21-535 Overzicht technische vragen en antwoorden fracties Kadernota 2022-2025 versie 21 juni 2021
Tekst van het document
Overzicht technische vragen en antwoorden fracties Kadernota 2022-2025 Lokaal Belang 1. Pagina 5 Begrotingssaldo na kadernota waarvan incidenteel 2022 2827 en 2023 2.489. Helaas staat op pagina 62/63 geen specificatie. Is het mogelijk een specificatie te verstrekken? Antwoord: Zie onderstaande specificatie
Document MJB 2021-2024 Corona Verkoop vastgoed Formatie JKZ Rechtskundig advies Liemerse ec visie Aanpassing WGS Energieneutraal eigen org 2e VGR 2020 Bezuiniging vastgoed Kansrijke start Kadernota 2022-2025 Bestrijding invasieve soorten Impuls sturend datamanagement Rechtmatigheidsverantwoording / verbetering interne controle 2021 Regionale aanbesteding gas Vervolg Wet Open Overheid Campagne 'Kids groen en duurzaam' Capaciteit Juridische Zaken Circulaire regio Deelname campagne fairtrade Groene groeiregio Haalbaarheidsonderzoek renovatie / nieuwbouw Voedselbank Krediet onderwijshuisvesting locatie Vestersbos inclusief IKC en sportvoorziening Ontspannen Regio Opstellen Zevenaarse routekaart Circulaire Economie Productieve Regio Verbonden Regio Warmtenet Zevenaar fase 4 Warmtewet 2.0
2022 1.975 -655 120 65 45 72 10
Bedragen x € 1.000 2023 2024 2025 1.000
-260 11
25 85
0 85
0 0
0 0
75
0
0
0
10 100 43 160 36 10 36
0 0 0 160 0 0 0
0 0 0 0 0 0 0
0 0 0 0 0 0 0
25
0
0
0
0
1.500
0
0
25
0
0
0
20
0
0
0
22 57 340 50
0 0 0 0
0 0 0 0
0 0 0 0
WK Volleybal dames 2022 Onderzoek naar HUB 7Poort Totaal incidenteel t/m kadernota
15 50 2.827
0 0 2.485
0 0 0
0 0 0
2. Pagina 8 Bij Juridische Zaken zijn alle taken en werkzaamheden in beeld gebracht. “Indien we ons beperken tot de wettelijk verplichte taken, Juridische kwaliteitszorg en de ondersteuning van de afdelingen, is er in de formatie een tekort van 2 fte”. - Waarom is alleen in de jaren 2022 en 2023 een bedrag in de begroting opgenomen? - Is er dan geen tekort in de jaren 2024 en 2025? - Uit hoeveel fte bestaat de Juridische Afdeling en wat zijn de huidige (2020) kosten van deze afdeling? - Hoe verhoudt zich dit bedrag op basis van vergelijkbare gemeenten (benchmark). Antwoord: We zetten op dit moment in op een tijdelijke uitbreiding omdat er op dit moment uitvoering wordt gegeven aan het project Juridische kwaliteitszorg. Dit project heeft o.a. tot doel, dat de juridische processen binnen onze organisatie meer efficiënt en effectief worden ingezet. Tijdens de eerste stappen in dit project is ook gebleken dat met name de afdelingsoverstijgende wetgeving, hierbij moet gedacht worden aan o.a. de Wet openbaarheid van bestuur (WOB) en Algemene verordening gegevensbescherming (AVG), meer inzet zal vragen vanuit de tweedelijns juristen om de juridische kwaliteit te borgen. Echter dit proces gaat minder snel dan verwacht omdat andere werkzaamheden waarvoor wettelijke termijnen gelden meer prioriteit hebben.
Daarnaast heeft de organisatie te maken met een aantal langlopende juridische dossiers. We verwachten dat deze op termijn zijn afgerond en dat er meer inzicht komt vanuit het project Juridische kwaliteitszorg om daarmee de 1e en 2e lijns juridische functie goed te kunnen gaan inrichten binnen onze organisatie en daarmee ook meer inzicht te krijgen in de daarbij benodigde formatie.
Uit hoeveel fte bestaat de Juridische Afdeling en wat zijn de huidige (2020) kosten van deze afdeling? Antwoord: Binnen het team juridische zaken van de afdeling bedrijfsvoering is 2,89 fte (loonsom € 235.000) werkzaam in de functie van juridisch adviseur en 0,66 fte (loonsom € 45.000) als juridisch medewerker. Naast deze formatie is op dit moment 2 fte ingehuurd. Het is niet de bedoeling dat, na toekenning van deze tijdelijke formatie, nog ingehuurd wordt. Hoe verhoudt zich dit bedrag op basis van vergelijkbare gemeenten (benchmark). Antwoord: Uit de cijfers van vergelijkbare gemeenten is onze totale juridische formatie gemiddeld. Iedere gemeente heeft de juridische functies anders belegd binnen de organisatie of hanteert een andere werkverdeling. Het onderscheid tussen 1e en 2e lijns juristen wordt veelal anders gemaakt en deze cijfers zeggen onvoldoende over de hoeveelheid van werkzaamheden binnen de 2e lijns advisering. Er is geen landelijke benchmark bekend op het gebied van de hoeveelheid en/of complexiteit van bijvoorbeeld verzoeken en bezwaren. Wel hebben we onze gemeente kunnen vergelijken met de informatie van een aantal gemeenten. Daaruit blijkt dat het aantal klachten en bezwaren, bij de onderzochte gemeenten toeneemt. Echter waar de
andere gemeenten een daling laten zien in het aantal WOB-verzoeken (na de afschaffing van de Wet dwangsom) geldt voor ons een stijging.
3. Pagina 15 Ontwikkelen naar een moderne en professionele organisatie. - Waarom pas vanaf medio 2022 een bedrag van € 100.000 (dus € 50.000)? De bestaande budgetten zijn onvoldoende om ons als gemeente Zevenaar onderscheidend te kunnen presteren. - Hoe hoog zijn de bestaande budgetten? Antwoord: In de bestuurlijke hoofdlijnen hebben wij aangegeven ons vooral te focussen op bestaand beleid en ons terughoudend op te stellen ten aanzien van nieuw beleid. Het ontwikkelen naar een aantrekkelijke werkgever is weliswaar bestaand beleid, wij verwijzen u daarvoor naar de kadernota HR , maar gelet op de landelijke ontwikkelingen zijn aanpassingen noodzakelijk. Wij willen eerst uitvoering geven aan de opgaves van 2021, de ontwikkelingen op diverse fronten afwachten en dan in 2022 een start maken met het aantrekkelijk werkgeverschap. De personele kosten beslaan diverse budgetten zoals lonen (€ 23.000.000) en kosten voor in- door- en uitstroom (€ 300.000). Deze hebben vooral hun oorsprong vanuit de herindeling en zijn na ruim 3 jaar aan herijking toe. Alleen al bijvoorbeeld het anders gaan werken als gevolg van corona vraagt om andere en of gewijzigde instrumenten om als werkgever aantrekkelijk op de arbeidsmarkt te zijn. Zeker nu de krapte op de arbeidsmarkt als gevolg van meevallende economische ontwikkelingen zal blijven voortduren.
Voor het ontwikkelen en de kosten van aantrekkelijk werkgeverschap zijn structureel extra middelen noodzakelijk. 4. Pagina 16 Invoeren Wet Open Overheid. In 2022 is eenmalig een bedrag van € 100.000 benodigd. Gemeenten worden gecompenseerd voor hun werkzaamheden. - Voor welk bedrag is de compensatie (ontvangst) in de Kadernota opgenomen? Antwoord: Op 26 januari 2021 heeft de Tweede Kamer de (Wijzigingswet) Wet open overheid (Woo) aangenomen. Het betreft een initiatiefwet uit de Tweede Kamer die beoogt de gehele overheid transparanter en toegankelijker te maken. De Eerste Kamer dient nog een besluit te nemen over de Woo. Vooruitlopend op de besluitvorming in de Eerste Kamer zijn financiële middelen – zowel incidenteel als structureel - vrijgemaakt om gemeenten te compenseren bij de invoering en uitvoering van deze nieuwe wet. De incidentele middelen (voor de periode 2022 tot en met 2026 € 24,98 miljoen per jaar) zijn onder andere bestemd voor het verbeteren van systemen en het aanpassen van processen en de organisatie. De structurele middelen (€ 21 miljoen in 2022, oplopend naar structureel € 42 miljoen vanaf 2026) zijn onder andere bedoeld voor de actieve openbaarmaking van de informatiecategorieën zoals genoemd in de Woo. De compensatie die door Zevenaar via de meicirculaire in de Algemene Uitkering is ontvangen voor de Wet Open overheid in 2022 bedraagt € 122.000.
In dit stadium is onbekend of de Eerste Kamer bij de behandeling nog om uitbreiding van middelen zal vragen en wat het toekennen van genoemde bedragen dan voor iedere gemeente afzonderlijk betekent. Bij de behandeling van de Meerjarenbegroting 2022-2025 zullen wij u verder informeren over de compensatie.
5. Pagina 23 i.c.m. pagina 52/53 Bijdrage aan GR VGGM voor brandweer is opgenomen € 160.000, voor Volksgezondheid € 8.000. In de ontwerpbegroting van VGGM 2022 is de stijging in de gemeentelijke bijdrage GGD € 16.000. Waar is deze in de Kadernota opgenomen? Antwoord: Het effect bij de brandweer is € 160.000, dat ziet u terug bij programma 1, Veiligheid. Het totale effect van GGD, Bevolkingszorg, Jeugdgezondheidszorg (inclusief lokaal maatwerk) en Rijksvaccinatieprogramma is € 8.000. Dat effect ziet u terug in de kadernota op pagina 52/53, programma 7, Volksgezondheid. 6. Pagina 70 Financiële compensaties en wijziging bekostiging Is het mogelijk om aan te geven wanneer duidelijkheid verkregen wordt omtrent de genoemde compensaties en wijziging bekostiging. Is dit te verwachten na vaststelling van de Kadernota? Antwoord: Accres 2022 en verder Hierop is met het verschijnen van de meicirculaire 2021 een antwoord gekomen. Het accres is in alle jaren negatief. Dit leidt tot een daling van de algemene uitkering in 2022 van € 295.000. Deze daling is cumulatief waardoor de daling doorzet tot een bedrag van € 931.000 in 2025. Herijking gemeentefonds Hiervoor verwacht het rijk eind juni een nieuw, aangepast voorstel te publiceren. Daarna volgt consultatie van de VNG bij de gemeenten, gevolgd door een advies van de VNG in september/oktober.
De definitieve besluitvorming wordt gepubliceerd in de meicirculaire 2022. Opschalingskorting De VNG zal het schrappen van de opschalingskorting bij het nieuwe kabinet weer aan de orde stellen. Compensatie jeugdzorg Hiervoor is voor het jaar 2021 in de meicirculaire 2021 voor Zevenaar een bedrag van € 1.108.000 beschikbaar gesteld (landelijk € 438 miljoen). Na het verschijnen van de meicirculaire heeft het rijk voor 2022 € 1,3 miljard toegezegd. De verdeling van de middelen over de gemeente wordt voor 1 juli 2021 bekend gemaakt. Daarna weten we wat het bedrag voor Zevenaar is. Dit wordt in de meerjarenbegroting 2022-2025 verwerkt. Abonnementstarief Wmo Het rijk heeft aangegeven hier geen compensatie voor te geven. Er zijn geen verdere ontwikkelingen bekend 7. Pagina 71 Omgevingswet. Bij de Kadernota 2018-2022 is voor de jaren 2019-2022 jaarlijks een bedrag van € 600.000 voor de invoering van de Omgevingswet beschikbaar gesteld. Hiertoe zijn de Algemene Reserves ingezet als dekking. “In Zevenaar is € 2,6 miljoen beschikbaar gesteld uit de algemene uitkering. Later is daar weer € 200.000 op bezuinigd”. Pagina 93 in de Kadernota 2018-2022: “Per kalenderjaar maken we op die wijze inzichtelijk
welke inzet en kosten we voor de invoering van de Omgevingswet verwachten en in de jaarstukken van dat dienstjaar leggen we verantwoording af over de bestede middelen”. - Hoeveel van het beschikbaar gestelde bedrag van de Algemene Reserves ter hoogte van € 2.400.000 is per ultimo 2020 nog beschikbaar voor de invoering van de Omgevingswet? Antwoord: Ultimo 2020 is nog afgerond € 1.660.000 beschikbaar. 8. Pagina 71 Wet kwaliteitsborging voor het bouwen (WKB). Deze wet leidt tot verminderde legesinkomsten door het vervallen van de vergunningsplicht van technische bouwactiviteit door verschuiving van het werk naar de markt. De financiële impact voor gemeenten is nog onduidelijk. - Wanneer is de verwachting dat de financiële impact voor gemeenten wel duidelijk gaat worden? - Heeft dit naast verminderde leges ook personele gevolgen dit i.v.m. verschuiving van het werk naar de markt? Antwoord: Deze wet treedt niet direct voor alle bouwwerken in werking. Er wordt gestart met eenvoudige bouwwerken (fase 1). Pas als na evaluatie blijkt (3 jaar na invoering) dat het stelsel de bouwkwaliteit verbetert, tegen aanvaardbare kosten, kunnen de meer complexe bouwwerken ook onder het stelsel komen (fase 2). De complexiteit van bouwwerken wordt gedefinieerd in Gevolgklassen. Fase 1 betreft gevolgklasse 1 en fase 2 betreft gevolgklasse 2 en 3.
Onder deze wet vallen ook een reeks bouwwerken waarvoor de technische toetsen en toezicht helemaal komen te vervallen. Het gaat hierbij om veel voorkomende eenvoudige bouwwerken die meestal vergunningsvrij zijn, maar vanwege hun ligging een vergunningplicht hebben (bijvoorbeeld een dakkapel aan de voorzijde van een woning). In 2019 is door bureau Senze een WKB-scan uitgevoerd om de formatieve consequentie in beeld te hebben. Uit deze scan is naar voren gekomen: • Fase 1: Vermindering toezicht met 0,23 fte en vergunningverlening 0,19 fte in het jaar 2022. • Fase 2: Vermindering toezicht met 0,18 fte en vergunningverlening 0,13 fte in het jaar 2025 (bij succes fase 1). Onder de Omgevingswet wordt het toezicht en de handhaving binnen de fysieke leefomgeving belangrijker. Deze wet zal meer ruimte geven aan initiatiefnemers (regelgeving zal vereenvoudigd en globaler worden) om plannen te ontwikkelen. Hoe ver deze verandering zal gaan, wordt duidelijk zodra het Omgevingsplan en de Omgevingsverordening zijn uitgewerkt. De ervaring leert wel, zodra er minder regels zijn er meer toetsing achteraf nodig is. Inzet zal dus verschuiven van vergunningverlening naar toezicht en zorgplicht.
De verwachting is dat de terugloop in werk voor toezicht ten gevolge van de invoering van Wkb zal worden gecompenseerd door extra inzet door de invoering van de Omgevingswet (er wordt meer actief toezicht verwacht). Op korte termijn wordt gestart met de analyse mbt de kostendekkendheid van de leges (mbt invoering WKB).
Vraag VVD (mondeling) 9. Op pagina 6 van de kadernota staat bij de ‘Stijging tarieven 2022 Wmo en Jeugd’ een totaalregel van € 631.000. In de toelichting staat een bedrag van € 661.000. Wat is juist? Antwoord:
Bij het selecteren van de belangrijkste wijzigingen boven de € 100.000 wordt geselecteerd op taakvelden binnen een begrotingswijziging. In deze begrotingswijziging heeft € 259.000 betrekking op de Wmo en € 372.000 op de Jeugdzorg, samen € 631.000. Maar in dezelfde begrotingswijziging zit ook € 30.000 met betrekking tot het taakveld ‘Geëscaleerde zorg”. Bij het presenteren van de grootste mutaties wordt deze laatste mutatie (die kleiner is dan € 100.000) niet meegenomen. Daardoor ontstaat het verschil in presentatie. Overigens wordt alles financieel goed verwerkt. Het gaat puur om de presentatie van de geselecteerde mutaties boven de € 100.000. SP Jeugdzorg 1. Hoeveel jeugdzorgaanbieders zijn er op dit moment gecontracteerd bij de gemeente? Antwoord: Op dit moment zijn 274 jeugdzorgaanbieders gecontracteerd voor de zorgvormen (groeps)begeleiding, behandeling, jeugdbescherming en verblijf. 2. Hoeveel jeugdzorgaanbieders waren gecontracteerd door de gemeente in de afgelopen jaren, graag uitgesplitst per jaar voor de jaren 2014 t/m 2021? Antwoord: Het huidige contract is ingegaan per 1 juli 2020, hierbinnen zijn 274 jeugdzorgaanbieders gecontracteerd. Binnen het contract dat gold voor 1 juli 2020 waren 549 jeugdzorgaanbieders gecontracteerd. In verband met de herindeling van Zevenaar en Rijnwaarden is niet terug te halen hoeveel aanbieders er daarvoor gecontracteerd waren. 3.
Welke eisen worden gesteld aan (nieuwe) jeugdzorgaanbieders? Antwoord: Binnen ons huidige contract gelden dezelfde kwaliteitseisen als die voor alle regionale gecontracteerde zorgvormen binnen de Wmo en de Jeugdwet gelden. Voorbeelden hiervan zijn: - Het aantoonbaar werken aan kwaliteit middels een kwaliteitssysteem. - Het opstellen van een ondersteunings- of behandelplan waarin beschreven staat welke doelen gesteld zijn en worden nagestreefd, binnen welke tijdsbestek deze doelen moeten worden behaald, wanneer geëvalueerd wordt en de afstemming op andere vormen van geboden hulp en zorg. - Het (aanvullend) inzetten van lichtere vormen van zorg en ondersteuning, zodat specialistische zorg verkort kan worden of de resultaten ervan verbeteren. Naast deze algemene eisen, hanteren we ook zorgvorm specifieke eisen. Voorbeelden hiervan zijn: o Afspraken over declareren van indirect cliëntgebonden tijd. o Hanteren van het uitgangspunt doen wat nodig is. o Voor elk product is vastgelegd wat de minimale opleidingseisen zijn. In ons huidige contract worden geen nieuwe aanbieders toegelaten, tenzij blijkt dat er een te kort is aan aanbieders binnen een bepaalde zorgvorm of er sprake is van ontbrekend aanbod. Een uitgebreider overzicht van alle eisen die gesteld worden aan de gecontracteerde zorgaanbieders is te vinden op de website van InkoopSDCG: www.inkoopsdcg.nl.
Op deze website is de raamovereenkomst gepubliceerd.
4. Hoeveel winst wordt er gemaakt door de door de gemeente gecontracteerde jeugdzorgaanbieders? Graag in bedrag en percentage van de omzet uitgesplitst per zorgaanbieder. Antwoord: Jeugdzorgaanbieders hebben vanuit landelijk beleid de verplichting om jaarlijks verantwoordingsgegevens en een jaarrekening met een accountantsverklaring aan te leveren. Binnen de regio Centraal Gelderland wordt op dit moment een dashboard ontwikkeld waarbinnen alle jaarverslagen van de regionaal gecontracteerde aanbieders kunnen worden geanalyseerd. Onderdeel van deze analyse is ook percentage winst. Op dit moment is er dus nog geen tool beschikbaar om de informatie op een makkelijke manier te delen. De jaarrekeningen zijn wel op de websites van de jeugdzorgaanbieders te vinden. 5. Houdt de gemeente de wachtlijsten bij voor jeugdzorg?
-
Antwoord: Ja. In de contracten is het volgende opgenomen: Aanbieders zijn verplicht op hun website de actuele wachttijden te publiceren. Het streven is om inwoners de benodigde zorg te bieden, zonder wachttijden en wachtlijsten. Opdrachtnemer heeft een acceptatieplicht/zorgplicht ten aanzien van de cliënt die een toewijzing heeft van opdrachtgever. Indien opdrachtnemer hieraan niet kan voldoen, dient hij dit per direct aan te geven bij zijn contactpersoon van Inkoop sociaal domein Centraal Gelderland. We zijn in de regio bezig met het ontwikkelen van een monitoringssysteem om de wachttijden in een totaaloverzicht te publiceren. 6. Wat is de wachttijd voor de 0, 1e en 2e-lijnszorg? Antwoord: Zoals bij vraag 5 aangegeven heeft de gemeente in de jeugdzorg contracten eisen rondom wachttijden opgenomen. Daar monitoren we als opdrachtgever ook op. De wachttijden verschillen per zorgvorm en per aanbieder. We kennen geen wachttijd voor de Jeugdgezondheidszorg en de Praktijkondersteuner Jeugd GGZ (nulde lijns), begeleiding en jeugdbescherming. Voor de producten verblijf en behandeling komt het voor dat kinderen en jeugdigen moeten wachten. Verblijf Voor verblijf geldt dat de zorgaanbieder een acceptatieplicht/zorgplicht heeft ten aanzien van de cliënt die een toewijzing heeft van opdrachtgever.
Indien de zorgaanbieder hieraan niet kan voldoen, dient hij dit per direct aan te geven bij zijn contactpersoon van Inkoop sociaal domein Centraal Gelderland. Verder dient de zorgaanbieder per direct te zorgen voor een passend alternatief bij een andere door opdrachtgever gecontracteerde opdrachtnemer. Alle opdrachtnemers hebben hierin een gezamenlijke verantwoordelijkheid. Indien geen passend alternatief wordt gevonden, danwel geen begin is gemaakt met de alternatieve hulp, blijft deze opdrachtnemer verantwoordelijk voor het verlenen van kwalitatieve en verantwoorde ondersteuning, totdat er een andere opdrachtnemer is gevonden. In de praktijk wordt door consulenten vaak vooraf met aanbieders contact gelegd, dan wordt o.a. ook besproken of er plek is. Als binnen het gecontracteerde aanbod geen plek is, wordt er bij hoge uitzondering uitgeweken naar niet gecontracteerd aanbod middels een individueel contract.
Behandeling Voor behandeling gelden twee soorten wachttijden. 1. de periode tussen aanmelding en intake 2. de periode tussen intake en start zorg. De verwijzer is verantwoordelijk voor de eerste periode. Consulenten en huisartsen hebben dus zicht op het traject van hun jeugdigen. Voor de huisartsen vervult de POH jeugd vaak deze verantwoordelijkheid in de overbrugging. De verantwoordelijkheid voor de tweede periode ligt bij de aanbieder. Van de aanbieder verwacht dat hij actief op zoek gaat naar andere aanbieders die de zorg of het traject van een cliënt kunnen overnemen, als blijkt dat de cliënt langer dan de normen moet wachten op de start van zijn/haar behandeling. Daarnaast wordt er ‘overbruggingszorg’ ingezet. 7. Hoeveel kinderen staan er op dit moment in onze gemeente op een wachtlijst voor jeugdzorg? Antwoord: Er staan 34 Zevenaarse kinderen op een van de twee wachtlijsten voor de inzet van behandeling. Deze kinderen zijn inbeeld bij ofwel de verwijzer en/ of de jeugdzorgaanbieder. Daar waar er risico’s ontstaan voor de jeugdige omdat ze op een wachtlijst staan wordt gezamenlijk naar een oplossing gezocht. 8. Wat is het tekort ten opzichte van het door de landelijke overheid overgemaakte bedrag voor jeugdzorg? Antwoord: Voor 2021 hebben wij een tekort geraamd op Jeugdzorg van € 5,7 miljoen. Hierbij is de toegezegde compensatie van het Rijk voor 2021 nog niet meegenomen.
9. Welke eisen over arbeidsvoorwaarden, kwaliteit van zorg en toegestane winst worden gesteld in de inkoopvoorwaarden? Antwoord: Binnen onze producten zijn eisen opgenomen over de opleidingseisen en kwalificaties van personeel. Daarnaast is in de tariefstelling van de producten rekening gehouden met de bijbehorende salarisschaal. Het is aan de aanbieders om invulling te geven aan het salaris. Het voldoen aan de opleidingseisen van het personeel worden gemonitord. Daarnaast moesten aanbieders bij inschrijving VOG’s aanleveren van de bestuurders en alle hulpverleners die direct contact hebben met cliënten. Het regionale contract bevat kwaliteitseisen op verschillende niveaus: a) Algemene kwaliteitseisen: deze gelden voor alle regionaal gecontracteerde aanbieders, zowel Jeugdwet als Wmo. Een aantal voorbeelden staan genoemd onder vraag 3. b) Zorgvorm specifieke kwaliteitseisen: deze aanvullende eisen gelden voor een specifieke zorgvorm zoals begeleiding, behandeling en verblijf. Voorbeelden van kwaliteitseisen staan onder vraag 3. c) Product specifieke kwaliteitseisen: elke zorgvorm omvat een aantal producten.
Voorbeelden van product specifieke kwaliteitseisen zijn: - De zorg mag worden uitgevoerd door een professional met minimaal mbo-3 niveau op het gebied van Zorg en Welzijn - Bij de behandeling moet betrokkenheid zijn van een gedragswetenschapper In de contractvoorwaarden is opgenomen dat realisatie van excessief hoge bedrijfsresultaten, excessief hoge kosten, rendementen voor eigenaren/aandeelhouders
en/of opbrengsten voor directie/bestuurders niet worden geaccepteerd. Aanbieders kunnen een positief bedrijfsresultaat behalen, deze moet dan worden ingezet voor bijvoorbeeld investering en innovaties ten behoeve van het Sociaal Domein Centraal Gelderland. 10. Is onze gemeente verplicht om volgens Europese procedures aan te besteden? Antwoord: Wanneer de geraamde waarde van een opdracht evenveel of meer dan het Europese drempelbedrag i, moet de aanbestedende dienst (gemeente) Europees aanbesteden. Onder het Europese drempelbedrag dient te worden gekeken naar de afspraken die zijn gemaakt in het Inkoopbeleid van de gemeente. SAS diensten Voor de zogenaamde Sociale en andere specifieke diensten (Sociaal Domein) geldt een vereenvoudigde procedure. Jeugdzorg is een zogenaamde SAS dienst. Voor de inkoop van overheidsopdrachten van SAS diensten geldt een drempelbedrag van € 750.000. 11. Op welke manier koopt onze gemeente jeugdzorg in? Aanbesteden, inbesteden, open house, subsidie of anders? Antwoord: Onze gemeente heeft haar jeugdzorg regionaal ingekocht binnen de regionale samenwerking Centraal Gelderland. Onlangs is een nieuwe inkoopronde geweest waar een deel van de Jeugdzorg is ingekocht via een semi open procedure (Open House). Deze Toelatingsprocedure kenmerkt zich door het sluiten van nieuwe inschrijving na de uiterste inschrijfdatum.
Alleen wanneer gemeenten aangeven, op basis van vraag en behoefte, onvoldoende gecontracteerd aanbod te hebben kan worden overgegaan tot een tussentijdse openstelling. Verder is de opdrachtgever met deze Toelatingsprocedure niet gehouden aan de aanbestedingswet, wat ruimte geeft om contractuele aanpassingen uit te voeren, zonder dat er sprake is van een wezenlijke wijziging (term uit de aanbestedingswet). Het gaat hier om de zorgvormen: Begeleiding (basis en specialistisch) Jeugd Groepsbegeleiding Jeugd Behandeling Jeugd Jeugdbescherming en Jeugdreclassering Voor de zorgvorm Verblijf is gekozen voor een beperking van het aantal aanbieders vooraf. Hiertoe diende een selectie en gunning plaats te vinden op de ingeschreven aanbieders en diende te worden aanbesteed volgens een SAS procedure. 12. Hoe groot is het totaalbedrag dat is uitgegeven aan (overhead/personeels)kosten die u hebt moeten maken om de jeugdzorg te kunnen uitvoeren? Antwoord: Voor de begroting van 2021 hebben we afgerond € 1,7 miljoen aan uitvoeringskosten geraamd. Dit zijn de salariskosten de afdelingen Maatschappelijke ontwikkeling en Maatschappelijke Dienstverlening.