994594 Bijlage 2 BP Uuleveld fase 2 Toelichting
Tekst van het document
31
3.3.9
Verkeer en parkeren
Algemeen Bij ruimtelijke plannen moet worden aangetoond dat de ontwikkeling geen negatieve gevolgen heeft voor de verkeer- en parkeersituatie ter plaatse. Toetsing In totaal voorziet voorliggend bestemmingsplan in de bouw van 26 tot 32 woningen binnen het resterende deel van het plangebied. In totaal gaat het nu om de realisatie van minimaal 26 woningen. Voor deze paragraaf wordt uitgegaan dat de woningen in de vorm van 22 twee-onder-een-kap woningen en vier vrijstaande woningen worden uitgevoerd. Daarnaast ziet de afwijkingsbevoegdheid toe op de realisatie van maximaal 32 woningen door de toevoeging van rijenwoningen. Verkeer Met voorliggend bestemmingsplan worden 26 tot 32 woningen mogelijk gemaakt. Op basis van de CROW publicatie 256 'Verkeersgeneratie woon- en werkgebieden – vuistregels en kengetallen gemotoriseerd verkeer' bedraagt de verkeersgeneratie bij een typering 'Buiten-centrum overig' 5 motorvoertuigbewegingen per weekdag. Dit komt neer op (26 x 5 =) 130 tot (32 x 5=) 160 verkeersbewegingen per dag. De wegen binnen het plangebied en daarbuiten hebben voldoende capaciteit om een dergelijk aantal verkeersbewegingen te verwerken. Parkeren Het aantal benodigde parkeerplaatsen wordt bepaald door de aard en omvang van de activiteit waarin het plan voorziet.
Om een goed beeld te krijgen van de parkeersituatie voor de gehele woonwijk Uuleveld is ook de behoefte en aanbod van parkeerplaatsen voor de reeds gerealiseerde woningen en de woningen die op korte termijn worden gerealiseerd, meegenomen. De gemeentelijke parkeernorm voor woningbouwinitiatieven bedraagt 2,2 parkeerplaatsen voor vrijstaande woningen in de rest van de bebouwde kom, 2,1 voor twee-onder-een-kappers en 1,9 voor rijenwoningen. Type Rijen 2 kapper
Aantal 12 20
Norm 1,9 p/w 2,1 p/w
Behoefte
Type 2 kapper vrijstaand
Aantal 22 4
Norm 2,1 p/w 2,2 p/w
Behoefte
22,8 42 64,8 Parkeerbehoefte bestaande en binnenkort te realiseren woningen Uuleveld
46,2 8,8 55
Parkeerbehoefte plangebied voorliggend bestemmingsplan Voor de gehele woonwijk Uuleveld geldt een totale parkeerbehoefte 120 parkeerplaatsen. Voor de vrijstaande en twee-onder-een-kap woningen is op eigen terrein sprake van een garage met oprit. Op basis van de CROW-publicatie (hoofdstuk 4) is bij deze situatie theoretisch sprake van 2 parkeerplaatsen, maar mogen deze maar voor 1 parkeerplaats in de parkeerbalans worden meegenomen. Op eigen terrein is daarmee sprake van 46 parkeerplaatsen. Op de navolgende afbeelding is de parkeerbalans voor de gehele woonwijk Uuleveld weergegeven. Op de themakaart parkeren is de parkeerbalans voor de gehele woonwijk, inclusief ingetekende parkeerplaatsen opgenomen. De themakaart is als Bijlage 10
32
bij dit bestemmingsplan gevoegd. De overige parkeerplaatsen worden voorzien in de openbare ruimte en meer concreet in de parkeerhavens (haaks parkeren) in het centrum van de woonwijk. In totaal zijn hier 17 formele parkeerplaatsen voorzien (aangegeven in blauw). Verder is het mogelijk informeel te parkeren langs de wegen (rabbatstroken), waaraan de woningen zijn gelegen. Hier is ruimte voor 69 parkeerplaatsen. Op basis van de ruimte in de stedenbouwkundige opzet voor onderhavig plangebied en de reeds aanwezige infrastructuur voor de gehele woningbouwlocatie Uuleveld, biedt de woonwijk ruimte aan 86 informele parkeerplaatsen (opgenomen op de themakaart parkeren). In de gehele woonwijk zijn 132 parkeerplaatsen aanwezig. Hiermee is meer dan voldoende parkeergelegenheid aanwezig. Afwijkingsbevoegdheid rijenwoningen In de planregels is een afwijkingsbevoegdheid opgenomen voor de bouw van rijenwoningen. Deze komen naar gelang de specifieke marktvraag in plaats van een viertal twee-onder-een-kap woningen (zie paragraaf 2.3.3). Bij toepassing van de afwijkingsbevoegdheid bedraagt de totale parkeerbehoefte voor onderhavig plangebied 62 parkeerplaatsen. Daarmee komt de totale parkeerbehoefte voor de gehele woonwijk Uuleveld op 127. Type 2 kapper Rijen vrijstaand
Aantal 18 8 4
Norm 2,1 p/w 1,9 p/w 2,2 p/w
Parkeerplaats 37,8 15,2 8,8 62
Bij toepassing van de afwijkingsbevoegdheid verandert de stedenbouwkundige opzet. Dit is ook van invloed op het aanbod van parkeerplaatsen. In die situatie is sprake van 42 parkeerplaatsen op eigen terrein. Verder is er dan in de gehele woonwijk ook ruimte voor 86 informele parkeerplaatsen langs de wegen. Het totale parkeeraanbod bedraagt in dat geval (42+86=) 128. Hiermee is, ook bij toepassing van de afwijkingsbevoegdheid, voldoende parkeergelegenheid aanwezig in de gehele woonwijk Uuleveld. Conclusie Het aspect verkeer en parkeren vormt geen belemmering voor de uitvoerbaarheid van het initiatief. 3.3.10 Uitvoerbaarheid Algemeen Conform artikel 3.1.6 van het Bro dient bij het opstellen van een bestemmingsplan dan wel ruimtelijke onderbouwing onderzoek te worden ingesteld naar de uitvoerbaarheid van het plan. Bij de uitvoering van een project kan in zijn algemeenheid onderscheid worden gemaakt tussen de economische uitvoerbaarheid en de maatschappelijke uitvoerbaarheid. Bij het eerste gaat het om de kosten en andere economische aspecten die met de verwezenlijking van het plan samenhangen. Tevens is in de Wet ruimtelijke ordening (Wro) geregeld dat in het kader van een bestemmingsplan of een omgevingsvergunning voor bepaalde bouwplannen de grondexploitatieregeling van toepassing is.
Bij het tweede gaat het er om hoe de verwezenlijking door de maatschappij (overheid en burgers samen) wordt gedragen. Economische uitvoerbaarheid Het voorliggende project wordt gerealiseerd door initiatiefnemer. De kosten die gepaard gaan met de bestemmingsplanherziening en de kosten voor ontwikkeling en inrichting van het plangebied zijn voor
33
rekening van initiatiefnemer. Door middel van een anterieure overeenkomst tussen de gemeente en initiatiefnemer is vastgelegd dat de gemeentelijke kosten, die verband houden met de ruimtelijke procedure en mogelijke planschade, op initiatiefnemer worden verhaald. Het vaststellen van een exploitatieplan is daarmee niet noodzakelijk. Maatschappelijke uitvoerbaarheid Te zijner tijd worden in deze paragraaf of in een separate bijlage de resultaten van de procedure verwerkt.
34
Hoofdstuk 4 4.1
Wijze van bestemmen
Algemeen
Het bestemmingsplan bestaat uit een toelichting, planregels en een verbeelding, allen digitaal raadpleegbaar en beschikbaar. Deze regels vormen het juridische toetsingskader van het bestemmingsplan en van de verbeelding is af te leiden welke regels van toepassing zijn op welke locatie binnen het plangebied. In dit hoofdstuk wordt aangegeven hoe het beleid en de planuitgangspunten zijn verwoord in de planregels. Zo wordt een toelichting gegeven op het juridische systeem en op alle afzonderlijke bestemmingen.
4.2
Dit bestemmingsplan
Het bestemmingsplan voldoet aan de eisen gesteld in de Standaard Vergelijkbare BestemmingsPlannen SVBP2012. 4.2.1
Verbeelding
De verbeelding, is ontworpen op een kadastrale ondergrond. Door middel van aanduidingen en kleuren zijn hierop de diverse voorkomende bestemmingen en aanduidingen aangegeven. 4.2.2
Regels
De planregels zijn ondergebracht in de volgende vier hoofdstukken: Hoofdstuk 1 Inleidende regels In dit hoofdstuk worden begrippen verklaard die in de regels worden gebruikt (artikel 1). Dit gebeurt om een eenduidige uitleg en toepassing van de regels te waarborgen. Ook is de wijze bepaald waarop gemeten moet worden bij het toepassen van de regels (artikel 2). Hoofdstuk 2 Bestemmingsregels In dit tweede hoofdstuk zijn de regels van de bestemmingen opgenomen. Dit gebeurt in alfabetische volgorde. Per bestemming is het toegestane gebruik geregeld en zijn bouwregels en, eventueel, ook een vergunningstelsel voor werken geen werkzaamheden opgenomen. Als er dubbelbestemmingen zijn worden die ook in dit hoofdstuk opgenomen. Die komen, ook in alfabetische volgorde, achter de bestemmingsregels. Hoofdstuk 3 Algemene regels In dit hoofdstuk zijn regels opgenomen met een algemeen karakter. Ze gelden dus voor het hele plan. Het zijn achtereenvolgens een antidubbeltelbepaling, algemene bouwregels (zo worden de bouwwerken die afwijken van de regeling in het bestemmingsplan ‘positief’ bestemd), algemene gebruiksregels en algemene regels voor afwijken. Hoofdstuk 4 Overgangs- en slotregels In het laatste hoofdstuk zijn respectievelijk het overgangsrecht en een slotregel opgenomen.
Hoewel het hier in wezen ook algemene regels betreft, zijn deze vanwege hun meer bijzondere karakter in een apart hoofdstuk opgenomen. 4.2.3
Bestemmingen
Dit bestemmingsplan kent de bestemmingen 'Groen', 'Verkeer - Verblijfsgebied' en 'Woongebied'. Bestemming Groen De bestemming Groen is toegekend aan die gronden die zijn aangewezen voor zowel groenvoorzieningen als het gebruik aangaande het beheer van de waterhuishouding. Daarnaast worden
35
op deze gronden ook nuts- en speelvoorzieningen toegelaten. Tevens is bij deze bestemming een specifieke aanduiding opgenomen voor de realisatie van geluidwerende voorzieningen. Gebouwen mogen binnen deze bestemming niet worden gerealiseerd. Bouwwerken, geen gebouwen zijnde zijn, onder voorwaarden, wel toegestaan. Bestemming Verkeer - Verblijfsgebied De gronden behorende tot de openbare ruimte hebben voor een belangrijk deel de bestemming Verkeer - Verblijfsgebied verkregen. Ook de gronden ten behoeve van extra parkeerplaatsen voor het sportcomplex De Pauwengaard zijn als zodanig bestemd. Onder deze bestemming vallen wegen, straten, wandel- en fietspaden met een functie hoofdzakelijk gedoeld op het verblijf in de openbare ruimte. Daarnaast worden binnen deze bestemming ook parkeer-, groen-, speel-, afvalinzamel-, nuts- en waterhuishoudkundige voorzieningen toegelaten. Tevens is bij deze bestemming een specifieke aanduiding opgenomen voor de realisatie van een geluidwerende voorzieningen. Gebouwen mogen binnen deze bestemming niet worden gerealiseerd. Bouwwerken, geen gebouwen zijnde zijn, onder voorwaarden, wel toegestaan. Bestemming Woongebied Op basis van deze bestemming is nieuwbouw van woningen mogelijk in de vorm van vrijstaande woningen (vrij) en twee-aan-eengebouwde woningen (tae).
De bouwregels zijn afgestemd op het (her)nieuwde stedenbouwkundige plan en beeldkwaliteitplan. Binnen de bestemming 'Woongebied' zijn aan huis verbonden beroepen toegelaten. Voorwaarde van een aan huis verbonden beroep is dat de uitoefening van dit beroep (ruimtelijk) ondergeschikt blijft aan de woonfunctie. Tevens zijn woonstraten, wandel- en fietspaden binnen deze bestemming mogelijk. In de bouwregels worden ten eerste de maatvoeringen voor de hoofdgebouwen weergegeven, zoals de maximale goot- en bouwhoogten. Voor wat betreft aan- en uitbouwen en bijgebouwen zijn maatvoeringen betreffende situering, goot- en bouwhoogte en maximum oppervlakten opgenomen in de regels. In verband met de uitkomsten van het akoestisch onderzoek naar de Palletfabriek (zie paragraaf 3.3.5) is in de regels een voorwaardelijke verplichting opgenomen voor de realisatie van een geluidwerende voorziening (geluidsscherm). Hoofdgebouwen (woningen) mogen alleen worden gebruikt als een geluidwerende voorziening is aangelegd en in stand word gehouden conform de uitgangspunten uit het akoestisch onderzoek voor een dergelijke voorziening. Waarbij een hoogte van resepectievelijk 3 en 6 meter moet worden aangehouden.
Binnen deze bestemming is een afwijkingsbevoegdheid voor het college van burgemeester en wethouders opgenomen om met omgevingsvergunning voor een deel van het plangebied af te wijken van de voorgestelde woontypologieën en woningaantallen. De mogelijkheid bestaat om af te wijken voor aaneengebouwde woningen. Dit om flexibiliteit in de planregels te creëren voor specifieke woonvragen binnen de kern, zoals starterswoningen of levensloopbestendige woningen voor senioren. Het maximaal aantal wooneenheden mag hiervoor met maximaal zes wooneenheden worden overschreden. Er moet daarbij worden voldaan aan de in de regels gestelde eisen. In het kader van een goede ruimtelijke ordening kan op deze manier een deugdelijke afweging plaatsvinden of van de bestaande bestemming kan worden afgeweken.
36
Eindnoten
1. Langtijdgemiddelde geluidsbelastingen betreffen de maximale gemiddelde geluidsbelastingen per periode van de dag (overdag, avond en nacht).
37