RV25.045 Bijlage 4. Boomtechnisch onderzoek twee rode beuken Veldheim Zeist
Tekst van het document
Bruine beuken, voormalige buitenplaats Veldheim te Zeist Opdrachtgever: Contactpersoon:
Mooi Zeist B.V. mr. M. Faruk Kinran
Onderzoek en advies: Gelezen:
Dhr. M. Dekker Dhr. P.H. van der Laan en mw. A.C.A. Grim
Datum: Project:
27-7-2022 B11447
B11447 І Boomtechnisch onderzoek bruine beuken І juli 2022
1.
Inleiding.............................................................................................................................................................. 3
2.
Huidige situatie bomen ...................................................................................................................................... 4 2.1 Boomlocatie(s).................................................................................................................................................. 4 2.2 Conditiebeeld en kwaliteit................................................................................................................................ 5 2.2.1 Beuk nummer 1 ............................................................................................................................................. 5 Bevindingen ............................................................................................................................................................ 5 Conclusie en advies boom 1 ................................................................................................................................... 6 2.2.2 Beuk nummer 2 ............................................................................................................................................. 7 Bevindingen ............................................................................................................................................................
7 Conclusie en advies boom 2 ................................................................................................................................... 8
3.
Samenvatting conclusie en advies ..................................................................................................................... 9
Projectgegevens ....................................................................................................................................................... 10 Bijlage 1: Toelichting enkele VTA parameters.......................................................................................................... 11 Bijlage 2: Metingen Resistograaf .............................................................................................................................. 13
2
B11447 І Boomtechnisch onderzoek bruine beuken І juli 2022
In opdracht van Mooi Zeist B.V. is door Copijn Boomspecialisten B.V. een boomtechnisch onderzoek uitgevoerd bij een tweetal bruine beuken (Fagus sylvatica ‘Atropunicea’). De beuken staan aan de entreezijde van het landhuis dat in vroeger tijden onderdeel was van buitenplaats Veldheim te Zeist. De entreezijde is aan de P.C. Hooftlaan/Utrechtseweg. Er zijn plannen in voorbereiding voor de herontwikkeling van de locatie. In het kader daarvan is onderzoek gewenst naar de omvangrijke beuken die op het voorterrein staan. Een van de beuken is in een matige staat. Het veldwerk is uitgevoerd op vrijdag 8 juli jl. door M. Dekker, boomtechnisch adviseur (European Tree Technician) bij Copijn Boomspecialisten. Tevens is er een inspectie uitgevoerd door Mw. A. Grim, ecoloog bij Copijn Boomspecialisten om de (on)mogelijkheden in relatie tot aanwezige flora en fauna in beeld te brengen (zie ‘Verslag veldinspectie twee rode beuken 8 juli 2022 Buitenplaats Veldheim’). De boomtechnische beoordeling is uitgevoerd aan de hand van de VTA methode (Visual Tree Assessment). Deze methode, die ontwikkeld is door Mattheck & Breloer in 1995, is de meest geëigende werkwijze om eventuele veiligheidsrisico`s bij bomen in beeld te brengen. Bij de opname van de VTA inspectie worden biologische en mechanische symptomen beoordeeld (zie bijlage 1).
Onder biologische symptomen worden conditionele aspecten verstaan. Onder mechanische symptomen vallen breukgevoeligheid en stabiliteit. De veldkenmerken die hiertoe behoren, kunnen bijvoorbeeld zijn: holtes, scheuren, afwijkende bastpatronen of scheefstand. Indien er gebreken geconstateerd worden waarvan de veiligheidsrisico’s visueel niet volledig vastgesteld kunnen worden is nader onderzoek nodig.
1
2
Foto van de locatie met de beuken met nummering op het voorterrein van het landhuis.
3
B11447 І Boomtechnisch onderzoek bruine beuken І juli 2022
2.1 Boomlocatie(s) Via de inrit aan de P.C. Hooftlaan ligt er een verharde klinkerweg met parkeerplaatsen richting de voorzijde van het landhuis. Het voorterrein is eveneens verhard en voor een deel parkeervoorziening. De beiden beuken hebben een monumentale omvang en staan in een open grasstrook voor een deel van de kroonprojectie.
Referentie
2
1
Afbeelding boven: luchtfoto situatie met kadastrale grenzen. Bomen zijn genummerd Foto linksonder: boom 1 met links het landhuis. Foto rechtsonder: boom 2 gezien vanaf het landhuis. Een deel van de kroon (rechterzijde op de foto) doet het erg slecht.
4
B11447 І Boomtechnisch onderzoek bruine beuken І juli 2022
2.2 Conditiebeeld en kwaliteit 2.2.1 Beuk nummer 1 Boomsoort:
Bruine beuk Fagus sylvatica ‘Atropunicea’ Stamdiameter: 111 cm Kroondiameterklasse: 12 – 15 m Boomhoogteklasse: 15 – 18 m Conditie: Redelijk Stamvoet: Redelijk Stam: Goed Kroon: Redelijk Standplaats: Gras/verharding Toekomstverwachting: Hoog (> 15 jaar)
Bevindingen De beuk is op basis van de bladbezetting beoordeeld met een redelijke conditie. In de kroon is een tweedeling zichtbaar waarbij het bovenste kroondeel (12 – 18 m) wat dunner in het blad zit. Plaatselijk is twijgsterfte zichtbaar aan de uiteinden van takken. Deze signalen duiden op suboptimale groeiplaatsomstandigheden. De situatie is in deze fase echter nog niet zeer zorgelijk. Bij de stamvoet zijn geen duidelijke wortelaanlopen zichtbaar. Op deze overgang van stam naar maaiveld is normaal gesproken een geleidelijke overgang aanwezig naar de wortelzone. Een normale verbrede stamvoet ontbreekt. Dit doet vermoeden dat er in het verleden is opgehoogd bij de boom. In de kroon is verder een dubbele top aanwezig. Vanwege de licht verminderde conditie en het ontbreken van duidelijke wortelaanlopen is aan twee zijden van de boom de stamvoet vrij gegraven. Vanaf 20 cm beneden het maaiveld is er een wurgwortel zichtbaar die strak langs de stam loopt. Aan de zijde van het gebouwtje is ook pas vanaf 15 cm beneden maaiveld een wortelaanloop zichtbaar.
Foto links: vrij gegraven deel van de stamvoet met wurgwortel aanwezig op 20 cm beneden maaiveld Foto rechts: beeld van de boom met tweedeling in kroon (stippellijn) qua bladbezetting/kroonconditie.
5
B11447 І Boomtechnisch onderzoek bruine beuken І juli 2022
Conclusie en advies boom 1 Het betreft een zeer beschermwaardige boom van monumentale omvang. Dit op basis van de conditie en kwaliteit in combinatie met de standplaats. De boom is samen met boom 2 een beeldbepalend element behorend bij het landhuis en draagt bij aan het cultuurhistorisch karakter. De Beleidsnota Bomen van de gemeente Zeist onderschrijft dit voor beide bomen(zie artikel 4.2.1). Bij de boom is een beginnend stadium van aftakeling zichtbaar in de vorm van dode twijgen en een licht verminderde bladbezetting bovenin de kroon. Dit wordt bevestigd door hetgeen is aangetroffen in de groeiplaats. Er is een zeer schraal zandpakket aangetroffen. Er is in het verleden vermoedelijk opgehoogd met zand waarbij de stamvoet is begraven. Ook de aanwezigheid van een wurgwortel op enige diepte kan duiden op verstoring van de groeiplaats in het verleden. Instandhouding van de boom achten we nog mogelijk en wenselijk. Momenteel staat de boom in een grasvak. Geadviseerd wordt om de groeiplaats sterk te verbeteren door middel van de luchtcompressiemethode (met Perlite en wormencompost) en het aanbrengen van een dunne mulchlaag. De luchtcompressiemethode is gebaseerd op het onder druk inbrengen van lucht in combinatie met onder andere een voedingsrijk substraat. Het mulchen is van belang voor de opbouw van een strooisellaag.
In een natuurlijke situatie maakt de strooisellaag onder andere onderdeel uit van de voedingsbodem voor de boom. De onderliggende grondlagen zijn relatief schaal en arm in voeding. In de stedelijke omgeving kan een dergelijke strooisellaag niet of nauwelijks ontstaan. Blad verwaaid of wordt opgeruimd voordat dit kan verteren en ten goede kan komen aan de groeiplaats. Hierdoor kunnen op termijn tekorten in voeding of problemen in de bodemstructuur en het vochtvasthoudend vermogen van de bodem ontstaan. Het aanbrengen van een mulchlaag is een zeer effectieve methode om stressfactoren te beperken en gelijktijdig de bodem te verbeteren. De positieve effecten van mulchlagen zijn ondermeer: • Stimulering bodemleven; • Verbetering voedingstoestand van de bodem; • Reducering bodemverdamping; • Langer vasthouden van neerslag; • Reguleren bodemtemperatuur; • Verminderen bodemverdichting. De mulchlaag wordt opgebouwd uit twee lagen, een laag fijne compost en een laag met grover materiaal (waarin de 0-fractie ontbreekt). Allereerst wordt het gras voorzichtig verwijderd om verstikking (toename zuurstofverbruik door vertering) te voorkomen. Vervolgens wordt een 4 cm dikke laag uitgerijpte houtcompost (fractie 0-20 mm) aangebracht met daarop een laag grove houtcompost (factie 20-40 mm).
Eventueel kan de bovenste laag om esthetische redenen worden vervangen voor houtsnippers of boomschors, dit heeft weinig nadelige invloed op de werking van het mulchsysteem. De grove houtcompost komt echter sneller ten goede aan de groeiplaats en de boom.
1
https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR393560
6
B11447 І Boomtechnisch onderzoek bruine beuken І juli 2022
2.2.2 Beuk nummer 2 Boomsoort:
Bruine beuk Fagus sylvatica ‘Atropunicea’ Stamdiameter: 128 cm Kroondiameterklasse: 15 – 18 m Boomhoogteklasse: 15 – 18 m Conditie: Matig Stamvoet: Slecht Stam: Slecht Kroon: Matig Standplaats: Gras Toekomstverwachting: Laag tot middelhoog (maximaal 10 jaar)
Bevindingen Deze beuk is beoordeeld met een matige conditie en slechte kwaliteit. Een duidelijke tweedeling is hierbij echter ook zichtbaar omdat de noordzijde, oostzijde en een deel van de zuidzijde nog vrij goed in het blad zit. De zijde van het gebouw is echter nagenoeg kaal en bevat veel grof dood hout, spechtengaten en rottingen. In het verleden zijn diverse kroonverankeringen aangebracht. De kale zijde is duidelijk het gevolg van een houtparasitaire aantasting door schimmels. Deze schimmels zijn aangetroffen in de vorm van korsthoutskoolzwam (Kretzschmaria deusta) en een honingzwam (Armillaria spp.). Andere schimmels zoals de reuzenzwam kunnen niet worden uitgesloten. Daarvoor is een herinspectie in het najaar (herfst) noodzakelijk. Op dat moment is de kans het grootst dat er vruchtlichamen van de schimmels zichtbaar zijn. Het gevolg van de korsthoutskoolzwam is ondermeer dat er rotting optreedt in de stam(voet). Bij beuken kan de aantasting traag verlopen vanwege de effectieve afgrendeling. Dat is ook zichtbaar in de duidelijke tweedeling van de kroon waarbij een deel nog relatief gezond is en een deel dat nagenoeg is afgestorven. Op termijn treed er stambreuk op. De parasitaire honingzwam dood het cambium in wortels en in de stamvoet af en veroorzaakt onder meer wortelrot. Het directe gevolg is sterfte van kroondelen en uiteindelijk sterfte van de hele boom.
Door het sterven van kroondelen kan er zonnebrand optreden aan de zijde van het gebouw omdat de kroon zeer kaal is. Zonnebrand leidt op zijn beurt ook weer tot versnelde aftakeling. Met de resistograaf zijn twee metingen gedaan van de houtweerstand (bijlage 2). Hieruit is een duidelijk verminderde houtweerstand af te lezen. Ook is er een stamholte aangetroffen.
Foto links: beeld vanaf het hoofdgebouw met de kale zijde van de kroon Foto rechts: beeld vanaf de oostkant met nog een vrij volle kroon tot in de top 7
B11447 І Boomtechnisch onderzoek bruine beuken І juli 2022
Conclusie en advies boom 2 Het betreft een zeer beschermwaardige maar kwetsbare boom. De boom vormt samen met boom 1 een beeldbepalend element behorend bij het landhuis en draagt bij aan het cultuurhistorisch karakter. De boom bevindt zich in een aftakelingsfase. Er zijn meerdere houtparasitaire schimmels aangetroffen. Een duidelijke begrenzing van de gevolgen van deze aantastingen leidt ertoe dat de boom voor een deel nog een vrij goede kroonconditie heeft en voor een deel een erg slechte kroonconditie. De slechte zijde betreft de zijde van het hoofdgebouw (west) waarbij grof dood hout wordt gevormd en zonnebrandschade optreedt op de hoofdstam. De resistograafmetingen laten plaatselijk een verhoogde weerstand zien. In de stam is een holte aangetroffen. Ook bij de boring aan de westzijde zijn er veel onderbrekingen aangetroffen wat duidt op houtrot. De omvang van het nog gezonde kroondeel maakt dat er momenteel nog geen kapadvies volgt. Behoud en verbeteren van de groeiplaats is vooralsnog het uitgangspunt. Om een nader gefundeerd plan te kunnen maken met betrekking tot het toekomstige beheer van de boom is aanvullend nader technisch onderzoek noodzakelijk. De inzet van de Picus geluidstomograaf wordt geadviseerd. Daarmee wordt de inwendige houtkwaliteit nader worden bepaald in combinatie met resistograafmetingen tot hoger in de stam.
Aanvullend kan er zo nodig nog worden gedacht aan wat verder handmatig vrij graven van een deel van de stamvoet. Laatst genoemde ter beoordeling van de kwaliteit van de wortelaanlopen. Gefaseerde aanpak: Ter uitstel van de kap (met circa 10 jaar) kan de kroon eerst met enkele meters in hoogte worden ingenomen. Verder dienen dode en sterk terugstervende takken te worden gesnoeid. De stam en gesteltakken worden aansluitend ingewikkeld met jute tegen zonnebrandschade. Verder is groeiplaatsverbetering van belang. De boom dient te worden begeleidt totdat er slechts een stam zonder kroon overblijft. Dit kan nog vele jaren duren. Op de huidige plek is het omgevingsrisico vrij hoog met bewoners en geparkeerde auto’s. Daarom is een maximale inspanningsverplichting noodzakelijk zolang de boom nog behouden blijft. Het blijft ook na uitvoer van de diverse maatregelen een attentieboom. Jaarlijkse inspectie is tot aan het einde van de omloop van belang.
Foto links: beeld van de onderstam waarbij de prikstok voor een deel (25 cm diep) gemakkelijk in de stam gedreven kan worden. Foto rechts: beeld van afstand (noordoost) waarbij het linker kroondeel nog gezond oogt.
8
B11447 І Boomtechnisch onderzoek bruine beuken І juli 2022
In het kader van de ontwikkelplannen van deze voormalige buitenplaats zijn er twee omvangrijke beuken onderzocht. Beuk 1 is nog in redelijke staat. Naar verwachting wordt de boom in haar ontwikkeling beperkt door een suboptimale groeiplaats. Door groeiplaatsverbetering kan de situatie nog verbeteren. De omloop van de boom kan daardoor naar verwachting nog worden verlengd. Boom 2 verkeert in een verder gevorderd stadium van afbraak. Een deel van de boom is echter nog vrij goed. Gezien de omvang en locatie van deze beuk is op basis van de beleidsnota van de gemeente Zeist een maximale inspanningsverplichting voor behoud van deze beschermwaardige boom van belang. Met de verzamelde inspectiegegevens en het nader onderzoek met de resistograafmetingen is een eerste beeld gevormd van de staat van de boom en de mogelijkheden. Geconstateerde parasitaire aantastingen leiden op termijn tot een dusdanige aftakeling dat de boom niet veilig behouden kan blijven op deze plek. Op dit moment is de inschatting dat de boom, met specifieke boomverzorgende maatregelen, voorlopig nog behouden kan blijven. Alvorens deze investering te doen en daarmee vermoedelijk een omgevingsvergunning/kapvergunning aan te vragen (meer dan 20% snoei is vergunningplichtig) adviseren we aanvullend nader onderzoek met behulp van de Picus geluidstomograaf.
Met de resultaten kan vervolgens een beheerplan worden uitgewerkt.
9
B11447 І Boomtechnisch onderzoek bruine beuken І juli 2022
Opdrachtgever Naam: Contactpersoon: Adres: Postcode en plaats:
Mooi Zeist B.V. mr. M. Faruk Kinran Brinkweg 3 6991 JN Rheden
Werkadres Straat: Plaats: Opmerking:
P.C. Hooftlaan/Utrechtseweg Zeist Binnenterrein parkeerplaatsen
Bedrijfsgegevens Naam: Onderzoek en advies: Interne controle door: Adres: Postcode en plaats: Telefoon: E-mail: Internet:
Copijn Boomspecialisten B.V. Dhr. M. Dekker Dhr. P.H. van der Laan en Mw. A.C.A. Grim Gageldijk 4f 3566 ME Utrecht 030-2644333 Advies@copijn.nl www.copijn.nl
Datum: Projectnummer:
27-7-2022 B11447
Paraaf projectleider:
Copijn Boomspecialisten B.V. Specialist in boomtechnisch onderzoek! © 2022 Copijn Boomspecialisten B.V. Alle rechten voorbehouden. Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd, opgeslagen in een geautomatiseerd gegevensbestand, of openbaar gemaakt, in enige vorm of op enige wijze, hetzij elektronisch, mechanisch, door fotokopieën, opnamen of enige andere manier zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van Copijn Boomspecialisten B.V. Copijn Boomspecialisten B.V. is niet aansprakelijk voor eventuele schade ontstaan bij gebruik van gegevens uit dit rapport.
10
B11447 І Boomtechnisch onderzoek bruine beuken І juli 2022
Conditiebeoordeling De conditie van bomen wordt onder meer beoordeeld op basis van scheutlengte, knopzetting en vertakkingspatroon. Daarnaast wordt gekeken naar de bladbezetting, de bladkleur en -grootte. Waar vitaliteit meer zegt over het regeneratief vermogen van bomen is het aspect conditie alleen een momentopname. De Duitse boswetenschapper Prof. Dr. A. Roloff heeft een systematiek ontwikkeld om de conditie van bomen te beoordelen op de basis van hun kroonbeeld. Zijn boek ‘Baumkronen’ uit 2001 wordt ook in Nederland doorgaans gebruikt als basis voor een dergelijke beoordeling. In 2018 heeft Roloff deze systematiek uitgebreid met de focus op de beoordeling van oudere bomen die andere groeipatronen laten zien dan jonge exemplaren. Hieronder volgt een korte toelichting op enkele conditie klassen. Goed:
Redelijk: Matig:
Slecht: Dood:
Goed
De groei is door de hele kroon heen normaal met scheutlengtes die passen bij de soort en leeftijd. Bij jongere exemplaren doorgaans sterk groeiende eindscheuten en goed groeiende zijscheuten. Oudere exemplaren die hun volle maat hebben bereikt hebben een samenhangende en volle kroon met een goede bladbezetting en een fijn en dicht patroon van twijgen met veel zijscheuten. Normaal groeiende twijgen, voldoende aantal knoppen op kort- en langloten; soms verminderde ontwikkeling van zijknoppen; Verminderde twijggroei, transparante of niet meer samenhangende kroon door verminderde ontwikkeling van zijknoppen; afstervende takuiteinden in buitenrand kroon, regeneratiegroei op stam en/of hoofdtakken; Sterk transparante kroon door grootschalig afgestorven twijgen en takken, nauwelijks groei, afgestorven takuiteinden. geheel afgestorven boom of bijna volledig afgestorven boom.
Redelijk
11
B11447 І Boomtechnisch onderzoek bruine beuken І juli 2022
Matig
Slecht
Stabiliteit en structuur Naast de conditie is de stabiliteit en structuur van de bomen beoordeeld. Bij deze beoordeling wordt visueel naar afwijkingen / gebreken gezocht. De bomen worden hierbij op onderdelen beoordeeld: stamvoet, stam en kroon. Er wordt gezocht naar gebreken in één of meerdere onderdelen van de bomen, zoals (parasitaire) zwammen, scheuren in het hout, holtes, verdikkingen in (onder)stam e.d.
Mechanische schade
Holte in stam
Toekomstverwachting De toekomstverwachting van een boom wordt ingedeeld in een klasse: Een hoge toekomstverwachting betekent dat er op dit moment geen belemmeringen voor een duurzame ontwikkeling van de boom zichtbaar zijn. Bij een middellange toekomstverwachting wordt ervan uitgegaan, dat een boom 10 jaar of langer gehandhaafd kan worden, zonder dat ingrijpende problemen optreden. Mogelijk zijn aanpassingen (bijvoorbeeld ten aanzien van de groeiplaats) wenselijk. Bij bomen met een lage toekomstverwachting is er kans op uitval binnen afzienbare tijd. Deze bomen kunnen door ziektes, schades of ongunstige groeiplaatsomstandigheden in een degeneratieproces zijn belandt.
12
B11447 І Boomtechnisch onderzoek bruine beuken І juli 2022
Met behulp van de resistograaf zijn twee controle metingen uitgevoerd met betrekking tot de kwaliteit van het stamhout. Er is tot maximaal 30 cm diep geboord. De twee metingen zijn weergegeven in onderstaande afbeelding. De bovenste meting betreft een boring aan de zijde van het gebouw. De onderste grafiek heeft betrekking op het hout aan de oostzijde van de stam. Beide metingen laten een grillig beeld zien. Dit duidt op aangetast hout en de pogingen van de beuk om het aangetaste hout weer af te grendelen.
0 30
13