1056219 Bijlage 4 Verordening parkeerbelasting 2022
Tekst van het document
Verordening parkeerbelastingen 2022
De raad van de gemeente Zevenaar; gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van 9 november 2021; gelet op de artikelen 156, eerste en tweede lid, aanhef en onderdeel h, en 225 van de Gemeentewet en de parkeerverordening; besluit vast te stellen de volgende verordening: Verordening op de heffing en de invordering van parkeerbelastingen 2022, Z/21/401199/INT/21/1056219; Artikel 1 Definities Voor de toepassing van deze verordening en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder: a. parkeren: het gedurende een aaneengesloten periode doen of laten staan van een voertuig, anders dan gedurende de tijd die nodig is voor en gebruikt wordt tot het onmiddellijk in- of uitstappen van personen dan wel het onmiddellijk laden of lossen van zaken, op binnen de gemeente gelegen voor het openbaar verkeer openstaande terreinen of weggedeelten, waarop dit doen of laten staan niet ingevolge een wettelijk voorschrift is verboden; b.
motorvoertuigen: hetgeen daaronder wordt verstaan in het RVV 1990 met inbegrip van brommobielen, zoals bedoeld in artikel 1 van het RVV 1990;
c.
houder: degene op wiens naam het motorrijtuig ten tijde van het parkeren in het kentekenregister, bedoeld in de Wegenverkeerswet 1994, was ingeschreven;
d.
parkeerapparatuur: parkeermeters, parkeerautomaten, met inbegrip van verzamelparkeermeters, centrale computer en hetgeen naar maatschappelijke opvatting overigens onder parkeerapparatuur wordt verstaan;
e.
centrale computer: computer van het bedrijf waarmee de gemeente Zevenaar een overeenkomst heeft gesloten, bestemd voor de registratie van parkeerbewegingen in het kader van het verlenen van diensten op het gebied van betaald parkeren met gebruik van een telefoon of een ander communicatiemiddel;
f.
autodate: het herhaald en opeenvolgend gezamenlijk gebruik van motorvoertuigen op grond van een overeenkomst tussen natuurlijke personen en een aanbieder of tussen natuurlijke personen uit meer dan een huishouden.
Artikel 2 Belastbaar feit Onder de naam 'parkeerbelastingen' worden de volgende belastingen geheven: a. een belasting ter zake van het parkeren van een motorvoertuig op een bij, dan wel krachtens deze verordening in de daarin aangewezen gevallen door het college van burgemeester en wethouders te bepalen plaats, tijdstip en wijze;
zaaknummer Z/21/401199
pagina 1 van 12
b. een belasting ter zake van een van gemeentewege verleende vergunning voor het parkeren van een motorvoertuig op de in die vergunning aangegeven plaats en wijze.
Artikel 3 Belastingplicht 1. De belasting bedoeld in artikel 2, onderdeel a, wordt geheven van de degene die het motorvoertuig heeft geparkeerd. 2.
Als degene die het motorvoertuig heeft geparkeerd wordt mede aangemerkt: a.
3.
4.
degene die de belasting voldoet, dan wel te kennen geeft of heeft gegeven de belasting te willen voldoen; b. zolang geen voldoening van de belasting genoemd in artikel 2, onderdeel a, heeft plaatsgevonden: de houder van het motorvoertuig, met dien verstande dat 1e als een voor ten hoogste drie maanden aangegane huurovereenkomst wordt overgelegd waaruit blijkt wie ten tijde van het parkeren ingevolge deze overeenkomst de huurder van het motorvoertuig was, niet de houder maar de huurder wordt aangemerkt als degene die het motorvoertuig heeft geparkeerd; 2e als blijkt dat een ander in het kentekenregister had moeten staan ingeschreven, die ander wordt aangemerkt als degene die het motorvoertuig heeft geparkeerd. De belasting bedoeld in artikel 2, onderdeel a, wordt niet geheven van degene die op de voet van het tweede lid, onderdeel b, als degene die het motorvoertuig heeft geparkeerd wordt aangemerkt, als deze aannemelijk maakt dat ten tijde van het parkeren een ander tegen zijn wil van het motorvoertuig heeft gebruik gemaakt en dat hij dit gebruik redelijkerwijs niet heeft kunnen voorkomen. De belasting bedoeld in artikel 2, onderdeel b, wordt geheven van degene die de vergunning heeft aangevraagd.
Artikel 4 Vrijstelling De belasting wordt niet geheven ter zake van een motorvoertuig op een parkeerapparatuurplaats welke is voorzien van een geldige Europese gehandicaptenparkeerkaart, mits die parkeerkaart op een van buitenaf duidelijk leesbare plaats achter de voorruit van het motorvoertuig is aangebracht. Artikel 5 Maatstaf van heffing, belastingtarief en belastingtijdvak De maatstaf van heffing, het belastingtarief en het belastingtijdvak zijn vermeld in de bij deze verordening behorende en daarvan deel uitmakende tarieventabel. Artikel 6 Wijze van heffing 1. De belasting bedoeld in artikel 2, onderdeel a, wordt geheven bij wege van voldoening op aangifte. Als voldoening op aangifte wordt aangemerkt het bij de aanvang van het parkeren in werking stellen van de parkeerapparatuur op de daartoe bestemde wijze en met inachtneming van de door het college van burgemeester en wethouders gestelde voorschriften. 2.
De belasting bedoeld in artikel 2, onderdeel b, wordt geheven bij wege van voldoening op aangifte.
zaaknummer Z/21/401199
pagina 2 van 12
Artikel 7 Ontstaan van de belastingschuld 1. De belasting bedoeld in artikel 2, onderdeel a, is verschuldigd bij de aanvang van het parkeren. tenzij het bij de aanvang van het parkeren in werking stellen van de parkeerapparatuur geschiedt door het via een mobiele telefoon of ander communicatiemiddel inloggen op de centrale computer. 2.
De belasting bedoeld in artikel 2, onderdeel b, is verschuldigd op het tijdstip waarop de vergunning wordt verleend.
Artikel 8 Termijnen van betaling 1. De belasting bedoeld in artikel 2, onderdeel a, moet overeenkomstig de aangifte worden betaald bij de aanvang van het parkeren. 2.
In afwijking van het bepaalde in het eerste lid moet de belasting overeenkomstig de aangifte worden betaald na het einde van het parkeren, indien het bij de aanvang van het parkeren in werking stellen van de parkeerapparatuur geschiedt door het via een mobile telefoon of ander communicatiemiddel inloggen op de centrale computer.
3.
De belasting bedoeld in artikel 2, onderdeel b, moet overeenkomstig de aangifte worden betaald op het tijdstip waarop de vergunning wordt verleend.
4.
In afwijking van het bepaalde in het derde lid kan een werknemersvergunning door middel van automatische incasso in maandelijkse termijnen van de betaalrekening van de belastingschuldige worden afgeschreven. De incassotermijnen vervallen op de laatste werkdag van de maand;
5.
Bij de toepassing van het vorige lid wordt het aantal incassotermijnen gelijk gesteld aan het aantal gehele maanden dat na ingang van de vergunning overblijft, met dien verstande dat het minimum aantal termijnen één bedraagt.
6.
Een naheffingsaanslag moet terstond worden betaald.
Artikel 9 Bevoegdheid tot aanwijzing parkeerplaatsen De aanwijzing van de plaats waar, het tijdstip en de wijze waarop tegen betaling van de belasting bedoeld in artikel 2, onderdeel a, mag worden geparkeerd geschiedt in alle gevallen door het college van burgemeester en wethouders bij openbaar te maken besluit. Artikel 10 Kosten De kosten van de naheffingsaanslag ter zake van de belasting bedoeld in artikel 2, onderdeel a, bedragen € 66,50. Artikel 11 Kwijtschelding Het kwijtscheldingsbeleid is geregeld in de regeling kwijtschelding gemeentelijke belastingen. Artikel 12 Overgangsrecht De ‘verordening parkeerbelastingen 2021', vastgesteld bij raadsbesluit van 16 december 2020, wordt ingetrokken met ingang van de in artikel 13, tweede lid genoemde datum van ingang van de heffing, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan.
zaaknummer Z/21/401199
pagina 3 van 12
Artikel 13 Inwerkingtreding 1. Deze verordening treedt in werking met ingang van de dag na die van bekendmaking. 2. De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2022. Artikel 14 Citeertitel Deze verordening wordt aangehaald als ‘Verordening parkeerbelastingen 2022'. Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering van 22 december 2021. De griffier,
zaaknummer Z/21/401199
De voorzitter,
pagina 4 van 12
Tarieventabel behorende bij de verordening parkeerbelastingen 2022.
1.
Het tarief voor het parkeren bij parkeerapparatuur als bedoeld in artikel 2, onderdeel 1, bedraagt:
Straatparkeren
tijdvak
Tariefcode 1
Maandag t/m donderdag 09:00–19:00 uur Vrijdag 9:00 – 21.00 uur Extra koopavonden 19.00 – 21.00 uur Zaterdag 9.00 – 18.00 uur Maandag t/m donderdag 09:00–19:00 uur Vrijdag 9:00 – 21.00 uur Extra koopavonden 19.00 – 21.00 uur Zaterdag 9.00 – 18.00 uur Maandag t/m zondag 00:00 – 23:59 uur
Tariefcode 2
Tariefcode 3 2.
Tarief per 60 minuten
Maximum (Dag)tarief
€ 0,90
n.v.t.
€ 0,90 n.v.t.
1e 5 uur maximaal € 1,90 Maximum dagtarief € 3,80 € 8,00 per 24 uur
Het tarief van een parkeervergunning als bedoeld in artikel 2, onderdeel 2, bedraagt
Parkeervergunni ng Bewoners A.1 A.2 A.3 A.3 A.4
Naam parkeervergunning
1e Bewonersvergunning centrum 2e Bewonersvergunning centrum 1e Bewonersvergunning centrumschil 2e Bewonersvergunning centrumschil Mantelzorgvergunning Bezoekerskaart vergunninghouderszone B.1 centrumschil voor maximaal 1 uur parkeren Bezoekerskaart vergunninghouderszone B.2 centrumschil voor maximaal 5 uur parkeren Bezoekerskaart voor ondernemers in B.3 centrumschil voor maximaal 5 uur parkeren Bedrijven / werknemers C.1 Bedrijfsvergunning C.2 Bedrijfsvergunning D.1 Werknemersvergunning D.2 Werknemersvergunning D.1 Vergunning spoedeisende hulp Wijziging vergunning
zaaknummer Z/21/401199
Tarief
gratis € 15,00 gratis € 15,00 € 15,00
Eenheid
Per jaar Per jaar Per jaar
€ 9,00
Per 10 kraskaarten
€ 19,00
Per 10 kraskaarten
€ 19,00
Per 10 kraskaarten
€ 85,20 € 340,80 € 33,45 € 133,80 € 43,50
Per kwartaal Per jaar Per kwartaal Per jaar Per jaar
pagina 5 van 12
E.1
Verstrekken van een gewijzigde vergunning
€ 10,00
Per gewijzigde vergunning
Indien de belastingplicht bij een werknemersvergunning genoemd onder D.1 of D.2 in de loop van het kwartaal of jaar eindigt, bestaat recht op restitutie voor het aantal volle maanden dat na het einde van de belastingplicht resteert. Voor de bedrijfsvergunning en de vergunning voor spoedeisende hulp bestaat er geen recht op restitutie bij wijziging van de belastingplicht.
zaaknummer Z/21/401199
pagina 6 van 12
Tabel 1 Locaties waar betaald parkeren geldt én met een vergunning mag worden geparkeerd
Gebied Parkeerterreinen rondom het centrum winkelgebied
Straat
Details
Tarief Code
Zone A:
Didamsestraat
1
Bewonersvergunning niet toegestaan A:
Haspelstraat
1
Bewonersvergunning niet toegestaan A: na 17.00 uur met
Kampsingel
nabij Albert Heijn
Musiaterplein
1
bewonersvergunning parkeren
1
A A:
Masiusplein en Parkeergarage Masiusplein
laag 0 en -1
1
Bewonersvergunning niet toegestaan
Parkeergarage Masiusplein
laag -2
1
E
Oude Doesburgseweg
deel ten zuiden van de inrit t.h.v. Oude Doesburgseweg 18
2
A
A: Schievestraat
Stationskwartier
1
Bewonersvergunning niet toegestaan
Terrein tussen Bergvrede en Stadsgracht
1
A
Enghuizen
2
A
Gersdorfstraat
2
A
zaaknummer Z/21/401199
nabij Aldi
pagina 7 van 12
Kerkstraat
2
A
Kostschoollaan
2
A
2
A
Nieuwe Doelenstraat
1
A
Oude Wal
2
A
Romei
2
A
2
A
Bastion
2
A
Bergvrede
2
A
Hamalandstraat
2
A
2
A
2
A
Molenstraat
Van Munsterstraat
Centrum-oost Centrum-west
Haspelstraat
tussen Nieuwe Doelenstraat en Arnhemseweg
tussen Romei en Van Gimbornstraat
tussen Julianalaan en Schievestraat
Ridder Anselmstraat
Schievestraat
2
Bewonersvergunning niet toegestaan
Touwslagersbaan
incl. parkeerterrein oostzijde
2
A
2
A
2
A
Schievestraat
2
A
Subenharastraat
2
A
2
A
2
A
2
A
Wecelostraat Keizer Hendrikstraat
Centrum-Noord
A:
tussen Arnhemseweg en Haspelstraat
Arnhemseweg
tussen Haspelstraat en Noordeinde
tussen Molenstraat en Julianalaan
Karel van Gelrestraat Overige locaties Parkeerterrein Oude
zaaknummer Z/21/401199
deel ten noorden van de inrit t.h.v. Oude
pagina 8 van 12
Doesburgseweg
Doesburgseweg 18
Deze gebieden zijn aangegeven op de bij dit besluit behorende kaart ‘Vergunninghoudersgebieden en betaald parkeren’ Tabel 2 Locaties gereguleerde overnachtingsplaats (GOP) Locatie
Omschrijving
Zone
Parkeerterrein centrum
Parkeerterrein Bommersheufsestraat (ongenummerd),
A
naast het Musiater
zaaknummer Z/21/401199
pagina 9 van 12
Tabel 3 Locaties waar alleen met een parkeervergunning mag worden geparkeerd Locatie
Omschrijving
Details
Zone
Centrumschil Noord-Oost
Gennepskamp
C
Kampstraat
C
Rozenstraat
C
Tulpenstraat
C
Anjerstraat
C
Gladiolenstraat
tussen Kampstraat en Narcisstraat
C
Kampsingel
tussen Steenhuizen en Narcisstraat/ Reinierastraat en westzijde aanliggende deel, nr. 45 t/m 73
C
Narcisstraat
C
Reinierastraat
C
Steenhuizen
C
Didamseweg
C
tussen Steenhuizen en Reinierastraat
C
Vondellaan
tussen Didamseweg/Julie Postelstraat en Guido Gezellestraat (uitgezonderd Vondellaan, tussen Jan Campertstraat en Huygenslaan)
C
Willem Kloosstraat
tussen Didamseweg en Potgieterstraat
C
Jacques Perkstraat
tussen Didamseweg en Potgieterstraat
C
Brederostraat
C
Nicolaas Beetsstraat
C
Louis
C
zaaknummer Z/21/401199
pagina 10 van 12
Couperusstraat Babberichseweg
Centrumschil west
tussen Vondellaan en toegangspad Grimbornhof (zuidgevel Juvenaat)
C
Julie Postelstraat
C
Juvenaathof
C
Arnhemseweg
tussen Vincent van Goghstraat/ Hertog Johannstraat en
B
Julianalaan/ Wilhelminalaan Lucas van Leijdenstraat
Zevenaar-Noord
B
Rembrandtplein
tussen Vincent van Goghstraat en Lucas van Leijdenstraat
B
Rembrandtplein
tussen Tooropstraat en Dirk Boutsstraat
B
Schilderspoort
B
Frans Halsstraat
B
Wilhelminalaan
B
Molenstraat
tussen Vesterbos en Oranjelaan/ Wilhelminalaan
B
Oranjelaan
tussen Van Munsterstraat en Molenstraat
B
Thebenstraat
B
Vesterbos
B
Van Nispenstraat
B
Van de Loostraat
B
Van der Goltzstraat
B
Stationsplein
B
Koningslinde
F
zaaknummer Z/21/401199
pagina 11 van 12
Acaciastraat
Tussen Noordeinde en Berkenstraat
F
De voor 2022 geraamde kosten voor het opleggen van de naheffingsaanslag:
Vaste informatieverwerkingskosten
€ 10.000
Variabele informatieverwerkingskosten
€
0,00
Kosten van afschrijving
€
0,00
Kosten van interest
€
0,00
Personeelskosten
€ 133.633
Overheadkosten
€ 118.934
Totale kosten naheffingsaanslagen
€ 262.567
Het voor 2021 geraamde aantal naheffingsaanslagen is: 1.677 De kosten gedeeld door het aantal te verwachte naheffingsaanslagen geeft een bedrag van € 156,57. Het wettelijk maximum te verhalen kosten van de naheffingsaanslag is vastgesteld op € 65,50. In artikel 10 stellen wij voor om voor 2022 de kosten voor de naheffingsaanslag vast te stellen op € 65,50. Behorende bij het raadsbesluit van 22 december 2021.
De griffier van Zevenaar,
zaaknummer Z/21/401199
pagina 12 van 12