RV26.001 rv Juridisch formaliseren van de samenwerking Regio Zuid Oost Utrecht (ZOU)
Tekst van het document
RAADSVOORSTEL Juridisch formaliseren van de samenwerking Regio Zuidoost-Utrecht (ZOU); definitief besluit
Portefeuillehouder:
Walter van Dijk
Ontvangst griffie
Opsteller:
M. van Hal
Ronde Tafel
Zaak/stuknummer:
988604/RV26.001
Debat
Besluit college:
16-12-2025
Raadsvergadering
18 december 2025
3 maart 2026
Onderwerp Juridisch formaliseren van de samenwerking Regio Zuidoost-Utrecht (ZOU); definitief besluit
Doel van het voorstel De gemeenten Bunnik, De Bilt, Utrechtse Heuvelrug, Wijk bij Duurstede en Zeist werken bij (onder andere) de inkoop en het contractmanagement van Jeugdzorg en Wmo al sinds de decentralisaties in 2015 samen. Naar aanleiding van nieuwe wetgeving hebben de vijf colleges in oktober/november aan hun gemeenteraden gevraagd om zienswijzen op een voorgenomen besluit om voor de samenwerking een Centrumregeling zoals vastgelegd in de Wet gemeenschappelijke regelingen te treffen. Dit voorstel is de tweede stap in het proces, de raden worden gevraagd definitief toestemming te verlenen, waarna de colleges daadwerkelijk kunnen overgaan tot het treffen van een Centrumregeling. Daarnaast, zoals aangekondigd bij het voorgenomen besluit (RV25.053), is de afgelopen maanden in een parallel traject ook oriënterend gesproken over een ‘tweede trap’: een (mogelijk) uitgebreidere en robuustere samenwerking op middellange termijn. Als gevolg hiervan hoort bij dit voorstel ook een oriënterend afwegingskader en handelingsperspectief voor deze eventuele doorontwikkeling. Dit alles is vervat in bijgaand rapport ‘Een gedeeld kompas voor de toekomst’. Waar mogelijk worden de adviezen daaruit al het komend jaar betrokken bij de uitwerking en implementatie van de Centrumregeling en bijbehorende onderliggende documenten.
Ook zijn door de colleges bij het rapport enkele aandachtspunten expliciet benoemd en in dit voorstel verwerkt.
Voorgesteld besluit 1. Toestemming te geven aan het college om de Centrumregeling Sociaal Domein Regio Zuidoost-Utrecht te treffen. 2. Het rapport ‘Een gedeeld kompas voor de toekomst’ te betrekken bij de verdere doorontwikkeling van de regionale samenwerking.
Besluit Raad
Inhoud (korte samenvatting) De gemeenten Bunnik, De Bilt, Utrechtse Heuvelrug, Wijk bij Duurstede en Zeist werken bij (onder andere) de inkoop en het contractmanagement van Jeugdzorg en Wmo al sinds de decentralisaties in 2015 samen. Naar aanleiding van nieuwe wetgeving (Wet gemeenschappelijke regeling) wordt met dit voorstel voorgelegd om voor de samenwerking een Centrumregeling te treffen (afronding ‘eerste trap’). Daarnaast hoort bij dit voorstel ook een oriënterend afwegingskader en handelingsperspectief voor een eventuele doorontwikkeling van de regionale samenwerking op middellange termijn (de ‘tweede trap’). Dit alles is vervat in bijgaand rapport ‘Een gedeeld kompas voor de toekomst’.
Pagina 1 van 5
VERDIEPING Inleiding (met aanleiding en historie; voorafgaande raadsbesluiten met link) De Centrumregeling De gemeenten Bunnik, De Bilt, Utrechtse Heuvelrug, Wijk bij Duurstede en Zeist werken reeds sinds 2015 nauw samen in het Sociaal Domein. Op grond van nieuwe wetgeving voldoet die samenwerking (in ieder geval op het gebied van specialistische jeugdzorg) niet aan de nieuwe wettelijk verplichte vormvereisten. Tegen die achtergrond heeft de regio zich bezonnen op de consequenties van de nieuwe wettelijke plicht voor de keuze van een nieuwe juridische vorm. Als uitkomst van die regionale bezinning, hebben de vijf colleges in oktober/november aan hun raden zienswijzen gevraagd op het voorgenomen besluit (RV25.053) om, in ieder geval voor de komende paar jaar, als juridische vorm te kiezen voor de Centrumregeling en daarin de huidige taken/onderwerpen van onze samenwerking onder te brengen. Utrechtse Heuvelrug fungeert hierbij als centrumgemeente. Voor zover onderdelen van de netwerksamenwerking niet binnen het kader van de Centrumregeling kunnen worden geregeld maken we daar aanvullende regionale afspraken over. Op woensdag 24 september jl. zijn de aanwezige raadsleden van de vijf gemeenten tijdens een regionale raads-avond beeldvormend meegenomen in dit onderwerp.
Lokale behandeling van de zienswijze-verzoeken in de vijf gemeenteraden hebben vervolgens niet geleid tot zienswijzen. Wel is in de Gemeenteraad van De Bilt een motie aangenomen. Onder ‘kanttekeningen’ wordt die motie hieronder toegelicht en wordt aangegeven op welke wijze er recht aan wordt gedaan. Na de eerdere (toen nog: voorgenomen) besluitvorming is nu het moment aangebroken om te komen tot definitieve besluitvorming. De samenwerking op middellange termijn Zoals reeds aangekondigd bij het ‘voorgenomen besluit’ (RV25.053), is de afgelopen maanden in een parallel traject ook oriënterend gesproken over een ‘tweede trap’: een (mogelijk) uitgebreidere en robuustere samenwerking op middellange termijn. Dat heeft geleid tot bijgaand rapport ‘Een gedeeld kompas voor de toekomst’. Dat rapport bestaat uit twee samenhangende onderdelen: Een afwegingskader: dat richting geeft aan de manier waarop de regio in de toekomst kan bepalen welke opgaven regionaal, lokaal of bovenregionaal worden georganiseerd. Een aantal handelingsperspectieven waarmee gemeenten de huidige netwerksamenwerking per direct kunnen versterken. De uitkomsten van dit traject waren vooral bedoeld om betrokken te worden bij een eventuele doorontwikkeling van de Centrumregeling op middellang termijn (in combinatie met de uitkomsten van de eerste evaluatie van de Centrumregeling in 2028).
De eindrapportage bevat echter tal van aanknopingspunten die ook al van belang zijn voor de verdere uitwerking en implementatie van de Centrumregeling in 2026 en 2027. Beoogd resultaat Een juridische vorm die voldoet aan de wettelijke vereiste: de Centrumregeling. Dit voorstel heeft geen gevolgen voor inwoners; er zijn geen directe maatschappelijke effecten te verwachten. De samenwerkingspartners, de taken en de inhoud van die taken veranderen niet door de wettelijk verplichte wijziging van de juridische vorm. ARGUMENTEN VOOR EN TEGEN 1. Op grond van de Wgr wordt aan de raad nu formeel om toestemming gevraagd Op grond van artikel 1, tweede en derde lid, van de Wet gemeenschappelijke regelingen dient het college expliciet toestemming aan de raad te vragen voor het definitieve besluit om een Centrumregeling te treffen. Pas nadat alle gemeenteraden toestemming hebben verleend, kunnen de colleges formeel besluiten tot vaststelling van de Centrumregeling. Toestemming Pagina 2 van 5
kan op grond van de wet slechts worden onthouden wegens strijd met het recht of het algemeen belang. Dat is in dit geval niet aan de orde. 2. De argumenten die golden ten tijde van het voorgenomen besluit gelden nog steeds In de stukken die ten grondslag lagen aan het voorgenomen besluit is uitgebreid ingegaan op de argumenten vóór een Centrumregeling. Kort samengevat komen die op het volgende neer: de Centrumregeling sluit het beste aan op de huidige samenwerking; het is de lichtste vorm van de gegeven wettelijke alternatieven en laat de bestaande formele bevoegdheden van colleges en raden intact; de overgang is relatief snel te realiseren en vergt slechts beperkte kosten; bij de nadere uitwerking in onderliggende documenten is voldoende ruimte om recht te doen aan bestaande ‘netwerk-afspraken’. 3. De gemeenteraden hebben tegen het voorgenomen besluit geen zienswijze ingediend Bij de besprekingen in de gemeenteraden over het voorgenomen besluit is gebleken, dat zij zich met het besluit tot het treffen van een Centrumregeling kunnen verenigen. In de gemeenteraad van De Bilt is wel een motie aangenomen ‘Monitoring governance structuur ZOU’. In par. 1.1, onder kanttekeningen wordt hier op ingegaan. 4.
Dit rapport is aangekondigd in het eerdere voorstel ‘voorgenomen besluit’ Hoewel daar niet primair op gericht, is de exercitie over de samenwerking op middellange termijn tevens een reflectie geworden op de bestaande samenwerking. De uitkomsten van dat traject zijn besproken in de vijf colleges en daarna op de regionale Bestuurstafel. In gezamenlijkheid is besloten om het rapport op dit moment niet expliciet vast te (laten) stellen maar wel om alle betrokkenen ervan in kennis te stellen. Hieronder wordt toegelicht dat, waar mogelijk, verbeterpunten reeds het komend jaar zullen worden betrokken bij de uitwerking van de Centrumregeling en netwerksamenwerking in onderliggende documenten (zie argument 6). Vanuit de colleges zijn met betrekking tot het rapport met het oog op de toekomst de volgende aandachtspunten expliciet benoemd: • het belang van integraliteit met m.n. de beleidsvelden Werk en Inkomen (RDWI), onderwijs en gezondheid; • het risico van onvoldoende (en kwalitatief goede) ambtelijke capaciteit, gezien o.m. de huidige arbeidsmarkt; • versterking van de beweging naar het voorveld vanuit de regionale samenwerking; • oog voor verschillen tussen gemeenten in problematiek en in financiële bijdragen vanuit het gemeentefonds; • landelijke ontwikkelingen en context. 5.
Motie gemeenteraad De Bilt wordt betrokken in de verdere uitwerking en doorontwikkeling In De Bilt heeft de gemeenteraad een motie aangenomen ‘Monitoring governance structuur ZOU’. Die motie vraagt om in de Centrumregeling bij artikel 18, Evaluatie, nu al evaluatiecriteria op te nemen, daar in elk geval de governance-structuur in mee te nemen en jaarlijks verslag uit te brengen over de ontwikkelingen. Het rapport ‘Een gedeeld kompas voor de toekomst’ (in het bijzonder par. 2.1 en 4.2) bevat veel elementen voor de evaluatie in 2028. We gebruiken dit om recht te doen aan de motie van De Bilt. De governance (verantwoordelijkheden, rollen, mandaten) zullen in ieder geval een belangrijk element zijn van de evaluatie in 2028. Via de reguliere p&c-cyclus zullen de raden in 2026 en 2027 op de hoogte worden gehouden van de regionale samenwerking, tenminste op het gebied van governance en kostenontwikkeling. 6. Verdwijnt dit rapport niet in een la? Niet alles kan tegelijk. Voor een effectief en duurzaam proces is het van belang expliciet aandacht te besteden aan de beschikbaarheid en kwaliteit van ambtelijke capaciteit. Gezien de noodzakelijke focus op zowel de verdere professionalisering van de samenwerking als de implementatie van de centrumregeling, moet een fasering worden aangebracht.
Het is daarbij nodig om prioriteiten te stellen en waar mogelijk processen parallel te laten lopen, mits er Pagina 3 van 5
voldoende capaciteit is om de inhoudelijke uitwerking te dragen. Dat betekent zeker niet dat het rapport in een la verdwijnt en daar pas weer in 2028 uitkomt. Na de verkiezingen zullen nieuwe bestuurders (en raadsleden) in het kader van de bestuursoverdracht in kennis gesteld worden van het rapport. De handelings-perspectieven voor doorontwikkeling van de samenwerking worden het komend jaar al bij de verdere uitwerking van de Centrumregeling en bijbehorende onderliggende documenten betrokken. Een belangrijke voorwaarde voor versterking van de regionale samenwerking is een stevige regionale organisatie; dat vraagt ook de komende tijd aandacht. Kansen om de samenwerking al op korte termijn te versterken, zullen zeker benut worden: duidelijke afspraken over bevoegdheden en verantwoordelijkheden; werkbare mandatering; en rolzuiverheid. Ook zal (waar relevant en behulpzaam) ervaring opgedaan worden met het hanteren van het ‘afwegingskader’. TOELICHTING Participatie Het collegevoorstel is door de diverse ZOU gemeenten gedeeld ingediend. Op 24 september heeft er een regionale raadsbijeenkomst plaatsgevonden. Financiële toelichting Het veranderen van de juridische vorm van de samenwerking heeft slechts beperkte (eenmalige) financiële consequenties. De besluitvorming hierover is reeds onderdeel geweest van de collegebesluitvorming over het voorgenomen besluit.
Zoals in het toenmalige raadsvoorstel is beschreven: “Verdeling van dit bedrag tussen de vijf gemeenten, is conform de reguliere verdeelsleutel op basis van inwonertal. Dat betekent voor Zeist: € 24.750. Dit zal worden gedekt uit bestaande middelen”. Juridische aspecten De overgang naar een Centrumregeling in ZOU is vooral juridisch en organisatorisch van aard en bedoeld om te voldoen aan de wettelijke vereisten. Veel van de artikelen in de centrumregeling zijn standaardbepalingen op grond van de Wet gemeenschappelijke regelingen (bijv. artikelen 12 t/m 15, 19, 20, 22 t/m 28). Duurzame aspecten N.v.t. Samenhang met andere projecten N.v.t. VERDERE PROCES Planning, uitvoering en communicatie • Na het ontvangen van de toestemming van de raden, gaan de colleges over tot het daadwerkelijk treffen van de Centrumregeling. • De regeling wordt vervolgens door centrumgemeente Utrechtse Heuvelrug gepubliceerd en treedt per 1 januari 2027 in werking. • Zoals eerder toegelicht bij het voorgenomen besluit, is reeds begonnen met de nadere uitwerking van de Centrumregeling in dienstverleningsovereenkomsten en onderliggende c.q. aanvullende documenten (huishoudelijk reglement regionale Bestuurstafel; overige afspraken over de netwerksamenwerking). Bestuurlijke besluitvorming over die stukken is een college-bevoegdheid en volgt naar verwachting medio 2026.
Pagina 4 van 5
Evaluatie N.v.t. BIJLAGEN 1. Centrumregeling Sociaal Domein Regio Zuid Oost Utrecht. 2. Het collegevoorstel over het voorgenomen besluit. 3. Rapport: ‘Een gedeeld kompas voor de toekomst’.
Pagina 5 van 5
RAADSBESLUIT Behoort bij raadsvoorstel Nr. RV26.001 - Juridisch formaliseren van de samenwerking Regio Zuidoost-Utrecht (ZOU); definitief besluit
De raad van de gemeente Zeist; gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 16 december 2025; BESLUIT: 1. Toestemming te geven aan het college om de Centrumregeling Sociaal Domein Regio Zuidoost-Utrecht te treffen. 2. Het rapport ‘Een gedeeld kompas voor de toekomst’ te betrekken bij de verdere doorontwikkeling van de regionale samenwerking.
Aldus besloten in de openbare raadsvergadering van 3 maart 2026 De raad voornoemd,
drs. E.M.H. Lemaier, griffier
drs. J. Langenacker, voorzitter
1