CConstaterende datZeist
Koppel je AI →
Document · PDF

RV25.007 Startnotitie bijlage 1 def (nieuwe versie)

Raad 11 maart 2025, gemeente ZeistBij agendapunt: Integrale buurtaanpak Staatsliedenkwartier9.384 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Integrale Buurtaanpak Staatsliedenkwartier Startnotitie Zeist

17 december 2024

Colofon Team

Publicatiedatum

Voor het geheel of gedeeltelijk

17 december 2024

overnemen of bewerken van artikelen en/of beeldmateriaal

Adres

dient men toestemming aan

SVP Architectuur en Stedenbouw

Woongroen en Gemeente Zeist te

‘t Zand 17, 3811 GB Amersfoort

vragen. In de meeste gevallen zal die graag worden gegeven.

E-mail info@svp-svp.nl

Voorbehoud Aan deze publicatie kunnen geen rechten worden ontleend.

2

Integrale Buurtaanpak Staatsliedenkwartier Startnotitie Zeist

Startnotitie Staatsliedenkwartier Zeist

3

Inhoudsopgave 1. Inleiding

7

1.1

Aanleiding

7

1.2

Leeswijzer

8

2. Toekomstplan

9

2.1

Wat is het Toekomstplan?

9

2.2

Planning Toekomstplan

9

2.3

Stappen Toekomstplan

10

3.

De opgave in het Staatsliedenkwartier 

11

3.1

Het projectgebied

11

3.2

Doel en opgaven

11

4.

De opgave in het Staatsliedenkwartier 

14

4.1

Aandachtspunten vanuit buurt en omgeving

14

4.2

Aandachtspunten vanuit Woongroen en de gemeente

14

4.3

Context bestaand beleid

15

4.4

Raakvlakken met andere projecten

15

4.5

De uitgangspunten in het project

16

5. Samenvatting ruimtelijke en sociale analyse 17

4

5.1

Achtergrond Staatsliedenkwartier

17

5.2

Uitgangspunten vanuit de ruimtelijke analyse

19

5.3

Uitgangspunten vanuit de sociale analyse

20

6. Projectorganisatie

22

6.1

Samenwerking

22

6.2

Ruimtelijke kwaliteit

23

6.3

Aansturing van het project.

23

7.

Participatie 24

7.1

Aanpak 24

7.2

Doel 24

7.3

Fasering 24

7.4

Welke vorm van participatie?

25

7.5

Vaste plek in de buurt

26

8.

Communicatie

26

8.1

Communicatie over het project

26

8.2

Communicatie naar individuen

27

9. Ontwikkelstrategie, fasering en planning 

28

9.1

Stapsgewijze ontwikkeling

28

9.2

Processtappen

30

9.3

Overzicht planning korte en middellange termijn

31

Bijlagen I tot en met VII Bijlage I: Beleids- en visiedocumenten Bijlage II: Uitgangspunten gemeente Zeist en Woongroen Bijlage III: Onderzoek en verkenningen voorbereidingsfase Bijlage IV: Overzicht betrokkenen Bijlage V: Verslag gesprekken Bijlage VI: Panelen bewonersavond Bijlage VII: Verslag bewonersbijeenkomsten oktober

Startnotitie Staatsliedenkwartier Zeist

5

6

1. Inleiding 1.1

Aanleiding

In het noorden van Zeist ligt het Staatsliedenkwartier. Deze ruime volksbuurt uit de jaren ’50 is gebouwd om gezinnen uit Zeist na de tweede wereldoorlog een eigen huis te kunnen bieden. Bijna 75 jaar later vinden veel bewoners het nog steeds een fijne plek om te wonen. Het is groen, rustig en er zijn voldoende voorzieningen in de omgeving. Ooit bestond de woningvoorraad in het Staatsliedenkwartier vrijwel volledig uit sociale huurwoningen in de vorm van appartementen en portiekwoningen. In de jaren ’90 is een masterplan opgesteld om de buurt aan te pakken. Hierbij zijn veel appartementen vervangen en er zijn meer koopwoningen toegevoegd. De portiekwoningen in de buurt zijn al die tijd gebleven. Deze tweelaagse woningen zijn van matige bouwkwaliteit en zijn niet goed geïsoleerd. Ook is de woningplattegrond verouderd en deze sluit niet goed aan bij de huidige bewoners. Om die reden is woningcorporatie Woongroen in 2021 gestart met een onderzoek naar de toekomst van deze 308 woningen. Uit dit onderzoek is gebleken dat het niet rendabel is om de woningen te renoveren. De kosten zijn erg hoog in relatie tot de kwaliteit die het oplevert. Om die reden zullen de woningen vervangen worden. Daarvoor is een plan nodig. In 2023 vond het eerste overleg met de gemeente hierover plaats.

Een toekomstplan Het ontwikkelen van een plan voor de portiekwoningen biedt de kans om breder te kijken naar de toekomst van de hele buurt. Welke uitdagingen spelen er nog meer, en hoe kunnen deze integraal worden meegenomen? De samenstelling van de buurt is bijvoorbeeld sterk veranderd. Er zijn nu aanzienlijk meer een- en tweepersoonshuishoudens en een groeiend aantal ouderen, in vergelijking met de tijd dat de wijk werd gebouwd. Dit vraagt om een nieuw woningaanbod en een frisse kijk op de leefomgeving als geheel. Daarnaast klinkt vanuit diverse hoeken het signaal dat er aanzienlijke sociale uitdagingen zijn in de buurt. Veel bewoners hebben een beperkt inkomen en kampen met fysieke en/of mentale gezondheidsproblemen. In het toekomstplan wordt nadrukkelijk aandacht besteed aan deze sociale component. Verder zijn er, net als in veel Nederlandse wijken, in het Staatsliedenkwartier uitdagingen op het gebied van klimaatverandering. De energietransitie, veranderende mobiliteit, afnemende biodiversiteit en hittestress zijn thema’s die in het toekomstplan een plek krijgen.

Startnotitie Staatsliedenkwartier Zeist

7

Integrale aanpak

aandachtspunten voor het opstellen van het toe-

Om deze redenen is ervoor gekozen om de scope van

komstplan in hoofdstuk 4. De ontwikkelstrategie,

de planvorming te verbreden, zodat het niet alleen

fasering en planning komen aan bod in hoofdstuk 5.

gaat om het vervangen van de portiekwoningen,

De aanpak en inhoud van het Toekomstplan en het

maar om een integrale buurtaanpak die gericht is op

nieuwe omgevingsplan wordt uiteengezet in hoofd-

een toekomstbestendig en veerkrachtig Staatslieden-

stuk 6. De projectorganisatie wordt toegelicht in

kwartier. Woongroen en de Gemeente Zeist werken

hoofdstuk 7 en hoe omgegaan zal worden met

nauw samen aan dit toekomstplan, waarbij ook de

participatie wordt toegelicht in hoofdstuk 8.

bewoners en wijkpartners actief worden betrokken. Het doel is niet alleen om woningen te vervangen, maar ook om nieuwe woningen toe te voegen. Daarbij ligt er de kans om middeldure huur toe te voegen, dit komt in de gemeente Zeist lastig van de grond. Gezien de huidige woningnood is het toevoegen van woningen noodzakelijk, en het biedt tegelijk de mogelijkheid om de kwaliteit en differentiatie in de buurt te vergroten en het draagvlak voor voorzieningen in de omgeving te versterken. Deze startnotitie bevat de basisinformatie en uitgangspunten voor de ontwikkeling van het plan. Het document vormt de basis voor verdere planvorming en besluitvorming, en zal door de betrokken partijen, Woongroen en de gemeente, worden vastgesteld.

1.2

Leeswijzer

Deze startnotitie is als volgt opgebouwd: In dit eerste hoofdstuk wordt ingegaan op de aanleiding, doel startnotitie en wat een toekomstplan is. Hoofdstuk 2 gaat dieper in op de opgave die er ligt in de vorm van een afbakening van het projectgebied, doel en opgaven. In hoofdstuk 3 wordt ingegaan op het beleid dat van toepassing is op deze opgave. Daarna volgt in hoofdstuk 4 de ruimtelijke analyse van de buurt en de sociale analyse. In verschillende sessies zijn de ambities van Woongroen en van de gemeente Zeist opgehaald alsmede de eerste ideeën, wensen en zorgen van de bewoners, omwonenden, wijkpartners en ondernemers uit de omgeving. Dit heeft geleid tot de ambities en

8

2. Toekomstplan 2.1

Wat is het toekomstplan?

2.2

Planning toekomstplan

In het toekomstplan wordt het integrale plan voor de

Het proces om te komen tot het toekomstplan

buurt uiteengezet. Het toekomstplan beschrijft de

bestaat uit vier stappen.

visie en strategie voor de toekomstige ontwikkeling

•

en inrichting van het Staatsliedenkwartier. Het

Stap 1: Uitgangspunten definiëren en kernwaarden bepalen

schetst het beeld voor de lange termijn en bevat de

•

Stap 2: Visie vormen en variantenonderzoek

beoogde infrastructuur, de bebouwing, de groenvoor-

•

Stap 3: Voorkeursvariant en ontwikkelprincipes

zieningen van het gebied als ook de wijze hoe om te

•

Stap 4: Opstellen document, dialoog en vaststel-

gaan met transities op het gebied van bijvoorbeeld

len

mobiliteit, het milieu en de sociaal- maatschappelijke situatie. Omdat de herontwikkeling van de Staatlie-

Het proces start in december 2024 na de raadsinfor-

denbuurt zeker 10 jaar gaat duren speelt flexibiliteit

matieavond over de startnotitie. Elke stap duurt circa

een belangrijke rol en is er speciale aandacht voor de

8 weken. In mei 2025 is het toekomstplan afgerond.

fasering. Het toekomstplan wordt formeel vastgelegd

In onderstaand processchema is het proces en de

en vormt de basis voor de uitwerking in verschillende

planning weergegeven.

deelproducten. Het toekomstplan wordt samen met een ‘meedenkgroep’ gemaakt die bestaat uit een gewogen afvaardiging uit de wijk. Zie ook hoofdstuk 7 Participatie. 2024 Q1

Q2

2025 Q3

Q4

Q1

Q2

Q3

Q4

verkenningn en startnotitie ambities en kaders visie en strategie beeldkwaliteit en inrichting sociale aanpak

Planning toekomstplan

Startnotitie Staatsliedenkwartier Zeist

9

2.3

Stappen toekomstplan

Stap 1: Uitgangspunten en kernwaarden (januari 2025)

Stap 2: Visie en variantenonderzoek (februari 2025 – maart 2025) Het ontwikkelen van ruimtelijke en programmatische

Een belangrijk onderdeel van het toekomstplan is om

varianten en het bepalen van de fasering

in een zorgvuldig proces de kernwaarden van het

In deze fase worden verschillende ruimtelijke en

toekomstige Staatsliedenkwartier vast te leggen.

programmatische varianten uitgewerkt, waarbij ook

Deze kernwaarden zijn de pijlers waaraan tijdens elke

de fasering wordt bepaald. De varianten worden

stap in de ontwikkeling getoetst wordt.

afgewogen op basis van de kernwaarden, wat uiteindelijk leidt tot een voorkeursvariant met een

In de eerste stap van het opstellen van het toekomst-

heldere visie. Deze voorkeursvariant omvat een

plan gaan we de kernwaarden vanuit gedeelde

ruimtelijk raamwerk en voorbeelden van bebouwings-

ambities definiëren. Ze vormen de basis van de

mogelijkheden binnen bepaalde bandbreedtes (zoals

nieuwe identiteit van de buurt en helpen bij het maken

aantallen en hoogte). Een planeconomisch bureau is

van afwegingen gedurende het ontwikkelproces.

betrokken bij deze fase om mee te rekenen aan de

Juist omdat de ontwikkeling zeker 10 jaar in beslag

haalbaarheid van de verschillende varianten.

gaat nemen is het van belang deze centraal te stellen. ontwikkeling tegen het licht te houden en indien nodig

Stap 3: Ontwikkelprincipes en uitwerking voorkeursvariant (april – mei 2025)

bij te stellen.

De voorkeursvariant wordt uitgewerkt: Het ruimtelijk

Voorstel is ook om deze kernwaarden na 3 jaar

raamwerk wordt vastgelegd in profielen (boven- en Ook wordt de toekomstige ‘look en feel’ van de wijk

ondergronds) en in ontwerpprincipes voor de open-

verkend. Dit gebeurt aan de hand van voorbeelden

bare ruimte. De bijzondere plekken worden gedefini-

elders. Zo wordt een start gemaakt met het toekom-

eerd. Over de invulling van deze plekken kunnen

stige beeld van de wijk, als onderdeel van het bouwen

bewoners en betrokkenen in een latere fase meeden-

aan een identiteit.

ken.

In deze stap wordt met behulp van de transitiematrix

Ook voor de gebouwen worden ontwikkelprincipes

uit de Handreiking transformatie naoorlogse wijken

opgesteld. Het gaat daarbij over de overgang tussen

(mooi.nl) een beeld verkregen van hoe verschillende

de gebouwen en de openbare ruimte, de maximale en

transities van invloed zijn op de planvorming voor de

minimale bouwhoogte, de ontsluitingstypologie,

wijk. De analyse van het gebied, en de uitkomsten van

mogelijke typologieën en aantallen woningen. Ook

de matrix worden gebruikt als agenda voor nader

voor de omgang met entrees, de buitenruimte en

onderzoek zodat in de loop van het proces ook

bergingen worden uitgangspunten opgesteld.

hiervoor uitgangspunten kunnen worden geformu-

10

leerd.

Stap 4: Toekomstplan opstellen (juni - juli 2025)

Als laatste wordt deze fase ook benut om de nog

Het concept toekomstplan wordt opgesteld in april,

ontbrekende onderzoeken uit te voeren, zodat de

waarna in mei de reacties in een dialoogronde

uitkomsten daarvan meegenomen worden als

worden opgehaald. Zo kan het plan worden aange-

uitgangspunt bij het variantenonderzoek in stap 2.

scherpt voordat het de besluitvorming in gaat.

3. De opgave in het Staatsliedenkwartier 3.1

Het projectgebied

Voor een goede afbakening van dit project is er een

afbakening van het gehele Staatsliedenkwartier en de verschillende randen die aan dit gebied grenzen.

scope aangeduid met een plangebied en een effectgebied. De kern van opgave ligt rondom de 308

Met het groene vlak wordt het plangebied aangeduid,

portiekwoningen die de aankomende jaren dienen te

dit is het gebied waar de ontwikkeling over gaat. Het

worden vervangen. Om die reden is het plangebied

rode vlak geeft het effectgebied aan. Met de bewo-

gedefinieerd tussen de Thorbeckelaan, W. H. Vliegen-

ners, ondernemers en gebruikers van dit gebied vindt

laan, Ruys de Beerenbroucklaan, Johan van Olden-

afstemming over het nieuwe plan plaats.

barneveltlaan, Groen van Prinstererlaan en de Doctor H. Colijnlaan. In dit plangebied zullen de aankomende jaren de ruimtelijke ingrepen plaatsvinden. De ruimtelijke en sociale opgave hebben een effect op een veel groter gebied. Om die reden is er ook een effectgebied gedefinieerd. In dit gebied valt de

3.2

Doel en opgaven

Het hoofddoel van dit project is de vervanging van 308 portiekwoningen, met de nadruk op het realiseren van gezonde, kwalitatieve, duurzame en betaal-

Projectgebied en effectgebied Startnotitie Staatsliedenkwartier Zeist

11

bare woningen. Daarnaast is het verminderen van het

duurzame aanpak op voor de buurt maar zorgt ook

woningtekort een belangrijk doel, wat betekent dat

voor borging binnen de betreffende organisaties.

er extra woningen worden toegevoegd. Door meer

Hiervoor is vooral aan de voorkant meer afstemming

diverse woningen te bouwen dan er nu zijn, willen we

nodig. Om in focus, taal en timing elkaar te vinden.

inspelen op de uiteenlopende woonbehoeften van de

Dilemma’s te bespreken en echt gecommitteerd te

huidige bewoners en tegelijkertijd de doorstroming

zijn aan die gezamenlijkheid.

binnen de buurt bevorderen. Het streven is om een buurt te creëren met een goede balans en differenti-

Fasering

atie in het woningaanbod, waarbij betaalbaarheid

De ontwikkeling zal gefaseerd worden uitgevoerd

centraal staat, maar waar ook mogelijkheden zijn om

waarbij gedurende meerdere jaren (verwachting/

wooncarrière te maken.

streven is tien jaar) de buurt in transitie is. Ook daarom moet extra aandacht uitgaan naar de sociale

Bij het toevoegen van extra woningen zal rekening

component van de opgave. Want ook gedurende de

worden gehouden met wat goed is voor de wijkop-

transitieperiode moet er sprake zijn van een leefbare

bouw. Met oog op betaalbaarheid wordt gekeken

buurt waar mensen zich thuis voelen en waar oog is

naar de totale woonlasten. De nieuwbouw zal be-

voor sociale samenhang. De opgave is dus integraal

staan uit duurzame woningen met lage energiekos-

en drieledig:

ten. Hierdoor kunnen de woonlasten, ondanks een eventueel hogere huur, lager uitvallen dan nu het geval is. Daarnaast willen we de waardevolle eigenschappen van de buurt, zoals het groene karakter, behouden en versterken. Het doel is om het groen niet alleen biodiverser te maken, maar ook aan te passen aan het veranderende klimaat. De (groene) buitenruimte zal bovendien worden ingezet als een gezonde ontmoetingsplek, die kan bijdragen aan sociale cohesie, het verminderen van eenzaamheid en het stimuleren van zorg voor elkaar. Een integrale aanpak Om de doelen te bereiken gaat de fysieke aanpak van de buurt gepaard met een sociaal maatschappelijke. Herstructurering wordt als vliegwiel gebruikt om de buurt te verbeteren. Door deze integrale benadering willen we uiteindelijk een buurt creëren die optimaal functioneert voor haar bewoners, waarin iedereen zich thuis voelt en waarin de gemeenschap sterker en hechter wordt. Dit vraagt een proces waarin sociaal en fysiek ten alle tijden vanuit gezamenlijkheid optrekken en de buurt in gaan. Dit levert niet alleen een

12

1. Woningaanbod toekomstbestendig maken

overlast bij hevige regenval te voorkomen. Nu

•

Vervanging van 308 portiekwoningen voor

voldoet de wijk daar niet aan. Daarnaast is meer

passende woningen voor de huidige bewoners.

groen en minder verharding nodig om hittestress

Een mix van woningtypes voor verschillende

te voorkomen.

•

doelgroepen aanbieden: voor een goede balans

•

Een passende en meer efficiënte wegenstructuur.

in de buurt en doorstroming/wooncarrière in de Senioren: van groot naar kleiner, van trappen

3. Versterken van de leefbaarheid en de sociale cohesie:

naar gelijkvloers

•

buurt o o

Starters: van klein naar groter, van alleen naar samen

o

transformatie •

Doorstromer: van sociale huur naar midden huur of betaalbare koop, van samen naar

Ontmoetingsplekken creëren voor verschillende doelgroepen

•

gezin •

Gedegen Sociale aanpak als basis voor de

Behoud en indien nodig verbeteren van (bereikbaarheid) voorzieningen in de directe omgeving

Extra woningen toevoegen vanwege het grote

(onderzoek wat mensen missen/behoefte aan

woningtekort.

hebben) •

De bewoners en omwonenden op een juiste

2. De openbare ruimte toekomstbestendig maken:

manier tijdens de herontwikkeling ondersteunen

•

activiteiten organiseren met partners)

Het karakteristieke groen behouden en ecologisch versterken (t.b.v. biodiversiteit)

•

waar dat nodig is (betrokkenheid behouden,

Klimaatadaptieve openbare ruimte realiseren:

•

Een veilige en aantrekkelijke omgeving ook gedurende de transformatieperiode.

water vasthouden maar ook zorgen voor het bergen van voldoende hemelwater om water

Globale fasering Startnotitie Staatsliedenkwartier Zeist

13

4. De opgave in het Staatsliedenkwartier 4.1

Aandachtspunten vanuit

buurt en omgeving Naast de interne sessies met gemeente en corporatie is er o.a. op de caravandag van 19 juni ook een eerste keer met bewoners en omwonenden gesproken over wat zij ervaren als goed en minder in de buurt, wat ze zeker willen behouden en wat zou moeten veranderen. Daarnaast zijn er gesprekken geweest met Stichting Milieuzorg Zeist e.o. & Stichting Beter Zeist, ondernemers en organisaties die betrokken zijn bij de

ruimtelijke en sociale analyse leiden tot uitgangspunten voor het op te stellen toekomstplan (hoofdstuk 2). Om deze uitgangspunten te staven, aan te scherpen en dilemma’s aan het licht te brengen zijn er in het proces voorafgaand aan deze startnotitie met Gemeente en Woongroen samen werksessies geweest. In bijlage ll zijn de belangrijkste wensen, ideeën en aandachtpunten benoemd en naar thema gegroepeerd.

buurt.

Een van de belangrijkste doelen is de sociale structu-

Deze eerste gesprekken hebben geholpen om een

versterken. Het volkse wat de buurt uitstraalt, moet

duidelijker beeld van de opgaven te krijgen en dienden

een plek krijgen in de toekomstplannen. Ondanks dat

als input voor deze startnotitie.

er geen woningen staan met een monumentale

Vanuit brede bijeenkomsten met bewoners en

waarde heeft de verkaveling een kenmerkende

ondernemers is gebleken dat er draagvlak is voor de

blauwdruk uit de naoorlogse periode. Dit wordt

vernieuwing van de Staatliedenbuurt. Voor de meeste

zorgvuldig meegewogen in de planvorming.

ren van het Staatsliedenkwartier behouden en

bewoners is een toekomstbestendige woning een fijn vooruitzicht en de ondernemers zien meer potentiële

Verder is het belangrijk dat de er vaart gemaakt wordt

klanten.

met de ontwikkeling. Ondanks het feit dat er bewoners zijn die niets te klagen hebben, is er een groot

In de bijlage V is een volledig verslag te vinden van

gedeelte van de bewoners die last heeft van tocht,

deze caravandag en de resultaten van de 1:1 gesprek-

warmte en schimmels. De woningen die ervoor terug

ken. Bij het opstellen van het toekomstplan worden

gaan komen moeten voldoen aan het klimaat van de

de bewoners en de omgeving opnieuw betrokken. In

toekomst en moeten het woongenot flink doen laten

de eerste stap van de planvorming (toekomstplan)

toenemen. Wat hieraan bijdraagt is het opwaarderen

worden de kernwaarden voor het toekomstige

en uitbreiden van het aanwezige groen. Om de buurt

Staatsliedenkwartier gezamenlijk bepaald. Op welke

klimaatadaptief te maken en de biodiversiteit te laten

wijze dat gebeurt en met wie komt aan bod in het

toenemen is een flinke investering in het openbare

hoofdstuk over participatie.

gebied nodig.

4.2

Daarnaast is het van belang om vanuit de fysieke

Aandachtspunten vanuit

Woongroen en de gemeente De gestelde doelen, het beleid (uitgangspunten) en de

14

ontwikkeling de buurt van binnenuit te leren kennen om zo onderweg de maatschappelijke doelen te kunnen oppakken. De sociale renovaties van Vollen-

hove en in het centrum zijn hiervoor de inspiratie en

aantal van de extra woningen gelabeld kunnen

moeten leiden tot een breed gedragen sociale

worden als vrije sector huur of koop. Hetgeen ook

aanpak. Extra budget en capaciteit zijn hiervoor

nodig is om tot een haalbare business case te komen.

nodig. Op het gebied van duurzaamheid en klimaatadaptatie Vanuit onderwijshuisvesting en de huisartsen in Zeist

is er in deze buurt nog veel te winnen. De prestatieaf-

is aangegeven dat er behoefte is aan een extra

spraken zijn leidend in dit project. Gestreefd wordt

school en een gezondheidscentrum (evt. in combina-

naar de ambitie (goud) op het gebied van toekomst-

tie met het Wijkservicepunt). Voor beide voorzienin-

bestendig bouwen, maar wel zal onderzocht moeten

gen is het Staatsliedenkwartier in principe een goede

worden in hoeverre de ambitie (goud) van de ge-

plek. Hiermee komen er extra partijen aan tafel

meente Zeist haalbaar is.

waarmee de ontwikkeling per definitie complexer wordt. Daarnaast zou deze maatschappelijke bestemming ten koste gaan van het aantal woningen op deze

4.4

Raakvlakken met andere pro-

locatie. Wel zou de uitwisseling van percelen van-

jecten

wege doorschuivende scholen en huisartsen ergens

Het Staatsliedenkwartier is onderdeel van Zeist

anders in Zeist mogelijkheden kunnen geven voor

Noord, waar in de directe omgeving de afgelopen

woningbouw. Bij het opstellen van het toekomstplan

jaren diverse (fysieke) ontwikkelingen hebben plaats-

zal de inpassing van deze voorzieningen worden

gevonden. Zo realiseert Woongroen op de hoek

verkend en worden beoordeeld of dit passend is.

Schermerslaan-Vondellaan, direct grenzend aan het Staatsliedenkwartier, de bouw van een pand met 22

4.3

Context bestaand beleid

Het bestaande beleid dat relevant is voor de herontwikkeling van het Staatsliedenkwartier wordt samengevat in deze paragraaf. De belangrijkste documenten die hierop van toepassing zijn, worden vermeld in bijlage I.

sociale huurwoningen en een gemeenschappelijke woonkamer. Een deel van deze woningen is bestemd voor begeleid wonen en voor mensen die tijdelijk onderdak nodig hebben om dakloosheid te voorkomen. Voor de aangrenzende wijk Vollenhove is een ge-

Insteek van de herontwikkeling is een leefbare,

biedsvisie opgesteld. Deze visie richt zich op de

toegankelijke en gezonde buurt creëren, waarin het

voorzieningen die nodig zijn om in de toekomst

prettig wonen en verblijven is. Eén van de kernpunten

prettig te kunnen wonen, werken, ontmoeten en

is dat de verdeling van de totale woningvoorraad in

opgroeien in Vollenhove, met speciale aandacht voor

het Staatsliedenkwartier na de herontwikkeling goed

de sociale problematiek. Hierbij is een ‘sociale

uitgebalanceerd moet zijn. Er worden 308 sociale

aanpak’ van kracht. Deze aanpak geldt ook voor de

huurwoningen teruggebouwd. Als alle extra woningen

renovaties van 300 sociale huurwoningen in het

voldoen aan de laatst geldende differentiatietabel is

centrum.

de vraag of dit aan de leefbaarheid ten goede komt. Over de gehele buurt gezien is het sociale percentage

Deze laatstgenoemde projecten laten zien wat er

nu 85%. Streven is de verhouding aan te houden die

nodig is om aan de slag te gaan in een wijk als het

bij nieuwe ontwikkelingen gebruikelijk is. Voor het

Staatsliedenkwartier. Een belangrijke les uit deze

Staatsliedenkwartier betekent dit, dat een groot

processen is om vanaf het begin extra te investeren

Startnotitie Staatsliedenkwartier Zeist

15

in het betrekken van een bredere groep bewoners en

Een verdubbeling van het woningaantal betekent dat

stakeholders, dus niet alleen bewoners en stakehol-

de gemiddelde bouwhoogte minimaal vier bouwlagen

ders uit het projectgebied. Ontwikkelingen hier

is. De bouwhoogte staat in relatie tot de specifieke

hebben namelijk een breder ‘effect’. Denk daarbij als

locatie en wat daar ruimtelijk en stedenbouwkundig

thema’s zoals mobiliteit en groen. In contact komen

mogelijk is. Gebouwen kunnen dus ook hoger of lager

en blijven met deze partijen verscherpt het plan maar

zijn. Accenten tot 7, 8 à 9 lagen zijn daarbij mogelijk.

zorgt vooral ook dat er geen ruis ontstaat in het proces.

Uitgangspunten samengevat: •

In dit project is er nadrukkelijk voor gekozen om de winkelstrook aan de Johan van Oldenbarneveltlaan

wordt versterkt •

niet mee te nemen. Er liggen wensen om hier ook een integraal plan voor te maken, maar dit zit niet binnen

Het aantal sociale huurwoningen blijft minimaal gelijk

•

de scope van Woongroen voor dit gebied.

Alle huidige bewoners kunnen terugkeren in de wijk

Mocht er wel iets gaan lopen op dit vlak dan zal er

•

Leefbaarheid en leefomgeving versterken

naar koppelkansen gekeken gaan worden.

•

Portiekwoningen worden appartementen

•

Meer woningen (mogelijk een verdubbeling) om

4.5

De uitgangspunten in het

project

woningtekort tegen te gaan •

Daarin wordt beschreven hoe de belanghebbenden bij dit project betrokken gaan worden. Hierin is het van essentieel belang om duidelijke uitgangspunten te hebben. Ook om de maatschappelijke waarde te maximaliseren. Welke onderdelen mogen gevormd worden in de participatie en welke punten staan vast.

Daardoor gaan we op sommige plekken de hoogte in, accenten tot 7, 8 à 9 lagen zijn daarbij

Hoofdstuk 8 gaat verder in op het participatieproces.

mogelijk •

Parkeren op straat (zoals nu) en onder de gebouwen (parkeernorm uitgangspunt)

•

Meer variatie in woninggrootte in de wijk

•

Alle woningen krijgen een volwaardige buitenruimte

•

Er komen ook vrije sector huur- en koopwoningen

In voorgaande hoofdstukken is beschreven dat deze

(woonvisie uitgangspunt, afhankelijk van veer-

buurt zich leent voor de toevoeging van woningen.

kracht en balans in de buurt)

Het gaat hier niet ten koste van het groen en bij een

•

Naast wonen ook maatschappelijke

juiste woningdifferentiatie ook niet van de leefbaar-

voorzieningen te realiseren, waaronder een

heid.

school en een gezondheidscentrum

Een uitgangspunt in dit project is dan ook het terugbouwen van 600 tot 700 woningen. Deze toevoeging aan de woningvoorraad is een mooi signaal richting de duizenden woningzoekenden in de regio. Wanneer uit het onderzoek komt dat een school ook onderdeel van dit plan moet gaan zijn dan zal dit uitgangspunt evenredig bijgesteld moeten worden.

16

Groene karakter van de wijk blijft behouden en

5. Samenvatting ruimtelijke en sociale analyse 5.1 Achtergrond

In 1800 werd het gebied opgenomen in Landgoed

Staatsliedenkwartier

Vollenhoven en in 1903 werd het onderdeel van het

Het Staatsliedenkwartier is gelegen aan de noorde-

besloot de Gemeente Zeist om 11 hectare van het

lijke rand van Zeist vlak bij de snelweg A28 en heeft

Sanatoriumbos aan te kopen voor de ontwikkeling

een rijke geschiedenis die nauw verbonden is met het

van het Staatsliedenkwartier. Dit leidde in 1951 tot de

landschap van de Utrechtse Heuvelrug. De buurt is

bouw van sociale woningen, bedoeld voor gezinnen

gebouwd op de overgangszone van de stuwwal, waar

en arbeiders die op zoek waren naar betaalbare

smeltwaterafzettingen een belangrijke rol speelden

huisvesting.

Sanatorium Zeist. Na de Tweede Wereldoorlog

in de vorming van het gebied. Dit stuk land kende een afwisselend karakter: door de eeuwen heen, het was

De buurt heeft een ruime stedenbouwkundige opzet

soms meer bebost en soms meer open terrein.

met een mozaïek van open blokken met portiekwoningen, eengezinswoningen in stroken en alzijdige vrijstaande appartementengebouwen. Het ontwerp van de buurt sluit duidelijk aan bij de in de jaren 50 gangbare modernistische stijl met aandacht voor licht, lucht en ruimte. In de jaren 90 heeft de buurt een eerste vernieuwing doorgemaakt. De appartementengebouwen zijn vervangen door nieuwe en de open portieken hebben een afsluitbare entree gekregen. De buurt voelt zeer ruim aan en heeft een zekere ruimtelijke overmaat. Dit komt voornamelijk door onbebouwde koppen van woningbouwblokken, brede straten, diepe voortuinen en diepe achtertuinen. Dit

Ontwerp Landgoed Vollenhove

maakt ook dat de buurt heel geschikt oogt voor een mogelijke verdichting van het aantal woningen. Het gebied heeft verschillende ontsluitingswegen. De belangrijkste ontsluitingsroute is via de Thorbeckelaan en de Johan van Oldenbarneveltlaan richting de Panweg aan de oostkant van het gebied. Secundair zijn de verbindingen die via de Schermerslaan en de Burgemeester Patijnlaan lopen. De Burgermeester Patijnlaan is tevens de belangrijkste verbinding voor fietsers die zich richting het centrum van Zeist willen

Bouw van de buurt in 1951

begeven. Ook bewoners uit de wijk Vollenhove fietsen

Startnotitie Staatsliedenkwartier Zeist

17

Oorspronkelijk Stedenbouwkundig plan

vanuit de noordkant door het Staatsliedenkwartier

aan. Wegen en stoepen doorbreken de groenstructu-

richting het centrum van Zeist.

ren waardoor het groen versnipperd wordt. De grotere plantsoenen zijn matig aan elkaar verbonden.

18

Vandaag de dag zien we een buurt met een sterk

Opvallend zijn de ruime voortuinen. Deze worden

groen karakter. Vooral de volwassen bomen die

wisselend gebruikt. Sommige bewoners hebben de

verspreid staan door de buurt versterken dit gevoel.

tuin volledig ingericht, andere bewoners lijken niet om

Ook bij de hoeken van de blokken is er ruim groen

te kijken naar hun tuin. Dit verschil in gebruik zegt ook

aanwezig wat bijdraagt aan de groene uitstraling. Het

iets over de diversiteit van de groep bewoners in de

aanwezige openbaar groen op maaiveld bestaat

buurt. Bewoners die wel allemaal in precies dezelfde

vooral uit gemaaid gras en doet enigszins schraal

woning terecht zijn gekomen.

De architectuur van de portiekblokken is sober en

de herstructurering van de afgelopen jaren is al een

heeft typische jaren 50 kenmerken en detaillering.

hogere dichtheid gerealiseerd. De huidige dichtheid

Aardig zijn de ruitvormige ramen in de portieken op

wordt ook wel tuinstedelijk genoemd.

de verdieping. Ook de schoorstenen dragen bij aan het architectonisch beeld. Er is amper reliëf in de

Kabels en leidingen liggen deels in uitgeefbaar

gevel: enkel de in de jaren 90 toegevoegde entree

gebied. In een latere fase zijn voortuinen uitgegeven

steekt uit. Op details na zijn de portiekflats op alle

aan de bewoners over de kabels en leidingen heen.

plekken hetzelfde. Ook de rijwoningen zijn verwant.

Deze leidingen en riolering gaan nog ongeveer 30 jaar

De architectonische samenhang draagt eraan bij dat

mee en blijven behouden.

de wijk wordt ervaren als een ruimtelijke eenheid. Deze stedenbouwkundige samenhang heeft wel te

Het is een zeer groene buurt met waardevolle groen-

lijden gehad van de eerste herontwikkelingsfase in de

structuren. Behoud van deze structuren is uitgangs-

jaren ’90. Er is gekozen voor een plotsgewijze aanpak,

punt voor het plan. Bomen inmeting en -onderzoek

waar vooral is gekeken naar de beoogde doelgroep

zijn leidend voor de bebouwingsmogelijkheden.

en de typologie en minder naar architectonische

De wegenstructuur van de wijk kent geen hiërarchie:

samenhang, de stedenbouwkundige compositie en

alle straten zijn rechtstanden met in twee richtingen

de openbare ruimte. Dit laatste heeft geleid tot verlies

verkeer en langsparkeren aan twee zijdes. Bij de

van groen en het toevoegen van parkeren waardoor

nieuwbouw van appartementengebouwen is deze

de buurt op deze vernieuwde plekken een beduidend

structuur aangepast en zijn parkeerpleintjes gemaakt

minder lommerrijk karakter heeft. De architectoni-

ten koste van groen. Binnen het projectgebied zijn in

sche expressie van het individuele gebouw gaat,

totaal 141 parkeerplaatsen aanwezig voor 308

zoals typisch is voor de transformaties van de jaren

woningen. Dit komt neer op een norm van 0,46 pp/

90, boven de stedenbouwkundige samenhang.

wo.

Cijfers en feiten plangebied

5.2

Het ruimtegebruik in het plangebied is 36,8% uitgeef-

Uitgangspunten vanuit de

baar, 22,5% groen en 40,7% verharding. Met 308

ruimtelijke analyse

woningen is de gemiddelde dichtheid van de wijk 38,5

•

wo/ha. De wijk is oorspronkelijk zeer ruim opgezet. Bij

Centrale groene ontmoetingsplek is het hart van de buurt

Startnotitie Staatsliedenkwartier Zeist

19

•

Groenstructuur is leidend voor de ontwikkeling

Sociale aanpak toekomstplan

•

Combinatie van huidige rustige samenhangende

Wat er tot op heden aan informatie is opgehaald is

jaren 50 bouw en de nieuwbouw vraagt om een

enkel de basis waarop gedurende het proces verder

nieuwe visie op het architectonisch karakter van

gebouwd kan worden. Dit moet uiteindelijk gaan

de wijk

leiden tot een passende sociale aanpak. In dit plan

Directe relatie met de voorzieningen strip aan de

voor de sociale aanpak wordt beschreven welke

zuidzijde en park aan de noordzijde

doelen moeten worden bereikt en met welke capaci-

Overmaat in de ruimtelijke structuur/uitgeefbare

teit, hoe de financiering wordt georganiseerd en

gebieden biedt ruimte voor verdichting Hoog-

vanuit welke organisaties deze herontwikkeling

bouw is mogelijk maar gaat uit van goede

sociaal wordt begeleid. Om de basisinformatie te

aansluiting op directe omgeving

verkrijgen zijn diverse bronnen bij Woongroen en de

Kabels, leidingen en riolering zijn van goede

gemeente geraadpleegd en zijn er daarnaast ge-

kwaliteit en blijven behouden. In het ruimtelijk

sprekken gevoerd in de wijk. Hieronder volgt een

plan dient rekening te worden gehouden met de

overzicht van de opgehaalde informatie.

• •

•

inpassing ervan • •

Ontsluiting van de wijk via Johan van Oldenbarne-

Uit bronnen

velt en de Thorbeckelaan via de Panweg

Zonder volledig te zijn blijkt uit de gezondheidsmoni-

Parkeren vraagt om een totaalvisie, nu zijn

tor van de GGD dat een groot aandeel bewoners van

parkeeroplossingen ontstaan in de tijd.

het Staatsliedenkwartier arbeidsongeschikt is. Ook zijn er veel bewoners met minimaal één beperking in

5.3

Uitgangspunten vanuit de

sociale analyse

horen, zien of mobiliteit. Beide punten scoren relatief het hoogste in Zeist. Verder is er een hoog risico op angststoornissen en/of depressieve klachten. Dit kan

Vanwege het hoge percentage woningen van de

samenhangen met de onvoldoende kwaliteit van

woningcorporatie in deze buurt is er in dit project

groen in de buurt. Een groot aandeel bewoners gaat

extra aandacht voor de sociale kant. Het gaat over

niet voor de gezelligheid bij familie, vrienden, kennis-

de woningen van 308 huishoudens met in totaal

sen of buren langs of komen niet bij hem/haar thuis

ongeveer 600 bewoners. Hoewel dit niet voor alle

langs. Zodoende is er veel eenzaamheid. Er is veel

bewoners geldt, hebben mensen die zijn aangewezen

contact met de GGZ, de maatschappelijke participatie

op een sociale woning vaak meer zorgen ten aanzien

is laag en bewoners hebben weinig regie over het

van hun bestaanszekerheid en hebben ze gemiddeld

eigen leven.

vaker te maken met diverse problematiek. Naast alles

Bron: Gezondheidsmonitor 18-64 jaar 2020 Zeist.

wat er al speelt bij deze gemiddeld meer kwetsbare

20

bewoners, brengt de beoogde herontwikkeling on-

Een aantal van deze aandachtspunten relateert sterk

zekerheid en extra zorgen met zich mee. Naast een

met de cijfers uit ZorgNed. Deze applicatie onder-

plan voor fysieke kant van de herontwikkeling dient er

steund wijkteams en het sociale domein in verschil-

dus ook een plan voor de sociale kant te worden ont-

lende processen. Hieruit blijkt dat 138 (45%) van de

wikkeld. Om dit plan (als onderdeel van het toekomst-

308 adressen in contact zijn (geweest) met ST/ CJG,

plan) te kunnen maken is een sociale analyse nodig.

dit kan ook een eenmalig contact zijn geweest. 75

In deze paragraaf wordt ingegaan op hoe de sociale

inwoners hebben ondersteuning of een hulpmiddelen

kant in beeld is gebracht en welke input is opgehaald.

vanuit de Wmo (hulp bij huishouden, begeleiding,

rolstoel etc) en 40 kinderen hebben hulp vanuit de Jeugdwet. Bron ZorgNed, peildatum 01-05-2024 In het gebied zijn er 14 adressen met huurachterstanden, 38 slepers (met chronische voortslepende huurachterstanden) en 10 overlastzaken. Uit de getallen van Woongroen blijkt niet dat er deze betalingsproblematiek bovengemiddeld is. Dit geldt ook niet voor de mate van overlast. De woonduur met gemiddeld 15 jaar langer dan het gemiddelde in Zeist. Gemiddeld blijft men 12,5 jaar in dezelfde woning.

Gesprekken met buurtpartners De partners in de wijk herkennen de cijfers vanuit de gezondheidsmonitor. Tegelijkertijd zijn er andere buurten in Zeist die nog meer aandacht vragen, waardoor men aangeeft niet voldoende zicht te hebben op de concrete of specifieke problematiek in het dagelijkse leven van mensen. Mogelijk zijn er veel verborgen problemen en vragen mensen minder om hulp maar mogelijk is de zelfredzaamheid of samenredzaamheid hoger dan de cijfers doen vermoeden.

Gesprekken met bewoners In onze eerste ontmoetingen met de bewoners, tijdens een inloopmoment, naar aanleiding van onze bewonersbrief en tijdens onze caravandag, benoemen veel bewoners (ca. 100 adressen) dat het prettig wonen is in het Staatsliedenkwartier. Dit signaal wordt herkend door de wijkpartners. Het is er relatief rustig, er zijn prima voorzieningen en men kent elkaar. Veranderingen doen echter een groot appél op de flexibiliteit van mensen en het is de vraag hoeveel ‘ruimte’ er (in tijd en hoofd) voor bewoners is om nu mee te denken over een plan voor de komende 10-15 jaar. Dat vergt een zorgvuldig proces van informeren, afstemming en advies ophalen.

Startnotitie Staatsliedenkwartier Zeist

21

6. Projectorganisatie Gemeente en Woongroen zijn samen verantwoorde-

Werkgroep fysieke planvorming

lijk voor het organiseren en begeleiden van het

In de fysieke werkgroep wordt het ruimtelijk plan

voorgenomen proces. Hierin voert Woongroen de

gemaakt. De werkgroep is verantwoordelijk voor het

regie.

Toekomstplan, het omgevingsplan en de deelplannen. De projectleiders van Woongroen en de gemeen-

6.1

Samenwerking

De gemeente Zeist en Woongroen hebben in april 2024 een intentieovereenkomst gesloten voor de (her)ontwikkeling van het Staatsliedenkwartier. Woongroen is eigenaar van het merendeel van de percelen die worden herontwikkeld. Er zijn daarnaast nog 12 eigenaren van woningen in gedeelde VvE met Woongroen in het plangebied. In de intentieovereenkomst zijn nadere afspraken gemaakt voor de ontwikkeling. Deze bepalingen zijn uitgangspunt voor deze startnotitie.

te, het stedenbouwkundig bureau en de stedenbouwkundige van de gemeente vormen het basisteam aangevuld met adviseurs op het gebied van planeconomie, juridische planvorming, groen en ecologie, beheer en mobiliteit. Deze adviseurs en/of ambtelijk specialisten worden afhankelijk van de planfase aangehaakt.

Werkgroep sociale planvorming In de werkgroep sociale planvorming worden de sociaal-maatschappelijke opgaven aangepakt. De participatie van bewoners, de huisvestingsplannen en

Voor Zeist (dus de gemeente) is het van belang dat er

alles wat nodig is voor het behoud van de leefbaar-

een gezonde en goede leefbare wijk komt met meer

heid gedurende het proces als ook de aanpak en visie

woningen. In het kader van dat belang wordt er een

vorming ten aanzien van de sociaal maatschappelijke

anterieure overeenkomst opgesteld waarin afspraken

toekomst van de wijk.

gemaakt worden over de verdeling van het planrisico tussen de gemeente en Woongroen. Beide partijen

In deze werkgroep zitten de sociaal projectconsulent

gaan actief op zoek naar passende subsidies om de

van Woongroen, de sociaal projectleider van de

financiële continuïteit en gestelde uitgangspunten te

gemeente en het participatiebureau. Uitgangspunt

kunnen borgen.

voor de participatie is het organisch/agile proces waarbij elke 6 maanden de voorliggende opgaven

Projectgroep

worden gedefinieerd en er een aanpak voor wordt

Om de planvorming te begeleiden wordt één geza-

bedacht. De basis voor deze sociale aanpak is

menlijke projectgroep ingericht. Deze wordt aange-

onderdeel van het toekomstplan. Dit organische/

voerd door de projectleider van Woongroen. In de

agile proces geldt niet voor de participatie van de

projectgroep zitten daarnaast de gemeentelijke

ruimtelijke producten, daarvoor wordt het participatie-

projectleider, de verantwoordelijken voor de interne

proces van tevoren bepaald of het is wettelijk bepaald

en externe communicatie van zowel Woongroen en

(omgevingsplan).

de gemeente, als een afvaardiging van de twee

22

werkgroepen: de sociale werkgroep en de fysieke

Verantwoordelijkheden

werkgroep.

De werkgroep sociale planvorming is verantwoorde-

lijk voor de communicatie met de sociale partners en

zodat beoordeling van de architectonische kwaliteit in

de buurt. De werkgroep ruimtelijke planvorming is

lijn is met de nota en aansluit bij andere welstandsad-

verantwoordelijk voor voortgang richting de formele

viezen.

procedures. Voortgang wordt besproken in de projectgroep. De projectleider draagt zorg voor de

6.3

Aansturing van het project.

overall projectleiding, communicatie en afstemming

Er zal een structureel overleg worden ingepland met

over het project.

de portefeuillehouder. Hierbij zijn in ieder geval de projectmanagers van Woongroen en de gemeente

Communicatieteam

Zeist aanwezig.

Het communicatieteam bestaat uit twee personen: één persoon is verantwoordelijk voor de communica-

Naast alle standaard documenten (beeldkwaliteits-

tie richting de gemeente: de raad en het bestuur De

plan, omgevingsplan), uit de RO-procedures rondom

andere persoon is gericht op de communicatie met

de BOPA en de omgevingsplan wijziging, zal deze

de bewoners en de omgeving.

startnotitie ook als voorstel worden aangeboden aan

6.2

Ruimtelijke kwaliteit

de raad. Updates worden gegeven in de reguliere rapportages van de versnellingsopgave. Mocht er

Het voornemen is om voor de herontwikkeling van

aanleiding toe zijn dan worden er extra raadsinforma-

het Staatsliedenkwartier een kwaliteitsteam te

tieavonden georganiseerd.

benoemen. Het kwaliteitsteam vervangt de commissie ruimtelijke kwaliteit (CRK). Het kwaliteitsteam beoordeelt integraal, dus naast de architectonische plannen ook het landschaps- en stedenbouwplan en de duurzaamheid. Integrale planbeoordeling sluit aan op de nieuwe omgevingswet. Een lid van het welstandteam maakt deel uit van het kwaliteitsteam, Startnotitie Staatsliedenkwartier Zeist

23

7. Participatie 7.1

Aanpak

omwonenden en stakeholders

Om bewoners echt mee te nemen in de aanpak, zal

2. Informeren over de ontwikkelingen en de voort-

het projectteam vooraf maar ook tijdens het proces

gang van het project (ook zorgen kunnen wegne-

regelmatig in gesprek gaan over de mate en timing

men)

van participatie. Om telkens een diverse groep te

3.

Raadplegen over de inhoud van de plannen (met

bereiken is er ook aandacht nodig voor de vorm van

input bewoners en omwonenden wordt het plan

deelname. Ervaring leert dat niet elke bewoner

beter)

deelneemt aan georganiseerde bijeenkomsten en dus

4.

is creativiteit gewenst. Dicht bij de mensen, op de

Sociale cohesie versterken (meer contact en minder eenzaamheid)

vindplekken waar zij samenkomen kan het team

5. Versterken van de relatie tussen Woongroen en

informatie geven en ophalen, als ook draagvlak

Gemeente en de bewoners (betrouwbaar en

creëren voor het plan.

benaderbaar) 6.

Werken aan een buurt die echt “van de bewoners

Er zijn partijen en wijkwerkers die al jaren werkzaam

voelt” door middel van coproductie op specifieke

zijn in het Staatsliedenkwartier en al contacten

thema’s

hebben opgebouwd. Dat zal worden benut en is noodzakelijk voor borging. Tegelijkertijd kan een

7.

Stimuleren om in de toekomst actiever bij te dragen aan de buurt

externe partij met frisse blik, en andere onafhankelijkheid, het proces begeleiden en focus behouden voor het projectteam. Zodat de sociale aanpak een gedegen plek krijgt binnen de totale aanpak. Om het tempo en de actualiteit in de buurt te kunnen volgen, zal ook onze aanpak organisch vorm krijgen. Telkens zorgen voor focus om de aanpak voor de opvolgende zes maanden in lijn te krijgen. Het participatie-traject, gericht op ontwerp, start in

7.3

Fasering

Voorbereidingsfase Participatie begint allereerst met het kenbaar maken dat er plannen zijn om een buurt te herontwikkelen. Een boodschap met veel impact. Niet wetende hoe de buurt zal reageren en of er bereidheid is om in gesprek te gaan hebben we in veel zorgvuldigheid enkele stappen doorlopen.

het najaar van 2024, voor die tijd werkt het projectteam aan relatieopbouw en verdieping van de buurt

In de voorbereidingsfase is op verschillende momen-

zodat het traject passend is voor wat hier nodig is.

ten gesproken met bewoners, omwonenden en

We passen een maatwerk aanpak toe bij het Staats-

betrokkenen uit de omgeving. In onderstaand sche-

liedenkwartier.

ma is weergegeven hoe dit is gebeurd en wat de

7.2

24

Doel

intentie was van deze contactmomenten. Doel van dit proces in de voorbereidingsfase was bewoners en

Het participatietraject heeft het volgende doel:

omgeving informeren over de plannen, eerste reac-

1.

ties peilen en inzicht krijgen in de wijze waarop

Inzicht krijgen in de belangen van bewoners,

bewoners en omgeving in het vervolg betrokken

Vanuit deze groep wensen we een meedenkt-team

willen zijn en geïnformeerd willen worden.

samen te stellen voor (in eerste instantie) het opstellen van het toekomstplan.

Tijdens het buurtonderzoek hebben we meer dan 100 adressen gesproken. Er was een hoge mate van betrokkenheid doordat buurtbewoners ons zelf kwamen opzoeken bij de caravan. Ook hebben we bij alle blokken, op minimaal 2 adressen, aangebeld om daar het eerste contact te leggen. In totaal hebben 45 bewoners aangegeven actiever betrokken te willen zijn in een vervolgproces. In een eerste bijeenkomst is deze groep bewoners uitgenodigd, plus wederom een algemene oproep aan de buurt, om de inhoud van deze startnotitie, het

7.4

Welke vorm van participatie?

Het toekomstplan wordt gemaakt samen met een meedenk-team dat bestaat uit een gewogen afvaardiging uit de wijk: bewoners die terugkeren (oud én jong), omwonenden, ondernemers, welzijnswerkers en of vrijwilliger buurthuis etc. Het meedenk team bestaat uit gemotiveerde mensen die zich voor de duur van het opstellen van het toekomstplan willen inzetten. Overige uitgangspunten voor het meedenkteam:

proces en een eerste inhoudelijke verkenning te

•

Goede afstemming komt vanuit de wijk

delen. Er zijn bewoners van circa 100 woningen bij

•

Denken vanuit algemeen belang en de toekomst

deze bijeenkomst geweest en ongeveer 30 omwonenden.

van de wijk •

Afspiegeling: bewoner, omwonenden, anders

Startnotitie Staatsliedenkwartier Zeist

25

betrokken bijv. ondernemer, vrijwilliger, werknemer > misschien kan dus niet iedereen meedoen

8. Communicatie

•

Alleen bewoners die terug willen keren

•

Woonduur (kort maar terug willen keren, lange

De communicatie over dit project bestaat uit twee

historie)

delen:

• •

Open setting, vrij praten op eigen titel (geen achterban)

1. Communicatie over het project

Geen woordelijk verslag, maar enkel acties en

Communicatie over het Toekomstplan en (later) de

besluiten

fasering per blok. Dit volgt het tempo van de participatie en ondersteunt de participatiestrategie. De

Uitgangspunt is om maximaal vijf bijeenkomsten te

gemeente Zeist en Woongroen zijn samen afzender

organiseren die door het ontwerpbureau worden

van deze communicatie.

voorbereid en worden begeleid door een onafhankeren. Kijkend naar het ‘Handvat Participatie voor

2. Communicatie over individuele situaties huurders en eigenaars

Inwoners en Initiatiefnemers’ komt het overeen met

Woongroen heeft daarnaast de taak om met individu-

‘Werk-‘ en ‘Klankbordgroepen’. Daarnaast is het

ele huurders en eigenaars van de portiekwoningen te

voornemen om met de groene groepen een ‘Expert-

communiceren over de effecten van dit project.

bijeenkomst’ te organiseren met een focus op

Bijvoorbeeld over verhuizen, sociaal statuut, en

biodiversiteit en ecologie. Daarnaast zijn er brede

dergelijke. Woongroen is afzender van deze commu-

participatiemomenten waarbij inwoners van Zeist

nicatie.

lijk procesleider. Het niveau van participatie is advise-

worden geïnformeerd en geconsulteerd als zij daar behoefte aan hebben.

7.5

Vaste plek in de buurt

Communicatie over het

project Communicatie over het project volgt de tred van de

Bij grote langdurige ontwikkelingen is het van essenti-

participatiestrategie. Onze doelgroepen worden goed

eel belang dat er een locatie is waar bewoners en

op de hoogte gehouden van alle stappen die we

omwonenden terecht kunnen met vragen. Het is niet

samen met de buurt zetten om tot een plan te

noodzakelijk dat er veertig uur in de week iemand van

komen. Mensen die willen meedenken krijgen daar de

het projectteam aanwezig is. Wel moet er een vaste

gelegenheid voor via het meedenk-team, maar ook

locatie zijn waar op standaard momenten iemand

tijdens de gesprekken die in de wijk worden gevoerd.

beschikbaar is voor het beantwoorden van vragen en

Dit blijven we doen, zodat we op een laagdrempelige

het wegnemen van zorgen. Voor het Staatslieden-

manier zichtbaar en vindbaar zijn in de wijk. We

kwartier zou het Wijkservicepunt Noord een logische

communiceren de uitkomsten van sessies terug naar

plek zijn. Dit is momenteel een bekende ontmoetings-

de hele wijk. Ervaring leert dat we onze aanpak

plek midden in de buurt. In het project zal gekeken

moeten blijven aanpassen op de behoefte van de

worden naar welke investeringen er nodig zijn om de

wijk. We monitoren het effect van communicatie en

locatie de komende jaren geschikt te maken voor

stellen onze aanpak daarop bij.

deze functie.

26

8.1

Doel: 80% van de bewoners, omwonenden en onder-

een verdiepingsslag. Dan wordt gericht met betrok-

nemers weet van de plannen en weet hoe men in

ken huurders en eigenaren gecommuniceerd over de

contact kan komen met het projectteam.

verandering en wat dat voor hen betekent.

Middelen: Meedenk-team, nieuwsbrieven, bijeenkom-

Doel: Alle bewoners van de portiekwoningen worden

sten in de wijk, huis-aan-huisgesprekken, website

goed geïnformeerd over het effect van het project op

Woongroen en gemeente Zeist, huis-aan-huisblad,

hun persoonlijke situatie. Bewoners ontvangen daarbij de benodigde hulp.

Samen maken we het plan voor een toekomstbesten-

Middelen: Brieven, individuele gesprekken, VVE

dig Staatsliedenkwartier. Met huidige en toekomstige

bijeenkomsten (eigenaren).

bewoners. Ook woningzoekenden krijgen daarom een stem in dit project. We zoeken actief naar woningzoe-

Een uitgebreidere beschrijving van de communicatie-

kenden die mee willen denken in dit project.

doelen, doelgroepen, kernboodschap en middelen staat in de communicatiestrategie en het bijbeho-

Doel: We geven woningzoekenden een stem in dit

rende uitvoeringsplan.

project. Het meedenk-team zou hiervoor een goed medium kunnen zijn. Middelen: Meedenk-team. De bewoners van het Staatsliedenkwartier waarderen hun wijk, omdat mensen elkaar veelal kennen. Er wonen meerdere generaties van een familie in de wijk. Het project kan bijdragen om deze saamhorigheid te versterken. Door mensen samen te brengen (tijdens de participatie en in pilotprojecten). Dit geldt ook voor de communicatie. Door met Storytelling de bewoners in beeld te brengen en mooie voorbeelden uit te lichten. Doel: We zetten communicatie in om de samenhang in de wijk verder te versterken. Middelen: Interviews (woord en beeld).

8.2

Communicatie naar

individuen Woongroen is als corporatie verantwoordelijk om huurders en eigenaren van de portiekwoningen te voorzien van informatie over dit project. In de komende fase loopt dit vrijwel gelijk op met de communicatie over het proces/de participatie. Zodra de plannen per fase worden gemaakt, krijgt deze communicatie

Startnotitie Staatsliedenkwartier Zeist

27

9. Ontwikkelstrategie, fasering en planning 9.1

Stapsgewijze ontwikkeling

Transitiefase

Woongroen gaat uit van een stapsgewijze ontwikkel-

Aandachtpunt bij de stapsgewijze ontwikkelwijze is

wijze waarbij blok voor blok ontwikkeld gaat worden

dat er sprake zal zijn van een lange overgangsfase

met sloopbesluiten per blok. Voordeel is dat het

van bestaande naar nieuwe omgeving met tijdelijke

proces zorgvuldig kan gebeuren en met aandacht

bewoning, leegstand en veel bewonerswisselingen.

voor de individuele bewoners. De vraag naar (tijde-

Dit trekt een wissel op de sociale cohesie van de wijk

lijke) huisvesting wordt zo bovendien gelijkmatig

en op de (voor een aanzienlijk deel kwetsbare)

verdeeld, passend bij de capaciteit van het

bewoners. Van belang is dat dat ‘thuisgevoel’ behou-

woningaanbod van Woongroen. En het toevoegen

den moet worden gedurende de transitie. Dit betekent

van woningen geeft de mogelijkheid dat bewoners

slim faseren enerzijds en investeren in de tijdelijke

gelijk door kunnen verhuizen naar een nieuwgebouw-

situatie anderzijds. Investeringen in de tijdelijke

de woning. Tevens kan worden geanticipeerd op

situatie betreffen fysieke ingrepen en sociaal maat-

mogelijke veranderingen in de woningvraag in de loop

schappelijke.

van de tijd: de ontwikkelwijze biedt deze flexibiliteit. Om deze stapsgewijze strategie mogelijk te maken

Fysiek domein

gaan we uit van de volgende producten:

Fysieke ingrepen betreffen (mogelijk) tijdelijke inrichting van de openbare ruimte. Het is afhankelijk

1.

van de gekozen fasering of direct de eindsituatie

gemeente) basisdocument met het raamwerk-

aangelegd kan worden of dat er tijdelijke inrichting

plan en de uitgangspunten en richtinggevende

nodig is. Denk aan speel en ontmoetingsplekken,

principes voor de gehele ontwikkeling.

tijdelijke groenvoorzieningen of bestrating. Maar ook

2. Omgevingsplan: wettelijk gemeentelijk instru-

aan het plaatsen van kwalitatieve bouwhekken.

ment dat de globale kaders bevat voor het

Bijvoorbeeld bouwhekdoeken met fotoprint of

gebied. Het beeldkwaliteitsplan maakt hier

natuurinclusieve bouwafscheidingen met plantenbak-

onderdeel van uit.

ken.

3.

4.

28

Toekomstplan: gezamenlijk (Woongroen en

Stedenbouwkundig plan en landschapsplan (stedenbouwkundig bureau ism. Landschapsar-

Sociaal-maatschappelijk domein

chitect.

Van belang is dat gedurende de transitie bewoners

Deelplannen: ruimtelijke en programmatische

zich betrokken voelen bij de buurt. Dit zal voor

uitwerking/verfijning per fase. Het betreft de

verschillende groepen anders zijn. Voor tijdelijke

uitwerking van het uitgeefbare gebied (bouwplan)

bewoners gaat het om duidelijke afspraken ten

als ook de inrichting van de openbare ruimte

aanzien van schoon, heel veilig om verloedering te

(inrichtingsplan).

voorkomen. Bewoners die terugkeren naar de buurt

Onderzocht moet worden hoe het op te stellen

en omwonenden zijn de belangrijkste groep om te

omgevingsplan het beste kan worden ingestoken

betrekken: zij zijn de kern van de nieuwe community.

passend bij de gekozen ontwikkelwijze.

Met deze bewoners samen dient een sociaal transi-

tieplan gemaakt te worden. Daarbij zijn investeringen

transities van deze tijd verbeeld in een zandloper.

nodig in bijvoorbeeld:

De afbeelding is afkomstig uit handreiking Transfor-

•

Een vast informatiepunt in de buurt dat wordt

matie naoorlogse wijken, een handelingsperspectief

bemenst op vaste momenten

dat is in opdracht van de rijksoverheid door Mooi.nl is

Een buurthuiskamer met ruime(re) openingstij-

gemaakt voor de aanpak van deze wijken. Voorstel is

den en activiteiten

om de transitiematrix die hiervoor is ontwikkeld te

Kennismakingsmomenten organiseren voor de

gebruiken bij het opstellen van het Toekomstplan.

toekomstige bewoners van een nieuw blok vóór

Met de gezamenlijk opgestelde transitiematrix is er

oplevering

een overzicht van de opgaven die er liggen die

•

Opleveringsfeestjes voor de hele buurt

gedurende het proces van planvorming en ontwikke-

•

Werkgroep bewoners voor tijdelijke inrichting en

ling opgepakt moeten worden. Vastgesteld kan

activiteiten

worden in welke fase van het proces dit aan de orde

• •

is. Ook kan het betekenen dat er nader onderzoek

Transitieopgaven

nodig is voordat keuzes kunnen worden gemaakt en/

De transitieopgaven waar wijken voor staan is het

of uitgangspunten bepaald. In de transitiematrix gaat

resultaat van verschillende ontwikkelingen in de tijd.

het om de volgende thema’s.

Juist omdat het Staatsliedenkwartier in stappen

•

Energie: netwerkcapaciteit, verbruik, bronnen

ontwikkeld gaat worden is het van belang de transi-

•

Mobiliteit: langzaam verkeer, deelmobiliteit

ties waar we nu voor staan goed in beeld te hebben

•

Klimaatadaptatie: hittestress, wateroverlast

en deze ook integraal mee te nemen in het toekomst-

•

Biodiversiteit: ecologisch ecosysteem

plan. In onderstaande afbeelding zijn de zeven

•

Grondstoffen: circulariteit, afvalscheiding, duurzaam bouwen

•

Wijkeconomie: werk, leren, ondernemerschap, voorzieningen

•

Sociaal maatschappelijke aspecten zoals sociale cohesie, inclusiviteit en kansengelijkheid, gezondheid

Stapsgewijze ontwikkeling en beeldkwaliteit Een traject van meerdere jaren met een bepaalde flexibiliteit heeft ook invloed op beeldkwaliteit. Het stuurt de mogelijkheden ten aanzien van samenhang en verschil in het stedenbouwkundig en architectonisch beeld. Dit bepaalt mede de identiteit van de wijk. Als samenhang in het bebouwingsbeeld gewenst is (dit wordt in het toekomstplan onderzocht) is het bepalen van een strategie om dit te bereiken onderdeel van de opgave. De beoogde beeldkwaliteit wordt vastgelegd in een beeldkwaliteit plan dat samen met het omgevingsplan ter inzage komt en zal Figuur 1: Bron Urhahn, Handreiking naoorlogse wijken

worden vastgesteld.

Startnotitie Staatsliedenkwartier Zeist

29

Faseringsvarianten

fasering voor de uitvoering en de sociale aanpak

Bij de keuze waar te starten met de ontwikkeling zijn

worden vastgesteld. Voor de eerste fase wordt het

de volgende aspecten van belang die met faserings-

sloopbesluit genomen, kunnen woningen tijdelijk

varianten ten opzichte van elkaar worden afgewogen

verhuurd worden en treed het projectsociaal statuut

in het toekomstplan. Deze aspecten zijn:

in werking. Op basis hiervan kan het omgevingsplan

•

Snelheid: waar kun je eenvoudig als eerste

opgesteld en in procedure gebracht worden. Een

starten zodat er snel verhuisd kan worden

beeldkwaliteit plan, dat wordt uitgewerkt op basis van

Aantallen en typologie: waar kun je in de eerste

de principes in het toekomstplan maakt hier onder-

fase veel woningen en het juiste type bouwen om

deel van uit. Voor de eerste ontwikkelfase fase wordt

de doorstroming goed op gang te brengen?

het toekomstplan uitgewerkt in een stedenbouwkun-

De toon zetten: Op welke plek kan je de beste

dig deel-/verkavelingsplan met de ruimtelijke en

kwaliteit neer zetten zodat men hier graag gaat

programmatische uitgangspunten. Daarbij wordt

wonen?

gekeken naar hoeveel woningen in de middenhuur en

Bouwstroom: Een efficiënte bouwvolgorde door

betaalbare koop gaan terugkomen. Onderdeel van het

de wijk met zo min mogelijk overlast

toekomstplan is ook een schetsontwerp voor de

•

•

•

openbare ruimte. Dit wordt per fase uitgewerkt in een

9.2

Processtappen

Het proces van transformatie gaat tussen de 10 en 15 jaar duren. In deze startnotitie gaan wij uit van drie processtappen.

3. Lange termijn: Stapsgewijze uitvoering (2026 – 2040) Als het omgevingsplan door de raad is vastgesteld

1. Korte termijn: Voorbereidingsfase (2023 - 2024)

kan er op basis van het stedenbouwkundig verkave-

Halverwege 2023 is gestart met de voorbereiding van

een architectonisch plan worden gemaakt voor de

de herontwikkeling van het Staatsliedenkwartier. Er is

eerste fase. Voor de openbare ruimte van het deelge-

een intentieovereenkomst gesloten tussen gemeente

bied wordt dan ook het inrichtingsplan uitgewerkt. Dit

Zeist en Woongroen en er zijn diverse verkenningen

kan ook een tijdelijke inrichting zijn. Zodra de huidige

gedaan en onderzoeken uitgevoerd en er is een

bewoners zijn verhuisd kan de bebouwing worden

startnotitie gemaakt. Er is gestart met communicatie

gesloopt en kan worden gestart met de bouw.

en participatie. Bewoners en de omgeving zijn op de

De transformatie kan op deze wijze per fase uitge-

hoogte gebracht van het voornemen om de buurt aan

voerd worden. Op basis van de (in paragraaf 6.1

te pakken en er zijn gesprekken geweest. Ook worden

faseringsvarianten) genoemde aspecten wordt de

de eerste onderzoeken gestart. De voorbereidende

fasering bij het opstellen van het toekomstplan

fase wordt afgesloten met het vaststellen van de

integraal afgewogen. De fasering van de eerste fase

startnotitie door de gemeenteraad en het bestuur van

wordt definitief bij het opstellen van het toekomst-

Woongroen.

plan.

2. Middellange termijn: Planvorming (2024 - 2025/26) In deze fase wordt het Toekomstplan opgesteld. Dit toekomstplan wordt voorgelegd aan de raad. Ook de

30

inrichtingsplan.

lingsplan per fase voor het betreffende deelgebied

Kaart met de 9 ontwikkelgebieden

9.3

Overzicht planning korte en middellange termijn

Q2 2024 - Q3 2024

Verkenningen en Startnotitie

Q1 2025

Toekomstplan (deel 1) Ambities en Uitgangspunten

Q1 2025

Toekomstplan (deel 2) Visie en Strategie

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14970719/3