CConstaterende datZeist
Koppel je AI →
Document · PDF

RV26.044 WA-Hoeve NZOV Toelichting Bijlage 10 Watertoets

Raad 9 juli 2026, gemeente ZeistBij agendapunt: Gewijzigd vaststellen bestemmingsplan WA Hoeve, Noordelijk en Zuidelijk Ontwikkelveld en beeldkwaliteit WA-Hoeve, Den Dolder7.726 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

RAPPORT Watertoets ontwikkeling Willem Arntsz-Hoeve Den Dolder

Klant:

BPD Ontwikkeling B.V.

Referentie: BG9319_T&P_RP_2103181244 Status:

3.0/Definitief

Datum:

18 maart 2021

Projectgerelateerd

HASKONINGDHV NEDERLAND B.V.

Larixplein 1 5616 VB EINDHOVEN Transport & Planning Trade register number: 56515154 +31 88 348 42 50 T info@rhdhv.com E royalhaskoningdhv.com W

Titel document: Watertoets ontwikkeling

Willem Arntsz-Hoeve Den Dolder Ondertitel: Watertoets ontwikkeling WA-Hoeve Den Dolder Referentie: BG9319_T&P_RP_2103181244 Status: 3.0/Definitief Datum: 18 maart 2021 Projectnaam: Projectnummer: BG9319 Auteur(s): H.v.D.

Gecontroleerd door: V.d.B. Datum: 18 maart 2021 Goedgekeurd door: R.v.K. Datum: 18 maart 2021

Classificatie Projectgerelateerd

Behoudens andersluidende afspraken met de Opdrachtgever, mag niets uit dit document worden verveelvoudigd of openbaar gemaakt of worden gebruikt voor een ander doel dan waarvoor het document is vervaardigd. HaskoningDHV Nederland B.V. aanvaardt geen enkele verantwoordelijkheid of aansprakelijkheid voor dit document, anders dan jegens de Opdrachtgever.Let op: dit document bevat persoonsgegevens van medewerkers van HaskoningDHV Nederland B.V. en dient voor publicatie of anderszins openbaar maken te worden geanonimiseerd. 18 maart 2021

WATERTOETS ONTWIKKELING WA-HOEVE DEN DOLDER

BG9319_T&P_RP_2103181244

i

Projectgerelateerd

Inhoud 1

Inleiding

1

1.1

Aanleiding

1

1.2

Watertoets

1

1.3

Leeswijzer

1

2

Beleid

2

2.1

Landelijke en Europees beleid

2

2.2

Beleid Waterschap Vallei en Veluwe

3

2.2.1 2.2.2

Algemeen Toepassing beleid waterschap

3 3

2.3

Beleid gemeente Zeist

5

3

Huidige situatie

6

3.1

Gebiedsbeschrijving

6

3.2

Maaiveldhoogte

6

3.3

Oppervlaktewater

7

3.4

Bodemopbouw

8

3.5

Grondwater

9

3.6

Riolering

12

4

Toekomstige situatie (effecten en maatregelen)

14

4.1

Beschrijving plan

14

4.2

Toekomstig peil

15

4.3

Vuilwaterafvoer

15

4.4

Hemelwaterafvoer

16

4.5

Benodigde compensatie waterberging

16

4.6

Beschikbare waterberging

18

4.7

Hydrologische gevolgen grondwater

21

4.8

Waterkwaliteit

21

5

Afspraken en contacten

22

5.1

Afspraken en overleg

22

5.2

Contactpersonen

22

Bijlagen Bijlage 1 : Tekening toekomstige verhardingen

18 maart 2021

WATERTOETS ONTWIKKELING WA-HOEVE DEN DOLDER

BG9319_T&P_RP_2103181244

ii

Projectgerelateerd

1

Inleiding

1.1

Aanleiding

BPD Ontwikkeling BV heeft het voornemen om de Willen Arntsz Hoeve in Den Dolder te ontwikkelen tot woon-, werk- en beleefgebied. Het gebied zal gefaseerd ontwikkeld gaan worden en is opgedeeld in 3 gebieden: de Historische middenas (HMA), het Noordelijk ontwikkelveld (NOV) en het Zuidelijk ontwikkelveld (ZOV). Voor de langere termijn (na 2027) is ook nog de mogelijkheid om de locatie Altrecht (tussen het noordelijk en het zuidelijk deel) te ontwikkelen. Vooralsnog wordt er rekening gehouden met de ontwikkeling van de HMA en het NOV en ZOV. Voor de ontwikkeling van de Willem Arntsz Hoeve dient onderzoek uitgevoerd te worden ten behoeve van het bestemmingsplan en de civieltechnische (plan)uitwerking. Royal HaskoningDHV heeft de opdracht van BPD Ontwikkeling BV gekregen om dit uit te voeren. Het uitvoeren van een watertoets is één van deze onderzoeken die doorlopen moet worden ten behoeve van de ruimtelijke procedure.

1.2

Watertoets

In Nederland heeft water een eigen plaats gekregen in de ruimtelijke besluitvorming via de verplichte watertoets. De watertoets houdt in dat bij het maken van ruimtelijke plannen al in een vroeg stadium bekeken moet worden wat de gevolgen zijn voor water en de ruimtelijke ordening. De watertoets omvat het gehele proces van het vroegtijdig informeren, adviseren, afwegen en uiteindelijk beoordelen van wateraspecten in plannen en besluiten. Dit resulteert uiteindelijk in de waterparagraaf. De waterparagraaf is ‘een beschrijving van de wijze waarop rekening is gehouden met de gevolgen van het plan voor de waterhuishouding’. In de waterparagraaf neemt de initiatiefnemer het wateradvies op van de waterbeheerder, motiveert de eventuele afwijkingen hiervan en stelt eventuele compenserende of mitigerende maatregelen voor.

1.3

Leeswijzer

In hoofdstuk 2 worden het beleidskader en de uitgangspunten gegeven van Waterschap Vallei en Veluwe die als leidraad worden gebruikt bij de visie van de gemeente Zeist. In hoofdstuk 3 is het huidige watersysteem in beeld gebracht. Het effect van de geplande herontwikkelingen op het watersysteem en de benodigde maatregelen zijn beschreven in hoofdstuk 4. Hoofdstuk 5 geeft een overzicht van de afspraken met de waterbeheerder en de contactpersonen.

18 maart 2021

WATERTOETS ONTWIKKELING WA-HOEVE DEN DOLDER

BG9319_T&P_RP_2103181244

1

Projectgerelateerd

2

Beleid

In verschillende beleidsvisies wordt gestreefd naar een veilig, gezond, duurzaam en robuust watersysteem in landelijk en stedelijk gebied. In dit hoofdstuk wordt kort een overzicht gegeven van de belangrijkste beleidsuitgangspunten die van toepassing zijn voor deze watertoets.

2.1

Landelijke en Europees beleid

De basisprincipes van het nationale beleid, Waterbeheer 21e eeuw (WB21) en het Europese beleid, de Kaderrichtlijn Water (KRW) zijn uitgewerkt in een drietrapsstrategie voor waterkwaliteit en -kwantiteit: ▪ waterkwantiteit: vasthouden, bergen, afvoeren (figuur 1); ▪ waterkwaliteit: schoonhouden, scheiden, zuiveren. Daarbij geldt als uitgangspunt dat meer ruimte voor water nodig is, niet afgewenteld mag worden in plaats en tijd en geen achteruitgang mag plaatsvinden van de huidige chemische en ecologische waterkwaliteit.

Figuur 1: Vasthouden (1), Bergen (2), Afvoeren (3)

Het Nationaal Bestuursakkoord Water (NBW) is een verdere uitwerking van het WB21 beleid. In het NBW hebben het rijk, provincies, gemeenten en waterschappen zich als taak gesteld om de wateropgave in beeld te brengen en oplossingsrichtingen uit te werken. Het NBW-actueel is een actualisatie van het NBB uit 2003. Het NBW-actueel benadrukt de gezamenlijke verantwoordelijkheid voor het op orde krijgen en houden van het totale watersysteem. Het geeft aan welke instrumenten ingezet worden om de opgave te realiseren, welke taken en verantwoordelijkheden iedere partij daarbij heeft en hoe partijen elkaar in staat willen stellen hun taken uit te voeren. De afspraak is ook dat kan worden vastgehouden aan de wateropgave zoals die volgens het WB21-middenscenario in beeld is gebracht. De KRW (Kaderrichtlijn Water) is gericht op het bereiken van een goede ecologische waterkwaliteit in alle Europese wateren. De KRW is een Europese richtlijn die voorschrijft dat de waterkwaliteit van de Europese wateren vanaf 2015 aan bepaalde eisen moet voldoen.

18 maart 2021

WATERTOETS ONTWIKKELING WA-HOEVE DEN DOLDER

BG9319_T&P_RP_2103181244

2

Projectgerelateerd

2.2

Beleid Waterschap Vallei en Veluwe

2.2.1

Algemeen

Het waterbeleid van Waterschap Vallei en Veluwe is verwoord in: ▪ Keur Waterschap Vallei en Veluwe De keur is een verordening met regels die het waterschap hanteert bij de bescherming van waterkeringen, watergangen (sloten, beken en rivieren) en bijbehorende kunstwerken (gemalen, stuwen). De wetten en regels hebben tot doel de doorstroming van de wateren in Nederland te waarborgen, overstromingen te voorkomen, droogte tegen te gaan en de leefbaarheid in ons land met en rondom het water te kunnen blijven garanderen. Voor sommige werkzaamheden zijn in de keur algemene regels opgesteld. Als aan deze regels wordt voldaan, is geen watervergunning nodig. De werkzaamheden moeten wel bij het waterschap worden gemeld; ▪ Uitgangspuntennotitie ‘Beleidskader bij stedelijke ontwikkelingen’, d.d. 4 mei 2017, Waterschap Vallei en Veluwe In deze notitie wordt per thema (waterveiligheid, voldoende en schoon oppervlaktewater, waterketen) een toelichting gegeven op de belangen vanuit het waterbeheer op de ruimtelijke ordening. ▪ Blauwe omgevingsvisie (BOVI2050), Waterschap Vallei en Veluwe, www.bovi2050.nl Omgevingsvisie die voor ruimtelijke plannen is ontwikkeld in de geest van de nieuwe omgevingswet. In deze visie staat een duurzame samenleving centraal waarbij water gezien wordt als ordenend principe.

2.2.2

Toepassing beleid waterschap

Voor de afvoer van het hemelwater geldt het uitgangspunt ‘hydrologisch neutraal ontwikkelen’. Dit houdt in dat het hemelwater dat op daken en verhardingen valt, niet versneld mag worden afgevoerd naar het oppervlaktewater. Voor dit hemelwater geldt de waterkwantiteitstrits (1. is meest wenselijk; 4. het minst wenselijk): 1. Hergebruik van hemelwater; 2. Vasthouden / infiltreren; 3. Bergen; 4. Afvoeren naar oppervlaktewater. De waterhuishoudkundige situatie mag in principe niet verslechteren door uitbreiding van verhard oppervlak. Waterschap Vallei en Veluwe is voorstander van het in de bodem brengen van hemelwater, mits dit niet tot overlast leidt. Hemelwater dat door de aanleg van extra verharding niet kan infiltreren en versneld tot afvoer komt, dient binnen het plangebied te worden vastgehouden. De mogelijkheden voor het vasthouden van hemelwater zijn niet onbegrensd en het waterschap stelt daarom dat het hemelwater conform een neerslaggebeurtenis die eens in de 100 jaar voorkomt in het plangebied vastgehouden moet worden. Daar waar het water het plangebied verlaat, zal worden getoetst aan de landelijke afvoernorm. Normaal gesproken geldt voor stedelijk gebied een algemene afvoernorm van 1,5l/s/ha en bij een T=100 situatie 3l/s/ha.

Echter in de huidige situatie valt het plangebied WA-hoeve niet binnen stedelijk gebied maar binnen een geldende afvoernorm van 0,2l/s/ha (bij T=100 situatie 0,4l/s/ha). Er is dus maar een beperkte afvoer mogelijk op het oppervlaktewater. Verder is het plangebied conform de BOVI2050-visie aangeduid als een gebied waar behoud en versterken van bescherming grondwateraanvulling- en waar buffering van stedelijk hemelwater en grondwater voorop staan. 18 maart 2021

WATERTOETS ONTWIKKELING WA-HOEVE DEN DOLDER

BG9319_T&P_RP_2103181244

3

Projectgerelateerd

Vanuit waterschap Vallei en Veluwe gelden de volgende uitgangspunten bij nieuwe ontwikkelingen: 1. Bij nieuwe lozingen vanaf verhard oppervlak op oppervlaktewater geldt dat de hoeveelheid te lozen water geen nadelig effect mag hebben op het ontvangende watersysteem. 2. Aan het in het eerste lid gestelde wordt in ieder geval voldaan wanneer: a) het verharde oppervlak niet groter is dan 1500 m² in stedelijk en 4000 m² in het buitengebied, of; b) er niet meer dan de plaatselijk geldende landelijke afvoer vanuit het plangebied geloosd wordt, (conform afvoernormenkaart in dit geval 0,2l/s/ha; 2mm/dag) of; c) er een berging van 600m³ per hectare verhard oppervlak wordt gerealiseerd, of; d) het nadelige effect op het watersysteem wordt gecompenseerd, of; e) er geloosd wordt vanaf verhard oppervlak dat hiervoor was aangesloten op het gemengd stelsel (afkoppelen) en het ontvangende oppervlaktewaterlichaam voldoende capaciteit heeft. 3. De in het tweede lid genoemde berging kan o.a. worden gerealiseerd door middel van a. een statische berging met een capaciteit van 600m³ per hectare (oftewel 60mm per m2) afwaterend verhard oppervlak; Dit komt overeen met 87mm in T=100-situatie – 2 x landelijke afvoernorm van 1,5l/s/ha); b. een dynamische berging waarbij rekening wordt gehouden met infiltratie.

De mate van infiltratie waarmee rekening gehouden mag worden, dient door de initiatiefnemer te worden aangetoond. 4. De in het tweede lid onder d genoemde compensatie kan o.a. worden gerealiseerd door het benutten of creëren van overcapaciteit in het ontvangende watersysteem, onder andere door de inzet van stuwconstructies. Bij het bepalen van de toename van verhard oppervlak zijn de volgende punten van belang: • Sportvelden of kunstgrasvelden worden niet als verhard oppervlak aangemerkt; • (Half) Open verharding bij parkeerplaatsen wordt niet als verhard oppervlak aangemerkt; • Vegetatiedaken (met voldoende opvangcapaciteit) worden niet aangemerkt als verhard oppervlak; • Tuinen op particuliere percelen worden voor 50% toegerekend aan verhard oppervlak; Uitgangspunten grondwater Uitgangspunt bij een stedelijke uitbreiding is dat in principe wordt aangesloten bij de huidige grond- en oppervlaktewaterpeilen. Ten gevolge van de inrichting van het betreffende gebied mogen geen negatieve effecten op de omgeving ontstaan (verdroging of vernatting). Daarbij gaat het waterschap uit van de gemiddelde hoogste grondwaterstand (GHG) of representatieve hoogste grondwaterstand (RHG).

Gangbare normen voor de ontwateringdiepte en drooglegging zijn (bron: waterschap Vallei en Veluwe): Voor ontwateringsdiepte • Woningen met kruipruimte 0,7m-mv • Woningen zonder kruipruimte 0,5m-mv • Vloerpeil van woningen 0,3m+mv • Tuinen en openbare groenvoorzieningen 0,5m-mv • Primaire wegen 0,9 – 1,0m • Secundaire wegen + woonstraten 0,7m Drooglegging bij normaal waterpeil 1,0 – 1,2m Het waterschap staat in principe geen nieuwe onderbemalingen (drainage) toe t.b.v. het realiseren van voldoende ontwateringsdiepte bij nieuwbouwprojecten. Grondwateronttrekking t.b.v. bijvoorbeeld bronnering 3000m³/dag of langer dan zes maanden zijn vergunningsplichtig. Minder intensieve onttrekkingen kunnen volstaan met een melding.

18 maart 2021

WATERTOETS ONTWIKKELING WA-HOEVE DEN DOLDER

BG9319_T&P_RP_2103181244

4

Projectgerelateerd

Uitgangspunten berging in oppervlaktewater Om de benodigde bergingscapaciteit te kunnen realiseren wordt uitgegaan van het waterpeil onder normale omstandigheden en het laagst gelegen maaiveld. Bij de maximaal benodigde berging (T=100) mag het peil in het oppervlaktewater stijgen tot 10cm onder het laagst gelegen maaiveld. Daarbij geldt in stedelijk gebied een afvoernorm van 1,5 l/s/ha bij T=10 en 3l/s/ha bij T=100; in ons geval geldt een afvoernorm van 0,2 l/s/ha bij T=10 en 0,4l/s/ha bij T=100. Om de afvoer te kunnen regelen geeft het waterschap de voorkeur aan vaste Vstuwen.

2.3

Beleid gemeente Zeist

Gemeenten hebben de wettelijke taak om het afvalwater en hemelwater in te zamelen en te transporteren op basis van de Wet Milieubeheer. Deze zorgplichten en de nadere invulling daarvan voor de lokale situatie zijn opgenomen in het vGRP 2016 – 2021 van de gemeente Zeist. Het hoogheemraadschap de Stichtse Rijnlanden (HDSR) heeft bij de invulling daarvan deelgenomen. In het vGRP is opgenomen dat de zorgplicht voor het (stedelijk) afvalwater volledig bij de gemeente ligt. De gemeente heeft een resultaatsverplichting om het geproduceerde afvalwater in te zamelen en af te voeren naar een overnamepunt. De ontvangst en zuivering van het door de gemeente ingezamelde (stedelijke) afvalwater vanaf het overnamepunt is de taak van het waterschap. Voor wat betreft de afvoer van het hemelwater is de perceeleigenaar primair verantwoordelijk voor het verwerken van het afstromende hemelwater op eigen terrein. Als van de perceeleigenaar redelijkerwijs niet kan worden vereist dat het hemelwater op of in de bodem of in het oppervlaktewater wordt gebracht zal de gemeente zorgen voor een geschikte voorziening voor de afvoer van het hemelwater, mits dat op een doelmatige manier kan.

Bij nieuwbouw is de initiatiefnemer (projectontwikkelaar, particulier of gemeente) dus verantwoordelijk voor het gescheiden verwerken van hemelwater en het hydrologisch neutraal houden van de effecten van de ruimtelijke ontwikkeling. In lijn met de voorkeursvolgorde voor verwerking van hemelwater streeft de gemeente bij nieuwbouw naar een volledig gescheiden inzameling en verwerking van afval- en hemelwater, zolang de lokale situatie dit toelaat. 1. Zoveel mogelijk verwerken hemelwater op eigen terrein; 2. Overtollig hemelwater gescheiden aanleveren van het vuilwater; 3. Hemelwater waar mogelijk terugbrengen a. in de bodem b. in het watersysteem óf c. in de riolering. In dit geval valt het plangebied buiten de grenzen van HDSR maar binnen de grenzen van waterschap Vallei en Veluwe. Dit heeft geen consequenties voor bovenstaande verantwoordelijkheden. Echter met betrekking tot de afvoer en berging van hemelwater op het watersysteem zullen de eisen en randvoorwaarden van waterschap Vallei en Veluwe gevolgd dienen te worden. Deze zijn vernoemd in paragraaf 2.2. In afstemming met de ontwikkelaar en de gemeente Zeist is afgesproken om voor dit gebied zoveel mogelijk hemelwater te verwerken op eigen perceel. Voor nieuwbouw is afgesproken dat de eerste 35,7mm van een regenbui, vallend op het verhard oppervlak op het perceel, op eigen terrein zelf geborgen/ verwerkt dient te worden.

Voor wat betreft de verantwoordelijkheden met betrekking tot het grondwater: • Perceeleigenaar is primair verantwoordelijk voor tegen gaan van grondwaterlast op eigen terrein. Dit geldt ook voor funderingsproblemen. • De eigenaar moet zorgen dat voldaan wordt aan de bouwkundige regelgeving, o.a. zodat ondergrondse gebruiksruimtes van panden, zoals een kelder of een souterrain, volgens de bouwregelgeving vochtdicht zijn. 18 maart 2021

WATERTOETS ONTWIKKELING WA-HOEVE DEN DOLDER

BG9319_T&P_RP_2103181244

5

Projectgerelateerd

3

Huidige situatie

3.1

Gebiedsbeschrijving

Het huidige plangebied van de Willem Arntsz-hoeve is gelegen ten noordoosten van Den Dolder, ten noorden van de spoorlijn Den Dolder – Baarn en ten oosten van de N238. De noordzijde van het plangebied wordt begrensd door de Dolderseweg. Aan de westzijde valt een deel in het plangebied buiten het plangebied; dit gebied is in eigendom van Utrechts Landschap. In figuur 2 wordt de ligging van het plangebied weergegeven.

Vijverhof Utrechts Landschap

Den Dolder

Plangebied Figuur 2: Ligging plangebied (bron: Globespotter)

Het totale plangebied heeft een oppervlak van ca. 50,9 ha. Het oppervlak van de te ontwikkelen locaties zijn: Historische Midden As (HMA) 7,5ha, Noordelijk ontwikkelveld (NOV) 2,0ha en Zuidelijk ontwikkelveld (ZOV) 6,5ha. Zie voor de ligging van deze locaties verderop in deze rapportage (figuur 11).

3.2

Maaiveldhoogte

In figuur 3 is een overzicht gegeven van de hoogteligging van het maaiveld. Het maaiveld varieert van ca. NAP +7,0m met enkele uitschieters tot ca. NAP +10,0m in het zuiden tot ca. NAP +6,0m in het noorden. In het middengedeelte is het maaiveld op een aantal plaatsen lager gelegen.

18 maart 2021

WATERTOETS ONTWIKKELING WA-HOEVE DEN DOLDER

BG9319_T&P_RP_2103181244

6

Projectgerelateerd

6,2+

6,8+ 6,1+ 5,4+

6,2+

5,5+

6,6+

6,6+

7,1+

10,1+

7,3+

Waarden in m+NAP Figuur 3: Hoogteligging plangebied (bron:AHN-viewer)

3.3

Oppervlaktewater

In en direct rondom het plangebied is geen oppervlaktewater gelegen. Ten noorden van het plangebied is parallel aan de N238 een C-watergang gelegen die is aangesloten op het watersysteem van waterschap Vallei en Veluwe. Het water wordt via de C-watergang en de Praamgracht uiteindelijk afgevoerd op de Eem. Het gebied zelf kan gekarakteriseerd worden als vrij afwaterend hellend zandgebied waarin water middels waterlopen en beken uit het gebied wordt afgevoerd. In figuur 4 is een overzicht gegeven van het huidige watersysteem (bron: legger waterschap Vallei en Veluwe).

18 maart 2021

WATERTOETS ONTWIKKELING WA-HOEVE DEN DOLDER

BG9319_T&P_RP_2103181244

7

Projectgerelateerd

A-watergang B-watergang C-watergang Duiker Plangebied Figuur 4: Huidige watersysteem omgeving plangebied (bron: legger waterschap Vallei en Veluwe)

3.4

Bodemopbouw

Regionale bodemopbouw In figuur 5 is de regionale bodemopbouw weergegeven tot circa 75 meter beneden maaiveld. Het profiel geeft de door TNO onderscheiden lagen aan.

Figuur 5: Bodemopbouw onderzoeklocatie volgens de REGIS II.2 database (Bron: Dinoloket)

18 maart 2021

WATERTOETS ONTWIKKELING WA-HOEVE DEN DOLDER

BG9319_T&P_RP_2103181244

8

Projectgerelateerd

De deklaag is circa 4 meter dik en is opgebouwd uit fijne zanden van de Formatie van Boxtel, lokaal kan de deklaag doorsneden worden door dunne scheidende laagjes. Onder de deklaag wordt het eerste watervoerende pakket aangetroffen. Op basis van de hydrologische karakteristieken kan de ondergrond tot circa NAP -46 meter gekarakteriseerd worden als één watervoerend pakket dat voornamelijk is opgebouwd uit grove zanden. De basis van het eerste watervoerende pakket wordt gevormd door de slecht doorlatende afzettingen van de Formatie van Waalre. De doorlatendheid (Kh) van de deklaag is conform REGIS II.2 database (TNO, 2020) 4,9m/d. Vanaf NAP +2,0m is de doorlatendheid nog groter. De doorlatendheid van de bodem is ruim voldoende om water te infiltreren. In tabel 1 is een overzicht gegeven van de regionale bodemopbouw en de hydraulische karakteristieken Tabel 1: Regionale bodemopbouw en hydraulische karakteristieken (bron: REGIS II.2 database) Diepte * [m+NAP]

Formatie **

Sediment

Doorlatendheid horizontaal (Kh) [m/d]

Weerstand (C) [d]

+6,5 tot +2,0

DEKLAAG (Formatie van Boxtel)

Matig fijne zanden

4,9

-

+2,0 tot -15,0

WVP 1 (Formatie van Drente)

Matig fijne tot grove zanden

32

-

-15,0 tot -27,0

WVP 1 (Gestuwde afzettingen)

Matig fijne tot grove zanden

35***

-

-27,0 tot -46,0

WVP 1 (Formatie van Sterksel)

Matig fijne tot grove zanden

38

-

-46,0 tot -48,0

SDL (Formatie van Waalre)

Fijne zanden, klei

-

150

>-48,0

WVP 2 (Formatie van Peize-Waalre)

Grove zanden

* Gemiddelde diepte ** WVP = watervoerend pakket, SDL = slecht doorlatende laag *** Niet opgegeven, waarde betreft een schatting

Lokale bodemopbouw Tabel 2 geeft de gemiddelde bodemopbouw weer ter hoogte van het plangebied. Op basis van lokale boringen is op te maken dat de deklaag voornamelijk is opgebouwd uit zwak siltige matig fijne zanden. Tot een diepte van circa 3 tot 4 meter kan lokaal een dun leemlaagje worden aangetroffen. De dikte van de deklaag varieert en is maximaal circa 4 meter dik. Onder de deklaag worden matig grove tot zeer grove zanden van de Formatie van Drente aangetroffen. Tabel 2: Lokale bodemopbouw. Diepte [m-mv]

Geohydrologische schematisatie (geologische eenheid)

Samenstelling

0.0 tot 4.0

DEKLAAG (Formatie van Boxtel)

Matig fijne zwak siltige zanden, leemlaagjes

> 4.0

WVP 1 (Formatie van Drente)

Matig grove tot zeer grove zanden

3.5

Grondwater

Om meer inzicht te krijgen in de freatische grondwaterstanden en de stijghoogten in het eerste watervoerende pakket is het digitale archief van TNO (DINO) geraadpleegd. Aangezien zowel de deklaag als het eerste watervoerende pakket sterk zandig zijn ontwikkeld, kan aangenomen worden dat de stijghoogten in het eerste watervoerende pakket representatief zijn voor de freatische grondwaterstanden. Figuur 6 geeft de situering van vier TNO peilbuizen die zijn uitgerust met een filter in het eerste watervoerende pakket. De hydrologische karakteristieken van de peilbuizen zijn weergegeven in tabel 3.

18 maart 2021

WATERTOETS ONTWIKKELING WA-HOEVE DEN DOLDER

BG9319_T&P_RP_2103181244

9

Projectgerelateerd

Figuur 6: Situering TNO peilbuizen Tabel 3: Hydrologische karakteristieken peilbuizen Peilbuis

Situering filter

Maaiveldhoogte [m+NAP]

Filterstelling [top/basis m+NAP]

Gem. grondwaterstand [m+NAP]

GHG* [m+NAP]

B32C0427

WVP 1

7,44

+2,93/+1,43

2,64

2,94

B32A0439

WVP 1

6,02

-4,05/-6,05

2,55

3,04

B32C0573

WVP 1

-

-11,50/-31,50

2,44

2,90

B32C0418

WVP 1

5,14

-3,20/-5,20

2,52

3,05

*GHG = gemiddeld hoogste grondwaterstand

Figuur 7 geeft de gereconstrueerde isohypsenpatronen weer voor een gemiddelde hydrologische situatie en een gemiddeld hoogste grondwaterstand (GHG). Te zien is dat het grondwater in westelijke richting stroomt en dat de gemiddelde grondwaterstand circa NAP +2,55m bedraagt. De gemiddeld hoogste grondwaterstand (GHG) bedraagt circa NAP +3,05m. Isohypsenpatroon gemiddelde grondwaterstand in m+NAP

Isohypsenpatroon GHG in m+NAP

Figuur 7: Gereconstrueerde isohypenpatronen bij gemiddelde grondwaterstand en GHG (gemiddeld hoogste grondwaterstand)

18 maart 2021

WATERTOETS ONTWIKKELING WA-HOEVE DEN DOLDER

BG9319_T&P_RP_2103181244

10

Projectgerelateerd

In het plangebied kunnen de grondwaterstanden sterk variëren. De maximaal gemeten grondwaterstand bedraagt circa NAP +3,7m. Deze grondwaterstand is ca. 0,7m hoger dan de GHG. Om meer inzicht te krijgen in de ontwateringsdiepte en daarmee de potentie van lokale infiltratie van regenwater is het maaiveldniveau afgezet tegen de gemiddeld hoogste grondwaterstand en een extreem hoge grondwaterstand. De berekende ontwateringsdiepten zijn weergegeven in figuur 8 en 9. Uit figuur 8 is op te maken dat gedurende de GHG de ontwateringsdiepte bijna overal in het plangebied minimaal 2,5m bedraagt. Dit geldt ook voor grote delen van het plangebied gedurende extreem hoge grondwaterstanden. Op basis van de berekende ontwateringsdiepte, en gezien het zandige goed doorlatende karakter van de ondergrond, wordt lokale infiltratie binnen het plangebied kansrijk geacht.

Figuur 8: Ontwateringsdiepte bij een gemiddeld hoogste grondwaterstand (GHG). Waarden in meters

18 maart 2021

WATERTOETS ONTWIKKELING WA-HOEVE DEN DOLDER

BG9319_T&P_RP_2103181244

11

Projectgerelateerd

Figuur 9: Ontwateringsdiepte bij een extreem hoge grondwaterstand (NAP +3.7 meter). Waarden in meters

Het plangebied valt niet binnen een grondwaterbeschermingsgebied of waterwingebied.

3.6

Riolering

In de huidige situatie wordt zowel het vuilwater als een deel van het regenwater afgevoerd via een gemengd rioleringsstelsel. Deels is het hemelwater afkomstig van het verhard oppervlak aangesloten op het gemengde stelsel; het andere deel stroomt af naar groene bermen of laaggelegen gebieden en infiltreert in de bodem. Er wordt vanuit gegaan dat de daken van de bestaande gebouwen zijn aangesloten op het gemengde stelsel. Naast de afvoer vanuit het plangebied wordt ook vuil- en regenwater afgevoerd vanuit de ten noorden gelegen woonwijk en vanuit de gebouwen van zorgorganisatie Reinaerde. Het gemengde stelsel is privé-eigendom en niet in beheer bij de gemeente Zeist. De gemengde riolering (buizen van ø200mm oplopend tot ø800mm) voert het vuilwater onder vrijverval af naar een pompput gelegen aan de zuidwestzijde van het plangebied. Er zijn geen hoogtegegevens (b.o.b.’s) bekend van de leidingen. Middels een persleiding met een afmeting van ø160mm en ø200mm wordt het vuilwater momenteel verpompt naar het bestaande gemeentelijke stelsel (kruising Dolderseweg/Pleineslaan). In figuur 10 is een overzicht gegeven van de bestaande riolering in het plangebied.

18 maart 2021

WATERTOETS ONTWIKKELING WA-HOEVE DEN DOLDER

BG9319_T&P_RP_2103181244

12

Projectgerelateerd

Aansluiting vanuit: - woonwijk ten noorden van WA-Hoeve - Gebouwen zorgorganisatie Reinaerde

Pompgemaal

Persleiding ø160mm

Persleiding gemeente ø200mm

Put gemeente op kruising Dolderseweg/Pleineslaan

Gemengde riolering (privé-eigendom) Verharding aangesloten op gemengde riolering Plangrens Figuur 10: Huidige situatie bestaande riolering in het plangebied

18 maart 2021

WATERTOETS ONTWIKKELING WA-HOEVE DEN DOLDER

BG9319_T&P_RP_2103181244

13

Projectgerelateerd

4

Toekomstige situatie (effecten en maatregelen)

4.1

Beschrijving plan

BPD Ontwikkeling BV heeft het voornemen om het voormalige psychiatrisch zorgcomplex Willem Arntzs-hoeve (WA-hoeve) te herontwikkelen. Monumentale panden op het complex komen leeg te staan en worden in het nieuwe plan herbestemd. Verder zal deels het terrein worden herontwikkeld voor woningbouw. Het plangebied zal gefaseerd ontwikkeld gaan worden. Het gebied is onderverdeeld in meerdere deelgebieden: de Historische Midden As (HMA) en het Noordelijk en Zuidelijk ontwikkelveld. De ontwikkeling van de Altrecht locatie valt vooralsnog buiten het plangebied en is niet meegenomen in deze watertoets. In figuur 11 is een overzicht gegeven van de deelgebieden in het plangebied.

Historische Midden As (HMA)

Noordelijk ontwikkelveld (NOV)

Altrecht locatie

Zuidelijk ontwikkelveld (ZOV)

Figuur 11: Overzicht deelgebieden WA-hoeve. Altrecht locatie valt buiten plangebied

In figuur 12 is een overzicht gegeven van de toekomstige plankaart van het gebied. In de HMA wordt naast de woningen (59 stuks) in de bestaande gebouwen een 10-tal extra woningen gebouwd. In het Noordelijk ontwikkelveld worden 33 woningen gerealiseerd; 115 woningen worden in het Zuidelijk ontwikkelveld ontwikkeld.

18 maart 2021

WATERTOETS ONTWIKKELING WA-HOEVE DEN DOLDER

BG9319_T&P_RP_2103181244

14

Projectgerelateerd

Plangebied

Eigendom Utrechts Landschap Niet in eigendom Figuur 12: Overzicht toekomstige plankaart WA-hoeve

4.2

Toekomstig peil

Gelet op de inrichting waarbij bestaande bomen en begroeiing zoveel mogelijk worden behouden en waarbij naast nieuwe te bouwen woningen, monumentale panden worden herbestemd, zal de bestaande maaiveldhoogte zoveel mogelijk worden gehandhaafd. Verder is er, gelet op de grondwaterstanden bij een gemiddelde hoogste grondwaterstand, voldoende ontwateringsdiepte aanwezig. Het plangebied wordt zodanig ingericht dat geen probleemlocaties wordt verwacht bij intensieve regenval.

4.3

Vuilwaterafvoer

In de toekomstige situatie wordt het vuilwater gescheiden ingezameld van het hemelwater afkomstig van daken en verhardingen. Vanaf de perceelsgrens heeft de gemeente een resultaatsverplichting om het geproduceerde afvalwater in te zamelen en af te voeren naar een overnamepunt met het waterschap. Deze ontvangt en zuivert het vuilwater vervolgens. Aangezien deels bestaande en gehandhaafde panden worden herbestemd, wordt naast vuilwaterafvoer van nieuwe woningen ook het vuilwater van deze panden gescheiden ingezameld van het hemelwater. Middels één of meerdere pompgemalen wordt het vuilwater van de verschillende deelgebieden in afstemming met de gemeente aangeboden op het gemeentelijk rioleringsstelsel.

18 maart 2021

WATERTOETS ONTWIKKELING WA-HOEVE DEN DOLDER

BG9319_T&P_RP_2103181244

15

Projectgerelateerd

Bij de verdere uitwerking van het plan wordt daarbij rekening gehouden met de afvoer van de woningen aan de noordzijde van het plangebied en de afvoer van de zorginstelling Reinaerde. Beide afvoeren zijn momenteel aangesloten op het bestaande gemengde stelsel in het plangebied. In overleg met de gemeente is bepaald dat de bestaande riolering in de toekomst niet wordt hergebruikt als vuilwaterriool.

4.4

Hemelwaterafvoer

Bij nieuwbouw is de initiatiefnemer (projectontwikkelaar, particulier of gemeente) verantwoordelijk voor het gescheiden verwerken van hemelwater en het hydrologisch neutraal houden van de effecten van de ruimtelijke ontwikkeling. Gezien de groene uitstraling van de nieuwe inrichting en het gebrek aan oppervlaktewater in de nabije omgeving van het plangebied, is het plan om al het hemelwater op te vangen, te bergen en uiteindelijk te infiltreren in de bodem van natuurlijke laagten binnen (en eventueel net buiten) het plangebied. Het watersysteem krijgt daarbij geen uitlaat op het watersysteem van waterschap Vallei en Veluwe. Inzet van natuurlijke laagten in eigendom van Utrechts Landschap is daarbij een optie. Utrechts Landschap heeft aangegeven positief te staan tegenover het beperkt creëren/gebruiken van huidige laagten in eigendom van Utrechts Landschap. Wel zal bij de verdere uitwerking van het plan nadere afspraken gemaakt dienen te worden met betrekking tot instandhouding/beheer en de eigendomsoverdracht van betreffende percelen. Zowel de gemeente als het waterschap hebben verder de voorkeur om hemelwater zoveel mogelijk te verwerken op eigen terrein en waar mogelijk hemelwater terug te brengen in de bodem.

Aansluitend op deze visie wordt de eerste 35,7mm van een regenbui vallend op het verhard oppervlak van de nieuwbouw-percelen, opgevangen en verwerkt op het eigen perceel. Het eventuele resterende deel van de regenbui afkomstig van de percelen zal afgevoerd worden naar het openbaar gebied. Voor wat betreft de te handhaven bestaande bebouwing is het voornemen om de daken af te koppelen van de gemengde riolering. Dit hemelwater zal samen met het hemelwater afkomstig van de verhardingen in het openbaar gebied, zoveel mogelijk bovengronds met behulp van molgoten afgevoerd worden richting de natuurlijke laagten/infiltratiezones. Indien bovengrondse afvoer niet mogelijk is, dan zal het hemelwater ondergronds afgevoerd worden naar de bergingen/infiltratiezones.

4.5

Benodigde compensatie waterberging

Aangezien het hemelwater binnen het plangebied (of net daarbuiten) geborgen en geïnfiltreerd wordt, is de compenserende beleidsregel voor extra verhard oppervlak vanuit het waterschap hier niet van toepassing. Er vindt namelijk geen afvoer van hemelwater plaats naar het watersysteem van het waterschap. Er dient echter wel voor gezorgd te worden dat hemelwater niet tot overlast leidt binnen en buiten het plangebied. Gezien de klimaatontwikkelingen nemen de buien toe in intensiteit. Binnen het plangebied dient er daarom voldoende bergingsruimte voor water gereserveerd te worden. Om deze reden worden voor dit plangebied toch de algemene beleidsregels van het waterschap gehanteerd waarin een compenserende waterberging van 600m3 per hectare verhard oppervlak (60mm) wordt voorgeschreven. Hiervan zal bij nieuwbouw, zoals afgesproken met de gemeente en waterschap, de eerste 35,7mm van een regenbui opgevangen en verwerkt worden op het eigen perceel.

18 maart 2021

WATERTOETS ONTWIKKELING WA-HOEVE DEN DOLDER

BG9319_T&P_RP_2103181244

16

Projectgerelateerd

Deze waterberging kan ingevuld worden met een statische berging of een dynamische berging waarbij rekening wordt gehouden met infiltratie. Gelet op de bodemopbouw (4m deklaag fijne zanden), de hoge doorlatendheid (Kh) van 4,9m/d plangebied en een GHG van circa NAP +3,05m (2,5m tot 3m-mv), is infiltratie in dit gebied zeer goed mogelijk. Om in deze fase van de planontwikkeling inzicht te krijgen of er in de natuurlijke laagten binnen het plangebied voldoende bergingscapaciteit aanwezig is, wordt in eerste instantie gekeken naar de beschikbare bergingscapaciteit zonder dat de infiltratiecapaciteit daarin is meegenomen. Hierbij wordt meegenomen dat de hemelwaterafvoer zoveel mogelijk bovengronds afgevoerd kan worden naar de natuurlijke laagten. Om de benodigde compensatie te bepalen is inzicht nodig in de verharde oppervlakken in de toekomstige situatie. Hieronder vallen naast de toekomstige verhardingen en dakoppervlakken van de nieuwbouw, ook de dakoppervlakken van de te handhaven bestaande gebouwen. Aangezien er geen afvoer van hemelwater plaatsvindt naar het watersysteem van het waterschap Vallei en Veluwe, wordt voor de benodigde waterberging gerekend met het totale toekomstige verhard oppervlak. Niet meegenomen als toekomstig verhard oppervlak zijn de halfverharde voetpaden in het plangebied.

Dit geldt ook voor de bestaande gebouwen en verhardingen die niet in eigendom zijn bij BPD Ontwikkeling; binnen deze ontwikkeling worden deze verhardingen in eerste instantie niet afgekoppeld (zie figuur 12, blauwe vlakken). In tabel 3 is een overzicht gegeven van de toekomstige verhardingen per deelgebied binnen het plangebied. Voor de tuinen van de nieuwe woningen is daarbij uitgegaan van percentage van 50% verhard oppervlak (conform beleidsregels waterschap Vallei en Veluwe). In bijlage 1 is een tekening opgenomen met een overzicht van de toekomstige verhardingen binnen het plangebied. Tabel 3: Overzicht toekomstige verhardingen per deelgebied binnen plangebied Historische Midden As Verhard oppervlak [m2]

Noordelijk ontwikkelveld Verhard oppervlak [m2]

Zuidelijke ontwikkelveld Verhard oppervlak [m2]

Bestaande bebouwing

5.440

1.070

-

Verhard uitgeefbaar terrein waarvan: • dakoppervlak • verhard*

3.515

9.105

13.320

1.330 2.185

3.440 5.665

7.295 6.025

Verharding

15.740

5.040

13.265

Totaal verhard

24.695

15.215

26.585

*Conform beleidsregels waterschap Vallei en Veluwe is een percentage van 50% gehanteerd voor verharding tuinen nieuwe woningen.

In tabel 4 is een overzicht gegeven van de benodigde berging op basis van de toekomstige verharding. Hierbij is geen rekening gehouden met infiltratie van hemelwater in de ondergrond. In de tabel is een onderverdeling gemaakt in de benodigde berging op eigen terrein (35,7mm) en benodigde berging in het openbaar gebied. In de tabel is te zien dat er voor het deelgebied Historische Midden As een totale berging benodigd is van 1.485m3 waarvan 125m3 op eigen terrein gerealiseerd dient te worden. Voor het Noordelijk ontwikkelveld is een totaal benodigde berging berekend van 915m3 waarvan 325m3 op eigen terrein gerealiseerd dient te worden; voor het Zuidelijk ontwikkelveld is een totale berging benodigd van 1.595m3 (waarvan 475m3 op eigen terrein).

18 maart 2021

WATERTOETS ONTWIKKELING WA-HOEVE DEN DOLDER

BG9319_T&P_RP_2103181244

17

Projectgerelateerd

Tabel 4: Overzicht benodigde statische berging per deelgebied binnen plangebied Historische Midden As (HMA)

Noordelijk ontwikkelveld (NOV)

Zuidelijk ontwikkelveld (ZOV)

Toekomstige verharding

24.695 m2

15.215 m2

26.585 m2

Benodigde berging op eigen terrein (35,7mm)*

125 m3

325 m3

475 m3

Benodigde berging openbaar gebied • bestaande bebouwing (60mm) • Uitgeefbaar terrein (24,3mm)** • Openbare verharding (60mm) Totaal openbaar gebied

325 m3 85 m3 950 m3 1.360 m3

65 m3 220 m3 305 m3 590 m3

0 m3 325 m3 795 m3 1.120 m3

Totaal benodigde berging (T=100)

1.485 m3

915 m3

1.595 m3

*betreft het verhard oppervlak uitgeefbaar terrein x 35,7mm; eerste deel van de regenbui wordt op eigen terrein geborgen.

**betreft het verhard oppervlak uitgeefbaar terrein x 24,3mm; resterende deel van regenbuien > 35,7mm worden afgevoerd op openbaar gebied.

4.6

Beschikbare waterberging

Gelet op de toekomstige inrichting heeft het de voorkeur om bij de invulling van de benodigde waterberging in dit plangebied zoveel mogelijk gebruik te maken van bestaande natuurlijke laagten danwel gegraven laagten daar waar mogelijk en wenselijk. De invulling van de waterberging ten behoeve van de Historische Midden As (HMA) en het Noordelijk ontwikkelveld (NOV) zijn daarbij samen bekeken. De benodigde waterberging in de openbare ruimte van deze twee gebieden is 1.950m3 (zie tabel 4). In figuur 13 is het principe van de hemelwaterafvoer en de laagten/bovengrondse bergingen in deze deelgebieden weergegeven. Het hemelwater wordt zoveel mogelijk bovengronds afgevoerd. Indien bovengrondse afvoer niet haalbaar is (transportafstand >50m), wordt naar ondergrondse afvoeroplossingen gezocht. Voor wat betreft de inzet van de laagten 7 en 12 (in eigendom van Utrechts Landschap) als waterberging is reeds afstemming geweest met Utrechts Landschap. Zij hebben aangegeven open te staan voor gebruik van deze locaties als waterberging bij intensieve regenbuien. Verder wordt voor de berging van hemelwater een bestaande laagte met een ondergrondse bergingsvoorziening ingezet (laagte 8) en is het voorstel om op één locatie een laagte aan te brengen (laagte 11).

18 maart 2021

WATERTOETS ONTWIKKELING WA-HOEVE DEN DOLDER

BG9319_T&P_RP_2103181244

18

Projectgerelateerd

1 12

4

3

niet in eigendom

5

10 2

7

niet in eigendom

11

6

8

Bestaande laagte Bestaande laagte gelegen in Utrechts Landschap Laagte mogelijk, nog aan te brengen Bestaande laagte met ondergrondse voorziening Deels bovengronds en deels ondergrondse afvoer (>50m) Ondergrondse verbinding

9

Figuur 13: Principe hemelwaterafvoer HMA en NOV naar natuurlijke- of gegraven laagten/bovengrondse bergingen

In tabel 5 is een overzicht gegeven van de beschikbare waterberging in de bestaande natuurlijke laagten. Hierbij is gerekend met een maximale vulling van de berging tot 20cm-het laagste maaiveld in het afvoerend gebied of, indien lager gelegen, een maximale vulling tot 20cm- de laagste dorpelhoogte van de bestaande bebouwing. De beschikbare berging in de nog te ontgraven laagte 11 is in eerste instantie nog niet meegenomen in dit overzicht. Hetzelfde geldt voor de bestaande laagte en de nog te graven laagte 9; gelijk aan laagte 11 lijken beiden in eerste instantie niet nodig voor de invulling van waterberging. Tabel 5: Overzicht beschikbare waterberging in bestaande laagte in en net buiten plangebied t.b.v. HMA en NOV Laagte, zie figuur 13

Berging in laagte [m3] *

Berging in laagte tot [m+NAP]

1

In 1ste instantie niet meegenomen

-

Inzet bestaande laagte lijkt in eerste instantie niet nodig voor waterberging

2

1.100

5,6

Bestaande laagte

3

1.345

5,6

Bestaande laagte

4

455

5,3

Bestaande laagte

5

390

5,4

Bestaande laagte

6

900

5,0

Bestaande laagte

7

770

6,6

Bestaande laagte in eigendom van Utrechts Landschap

18 maart 2021

Opmerkingen

WATERTOETS ONTWIKKELING WA-HOEVE DEN DOLDER

BG9319_T&P_RP_2103181244

19

Projectgerelateerd

Laagte, zie figuur 13

Berging in laagte [m3] *

Berging in laagte tot [m+NAP]

Opmerkingen

8

345 **

5,7

Bestaande laagte

9

In 1ste instantie niet meegenomen

-

Nog te graven laagte; inzet lijkt in eerste instantie niet nodig voor waterberging

10

60

6,6

Bestaande laagte

11

Nog nader in te vullen

Nog nader in te vullen

Nog te graven laagte

12

265

5,7

Bestaande laagte in eigendom van Utrechts Landschap

Totaal beschibare berging

5.630

Benodigde waterberging

1.915

* gerekend met een maximale vulling van de berging tot 20cm-het laagste maaiveld in het afvoerend gebied of, indien lager gelegen, tot een maximale vulling van 20cm- de laagste dorpelhoogte. **berging inclusief ondergrondse voorziening (ø4000mm, 1,5m hoog)

Totaal is er in de deelgebieden HMA en NOV een bestaande berging beschikbaar van 5.630m3 (berging in laagte 1, 9 en 11 hierin nog niet meegenomen). Aangezien de bergingslocaties over de deelgebieden HMA en NOV zijn verdeeld, is afvoer vanuit verschillende hoeken van het plangebied mogelijk naar de locaties. Uitgaande van een benodigde berging in het openbaar gebied van 1.950m3 is er voldoende waterberging beschikbaar in de deelgebieden HMA en NOV. Gelet op de bodemopbouw, de hoge doorlatendheid en de GHG binnen het plangebied, is zoals eerder aangegeven infiltratie zeer goed in dit gebied. Verwachting is dat de waterbergingen voor de volgende intensieve bui weer beschikbaar zijn. Ook voor het Zuidelijke ontwikkelveld (ZOV) wordt berging gevonden in natuurlijke laagten aangevuld met te graven laagten. In figuur 14 is een overzicht gegeven van de waterbergingslocaties in dit deelgebied. In totaal is er voor dit deelgebied 1.120m3 aan waterberging in het openbaar gebied benodigd. Verwacht wordt dat er gelijk aan de deelgebieden HMA en NOV voldoende waterberging beschikbaar is in de omgeving. Aangezien deelgebied ZOV nog in ontwikkeling is, zal de nadere uitwerking van de beschikbare waterberging in een latere fase bepaald dienen te worden.

18 maart 2021

WATERTOETS ONTWIKKELING WA-HOEVE DEN DOLDER

BG9319_T&P_RP_2103181244

20

Projectgerelateerd

``

Bestaande laagte Laagte mogelijk, nog aan te brengen Deels bovengronds en deels ondergrondse afvoer (>50m) Figuur 14: Principe hemelwaterafvoer ZOV naar natuurlijke- of gegraven laagten/bovengrondse bergingen

Aandachtspunt bij de verdere uitwerking van de hemelwaterafvoer en bovengrondse bergingen is dat bij hevige buien naastgelegen percelen geen wateroverlast mogen ondervinden. De inrichting van het plangebied moet zodanig uitgewerkt worden dat het water van de woningen en percelen afstroomt.

4.7

Hydrologische gevolgen grondwater

Er worden geen effecten anders dan aanvulling van het grondwater verwacht bij de uitvoering van deze ontwikkeling. De gemiddelde grondwaterstand ligt in de huidige situatie op ca. NAP +2,55m (3 tot 3,5m-mv). Aanvulling van het grondwater zal geen nadelige gevolgen hebben voor de ontwateringsdiepte van de huidigemaar ook toekomstige bebouwing. De benodigde ontwateringsdiepte woningen met kruipruimte is 0,7m; voor rijbanen is een ontwateringsdiepte van ca. 1m benodigd. Op locaties waar actief geïnfiltreerd wordt, dient de ondergrond voorafgaand gecontroleerd te worden op storende lagen. Indien nodig dienen deze verwijderd danwel doorbroken te worden om stagnatie te voorkomen.

4.8

Waterkwaliteit

In de toekomstige situatie wordt het hemelwater van daken en verhardingen gescheiden ingezameld van het vuilwater en aangesloten op de waterbergingen/infiltratiezones binnen het plangebied. Verwacht wordt dat het hemelwater afkomstig van de daken en verhardingen relatief schoon is. Alleen het hemelwater afkomstig van balkons (vervuild schrobwater) wordt in verband met mogelijke verontreiniging aangesloten op het vuilwaterstelsel. De verhardingen van terrassen van de woningen kunnen direct afwateren in het groen in de tuin. Een eventueel schrobputje is alleen bedoeld voor vervuild water. Toekomstige bewoners moeten zich hiervan bewust zijn.

18 maart 2021

WATERTOETS ONTWIKKELING WA-HOEVE DEN DOLDER

BG9319_T&P_RP_2103181244

21

Projectgerelateerd

5

Afspraken en contacten

5.1

Afspraken en overleg

Hieronder de afspraken en gevoerd overleg met de contactpersonen: • 28 mei – 22 juni 2020 contact met waterschap Vallei en Veluwe: Het plan is kort toegelicht en uitgangspunten waterschap zijn hierbij besproken. Indien het verhard oppervlak in stedelijk gebied groter is dan 1500m2 en in buitengebied groter dan 4000m2, dan dient een compenserende waterberging van 600m3 per hectare verhard oppervlak (60mm) te worden aangebracht. Deze beleidsregel geldt als het hemelwatersysteem vanuit het plangebied een lozingspunt heeft op het watersysteem van het waterschap. Indien al het hemelwater op eigen terrein geborgen en geïnfiltreerd wordt, zijn er geen compenserende maatregelen vanuit het waterschap benodigd. Echter dient er wel voor gezorgd te worden dat hemelwater niet tot overlast zorgt binnen het plangebied maar zeker ook niet buiten het plangebied. • 23 september 2020 overleg met gemeente Zeist: De uitgangspunten met betrekking tot waterhuishoudkundige aspecten (hemelwaterafvoer, vuilwaterafvoer, grondwater, waterberging) zijn in dit overleg besproken en aangevuld door de gemeente. Afgesproken is dat de eerste 35,7mm van een regenbui vallend op het eigen terrein van de nieuwbouwpercelen, op eigen terrein geborgen en verwerkt dienen te worden.

• Overleg en veldbezoek (23 november 2020) met Utrechts Landschap: Samen met de heer Feijen van Utrechts Landschap is een veldbezoek uitgevoerd om op locatie de mogelijkheden voor waterberging/ infiltratiezones te bekijken en of inzet van nabij gelegen huidige laagten in eigendom van Utrechts Landschap daarbij een mogelijkheid is. Utrechts Landschap staat positief tegenover het beperkt creëren/gebruiken van huidige laagten welke in eigendom zijn van Utrechts Landschap. Bij de verdere uitwerking van het plan dienen nadere afspraken gemaakt te worden met betrekking tot instandhouding/beheer en de eigendomsoverdracht.

5.2

Contactpersonen

Gemeente Zeist Henk ter Steeg Telefoon: 06 – 24 77 15 99 Email: h.ter.steeg@zeist.nl Waterschap Vallei en Veluwe Evert Jansen Telefoon: 055 – 527 29 11 Email: EJansen@Vallei-Veluwe.nl Utrechts Landschap Markus Feijen (ecoloog) Afdeling Beleid en Planvorming Telefoon: 030 – 220 55 55 Advies- en ingenieursbureau Royal HaskoningDHV Hilde van Daal (Adviseur Stedelijk Water) Adviesgroep Watermanagement, Eindhoven Telefoon: 088 – 34 88 960 Email: hilde.van.daal@rhdhv.com

18 maart 2021

WATERTOETS ONTWIKKELING WA-HOEVE DEN DOLDER

BG9319_T&P_RP_2103181244

22

Bijlage 1 Tekening toekomstige verhardingen

1

3

4

5

6

7

8

9

10

11

13

12

14

15

16

17

18

19

20

21

22

24

23

ew eg

Veldweg

Kapelweg

2

Do ld

er s

vtbk

A

A

De nn en da lw eg

Nie u

we

hm

B

B

vt bk

hm

hm

C

C

6

k

4

vb

2

7 5

vt

bk

hm

D

D

hm

8

h

9

vb vb

vb

vb vb k

vb

vb

k vb vb

straat

E

10

vb vb

vb

k

E

11

k

k

vb vt

vb bk vt k

vb hm vb

vri vri

hm

k

bk ABRI h

vb vb

F

F

bk

vb vb vb

CiCtitrro oCiteeronnenvvlilindlinernd der

vt

plaats vb

er

k

Citroenvlind

wl vtvt wl

r

bk

k

vb bk

k

k

k

r

k

k

hm

G

G vt

k

k

k k vb

cai

k r

k k bk k

EEikikeenpaag gee Eikenpa

vt

Eikenpage

ge

0

bk

20

40

60

120

bk

k

vb

H

gas

H

k hm

vb

k

bk

vb

VuuVuurvlind rvliner der

VVu uuurrvlindde er r

r

k

k

k vb vb

k

k

k

bk

k vb vb k

vb vb

gas

vb

Distelvl inde

k

vb

J

bk

r

J

DDisisttDieestel llvvlliinin de nrddeer r

r

vb

vb

gas

vt

vb

r k

bk bk

g uwwoooog DDaaggppa

bk

woog Dagpau og

Dagpauwo

bk

vb

k

gas vt hm

k

bk

bk

vb k

vb vb

gas

u DDaaggppa

woog Dagpau og

Dagpauwo

vb

K

vb

vb

isslaan

Mevrouw Inden-Re

S Ab van

r prakelaa

laan

Ab van Spr akelaarlaa

n

k

K

r

bk

r

eisslaan Inden-R Mevrouw

g

uwwoooog

gas vt

k k

k

vb

k

vb

Meester

r

r

vt bk

k k

Lasteriela

k

Ko van Mil-

DiDsi

Dist elvl

ind

er

laarlaan Ab van Sprake

an

L

stteDeist llevlvlilnide nnrdd eer r

k

k

bk k

L

vt r

wl

r vb

laan

vb

hm

Meester Willemsenlaa

k

hm

wl

k cai vb

bk

r vb r

n vb

Pater Weijersplein

Overeemlaa Zuster van

M

aan r Hoevenl

Dr. Van de

n

vb

M vb

Dolderseweg

Legenda

vt wl

Grens deelgebieden

vb

vb

vb k

hm

v

Dr. Van der

vb

Nummering deelgebieden

vb

k vb

straat vb hm

Tuin (excl. Bouwvak)

k

Hoevenlaan

N

8

k

vb

vb vb vb

k

N

plaats vb k k

Bestaande bebouwing

vb

vb

k

r

vb

vb r

k vb

Nieuwe bebouwing

plaats vb

vb

k

Pleineslaan

Verharding wegen Verharding fietspad Pleineslaan

Verharding trottoir cai

P

P

Voetpad halfverhard hm

lle m

Dokter J.C. Bo

Co

xla

Verharding parkeren

an

laan

e hes

Water

n For

swijklaan

vb

Dolderseweg

Bouwvakken n

50m

ina elm

2.0

Jeltje en woningen zuidoost HMA toegevoegd

1.0

Eerste uitgave

versie

omschrijving

16-03-2021 10-11-2020 getekend

gecontroleerd

akkoord

Q

datum

Wi lh

De lta pa d

Co xla a

n elaa

ierlaan

BPD Ontwikkeling B.V.

Hind

Wi lle m

vb

n project

WA-Hoeve Den Dolder tel

Dr. Ramaerlaan lta

pad

aan Dr. Stärckel

Dr.

De

hm

HaskoningDHV Nederland B.V. Transport & Planning

Watertoets

n For

Hind

documentstatus

n elaa

swijklaan

Dokter J.C. Bo

an

rdla

3

R

omschrijving

n elaa hes

elha Eng

2

37.5

opdrachtgever

Zuidelijk Ontwikkelveld

vb vri

1

25

hm

vb

R

12.5

en laa Es s n

vb

va

Q

Johannes W

0

vb

Definitief formaat

A0

k k k

4

5

6

7

8

9

10

11

schaal

12

13

14

15

16

17

18

19

20

1:1250

21

fase

onderzoek

22

bladnr.

van

1

1

documentversie

2.0

projectnummer / tekeningnummer

BG9319-VW-HN-DR-C002

23

24

Filename : C:\Users\904874\Box\BG9319 WAH Den Dolder\BG9319 Team\BG9319 Technical Data\900 CAD\02 VO\02 Kaders\BG9319-RHD-VW-HN-DR-C-0002-verharding nieuw.dwg

Wi

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16972675/1