CConstaterende datZevenaar
Koppel je AI →
Document · PDF

18. RIB 2021-041 Hoofdlijnen concept Verstedelijkingsstrategie Arnhem - Nijmegen- Foodvalley.pdf

Raadsvergaderingen 2018-2022 7 juli 2021, gemeente ZevenaarBij agendapunt: Wijze van afdoening van de ingekomen stukken3.343 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

RAADSINFORMATIEBRIEF – Nr. 2021-041 Aan de leden van de gemeenteraad

Datum 1 juni 2021 Zaaknummer Z/21/389851 /INT/21/1030236 Onderwerp Hoofdlijnen concept Verstedelijkingsstrategie Arnhem - Nijmegen- Foodvalley Portefeuillehouder H. Winters Contactpersoon E-mail Telefoon

Liseth Aries l.aries@zevenaar.nl 0316 595467

Geachte leden van de gemeenteraad, Inleiding In het bestuurlijk overleg MIRT(Meerjarenprogramma Infrastructuur, Ruimte en Transport)1 is eind 2019 met het Rijk afgesproken om voor de regio Arnhem-Nijmegen-Foodvalley te komen tot een integrale verstedelijkingsstrategie voor de middellange termijn. Gecombineerd met de Woondeal om het functioneren van de woningmarkt op korte termijn te verbeteren. De afgelopen periode zijn stappen gezet om te komen tot een regionale verstedelijkingsstrategie. Bijgevoegd treft u de toelichting op het verstedelijkingsconcept aan. In deze brief lichten we dit concept op hoofdlijnen toe, nemen wij u mee in de laatste stand van zaken en hoe het vervolgproces eruitziet. Kernboodschap De regio heeft zichzelf als doel gesteld om de groei van woningen en bijbehorende banen zo vorm te geven, dat het meerwaarde oplevert voor alle inwoners. Het verstedelijkingsconcept beschrijft welke voorwaarden en ontwerpprincipes gehanteerd worden om te komen tot nieuwe locaties voor wonen en werken. Circa 40.000 woningen staan op de korte termijn op de planning. In het verstedelijkingsconcept wordt voor de resterende 60.000 woningen een beeld geschetst waar op de middellange (2030) en lange termijn (2040) de extra woon -en werklocaties voor de komende jaren een plek kunnen krijgen om de groene metropool te versterken.

Via de zogenaamde Contourennotitie hebben wij u op 14 oktober 2020 hierover geïnformeerd. Recentelijk heeft op 21 april jl. een Webinar voor alle raadsleden in onze regio plaatsgevonden.

1 Doel van het Mirt is om meer samenhang te brengen in investeringen in grote ruimtelijke projecten, infrastructuur en (openbaar)

vervoer.

Nu ontvangt u het hoofdlijnen concept Verstedelijkingsstrategie Arnhem-Nijmegen- Foodvalley (zie bijlage). Het college biedt u deze notitie aan om samen in gesprek te gaan over de koppeling van de Verstedelijkingsstrategie aan het lokale omgevingsbeleid en is bedoeld om het Verstedelijkingsconcept aan te scherpen. Context x Actueel maatschappelijk onderwerp/probleem ☐ Collegeprogramma ☐ Motie/amendement/toezegging ☐ Anders, namelijk Inhoudelijke boodschap Verstedelijkingsconcept op hoofdlijnen Aanleiding voor deze strategie is de noodzaak om rond de 100.000 woningen toe te voegen in de regio’s Foodvalley (40.000 woningen) en Arnhem-Nijmegen (60.000 woningen) tot 2040. De Verstedelijkingsstrategie levert inzichten op over de lange termijn woon- en werklocaties, voortkomend uit een integrale blik op de (groene) leefomgeving van onze regio. Het biedt ons bouwstenen voor ons lokale omgevingsbeleid. Dan ligt er een schets waar op de middellange (2030) en lange termijn (2040) de extra woon- en werklocaties voor de komende jaren een plek kunnen krijgen. De strategie reikt ontwerpprincipes en een afwegingskader aan en doet voorstellen over hoe we in de regio kunnen gaan werken met de strategie met richtlijnen en spelregels. Het schetst een zogenaamd ‘adaptief ontwikkelpad’: het geeft inzicht in welke keuzes nu en op een later moment genomen worden.

Daarmee staat nog niet alles vast en is er voldoende flexibiliteit om veranderingen op te vangen. Bouwstenen De strategie wordt opgebouwd langs vier bouwstenen: leefomgeving, mobiliteit, economie en wonen. Dit jaar hebben Rijk en regio deze bouwstenen verder uitgewerkt en verfijnd. Dit heeft geleid tot een verstedelijkingsconcept waarin – per bouwsteen – ontwerpprincipes zijn geformuleerd en een afwegingskader is opgesteld. De verstedelijkingsstrategie is gekoppeld aan de concept-Regionale agenda Groene Metropoolregio 2022 Voor de versterking van de regionale samenwerking in de regio heeft u in 2020 besloten over de nieuwe visie Groene Metropoolregio-Arnhem-Nijmegen, een eerste opzet van de regionale agenda 2021-2025 en de Gemeenschappelijke regeling. Door dit besluit wordt nu de concept regionale agenda 2022 ter consultatie aan de raad aangeboden. Een regionale agenda, opgebouwd uit 5 samenhangende opgaven, waarop de gemeente kan worden ingetekend. Een van de opgave betreft de Groen Groeiregio. De Groene groeiregio heeft een coördinerende functie voor de vijf opgaven van de Groene Metropoolregio. Het biedt de lange termijn ‘stip op de horizon’ en is opgebouwd uit bouwstenen die goed overeenkomen met de vijf opgaven van de Groene Metropoolregio. De opgave Groene groeiregio is opgebouwd uit drie speerpunten.

De Verstedelijkingsstrategie is onderdeel van een van de speerpunten van de Groene groeiopgave, namelijk de leefomgeving: het verbinden van de ruimtelijke opgaven.

zaaknummer Z/21/389851

pagina 2 van 3

Communicatie en vervolgproces Communicatie naar buiten De hoofdlijnennotitie concept Verstedelijkingsstrategie Arnhem-Nijmegen-Foodvalley wordt tijdens een raadbijeenkomst besproken. Er wordt geen besluit genomen. Dus communicatie naar buiten is niet noodzakelijk. Vervolgproces Wij nodigen u uit om in gesprek te gaan over de concept Verstedelijkingsstrategie Arnhem-NijmegenFoodvalley op 9 juni tijdens een raadsinformatiebijeenkomst. De strategie is gekoppelde aan de concept Regionale agenda 2022, die wordt in de raadscommissie van 23 juni behandeld. Het is belangrijk dat dit traject zorgvuldig wordt gedaan en dat betekent dat we samen met het Regiobureau deze bijeenkomst voorbereiden. De consultatie is bedoeld om het Verstedelijkingsconcept aan te scherpen. Er wordt in deze consulterende ronde dus geen besluit gevraagd. In het proces wordt inzicht geboden in welke keuzes nu al, welke op een later moment moeten worden genomen (het zogenaamde ontwikkelpad) en welke investeringen daarbij nodig zijn. Rijk en regio werken in aanloop naar het BO MIRT 2021 dit ontwikkelpad op hoofdlijnen uit, waarmee gesproken kan worden over de te maken afwegingen en keuzes.

Partijen spreken af om op basis van de verstedelijkingsstrategie in het najaar van 2021 een verstedelijkingsakkoord te sluiten tussen Rijk, provincies en gemeenten over de beoogde verstedelijking en de daarbij horende randvoorwaarden op het gebied van bereikbaarheid, groen en leefbaarheid. De definitieve gemeentelijke besluitvorming is voorzien in oktober van dit jaar. Met vriendelijke groet, burgemeester en wethouders van Zevenaar,

Danielle Jansen secretaris

Lucien van Riswijk burgemeester

Bijlagen 1. INK/21/1027570 Hoofdlijnen concept Verstedelijkingsstrategie Arnhem -Nijmegen - Foodvalley

zaaknummer Z/21/389851

pagina 3 van 3

De verstedelijkingsstrategie voor de regio Arnhem-Nijmegen en Foodvalley Waarom maken we een verstedelijkingsstrategie? In de regio’s Arnhem-Nijmegen en Foodvalley (die met elkaar de Groene Metropool vormen) wonen op dit moment al meer dan een miljoen inwoners. De bevolkingsprognoses geven aan dat dat aantal in de komende decennia nog flink zal groeien. Dat maakt dat er een enorme bouwopgave ligt om aan de vraag aan woningen te voldoen: als de prognoses uitkomen zijn er in de komende 20 jaar zo’n 100.000 woningen extra nodig in de regio. Dat is niet alleen een forse (bouw)opgave, dat heeft ook een ongekende impact op de regio die bekend staat om zijn groene en ontspannen karakter. Mensen wonen en werken graag in de groene metropool. De opgave die voorligt is dan ook hoe de verwachte groei zó opgevangen kan worden, dat de kwaliteit van de regio overeind blijft en als het even kan versterkt wordt. De opgave is dan ook veel breder dan alleen de vraag om woningen. De regio heeft zichzelf als doel gesteld om de groei van woningen en werklocaties zó vorm te geven dat het meerwaarde oplevert voor alle inwoners.

Om die opgave goed in te vullen zullen regiobreed keuzes gemaakt moeten worden: waar willen we dat er niet gebouwd wordt en waar kan ontwikkeling van een woon- of werklocatie een kern of stad juist helpen om een gebied te versterken en de vitaliteit te behouden? Wat is een logisch moment om te bouwen? Welke randvoorwaarden stellen we aan locaties bijvoorbeeld als het gaat om bereikbaarheid of om de kwaliteit van het programma? En: hoe faseren we deze ontwikkelingen? Om deze vragen te kunnen beantwoorden wordt de verstedelijkingsstrategie opgesteld. De uitgangspunten In de contourennotitie die in september 2020 door alle colleges in de regio is vastgelegd (en die ter informatie aan de gemeenteraden is aangeboden) is te lezen hoe de opdracht van de verstedelijkingsstrategie voor de groene metropool eruitziet. Het begint ermee dat de regio een nadrukkelijke plek wil innemen in het stedelijk netwerk van Nederland. De regio ligt zeer centraal tussen de Randstad en Duitsland en die unieke ligging biedt kansen die we nog beter willen benutten. We zoomen uit naar het (inter)nationale niveau, maar vervolgens zoomen we uiteraard ook weer in om de opgave binnen de regio scherper te krijgen. De verstedelijkingsstrategie wordt opgebouwd langs vier bouwstenen: leefomgeving, mobiliteit, economie en wonen. Voor al die bouwstenen zijn ambities meegegeven.

De beschreven volgorde is niet toevallig. Het behoud en versterken van de leefomgeving staat voorop. Vervolgens kijken we naar plekken die goed bereikbaar (te maken) zijn, bij voorkeur met openbaar vervoer. Het versterken van de economie is belangrijk: het zou mooi zijn als iedere nieuwe woning ook een baan oplevert want daarmee houden we een goede woonwerkbalans in de regio. En natuurlijk is er de woonopgave. Die opgave is niet alleen kwantitatief: we willen vooral ook goede woningen maken die aansluiten op de behoefte die er is bij doelgroepen in 1

de verschillende gemeenten. Woningen die energieneutraal zijn en circulair gebouwd. Deze opgave moet ook de bestaande wijken en buurten versterken. In de afgelopen zes maanden zijn de bouwstenen verder uitgewerkt en verfijnd en is onderzocht in hoeverre er ontwerpprincipes te formuleren zijn vanuit deze bouwstenen. Naast het onderzoek naar de bouwstenen is ook goed gekeken naar prognoses en cijfers over ruimtebehoefte. In de planmonitor zijn de woningbouwplannen voor de periode tot 2025-2027 opgenomen. Deze locaties en aantallen liggen al vast in bestemmingsplannen, in contracten met ontwikkelende partijen of ze zijn opgenomen in gebiedsvisies. Datzelfde geldt voor de plannen die er zijn voor werklocaties. Ook daarvan is voor de komende tien jaar al veel bekend. De verstedelijkingsstrategie legt hier niet de focus op. De meerwaarde wordt vooral geboden voor de periode daarna en naar hoe de ruimtevraag voor nieuwe plannen het beste een plek kan krijgen in de regio. Wat leveren we op? De verstedelijkingsstrategie beschrijft welke voorwaarden en principes (onder andere de versterking en verduurzaming van de economie, bereikbaarheid en de kwaliteit van de ontspannen leefomgeving) er zijn om te komen tot nieuwe locaties voor wonen en werken.

Er wordt globaal een beeld geschetst waar op de middellange (2030) en lange termijn (2040) de extra woon-en werklocaties voor de komende jaren een plek kunnen krijgen. De strategie schetst een zogenaamd ‘adaptief ontwikkelpad’: het geeft inzicht in welke keuzes nu en op een later moment genomen worden. Daarmee staat nog niet alles vast en is er voldoende flexibiliteit om veranderingen op te vangen. De strategie reikt ontwerpprincipes en een afwegingskader aan. In de spreekt over het landschap en over aantallen, over vlekken voor wonen en werken, over bandbreedtes, over prioritaire gebieden, over randvoorwaarden en over investeringen die nodig zijn. En de strategie geeft aan hoe we in de regio gaan werken met de strategie met richtlijnen en spelregels. Wat is onze werkwijze nu en straks? In een intensieve samenwerking tussen de twee regio’s, de 26 gemeenten, het Rijk, de provincies Gelderland en Utrecht is ontwerpend onderzoek uitgevoerd en is een analyse gemaakt van prognoses voor wonen en werken. Op basis van de uitkomsten is een strategie ontwikkeld. Deze strategie laat zien wat het kostbare groene raamwerk van de regio is: de landschappen, de fijne uitloopgebieden en de groene dorpen en steden. De versterking (en waar nodig bescherming) daarvan staat voorop.

Over die ‘groene laag’ heen zijn de lagen van economie en economische ontwikkeling gelegd, van de mobiliteitsstructuur zowel bestaand als gewenst en tot slot de laag van het woonprogramma. Met elkaar vormt dat een overzicht met kaarten waarop ‘vlekken’ te zien zijn die aangeven waar bij voorkeur in de periode vanaf 2025 – 2040 nieuwe gebieden voor wonen en werken ontstaan. Wie heeft welke rol? Deze strategie is opgesteld vanuit de intentie dat alle regiopartners en het rijk met elkaar van mening zijn dat dit de manier is waarop de groene metropool tot groei kan komen. De uitwerking daarvan begint hierna. Om breed draagvlak te krijgen worden de samenwerkingspartners in het veld zoals de waterschappen, de woningcorporaties, projectontwikkelaars en economic boards voor de zomer 2

meegenomen in de strategie en worden zij gevraagd om een steunverklaring af te geven bij deze strategie. Aan het eind van het jaar wordt aanvullend op de verstedelijkingsstrategie een verstedelijkingsakkoord gesloten waarin rijk en regio (de eerder genoemde partijen) werk-, onderzoeks- en investeringsafspraken met elkaar maken. Dat akkoord wordt eind dit jaar getekend. Het is vervolgens aan de gemeenten en de provincies om deze uitgangspunten te onderstrepen en vervolgens over te nemen in het lokale omgevingsbeleid. Dat is waar de rol van de raden ligt: beoordelen waar het lokale en regionale omgevingsbeleid aangepast kan of moet worden om als gemeente binnen deze regionale ambitie je eigen programma en ambities vorm te geven. De opzet van deze strategie sluit zoveel mogelijk aan op staand beleid in de regio en op de visies die tegelijkertijd met deze verstedelijkingsstrategie ontwikkeld worden. Deze strategie helpt om in de komende dertig jaar de keuzes te maken bij het aanwijzen van nieuwe, duurzame plekken voor wonen en werken in de groene en ontspannen regio. Waar staan we nu? Het onderzoek naar de bouwstenen, de onderliggende cijfers en plannen hebben geleid tot de ruimtelijke uitgangspunten en ontwerpprincipes zoals net verteld. Die worden op dit moment omgezet in schetsen en een ruimtelijk raamwerk.

Dat document kunnen we u nu nog niet toesturen omdat het in nog opbouw is. Voor het gereed maken van dit voorstel hebben we nog ongeveer een maand voor nodig. Toch nemen we u vast mee in waar we staan en welke afwegingen er ook voor u te maken zijn. In april wordt u eerst in een webinar bijgepraat over de verstedelijkingsstrategie. U krijgt dan een toelichting op de opdracht, de werkwijze en de principes. Maar we laten u ook de eerste schetsen zien en de hoofdkeuzes die voorgesteld worden. We horen graag uw reactie op de uitgangspunten en uw gedachten over uitwerkingen daarvan in de komende jaren. De opbrengsten van deze consulatie zullen worden gebruikt in de verdere ontwikkeling van de Verstedelijkingsstrategie. ‘Meer landschap, meer vitale stad en kernen’ De conclusie van het onderzoek naar de bouwstenen en locaties is kort samengevat dat als we het goed willen doen - de groei die op ons afkomt versterkt dat wat we graag willen zijn - dat we dan meer landschap moeten maken én meer vitale steden, regiokernen en dorpskernen. Hieronder is kort weergegeven wat enkele voorgestelde eerste ontwerpprincipes zijn per bouwsteen. Als voorbeeld om te schetsen hoe de uitwerking per bouwsteen plaatsvindt. En tevens om te laten zien hoe dat bijdraagt aan het totaalbeeld van de opgave. Leefomgeving: meer landschap! → Niet bouwen in beschermde natuurgebieden.

In eerste instantie niet bouwen in de natste delen van het gebied. Maar die plekken maken wel een belangrijk onderdeel uit van onze integrale ontwerpen omdat ze belangrijk zijn voor biodiversiteit en klimaatadaptatie. We zetten in op natuur- en klimaatadaptief verstedelijken. → We sluiten aan op de Regionale Energie Strategie (RES 1.0). 3

→ In onze regio is er voldoende publiek toegankelijk groen voor dagelijks gebruik en zijn er dagrecreatieve voorzieningen op nabije afstand van nieuwe woningen. → Onze planvorming is stikstofinclusief: we lossen het stikstofvraagstuk voor de verstedelijking zoveel mogelijk in het gebied zelf op. Waar nodig faseren we in ruimte en tijd. Mobiliteit: duurzaam en nabij → Er wordt gekozen voor laagdrempelige en efficiënte OV-verbindingen, waarbij woon- en werklocaties worden verbonden, maar waar ook economische clusters aan elkaar worden verbonden. → Nieuwe woningen worden zoveel mogelijk geprogrammeerd bij (H)OV-trein en bus- en/of in verbinding met nabij gelegen (regionale/snel-) fietspaden. Waarbij in de eerste plaats bestaande capaciteit wordt benut en knooppuntvorming wordt gestimuleerd. Daarna wordt pas gekeken naar uitbreiding van bestaande mobiliteitsvoorzieningen en pas daarna naar de aanleg van nieuwe gebieden. → Een locatie wordt alleen benoemd voor economie of wonen als de toekomstige mobiliteitsoplossing er al ligt of voorzien is. Dat geldt voor infrastructuur, maar ook voor regelgeving zoals de parkeernormen.

Economie: food, health & energy als aanjagers voor economische groei → Het versterken van de agglomeratiekracht van de regio door het creëren van een sterke stedelijke dichtheid in de aantrekkelijke context van de groene leefomgeving/ het regionale landschap + excellente bereikbaarheid via OV (internationaal en regionaal)! → Inzet op de versterking van campussen en werklocaties en de verbindingen daartussen (ontwikkelen ecosysteem). → Duurzaam omgaan met nieuwe en oude bedrijfsterreinen door innovatief om te gaan met de ruimtevraag voor bedrijventerreinen (waar kan het beter en intensiever) en het categoriseren van werkmilieus. Wonen: meer vitale stad en vitale kernen → We werken vanuit een Groen raamwerk: ontwikkel groen (in en rond het stedelijk gebied), koppel dit aan een regionale netwerk van voet- en (snel) fietspaden en ov en zet daarmee ook in op het versterken van recreatie, biodiversiteit, klimaatadaptatie, enzovoort. → Belangrijk is ook de inzet op variatie en complementariteit: nieuwe plannen zijn een aanvulling op bestaande voorraad én op de variëteit aan (groene) woonmilieus. Daarbinnen realiseren we verschillende prijssegmenten. De komende jaren is er vooral behoefte aan meer betaalbare woningen. → We zetten in op een circulaire leefomgeving. Dat betekent dat we de ‘bestaande voorraad’ benutten met efficiënt gebruik van ruimte en grondstoffen.

Deze strategie is een stimulans voor het verduurzamen en vitaal maken van bestaande wijken. We zetten vooral in op functiemenging, verdichten en inbreiden, op transformeren en herstructering. We zorgen daarbij voor meer en beter handelingsperspectief.

Als we deze vier bouwstenen en de kaarten die daarvan te maken zijn over elkaar heen leggen, volgen daar een flink aantal verhaallijnen uit. Als je die lijnen volgt, kom je uit op locaties waar aantallen woningen en banen aan te verbinden zijn. We kunnen uitrekenen hoeveel ruimte er is – en welke randvoorwaarden er zijn – om hier woon- en werklocaties te maken. En we hebben getest of het past. We kunnen de vraag naar ruimte in onze regio oplossen op een versterkende manier, maar dat betekent dat we op tijd moeten beginnen om te zorgen dat de randvoorwaarden om te kunnen bouwen op orde zijn. Het is dus ook een belangrijk planningsvraagstuk. Tegelijkertijd hebben we nu de tijd om aan de slag te gaan met locaties die pas verder in de tijd nodig zijn. De verhaallijnen die ontstaan zijn: IC-stations, onderbenutte stationslocaties, nieuwe stations of HOV-locaties, plekken op e-bike afstand van banen en van de steden, economische brandpunten,

4

transformatie en revitalisering van bedrijventerreinen, integrale wijkaanpak, verdichting van stads- of dorpsranden, vitale dorpskernen en stadsranden in combinatie met wijkaanpak. Dat betekent niet dat we nu puntjes op de kaart zetten “hier moet het gebeuren”, maar wel dat we richting geven. Een belangrijke element hierin is (door)ontwikkeling van de polycentrische polen als onderdeel van Stedelijk Netwerk Nederland. De centra van iedere ‘pool’ worden goed met elkaar én met het omliggende gebied verbonden, zodat de netwerkkracht versterkt wordt. We gaan hierbij uit van drie belangrijke centra in het gebied: het ‘WERV-gebied’1, Arnhem en Nijmegen. Op deze plekken kan een substantieel deel van de woon- en werkbehoefte een plek krijgen. Deze (stads)centra zijn nauw verbonden met het gebied eromheen. Verbinden van netwerkkracht betekent ook dat ook in deze verbonden gebieden de woon- en werkbehoefte geaccommodeerd wordt. In dit netwerk spelen ook opgaven op het gebied van leefkwaliteit en mobiliteit. Die gecombineerde opgaven hebben we samengevat onder de term vitaliteit. Werken met de verstedelijkingsstrategie De verstedelijkingsstrategie maken we met elkaar voor 20 tot 25 jaar. Dat is een lange periode waarvan we nu al weten dat er van alles gaat gebeuren.

Er zullen zich veranderingen voordoen in de economie en in de politiek, maar ook in de woonbehoeften van inwoners, de manier waarop we reizen en waarop bedrijven zich organiseren. Wat er precies verandert kunnen we nu niet voorspellen, maar we weten wel dat het zal veranderen. Door vooraf afspraken te maken over hoe we om (willen) gaan met die veranderingen en op welke manier we dan met elkaar bijsturen, zijn we met elkaar in staat om op tijd te reageren. We monitoren met elkaar en kijken steeds naar wat er op (middel)lange termijn nodig is om integrale doelen te halen. Dat gaat over de inhoud, maar ook over timing. Alleen als we zo dubbelhandig sturen kunnen we komen tot een aanpak die onze regio versterkt en vooral ook vergroent.

1 Het gebied Wageningen, Ede, Rhenen, Veenendaal.

5

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Zevenaar&id=1478dd03-0443-49c0-84db-5ba4e9679f4f