaarheid van het plan. Zo is onderzocht hoe de nieuwe woonomgeving zich verhoudt tot de nabije agrarische bedrijvigheid, is akoestisch onderzoek verricht en naar de staat van de bodem gekeken. Voorlopig vloeien uit die onderzoeken geen rode seinen voort. Uiteraard zijn er aandachtspunten die in het vervolg van de procedure nog nader onderzocht moeten worden. Denk hierbij aan het stikstofeffect en spuitzonering. Evenwel is de verwachting dat het plan kan voldoen aan het vereiste van een evenwichtige toedeling van functies aan locaties. 1.5 Participatie is reeds in gang gezet met overwegend positieve respons De ontwikkelende partijen zijn reeds in gesprek met de omgeving en potentiële woningkopers. Hiertoe zijn onder andere al twee goed bezochte informatiebijeenkomsten geweest. In hoofdlijnen is hier positief gereageerd op de plannen waarbij (zeker in deze woningmarkt) er vanuit de kopersmarkt voldoende animo is. Alternatieven n.v.t. 6. Hoe gaan we dat bereiken en is evaluatie nodig? De vaststelling van het stedenbouwkundig plan is onderdeel van het planologisch proces om te komen tot realisatie van een nieuwe woonwijk. Aan de hand van het stedenbouwkundig plan wordt de aanpassing van het omgevingsplan verder vorm gegeven.
De gemeenteraad wordt op termijn ook gevraagd om met deze aanpassing in te stemmen. Evaluatie van voorliggend besluit is niet nodig. 7. Klimaat en duurzaamheid Bij iedere ruimtelijke ontwikkeling dient op basis van de provinciale Omgevingsverordening aandacht te worden besteed aan het aspect klimaatadaptatie. Ook duurzaamheid is een aspect dat in het kader van een evenwichtige toedeling van functies aan locaties van belang is. Bij het opstellen van het stedenbouwkundig plan zijn deze aspecten op hoofdlijnen meegenomen, bijvoorbeeld bij de positionering van de woningen en de inrichting van het openbaar gebied. De volgende stap in de planvorming is het opstellen van een omgevingsplan, inclusief toelichting. Hierin wordt nader ingegaan op deze aspecten. 8. Communicatie De vaststelling van het stedenbouwkundig plan hoeft niet te worden gepubliceerd in het gemeenteblad. Initiatiefnemer heeft de omgeving tweemaal geïnformeerd over de plannen via een informatie- en inloopavond. Deze bijeenkomst heeft geleid tot waardevolle input vanuit omwonenden wat heeft geresulteerd in aanpassingen aan het stedenbouwkundig plan. Daarnaast heeft de ontwikkelaar meerdere gesprekken gevoerd met de Dorpsraad Ooy en op individueel niveau contact gehad met enkele direct betrokkenen.
Op basis hiervan kan worden geconcludeerd dat het voorliggende stedenbouwkundige plan kan rekenen op voldoende draagvlak, met name onder de woningzoekenden die in grote getale aanwezig waren bij de laatste informatieavond. 9. Kosten, baten en dekking Het voorliggende plan betreft een zogenaamde facilitaire grondontwikkeling. Dit betekent dat de gemeente geen actieve rol speelt in de grondexploitatie. Alle kosten die voortvloeien uit de planontwikkeling, evenals het bouw- en woonrijp maken van de gronden, komen volledig voor rekening
zaaknummer Z/25/502131
pagina 4 van 6
van de ontwikkelaar. In een anterieure overeenkomst zijn duidelijke afspraken vastgelegd over het kostenverhaal voor o.a. de begeleiding van het planproces. 10. Bijlagen De volgende bijlagen horen bij dit voorstel: Volgorde 1.
Documentnummer INT/25/1272718
Naam Stedenbouwkundig plan Slenterweg, 30 juni 2025
Burgemeester en wethouders van Zevenaar
De secretaris Danielle Jansen
zaaknummer Z/25/502131
De burgemeester Lucien van Riswijk
pagina 5 van 6
Raadsbesluit onderwerp zaaknummer documentnummer
Vaststelling Stedenbouwkundig plan project Slenterweg Z/25/502131 INT/25/1272675
De raad van de gemeente Zevenaar; overwegende dat; • • • •
Een planologisch kader vastgesteld moet worden om de realisatie van 110 woningen aan de Slenterweg in Zevenaar mogelijk te maken; Onderdeel van het planologisch proces het opstellen van een stedenbouwkundig plan is; Het voorliggende stedenbouwkundig plan vanuit stedenbouwkundig, landschappelijk, verkeerskundig en programmatisch oogpunt past in het gemeentelijk beleid; Het voorliggende stedenbouwkundig plan de basis vormt voor de op te stellen aanpassing van het omgevingsplan;
gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van Zevenaar: Gelet op de bevoegdheid uit artikel 2.4 van de Omgevingswet om het omgevingsplan te wijzigen: besluit: 1. Het stedenbouwkundig plan (d.d. 3 juni 2025) voor de woningbouwontwikkeling aan de Slenterweg in Zevenaar vast te stellen. Aldus besloten in de openbare vergadering van de raad van de gemeente Zevenaar, gehouden op 26 november 2025. De griffier Lennart Sluis {{ZTA:Type(certificate):Signatory(0):Size(140:45)}}
zaaknummer Z/25/502131
De burgemeester Lucien van Riswijk {{ZTA:Type(certificate):Signatory(1):Size(140:45)}}
pagina 6 van 6
Raadsvoorstel onderwerp zaaknummer documentnummer portefeuillehouder portefeuille
Vaststellen van de Algemene Plaatselijke Verordening 2025 eerste wijziging gemeente Zevenaar Z/25/493985 INT/25/1255992 Lucien van Riswijk Openbare Orde & Veiligheid
1. Samenvatting Het raadsvoorstel heeft als doel om de Algemene Plaatselijke Verordening 2025 eerste wijziging gemeente Zevenaar (hierna: APV) vast te stellen. Er is een uitvraag gedaan bij relevante interne en externe partners om te inventariseren welke wensen er zijn met betrekking tot de APV. Daarnaast zijn er redactionele wijzigingen doorgevoerd vanuit de Handreiking APV ‘ondermijningsproof’ van de werkgroep ‘Samen Weerbaar’ om de APV ondermijningsproof te maken. Een belangrijke inhoudelijke wijziging van de APV is de wijziging in artikel 2:74 drugshandel op straat. 2. Raadsvoorstel Wij stellen u voor om: 1. de Algemene Plaatselijke Verordening 2025 eerste wijziging gemeente Zevenaar vast te stellen; 3. Waarom naar de raad De raad is op basis van artikel 147 en 149 van de Gemeentewet bevoegd om gemeentelijke verordeningen vast te stellen over lokale aangelegenheden en die hij in het belang van de gemeente nodig oordeelt. 4. Doelstelling en beoogd resultaat Om de veiligheid en leefbaarheid voor de inwoners van gemeente Zevenaar te vergroten is het up-to-date houden van de APV noodzakelijk. Met het actualiseren van de APV is deze in lijn met de laatste wet- en regelgeving vanuit de Handreiking APV ‘ondermijningsproof’ van de werkgroep ‘Samen Weerbaar’. 5.
Argumenten en alternatieven Argumenten We voeren jaarlijkse redactionele wijzigingen door Dit jaar heeft de VNG geen modelverordening voor de APV opgesteld. De VNG voorziet wel een ingrijpende herziening van de model APV eind 2026 om de APV aan te passen aan de Omgevingswet en het omgevingsplan. Met deze wijzigingen voeren we slechts wijzigingen door op advies van de werkgroep ‘Samen Weerbaar’ om de APV ondermijningsproof te maken. Dit zijn soms ook enkel redactionele of tekstuele aanpassingen. Zie hiervoor de ‘was-wordt lijst’ Algemene Plaatselijke Verordening 2025 eerste wijziging gemeente Zevenaar, bijlage 2, bij dit raadsvoorstel.
Wijziging in artikel 2:74 ‘drugshandel op straat’ De omschrijving van de overtreding wordt duidelijker gesteld. De wijziging wordt uitgebreid en richt zich nu ook tot het ‘ophouden op een openbare plaats met het kennelijke doel om..’. Daarnaast is het artikel geactualiseerd door ook designerdrugs onder de reikwijdte te brengen, door een verwijzing naar artikel 2a van de Opiumwet toe te voegen. Wijziging van benamingen vanwege de komst van de Omgevingswet Meerdere typen wetgeving worden samengevoegd in de Omgevingswet. Hierdoor moeten er redactioneel nog enkele oudere benamingen van wetten vervangen worden door de Omgevingswet deze worden vooruitlopend op de herziening van de model APV in 2026 al verwerkt. Alternatieven Niet van toepassing. 5 Hoe gaan we dat bereiken en is evaluatie nodig? De APV wordt jaarlijks geëvalueerd en gewijzigd op basis van documenten van de VNG en op basis van ambtelijke en bestuurlijke afstemming. 6 Klimaat en duurzaamheid Niet van toepassing. 7 Communicatie De vernieuwde APV wordt bekendgemaakt in het digitale gemeenteblad. De vernieuwde APV sturen wij naar het Openbaar Ministerie, arrondissementsparket Oost-Nederland en de Politie-eenheid Oost-Nederland, district Gelderland-Midden, basisteam Rivierland-Oost. 8 Kosten, baten en dekking De actualisatie van de APV brengt geen extra kosten met zich mee.
9 Bijlagen De volgende bijlagen horen bij dit voorstel: Volgorde 1.
Documentnummer INT/25/1258541
2.
INT/25/1258551
3.
UIT/25/1273128
4.
INK/25/1273119
zaaknummer Z/25/493985
Naam Algemene Plaatselijke Verordening 2025 eerste wijziging gemeente Zevenaar Was-wordt lijst Algemene Plaatselijke Verordening 2025 eerste wijziging gemeente Zevenaar Wijzigingsbesluit Algemene plaatselijke verordening 2025 eerste wijziging gemeente Zevenaar. Handreiking districtelijk model APV ‘ondermijningsproof’ Samen Weerbaar
pagina 2 van 4
Burgemeester en wethouders van Zevenaar De secretaris Danielle Jansen
zaaknummer Z/25/493985
De burgemeester Lucien van Riswijk
pagina 3 van 4
Raadsbesluit onderwerp zaaknummer documentnummer
Vaststellen van de Algemene Plaatselijke Verordening 2025 eerste wijziging gemeente Zevenaar Z/25/493985 INT/25/1255992
De raad van de gemeente Zevenaar; gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van Zevenaar; gelet op artikel 147 en artikel 149 van de Gemeentewet; besluit: 1.
de Algemene Plaatselijke Verordening 2025 eerste wijziging gemeente Zevenaar vast te stellen;
Aldus besloten in de openbare vergadering van de raad van de gemeente Zevenaar, gehouden op 26 november 2025 De griffier Lennart Sluis {{ZTA:Type(certificate):Signatory(0):Size(140:45)}}
zaaknummer Z/25/493985
De burgemeester Lucien van Riswijk {{ZTA:Type(certificate):Signatory(1):Size(140:45)}}
pagina 4 van 4
Algemene Plaatselijke Verordening 2025 gemeente Zevenaar
1e wijziging
Hoofdstuk 1. Algemene bepalingen Hoofdstuk 2. Openbare Orde en veiligheid, volksgezondheid en milieu
zaaknummer Z/25/493985/INT/25/1258541
pagina 1 van 54
Afdeling 1. Bestrijding van ongeregeldheden Afdeling 2. Betoging Afdeling 3. Verspreiden van gedrukte stukken Afdeling 4. Vertoningen op de weg Afdeling 5. Bruikbaarheid, uiterlijk aanzien en veilig gebruik van openbare plaatsen Afdeling 6. Veiligheid op de weg Afdeling 7. Evenementen Afdeling 8. Toezicht op openbare inrichtingen Afdeling 8a. Bijzondere bepalingen voor paracommerciële instellingen Afdeling 9. Toezicht op inrichtingen tot het verschaffing van nachtverblijf Afdeling 10. Toezicht op speelgelegenheden Afdeling 11. Maatregelen ter voorkoming van overlast, gevaar of schade Afdeling 12. Bepalingen tegen bestrijding van heling van goederen Afdeling 13. Vuurwerk Afdeling 14. Drugsoverlast Afdeling 15. Bestuurlijke ophouding, veiligheidsrisicogebieden en cameratoezicht op openbare plaatsen Afdeling 16. Voor publiek openstaande gebouwen
Hoofdstuk 3. Regulering prostitutie, seksbranche en aanverwante onderwerpen Afdeling 1. Algemene bepalingen Afdeling 2. Vergunning seksbedrijf Afdeling 3. Uitoefenen seksbedrijf Afdeling 4. Overige bepalingen
Hoofdstuk 4. Bescherming van het milieu en het natuurschoon en zorg voor het uiterlijk aanzien van de gemeente Afdeling 1. Geluidhinder en verlichting Afdeling 2. Bodem-, weg- en milieuverontreiniging Afdeling 3. Het bewaren van houtopstanden Afdeling 4. Maatregelen tegen ontsiering en stankoverlast Afdeling 5. kamperen buiten kampeerterreinen
zaaknummer Z/25/493985/INT/25/1258541
pagina 2 van 54
Hoofdstuk 5. Andere onderwerpen betreffende de huishouding der gemeente Afdeling 1. Parkeerexcessen Afdeling 2. Collecteren Afdeling 3. Venten Afdeling 4. Standplaatsen Afdeling 5. Snuffelmarkten Afdeling 6. Openbaar water Afdeling 7. Crossterreinen en gemotoriseerd en ruiterverkeer in natuurgebieden Afdeling 8. Verbod vuur te stoken Afdeling 9. Verstrooiing van as Afdeling 10. Straatnaamborden, huisnummers e.d.
Hoofdstuk 6. Straf-, overgangs- en slotbepalingen
zaaknummer Z/25/493985/INT/25/1258541
pagina 3 van 54
Hoofdstuk 1. Algemene bepalingen Artikel 1:1 Definities In deze verordening wordt verstaan onder: a. openbare plaats: een voor het publiek toegankelijke plaats, waaronder begrepen de weg als bedoeld onder b; b. weg: hetgeen daaronder wordt verstaan in artikel 1, eerste lid, onder b, van de Wegenverkeerswet 1994; c. openbaar water: wateren die voor het publiek bevaarbaar of op andere wijze toegankelijk zijn; d. bebouwde kom: het gebied binnen de grenzen die zijn vastgesteld op grond van artikel 20a van de Wegenverkeerswet 1994; e. rechthebbende: degene die over een zaak zeggenschap heeft krachtens eigendom, bezit, beperkt recht of persoonlijk recht; f.
bouwwerk: elke constructie van enige omvang van hout, steen, metaal of ander materiaal, die op de plaats van bestemming hetzij direct of indirect met de grond verbonden is, hetzij direct of indirect steun vindt in of op de grond, bedoeld om ter plaatse te functioneren;
g. gebouw: hetgeen daaronder wordt verstaan in de bijlage, onder A, bij de Omgevingswet; h. handelsreclame: iedere openbare aanprijzing van goederen of diensten, waarmee kennelijk beoogd wordt een commercieel belang te dienen; i.
bevoegd gezag: bestuursorgaan dat bevoegd is
j. onder het centrum van Zevenaar wordt verstaan: het gebied tussen Kampsingel, Bommersheufsestraat, Schoolstraat, Didamsestraat, Wittenburgstraat, Weverstraat, de Markt, Kerkstraat, Nieuwe Doelenstraat, Molenstraat, Schievestraat en Haspelstraat; k.
bromfiets: hetgeen daaronder wordt verstaan in artikel 1, eerste lid, onder e, van de Wegenverkeerswet 1994;
l.
college: het college van burgemeester en wethouders;
m. motorvoertuig: hetgeen daaronder wordt verstaan in artikel 1 van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990; n. parkeren: hetgeen daaronder wordt verstaan in artikel 1 van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990; o. voertuig: hetgeen daaronder wordt verstaan in artikel 1 van het Reglement verkeersregels en
verkeerstekens 1990,
met uitzondering van kleine wagens zoals kruiwagens en kinderwagens en rolstoelen; p. burgemeester: de burgemeester van de gemeente Zevenaar.
Artikel 1:2 Beslistermijn 1. Het bevoegde bestuursorgaan beslist op een aanvraag voor een vergunning of ontheffing binnen acht weken na de datum van ontvangst van de aanvraag. 2. Het bestuursorgaan kan de termijn voor ten hoogste zes weken verdagen. 3. Dit artikel is niet van toepassing op een aanvraag om een omgevingsvergunning.
zaaknummer Z/25/493985/INT/25/1258541
pagina 4 van 54
Artikel 1:3 Indiening aanvraag (Vervallen)
Artikel 1:4 Voorschriften en beperkingen 1. Aan een vergunning of ontheffing kunnen voorschriften en beperkingen worden verbonden. Deze voorschriften en beperkingen strekken slechts tot bescherming van het belang of de belangen in verband waarmee de vergunning of ontheffing is vereist. 2. Degene aan wie een vergunning of ontheffing is verleend, is verplicht de daaraan verbonden voorschriften en beperkingen na te komen. 3. Dit artikel is niet van toepassing op een omgevingsvergunning.
Artikel 1:5 Persoonlijk karakter van vergunning of ontheffing 1. De vergunning of ontheffing is persoonsgebonden, tenzij bij of krachtens deze verordening anders is bepaald. 2. Het eerste lid is niet van toepassing op een omgevingsvergunning.
Artikel 1:6 Intrekking of wijziging van vergunning of ontheffing 1. De vergunning of ontheffing kan worden ingetrokken of gewijzigd als: a. ter verkrijging daarvan onjuiste of onvolledige gegevens zijn verstrekt; b. op grond van een verandering van de omstandigheden of inzichten opgetreden na het verlenen van de vergunning of ontheffing , intrekking of wijziging noodzakelijk is vanwege het belang of de belangen ter bescherming waarvan de vergunning of ontheffing is vereist; c. de aan de vergunning of ontheffing verbonden voorschriften en beperkingen niet zijn of worden nagekomen; d. van de vergunning of ontheffing geen gebruik wordt gemaakt binnen of gedurende een daarin gestelde termijn dan wel, bij het ontbreken van een gestelde termijn, binnen een redelijke termijn; of e.
de houder dit verzoekt.
2. Het eerste lid is niet van toepassing op een omgevingsvergunning.
Artikel 1:7 Termijnen 1. De vergunning of ontheffing geldt voor onbepaalde tijd, tenzij bij de vergunning of ontheffing anders is de aard van de vergunning of ontheffing zich daartegen verzet.
bepaald of
2. De aard van de vergunning of ontheffing verzet zich in ieder geval tegen gelding voor onbepaalde tijd als het aantal vergunningen of ontheffingen is beperkt en het aantal mogelijke aanvragers het aantal beschikbare vergunningen of ontheffingen overtreft.
Artikel 1:8 Weigeringsgronden 1. De vergunning of ontheffing kan door het daartoe bevoegde gezag worden geweigerd in het belang van: a. de openbare orde; b. de openbare veiligheid;
zaaknummer Z/25/493985/INT/25/1258541
pagina 5 van 54
c. de volksgezondheid; d. de bescherming van het milieu. 2. Het bevoegde bestuursorgaan kan, onverminderd het elders in deze verordening bepaalde, een toestemming weigeren. Indien de aanvrager voorschriften, verbonden aan een eerdere toestemming voor een soortgelijke activiteit of beperkingen waaronder zo’n toestemming is verleend, niet heeft nageleefd en het vermoeden gerechtvaardigd is dat indien de gevraagde toestemming wordt verleend, hij ook daaraan verbonden voorschriften of beperkingen waaronder zij zou worden verleend, niet zal naleven. 3. Een vergunning of ontheffing kan ook worden geweigerd als de aanvraag wordt ingediend minder dan drie weken vóór het tijdstip waarop de aanvrager deze nodig heeft.
zaaknummer Z/25/493985/INT/25/1258541
pagina 6 van 54
Hoofdstuk 2. Openbare orde en veiligheid, volksgezondheid en milieu Afdeling 1. Voorkomen of bestrijden van ongeregeldheden Artikel 2:1 Samenscholing en ongeregeldheden 1. Het is verboden op een openbare plaats deel te nemen aan een samenscholing, onnodig op te dringen, te vechten of door uitdagend gedrag aanleiding te geven tot ongeregeldheden. 2. Een ieder die op een openbare plaats aanwezig is bij een voorval waardoor ongeregeldheden ontstaan of dreigen te ontstaan, of bij een tot toeloop van publiek aanleiding gevende gebeurtenis waardoor ongeregeldheden ontstaan of dreigen te ontstaan, dan wel zich bevindt in of aanwezig is bij een samenscholing, is verplicht op bevel van een ambtenaar van politie zijn weg te vervolgen of zich in de door hem aangewezen richting te verwijderen. 3. Het is verboden zich te begeven naar of zich te bevinden op openbare plaatsen die door het bevoegde bestuursorgaan in het belang van de openbare veiligheid of ter voorkoming van wanordelijkheden zijn afgezet. 4. De burgemeester kan ontheffing verlenen van het verbod, bedoeld in het derde lid. 5. Dit artikel is niet van toepassing op betogingen, vergaderingen en godsdienstige en levensbeschouwelijke samenkomsten als bedoeld in de Wet openbare manifestaties. 6.
Op de aanvraag om een vergunning / ontheffing is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) niet van toepassing.
Afdeling 2. Betoging Artikel 2:2 Optochten [gereserveerd]
Artikel 2:3 Kennisgeving betogingen op openbare plaatsen 1. Degene die het voornemen heeft op een openbare plaats een betoging te houden, waaronder begrepen een samenkomst als bedoeld in artikel 3, eerste lid, van de Wet openbare manifestaties, geeft daarvan voor de openbare aankondiging en ten minste 48 uur voordat de betoging wordt gehouden, schriftelijk kennis aan de burgemeester. 2. De kennisgeving bevat: a. naam en adres van degene die de betoging houdt; b. het doel van de betoging; c. de datum waarop de betoging wordt gehouden en het tijdstip van aanvang en van beëindiging; d. de plaats en, voor zover van toepassing, de route en de plaats van beëindiging; e. voor zover van toepassing, de wijze van samenstelling; f.
maatregelen die degene die de betoging houdt zal treffen om een regelmatig verloop te bevorderen.
zaaknummer Z/25/493985/INT/25/1258541
pagina 7 van 54
3. Degene die de kennisgeving doet, ontvangt daarvan een bewijs waarin het tijdstip van de kennisgeving is vermeld. 4. Als het tijdstip van de schriftelijke kennisgeving valt op een vrijdag na 12.00 uur, een zaterdag, een zondag of een algemeen erkende feestdag, wordt de kennisgeving gedaan uiterlijk op de werkdag die aan de dag van dat tijdstip voorafgaat vóór 12.00 uur. 5. De burgemeester kan in bijzondere omstandigheden de in het eerste lid genoemde termijn verkorten en een mondelinge kennisgeving in behandeling nemen.
Artikel 2:4 Afwijking termijn (Vervallen; opgenomen in artikel 2:3)
Artikel 2:5 Te verstrekken gegevens (Vervallen; opgenomen in artikel 2:3)
Afdeling 3. Verspreiden van gedrukte stukken Artikel 2:6 Verspreiden geschreven of gedrukte stukken of afbeeldingen 1. Het is verboden gedrukte of geschreven stukken dan wel afbeeldingen onder publiek te verspreiden dan wel openlijk aan te bieden op door het college aangewezen openbare plaatsen. 2. Het college kan de werking van het verbod beperken tot bepaalde dagen en uren. 3. Het verbod is niet van toepassing op het huis-aan-huis verspreiden of het aan huis bezorgen van gedrukte of geschreven stukken en afbeeldingen. 4. Het college kan ontheffing verlenen van het verbod. 5. Op de aanvraag om een ontheffing is paragraaf 4.1.3.3. van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) niet van toepassing.
zaaknummer Z/25/493985/INT/25/1258541
pagina 8 van 54
Afdeling 4. Vertoningen op de weg Artikel 2:7 Feest, muziek en wedstrijd e.d. (Vervallen; opgenomen in artikel 2:25)
Artikel 2:8 Dienstverlening (Vervallen)
Artikel 2:9 Vertoningen op openbare plaatsen 1. Het is verboden ten behoeve van publiek als straatartiest, straatfotograaf, tekenaar, filmoperateur of gids op te treden op door de burgemeester in het belang van de openbare orde, de openbare veiligheid, de volksgezondheid of het milieu aangewezen openbare plaatsen. 2. De burgemeester kan de werking van het verbod beperken tot bepaalde dagen en uren. 3. De burgemeester kan ontheffing verlenen van het verbod. 4. Op de aanvraag om een ontheffing is paragraaf 4.1.3.3. van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) niet van toepassing.
Afdeling 5. Bruikbaarheid, uiterlijk aanzien en veilig gebruik van openbare plaatsen Artikel 2:10 Voorwerpen op of aan de weg of openbare plaats Vervallen. Opgenomen in de Verordening Fysieke Leefomgeving.
Artikel 2:11 Omgevingsvergunning voor het aanleggen, beschadigen en veranderen van een weg Vervallen. Opgenomen in de Verordening Fysieke Leefomgeving.
Artikel 2:12 Maken of veranderen van een uitweg
Vervallen. Opgenomen in de Verordening Fysieke Leefomgeving.
Afdeling 6. Veiligheid op de weg Artikel 2:13 Veroorzaken van gladheid (Vervallen)
Artikel 2:14 Winkelwagentjes Vervallen. Opgenomen in de Verordening Fysieke Leefomgeving.
Artikel 2:15 Hinderlijke beplanting of gevaarlijk voorwerp
zaaknummer Z/25/493985/INT/25/1258541
pagina 9 van 54
Vervallen. Opgenomen in de Verordening Fysieke Leefomgeving.
Artikel 2:16 Openen straatkolken e.d. (Vervallen)
Artikel 2:17 Kelderingangen e.d. (Vervallen)
Artikel 2:18 Rookverbod in bossen en natuurterreinen Vervallen. Opgenomen in de Verordening Fysieke Leefomgeving.
Artikel 2:19 Gevaarlijk of hinderlijk voorwerp Vervallen. Opgenomen in de Verordening Fysieke Leefomgeving.
Artikel 2:20 Vallende voorwerpen (Vervallen)
Artikel 2:21 Voorzieningen voor verkeer en verlichting Vervallen. Opgenomen in de Verordening Fysieke Leefomgeving.
Artikel 2:22 Objecten onder hoogspanningslijn (Vervallen)
Artikel 2:23 Veiligheid op het ijs (Vervallen)
Afdeling 7. Evenementen Artikel 2:24 Definities Begripsbepaling 1. In deze afdeling wordt onder evenement verstaan elke voor publiek toegankelijke verrichting van vermaak, met uitzondering van: a. bioscoop- en theathervoorstellingen; bioscoopvoorstellingen; b. markten als bedoeld in artikel 160, eerste lid, aanhef en onder g, van de Gemeentewet en artikel 5:22 van deze verordening; c. kansspelen als bedoeld in de Wet op de kansspelen; d. het in een inrichting in de zin van de Alcoholwet gelegenheid geven tot dansen; e. betogingen, samenkomsten en vergaderingen als bedoeld in de Wet openbare manifestaties;
zaaknummer Z/25/493985/INT/25/1258541
pagina 10 van 54
f.
activiteiten als bedoeld in artikel 2:9 en 2:39 van deze verordening;
g. de van gemeentewege georganiseerde jaarlijkse kermissen; h. sportwedstrijden, niet zijnde: vechtsportevenementen als bedoeld in het tweede lid, aanhef en onder f; en vriendschappelijke- dan wel oefenwedstrijden met ten minste één Nederlandse of buitenlandse BVO als bedoeld in het tweede lid, aanhef en onder g; 2. Onder evenement wordt mede verstaan een: a. herdenkingsplechtigheid; b. braderie; c. een optocht op de weg, niet zijnde een betoging, als bedoeld in artikel 2:3 van deze verordening optocht, niet zijnde een betoging als bedoeld in artkel 2:3 van deze verordening, op de weg; d. feest, muziekvoorstelling of wedstrijd op of aan de weg; e. een straatfeest of buurtbarbecue; straatfeest of buurtbarbecue op één dag (een klein evenement); f.
door de burgemeester aangewezen categorie vechtsportwedstrijden of –gala’s;
g. vriendschappelijke- dan wel oefenwedstrijden met ten minste één Nederlandse of buitenlandse BVO (betaald voetbal organisatie); 3. In deze afdeling wordt onder een klein evenement verstaan een eendaags evenement waarbij: a. het aantal aanwezigen niet meer bedraagt dan 150 personen; b. het evenement plaatsvindt tussen 10.00 en 23.00 uur; c. er geen verkeersmaatregelen vereist zijn, anders dan het onttrekken van parkeerplaatsen en het eventueel afsluiten van een straat met een beperkte verkeersfunctie; d. het evenement voldoet aan de risicocategorie 0 ‘te melden evenement’; e. geen muziek ten gehore wordt gebracht voor 10.00 uur of na 23.00 uur, dan wel in dit tijdsbestek het maximaal toelaatbare geluidsniveau van 75 dB(A) op de gevels van omringende woningen niet wordt overschreden; 4. Evenementen worden op basis van de uitkomst van een risicoscan ingedeeld in de volgende risicocategorieën: a. Te melden evenement (0) ‘Evenement’ waarbij geen risico’s te verwachten zijn voor de openbare orde, de openbare veiligheid, de volksgezondheid of het milieu en die geen maatregelen of voorzieningen vergen van het daartoe bevoegd gezag. b.
Regulier evenement (A): ‘Evenement’ waarbij het (zeer) onwaarschijnlijk is dat die gebeurtenis leidt tot risico’s voor de openbare orde, de openbare veiligheid, de volksgezondheid of het milieu en maatregelen of voorzieningen vergen van het daartoe bevoegd gezag om die dreiging weg te nemen of de schadelijke gevolgen te beperken. c. Aandachtsevenement (B): ‘Evenement’ waarbij het mogelijk is dat die gebeurtenis leidt tot risico’s voor de openbare orde, de openbare veiligheid, de volksgezondheid of het milieu en maatregelen of voorzieningen vergen van het daartoe bevoegd gezag om die dreiging weg te nemen of de schadelijke gevolgen te beperken. d. Risicovol evenement (C): ‘Evenement’ waarbij het (zeer) waarschijnlijk is dat die gebeurtenis leidt tot risico’s voor de openbare orde, de openbare veiligheid, de volksgezondheid of het milieu en maatregelen of voorzieningen vergen van het daartoe bevoegd gezag om die dreiging weg te nemen of de schadelijke gevolgen te beperken.
zaaknummer Z/25/493985/INT/25/1258541
pagina 11 van 54
Artikel 2:25 Evenement 1. Het is verboden zonder of in afwijking van een vergunning van de burgemeester een evenement te organiseren. 2. Bij de indiening van de vergunningaanvraag worden de gegevens, bedoeld in artikel 2.3 van het Besluit brandveilig gebruik en basishulpverlening overige plaatsen aangeleverd voor zover het evenement een gebruiksmelding zou moeten worden gedaan op grond van artikel 2.1, eerste lid, van het Besluit brandveilig gebruik en basishulpverlening overige plaatsen. 3. Geen vergunning is vereist voor een klein evenement, als de organisator ten minste 15 werkdagen voorafgaand aan het evenement daarvan melding heeft gedaan aan de burgemeester. 4. De burgemeester kan binnen tien werkdagen na ontvangst van de melding besluiten een klein evenement te verbieden. 5. Het verbod van het eerste lid geldt niet voor een feest, muziekvoorstelling of wedstrijd op of aan de weg, voor zover in het geregelde onderwerp wordt voorzien door artikel 10 juncto 148, van de Wegenverkeerswet 1994. 6. Het derde lid is niet van toepassing op een krachtens artikel 2:24, tweede lid, aanhef en onder f, aangewezen categorie vechtsportwedstrijden of –gala’s. 7.
Onverminderd het bepaalde in artikel 1:8 kan de burgemeester een vergunning voor een vechtsportevenement als bedoeld in artikel 2:24, tweede lid, aanhef en onder f, weigeren als de organisator of de aanvrager van de vergunning van in enig opzicht van slecht levensgedrag is. 8. Als ook een aanvraag om een omgevingsvergunning wordt ingediend, is afdeling 3.5 van de Algemene wet bestuursrecht van toepassing op de behandeling van de aanvragen om een vergunning. De burgemeester is het coördinerend bestuursorgaan. 9. Op de aanvraag om een vergunning / ontheffing is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) niet van toepassing.
Artikel 2:25a Meerjarenvergunning 1. De burgemeester kan besluiten om voor jaarlijks terugkerende evenementen een meerjarenvergunning te verlenen. 2. Een meerjarenvergunning geldt voor maximaal drie jaar. 3. Een meerjarenvergunning kan onder de volgende voorwaarden worden verleend: a. het evenement vindt al minstens drie jaar in de gemeente Zevenaar plaats; b. het betreft een evenement in de risicocategorie A of B; d. er zijn geen eerdere negatieve ervaringen opgedaan; e. er zijn uit voorgaande jaren geen gegrond verklaarde bezwaren bekend; f.
er is sprake van geringe risico’s t.a.v. de openbare orde en veiligheid, een en ander ter beoordeling van politie/brandweer en burgemeester;
g. het evenement wijzigt jaarlijks niet of nauwelijks qua aard en omvang en wordt elk jaar op dezelfde locatie gehouden; 4. De meerjarenvergunning kan worden ingetrokken wanneer: a. er sprake is van substantiële wijzigingen in de aard, omvang of locatie;
zaaknummer Z/25/493985/INT/25/1258541
pagina 12 van 54
b. de voorschriften niet worden nageleefd; c. zich een calamiteit heeft voorgedaan; d. er zwaarwegende klachten zijn binnengekomen; e. de burgemeester dit om andere redenen noodzakelijk acht.
Artikel 2:26 Ordeverstoring en beëindiging evenement 1. Het is verboden bij een evenement de orde te verstoren. 2. De burgemeester kan, indien het belang van de openbare orde, het voorkomen of beperken van overlast, de verkeersveiligheid of de veiligheid van personen of goederen, de zedelijkheid of gezondheid, dan wel het woon- en leefklimaat dit vordert, het bevel geven een evenement te beëindigen. 3. Degene die een evenement organiseert dan wel bij een evenement feitelijk de leiding heeft, is verplicht: a. dat evenement onverwijld te beëindigen indien de burgemeester hiertoe een bevel geeft; b. ervoor te zorgen dat, nadat het onder a bedoeld bevel door de burgemeester is gegeven, geen publiek meer tot het evenement toegelaten wordt; c. ervoor te zorgen dat ambtenaren van politie te allen tijde toegang hebben tot het evenement. 4. Indien een evenement gepaard gaat of dreigt te gaan met een ernstige verstoring van de openbare orde is degene die dat evenement organiseert of bij dat evenement feitelijk de leiding heeft, verplicht op bevel van een ambtenaar van politie het evenement onverwijld te beëindigen en geen publiek meer tot het evenement toe te laten. 5. Het is verboden aanwezig te zijn bij een evenement ten aanzien waarvan een bevel, als bedoeld in het tweede lid of in het vierde lid gegeven is. 6.
Indien een evenement is verboden of een bevel tot beëindiging als bedoeld in het tweede lid of in het vierde lid is gegeven, is een ieder die zich op de plaats of in de directe nabijheid van het evenement bevindt, op eerste vordering van een ambtenaar van politie of brandweer verplicht zich terstond te verwijderen in de door die ambtenaar bevolen richting. 7. Het is verboden bij een evenement zichtbaar goederen te dragen, bij zich te hebben of te vervoeren die uiterlijke kenmerken zijn van een organisatie die bij rechterlijke uitspraak of bestuurlijk besluit verboden is verklaard of is ontbonden vanwege een doel of werkzaamheid in strijd met de openbare orde. 8. Het verbod van lid 7 geldt niet voor zover in het daarin geregelde onderwerp wordt voorzien door het Wetboek van Strafrecht.
Afdeling 8. Toezicht op openbare inrichtingen Artikel 2:27 Definities Begripsbepalingen 1. In deze afdeling wordt verstaan onder: a. openbare inrichting: de voor het publiek toegankelijke, besloten ruimte waarin bedrijfsmatig of in een omvang alsof zij bedrijfsmatig is, logies wordt verstrekt of dranken worden geschonken of rookwaren of spijzen voor directe of latere consumptie worden bereid of verstrekt, of waarin bedrijfsmatig of anders dan om niet, etenswaren
zaaknummer Z/25/493985/INT/25/1258541
pagina 13 van 54
worden bereid om te worden afgehaald. Onder een openbare inrichting wordt in ieder geval verstaan: een hotel, (afhaal)restaurant, pension, café, waterpijpcafé, cafetaria, snackbar, discotheek, buurthuis of clubhuis. b. terras: een buiten de besloten ruimte van de openbare inrichting liggend deel van de inrichting waar sta- of zitgelegenheid kan worden geboden en waar tegen vergoeding dranken kunnen worden geschonken of spijzen voor directe consumptie kunnen worden bereid of verstrekt; c. exploitant: degene die een openbare inrichting exploiteert; d. vergunninghouder: de natuurlijke persoon of de rechtspersoon aan wie de vergunning, bedoeld in artikel 2:28, eerste lid van deze verordening is verleend; e. leidinggevende: leidinggevende als bedoeld in artikel 1 van de Alcoholwet; f. bezoeker: eenieder die zich in een inrichting bevindt, met uitzondering van: i.
leidinggevenden;
ii.
de gezinsleden van de vergunninghouder, alsmede zijn elders wonende bloed- en aanverwanten, in de rechte lijn onbeperkt, in de zijlijn tot en met de derde graad;
iii.
personen die dienst doen in de inrichting;
iv.
de personen die voorkomen in het register als bedoeld in artikel 438 van het Wetboek van Strafrecht, alsmede personen bedoeld in artikel 438, derde lid, van het Wetboek van Strafrecht; personen wier aanwezigheid in de inrichting wegens dringende redenen noodzakelijk is.
v.
Artikel 2:28 Exploitatievergunning openbare inrichting 1.
Het is verboden zonder vergunning van de burgemeester: a. een openbare inrichting te exploiteren; b. één of meer bij de openbare inrichting behorende terrassen te exploiteren.
2. De burgemeester weigert de vergunning als de exploitatie van de openbare inrichting in strijd is met het omgevingsplan. De burgemeester kan de vergunning eveneens weigeren indien er gesproken kan worden van slecht levensgedrag van de horeca ondernemer of de horeca ondernemer heeft de leeftijd van 21 jaar niet bereikt of staat onder curatele 2. De burgemeester weigert de vergunning indien de exploitatie van de openbare inrichting in strijd is met een geldend bestemmingsplan, beheersverordening, exploitatieplan of voorbereidingsbesluit. De burgemeester kan de vergunning eveneens weigeren indien er gesproken kan worden van slecht levensgedrag van de horeca ondernemer of de horeca ondernemer heeft de leeftijd van 21 jaar niet bereikt of staat onder curatele. 2.
3.
Onverminderd het bepaalde in artikel 1:8 kan de burgemeester de vergunning slechts geheel of gedeeltelijk weigeren, indien naar zijn oordeel moet worden aangenomen dat; a. de woon- of leefsituatie in de omgeving van de openbare inrichting of de openbare orde op ontoelaatbare wijze nadelig wordt beïnvloed; of b. de financier, exploitant, eigenaar en/of leidinggevende in enig opzicht van slecht levensgedrag is. Geen vergunning is vereist voor een openbare inrichting die zich bevindt in een: a. winkel als bedoeld in artikel 1 van de Winkeltijdenwet, voor zover de activiteiten van de openbare inrichting een nevenactiviteit vormen van de winkelactiviteit; b. zorginstelling; c. museum; d. sport-, school- of bedrijfskantine of – restaurant uitsluitend voor zover deze als zodanig in gebruik is;
zaaknummer Z/25/493985/INT/25/1258541
pagina 14 van 54
e. rouwcentrum, begraafplaats en crematorium; f. para commerciële instelling. 4. Onverminderd het gestelde in artikel 1:6 kan de burgemeester de vergunning tijdelijk of voor onbepaalde tijd geheel of gedeeltelijk intrekken of wijzigen indien:
5.
6. 7.
a.
de vergunninghouder of leidinggevende van de openbare inrichting de bepalingen in deze afdeling, dan wel de voorschriften of beperkingen, behorende bij de vergunning, overtreedt;
b.
aannemelijk is, dat de vergunninghouder of leidinggevende van de openbare inrichting betrokken is, of hem ernstige nalatigheid kan worden verweten bij activiteiten in of vanuit de openbare inrichting, die een gevaar opleveren voor de openbare orde of een bedreiging vormen voor het woon- of leefklimaat in de omgeving van de openbare inrichting, dan wel de vrees hiertoe wettigen;
c.
de vergunninghouder of leidinggevende strafbare feiten pleegt in de openbare inrichting, dan wel toestaat of gedoogt dat in zijn openbare inrichting strafbare feiten worden gepleegd;
d.
de vergunninghouder of leidinggevende van de openbare inrichting zich schuldig maakt aan discriminatie naar ras, geslacht of seksuele geaardheid;
e.
de bij de aanvraag verstrekte gegevens zodanig onjuist of onvolledig blijken, dat op de aanvraag een andere beslissing zou zijn genomen, als bij de beoordeling daarvan de juiste omstandigheden volledig bekend waren geweest;
f.
zich in de betrokken openbare inrichting feiten hebben voorgedaan, die de vrees wettigen, dat het van kracht blijven van de vergunning gevaar zou opleveren voor de openbare orde, veiligheid of zedelijkheid;
g.
niet langer wordt voldaan aan de in artikel 2:28, tweede lid, gestelde eisen;
h.
de vergunninghouder in een periode van twee jaar ten minste drie maal op grond van artikel 2:28c, eerste lid om bijschrijving van een persoon op het aanhangsel bij de vergunning heeft verzocht en de burgemeester die wijziging van het aanhangsel ten minste driemaal heeft geweigerd op grond van artikel 2:28c, vierde lid;
i.
er sprake is van een gewijzigde exploitatie of vergunninghouder, waarvoor geen nieuwe vergunning is aangevraagd;
j.
de vergunninghouder in de artikelen 2:28c, eerste lid en 2:28e bedoelde gevallen geen melding als in die artikelen bedoeld heeft gedaan.
De burgemeester kan op verzoek of ambtshalve vrijstelling verlenen van het verbod genoemd in het eerste lid, aanhef en onder a aan openbare inrichtingen die horecabedrijf zijn als bedoeld in artikel 1 van de Alcoholwet indien zich in de achttien maanden voorafgaand aan de dag waarop het verzoek om vrijstelling is ontvangen geen: a. incidenten gepaard gaande met geweld, het schenken van alcohol aan minderjarigen, overlast of drugsgebruik en -handel hebben voorgedaan in of bij de inrichting en/of handhavingsincidenten hebben plaatsgevonden. De vrijstelling kan worden ingetrokken wanneer zich een incident heeft voorgedaan als bedoeld in het zesde lid, aanhef en onder a. Paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) is niet van toepassing op de vergunning bedoeld in het eerste lid en op de vrijstelling bedoeld in het zesde lid.
Artikel 2:28a Inhoud exploitatievergunning en aanhangsel vergunning 1. De burgemeester vermeldt in een vergunning: a. de vergunninghouder; b. tot welke bedrijfsuitoefening de vergunning strekt; c. de plaats waar de inrichting zich bevindt; d. de situering en de oppervlakte van de inrichting; e. de voorschriften of beperkingen die aan de vergunning zijn verbonden. 2. De burgemeester vermeldt in een aanhangsel bij de vergunning de leidinggevenden.
zaaknummer Z/25/493985/INT/25/1258541
pagina 15 van 54
3. De vergunning en het daarvan onderdeel uitmakende aanhangsel, of afschriften daarvan, en in voorkomende
gevallen een afschrift van de aanvraag, bedoeld in artikel 2:28c, eerste lid, en de ontvangstbevestiging, bedoeld in artikel 2:28c, derde lid, of een afschrift daarvan, zijn in de inrichting aanwezig.
Artikel 2:28b Eisen aan leidinggevenden De leidinggevenden voldoen aan de volgende eisen: a. b. c.
zij hebben de leeftijd van eenentwintig jaar bereikt; zij zijn niet in enig opzicht van slecht levensgedrag; zij staan niet onder curatele.
Artikel 2:28c Wijziging aanhangsel exploitatievergunning 1. Een vergunninghouder meldt aan de burgemeester zijn wens om een persoon als leidinggevende te laten bijschrijven.
2. Deze melding geldt als aanvraag tot wijziging van het aanhangsel. 3. De burgemeester bevestigt onverwijld schriftelijk of elektronisch de ontvangst van de aanvraag. 4. De burgemeester weigert de wijziging van het aanhangsel als de persoon bedoeld in het eerste lid, niet voldoet aan de bij of krachtens artikel 2:28b gestelde eisen.
5. Paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) is niet van toepassing op de melding.
Artikel 2:28d Aanwezigheid leidinggevende Het is verboden een openbare inrichting voor het publiek geopend te houden als in deze inrichting niet aanwezig is: a. b.
een leidinggevende die vermeld staat op het aanhangsel bij de vergunning, bedoeld in artikel 2:28a, tweede lid, met betrekking tot die openbare inrichting of een andere vergunning van dezelfde vergunninghouder of een persoon wiens bijschrijving op grond van artikel 2:28c, eerste lid is gevraagd, mits de ontvangst van die aanvraag is bevestigd, zolang nog niet op die aanvraag is beslist.
Artikel 2:28e Wijziging openbare inrichting 1. Als een openbare inrichting een zodanige verandering ondergaat dat zij niet langer in overeenstemming is met
de in de vergunning gegeven omschrijving, is de vergunninghouder verplicht bedoelde wijziging binnen één maand bij de burgemeester te melden. De burgemeester verstrekt, als nog aan de ten aanzien van de inrichting gestelde eisen wordt voldaan, een gewijzigde vergunning, waarin de ingevolge 2:28a, eerste lid vereiste omschrijving is aangepast aan de nieuwe situatie.
2. Paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) is niet van toepassing op de wijzigingsvergunning.
Artikel 2:28f Vervallen vergunning exploitatie openbare inrichting Een vergunning vervalt, wanneer:
zaaknummer Z/25/493985/INT/25/1258541
pagina 16 van 54
a. sinds haar verlening onherroepelijk is geworden, zes maanden zijn verlopen, zonder dat handelingen zijn verricht met gebruikmaking van de vergunning;
b. gedurende een jaar anders dan wegens overmacht geen handelingen zijn verricht met gebruikmaking van de vergunning;
c.
de verlening van een vergunning, strekkende tot vervanging van eerstbedoelde vergunning, van kracht is geworden.