Vraag David Tompot over RIB21.057
Tekst van het document
RIB21.057: Corona perspectief David Tompot (SP) 1.
Onder het kopje “Wat de gemeente doet”, pag.3, is de volgende passage te lezen:
“Onze houding is begripvol streng. We begeleiden waar dat kan en zijn duidelijk in wat wel en niet mag.” Wat betekent precies “begripvol streng”? In de volgende zin lijkt een nadere duiding gegeven te worden, maar als dit de praktijk is, dan zouden de handhavers eerst vooral met ondernemers meedenken naar wat mogelijk is, en niet in de eerste plaats wijzen op mogelijke overtredingen van de coronamaatregelen. Klopt deze lezing? Of wordt de inzet van de handhavers in onze gemeente primair gestuurd vanuit een controle op de opvolging van de coronamaatregelen, zonder dat actief met ondernemers bekeken wordt naar wat (nog) wel mogelijk is? 2.
In de paragraaf over Financiën en Corona (pag.4) wordt beschreven dat met de BghU en RDWI afspraken zijn gemaakt over de spreiding van de invordering van de lasten van onze inwoners. Kan het college hier nader op ingaan? In het bijzonder daarbij op twee aspecten:
* of inwoners die aan RDWI en/of BghU een betaling verschuldigd zijn, in de brieven die verstuurd worden naar aanleiding van een verschuldigde betaling, ook standaard gewezen wordt op de mogelijkheid om een betalingsregeling te treffen; * of inwoners in de invorderingsbrieven ook gewezen wordt op de mogelijkheid voor eventuele kwijtschelding van de verschuldigde lasten.