34. RIB 2023-040 Uitvoeringsplan voor de RES - Groene Metropoolregio Arnhem Nijmegen (2023)
Tekst van het document
RAADSINFORMATIEBRIEF – Nr. 2023-040 Aan de leden van de gemeenteraad
Datum 24 mei 2023 Zaaknummer Z/23/449147 /ADV/23/1162501 Onderwerp Uitvoeringsplan voor de RES - Groene Metropoolregio Arnhem Nijmegen (2023) Portefeuillehouder B. Kagei Contactpersoon E-mail Telefoon
Erik Roumen e.roumen@zevenaar.nl 0316 595244
Geachte leden van de gemeenteraad, Inleiding Als bijlage bij de raadsinformatiebrief is het Uitvoeringsplan (UVP) van de Regionale Energie Strategie Groene Metropoolregio Arnhem Nijmegen (RES GMR AN) toegevoegd. In dit Uitvoeringplan staat beschreven met welke bovenlokale uitdagingen de regio in het kader van de Regionale Energie Strategie te maken krijgt, wat daarin de rol is van het projectteam RES GMR AN en welke structurele middelen daarvoor gevraagd worden. Voor 2023 wordt door de GMR geen beroep gedaan op gemeenten voor een financiële bijdrage. Dit UVP bouwt voort op een versie uit 2022. Met dit geactualiseerde UVP wordt invulling gegeven aan een aantal nieuwe ontwikkelingen ten aanzien van de RES GMR AN. Het voorstel voor structurele financiële middelen wordt verwerkt in het begrotingsvoorstel van de GMR aan uw gemeenteraad voor de begrotingscyclus van 2024. Kernboodschap Met het Uitvoeringsplan spreken we in en met de regio af hoe we uitvoering geven aan de Regionale Energie Strategie in de Groene Metropoolregio, inclusief bijbehorende structurele middelen vanaf 2024 tot en met 2030. In het UVP staat beschreven met welke uitdagingen we in de regio te maken krijgen in het kader van de Regionale Energie Strategie, hoe we daarin samenwerken, wat daarin de rol is van het projectteam RES GMR AN, hoe dit team is opgebouwd en hoe we tot uitvoering komen van de RES 1.0.
Op basis van deze beschrijving is een raming opgesteld voor de bijbehorende structurele financiële bijdrage die wordt gevraagd van de deelnemende gemeenten.
Context context context2 context3 ☒ Actueel maatschappelijk onderwerp/probleem ☐ Collegeprogramma ☐ Motie/amendement/toezegging ☐ Anders, namelijk Inhoudelijke boodschap Wat is de doorlooptijd van het UVP? Het voorliggende UVP kent een doorlooptijd vanaf 2023 tot en met 2030. Het voorstel over de structurele financiële bijdrage van €0.58 per inwoner is vanaf 2024 tot en met 2030. Deze bijdrage wordt zo gelijk getrokken met de doorlooptijd van de Rijksbijdrage. Op deze manier is er tot en met 2030, en dus tot en met de realisatie van de ambitie van de RES 1.0, duidelijkheid over de financiering van de RES en continuïteit in de samenstelling van het projectteam RES GMR AN. Hoe is dit UVP tot stand gekomen? De contouren van dit UVP zijn begin 2022 ontstaan en op 9 maart 2022 besproken op een Bestuurlijk Platform Circulaire Regio (BPCR). Dat UVP kende een andere doorlooptijd en had als doel om de financiering voor 2023 te borgen. Die versie van het UVP is wel als basis gebruikt voor dit UVP; het is inhoudelijk aangescherpt en procesmatig aangepast op basis van nieuwe ontwikkelingen. Op het BPCR van 7 december 2022 is een aantal scenario’s voor het UVP gepresenteerd; ‘Hoofd boven Water’, ‘Goede Basis’ en ‘Duurzaam Huis’. Op dat BPCR is besloten om het scenario ‘Goede Basis’ verder uit te werken en een doorkijk te geven naar het scenario ‘Duurzaam huis’.
Dit is bekrachtigd op het BPCR van 9 februari 2023. Welke taken worden opgepakt door het RES projectteam? Omdat de RES nu is opgenomen in de GMR wordt sneller en beter de verbinding gemaakt met de andere regionale opgaven (waaronder Groene Groei Regio en Productieve Regio). Het projectteam RES GMR AN vervult een bovenlokale en verbindende rol, zowel qua proces als inhoud. Voor het spoor elektriciteit is gewerkt aan de Notitie Reikwijdte en Detailniveau (NRD) voor het planMER en vervolgens aan het planMER zelf (ook de onderzoeksmiddelen worden gefinancierd vanuit de GMR). De inhoudelijke uitwerking, evenals de voorbereiding voor de besluitvorming in de regio zijn uitgevoerd door het projectteam RES GMR AN in samenspraak met het Ambtelijk Platform Circulaire Regio (APCR). Daarnaast is de beantwoording van de zienswijzen van alle gemeenten, in samenwerking met het APCR, uitgevoerd door het projectteam RES GMR AN. Ook wordt er voor elektriciteit gewerkt aan het verbeteren van de verhouding wind/zon en de impact van netcongestie. Daarnaast organiseert het projectteam RES GMR omgevingsdialogen en participatie op regioniveau om de regionale stakeholders te blijven betrekken.
Vanaf de RES 2.0 spitst het takenpakket van het projectteam RES GMR AN zich meer toe op ondersteuning en advisering bij het verankeren van de RES in omgevingsbeleid, de werkwijze voor lokaal eigendom en ondersteuning bij het mitigeren van de consequenties van de aanwezigheid van de wespendief. Onze regionale ambitie rijkt tot 2030. Echter, is de energietransitie dan niet voltooid. Een ander belangrijk onderdeel is daarom de doorkijk van 2030 naar 2050. Op het gebied van warmte werkt het projectteam RES GMR AN samen met het APCR en andere stakeholders aan de warmtetransitie en met name de bovenlokale verdeling van warmte. Er zijn in de regio enkele warmtebronnen, waaronder restwarmte van de AVR en de ARN, en een geothermiebron in ontwikkeling. In de (nabije) toekomst worden daar wellicht nieuwe warmtenetten op aangesloten.
Tegelijkertijd kan het zijn dat de vraag naar warmte groter is dan het aanbod van deze regionale warmtebronnen. Dat betekent dat er keuzes gemaakt moeten worden in de warmteverdeling. Ook wordt er gekeken naar de rol van nieuwe energie infrastructuur bij het ontsluiten van de warmtebronnen ten behoeve van gemeenten. Vanuit het projectteam RES GMR wordt in samenspraak met het APCR gewerkt aan het inventariseren van (warmte) vraag en aanbod, wordt het proces gefaciliteerd om tot regionale (bestuurlijke) afspraken te komen en de ontwikkeling van concrete projecten. Daarnaast houdt het projectteam RES GMR zich bezig met het behartigen van de belangen op provinciaal en nationaal niveau, waaronder het realiseren van onderzoeken naar boringen voor geothermie en de impact van nieuwe wet en regelgeving in de warmtetransitie. De energie-infrastructuur vormt een vitaal onderdeel van de bredere ruimtelijke puzzel. Dat energienet is per definitie regio overstijgend en de plannen van de ene gemeente kunnen, met de huidige krapte op het energienet, de plannen van een andere gemeente beïnvloeden. Dat betekent dat waarschijnlijk niet alles overal kan. Er moeten keuzes gemaakt worden en afwegingscriteria komen om die keuzes te verantwoorden. Vanuit het projectteam RES GMR wordt de bovenlokale samenhang in kaart gebracht.
Dat kan worden gebruikt om voor te sorteren op de uiteindelijke keuzes van de provincie. Binnen de regio hebben we al veel informatie en kennis over plannen rondom o.a. woningbouw, duurzame opwek en verduurzaming van bedrijventerreinen en mobiliteit. Deze informatie wordt gebundeld in overzichtskaarten, ook volgen er inhoudelijke werksessies om met de gemeenten het gesprek te voeren over de keuzes in het energiesysteem. Tevens worden gemeenten betrokken bij het vaststellen van de afwegingscriteria; welke projecten hebben wel, of juist geen prioriteit? Het projectteam RES GMR werkt aan de ambtelijke en bestuurlijke voorbereiding voor het vaststellen van die afwegingscriteria, die uiteindelijk gebruikt worden om de energie-infrastructuurprojecten te prioriteren en te plannen in de tijd. Deze projecten worden daarna vertaald naar omgevingsbeleid. De regio vervult een regisseursrol en is ook de verbinding richting provincie en Rijksoverheid. In Q2 van 2023 volgt een startnotitie om Integraal Programmeren verder vorm te geven en de rollen en verantwoordelijkheden (waaronder die van raden en colleges) in elke stap te definiëren. In het UVP staat in hoofdstuk 3 verder beschreven waaraan het projectteam RES GMR werkt. Communicatie en vervolgproces Communicatie naar buiten Het besluit over het Uitvoeringsplan RES GMR wordt op de website van de RES GMR gepubliceerd.
Met vriendelijke groet, burgemeester en wethouders van Zevenaar,
Danielle Jansen secretaris
Lucien van Riswijk burgemeester
Bijlagen 1. 1162503 Uitvoeringsplan voor de RES Groene Metropool Regio Arnhem Nijmegen
Voor u ligt het uitvoeringsprogramma voor de RES. Op 1 juli 2021 hebben wij, zestien gemeenten, provincie en drie waterschappen, als Groene Metropoolregio Arnhem-
samen hebben gemaakt. Naast deze afspraken die helpen bij een goede inpassing van
Nijmegen een bod van 1,62 TWh duurzame energie ingediend bij het Rijk. Dit bod is het
windmolens en zonnevelden in het mooie Gelderse landschap, zijn de resultaten van de
resultaat van een intensieve samenwerking en hier zijn we trots op. Het bod draagt bij aan
uitgevoerde PlanMER een mooie basis om de stappen nog concreter te maken. Wat is er
de opgave om in heel Nederland 35 TWh duurzame energie op land op te wekken in 2030.
wel mogelijk en wat juist niet en welke afspraken wil je maken naar de toekomst toe om de opgave wel te kunnen halen. Daarna zitten we veel in op het spoor warmte. Op regionaal,
Het klimaat om ons heen verandert in hoog tempo. Op alle fronten worden de komende
bovengemeentelijk niveau is hiervoor de Regionale Structuur Warmte (RSW). De RSW dient
jaren de krachten gebundeld om de opwarming van de aarde te vertragen. Dat is essentieel
om op regionaal niveau een overzicht te krijgen van de warmtevraag, het warmteaanbod en benodigde infrastructuur. Naast het gemeentelijk schaalniveau is dit regionale
geen standaard gegeven. Als Groene Metropool Regio Arnhem-Nijmegen pakken wij de
schaalniveau van belang voor het slagen van de warmtetransitie en zullen er afspraken
toekomstige energieopgave van onze regio bij de kop. Via deze weg dragen wij bij aan die
moeten worden gemaakt over warmtebronnen en de aankoppeling hierop. Een regionale
duurzame toekomst.
aanpak is hier van belang.
Momenteel werken we in dit uitvoeringsprogramma de volgende mijlpaal uit in een
We gaan voor nieuwe energie van, voor en door de Groene Metropoolregio
langdurig samenwerkingsproces richting 2030: de RES. Het is een aanscherping van de
Arnhem-Nijmegen!
RES 1.0 en heeft een (nog) sterker(e) focus op de uitvoering en realisatie van projecten.
Dimitri Hortshuis-Tangelder
EZK
= Ministerie van Economische Zaken
GEA
= Gelders Energieakkoord
Aquathermie is de verzamelnaam voor de winning, opslag en
GEIS
= Gelderse Energie Infrastructuur
distributie van warmte en/of koude uit riool-, afval-, drink- en
GWIB
= Gelders Warmte Infra Bedrijf
oppervlaktewater.
HT
= Hoge Temperatuur warmte
LT
= Lage Temperatuur warmte
m.e.r.
= Milieueffectrapportage
MT
= Midden Temperatuur warmte
Structurele verandering naar een duurzame
= Opwek Energie op Rijksgronden
PBL
= Planbureau voor de Leefomgeving
PS
= Provinciale Staten
RES
= Regionale Energiestrategie
RSW
= Regionale Structuur Warmte
RVO
= Rijksdienst voor Ondernemend Nederland
RWS
= Rijkswaterstaat
TVW
= Transitie Visie Warmte
WUP
= Wijkuitvoeringsplan
TWh
= Terawattuur
vorm van duurzame opwekking. Voor nieuwe grootschalige zonnevelden en windmolens geldt vanuit het Klimaatakkoord en de RES Groene Metropoolregio Arnhem Nijmegen een streven naar minimaal 50% lokaal eigendom. Lokaal eigendom is anders
energiehuishouding. afspraken over zeggenschap van de omgeving gemaakt. Een
NPRES = Nationaal Programma Regionale Energie Strategie OER
Bij lokaal eigendom doen lokale partijen (waaronder inwoners)
De verzameling bestaande woningen, kantoren, ziekenhuizen, scholen, enzovoorts.
uitgeven van obligaties aan het eind van het ontwikkelproces. aandelen in een windpark of zonneveld of een omgevingsfonds.
In het netwerk van het Gelders Energie Akkoord werken bijna 250 Gelderse organisaties samen. Inzet: 55% minder CO uitstoot in 2030 en een klimaatneutrale provincie in 2050.
ondersteunen bij het opstellen van hun RES. Het programma wordt getrokken door de drie koepelorganisaties (VNG, IPO, en Unie van Waterschappen) en de ministeries van EZK en BZK.
De Groene Metropoolregio is een samenwerking tussen 18 gemeenten uit de regio. Vanaf 1 januari 2021 werken zij, vanuit een gezamenlijke visie en een regionale agenda van vijf opgaven, aan een goede balans tussen groei en leefkwaliteit.
Rijk, provincies en gemeenten stellen ieder een omgevingsvisie op: een strategische visie voor de lange termijn voor de gehele fysieke leefomgeving.
De Nederlandse invulling (juni 2019) van het klimaatakkoord van Parijs, bestaande uit meer dan 600 afspraken tussen bedrijven, maatschappelijke organisaties en overheden om de uitstoot van broeikasgassen in 2030 te halveren ten opzichte van 1990.
Meedenken, meepraten en meedoen bij de totstandkoming van een plan of een project door een brede groep van stakeholders. Dit kunnen zijn bewoners, bedrijven, maatschappelijke organisaties, (semi) overheden die direct te maken krijgen met
het plan of het project. Participatie in het kader van de RES kun je onderscheiden in proces- en projectparticipatie.
De Regionale Structuur Warmte brengt de vraag naar, het
Een cluster van gebouwen (woningen, bedrijven, enzovoorts)
aanbod aan en de infrastructuur van warmte in kaart. Het
met een bepaalde vraag naar warmte. De gebouwen vormen
is onderdeel van de RES.
samen een cluster omdat ze dicht bij elkaar liggen en samen
De Regionale Energietransitie is een instrument om met maat-
een vraag naar warmte hebben ter grootte van minimaal 1.500
schappelijke betrokkenheid te komen tot regionale keuzen
woningen. Rondom clusters vanaf die omvang is de aanleg
voor:
van een grootschalig warmtenet kansrijk.
de opwekking van duurzame elektriciteit
Terawattuur is een meeteenheid voor energie. In het
de warmtetransitie
kader van de RES wordt de term onder andere gebruikt
de daarvoor benodigde opslag en energie infrastructuur
voor de hoeveelheid energie die per jaar wordt gebruikt of opgewekt.
Een zoekgebied is een bepaald gebied waar windturbines of
De RES is ook een manier om de samenwerking tussen
1 terawattuur = 1 miljard kilowattuur = 1.000.000.000
zonnevelden zouden kunnen komen. Dit wil dus niet zeggen
alle regionale partijen (overheden en maatschappelijke
kilowattuur. 1 TWh staat gelijk aan circa 1.000 hectare
dat zomaar overal in het zoekgebied turbines of zonnevelden
organisaties) te organiseren in voorbereiding op concrete
zonnepanelen of ongeveer 70 windturbines van 4 MW.
geplaatst gaan worden. Slechts een deel van het totale gebied zal benut worden.
projecten die voortkomen uit de RES. Tot slot is de RES een product waarin staat beschreven
In de Transitievisie Warmte leggen gemeenten hun visie
Initiatiefnemers kunnen een voorstel voor een wind-of
welke strategie de RES-regio hanteert om lokale/regionale
vast op de warmtetransitie en lichten ze hun voorziene
zonnepark indienen bij de gemeente. Of een voorstel
energiedoelstellingen te bepalen en te behalen. De RES heeft
strategie op inzet van warmtebronnen toe. Ook wordt
uitgevoerd gaat worden, hangt er onder andere van af of er
een horizon van 2030 met een doorkijk naar 2050.
vastgelegd op welke termijn wijk aardgasvrij worden en
restricties gelden, zoals wetgeving ten aanzien van natuur
welke alternatieven warmtevoorziening voor elke wijk het
en veiligheid. Ook speelt het maatschappelijk en bestuurlijk
meest voor de hand ligt.
draagvlak een rol. De gemeente, de netwerkbeheerder, ontwikkelaars, inwoners en andere belanghebbenden bepalen
De deelnemers die samen de RES vormgeven en daarover
samen hoe en waar er gaat worden opgewekt. Voordat de
besluiten: de gemeenten Arnhem, Berg en Dal, Beuningen, Doesburg, Druten, Duiven, Heumen, Lingewaard, Nijmegen,
In een warmtecluster komen vraag en aanbod van warmte
eerste schop de grond in gaat doorloopt elk nieuw project
Overbetuwe, Renkum, Rheden, Rozendaal, Westervoort,
bij elkaar: er is een warmtebron met daar omheen gelegen
verschillende stappen, zoals een toets op de omgevingsvisie,
Wijchen en Zevenaar, de waterschappen Rijn en IJssel,
warmtevraagclusters die interesse hebben in
een milieutoets en een vergunningsaanvraag. Dat biedt
Rivierenland en Vallei en Veluwe, provincie Gelderland en
de afname van warmte uit die bron.
inwoners en belanghebbenden meerdere momenten om mee
Liander. Liander neemt geen besluiten over de RES. Liander (en Tennet) besluiten over de investeringsplannen voor infrastructuur.
te praten.
Deelnemers aan deze RES zijn zestien gemeenten van de Groene Metropoolregio (zonder Mook en Middelaar en Montferland), de provincie Gelderland en de drie waterschappen Rijn en IJssel, Rivierenland en Vallei en Veluwe. In de RES staat hoe we in onze regio van fossiele energie
Ook Liander is deelnemer, maar de netbeheerder neemt
overschakelen op duurzame elektriciteit en duurzame
geen besluiten over de RES.
warmte. Ook staat in de RES welke infrastructuur en opslag daarvoor nodig zijn. De samenwerkende overheden in de Groene De RES is onderdeel van de activiteiten van de regio om de
Metropoolregio Arnhem-Nijmegen waren al volop bezig
uitstoot van broeikasgassen te verminderen en te hel-
met de energietransitie en hadden al concrete duurzame-
pen vergaande klimaatverandering te voorkomen. In het
energieprojecten gerealiseerd, toen zij in 2019 startten met
Nationaal Klimaatakkoord en het Gelders Energieakkoord
de RES 1.0. De eerste stap was een
zijn afspraken vastgelegd over het terugdringen van die
uitgangspunten voor het proces en de samenwerking.
met daarin
uitstoot. Op nationaal niveau moet in 2030 35 TWh elektriciteit duurzaam worden opgewekt. Met de eerste RES, de
De samenwerking leidde tot een
RES 1.0, levert de Groene Metropoolregio haar aandeel aan
afwegingskader, conceptzoekgebieden en een concept
die afspraak: 1,62 TWh in 2030.
bod van 1,68 TWh: de bijdrage van de regio aan de nationale
-RES met een
opgave van 35 TWh duurzame elektriciteit in 2030. Ook De RES is onderdeel van de opgave Circulaire regio. De
gaf de concept-RES inzicht in het elektriciteitsgebruik,
Groene Metropoolregio Arnhem-Nijmegen wil toonaan-
warmtegebruik en de warmtepotentie in de regio, en een
gevend worden in circulair denken en duurzaam hande-
eerste verkenning van de impact van duurzame opwek op de netinfrastructuur. Deze verkenning benoemde
behouden grondstoffen, onderdelen en producten zo veel
de verwachte knelpunten op stations en de potentie
mogelijk hun waarde en worden hernieuwbare bronnen
van energiehubs (het combineren van vraag en aanbod
gebruikt. Met de RES zetten we in op duurzame hernieuw-
en van verschillende soorten energiewinning). De
bare bronnen voor elektriciteit en warmte.
concept-RES is tot stand gekomen met betrokkenheid van belanghebbenden in diverse ateliers en stakeholder-
Naast een strategie is de RES een samenwerking. De niveau inwoners betrokken. overheid, maar met verschillende rollen en bevoegdheden.
In de RES 1.0 zijn de zoekgebieden bijgesteld en in zeer
beperkte mate het bod: 1,62 TWh. Daarnaast zijn met
verschillen sterk in aard en niveau van uitwerking.
potlood extra verkenningsgebieden opgenomen voor met name windenergie. Dit met het oog op een betere
De RES 1.0 legt een goede basis voor de opwek van
balans tussen windenergie en zonne-energie. De RES
duurzame elektriciteit in 2030. We moeten de benodigde
1.0 gaat dieper in op warmte met onder andere een
projecten en de bijbehorende infrastructuur nu (verder)
beschrijving van instrumenten voor lokale sturing
uitwerken en (verder) borgen in ons omgevingsbeleid.
op warmte en een verbinding tussen warmtevraag en
Zo hebben we uiterlijk in 2025 de in de RES 1.0 afgesproken elektriciteitsopgave voor 2030 vergund.
Structuur Warmte. Deze kaart biedt een mogelijk
De RES 1.0 legt ook een eerste basis voor het regionale
toekomstperspectief voor het warmteverdelingsvraagstuk
warmteverdelingsvraagstuk van komende jaren, die we
en bijbehorende infrastructuur in 2030. Ook bevat de
richting RES 2.0 moeten versterken en doorontwikkelen.
RES 1.0 een beschrijving van de op dat moment bekende regionale en bovenregionale warmteclusters. Een
De gemeenten kunnen veel taken voor elektriciteit
uitgebreide netimpactanalyse laat zien wat de impact
en warmte zelfstandig uitvoeren. Voor een aantal
is op de stations, de benodigde ruimte en kosten voor
vraagstukken is regionale en bovenlokale afstemming
uitbreiding van de infrastructuur en een inschatting
noodzakelijk, zoals: hoe gaan we om met grootschalige
van de haalbaarheid van realisatie voor 2030. De
elektriciteitsinitiatieven buiten zoekgebieden? Hoe
netimpactanalyse beschrijft ook verschillende manieren
vergroten we inzicht in de beschikbare warmte en de
waarop beter gebruik van de netinfrastructuur en een
verdeling van de beperkt beschikbare warmte? Wat zijn
betere balans op het net gerealiseerd kan worden. In de RES
optimale warmtekavels en hoe komen we daarin tot
1.0 zijn 28 Afspraken voor de Toekomst opgenomen. Deze
voldoende omvang/schaal? Ook de huidige congestie
zijn te vinden onder paragraaf 2.7 in de RES 1.0.
op het net vraagt veel extra aandacht. De huidige (ontwikkeling van) de energie-infrastructuur kan de ontwikkeling van nieuwe elektriciteitsvragers en de
Alle deelnemers; de gemeenten, waterschappen en
opwekking van duurzame elektriciteit niet bijhouden.
provincie, hebben de RES 1.0 vastgesteld met een
De provincie pakt een regierol op zich en doet dit in
aantal moties en amendementen, waaraan we binnen de RES 2.0 vervolg zullen geven. Gemeenten hebben
GEIS. Op provinciaal en RES regioniveau is het belangrijk
inmiddels ook bijna allemaal hun lokale Transitievisie
samen te kijken naar een goede verdeling, fasering en
Warmte vastgesteld. Daarin hebben zij hun visie op de
prioritering van projecten. Binnen de RES ligt daarvoor de
warmtetransitie vastgelegd en geven ze aan op welke
focus op verdeling, fasering en prioritering van duurzame
manier welke wijken van het aardgas gaan. De visies
elektriciteitsopwekking en warmte.
Daarvoor is het in samenhang brengen van duurzame
RES kan op deze manier verbonden worden met andere
Ontwikkelingen rond verstedelijking en mobiliteit zorgen
elektriciteit en duurzame warmte ontwikkelingen
regionale activiteiten in het kader van de energietransitie
bijvoorbeeld ook voor een nieuwe energievraag: hoe zorgen
noodzakelijk. Binnen de Groene Metropoolregio als
en met andere opgaven van de Groene Metropoolregio
we voor goede berekeningen van deze energievraag en
geheel, in het bijzonder binnen de opgave Groene Groei en productieve regio, zal de verdeling, fasering en prioritering van energievragers en duurzame energieproducenten in samenhang moeten worden bezien in het kader van integraal programmeren Regionale samenwerking levert ook meerwaarde bij bijvoorbeeld het uitvoeren van gezamenlijk onderzoek zoals de gezamenlijke plan-MER voor de RES. Hiermee worden onderzoekslasten verdeeld en lokale onderzoekslasten verminderd. Of een Community of Practice (CoP) voor gedeelde vraagstukken: zo hoeven we niet allemaal zelf het wiel uit te vinden. Of een gezamenlijke lobby of aanvraag voor verder onderzoek naar een geothermie of voor middelen uit fondsen. Het regionaal projectteam RES is ondergebracht in de Groene Metropoolregio. Inmiddels zijn de Rijksbijdragen structureel, in elk geval tot en met 2030. De gemeentelijke bijdragen waren tot nu toe incidenteel. Wanneer ook gemeenten zich kan het team gestabiliseerd worden. De provincie Gelderland werkt aan versnellingsteam(s) voor uitvoering van de energietransitie: die teams kunnen deelnemers aan de RES op vraagstukken gericht ondersteunen. Ook inhoudelijk is de RES onderbracht in de Groene Metropoolregio: onder de opgave Circulaire regio. De
voor een tijdige ontwikkeling van netcapaciteit? Een ander Ontspannen regio, Productieve regio en Verbonden regio).
voorbeeld is de arbeidsmarkt voor het elektriciteits- en
Lokale warmte kent ook een regionale component.
Hierdoor kan op lokaal niveau de gebouwde omgeving
Hierin is het mogelijk om samen op te trekken met de RES
overgaan van fossiel gas naar duurzame warmte en ook
organisatie binnen een regio. Dit is echter geen vereiste,
nieuwbouw voorzien worden van duurzame warmte.
maar naar behoefte van de regio in te vullen.
Warmte uit elektriciteit is een van de bronnen in de bronnenstrategie.
Naast deze nationale ontwikkelingen zijn provinciaal de uitkomsten van het geothermie onderzoek bekend geworden en deze laten zien dat geothermie in de Groene
In lijn met de afspraken met NPRES leveren we iedere
Metropoolregio potentieel kansrijk is en interessant is om
twee jaar een voortgangsrapportage over de voortgang
nader te onderzoeken.
van onze RES. Onderdeel hiervan is een rapportage over de voortgang in de verkennings- en zoekgebieden
Daarnaast is om de energietransitie te versnellen, een
voor duurzame elektriciteit, over de toepassing van
Nationaal Programma Waterstof opgesteld. Onderdeel
duurzame warmtebronnen en over de koppelingen met
hiervan is de Waterstof Back Bone die ook door de Groene Metropoolregio loopt.
NPRES werkt samen met onder andere PBL en RVO aan de harmonisatie van de rekensystematiek van de RESsen. Dit kan leiden tot wijzigingen in de weergave van de
Tegelijkertijd borgen we de afspraken van RES 1.0 in het omgevingsbeleid. Voor duurzame elektriciteit doen we dit met het oog op het nationaal afgesproken tijdspad. Voor elektriciteitsprojecten geldt dat ze uiterlijk in de zomer van 2024 allemaal geborgd moeten zijn in het omgevingsbeleid. Op 1 januari 2025 moeten deze projecten vergund zijn en op 1 januari 2030 gerealiseerd, net als de daarbij benodigde transportcapaciteit op het net. Voor warmte doen we dit met het oog op de nationale afspraak dat in 2030 nationaal 1,5 miljoen woningen aardgasvrij moeten zijn door vanaf 2021 nationaal 50.000 woningen per jaar aardgasvrij te maken en vanaf 2030 200.000 woningen. Hiervoor werken we toe naar een regionale warmtestructuur met een bronnenstrategie en de bijbehorende infrastructuur.
voortgang.
De ambitie en de afspraken in de RES 1.0 en de 28
We werken integraal op regionaal niveau door de RES
Afspraken voor de Toekomst zijn leidend voor het
te verbinden met de andere opgaven van de Groene
laten we zien in onze onderlinge samenwerking, in onze
uitvoeringsplan.
Metropoolregio.
wijze van communiceren en zorgvuldige participatie. Wij zijn transparant en navolgbaar en wegen per vraagstuk
Dit uitvoeringsplan gaat over de werkzaamheden van het RES projectteam ten aanzien van:
Dit uitvoeringsplan geldt voor de periode 2023 tot en met
af hoe we participatie het beste vorm kunnen geven. We
2030.
zorgen ervoor dat inwoners en stakeholders weten waaraan en hoe zij mee kunnen denken of doen en op welk niveau
grootschalige opwek van duurzame elektriciteit,
(regionaal, lokaal). We zorgen zo voor een klimaat waarin
inclusief de infrastructuur;
partnerschappen op duurzame energie kunnen ontstaan.
de bovenlokale afstemming op winning en verdeling van duurzame warmte, inclusief de daarvoor benodigde infrastructuur.
Het RES-bod van de Groene Metropoolregio ArnhemNijmegen is 1,62 TWh (RES 1.0). De gemeenten zien mogelijkheden voor 1,15 TWh uit zonne-energie (0,66 TWh met zonnevelden en 0,49 TWh grootschalig zon op dak) en 0,47 TWh aan windenergie (situatie voorjaar 2021). Per februari 2021 was 0,12 TWh gerealiseerd. Wanneer we kijken naar het op te stellen vermogen (MW), dan komt 89% van het bod in de RES 1.0 tot stand door zon (zonnevelden en grootschalig zon op dak) en 11% door de realisatie van windturbines. Het huidige bod laat een goede ontwikkeling zien, maar leidt nog tot teveel disbalans op daarom toe naar een betere wind-zonverhouding.
Om de wind-zonverhouding te verbeteren hebben we in de RES 1.0 een globale verkenning uitgevoerd naar kansrijke gebieden voor extra windturbines. Deze gebieden zijn geen onderdeel van het bod in de RES 1.0. Via een milieueffectrapportage (PlanMER) wordt duidelijk in hoeverre de 1,62 TWh ontwikkeld kan worden binnen de aangewezen zoekgebieden. Ook geeft dit onderzoek inzicht in de mogelijkheden voor extra zoekgebieden voor de opwekking van windenergie. Via deze extra zoekgebieden kan de balans tussen wind- en zonneenergie worden verbeterd.
In de RES 1.0 zijn zes richtinggevende ruimtelijke
Het Rijk zet in op versnelling van de energietransitie en
In de RES 2.0 werken we gezamenlijk toe naar
afspraken vastgesteld. De afspraken zijn bedoeld
verhoogt de doelstelling voor grootschalige duurzame
de volgende doelen:
om natuur te behouden en overlast voor inwoners
elektriciteit op land in 2030 van 35TWh naar 55 TWh. Op
te beperken. Ook geven ze duidelijkheid aan
dit moment onderzoekt een NPRES werkgroep wat dit
1. We realiseren het bod van 1,62 TWh en streven naar
initiatiefnemers van nieuwe zon- en windprojecten. De
betekent voor de RESsen. Vooralsnog wordt geen hogere
een betere verdeling tussen zon en wind. Daarvoor
RES-deelnemers werken de ruimtelijke afspraken uit en
bijdrage gevraagd omdat alle RESsen samen 55 TWh
programmeren we de duurzame-energieopwek
borgen ze in beleid of afwegingskaders. We versterken
kunnen bijdragen. Het betekent dat we als RES in 2030
gezamenlijk, in samenhang met het regionale
de ruimtelijke onderbouwing van de RES. Daarmee
minimaal de ambitie van 1,62 TWh dienen te realiseren.
energiesysteem.
kunnen RES-deelnemers ook gezamenlijk afwegingen 2. We realiseren een integraal programma waarin
maken over nieuwe locaties buiten de zoekgebieden. We komen tot een gezamenlijke aanpak en criteria hoe
De huidige (ontwikkeling van) de energie-infrastructuur
duurzame energieopwek, energievragers en
we omgaan met windlocaties buiten de RES zoek- en
kan de ontwikkeling van nieuwe elektriciteitsvragers en
infrastructuur in samenhang gepogrammeerd worden
verkenningsgebieden.
de opwekking van duurzame elektriciteit niet bijhouden. Op provinciaal en RES regioniveau is het belangrijk samen
3. We verankeren de RES 1.0 en RES 2.0 in het
te kijken naar een goede verdeling, fasering en prioritering
omgevingsbeleid. Daarbij streven we naar lokaal
van projecten.
eigendom. 4. We geven inzicht in de voortgang en bereikte resultaten via monitoring en verantwoording.
De RES 1.0 legt een eerste basis voor het (sub)regionale Het hoofddoel van het spoor warmte is:
warmteverdelingsvraagstuk van komende jaren, die we
We actualiseren de RSW en daar waar sprake is van
richting RES 2.0 moeten versterken en doorontwikkelen.
Tot slot slaan we met integraal programmeren de
We blijven de komende tijd in gesprek met de gemeenten
brug tussen warmte en elektriciteit. De inzet van
over de ontwikkeling van de Transitievisies Warmte
warmtebronnen vermindert de behoefte aan elektriciteit.
structuur voor het verdelingsvraagstuk (RSW) van
Echter duurzame warmtebronnen zoals geothermie
bovenlokale duurzame warmtebronnen binnen de Groene Metropoolregio Arnhem-Nijmegen, uitgewerkt
(infra)Structuur Warmte (RSW). Vanuit de warmtetransitie in de gebouwde omgeving
in samenhang met de lokale warmteplannen en overige
is dus een zekere vraagbehoefte te verwachten
RES-opgaven.
In de RES 2.0 actualiseren we de behoefte aan, en het
naar duurzame elektriciteit. Niet alleen voor de
aanbod van bovenlokale warmte en gaan we in op de
bestaande woningvoorraad, maar zeker ook voor de
Om deze RSW uit te werken, geven we invulling aan drie
match tussen vraag en aanbod: welke warmtebronnen zijn
verstedelijkingsopgave binnen de regio de komende jaren.
subdoelen:
nu nog onbenut (of niet optimaal benut) en welke bronnen moeten opschalen om de warmtetransitie uit te kunnen
1. Er is een goede samenhang en aansluiting tussen de
voeren? Wat is ervoor nodig om een onbenutte bron te gebruiken, en hoe zou de opschaling van reeds bestaande warmtebronnen eruitzien? Wie pakt welke rol op binnen
2.
We borgen een langjarige structurele samenwerking
de uitvoering daarvan? We werken toe naar een (sub)
(tussen overheden en betrokken stakeholders) rond de
regionale bronnenstrategie die zich richt op de behoefte
regionale warmte-opgave, met in 2023 duidelijkheid
zoals onder andere beschreven in de gemeentelijke
over de rolverdeling in die samenwerking.
onderzoek, zoals het rijksprogramma SCAN (onderzoek
3.
Er komt een uitgewerkte set van afspraken voor het
naar de potentie van geothermie) en het landelijk
regionale warmteverdelingsvraagstuk, om vraag en
programma aquathermie. Ook nemen we de impact mee
aanbod van duurzame warmte te matchen. Daarbij
van het zich ontwikkelende wettelijk kader ( de Wet
maken we inzichtelijk wat de inzet van duurzame
Collectieve Warmte, en relevante initiatieven, met name de
warmte betekent voor het elektriciteitsvraagstuk.
ontwikkeling van het Gelders WarmteInfrabedrijf (GWIB).
We komen tot procesafspraken over het verdelen/
We betrekken gemeenten bij het vaststellen van
compenseren van de lusten en de lasten.
afwegingscriteria; welke projecten hebben wel, of
We organiseren omgevingsdialogen en participatie op
juist geen, prioriteit? We werken aan de ambtelijke en
regio niveau om de regionale stakeholders te betrekken.
bestuurlijke voorbereiding voor het vaststellen van die
We bieden een doorkijk van 2030 tot en met 2050
afwegingscriteria, die uiteindelijk gebruikt worden om de energie-infrastructuur projecten te prioriteren en te
We vertalen de resterende en eventuele nieuwe
plannen in de tijd.
ambities in concretere en mogelijk ook nieuwe
We organiseren werksessies om de keuzes in het
zoekgebieden.
energiesysteem te bespreken.
We maken een procesvoorstel/-stappenplan voor
We participeren in de stuurgroep en werkgroep van
initiatieven buiten zoekgebieden: hoe komen nieuwe
GEIS en brengen de ervaringen in vanuit het RES perspectief.
initiatieven op de RES-tafel. We maken een procesvoorstel/-stappenplan hoe we
We richten een projectgroep Energiesysteem in met als
We zoeken de samenwerking op binnen de Groene Metropoolregio met andere opgaven die raken aan
omgaan bij keuze deelnemer om niet tot invulling te komen van zoekgebieden en/of projecten
bod en de samenhang tussen projecten.
de ruimtelijke puzzel en het energiesysteem, zoals de
(escalatieplan).
We maken een plan van aanpak voor Integraal
verstedelijkingsstrategie. We zijn ook de verbinding
Gemeenten en het regionaal projectteam RES gaan in
Programmeren voor de regio, waarin het proces van
richting provincie en Rijksoverheid.
gesprek over nieuwe zoekgebieden en verwachtingen
Integraal Programmeren wordt beschreven inclusief de
over en weer.
samenwerkingsvorm, de rollen en benodigde capaciteit.
We maken een voorstel om alle zoekgebieden, locaties
We maken een overzicht van de projecten en
en projecten te prioriteren en faseren, in samenhang
ontwikkelingen in duurzame energie opwek, warmte
met de beschikbare en geplande netcapaciteit.
en benodigde energie-infrastructuur in de regio.
Alle deelnemers borgen de RES in hun omgevingsbeleid
Er komt een voorstel en afspraken over hoe de RES
De uitkomsten van de monitoring presenteren we
(omgevingsvisie, windvisie en omgevingsplan/
verder wordt verankerd in het omgevingsbeleid en
twee keer per jaar en we spreken bestuurlijk af hoe
omgevingsverordening).
welke instrumenten daarvoor ingezet kunnen worden.
om te gaan met de uitkomsten van de monitoring.
De RES is onder de omgevingswet een vrijwillig
Elke twee jaar wordt een voortgangsrapportage
programma. Hiervoor geldt een planMER plicht.
opgeleverd.
We voeren een regionale planMER uit. De regionale planMER draagt bij aan borging van de afspraken in de RES 1.0 en is een invulling van planMER plicht voor de RES 2.0. Het projectteam RES GMR werkt aan de inhoudelijke uitwerking van het planMER, evenals de voorbereiding voor de besluitvorming in de regio, in samenspraak met het Ambtelijk Platform Circulaire Regio (APCR). Ook de beantwoording van de zienswijzen is opgepakt door het projectteam RES GMR. Met behulp van de expertpool van het NPRES heeft een onderzoek plaats gevonden hoe de planMER en de RES bij kunnen dragen aan versnelling van de vergunningverlening: welk detailniveau van de planMER en de RES draagt hier aan bij. Aan de hand van dit onderzoek komt een voorstel voor het detailniveau van de RES. We kiezen gezamenlijk welke rol gemeenten en provincie spelen bij het realiseren van lokaal eigenaarschap en zeggenschap. We verankeren het streven naar lokaal eigenaarschap in gemeentelijk en provinciaal beleid.
We actualiseren de Regionale Structuur(visie) Warmte,
We maken een regionale position paper over de rol van
afgestemd op lokale warmteplannen en aangrenzende
de RES
waterstof-infrastructuur.
GWIB op de RES-regio. De vraag-aanbod-infrastructuur
We actualiseren de warmte-atlas, ontwikkelen een
voor warmte wordt op regioniveau verbonden met het
regionale bronnenstrategie en de daarbij benodigde
elektriciteitsvraagstuk. Daarin:
Er komt een strategische notitie over de impact van het
warmte-infrastructuur. We bepalen de impact van de inzet van warmtebronnen
Wordt de impact van nationale ontwikkelingen
op de vraag naar elektriciteit.
meegenomen. Zijn actuele onderzoeksresultaten (o.a. geothermie, aquathermie) verwerkt. Zijn cross-overs in beeld gebracht ten behoeve van
Er komt een strategische notitie met spelregels rond het warmteverdelingsvraagstuk (inclusief strategie voor regionale lobby ten behoeve van het. handelingsperspectief).
De uitkomsten van de monitoring presenteren jaarlijks
We behartigen de regionale belangen op provinciaal
en we spreken bestuurlijk af hoe om te gaan met de
en nationaal niveau, waaronder het realiseren van
uitkomsten van de monitoring.
onderzoeken naar boringen voor geothermie en
Elke twee jaar wordt een voortgangsrapportage
de impact van nieuwe wet- en regelgeving in de
opgeleverd.
warmtetransitie
De bestuurlijke afstemming tussen de deelnemende overheden (gemeenten, provincie, waterschappen) en de netwerkbeheerder (Liander) vindt plaats in het Bestuurlijke Platform Circulaire Regio. Daarnaast wordt hier getoetst of stukken kunnen worden doorgeleid naar gemeenten, waterschappen en provincie. Besluitvorming vindt altijd plaats door deelnemende overheden op de voor hen gebruikelijke wijze.
Het Bestuurlijk Platform wordt ambtelijk voorbereid in het Ambtelijk Platform Circulaire Regio. Het regionaal projectteam RES en de vertegenwoordigers van het Ambtelijk Platform zijn gezamenlijk verantwoordelijk voor de voorbereiding van bestuurlijke voorstellen.
Besluitvorming door deelnemende overheden vindt altijd
De gemeenteraden en Provinciale Staten (PS) hebben
plaats op de voor hen gebruikelijke wijze. Voor de RES zijn
een rol in de borging van de RES in het omgevingsbeleid.
vijf besluitvormingstrajecten voorzien:
Daarnaast hebben gemeenteraden, Provinciale Staten
UVP RES (Colleges)
vormgeven van de RES 2.0 door hiervoor kaders te stellen
Voortgangsrapportage RES 2023 (Colleges)
en daarover te besluiten.
Plan-MER RES (Colleges met zienswijzen Raden en Staten) Raadsinformatiebrief RES-proces 2.0. (Raden en Staten) RES 2.0 (Raden en Staten)
A. Besluit over budget 2024 e.v. (begroting GMR) (Q4 Gemeenteraden, Provinciale Staten (PS) en Algemeen
naar bundeling van raadsinformatiebijeenkomsten of andere voorzieningen voor de RES met de andere
B.
opgaven van de Groene Metropoolregio. Dit met het oog op PlanMER RES (Q2 2023)
het omgevingsbeleid:
eenduidigheid en om onnodige belasting van raadsleden te
C. Besluit over RES 2.0 (Q1/2 2024) D.
1.
tot de mogelijkheden.
2. Rol gemeenteraad/ PS in borging omgevingsvisie/plan/ verordening (verschilt per overheid).
Bij de informatiebijeenkomsten voor de RES nodigen wij Met de regio-agendacommissie stemmen we af hoe
De RES 1.0 kan geborgd worden in het omgevingsbeleid van de deelnemers. De RES 2.0 zal onder de omgevingswet een vrijwillig programma zijn. Deze is zelfbindend voor de overheden.
ook de AB- en PS-leden uit. De informatievoorziening
de gemeenteraden in de Groene Metropoolregio goed gebruikelijke weg binnen het waterschap. als geheel en op de besluitvormingstrajecten. We streven
We communiceren over de RES richting deelnemers, stakeholders en inwoners vanuit het communicatieframe. heldere lijn: In 2030 willen we 55% minder CO2 uitstoten dan in 1990,
We bieden ruimte voor geluiden vanuit betrokken organisaties en bedrijven om zo de verschillende opvattingen in beeld te krijgen. Dat doen we ook als die niet in lijn zijn met de RES-plannen zoals die op dat moment op tafel liggen.
zoals afgesproken in het Nationaal Klimaatakkoord en het Gelders Energie Akkoord. Een belangrijke stap hierin is het overschakelen van fossiele energie naar duurzame energie. Bijvoorbeeld via zonnevelden, windturbines of warmte uit de bodem. Hiervoor is ook nieuwe infrastructuur nodig, zoals meer kabels voor stroom en warmtenetten. Dat houdt niet op bij de gemeentegrens. Daarom werken 16 gemeenten, provincie Gelderland, 3 waterschappen en de netbeheerder Liander in deze regio samen aan een Regionale Energie Strategie (RES) We communiceren dit vanuit de volgende uitgangspunten:
We publiceren tussentijdse conclusies, kaarten en bevindingen op de website van de RES. We zijn helder over het proces, informatie is makkelijk te vinden en wordt aangeboden op begrijpelijke wijze.
We zijn uitnodigend naar maatschappelijke organisaties zoals betrokken inwoners, raadsleden en jongeren om de RES te volgen en mee te praten over regionale onderwerpen.
De plannen voor de energietransitie zijn haalbaar!
Het regionaal projectteam RES zorgt voor bovenregionale afstemming zowel op inhoud als proces zoals afstemming met NPRES, EZK, RWS, binnen de afstemmingstafel van het Gelders Energieakkoord en de Gelderse Klankbordgroep Warmte.
Het projectteam is als volgt bezet:
Procesregisseur
Procesregisseur
Projectleider Ruimte
Projectleiders: Ruimte, Elektriciteit en Warmte
Projectleider Warmte
Projectmedewerkers: Bestuur en Participatie/
Projectleider Elektriciteit
communicatie
Participatie en communicatie
Procesondersteuner
Bestuurlijke trajecten
Adviseurs van Provincie en Liander
Procesondersteuning
Het team zal tot en met maart 2024 aangevuld worden met
Teamlid Provincie
in kind
een Warmteprocesbegeleider.
Teamlid Liander
in kind
Onderzoek en ondersteuning Om de 28 afspraken uit de RES 1.0 te waarborgen, in te kunnen spelen op ontwikkelingen en de RES-organisatie
Totaal
op de huidige voet voort te zetten is de volgende bezetting (inclusief kosten (prijspeil 2024) nodig. Het voorliggende
Rijksbijdrage
UVP kan met deze basis worden uitgevoerd.
Gemeentelijke bijdrage Bijdrage per inwoner