CConstaterende datZevenaar
Koppel je AI →
Document · PDF

2. 1222187 - Bijlage 1 - Archeologisch Bureauonderzoek

Raadsvergaderingen 2022-2026 25 september 2024, gemeente ZevenaarBij agendapunt: Z/23/461929 Ontwerpverklaring van geen bedenkingen voor het bouwen van een woning aan de Sleeg 8 in Zevenaar7.526 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Archeologisch Bureauonderzoek (BO) Zevenaar, Sleeg 8

Gemeente Zevenaar (GD)

Archeologisch Bureauonderzoek (BO) Zevenaar, Sleeg 8

Gemeente Zevenaar (GD) Projectnummer 2022-0365 29 juli 2024

Lycens Archeologisch Rapport 134

In opdracht van: Van Vugt bouwkundig teken- en adviesbureau

ISSN 2772-8900

Versie 2.2 definitief

Auteur

Autorisatie

Senior KNA Archeoloog

Senior KNA Archeoloog

M 06 828 983 87

M 06 820 639 04

Arjan Hullegie

L. Soetens

a.hullegie@lycens.nl

l.soetens@lycens.nl

Status bevoegde overheid: beoordeeld 4 maart 2023, S. Diependaal (regioarcheoloog)

Lycens B.V.

Euvelgunnerweg 25A

9723 CV Groningen

0541-570730

info@lycens.nl

Inhoud

Administratieve gegevens ............................................................................................................................................. 4 Locatie gegevens ............................................................................................................................................................ 5 Samenvatting resultaten ............................................................................................................................................... 6

1. Aanleiding voor het onderzoek .................................................................................. 8 1.1.

Onderzoekskader ............................................................................................................................................. 8

1.3.

Begrenzing onderzoeks- en plangebied .................................................................................................... 10

1.2. 1.3.1. 1.3.2. 1.4. 1.5.

Huidige en toekomstige situatie op de onderzoekslocatie .................................................................... 10 Begrenzing plangebied.................................................................................................................................. 10 Begrenzing onderzoeksgebied ..................................................................................................................... 11 Doel van het onderzoek ................................................................................................................................ 11 Onderzoeksvragen ......................................................................................................................................... 11

2. Bureauonderzoek .................................................................................................... 13 2.1.

Gebruikte bronnen ......................................................................................................................................... 13

2.3.

Bekende archeologische waarden .............................................................................................................. 22

2.2. 2.4. 2.5. 2.6. 2.7.

Aardwetenschappelijke gegevens .............................................................................................................. 13 Archeologische en historische waarden .................................................................................................... 25 Bekende verstoringen ................................................................................................................................... 29

Gespecificeerd archeologisch verwachtingsmodel ................................................................................. 29 Aanbevelingen ................................................................................................................................................ 30

3. Beantwoording onderzoeksvragen ......................................................................... 31

Bijlage 1 .......................................................................................................................................................................... 35 Bijlage 2 Onderzoeksmeldingen ................................................................................................................................. 36 Bijlage 3 Vondstmeldingen ......................................................................................................................................... 37 Bijlage 4a Bouwtekeningen- bouw woning oostzijde plangebied (1960) .......................................................... 38 Bijlage 4b Bouwtekeningen- uitbreiding woning oostzijde plangebied (2004) ................................................ 39

3

Bureauonderzoek (BO) Zevenaar, Sleeg 8 >

29 juli 2024

Administratieve gegevens Projectnaam

Zevenaar, Sleeg 8

Type onderzoek

Archeologisch Bureauonderzoek (BO)

Projectcode

ARCHIS zaakidentificatie Projectleider Contact Opdrachtgever Contact

2022-0365

5262484100

A.G.J. Hullegie

Senior KNA Archeoloog T: 0541 570 730

M: 06-828 983 87

E: a.hullegie@lycens.nl

Van Vugt bouwkundig teken- en adviesbureau G. ter Horst

Lichtenhorststraat 21 6942 GS Didam T: 0618360065

Bevoegde overheid

E: g.terhorst@vanvugt-bouwadvies.nl Gemeente Zevenaar

Namens deze: Regio-archeoloog, regio Arnhem

Dhr. J. Habraken

Eusebiusbuitensingel 53 6800 HA Arnhem T: 026-3773239 Uitvoering onderzoek

Beheer en locatie documentatie Illustraties

Medewerkers

4

E: joris.habraken@arnhem.nl Mei 2022

Lycens BV en e-depot

Auteur(s) tenzij anders vermeld A.G.J. Hullegie

Bureauonderzoek (BO) Zevenaar, Sleeg 8 >

Lycens

29 juli 2024

76496379

Locatie gegevens Projectnaam

Zevenaar, Sleeg 8

Gemeente

Zevenaar

Plaats

Provincie

Kaartblad

Kadastrale gegevens Coördinaten Oppervlakte

NAP-hoogte maaiveld

5

Zevenaar

Gelderland 40G

ZVN02-M-287, ZVN02-M-292 en ZVN02-M-293 X: 204504.21; Y: 436563.70 Circa 3.728 m2

Circa 11,5-12,0 m NAP

Bureauonderzoek (BO) Zevenaar, Sleeg 8 >

29 juli 2024

Samenvatting resultaten Plangebied

zie Afb. 2

Vraagstelling

Zie paragraaf 1.5,

Aanleiding

Aardwetenschappelijke gegevens

Het onderzoek vindt plaats in het kader van een bestemmingsplanwijziging. Het plangebied is volgens de geomorfologische kaart gelegen op de flank van een Crevasserug op de overgang naar het komgebied. Uit de nieuwe

stroomgordelkaart van de Rijn-Maas delta blijkt dat het onderzoeksgebied op circa 1 km ten noorden van de Oude Rijn-Pannnerden meandergordel ligt (135). Uit

onderzoek uit de omgeving wordt het pleistocene rivierterras tussen de 1 en 2

meter beneden maaiveld verwacht. Erop is een pakket komafzettingen van de Rijn afgezet. Langs de Rijn is een oeverwal gevormd die doorbroken is waardoor in de omgeving van het plangebied een systeem van crevassegeulen en -ruggen is gevormd. Vermoedelijk ligt de aanwezige historische huisplaats op

crevasseafzettingen behorende tot een crevassegeul uit de late middeleeuwen.

Bekende archeologische

Uit de omgeving zijn voornamelijk resten bekend van historische erven uit de

Historische waarden

Het plangebied is voor zover op historisch kaartmateriaal terug is te vinden al in

waarden

Verwachting

periode late middeleeuwen tot de nieuwe tijd.

gebruik als huis en erf. Waarschijnlijk dateert het erf in de nieuwe tijd maar een oudere voorganger kan aanwezig zijn.

Op basis van het bureauonderzoek wordt geconcludeerd dat in het plangebied

een lage tot middelhoge verwachting geld voor de periode laat paleolithicum tot de bronstijd, een lage verwachting voor de periode ijzertijd tot de vroege

middeleeuwen en een hoge archeologische verwachting voor de periode late middeleeuwen tot de nieuwe tijd. De archeologische verwachting wordt in

Selectieadvies en aanbevelingen

paragraaf 2.5 per periode gespecificeerd.

De archeologische verwachting dient te worden getoetst door middel van het uitvoeren van een inventariserend veldonderzoek. Gezien de

onderzoeksresultaten uit de omgeving en het relatief ondiep voorkomen van het pleistocene rivierterras (1-2 m -mv) wordt aangeraden dit onderzoek in de vorm van een proefsleuvenonderzoek uit te -voeren. De verwachte historische

huisplaats laat zich lastig door middel van booronderzoek in kaart brengen,

eventuele oudere afzettingen zijn met deze onderzoeksmethode ook goed op te sporen. Voor een proefsleuvenonderzoek is een door de bevoegde overheid

goedgekeurd PvE (Programma van Eisen) vereist.

2024-07-29: Het advies tot het uitvoeren van het proefsleuven onderzoek is

overgenomen door het bevoegd gezag. Aanvullend is middels een selectiebesluit

aangegeven dat de ondergrondse sloop van de oude schuur archeologisch begeleid dient te worden.

6

Bureauonderzoek (BO) Zevenaar, Sleeg 8 >

29 juli 2024

Ligging plangebied en globale begrenzing onderzoeksgebied (bron achtergrond: maptiler.com).

7

Bureauonderzoek (BO) Zevenaar, Sleeg 8 >

29 juli 2024

1. Aanleiding voor het onderzoek 1.1.

Onderzoekskader

In opdracht van Van Vugt bouwkundig teken- en adviesbureau heeft Lycens een archeologisch

bureauonderzoek uitgevoerd met betrekking tot het plangebied Zevenaar, Sleeg 8 (Afb. 1). Het onderzoek vindt

plaats in het kader van een bestemmingsplanwijziging vanwege de nieuwbouw van een woning aan de Sleeg 8 te Zevenaar (zie §1.2).

De beleidskaart van de gemeente Zevenaar is vertaald in het vingerende archeologische bestemmingsplan uit 2010. Het plangebied valt geheel binnen een zone met een hoge archeologische verwachting (Afb. 2 1). Bij

bodemingrepen met een oppervlakte van meer dan 200 m² en met een verstoringsdiepte van meer dan 50 cm beneden maaiveld is een archeologisch onderzoek nodig. In de rapportage van het bestemmingsplan zijn

afwijkende vrijstellingsgrenzen opgenomen, hier geld voor een zone met hoge archeologische verwachting een onderzoeksplicht vanaf 100 m² en een verstoringsdiepte van 0,3 m. 2 Als gevolg van de ontwikkeling worden

deze drempelwaarden mogelijk overschreden waardoor archeologisch onderzoek is vereist.

Het onderzoek is uitgevoerd conform de Kwaliteitsnorm Nederlandse Archeologie (KNA versie 4.1), protocol BRL

SIKB 4002 (Bureauonderzoek) en het archeologiebeleid van de gemeente Zevenaar. Het onderzoek is uitgevoerd in Mei 2022.

1 2

Ruimtelijkeplannen.nl, NL.IMRO.0299.BP99ARCHEOLOGIE-VA01, vastgesteld 2010-04-07 Geurts 2009.

8

Bureauonderzoek (BO) Zevenaar, Sleeg 8 >

29 juli 2024

Uitsnede van het bestemmingsplan archeologie 2010 (bron ruimtelijkeplannen.nl)

9

Bureauonderzoek (BO) Zevenaar, Sleeg 8 >

29 juli 2024

1.2.

Huidige en toekomstige situatie op de onderzoekslocatie

Op dit moment staat binnen het plangebied een woning en een aantal bijgebouwen. De opdrachtgever heeft

het voornemen een deel van de bestaande bebouwing te slopen en nieuwbouw te realiseren. De

verstoringsdiepte van de geplande ingrepen is nog niet bekend. De bestaande woning blijft behouden (114 m2), twee schuren worden gesloopt (241 m2). De nieuw aan te bouwen woning overlapt deels met de bestaande

schuren en omvat een oppervlak van 167 m2 (Afb. 3). De kans dat archeologische resten worden verstoord bij

uitvoering van de plannen is aanwezig.

Nieuwe situatie binnen het plangebied (bron: opdrachtgever, versie Juli 2024)

1.3.

Begrenzing onderzoeks- en plangebied

1.3.1. Begrenzing plangebied

In dit rapport wordt een onderscheid gemaakt tussen het plangebied en het onderzoeksgebied. Met het

plangebied wordt het gebied bedoeld waarop de plannen van de opdrachtgever betrekking hebben. Binnen dit gebied kunnen eventueel aanwezige archeologische resten worden verstoord door de voorgenomen ingrepen (Afb. 2). Het plangebied beslaat de kadastrale percelen ZVN02-M-287, ZVN02-M-292 en ZVN02-M-293.

10

Bureauonderzoek (BO) Zevenaar, Sleeg 8 >

29 juli 2024

1.3.2. Begrenzing onderzoeksgebied

Het onderzoeksgebied omvat het gebied waarover informatie is verzameld om een goed beeld te verkrijgen van de eventueel aanwezige archeologische waarden. Het onderzoeksgebied is globaal gedefinieerd als een cirkel met een straal van 500 m rondom het plangebied en verschilt al naar gelang het te onderzoeken aspect.

Historische, archeologische en aardwetenschappelijke gegevens uit dit gebied zijn relevant voor het opstellen van een gespecificeerde archeologische verwachting voor het plangebied.

1.4.

Doel van het onderzoek

Het doel van het bureauonderzoek is het verkrijgen van inzicht in bekende en te verwachten archeologische

waarden in en in de omgeving (onderzoeksgebied) van het plangebied. Op basis van de verkregen informatie wordt een archeologisch verwachtingsmodel voor het plangebied opgesteld. Hierin wordt beschreven of er archeologische resten aanwezig (kunnen) zijn in het plangebied, wat de potentiële aard en omvang van de

voorgenomen werkzaamheden zijn en of deze een bedreiging vormen voor het bodemarchief. Indien dit het geval is, wordt geadviseerd op welke wijze hiermee in het vervolgtraject van de plannen rekening dient te worden gehouden.

1.5.

Onderzoeksvragen

Voor het bureauonderzoek zijn de volgende onderzoeksvragen opgesteld. Deze zijn verplicht gesteld door de Regio Arnhem 3: 1

Wat is de aard (ontstaanswijze en classificatie), diepteligging, genese en gaafheid van natuurlijke

2

Wat is de aard (ontstaanswijze), diepteligging, genese, gaafheid, dikte, en omvang van eventueel in het

3 4

bodemhorizonten en natuurlijke afzettingen binnen een afstand tot ca. 200 m vanaf de onderzoekslocatie?

omringende gebied voorkomende afdekkende lagen en de (geschatte) ouderdom daarvan (plaggendek, stuifzandlaag, colluvium, kleidek, afvallaag, ophogingslaag)?

Wat is het historisch landgebruik van de onderzoekslocatie en het omringende gebied geweest?

Welke gegevens met betrekking tot archeologische complexen (‘waarnemingen’ inclusief uitkomsten

historisch kaartonderzoek) zijn reeds binnen het onderzoeksgebied en/of binnen de landschappelijke

eenheden rondom de onderzoekslocatie bekend? Vermeld per vondst-en/of spoorcomplex minimaal: a) bronvermelding (onderzoeksrapportages, ARCHIS-gegevens) b) de materiaalcategorie c) ouderdom d)

ruimtelijke (geografische) verspreiding e) stratigrafische verspreiding (diepteligging en/of dikte vondstlaag f ) fragmentatie g) waarnemingsmethode h) interpretatie

5

Welke natuurlijke formatieprocessen (sedimentatie, erosie, laterale verplaatsing, bodemvorming,

6

Met welke culturele formatieprocessen (grondbewerking, bemesting, ophoging, betreding, percelering, [de-

degradatie e.d.)hebben een rol gespeeld in het onderzoeksgebied?

]constructie, materiaaltypen, materiaalgebruik en materiaaldepositie e.d.) hebben een rol gespeeld in het onderzoeksgebied?

3

Habraken, 2017.

11

Bureauonderzoek (BO) Zevenaar, Sleeg 8 >

29 juli 2024

7

Welke formatieprocessen kunnen een rol hebben gespeeld bij de totstandkoming van eventuele aanwezige vondstspreidingen, de vondstdichtheid, vondst- en spoorniveaus en de fysieke kwaliteit van eventueel aanwezige archeologische resten?

8

Wat is de aard (materiaalsoorten, fragmentatie, dichtheden, ruimtelijke en stratigrafische spreiding, etc.)

9

Hoe manifesteren deze zich tijdens prospectieonderzoek?

van (mogelijk) aanwezige vondst- en/of spoorcomplexen?

10 Met de inzet van welke zoekmethoden (detectie- en waarnemingsvorm, monsterbehandeling en

zoekstrategie) kunnen vondst- en/of spoorcomplexen systematisch opgespoord worden (zoeksleuven, booronderzoek, veldkartering, geofysisch etc.).

12

Bureauonderzoek (BO) Zevenaar, Sleeg 8 >

29 juli 2024

2. Bureauonderzoek 2.1.

Gebruikte bronnen

Voor het bureauonderzoek zijn de volgende bronnen geraadpleegd: Actueel hoogtebestand Nederland (AHN, http://www.ahn.nl).

De bodemkaart van Nederland (https://zoeken.cultuureelerfgoed.nl).

De geomorfologische kaart van Nederland (https://zoeken.cultureelerfgoed.nl).

De archeologische monumentenkaart (AMK: https://zoeken.cultureelerfgoed.nl). Provinciaal en/of landelijk beleid en gemeentelijk beleid. Bonneblad 1900 (https://zoeken.cultureelerfgoed.nl).

Historisch kaartmateriaal (http://www.topotijdreis.nl) en aanvullende kaarten. Ondergrondgegevens (https://www.dinoloket.nl/ondergrondgegevens). Verstoringen (http://www.bodemloket.nl).

Kadastrale Minuut (http://zoeken.cultureelerfgoed.nl). Kadastrale gegevens (https://www.kadaster.nl).

Archeologische verwachtingskaart uiterwaarden rivierengebied Zand in banen

Digitaal basisbestand Paleografie van de Rijn-Maas Delta Indicatieve Kaart Militair Erfgoed

Kaart Historisch landschap, historische stedenbouw en archeologie van de provincie Gelderland Gelders Archief

2.2.

Aardwetenschappelijke gegevens

Het plangebied is volgens de geomorfologische kaart gelegen op de flank van een Crevasserug op de overgang naar het komgebied. Uit de nieuwe stroomgordelkaart van de Rijn-Maas delta blijkt dat het onderzoeksgebied op circa 1 km ten noorden van de Oude Rijn-Pannnerden meandergordel ligt (135). Op de geomorfologische

kaart is het plangebied gelegen op een stroomrugglooing op de rand van een crevasserug. De complexiteit van het gebied laat zich echter lastig in dit soort modellen vastleggen. Dit blijkt wel uit reeds uitgevoerd archeologisch booronderzoek uit de omgeving van het plangebied.

Uit een grootschalig onderzoek ten noorden van het plangebied in het kader van de wijk Groot-Holthuizen is de

bodem uitvoerig gekarteerd. In opdracht van de gemeente Zevenaar is daarnaast fysisch geografisch onderzoek uitgevoerd. 4 De ondergrond bestaat uit een pleistoceen rivierterras dat zich uitstrekt over het gehele gebied en

in het noorden is bedekt met dekzandruggen en kopjes. De terrasafzettingen bevinden zich op een diepte van ca. 10 m +NAP (ca. 1 m -mv) en bestaan uit grofzandige en grindhoudende lagen.

4

Wilbers 2007

13

Bureauonderzoek (BO) Zevenaar, Sleeg 8 >

29 juli 2024

Gedurende het Subatlanticum is het gehele gebied afgedekt door rivierkomafzettingen vanuit de Rijn. De Oude

Rijn-Pannerden stroomgordel is vermoedelijk vanaf de IJzertijd tot de Late Middeleeuwen op 1 kilometer ten zuiden van het plangebied actief geweest. De zuidrand van het plangebied, waaraan het plangebied grenst is

volgens het onderzoek afgedekt met oeverafzettingen waarop resten vanaf de middeleeuwen en de nieuwe tijd worden verwacht. Nader onderzoek op deze locatie heeft duidelijk gemaakt dat het hier op een systeem van crevassegeulen en ruggen gaat. 5 Ten zuiden van het plangebied is de oeverwal van de Rijn doorbroken waardoor crevasseafzettingen zijn afgezet in noordoostelijke richting.

De loop van deze crevassegeulen en -ruggen is door Wilbers gebaseerd op historische kaarten, boorgegevens en hoogtekaarten (Afb. 4). Op basis van dit onderzoek is het model nader gespecificeerd door Bot & Ruiter tijdens

een onderzoek aan de Sleeg 15. 6 Er zijn ten minste vier crevassesystemen gereconstrueerd en deze verschillen in

ouderdom. Nabij het plangebied van onderhavig onderzoek liggen de crevassegeulen A en B. Crevassegeul A is de jongste en eigenlijk geen natuurlijke crevassegeul, maar het resultaat van een dijkdoorbraak die

vermoedelijk ongeveer 100 tot 150 jaar geleden heeft plaatsgevonden ongeveer 1 km ten zuiden van het

plangebied. Vanuit het gevormde wiel loopt een kleine gekanaliseerde beek noordwaarts door een laagte in de oeverzone.

Van de andere subrecente crevasse (“Crevasse B”) is geen watervoerende geul meer in het landschap aanwezig. Door reliëfinversie is deze crevassegeul echter als rug in het landschap waarneembaar. Het verloop van deze

crevasserug is voornamelijk afgeleid uit een historische kaart aan de hand van een kronkelige weg (de Sleeg), die de crevasserug lijkt te volgen. Ook blijkt uit deze kaart dat de eerste huizen in dit gebied in de 18e eeuw langs deze weg staan. Op deze kaart zijn nog twee kromme, deels kronkelige wegen aanwezig die zijn

geïnterpreteerd als zijtakken van de crevassegeul (“Crevasse C”). De straat 'Sleeg' ligt op dit deel op een verhoging ter plekke van de crevassegeul, die ontstaan is door inklinking van het omliggende terrein.

5 6

Wilbers 2007

Bot & Ruiter, 2018.

14

Bureauonderzoek (BO) Zevenaar, Sleeg 8 >

29 juli 2024

Het plangebied (zwarte pijl, groen kader) op een aangepast verbreidingspatroon van crevasse-

afzettingen (Bot & Ruiter 2018)

15

Bureauonderzoek (BO) Zevenaar, Sleeg 8 >

29 juli 2024

Tabel 1 Aardwetenschappelijke gegevens Geologie

Fijnkorrelige komafzettingen en ingeschakeld veen (Formatie van Echteld)

Geomorfologie (Afb. 7) AHN3 (Afb. 5)

Op rivierzand en -grind (Formatie van Kreftenheye)

Code H43. Stroomrugglooiing op de overgang van een Crevasserug (Code B47)

naar een Rivierkomvlakte (Code M46)

Ligging op de flank van een crevasserug is goed zichtbaar, ook de historische huisplaats is duidelijk hoger gelegen dan het westelijke deel van het

Bodem (Afb. 10)

plangebied.

Code Rn67C. Kalkloze poldervaaggronden; zavel en lichte klei, profielverloop 3,

of 3 en 4.

Paleogeografie

Ligging in het pleistocene zandgebied (boven 0 m NAP) nabij de Oude Rijn, na

Zandbanenkaart

Pleistoceen zand 1,0 - 2,0 m-mv

Paleogeografie van de Rijn-Maas delta

7

DINOloket

de bedijking gelegen in een zone met bedijkte kwelders en riviervlakten.

Niet gekarteerd. De holocene meandergordel van de Oude Rijn zelf bevindt zich ten zuiden van het plangebied (Oude Rijn-Pannnerden, 135). Deze Rijntak was actief vanaf circa de 3e eeuw v. Chr. tot aan de bedijking, rond 13e eeuw.

Geologische boring B40G0953, oostgrens plangebied 0,0-0,6 m klei, matig zandig (Formatie van Echteld)

0,6-1,5 m: klei, zwak zandig, zwak siltig (Formatie van Echteld) 1,5-2,2 m: zand, matig fijn, siltig (Formatie van Kreftenheye)

2,2-3,6 m: zand, matig grof (Formatie van Kreftenheye) Grondwater (Afb. 6)

3,6-4,0 m: zand, uiterst grof (Formatie van Kreftenheye)

Meetpunt ca. 50 m ten noordwesten, fluctuatie tussen 0,3 m en 1,7 m beneden

maaiveld tussen 1994 en 2008.

Op de bodemkaart Gelderland is de gemiddeld hoogste grondwaterstand t.o.v maaiveld (cm) <40 en de gemiddeld laagste grondwaterstand t.o.v. maaiveld (cm) >120

7

Cohen et al. 2012

16

Bureauonderzoek (BO) Zevenaar, Sleeg 8 >

29 juli 2024

Het plangebied en omgeving op het Actueel Hoogtebestand van Nederland (AHN3, 0,5 dtm; bron:

https://www.ahn.nl).

Grondwaterstand in cm t.o.v. NAP, maaiveldhoogte 11.18 m NAP, periode 1994-2008 (bron: dinoloket)

17

Bureauonderzoek (BO) Zevenaar, Sleeg 8 >

29 juli 2024

Uitsnede van de geomorfologische kaart met het plangebied en de directe omgeving (bron: https://zoeken.cultureelerfgoed.nl).

18

Bureauonderzoek (BO) Zevenaar, Sleeg 8 >

29 juli 2024

Uitsnede van de zandbanenkaart met het plangebied en de directe omgeving (bron: https://opendata.gelderland.nl/).

19

Bureauonderzoek (BO) Zevenaar, Sleeg 8 >

29 juli 2024

Uitsnede van het digitaal basisbestand Paleogeografie van de Rijn-Maas delta met het plangebied en de directe omgeving (bron: Cohen & Stouthamer 2012).

20

Bureauonderzoek (BO) Zevenaar, Sleeg 8 >

29 juli 2024

Uitsnede van de bodemkaart met het plangebied en directe omgeving (bron: https://zoeken.cultureelerfgoed.nl).

21

Bureauonderzoek (BO) Zevenaar, Sleeg 8 >

29 juli 2024

2.3.

Bekende archeologische waarden

Gemeentelijke beleidskaart

De beleidskaart van de gemeente Zevenaar is vertaald in het vingerende archeologische bestemmingsplan uit

2010. Het plangebied valt geheel binnen een zone met een hoge archeologische verwachting (Afb. 2 8). Bij

bodemingrepen met een oppervlakte van meer dan 200 m² en met een verstoringsdiepte van meer dan 50 cm beneden maaiveld is een archeologisch onderzoek nodig. In de rapportage van het bestemmingsplan zijn

afwijkende vrijstellingsgrenzen opgenomen, hier geld voor een zone met hoge archeologische verwachting een onderzoeksplicht vanaf 100 m² en een verstoringsdiepte van 0,3 m. 9 Als gevolg van de ontwikkeling worden

deze drempelwaarden mogelijk overschreden waardoor archeologisch onderzoek is vereist.

Archeologische waarden

Als onderdeel van het bureauonderzoek zijn de AMK (archeologische monumentenkaart)-terreinen,

archeologische waarnemingen (bijlage 3, Afb. 12) en eerder uitgevoerd onderzoek (bijlage 2, Afb. 11) in het onderzoeksgebied geïnventariseerd De AMK-terreinen, de bekende archeologische waarnemingen en de onderzoeksmeldingen zijn geraadpleegd via ARCHIS3. 10

Archeologische monumenten (AMK-terreinen)

In het plangebied en de directe omgeving ervan zijn geen AMK-terreinen aangewezen.

8 9

Ruimtelijkeplannen.nl, NL.IMRO.0299.BP99ARCHEOLOGIE-VA01, vastgesteld 2010-04-07 Geurts 2009.

10

https://archis.cultureelerfgoed.nl

22

Bureauonderzoek (BO) Zevenaar, Sleeg 8 >

29 juli 2024

Onderzoeksmeldingen uit de omgeving van het plangebied (bron: ARCHIS 3).

Vondstmeldingen uit de omgeving van het plangebied (bron: ARCHIS 3).

23

Bureauonderzoek (BO) Zevenaar, Sleeg 8 >

29 juli 2024

Onderzoekslocaties en waarnemingen

Binnen het plangebied staan 2 onderzoeksmeldingen geregistreerd, binnen het onderzoeksgebied staan nog 25 verdere onderzoeksmeldingen geregistreerd. De nabijgelegen onderzoeken en relevante resultaten van de onderzoeken worden in deze paragraaf kort besproken.

Aan de noordzijde van het plangebied zijn twee onderzoeksmeldingen geregistreerd. Het betreft twee

booronderzoeken in het kader van de aanleg van de nieuwbouwwijk Groot-Holthuizen. Uit het overkoepelende bureau-booronderzoek (zaak 2118022100) komt naar voren dat in het plangebied pleistocene terrassen,

dekzandruggen of kopjes, oeverwalafzettingen, crevassen en komgebieden voorkomen. Het pleistocene terras

strekt zich uit over het hele plangebied en is in het noorden bedekt met dekzandruggen en kopjes die hier en

daar nog boven de komkleien uitsteken. Dit pleistocene terras en het dekzand blijken vanaf begin Holoceen tot

en met het Subboreaal aan de oppervlakte te hebben gelegen waardoor hier archeologische resten voor kunnen komen uit het Paleolithicum tot en met de Bronstijd. 11

Op de hogere dekzandruggen en kopjes kunnen ook resten uit de IJzertijd tot en met de Nieuwe tijd voorkomen. Gedurende het Subatlanticum is het hele plangebied bedekt geraakt met rivierkomafzettingen waarop geen archeologische resten hoeven worden verwacht en die rivierkom is in het zuidelijke deel van het plangebied weer bedekt geraakt met een oeverwal. Op deze oeverwal mogen vooral archeologische resten uit de middeleeuwen tot en met de nieuwe tijd worden verwacht. Gesteld is dat in het hele plangebied een

middelhoge verwachting geldt voor paleolithische tot bronstijd resten op een NAP hoogte van 9,5 tot 10,0 m. Op hogere delen in het noorden geldt een hoge verwachting voor resten uit het paleolithicum tot en met de nieuwe tijd. Ook op de hoge delen in het zuiden geldt een hoge verwachting voor resten uit de middeleeuwen tot en met de Nieuwe tijd. 12

Op een later moment is een tweede bureau-booronderzoek uitgevoerd (zaak 4726426100). Uit het

booronderzoek bleek dat de pleistocene ondergrond van het plangebied bestaat uit zandige Kreftenheyeafzettingen. De top hiervan is aangetroffen tussen 55 en 200 cm -mv (9,3 en 10,6 m +NAP). De pleistocene

afzettingen worden afgedekt door een pakket holocene komklei dat een dikte heeft van 50 tot 200 cm. In het

zuidwestelijk deel van het plangebied worden de komafzettingen afgedekt door een pakket zandige crevasse- of dijkdoorbraakafzettingen, met een vermoedelijk laatmiddeleeuwse ouderdom. De afzettingen hebben een

totale dikte van 50 tot 70 cm -mv en reiken tot aan het maaiveld. Het pleistocene oppervlak vertoont enig reliëf. In de zuidelijke helft van het plangebied is mogelijk sprake van een terrasovergang. Uit de boringen blijkt

evenwel geen duidelijke gradiëntzone. Verder heeft het booronderzoek geen aanwijzingen opgeleverd voor archeologisch kansrijke lagen (bijvoorbeeld laklagen, bodems of de Laag van Wijchen). Evenmin zijn cultuurlagen of oude akkerniveaus aangetroffen.

11 12

Wilbers 2006 (Fase 1) De Boer 2019

24

Bureauonderzoek (BO) Zevenaar, Sleeg 8 >

29 juli 2024

Er zijn in totaal vier gravende onderzoeken uitgevoerd binnen het onderzoeksgebied. Zaak 2206515100 is niet gepubliceerd. Zaak 4697145100 betreft een proefsleuvenonderzoek op 260 meter ten zuidwesten van

onderhavig plangebied waar archeologische nederzettingssporen uit de periode late middeleeuwen tot de

nieuwe tijd zijn aangetroffen. 13

Zaak 4641602100 betreft een proefsleuvenonderzoek op 75 meter ten noordwesten van onderhavig plangebied.

In een deel van het plangebied zijn uitbraaksleuven van 18e-eeuwse bebouwing aangetroffen. De resten zijn

grotendeels opgenomen in de bouwvoor, er is geen opgaand muurwerk aangetroffen. Op een dieper niveau zijn er vijf grondsporen aangetroffen waarvan de ouderdom niet bepaald kon worden door het ontbreken van

vondstmateriaal. Het betreft vier paalkuilen en een greppel die dezelfde oriëntatie heeft als de bestaande weg ten zuiden van het plangebied. 14

Zaak 2196829100 betreft een proefsleuvenonderzoek op 160 meter ten westen van onderhavig plangebied. Op

twee locaties zijn goed bewaarde resten aangetroffen van boerenerven uit de late middeleeuwen en de nieuwe tijd. Deze omvatten de resten van de historisch bekende boerderijen uit de Nieuwe tijd met sporen van

bijgebouwen en activiteiten op het erf, maar ook aanwijzingen van bewoning die teruggaat tot in de latemiddeleeuwen. 15

2.4.

Archeologische en historische waarden

Het uitgevoerde archeologische onderzoek uit de omgeving heeft voornamelijk archeologische resten

opgeleverd uit de periode late middeleeuwen tot de nieuwe tijd. Ook de vondstmeldingen wijzen op bewoning in deze periode. Aanwijzingen voor oudere resten ontbreken binnen het onderzoeksgebied. De aangetroffen archeologische resten wijzen op de aanwezigheid van diverse (boeren)erven in de omgeving van het plangebied. Uit de ruimere omgeving zijn wel oudere resten bekend.

In het Kwartier (ten oosten van Babberich) is in de steentijd (of bronstijd) al menselijke bewoning geweest.

Verder is in het gebied de Steenheuvel bij Oud-Zevenaar een bewoonde nederzetting geweest vanaf de vroege ijzertijd (ca. 700 v. Chr.) tot in de 5e eeuw na Christus. Hier zijn verschillende archeologische vondsten gedaan, waaronder een houten waterput en een hutkom uit de Romeinse tijd. Verder zijn allerlei voorwerpen zoals

maalstenen, slingerkogeltjes, bronzen haarnaalden, weefgewichten, spinsteentjes, gespen, mantelspelden, een weefkam, aardewerk, enz. zijn tevoorschijn gekomen. 16

De oudste historische vermelding van Zevenaar is omstreden. In een akte uit 838 komt een plaatsnaam

Fumarhara voor. Sommigen zien hier een verschrijving van Subanhara (= Zevenaar) in. Anderen verwerpen dit. De oudste zekere vermelding Subenhara dateert uit het midden van de 11e-eeuw. Bewoning in deze tijd heeft

13 14 15 16

Krist & Rijlaarsam 2019 Bot & Ruiten 2019

Loonen & Spitzers 2015

https://liemersverleden.nl/

25

Bureauonderzoek (BO) Zevenaar, Sleeg 8 >

29 juli 2024

gelegen ter hoogte van wat nu Oud-Zevenaar heet ten zuidwesten van het plangebied. De tegenhanger hiervan is Nieuw Zevenaar, dit is de huidige stad Zevenaar, die in 1487 stadsrechten kreeg van hertog Jan II van Kleef. 17

Op de Ambtsatlas Liemers van 1735 omvat het plangebied een huiserf met tuin langs de Sleeg (Afb. 13). Een

eeuw later is hetzelfde beeld waar te nemen, aangevuld met een bosrand, op de kadastrale minuutplans uit

1811-1832 (Afb. 13). Het perceel is in eigen dom van de R.C. kerk van Oud Zevenaar, het recht van opstal lag bij Derk Nass. Langs de Sleeg liggen meerdere historische erven omringd door bouwland. Op de kaarten van

Topotijdreis is de ontwikkeling van het gebied tussen 1850 en 2022 te zien (Afb. 14). Tot 1960 blijft de enkele

woning binnen het plangebied die al op de kadastrale minuutplans staat aangegeven binnen het plangebied staan. Vanaf die periode komen er enkele schuren en bijgebouwen bij. Uit de Basisregistratie Adressen en

Gebouwen (BAG) is op te maken dat de woning aan de westzijde dateert uit 1960 en de schuur aan de oostzijde

uit 1969. 18 De datering van de huidige tussenliggende schuur is niet bekend, mogelijk betreft dit de boerderij die

al rond 1735 staat aangegeven. Deze schuur staat op dezelfde locatie als de oorspronkelijke bebouwing. Het dak is vernieuwd. Het is niet duidelijk of de huidige schuur elementen bevat van de oudste fase van de bebouwing.

Verder is er geen informatie of bouwhistorische waardering bekend van het pand. Het Gelders archief en overige bronnen leverden geen informatie op. Het pand is ook niet aangewezen als een rijksmonument. De bebouwing ten oosten van het plangebied dateert uit 2004.

Zevenaar heeft in de Tweede Wereldoorlog flink geleden onder beschietingen en bombardementen. Het

plangebied ligt echter buiten de transportroute langs de Babberichseweg. Dit wordt ook duidelijk uit de diverse onderzoeken die door onder andere Beobom en REASeuro uit zijn gevoerd in de omgeving van het plangebied. Er zijn geen stellingen, mijnenvelden of overige oorlogsresten bekend binnen het plangebied of het onderzoeksgebied.

17 18

https://liemersverleden.nl/

https://bagviewer.kadaster.nl/

26

Bureauonderzoek (BO) Zevenaar, Sleeg 8 >

29 juli 2024

Het plangebied op de Ambtsatlas Liemers uit 1735. (bron: Gelders Archief)

Het plangebied op een uitsnede van HISGIS Gelderland (bron: http://www.hisgis.nl/).

27

Bureauonderzoek (BO) Zevenaar, Sleeg 8 >

29 juli 2024

Het plangebied op de topografische kaart uit tussen 1850 en 2020 (bron: https://www.topotijdreis.nl)

28

Bureauonderzoek (BO) Zevenaar, Sleeg 8 >

29 juli 2024

2.5.

Bekende verstoringen

Binnen het plangebied zijn geen saneringen of ondergrondse olietanks, benzinepompinstallaties en dergelijke

bekend waardoor archeologische resten mogelijk verloren zijn gegaan. Er is een omgevingsrapport opgevraagd

via de provincie Gelderland. Uit deze rapportage zijn eveneens geen verstoringen naar voren gekomen. Op dit

moment staan in het plangebied een woning en een aantal schuren en bijgebouwen. Bij de bouw van deze

gebouwen is de bodem verstoord tot onbekende diepte. Slechts van de woning aan de oostzijde zijn tekeningen aanwezig (bijlage 4). De tekeningen zijn wat onduidelijk maar er lijkt sprake van een strokenfundering tot ca. 0,6 m beneden maaiveld. Ook is de woning voorzien van een kelder van 2 bij 2,2 meter. Gezien de wijze van funderen is het mogelijk dat onder de woning nog archeologische resten bewaard zijn gebleven.

2.6.

Gespecificeerd archeologisch verwachtingsmodel

Op basis van het bureauonderzoek wordt geconcludeerd dat in het plangebied een lage tot middelhoge

verwachting geld voor de periode laat paleolithicum tot de bronstijd, een lage verwachting voor de periode

ijzertijd tot de middeleeuwen en een hoge archeologische verwachting voor de periode middeleeuwen tot de nieuwe tijd. De archeologische verwachting wordt hieronder per periode gespecificeerd.

Laat paleolithicum tot de bronstijd

Tot de bronstijd lag het pleistocene rivierterras vermoedelijk aan het maaiveld. Archeologische resten worden

indien aanwezig verwacht in de top van de pleistocene rivierafzettingen. Dit niveau ligt binnen het plangebied

tussen 1 en 2 meter beneden maaiveld. Dergelijke gradiëntzones in de nabijheid van water vormden een ideale locatie voor jagers en verzamelaars. De hogere gronden zijn in het neolithicum tot de ijzertijd vaak gekozen als vestigingslocatie voor bewoning en akkerbouw. De verwachte resten kunnen bestaan uit kleine

jachtkampementen tot grotere nederzettingsterreinen. Uit deze periode zijn geen archeologische resten bekend uit de omgeving van het plangebied, uit de ruimere omgeving, onder andere ter hoogte van Oud Zevenaar zijn wel resten uit deze periode aangetroffen. Deze resten liggen echter op de oeverwal langs de Oude Rijn op de hoger gelegen delen van het landschap. Het is mogelijk dat latere oeverwal- en dijkdoorbraken dit niveau hebben verstoord.

Bronstijd tot de vroege middeleeuwen

Het is mogelijk dat op de pleistocene terrasafzettingen zandige klei is afgezet behorende tot pleistocene

rivierafzettingen van de Laag van Wijchen. De Laag van Wijchen is in booronderzoek in de directe omgeving niet aangetroffen maar is lastig te herkennen in boringen. In de omgeving zijn bij het BAT-terrein Merovingische sporen aangetroffen in de Laag van Wijchen onder crevasseafzettingen.

In de periode vanaf de ijzertijd tot de bedijkingen in het begin van de 14e eeuw vormt het plangebied onderdeel van het komgebied van de Rijn. Het pleistocene rivierterras raakt afgedekt door een 1 tot 2 meter dik pakket komklei. Vermoedelijk was het gebied in deze periode grotendeels te nat voor bewoning, aanwijzingen voor

bewoning uit de directe omgeving van het plangebied zijn niet bekend. Op circa 1 kilometer ten zuiden van het

plangebied loopt de Oude Rijn-Pannerden stroomgordel die vanaf de ijzertijd tot de late middeleeuwen actief is geweest. Oeverafzettingen van deze stroomgordel worden niet binnen het plangebied verwacht.

29

Bureauonderzoek (BO) Zevenaar, Sleeg 8 >

29 juli 2024

Vanuit een oeverwal/- of dijkdoorbraak ten zuiden van het plangebied zijn over de holocene komafzettingen zijn crevasseafzettingen afgezet. Er is sprake van een complex systeem van crevassegeulen en ruggen. Ten noorden van het plangebied zijn ten minste vier crevassesystemen gereconstrueerd. De oudste crevasseafzettingen

hebben een vermoedelijk laatmiddeleeuwse ouderdom. De jongste doorbraak heeft circa 100 tot 150 jaar geleden plaatsgevonden.

Late middeleeuwen tot de nieuwe tijd

Op basis van landschappelijke, archeologische en historische gegevens wordt voor deze periode een hoge verwachting afgegeven. Uit de omgeving zijn diverse historische erven bekend uit de nieuwe tijd waarbij

aanwijzingen zijn aangetroffen voor middeleeuwse voorgangers. Het plangebied is op de Ambtsatlas van 1735 gekarteerd als woning met een tuin en erf. Dit blijft de situatie tot op heden. Het is goed mogelijk dat deze

bewoning een middeleeuwse oorsprong heeft gehad. De huisplaats ligt op een pakket crevasseafzettingen zoals

blijkt uit de landschappelijke gegevens voor het plangebied. Op basis van het Actueel Hoogtebestand ligt het

oostelijke deel van het plangebied een stuk lager en vermoedelijk buiten deze crevasseafzettingen. Dit niveau zal gedeeltelijk zijn verstoord door de aanwezige bebouwing binnen het plangebied. Resten uit de Tweede Wereldoorlog worden niet verwacht. Binnen het plangebied of het onderzoeksgebied zijn geen stellingen, mijnenvelden of overige oorlogsresten bekend.

2.7.

Aanbevelingen

Voorafgaand de sloop van de tussenliggende schuur wordt geadviseerd een bouwhistorische analyse uit te

voeren van dit pand. De archeologische verwachting dient te worden getoetst door middel van het uitvoeren

van een inventariserend veldonderzoek. Gezien de onderzoeksresultaten uit de omgeving en het relatief ondiep voorkomen van het pleistocene rivierterras (1-2 m -mv) wordt aangeraden dit onderzoek in de vorm van een proefsleuvenonderzoek uit te -voeren. De verwachte historische huisplaats laat zich lastig door middel van

booronderzoek in kaart brengen, eventuele oudere afzettingen zijn met deze onderzoeksmethode ook goed op te sporen. Voor een proefsleuvenonderzoek is een door de bevoegde overheid goedgekeurd PvE (Programma van Eisen) vereist. Over de bevindingen en aanbevelingen uit dit onderzoek dient contact opgenomen te worden met de bevoegde overheid, in dit geval de gemeente Zevenaar.

2024-07-29: Het advies tot het uitvoeren van het proefsleuven onderzoek is overgenomen door het bevoegd

gezag. Aanvullend is middels een selectiebesluit aangegeven dat de ondergrondse sloop van de oude schuur

archeologisch begeleid dient te worden.

30

Bureauonderzoek (BO) Zevenaar, Sleeg 8 >

29 juli 2024

3. Beantwoording onderzoeksvragen 1

Wat is de aard (ontstaanswijze en classificatie), diepteligging, genese en gaafheid van natuurlijke

bodemhorizonten en natuurlijke afzettingen binnen een afstand tot ca. 200 m vanaf de onderzoekslocatie? Op basis van onderzoek uit de omgeving wordt verwacht dat vanaf het maaiveld sprake is van mogelijke

crevasseafzettingen afgezet op een pakket komklei van de Rijn dat is afgezet op het pleistocene rivierterras dat zich op ca. 1 tot 2 meter beneden maaiveld bevindt.

2

Wat is de aard (ontstaanswijze), diepteligging, genese, gaafheid, dikte, en omvang van eventueel in het

omringende gebied voorkomende afdekkende lagen en de (geschatte) ouderdom daarvan (plaggendek, stuifzandlaag, colluvium, kleidek, afvallaag, ophogingslaag)?

Vermoedelijk zijn binnen het oostelijke deel van het plangebied crevasseafzettingen aanwezig waarop het historische erf is gelegen, richting het westen zijn vermoedelijk alleen komafzettingen aanwezig. 3

Wat is het historisch landgebruik van de onderzoekslocatie en het omringende gebied geweest?

Voor zover op te maken uit historische kaarten is het plangebied in ieder geval vanaf het begin van de 19e-

eeuw maar vermoedelijk al vanaf de middeleeuwen in gebruik geweest als huiserf of boerderijplaats. 4

Welke gegevens met betrekking tot archeologische complexen (‘waarnemingen’ inclusief uitkomsten

historisch kaartonderzoek) zijn reeds binnen het onderzoeksgebied en/of binnen de landschappelijke

eenheden rondom de onderzoekslocatie bekend? Vermeld per vondst-en/of spoorcomplex minimaal: a) bronvermelding (onderzoeksrapportages, ARCHIS-gegevens) b) de materiaalcategorie c) ouderdom d)

ruimtelijke (geografische) verspreiding e) stratigrafische verspreiding (diepteligging en/of dikte vondstlaag f ) fragmentatie g) waarnemingsmethode h) interpretatie

In paragraaf 2.3 en bijlage 2 en 3 is een overzicht opgenomen van het onderzoek en het vondstmateriaal uit het onderzoeksgebied. Het betreft vrijwel geheel resten uit de late middeleeuwen en de nieuwe tijd.

5

Welke natuurlijke formatieprocessen (sedimentatie, erosie, laterale verplaatsing, bodemvorming, degradatie e.d.)hebben een rol gespeeld in het onderzoeksgebied?

Binnen het onderzoeksgebied zijn doorbraakafzettingen (crevasse) aanwezig in het oostelijk deel van het plangebied. Het gebied is in hoge mate gevormd door de invloed van de Rijn. 6

Met welke culturele formatieprocessen (grondbewerking, bemesting, ophoging, betreding, percelering, [de]constructie, materiaaltypen, materiaalgebruik en materiaaldepositie e.d.) hebben een rol gespeeld in het onderzoeksgebied?

Binnen het plangebied staat een boerderij die er in ieder geval vanaf het begin van de 19e-eeuw staat, in de

jaren ’60 is een huis en een schuur bijgebouwd. Verder staan verspreid over enkele kleinere schuurtjes.

31

Bureauonderzoek (BO) Zevenaar, Sleeg 8 >

29 juli 2024

7

Welke formatieprocessen kunnen een rol hebben gespeeld bij de totstandkoming van eventuele aanwezige vondstspreidingen, de vondstdichtheid, vondst- en spoorniveaus en de fysieke kwaliteit van eventueel aanwezige archeologische resten?

De crevasseafzettingen vormen een hogere gelegen zone binnen het komgebied van de Rijn waardoor deze locatie bij uitstek geschikt was om te wonen. 8

Wat is de aard (materiaalsoorten, fragmentatie, dichtheden, ruimtelijke en stratigrafische spreiding, etc.) van (mogelijk) aanwezige vondst- en/of spoorcomplexen?

Vermoedelijk zijn binnen het plangebied alleen resten aanwezig behorende tot het historische erf. Resten

kunnen bestaan uit (perceel)greppels, afvalkuilen, waterputten en resten van oudere bebouwing in de vorm van paalkuilen, uitbraaksleuven etc. Indien toch oudere resten aanwezig zijn betreft dit vermoedelijk kleine

jachtkampjes. 9

Hoe manifesteren deze zich tijdens prospectieonderzoek?

Tijdens prospectieonderzoek zijn dergelijke locaties zonder hoge vondstdichtheid en verspreide sporen

zeer lastig op te sporen door middel van booronderzoek. Gravend onderzoek biedt een hogere trefkans.

Oudere resten als jachtkampjes manifesteren zich onder andere door de aanwezigheid van een concentratie vuursteenartefacten, houtskool of verbrande hazelnootdoppen.

10 Met de inzet van welke zoekmethoden (detectie- en waarnemingsvorm, monsterbehandeling en

zoekstrategie) kunnen vondst- en/of spoorcomplexen systematisch opgespoord worden (zoeksleuven, booronderzoek, veldkartering, geofysisch etc.).

Voor het opsporen van prehistorische jachtkampjes is de inzet van een karterend onderzoek de meest

geschikte methode. Voor de verwachte historische huisplaats voldoet deze methode echter niet. Aangezien met gravend onderzoek alle mogelijk aanwezige resten kunnen worden opgespoord ligt het voor de hand .

32

om een proefsleuvenonderzoek uit te voeren binnen het plangebied.

Bureauonderzoek (BO) Zevenaar, Sleeg 8 >

29 juli 2024

Literatuur

Bot, M.C.J. & A.A.T. Ruiter, 2018: Sleeg 15 te Zevenaar, gemeente Zevenaar Een Inventariserend Veldonderzoek in de vorm van proefsleuven. ADC Rapport 5016.

Cohen, Dr. K.M. (Utrecht University); Stouthamer, Dr. E. (Utrecht University) (2012): Digitaal Basisbestand

Paleogeografie van de Rijn-Maas Delta. DANS. https://doi.org/10.17026/dans-x7g-sjtw. Geurts, W., 2009, Bestemmingsplan Archeologie.

Habraken, J., 2017: Handboek archeologisch onderzoek Regio Arnhem. Eisen en kaders voor onderzoek en beoordeling van rapporten.

Krist, J.S. & S.A. Rijlaarsam, 2019: Uiversweg 6 te Zevenaar, Inventariserend Veldonderzoek door middel van proefsleuven. Synthegra rapport S190010-b.

Loonen, F. & T.A. Spitzers, 2015: Archeologische onderzoek aan de Sleeg 11a te Zevenaar. Archeodienstrapport 421.

Wilbers, A., 2006: Inventariserend veldonderzoek, verkennende fase, deel 1 Groot -Holthuizen in Zevenaar,

Gemeente Zevenaar. Becker & Van de Graaf rapport. Katwijk.

Wilbers, A. & C. Helmich, 2006: Inventariserend veldonderzoek, verkennende fase II, Groot-Holthuizen,

Zevenaar. Becker & Van de Graaf rapport. Katwijk.

Wilbers, A., 2007: Inventariserend veldonderzoek, verkennende fase, Groot Holthuizen Fase III. Gemeente Zevenaar. Becker & Van de Graaf rapport. Katwijk.

Wilbers, A. & T. Nales: 2007: Fysisch geografisch veldonderzoek : de Sleeg, Zevenaar, gemeente Zevenaar Wilbers, A.W.E., 2008: Inventariserend veldonderzoek, verkennende fase, De Braak West, Zevenaar, gemeente Zevenaar. Becker & Van de Graaf rapport. Katwijk.4

Boer, de, G.H., 2019: Groot-Holthuizen te Zevenaar (gemeente Zevenaar) Een bureauonderzoek en

inventariserend veldonderzoek in de vorm van een verkennend booronderzoek. ADC Rapport 4984

Geraadpleegde websites webadres

laatst bezocht op

https://archisarchief.cultureelerfgoed.nl

17-05-2022

https://www.dinoloket.nl/ondergrondgegevens

17-05-2022

https://www.dinoloket.nl/nomenclator-ondiep

17-05-2022

https://zoeken.cultureelerfgoed.nl

17-05-2022

http://www.ahn.nl

17-05-2022

http://www.pdok.nl

17-05-2022

http://www.topotijdreis.nl

17-05-2022

http://www.geldersarchief.nl

17-07-2024

Lijst van afbeeldingen

Ligging plangebied en globale begrenzing onderzoeksgebied (bron achtergrond: maptiler.com). ..... 7 Uitsnede van het bestemmingsplan archeologie 2010 (bron ruimtelijkeplannen.nl) ............................. 9

Links: bestaande bebouwing; Rechts: nieuwe situatie binnen het plangebied (bron: opdrachtgever10

33

Bureauonderzoek (BO) Zevenaar, Sleeg 8 >

29 juli 2024

Het plangebied (zwarte pijl, groen kader) op een aangepast verbreidingspatroon van crevasse-

afzettingen (Bot & Ruiter 2018) ........................................................................................................................................... 15 Het plangebied en omgeving op het Actueel Hoogtebestand van Nederland (AHN3, 0,5 dtm; bron:

https://www.ahn.nl).............................................................................................................................................................. 17 Grondwaterstand in cm t.o.v. NAP, maaiveldhoogte 11.18 m NAP, periode 1994-2008 (bron:

dinoloket) 17

Uitsnede van de geomorfologische kaart met het plangebied en de directe omgeving (bron:

https://zoeken.cultureelerfgoed.nl). .................................................................................................................................. 18 Uitsnede van de zandbanenkaart met het plangebied en de directe omgeving (bron:

https://opendata.gelderland.nl/). ...................................................................................................................................... 19 Uitsnede van het digitaal basisbestand Paleogeografie van de Rijn-Maas delta met het plangebied

en de directe omgeving (bron: Cohen & Stouthamer 2012)............................................................................................ 20 Uitsnede van de bodemkaart met het plangebied en directe omgeving (bron:

https://zoeken.cultureelerfgoed.nl). .................................................................................................................................. 21 Onderzoeksmeldingen uit de omgeving van het plangebied (bron: ARCHIS 3). .................................... 23 Vondstmeldingen uit de omgeving van het plangebied (bron: ARCHIS 3). ............................................. 23 Het plangebied op de Ambtsatlas Liemers uit 1735. (bron: Gelders Archief) .......................................... 27 Het plangebied op een uitsnede van HISGIS Gelderland (bron: http://www.hisgis.nl/). ..................... 27 Het plangebied op de topografische kaart uit tussen 1850 en 2020 (bron:

https://www.topotijdreis.nl) ................................................................................................................................................ 28

Lijst van tabellen

Tabel 1 Aardwetenschappelijke gegevens ........................................................................................................................ 16

Lijst van bijlagen Bijlage 1

35

Bijlage 3 Vondstmeldingen

37

Bijlage 2 Onderzoeksmeldingen

36

Bijlage 4a Bouwtekeningen- bouw woning oostzijde plangebied (1960)

Bijlage 4b Bouwtekeningen- uitbreiding woning oostzijde plangebied (2004)

34

Bureauonderzoek (BO) Zevenaar, Sleeg 8 >

29 juli 2024

38 39

Bijlage 1

Bijlage 2 Onderzoeksmeldingen zaakidentificatie

zaaktype

2027270100

onderzoeksmelding

2026330100

onderzoeksmelding

toponiem

uitvoerder

RAAP Archeologisch Adviesbureau RAAP Archeologisch Adviesbureau

30-9-1991

type onderzoek

bureauonderzoek

1-1-1994

boring

1-5-2006

boring

2035135100

onderzoeksmelding

2190031100

onderzoeksmelding

De Braak

Becker en Van de Graaf

10-3-2008

boring

2206515100

onderzoeksmelding

Sleeg 11a

Becker en Van de Graaf

19-2-1987

opgraving

2304696100

onderzoeksmelding

Spoorlijn Zevenaar - Duitse grens

Synthegra BV

12-10-2010

bureauonderzoek

2437090100

onderzoeksmelding

uiversweg 6

Hamaland Advies vof

3052877100

vondstmelding

3191962100

vondstmelding

2118022100 2196829100 2243021100 2337599100 2705395100 3182500100 4031607100

onderzoeksmelding onderzoeksmelding onderzoeksmelding onderzoeksmelding vondstmelding vondstmelding

onderzoeksmelding

4560513100

onderzoeksmelding

4641602100

onderzoeksmelding

4726426100

onderzoeksmelding

5076605100

onderzoeksmelding

5123033100

onderzoeksmelding

4588354100 4697145100 4889918100 5123009100

onderzoeksmelding onderzoeksmelding onderzoeksmelding onderzoeksmelding

Groot Holthuizen deelgebied A: De Sleeg 11a; deelgebied B: Galgenstede Herwen/Babberich

Holthuizensestraat

RAAP Archeologisch Adviesbureau

meldingsdatum

Becker en Van de Graaf

Archeodienst Gelderland BV Synthegra BV

Vestigia BV particulier

ADC ArcheoProjecten

1-1-1992

25-4-2008 4-5-2009

27-7-2011

boring

proefputten/proefsleuven bureauonderzoek

boring

7-3-2014

boring

18-6-2004

inspectie

1-1-9999 verwervingswijze niet te bepalen

ADC ArcheoProjecten

18-6-2004

inspectie

SOB Research

23-1-2017

boring

ADC ArcheoProjecten ADC ArcheoProjecten ADC ArcheoProjecten

18-6-2004 18-8-2017

boring

11-4-2019

proefputten/proefsleuven

3-9-2020

boring

10-10-2018

ADC ArcheoProjecten

5-8-2019

Transect

Hamaland Advies vof

Bureau voor Archeologie Bureau voor Archeologie

boring

14-2-2018

ADC ArcheoProjecten Synthegra BV

inspectie

proefputten/proefsleuven boring

28-5-2021

boring

11-10-2021

boring

11-10-2021

bureauonderzoek

Bijlage 3 Vondstmeldingen zaakidentificatie materiaal

materiaaltype

beginperiode

eindperiode

omschrijving

2190031100

steengoed - Siegburgs

Late Middeleeuwen B

Late Middeleeuwen B

Er zijn 2 fragmenten Siegburg aangetroffen. datering: 13e-14e eeuw.

2118022100

keramiek

2190031100

keramiek

steengoed - Langerwehe

Late Middeleeuwen B

Late Middeleeuwen B

Er is 1 fragment Langerwehe steengoed aangetroffen.

2196829100

keramiek

overigen(concepten)

Late Middeleeuwen A

Nieuwe Tijd Laat

roodbakkend (30%), grijsbakkend (13%), steengroed (19%), industrieel wit (12%), pijpaarde (11%)

2196829100

metaal

overigen(concepten)

Late Middeleeuwen A

Nieuwe Tijd

loden kogel, loden snijrest, koperen beslag en een sloothaak. Daarnaast vooral spijkers en nagels

2196829100

dierlijk bot

bot - varken

Nieuwe Tijd

Nieuwe Tijd

113/182 gefragmenteerde resten waren van één varken.

2196829100

leer

schoenzool

Nieuwe Tijd Vroeg

Nieuwe Tijd Midden

delen van een zool en sterk gesleten hak

2705395100

keramiek

steengoed geglazuurd

Late Middeleeuwen B

Late Middeleeuwen B

'GLADWANDIG STEENGOED'

2705395100

keramiek

steengoed geglazuurd

Late Middeleeuwen

Late Middeleeuwen

'GLADWANDIG STEENGOED'

2705395100

keramiek

Proto-steengoed

Late Middeleeuwen

Late Middeleeuwen

2705395100

keramiek

Pingsdorf geelwitbakkend

Late Middeleeuwen A

Late Middeleeuwen A

2705395100

keramiek

Pingsdorf geelwitbakkend

Late Middeleeuwen

Late Middeleeuwen

3191962100

hout/houtskool afval

Nieuwe Tijd Vroeg

Nieuwe Tijd Laat

4641602100

aardewerk

Majolica:kan

Nieuwe Tijd

Nieuwe Tijd

4641602100

aardewerk

steengoed

Late Middeleeuwen B

Nieuwe Tijd

4641602100

aardewerk

witbakkend geglazuurd:bord- industrieel wit Nieuwe Tijd

Nieuwe Tijd

4641602100

aardewerk

Proto-steengoed

Late Middeleeuwen B

Late Middeleeuwen B

4641602100

aardewerk

porselein

Recent

Recent

4641602100

aardewerk

witbakkend geglazuurd:kom

Nieuwe Tijd

Nieuwe Tijd

2190031100 2196829100 2196829100 2196829100 2196829100 2705395100 2705395100 2705395100 2705395100 3191962100 3191962100 4641602100 4641602100 4641602100 4641602100 4641602100 4641602100

keramiek keramiek keramiek glas

metaal hout

keramiek keramiek keramiek keramiek keramiek keramiek

aardewerk aardewerk aardewerk aardewerk aardewerk dierlijk bot

Elmpt

roodbakkend geglazuurd aardewerk bouwmateriaal

overigen(concepten) metaalslak

ton - duig/hoepel

steengoed geglazuurd Proto-steengoed Proto-steengoed

Pingsdorf geelwitbakkend aardewerk, gedraaid aardewerk, gedraaid roodbakkend geglazuurd:kom steengoed - Westerwalds steengoed steengoed porselein

bot

Late Middeleeuwen A

Late Middeleeuwen A Nieuwe Tijd

Nieuwe Tijd Nieuwe Tijd Nieuwe Tijd

Late Middeleeuwen

Late Middeleeuwen A Late Middeleeuwen Late Middeleeuwen

Nieuwe Tijd Vroeg

Late Middeleeuwen B

Nieuwe Tijd Vroeg Nieuwe Tijd

Nieuwe Tijd Nieuwe Tijd Nieuwe Tijd

Late Middeleeuwen

Late Middeleeuwen B Late Middeleeuwen

Nieuwe Tijd

Middeleeuwen

Late Middeleeuwen B Nieuwe Tijd

onbekend

voornamelijk bakstenen, enkele dakpannen en 2 wandtegels.

Voornamelijk (groene) flessen en vensterglas, blauwe glazen kraal. Bijzonder is een kattekop (flestype) uit 1650-1850

duigen en hoepel

'RUW STEENGOED' 'RUW EN'

Late Middeleeuwen

Nieuwe Tijd Laat

Vroege Middeleeuwen D Late Middeleeuwen B Middeleeuwen

Er is 1 scherf roodbakkend aardewerk aangetroffen. Daterend uit de Late Middeleeuwen - Nieuwe Tijd A

Nieuwe Tijd Nieuwe Tijd

Aardewerk uit afvalkuil.

Houtskool monster met verbrand bot uit kuil. Vlakvondsten.

zonder oppervlakte behandeling

Nieuwe Tijd

steengoed met oppervlaktebehandeling

Late Middeleeuwen B

Bijna steengoed

Nieuwe Tijd

onbekend

europees aziatisch

4641602100

glas

fles

Historie

Historie

Bijlage 4a Bouwtekeningen- bouw woning oostzijde plangebied (1960)

bruin glas, jaren 30

Bijlage 4b Bouwtekeningen- uitbreiding woning oostzijde plangebied (2004)

Bijlage 5 Landschappelijke inpassing Sleeg 8 (versie Juli 2024)

N W

O Z

Hondsroos

Hazelaar

Beukenhaag

Sleedoorn

groene randzone

bestaande boomgaard mogelijke poort

Meidoorn Cornoelje Cormoelje

beukenhaag Beplantingsplan Weergave

Nederlandse naam

beukenhaag

Zwarte els

bestaande es bloemrijke weide

evt. zone herplant gekapte bomen 8/10

Botanische naam

Maat

Alnus glutinosa

100-150

32.00 st.

st.

100-125

20.00 st.

Drents krenteboompje

Amelanchier lamarckii

Rode kornoelje

Cornus sanguinea

Hazelaar/Hazelnoot

Corylus avellana

100-125

32.00 st.

Eenstijlige meidoorn

Crataegus monogyna

100-125

79.00 st.

Wilde kardinaalsmuts

Euonymus europaeus

80-120

12.00 st.

Beuk

Fagus sylvatica

60-80

531.00 st.

Purperwilg 100-125 59.00 st.

Wilde liguster

Ligustrum vulgare

80-120

16.00 st.

Sleedoorn/Sleepruim

Prunus spinosa

100-125

79.00 st.

Rosa (o) canina

Rosa (o) canina

60-100

47.00 st.

Gelderse roos

Viburnum opulus

100-125

Sum:

20.00 st. 992.00 st.

1762 m2 Bloemrijke weide Margrietmengsel Biodivers o.g.

gemengd struweel Uitgangspunten: 1. Bouwkundig basisplan en afspraken gemeente; 2. Aansluiting bestaande groeninrichting; 3. Landschappelijke context en bodem Zevenaar.

Status:

Definitief

Bestek:

d.d.:

28 06 2023

wijz.:

tuinzone

d.d.:

30 05 2024

opm.:

boomgaard

Blad: Datum:

Projectnummer:

Opdrachtgever:

Van Vugt Bouwadvies

Formaat:

A3

Schaal:

1 : 500

Ontwerper: Tekenaar:

Onderdeel:

Project:

Landschappelijke inpassing nieuwbouw

JP

Interne contr: JHO

Sleeg 8 Zevenaar

Adviseurs voor: Ruimtelijke Inrichting en Beheer

Plan Buro

Afgedrukt op: donderdag 30 mei 2024 11:45:49

bestaande meidoornhaag

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Zevenaar&id=bc1c38fe-7648-4de3-9619-f1f5cf144400