CConstaterende datZeist
Koppel je AI →
Document · PDF

RV25.041 Bijlage 1.8 Rom actualisatie integraal advies Gebiedsvisie Driebergen Zeist februari 2025

Raad 16 oktober 2025, gemeente ZeistBij agendapunt: Gebiedsvisie Driebergen-Zeist10.896 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Bron: https://iplo.nl/thema/externe-veiligheid/basisnet/vervoercijfers-gevaarlijke-stoffen/spoor/ Bron iplo: https://iplo.nl/thema/externe-veiligheid/kwetsbare-gebouwen/

Pagina 23 van 33 Versie 1

3. beperkt kwetsbaar (gebouwen en locaties) Bij het bepalen van de kwetsbaarheid van een gebouw of locatie is gekeken naar het volgende:  het aantal personen dat gelijktijdig aanwezig is  de aanwezigheidsduur van personen  in hoeverre personen zichzelf in veiligheid kunnen brengen bij een incident Aanwijzing van categorieën De aanwijzing van deze categorieën 'gebouwen en locaties' staat in bijlage VI van het Bkl. Gebouwen worden alleen beschermd voor de gebruiksfunctie van dat gebouw. Dit is anders dan in de voormalige regelgeving. Bij een grootschalige opslagplaats voor goederen met een kantoorfunctie is alleen de kantoorfunctie 'beperkt kwetsbaar' of 'kwetsbaar' (afhankelijk van de bruto vloeroppervlakte). Het is dan wel van belang dat die functie blijkt uit het omgevingsplan of uit de omgevingsvergunning waarbij die functie mogelijk wordt gemaakt (buitenplanse omgevingsplanactiviteit). Een gemeente kan andere categorieën van locaties of gebouwen dan die in bijlage VI staan, een vergelijkbare bescherming bieden. Daarnaast kan ze categorieën meer bescherming bieden, door bijvoorbeeld sommige kwetsbare gebouwen als zeer kwetsbaar te behandelen. De omschrijving van de gebruiksfuncties van een gebouw sluit aan bij de indeling in gebruiksfuncties van gebouwen. Deze staan in bijlage I, onderdeel B, van het Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl).

De aanwijzing geldt ook voor deze categorieën gebouwen en locaties die het omgevingsplan of een omgevingsvergunning voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit toelaat, maar nog niet gerealiseerd zijn. Zeer kwetsbare gebouwen De categorie zeer kwetsbare gebouwen is nieuw ten opzichte van de voorheen geldende regelgeving. De gebouwen in deze categorie vielen eerder onder de categorie kwetsbare objecten. Een gebouw is 'zeer kwetsbaar' als het een gebouw is voor mensen die zichzelf niet op tijd in veiligheid kunnen brengen. Het gaat om de volgende gebouwen:  woonfunctie voor 24-uurszorg  basisscholen  scholen voor minderjarigen met een lichamelijke of geestelijke beperking  dagverblijf van personen met een lichamelijke of geestelijke beperking  gezondheidszorg met bedgebied (ziekenhuizen en verpleeghuizen)  kinderopvang  gevangenissen Kwetsbare gebouwen en locaties Kwetsbare gebouwen zijn alle gebouwen met een woonfunctie (niet verspreid liggende bebouwing) en locaties bestemd voor grote evenementen of voor recreatief nachtverblijf voor meer dan 50 personen. Gebouwen en locaties zijn ook kwetsbaar als er veel personen een groot deel van de dag aanwezig zijn.

Het gaat bijvoorbeeld om:  woonfunctie  bijeenkomstfunctie  kantoorfunctie  sportfunctie  scholen voor volwassenen  gezondheidszorg zonder bedgebied  locatie voor evenementen in de open lucht voor ten minste 5.000 personen Beperkt kwetsbare gebouwen en locaties De overige gebouwen en locaties zijn beperkt kwetsbaar. De systematiek voor (beperkt) kwetsbare gebouwen is vergelijkbaar met die in het voormalige Besluit externe veiligheid inrichtingen (Bevi). Nieuw is wel dat nu de nadruk ligt op de bescherming van de kwetsbare gebruiksfunctie van een gebouw in plaats van op de bescherming van het gebouw als geheel. Uitzonderingen bij functionele binding Pagina 24 van 33 Versie 1

De regels voor het plaatsgebonden risico van een activiteit gelden niet voor beperkt kwetsbare en kwetsbare gebouwen en beperkt kwetsbare en kwetsbare locaties waar een activiteit uit bijlage VII van het Bkl plaatsvindt. Of die een functionele binding hebben met een dergelijke activiteit.

Pagina 25 van 33 Versie 1

Bijlage Geluid – verkeer

Figuur 1: Geluidcontouren wegverkeer, indicatief

Figuur 2: Geluidcontouren railverkeer, indicatief

Pagina 26 van 33 Versie 1

Bijlage Milieuzonering Achtergrondinformatie Gevoelige gebouwen In het Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl) staan gevoelige gebouwen gedefinieerd in artikel 3.21 (geluidgevoelig), artikel 5.91 (geurgevoelig) en artikel 5.80 (trillinggevoelig). Deze artikelen komen overeen. Een gevoelig gebouw is: a. woonfunctie en nevengebruiksfuncties daarvan; b. onderwijsfunctie en nevengebruiksfuncties daarvan; c. gezondheidszorgfunctie met bedgebied en nevengebruiksfuncties daarvan; d. bijeenkomstfunctie voor kinderopvang met bedgebied en nevengebruiksfuncties daarvan. Evenwichtige toedeling van functies aan locaties In afdeling 5.1 van het Bkl staan instructieregels met het oog op een evenwichtige toedeling van functies aan locaties. Voor milieuzonering (exclusief externe veiligheid) betekent dit dat getoetst moet worden aan paragraaf 5.1.4 Beschermen van de gezondheid en van het milieu. In deze paragraaf staan onder andere regels voor geluid, geur en trillingen.

Pagina 27 van 33 Versie 1

Bijlage Bodem Achtergrondinformatie Nr Thema

Bijzonderheden

1

Historisch bodembestand

Door de Omgevingsdienst is nog geen onderzoek gedaan naar de aanwezigheid van voormalige bedrijven.

2

Bomkraters

Bij de Omgevingsdienst is geen informatie beschikbaar over bomkraters.

3

(Sloot-)dempingen

Op de locatie zijn diverse (sloot)dempingen bekend. Voor de locatie van de slootdempingen zie het Geoportaal op onze website, www.odru.nl.

4

Ondergrondse tanks

Op diverse locaties Binnen het plangebied is informatie over ondergrondse tanks bekend.

5

Bodemonderzoeken

NB. De hieronder aangegeven bodemonderzoeken komen uit de inventarisatie van oktober 2022. Op basis van een scan d.d. 15 januari 2025 van na juni 2022 uitgevoerde bodemonderzoeken zijn er sinds juni 2022 geen nieuwe, in Nazca geregistreerde bodemonderzoeken meer uitgevoerd in het plangebied. De volgende relevante bodemonderzoeken zijn binnen het plangebied bekend: - ZS-Driebergseweg 20 - 20A (AA035500673) o Verkennend bodemonderzoek d.d. juni 1998; Licht verhoogde gehalten in grond en grondwater. Ter plaatse van boring 09 matig verhoogd gehalte zink. Puindeeltjes in de bodem aanwezig. o Aanvullend onderzoek d.d. augustus 1998; Matige verontreiniging met zink, afgeperkt. o Verkennend bodemonderzoek; d.d. januari 2005; Niet-ernstig geval ten aanzien lood en zink. Plaatselijk puin aanwezig dat nog niet is onderzocht op asbest. - DR-Stationsgebied Driebergen Zeist (AA158101048) o Verkennend bodemonderzoek; d.d. april 2012; Plaatselijk gevallen van bestaande bodemverontreiniging blijkt uit het vooronderzoek. Uit het onderzoek komt ter plaatse van één deellocatie een ernstige bodemverontreinging met asbest naar voren. Het is onbekend of deze verontreinigingen reeds zijn gesaneerd in het kader van de herontwikkelingen rondom het stationsgebied. - ZS-Driebergseweg 22 (AA035502077) o Historisch onderzoek d.d.

januari 2008; De locatie is verdacht op het voorkomen vanwege aangetoonde matige verontreiniging met vermoedelijk minerale olie in grond- en grondwater. - ZS-Odijkerweg 1 Zeist (AA035500489) o Historisch onderzoek d.d. februari 2002; Autobedrijf Stevenaart BV / Bochane BV, verdachte activiteiten: 4 bovengrondse tanks, inmiddels gesaneerd en verwijderd. Thans nog aanwezig 2 bovengrondse en 1 ondergrondse tank. o Eindsituatieonderzoek ondergrondse brandstoftank d.d. januari 2022; geen verontreiniging aangetoond. Pagina 28 van 33 Versie 1

Nr

Thema

Bijzonderheden -

-

-

-

-

-

-

ZS-Odijkerweg 21 (AA035501347) o Historisch onderzoek d.d. januari 2008; Voormalig timmerbedrijf. Ondergrondse tank is in 1997 verwijderd, zonder KIWA-certificaat. Na verwijdering tank en verontreinigingen rond de tank, zijn grond en grondwater gesaneerd. ZS-Odijkerweg 26 (AA035500114) o Historisch onderzoek d.d. januari 2008; Op de locatie hebben meerdere fabrieken gezeten in het verleden, thans een autoreparatiebedrijf. Veel bodemonderzoeken bekend op de locatie, echter bij de ODRU geen vervolg bekend op de (matige) verontreinigingen uit een onderzoek uit 1998. Misschien horen de verontreinigingen bij de verontreinigingen van het pompeiland op de voormalige Odijkerweg 21A, nu Kwekerijweg 4. ZS-Odijkerweg 48 (AA035502006) o Verkennend en aanvullend bodem en asbestonderzoek d.d. 2014; geval van bodemverontreiniging ten aanzien van zware metalen en PAK. Op basis van Bodemloket is deze verontreiniging reeds gesaneerd. Is voldoende onderzocht ten aanzien van asbest. ZS-Kwekerijweg 2 (AA035500234) o Historisch onderzoek d.d. januari 2008; Lichte tot matige verontreiniging uit twee oude bodemonderzoeken, veroorzaakt door sintels. ZS-Kwekerijweg 4 (AA035501814) o Historisch onderzoek d.d. januari 2008; Tank gesaneerd (met KIWA). In 2006 voor het laatst onderzocht. Hierbij zijn alleen licht verhoogde gehalten gemeten.

ZS-Kwekerijweg 6 (AA035500775) o Slechts lichte verontreinigingen aangetoond in eindsituatieonderzoek, veelal vermoedelijk te wijten aan achtergrondgehalten. Op basis van het bodemonderzoek is er geen puin in de bodem aanwezig waardoor de locatie als asbestverdacht beschouwd zou moeten worden. ZS-Koeburgweg 5 (AA035501504) o Historisch onderzoek d.d. januari 2008; Ondergrondse tank tussen woningen is gesaneerd zonder KIWA certificaat. DR-Stationsgebied Driebergen Zeist (AA158101048) o Verkennend bodemonderzoek d.d. april 2014; Een uitgebreid onderzoek ten behoeve van de herontwikkeling van het gebied direct rondom het station. Hierbij zijn diverse (potentiële) gevallen van bodemverontreiniging geïdentificeerd. In hoeverre en op welke wijze deze nader zijn onderzocht en/of zijn gesaneerd moet nagegaan worden bij de RUD Utrecht als gegevensbeheerder van Wbb-locaties. Zeist, Odijkerweg 108-108A (AA035502164) o Er is sprake van een niet-ernstig geval van bodemverontreiniging ten aanzien van zink en PAK in de kooldeeltjeshoudende laag. De locatie is voldoende onderzocht ten aanzien van asbest. DR-Stationsweg 3 (AA158100503) o Verkennend bodemonderzoek d.d. juli 2002; Er worden geen verontreinigingen aangetoond. Het Pagina 29 van 33 Versie 1

Nr

Thema

Bijzonderheden

-

-

-

6

Wbb-locaties

bodemrapport zelf is niet digitaal beschikbaar. Hierdoor is het onduidelijk of de locatie op basis van puin in de bodem als asbestverdacht beschouwd moet worden. DR-Stationsweg 13-17 (AA158100925) o Oriënterend bodemonderzoek d.d. juli 1995; Bij twee tanks een sterke en lichte verontreiniging met minerale olie die nog afgeperkt moet worden. DR-Stationsweg 9 (AA158100698) o Voormalige ondergrondse tanks. Niet-ernstige verontreiniging in grond- en grondwater. DR-Odijkerweg 1A-B (AA158100848) o Locatie thans opgegaan in Odijkerweg 1 (onbekend sinds wanneer exact). Daarvoor benzinebewaarplaats/benzinepompinstallatie Shell. Aanwezigheid 3 ondergrondse tanks onbekend. In HO vermelding van tanks uit gemeentearchief. Driebergen, Hoofdstraat 26 (depotterein SDZ) (AA158101265) o Aanvullend onderzoek d.d. maart 2018; maximaal licht verhoogde gehalten in grond- en grondwater. Geen puinbijmengingen in de bodem waardoor deze als asbestverdacht beschouwd moet worden. Hoofdstraat 26 te Driebergen-Rijsenburg (AA158100967) o Verkennend onderzoek d.d. december 1997: licht verhoogde gehalten in grond en grondwater. o Verkennend en aanvullend bodemonderzoek (eindsituatie) voormalig depot-en p&r-terrein SDZ d.d. 2020; Er blijkt sprake van een (vermoedelijk) ernstig geval van bodemverontreiniging met koper en nikkel in het grondwater.

Mogelijk gaat het hier om een verslechtering en daardoor deels nieuw geval van bodemverontreiniging. o Memo ‘Nader onderzoek naar grondwaterverontreiniging met koper en nikkel op de locatie Voormalig depotterrein Stationsgebied Driebergen-Zeist naast Hoofdstraat 26 Driebergen-Rijsenburg.’; Voldoende aannemelijk wordt gemaakt dat de eerder aangetoonde gehalten niet direct verband houden met de bedrijfsactiviteiten, omdat in de onverzadigde zone van de bodem geen verhoogde gehalten worden aangetoond. Driebergen-Rijsenburg, Odijkerweg 23-25 (AA158100946) o Historisch onderzoek d.d. december 2010; De status van de eerder aangetoonde verontreiniging met minerale olie is onbekend. o Aanvullend onderzoek d.d. februari 2011; Grondwater is licht verontreinigd. Olieproducten zijn niet verhoogd aangetoond o Nulsituatieonderzoek d.d. september 2013 & eindsituatieonderzoek d.d. januari 2015; geen verhoogde gehalten in grond en grondwater.

Op de volgende locaties is sprake van een Wbb-locatie:  UT035500358 Odijkerweg 26  UT035500519 Odijkerweg 48  UT158100211 Hoofdstraat 14  UT035533164 Odijkerweg 2 / Driebergseweg 26 Zeist Pagina 30 van 33 Versie 1

Nr

Thema

Bijzonderheden          

UT035500487 realisatie stationsuitbreiding en tunnel UT035500325 Lage Polder, Vinkenbuurt en Landgoed Rijnwijck UT035500100 Laan van Rhijnwijk UT035500578 Odijkerweg thv nr 54 UT158100212 Stationsgebied Driebergen-Zeist UT158133319 Driebergen, Hoofdstraat 26 (depotterein SDZ) UT158100210 Odijkerweg 1 UT035533154 Odijkerweg (ong.) t/m Odijkerweg t.h.v. nr. 16 (alleen OW) UT031600065 NS emplacement Driebergen-Zeist km 45 9-46 8 UT031600071 Odijkerweg 25

De bodeminformatie van deze locaties wordt beheerd door de RUD Utrecht en niet door de ODRU. Voor alle locaties geldt dat er in ieder geval ooit een vermoeden was van bodemverontreiniging. Voor de exacte (potentiële) verontreinigingssituatie en de status (sommige locatie zijn mogelijk al voldoende gesaneerd) moet bodeminformatie bij de RUD Utrecht worden geraadpleegd. 7

Huidige bedrijven

Door de Omgevingsdienst is nog geen onderzoek gedaan naar de aanwezigheid van huidige bedrijven.

8

Boomgaard

Binnen het plangebied zijn diverse voormalige boomgaarden bekend. De bovengrond (0,0 – 0,3 m-mv) is hiermee verdacht op de aanwezigheid van bestrijdingsmiddelen.

9

Asbest

De bodem kan verdacht zijn op het voorkomen van asbest vanwege asbesthoudend materiaal op het maaiveld, asbestverdacht plaatmateriaal in de bodem, ongedefinieerd puin in de bodem en asbestverdachte daken zonder functionerende dakgoot die afwateren op onverharde bodem. Bij bodemonderzoeken is al gekeken naar welke gegevens er zijn over asbest en de aanwezigheid van puin in de bodem waar er nog geen asbestonderzoek is gedaan. Sinds een uitspraak van de Raad van State op november 2016 dient ongedefinieerd puin in de bodem als asbestverdacht te worden beschouwd. Hierdoor zijn in het verleden locaties met puinhoudende bodem niet altijd onderzocht op de aanwezigheid van asbest. Als de aanleiding bijvoorbeeld een nul- of eindsituatie is waarbij asbest geen relevante parameter is, omvatten ook recente onderzoeken in de regel geen asbestbodemonderzoek. Op de website van de ODRU (Geoportaal) is te zien waar in het plangebied zich panden bevinden die op basis van luchtfoto’s asbestverdacht zijn. In het plangebied zijn meerdere asbestverdachte daken aanwezig.

Pagina 31 van 33 Versie 1

Bijlage Ecologie

Groen = NNN (natuurnetwerk Nederland). Globale ligging plangebied in de cirkel.

Pagina 32 van 33 Versie 1

Bijlage OO Achtergrondinformatie Hieronder staat het kaartmateriaal uit de bovengenoemde beschikbare bronnen opgenomen, waaruit is op te maken dat in het plangebied gedeeltelijk ‘verdachte’ deelgebieden bevat. Uitsnede uit kaartbijlage van Vooronderzoek Ontplofbare Oorlogsresten, Regio Driebergen-Rijsenburg en bosperceel te Maarn, Gemeente Utrechtse Heuvelrug (T&A Survey B.V., projectnummer GPR9638.1, versie 1, datum 14-04-2022)

Pagina 33 van 33 Versie 1

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15681836/1