1032030 Notitie geheimhouding (Zevenaar Notitie Geheimhouding 0421)
Tekst van het document
GEHEIMHOUDING: VOOR WIE, DOOR WIE, HOE EN WAT?
Een routebeschrijving door de geheimen van de Gemeentewet
1. Inleiding In de bestuurlijke praktijk van elke gemeente komt de wens of behoefte aan geheimhouding regelmatig voor. De ene keer betreft het informatie die op papier staat, de andere keer willen deelnemers aan een vergadering dat hetgeen zij met elkaar uitwisselen niet naar buiten wordt gebracht. Op dat moment ontstaat de roep om geheimhouding. Vragen die dan rijzen zijn: kan geheimhouding maar zo worden opgelegd, door iedereen die dat wil en wanneer men maar wil? Wat betekent geheimhouding en wat zijn de gevolgen van het opleggen van geheimhouding? In deze notitie wordt aan allen die een rol, taak of functie hebben in de gemeenteraad van Zevenaar toegelicht hoe de wereld van gemeentelijke geheimhouding in elkaar zit. De geheimhouding binnen het college van B&W blijft in deze notitie onbesproken. Deze notitie bevat aan het eind een tweetal bijlagen: geheimhouding in 10 punten samengevat en de wettelijke bepalingen over geheimhouding.
2. Openbaarheid van bestuur en informatie Hoofdregel in het openbaar (gemeente)bestuur is dat vergaderingen van volksvertegenwoordigende lichamen in de openbaarheid worden gehouden, en dat documenten openbaar zijn. Wie dat wil, heeft in beginsel toegang tot de vergaderingen van volksvertegenwoordigende lichamen en door hen ingestelde commissies. De documenten die zich bevinden onder een gemeentelijk bestuursorgaan zijn voor een ieder in te zien. Dit zijn enkele pijlers onder onze democratische rechtsstaat: het openbaar bestuur verricht zijn werkzaamheden voor de ogen van degenen die haar hebben ingesteld, te weten de kiezer. Maximale openbaarheid dus.
3. Uitzondering: geheimhouding Er kunnen zich omstandigheden voordoen dat van de hoofdregel moet worden afgeweken. Een document kan informatie bevatten die niet voor iedereen bestemd is 1 ; in een commissie- of raadsvergadering wordt informatie gedeeld over een gevoelig onderwerp. Kan dan in alle gevallen dat de “noodzaak tot geheimhouding” wordt gevoeld zonder meer worden besloten tot het opleggen van geheimhouding? Het antwoord op deze vraag luidt: nee. Tot het opleggen van geheimhouding kan alleen worden besloten:
door die organen die daartoe bevoegd zijn, én
Bijvoorbeeld informatie over de ontwikkeling van een belangrijke grondexploitatie, of de uitkomst van een onderzoek naar het al dan niet integer handelen door een gemeentelijk leidinggevende. 1
1
als er een belang als genoemd in artikel 10 Wob in het geding is.
4. Wettelijk kader geheimhouding Geheimhouding is primair geregeld in de Gemeentewet, en secundair in de Wet openbaarheid van bestuur (Wob). De Gemeentewet regelt: -
wie bevoegd is tot het opleggen van geheimhouding,
-
aan wie geheimhouding kan worden opgelegd,
-
wat de gevolgen zijn van het opleggen van geheimhouding,
-
hoe de geheimhouding wordt opgeheven.
Artikel 25 Gemeentewet regelt de geheimhouding binnen de gemeenteraad, artikel 55 is het geheimhoudingskader voor het college van B&W. Ook commissies hebben de mogelijkheid van geheimhouding: artikel 86 Gemeentewet. Van een commissie is sprake als het college of de gemeenteraad met een door hen genomen besluit een “gremium met een missie” op de wereld hebben gezet. Het is dus niet per se nodig dat daarbij de aanduiding “commissie” wordt gebruikt. Voorbeelden van een commissie binnen het raadsdomein van de gemeente Zevenaar: raadscommissie, presidium, werkgeverscommissie, seniorenconvent, auditcommissie. Het opleggen van geheimhouding kan alleen als daar een belang onder kan worden gelegd. Deze belangen zijn te vinden in artikel 10 van de Wet openbaarheid van bestuur. Hierbij kan worden gedacht aan: -
het financieel belang van de gemeente Zevenaar dat een grondexploitatie van een te ontwikkelen bestemmingsplan nog niet in de openbaarheid komt, met het oog op een verantwoorde m2-prijs voor sociale woningbouw;
-
het belang van het voorkomen van onevenredige benadeling van een medewerker die ervan wordt verdacht dat hij zichzelf heeft verrijkt ten koste van de gemeente Zevenaar;
-
het specifieke karakter van handhaving openbare orde (inclusief uitlopers in de richting van criminaliteit/drugshandel en -teelt) dat zich niet verdraagt met bespreking in een openbare commissie -of raadsvergadering;
-
het belang van de gemeente om een ongewenste ontwikkeling te voorkomen waarvoor binnen een geldend bestemmingsplan op zichzelf de ruimte bestaat: met het nemen van een voorbereidingsbesluit door de raad wordt de situatie “bevroren”. Dit doel kan alleen worden bereikt als de raad de informatie onder geheimhouding ontvangt en het raadsbesluit in een besloten raadsvergadering wordt gehouden waarbinnen geheimhouding wordt opgelegd.
De wettelijke bepalingen zijn opgenomen in de bijlage bij deze notitie.
5. Wie gaan over het opleggen van geheimhouding: bevoegdheidsvraag Tot het opleggen van geheimhouding is niet een ieder gerechtigd. Er moet een specifieke wettelijke grondslag voor zijn. De Gemeentewet maakt verschil tussen:
2
-
het opleggen van geheimhouding op stukken die van het ene orgaan naar het andere orgaan worden gestuurd, en
-
het opleggen van geheimhouding omtrent het verhandelde in een besloten commissie- of raadsvergadering en de stukken die daarbinnen worden verstrekt.
Bevoegd tot het opleggen van geheimhouding op documenten Bevoegd tot opleggen Aan wie opleggen Burgemeester Gemeenteraad Leden van de gemeenteraad2 Commissie
Bijzonderheden Aan gemeenteraad opgelegde geheimhouding vervalt als deze niet in de eerstvolgende raadsvergadering wordt bekrachtigd.3 In andere gevallen geen bekrachtiging vereist.4
College
Gemeenteraad Leden van de gemeenteraad Commissie
Aan gemeenteraad opgelegde geheimhouding vervalt als deze niet in de eerstvolgende raadsvergadering wordt bekrachtigd. In andere gevallen geen bekrachtiging vereist.
Commissie
Gemeenteraad Leden van de gemeenteraad
Aan gemeenteraad opgelegde geheimhouding vervalt als deze niet in de eerstvolgende raadsvergadering wordt bekrachtigd. In andere gevallen geen bekrachtiging vereist.
Voorzitter commissie
Commissie
Geen bekrachtiging vereist.
Bevoegd tot opleggen geheimhouding over het verhandelde in besloten vergadering Bevoegd tot opleggen Aan wie opleggen Gemeenteraad Gemeenteraad
Bijzonderheden Geheimhouding omvat het in de besloten vergadering verhandelde en stukken die aan de raad worden overgelegd. Het besluit tot opleggen geheimhouding wordt tijdens de besloten raadsvergadering genomen.
Commissie
Geheimhouding omvat het in de besloten vergadering verhandelde en stukken die aan de commissie worden overgelegd. Het
Commissie
Merk op dat indien een stuk waarop geheimhouding is gelegd, en dat niet aan alle raadsleden wordt gestuurd maar naar een aantal van hen, er geen raadsbesluit tot bekrachtiging van de geheimhouding hoeft te worden genomen. Denk hierbij aan een document dat alleen aan de fractievoorzitters wordt gestuurd onder het opleggen van geheimhouding. 3 De raad kan een besluit tot bekrachtiging alleen nemen in een raadsvergadering die blijkens de presentielijst door meer dan de helft van het aantal zitting hebbende leden is bezocht. 4 Er is een voorontwerp van wijziging Gemeentewet dat voorziet in het schrappen van de verplichting tot bekrachtiging door de gemeenteraad. Onbekend is wanneer dit als wetsvoorstel bij de Tweede Kamer zal worden ingediend. Onbekend is ook wanneer deze wijziging zal ingaan. 2
3
besluit tot opleggen geheimhouding wordt tijdens de besloten commissievergadering genomen.
Belangrijk: uitsluitend binnen een formeel aangekondigde raads- of commissievergadering5 kan tot het opleggen van geheimhouding worden besloten. Elke andere vorm van samenkomst die niet de status heeft van raads- of commissievergadering in de zin van de Gemeentewet is ongeschikt voor geheimhouding. Dit betekent dat een zogeheten “bijpraatmoment” buiten een raads- of commissievergadering zich niet geschikt is voor het onder geheimhouding delen van informatie.
6. Hoe wordt geheimhouding opgelegd? Geheimhouding wordt opgelegd bij besluit van het orgaan dat bevoegd is tot het opleggen van geheimhouding. Uit dat besluit en de daaronder liggende motivering moet blijken welk(e) belang(en) die in artikel 10 Wob staan vermeld in de overwegingen zijn meegenomen. Geheimhouding kan dus niet “maar zo” worden opgelegd. Als de geheimhouding wordt gelegd op stukken, dan moet het woord “geheim” op de betreffende stukken worden vermeld. Als het gaat om een stuk dat naar de raad wordt gestuurd, moet het woord “geheim” op het stuk worden vermeld, en de geheimhouding met zoveel woorden worden opgelegd. Vervolgens zal in de eerstvolgende raadsvergadering het besluit inzake bekrachtiging moeten worden genomen. Als de raad besluit tot bekrachtiging, wordt daarmee de voorlopige geheimhouding omgezet in een definitieve. Als de raad niet besluit tot bekrachtiging, komt automatisch de geheimhouding te vervallen. Het raadsbesluit inzake bekrachtiging komt tot stand via de gebruikelijke stemprocedure die artikel 32 Gemeentewet kent: als niet om stemming wordt gevraagd is het voorstel tot bekrachtiging aangenomen. Als om stemming wordt gevraagd volgt hoofdelijke stemming. Ingeval na stemming blijkt dat het aantal tegenstemmers groter is dan het aantal voorstemmers, is het voorstel tot bekrachtiging geheimhouding verworpen.
En is de geheimhouding van het stuk af. Elk ter vergadering aanwezig raadslid is verplicht zijn stem uit te brengen. Het maakt daarbij niet uit of een raadslid vooraf het stuk wel of niet heeft ingezien op de griffie. Er zijn situaties waar de plicht tot het in acht nemen van geheimhouding rechtstreeks uit de wet voortvloeit. Denk hierbij aan: -
de besloten raadsvergadering waar de aanbeveling tot (her)benoeming van de burgemeester tot stand komt. De daaraan voorafgaande werkzaamheden van de door de raad ingestelde vertrouwenscommissie vallen ook onder de geheimhouding.
7. Wat betekent “geheimhouding” Nadat het besluit tot opleggen van geheimhouding is genomen, moet een ieder die bij de betreffende vergadering aanwezig is (geweest) de geheimhouding in acht nemen. Ook moeten anderen die van de informatie op de hoogte zijn de geheimhouding in acht nemen. Dit kunnen
5
Zie artikelen 19 en 82 lid 5 Gemeentewet. 4
bijvoorbeeld ambtenaren zijn die bij het betreffende dossier zijn betrokken. Dat alles betekent: er mag met niemand anders over worden gesproken. Het doorbreken van die geheimhoudingsplicht (“lekken”) is als misdrijf strafbaar gesteld.6 Bedenk hierbij dat een fractie staatsrechtelijk uitsluitend wordt bemenst door raadsleden. Commissieleden en fractieondersteuning behoren niet tot de fractie. Ook al werken zij nauw met de raadsleden samen. De raadsleden moeten zich ervan bewust zijn dat zij de voor hen geldende geheimhouding doorbreken als zij “de fractie” bijpraten over informatie waarop geheimhouding rust. Dit bijpraten kan alleen gebeuren tussen raadsleden.
8. Afwezigheid raadslid of commissielid bij besloten vergadering Het kan gebeuren dat een raadslid afwezig is bij een besloten raadsvergadering (met geheimhouding), of dat een commissielid verhinderd is om aanwezig te zijn bij een besloten vergadering van de commissie (met geheimhouding) waarvan hij deel uitmaakt. Voor die situaties wordt het aanvaardbaar geacht om hen na afloop van de besloten vergadering de informatie te verstrekken die tijdens de besloten vergadering is gedeeld. Voorop staat immers dat raadsleden allen moeten kunnen beschikken over dezelfde informatie. Hetzelfde geldt voor commissieleden daar waar het gaat om de informatie binnen de commissie waarvan zij deel uitmaken.
9. Hoe wordt geheimhouding opgeheven ? Niets is eeuwigdurend, dus ook de noodzaak van geheimhouding komt een keer te vervallen. Er zal dus op gezette tijden moeten worden overwogen of het tijd is om een bestaande geheimhouding op een stuk of op het verhandelde in een besloten raads- of commissievergadering op te heffen. Het opheffen van geheimhouding is als volgt in de Gemeentewet vastgelegd.
6
Soort geheimhouding Verhandelde in besloten raadsvergadering
Bevoegd tot opheffen Gemeenteraad
Bijzonderheden Geen specifieke eisen gesteld aan raadsbesluit tot opheffen geheimhouding.
Stuk onder de gemeenteraad
Gemeenteraad
Besluit tot opheffen wordt genomen in raadsvergadering die blijkens de presentielijst door meer dan de helft van het aantal zitting hebbende leden is bezocht.
Stuk onder leden van de gemeenteraad
Gemeenteraad
Besluit tot opheffen wordt genomen in raadsvergadering die blijkens de presentielijst door meer dan de helft van het aantal zitting hebbende leden is bezocht.
Verhandelde in besloten commissievergadering
Commissie
Artikel 272 Wetboek van Strafrecht. 5
Stuk onder de commissie
Orgaan dat de verplichting tot geheimhouding oplegde óf de gemeenteraad.
Raad is bevoegd als de commissie het stuk naar de raad heeft gezonden.
Soms is de gemeenteraad verplicht om een besluit inzake opheffing van geheimhouding te nemen. Dit kan zich voordoen als een derde zich beroept op de Wob en een verzoek heeft ingediend om verstrekking van een afschrift van een stuk waarop door de raad bekrachtigde geheimhouding ligt.7 Het besluit dat de raad daarbij neemt, zal deugdelijk moeten worden gemotiveerd.
10. Verslag besloten raadsvergadering De Gemeentewet verplicht tot het maken van een apart verslag van een besloten raadsvergadering.8 Het maakt daarbij niet uit of die besloten raadsvergadering met of zonder opleggen van geheimhouding plaatsvindt.9 Het vaststellen van een dergelijk verslag vindt normaal gesproken plaats in een volgende raadsvergadering. Dit kan in beginsel in een openbare raadsvergadering plaatsvinden. Punt van aandacht daarbij is wel, dat de deelnemers aan die vergadering ervoor zorgen dat er geen inhoudelijke discussie over het verslag gaat ontstaan als de betreffende besloten raadsvergadering plaatsvond in een setting van geheimhouding.
11. Do’s, dont’s en aandachtspunten 1.
Het is verleidelijk om het woord “vertrouwelijk” te gebruiken in plaats van de wettelijk geregelde geheimhouding met de daarbij behorende procedures. “Vertrouwelijk” heeft echter geen wettelijke basis en kent ook geen link naar artikel 10 Wob. Bedenk hierbij dat terughoudend moet worden omgegaan met het opleggen van een spreekverbod, want feitelijk is daarvan sprake. Degenen die het aangaat moeten ervan op aan kunnen dat er een met waarborgen omgeven procedure wordt gevolgd bij het iemand beletten met een ander ergens over te spreken. Daarvan is geen sprake bij gebruik van “vertrouwelijk”.
2.
Het komt voor dat geheimhouding wordt opgelegd, en op dat moment is al duidelijk wanneer de noodzaak tot het in acht nemen van geheimhouding komt te vervallen. In dat geval is het aan te raden om direct bij het opleggen te bepalen wanneer de geheimhouding wordt opgeheven.
3.
De rest van de fractie10 bijpraten inzake het besprokene in een besloten raads- of commissievergadering waarin geheimhouding is opgelegd komt neer op “lekken” uit
Afdeling bestuursrechtspraak Raad van State 23 november 2016, ECLI:NL:RVS:2016:3140. Artikel 23 lid 4 Gemeentewet. 9 Bedenk hierbij dat een besloten raadsvergadering plaatsvindt zonder de aanwezigheid van publiek. Dat is het (enige) verschil met een openbare raadsvergadering. 10 Ingevolge artikel 5 Reglement van orde voor de vergaderingen en andere werkzaamheden van de gemeenteraad van Zevenaar wordt een fractie primair gevormd door de leden van de raad die bij de laatstgehouden verkiezingen op dezelfde kandidatenlijst hebben gestaan. Secundair kan een fractie ook ontstaan gedurende de zittingstermijn van de gemeenteraad: een of meer leden van een of meer fracties 7 8
6
geheimhouding. Dit is dus niet toegestaan. Richting de niet in de raad of commissie zitting hebbende fractieleden moet de geheimhouding dus in acht worden genomen. 4. Aanbevolen wordt, afspraken te maken over het bijhouden van een geheimhoudingsregister. Daarin wordt aangetekend wanneer door wie waarop geheimhouding is opgelegd. Belangrijk daarbij is dat er een eerstverantwoordelijke hiervoor wordt aangewezen. Periodiek (bijvoorbeeld jaarlijks) wordt bezien of er aanleiding is om de geheimhouding op te heffen. 5. Het is raadzaam dat een raads- of commissielid bij het inzien van een geheim stuk tekent “voor gezien”. Dit verhoogt de bewustwording van het bijzondere karakter van “geheim” dat op het stuk rust. Ook werkt het bevorderend voor het in acht nemen van de opgelegde geheimhouding. Een raadslid kan ervoor kiezen, niet deel te nemen aan een besloten raadsvergadering waarin wordt gesproken over de inhoud van het document waarvoor bekrachtiging wordt gevraagd. In de aansluitende openbare raadsvergadering staat het dat raadslid vervolgens vrij om via het afleggen van een stemverklaring tegen de bekrachtiging van de geheimhouding te stemmen. Dit uiteraard met inachtneming van de op dat moment nog bestaande geheimhouding.
Zwolle, 26 april 2021 Mr. Olaf Schuwer Bestuurlijk – juridisch consultant
kunnen hiertoe besluiten. Dusdoende ontstaat een fractie, die voorts het recht heeft op het kiezen van een naam. 7
BIJLAGEN
8
GEHEIMHOUDING IN 10 PUNTEN SAMENGEVAT
1.
Geheimhouding is een uitzondering op openbaar: maak er bij uitzondering gebruik van.
2.
Geheimhouding vindt altijd zijn basis in een of meer belangen die staan genoemd in artikel 10 Wet openbaarheid van bestuur.
3.
Geheimhouding behoeft alleen bekrachtiging door de gemeenteraad als het betreffende stuk aan de raad is gericht door college, commissie of burgemeester onder gelijktijdige oplegging van geheimhouding
4.
Het opleggen van geheimhouding is voorbehouden aan een beperkt aantal organen.
5.
Het delen van geheime informatie binnen de fractie staat gelijk aan “lekken”.
6.
Geheimhouding vindt plaats op schriftelijke stukken dan wel op het besprokene in een besloten vergadering.
7.
Elk bij college- of raadsbesluit opgericht gremium is een commissie, waarbinnen de regels omtrent geheimhouding onverkort van toepassing zijn.
8.
Geheimhouding spreek je niet af, je neemt er een besluit over.
9.
Geheimhouding kan in een besloten vergadering het best bij aanvang worden opgelegd. Aan het eind kan desgewenst worden overwogen de geheimhouding weer op te heffen als de aanwezigen tot de conclusie komen dat er geen (voldoende) reden was voor geheimhouding.
10. Een beetje geheimhouding bestaat niet; vermijd gebruik van het woord “vertrouwelijk”.
9
BEPALINGEN GEMEENTEWET OMTRENT GEHEIMHOUDING Artikel 25 1. De raad kan op grond van een belang, genoemd in artikel 10 van de Wet openbaarheid van bestuur, omtrent het in een besloten vergadering behandelde en omtrent de inhoud van de stukken die aan de raad worden overgelegd, geheimhouding opleggen. Geheimhouding omtrent het in een besloten vergadering behandelde wordt tijdens die vergadering opgelegd. De geheimhouding wordt door hen die bij de behandeling aanwezig waren en allen die van het behandelde of de stukken kennis dragen, in acht genomen totdat de raad haar opheft. 2. Op grond van een belang, genoemd in artikel 10 van de Wet openbaarheid van bestuur, kan de geheimhouding eveneens worden opgelegd door het college, de burgemeester en een commissie, ieder ten aanzien van de stukken die zij aan de raad of aan leden van de raad overleggen. Daarvan wordt op de stukken melding gemaakt. 3. De krachtens het tweede lid opgelegde verplichting tot geheimhouding met betrekking tot aan de raad overgelegde stukken vervalt, indien de oplegging niet door de raad in zijn eerstvolgende vergadering die blijkens de presentielijst door meer dan de helft van het aantal zitting hebbende leden is bezocht, wordt bekrachtigd. 4.
De krachtens het tweede lid opgelegde verplichting tot geheimhouding met betrekking tot aan leden van de raad overgelegde stukken wordt in acht genomen totdat het orgaan dat de verplichting heeft opgelegd, dan wel, indien het stuk waaromtrent geheimhouding is opgelegd aan de raad is voorgelegd, totdat de raad haar opheft. De raad kan deze beslissing alleen nemen in een vergadering die blijkens de presentielijst door meer dan de helft van het aantal zitting hebbende leden is bezocht. Artikel 86 1. Een commissie kan in een besloten vergadering, op grond van een belang, genoemd in artikel 10 van de Wet openbaarheid van bestuur, omtrent het in die vergadering met gesloten deuren behandelde en omtrent de inhoud van de stukken die aan de commissie worden overgelegd, geheimhouding opleggen. Geheimhouding omtrent het in een besloten vergadering behandelde wordt tijdens die vergadering opgelegd. De geheimhouding wordt door hen die bij de behandeling aanwezig waren en allen die van het behandelde of de stukken kennis dragen, in acht genomen totdat de commissie haar opheft. 2. Op grond van een belang, genoemd in artikel 10 van de Wet openbaarheid van bestuur, kan de geheimhouding eveneens worden opgelegd door de voorzitter van een commissie, het college en de burgemeester, ieder ten aanzien van stukken die hij aan een commissie overlegt. Daarvan wordt op de stukken melding gemaakt.
De geheimhouding wordt in acht genomen totdat het orgaan dat de verplichting heeft opgelegd, dan wel de raad haar opheft. 3. Indien een commissie zich ter zake van het behandelde waarvoor een verplichting tot geheimhouding geldt tot de raad heeft gericht, wordt de geheimhouding in acht genomen totdat de raad haar opheft.
Artikel 10 Wet openbaarheid van bestuur 1. Het verstrekken van informatie ingevolge deze wet blijft achterwege voor zover dit: a. de eenheid van de Kroon in gevaar zou kunnen brengen; b. de veiligheid van de Staat zou kunnen schaden; c. bedrijfs- en fabricagegegevens betreft, die door natuurlijke personen of rechtspersonen vertrouwelijk aan de overheid zijn meegedeeld; d. persoonsgegevens betreft als bedoeld in de artikelen 9, 10 en 87 van de Algemene verordening gegevensbescherming, tenzij de verstrekking kennelijk geen inbreuk op de
10
persoonlijke levenssfeer maakt. 2. Het verstrekken van informatie ingevolge deze wet blijft eveneens achterwege voor zover het belang daarvan niet opweegt tegen de volgende belangen: a. de betrekkingen van Nederland met andere staten en met internationale organisaties; b. de economische of financiële belangen van de Staat, de andere publiekrechtelijke lichamen of de in artikel 1a, onder c en d, bedoelde bestuursorganen; c. de opsporing en vervolging van strafbare feiten; d. inspectie, controle en toezicht door bestuursorganen; e. de eerbiediging van de persoonlijke levenssfeer; f. het belang, dat de geadresseerde erbij heeft als eerste kennis te kunnen nemen van de informatie; g. het voorkomen van onevenredige bevoordeling of benadeling van bij de aangelegenheid betrokken natuurlijke personen of rechtspersonen dan wel van derden. 3. Het tweede lid, aanhef en onder e, is niet van toepassing voorzover de betrokken persoon heeft ingestemd met openbaarmaking. 4. Het eerste lid, aanhef en onder c en d, het tweede lid, aanhef en onder e, en het zevende lid, aanhef en onder a, zijn niet van toepassing voorzover het milieu-informatie betreft die betrekking heeft op emissies in het milieu.
Voorts blijft in afwijking van het eerste lid, aanhef en onder c, het verstrekken van milieu-informatie uitsluitend achterwege voorzover het belang van openbaarmaking niet opweegt tegen het daar genoemde belang. 5. Het tweede lid, aanhef en onder b, is van toepassing op het verstrekken van milieu-informatie voor zover deze handelingen betreft met een vertrouwelijk karakter. 6. Het tweede lid, aanhef en onder g, is niet van toepassing op het verstrekken van milieu-informatie. 7. Het verstrekken van milieu-informatie ingevolge deze wet blijft eveneens achterwege voorzover het belang daarvan niet opweegt tegen de volgende belangen: a. de bescherming van het milieu waarop deze informatie betrekking heeft; b. de beveiliging van bedrijven en het voorkomen van sabotage. 8. Voorzover het vierde lid, eerste volzin, niet van toepassing is, wordt bij het toepassen van het eerste, tweede en zevende lid op milieu-informatie in aanmerking genomen of deze informatie betrekking heeft op emissies in het milieu.
11