CConstaterende datZeist
Koppel je AI →
Document · PDF

RIB24.115 Bijlage 1 Innovatieagenda Werk en Inkomen 2024 - 2027

Vragenuur Lijst ingekomen stukken 3 september 2024, gemeente ZeistBij agendapunt: - Raadsinformatiebrieven6.259 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Innovatieagenda Werk en Inkomen 2024-2027 “Door op het gekozen spoor. Niet anders, maar beter” Versie 21 juni

1

Inhoudsopgave 1 Inleiding............................................................................................................................................................ 3 2 Innovatieagenda Werk en Inkomen 2024-2027.................................................................................................. 5 2.1 De opzet..............................................................................................................................................................5 2.2 Programmalijn 1. Visie en organiseren...............................................................................................................5 2.3 Programmalijn 2. Verbinden...............................................................................................................................7 2.4 Programmalijn 3. Leren en innoveren.................................................................................................................8 3. Planning........................................................................................................................................................... 9 4. Organisatie.......................................................................................................................................................

9 Inleiding............................................................................................................................................................. 12 Opdrachtomschrijving........................................................................................................................................ 13 .......................................................................................................................................................................... 15 Inleiding............................................................................................................................................................. 15 Bijlage 2 Bestuurlijke opdracht 1, Toekomstbestendige uitvoering Werk en Inkomen Bijlage 3 Bestuurlijke opdracht 2, Innovatietafels Werk en Inkomen.

2

1 Inleiding Deze Innovatieagenda Werk en Inkomen 2024-2027 is een vervolg op de strategische kaders Werk en Inkomen die in juli 2023 door raden van de vijf gemeenten in de regio Zuidoost Utrecht (Bunnik, de Bilt, Utrechtse Heuvelrug, Wijk bij Duurstede en Zeist) zijn vastgesteld. Deze agenda geeft aan hoe we de komende jaren de dienstverlening aan inwoners op het terrein van Werk en Inkomen verder gaan verbeteren. En hoe we komen tot een toekomstbestendige uitvoering van Werk en Inkomen met oog voor efficiency en doelmatigheid. Eens in de vier jaar stellen de gemeenten -die onderdeel zijn van de gemeenschappelijke regeling Regionale Dienst Werk en Inkomen (RDWI)- strategische kaders op als basis voor het beleid van de RDWI. In juli 2023 hebben de raden van de vijf gemeenten in de regio Zuidoost Utrecht deze strategische kaders Werk en Inkomen vastgesteld voor de periode 2024-2027 met als titel: “Door op het gekozen spoor. Niet anders, maar beter”. De strategische kaders geven de komende jaren richting aan de uitvoering van de Participatiewet (Pw), de Wet sociale werkvoorziening (Wsw), de Wet inburgering 2021 (Wi2021) en de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening (Wgs). En de kaders raken ook de Biga en gemeentelijke uitvoering in het sociale domein. De RDWI heeft inmiddels de strategische kaders vertaald in haar “Meerjarig Strategisch Plan 2024-2027 RDWI”.

Dit plan is ter zienswijze aan de gemeenteraden aangeboden. Ook de nieuwe financiële afspraken tussen gemeenten, waarvan in de strategische kaders de uitgangspunten zijn opgenomen, zijn inmiddels uitgewerkt en vastgesteld door het Algemeen Bestuur van de RDWI. Deze worden in 2024 geïmplementeerd. Dit is een eerste stap. De uitwerking van de Innovatieagenda kan ook leiden tot nieuwe afspraken met financiële consequenties voor gemeenten. Waarom een Innovatieagenda? We willen onze ambities uit de strategische kaders realiseren, deze zijn: de inwoner centraal; ondersteuning vanuit passende nabijheid; werk voor iedereen en werken moet lonen; meer ruimte voor lokale inkleuring; bestaanszekerheid. In de Innovatieagenda worden de onderwerpen en opgaven benoemd waarmee we aan de slag gaan de komende jaren en die bijdragen aan het behalen van deze ambities. Met de Innovatieagenda leggen we het proces vast hoe we dit gaan doen. De Innovatieagenda als vehikel om gezamenlijk invulling tegen geven aan ambities Als onderdeel van de strategische kaders is afgesproken dat er een Innovatieagenda Werk en Inkomen 2024-2027 wordt opgesteld. In deze Innovatieagenda worden onderwerpen en opgaven benoemd waarmee we aan de slag willen de komende jaren en die bijdragen aan het behalen van de ambities.

De Innovatieagenda gaat over onderwerpen en opgaven waar het gemeentelijk lokale sociaal domein en de regionale uitvoering van Werk en Inkomen elkaar raken. Het is een helpend vehikel om gezamenlijk invulling te geven aan gezamenlijke ambities. Het bevat onderwerpen waar gezamenlijk optrekken door gemeenten, RDWI en Biga nodig is. In de Innovatieagenda zijn deze onderwerpen en opgaven uitgewerkt en wordt aangegeven hoe we hiermee aan de slag gaan. Twee belangrijke opgaven Twee opgaven worden met een apart traject opgepakt. Dit zijn de opgave toekomstbestendige uitvoering en de opgave innovatietafels. 3

De opgave toekomstbestendige uitvoering gaat over het ontwikkelen van een gezamenlijke visie op een toekomstbestendige uitvoering van onze dienstverlening op het terrein van werk, re-integratie en activering binnen onze regio. Met als aandachtspunt hoe de Biga zich ontwikkelt tot een toekomstbestendig sociaal ontwikkelbedrijf in samenhang met de uitvoering van de Participatiewet door de RDWI en de lokale gemeentelijke uitvoering in het sociaal domein. De opgave innovatietafels gaat over het verbeteren van dienstverlening aan inwoners. We willen nieuwe aanpakken en werkwijzen in lijn met de strategische kaders bevorderen. Door het opzetten van een gestructureerd en doorlopend leerproces dat innovatie van de dienstverlening op het terrein van Werk en Inkomen aanjaagt. We gaan starten met innovatietafels. Waarbij we bestaande pilots en projecten ter lering met elkaar gaan delen. Maar ook om nieuwe projecten te starten. Efficiency en doelmatigheid belangrijk Gelet op de financiële positie van de gemeenten zal efficiency en doelmatigheid ook een belangrijk aspect zijn bij het uitvoeren van de Innovatieagenda. Tijdens het traject wordt inzichtelijk gemaakt wat financiële consequenties zijn van keuzes en welke keuzes mogelijk zijn. Het uitvoeren van de Innovatieagenda draagt er aan bij dat meer inwoners betekenisvol meedoen aan de samenleving.

Dit heeft op de eerste plaats een positief effect op hen zelf maar leidt ook tot lagere zorgvragen en minder beroep op ondersteuning. Gezamenlijk agenda onder bestuurlijke regie van de gemeenten De Innovatieagenda is een gezamenlijk opgestelde agenda door en van de gemeenten, RDWI en Biga. Deze wordt vastgesteld door de colleges van de gemeenten. De regie, in de zin van het bewaken van de voortgang en het proces, ligt bij het domeinoverleg Werk en Inkomen waarin de wethouders Werk en Inkomen van de gemeenten zijn vertegenwoordigd. Dit overleg is onderdeel van de ZOU netwerksamenwerking in het sociaal domein.

4

2 Innovatieagenda Werk en Inkomen 2024-2027 2.1 De opzet De Innovatieagenda bevat 8 opgaven op het terrein van Werk en Inkomen waar gemeenten, RDWI en Biga de komende jaren mee aan de slag gaan. De opgaven hangen samen en zijn daarom gekoppeld via drie programmalijnen. Het realiseren van de opgaven draagt bij aan het behalen van de ambities zoals genoemd in de strategische kaders Werk en Inkomen 2024-2027. Deze ambities zijn:

     

inwoner centraal ondersteuning vanuit passende nabijheid werk voor iedereen en werken moet lonen meer ruimte voor lokale inkleuring samenhang werk en inkomen met bestaanszekerheid leren en innoveren.

Programmalijn 1. Organiseren

Opgaven: a) Toekomstbestendige uitvoering van Werk en Inkomen b) Optimale dienstverlening vanuit de arbeidsmarktregio c) Meer lokale uitvoering van dienstverlening op maat

Programmalijn 2. Verbinden

Opgaven: a) Gaan werken volgens het “geen-verkeerd-loket-principe” b) Gaan werken met traploos ondersteuningsaanbod voor inwoners

Programmalijn 3. Leren en innoveren

Opgaven: a) Leren en innoveren, met innovatietafels voor projecten en pilots b) Adequate sturingsinformatie en monitoring c) Inspelen op nieuwe landelijke beleidsontwikkelingen

De samenhang tussen ambities, programma’s en opgaven is schematisch inzichtelijk gemaakt in het “DoelenInspanningen-Netwerk-model” dat u terugvindt in bijlage 1.

2.2 Programmalijn 1. Visie en organiseren Deze programmalijn gaat over de visie en de wijze waarop de uitvoering van de re-integratieactiviteiten georganiseerd gaan worden. Deze programmalijn geeft invulling aan de ambitie om een flexibel, inclusief en effectief dienstverleningsmodel te creëren dat de behoeften van onze inwoners centraal stelt, met een sterke focus op nabijheid, lokaal maatwerk en samenwerking zodat iedereen de mogelijkheid heeft om zich te ontwikkelen. Deze programmalijn omvat de volgende opgaven: a. Toekomstbestendige uitvoering van Werk en Inkomen 5

Om ook in de toekomst onze inwoners goed te kunnen ondersteunen richting werk of participatie is een visie op een toekomstbestendige uitvoering van Werk en Inkomen door Biga en RDWI nodig. We zien dat keuzes die gemaakt zijn bij invoering van de Participatiewet in 2015, grote impact hebben op sociaalontwikkelbedrijven. In de nabije toekomst zal bij ongewijzigd beleid dit ook nadelige consequenties hebben voor Biga, door een krimpend aantal medewerkers en druk op de budgetten. Het is daarom nodig om visie te ontwikkelen op de toekomstige rol en positie van Biga. De rol en positie van sociaalontwikkelbedrijven is iets dat ook landelijk speelt en waar door de overheid extra op geïnvesteerd wordt. Ook om andere redenen is het nodig om visie te ontwikkelen op de toekomstige uitvoering. Het terrein van Werk en Inkomen is volop in beweging, nieuwe ontwikkelingen vragen om visie. Vanuit het Rijk wordt ingezet op werkcentra’s per arbeidsmarktregio. Dit heeft gevolgen voor de dienstverlening aan inwoners en ondernemers. De participatiewet gaat wijzigen, er komt een nieuwe wet van school naar duurzaam werk. We willen als gemeente efficiënte dienstverlening aan inwoners die aansluit op lokale uitvoering in het brede lokale sociaal domein. Allemaal aspecten die vragen om een gezamenlijke toekomstvisie op de uitvoering.

De opgave is: het ontwikkelen van een gezamenlijke visie op een toekomstbestendige uitvoering van onze dienstverlening op het terrein van werk, re-integratie en activering binnen onze regio. Met als belangrijk aandachtspunt hoe de Biga zich ontwikkelt tot een toekomstbestendig sociaalontwikkelbedrijf in samenhang met de uitvoering van de Participatiewet door de RDWI en de lokale gemeentelijke uitvoering in het sociaal domein. Het traject toekomstvisie Biga is hiermee geïntegreerd in deze opgave. Een visie op de (toekomstige) uitvoering van de basisdienstverlening door de RDWI is onderdeel van de opgave. Met basisdienstverlening wordt bedoeld de uitvoering van taken door de RDWI waarvoor zij op grond van de gemeenschappelijke regeling voor verantwoordelijk is. In de basis is deze dienstverlening voor alle gemeenten gelijk. Dit in tegenstelling met lokale maatwerk afspraken die gemeenten kunnen maken met de RDWI, die per gemeenten kunnen verschillen. Het resultaat is: Een visiedocument over de uitvoering van de dienstverlening op het terrein van werk, re-integratie en activering op alle kerntaken (die hierop betrekking hebben) binnen onze regio.

Waarin een toekomstbestendige, effectieve en doelmatige infrastructuur van de Wsw, Participatiewet en overige taken voor de inwoners van de deelnemende gemeenten wordt vastgelegd, inclusief basisdienstverlening door de RDWI in relatie tot gemeentelijke lokale dienstverlening en inclusief een visie over de rol en de positie van Biga in relatie tot RDWI en gemeenten. Gelet op de financiële positie van de gemeenten zal efficiency en doelmatigheid een belangrijk aspect zijn bij het ontwikkelen van deze visie. Tijdens het traject wordt ook inzichtelijk gemaakt wat financiële consequenties zijn van keuzes en welke keuzes mogelijk zijn. Het realiseren van deze opgave vindt plaats via een aparte bestuurlijke opdracht. Deze is als bijlage toegevoegd. b. Optimale dienstverlening aan inwoners en ondernemers vanuit de arbeidsmarktregio. De ambitie vanuit de strategische kaders is ondersteuning van inwoners (en ondernemers) vanuit passende nabijheid. Het vorm geven aan deze ambitie is actueel binnen de Arbeidsmarktregio Midden-Utrecht . Vanuit het Rijk wordt ingezet op Werkcentrums per arbeidsmarktregio en op regionale harmonisering van dienstverlening aan mensen zonder werk. Dit jaar wordt in de arbeidsmarktregio een visie opgesteld met alle partijen in die regio.

Van belang is dat de ZOU regio hier goed op aangehaakt is en dit mede vorm geeft in een richting die het meeste oplevert voor inwoners en (lokale) ondernemers. Hoe sluit onze regio organisatorisch en beleidsmatig optimaal aan op deze ontwikkeling? Op bestuurlijk niveau en ambtelijk niveau zijn de ZOU-gemeenten vertegenwoordigd via de RDWI. Dit is gezien het bredere raakvlak van alles wat er speelt een smalle basis. De ontwikkelingen binnen de arbeidsmarktregio en de Utrechtse Werktafel raken in toenemende mate het bredere sociale domein alsook de gemeentelijke beleidsvelden onderwijs en economie. Daarom brengen we dit thema onder in de Innovatieagenda zodat samenhang gemeenten/Biga/RDWI beter geborgd is. Onze inzet is dat de dienstverlening die in de arbeidsmarkt wordt opgezet optimaal kansen en mogelijkheden biedt voor onze inwoners en ondernemers. Hiervoor is nodig een visie vanuit de ZOU gemeenten op deze uitvoering en een goede aansluiting en positie binnen de arbeidsmarktregio bij de ontwikkelingen rond het werkcentrum. 6

c. Meer lokale uitvoering van dienstverlening op maat De ambitie vanuit de strategische kaders is meer ruimte voor lokale inkleuring. We willen dat de regionale dienstverlening van Werk en Inkomen goed aansluit bij de lokale sociale infrastructuur en mogelijkheden. Zeker waar dit meer resultaat en kansen biedt voor inwoners. Het gaat om aansluiting op de ondersteuning vanuit de Wet maatschappelijke ondersteuning, de Jeugdwet en Welzijn, maar ook om de samenwerking met het lokale ondersteuningsaanbod en de maatschappelijke organisaties. Bijvoorbeeld dat buurtsportcoaches ook worden ingezet voor activeringsactiviteiten voor de doelgroep van de Participatiewet. Maar ook om aansluiting van de RDWI dienstverlening bij de lokale sociale teams. Inwoners hebben vaak problemen op meerdere leefgebieden. Ook vanuit Werk en Inkomen kan worden bijgedragen aan een deel van de oplossing. Het gaat er om dat als een inwoner is aangewezen op meerdere vormen van ondersteuning, deze ondersteuning afgestemd en in samenhang wordt aangeboden. Met zo min mogelijk overlap en casusregie door de partij waarbij dit het best passend is. De opgave is: meer resultaat en kansen voor inwoners door meer lokale uitvoering van dienstverlening gericht op werk of participatie in samenhang met het brede sociaal domein.

In de Strategische Kaders is beschreven dat gemeenten de komende jaren dienstverlening meer lokaal willen organiseren. Voor een drietal specifieke doelgroepen wordt dit het meest zinvol en kansrijk geacht: o o o

inwoners waarbij er (nog) geen zicht is op (on)betaalde arbeid (groep 3), inzet op maatschappelijke participatie en activering de inburgeraars die binnen de Z-route (Wet inburgering) verplicht maatschappelijk moeten participeren; huishoudens waarbij, naast ondersteuning in het kader van Werk en Inkomen, ook ondersteuning vanuit Wmo en de Jeugdwet wordt geboden.

We gaan de komende jaren (verder) experimenteren met dienstverlening die meer lokaal wordt uitgevoerd. Gemeenten kunnen hierin verschillende keuzes maken die passend zijn bij de omvang van de gemeente en de lokale situatie. Deze opgave is ook door RDWI vertaald in haar Meerjarig Strategisch Plan. Hierin is opgenomen de dienstverlening meer lokaal te gaan organiseren en aan te laten sluiten bij de lokale wensen.

2.3 Programmalijn 2. Verbinden De ambitie vanuit de strategische kaders is de inwoner centraal. Deze programmalijn geeft hier invulling aan. We gaan voor dienstverlening zonder onnodige drempels en zonder “van het kastje naar de muur” gestuurd te worden. Geen inwoners die tussen wal en schip vallen en het vergroten van de samenhang tussen Werk en Inkomen met bestaanszekerheid. Inwoners hebben soms problemen op meerdere leefgebieden en hebben te maken met verschillende loketten. De situatie en problematiek van inwoners kan ook veranderen en laat zich soms moeilijk labelen. Opeens kan betaald werk toch een optie zijn voor iemand waar dit tot voor kort niet haalbaar leek. Soms zijn inwoners gebaat bij een lokaal algemeen aanbod soms bij een meer specialistisch aanbod dat alleen regionaal beschikbaar is. Verbinding en afstemming tussen professionals en organisaties is van belang zodat er snel en goed geschakeld kan worden voor het juiste aanbod aan inwoners. Deze programmalijn omvat de volgende opgaven:

4. Vormgeven en implementeren van het “geen verkeerd loket” principe Het moet niet uitmaken bij welk “loket” de inwoner zich meldt. Startpunt is de vraag van de inwoner. Op het moment dat een inwoner een (aanvullende) ondersteuningsvraag heeft waarvoor hij of zij bij een andere “loket” moet zijn, zorgen we voor een warme overdracht of wordt gezamenlijk en in afstemming ondersteuning geboden. b. Vormgeven en implementeren van het “traploos” ondersteuningsaanbod Dit betekent dat de ondersteuningsbehoefte van de inwoner centraal staat (doen wat nodig is) en de inwoner zo min mogelijk last heeft van de wijze waarop deze ondersteuning op de achtergrond formeel is geregeld. We 7

lokaliseren de drempels binnen het ondersteuningsaanbod en nemen die weg. Hierdoor kan de inwoner zich blijven ontwikkelen vanuit de veiligheid dat het mogelijk is om ook een stapje terug te kunnen zetten als dat nodig is. Deze opgaven beschouwen we als uitgangspunten die we hanteren bij alles wat we doen op het terrein van Werk en Inkomen en in het brede sociaal domein. Het is ook onderdeel van het meerjarig strategisch plan van de RDWI. We gaan de komende jaren experimenteren met nieuwe werkwijzen op dit gebied als onderdeel van programmalijn 3.

2.4 Programmalijn 3. Leren en innoveren In de strategische kaders is als ambitie opgenomen leren en innoveren. Het gaan om leren en innoveren in lijn met de ambities van de strategische kaders. Zorgen dat het beleid en uitvoering zich in lijn hiermee ontwikkelen. Ook is het terrein van Werk en Inkomen continue in beweging, de context en het rijksbeleid is steeds onderhevig aan veranderingen. Ook dit vraagt om steeds leren en innoveren, mee bewegen, in lijn met de uitgangspunten van de strategische kaders. We zien de volgende opgaven: a. Opzetten van innovatietafels voor het delen van pilots en projecten In de strategische kaders zijn ambities benoemd die we willen bereiken; inwoner centraal; ondersteuning vanuit passende nabijheid; werk voor iedereen en werken moet lonen; meer ruimte voor lokale inkleuring; samenhang werk en inkomen met bestaanszekerheid. Op aantal onderdelen zijn deze ambities als meer geconcretiseerd in hoe we dit willen. Zoals het meer gaan werken met traploos ondersteuningsaanbod, het meer gaan werken volgens het “geen verkeerd loket” principe. En meer lokale uitvoering van dienstverlening op maat waar dit meer kansen en resultaat heeft. Bij deze opgave staat ‘leren en innoveren’ centraal.

Het gaat om de dienstverlening aan inwoners verder te verbeteren, door als betrokken partijen te leren van elkaar en innovatie in lijn te brengen met de strategische kaders. We willen leren van wat er al is en versterken van wat goed is. Daarnaast willen we starten met nieuwe aanpakken en werkwijzen in lijn met de strategische kaders. In de vorm van pilots en projecten, zowel lokaal als regionaal. We gaan starten met innovatietafels. Waarbij enerzijds al bestaande pilots en projecten met elkaar worden gedeeld. Maar van waaruit anderzijds ook nieuwe projecten gestart kunnen worden. Gemeenten, Biga en RDWI zijn vaste deelnemers van deze innovatietafels Pilots en projecten bieden ook mogelijkheden om vooruitlopend op keuzes over een toekomstbestendige uitvoering al te starten met nieuwe werkwijzen. Ook leveren ze input op voor de visie op deze uitvoering en het maken van keuzes. Het realiseren van deze opgave vindt plaats via een aparte bestuurlijke opdracht. Deze is als bijlage bijgevoegd. b. Adequate sturingsinformatie en monitoring als onderdeel van jaarlijkse beleidscyclus Om te komen tot gezamenlijk leren en innoveren is sturingsinformatie een voorwaarde. Met de RDWI en Biga willen we de inhoud van de jaarlijkse beleidscyclus beter afstemmen en meer in lijn brengen met de strategische kaders.

We willen de strategische kaders ook vertalen naar SMART-geformuleerde jaarlijkse doelstellingen (KPI’s). Deze KPI’s worden in samenspraak tussen gemeenten, RDWI en Biga ontwikkeld. c. Inspelen op nieuwe wet- en regelgeving en landelijke beleidsontwikkelingen Vernieuwing wordt ook gestuurd door ontwikkelingen van buitenaf. Nieuwe wet- en regelgeving vanuit de rijksoverheid is hierbij een belangrijke factor. Het implementeren van deze ontwikkelingen zijn ook opgaven voor de komende jaren. Naast de al genoemde ontwikkeling van Werkcentrums in de arbeidsmarktregio’s, zijn er ook de volgende wijzigingen van rijksbeleid.: o o

De aanpassingen van de Participatiewet De wet van school naar duurzaam werk 8

3. Planning De fasering van de opgaven is zoals in onderstaand schema wordt aangegeven. Opgaven organiseren

2024

2025

2026

2027

a. Toekomstbestendige uitvoering van Werk en Inkomen b. Optimale dienstverlening Arbeidsmarktregio c. Lokale dienstverlening op maat (pilots)

verbinden

a. Werken “geen-verkeerd-loket-principe” (pilots) b. Traploos ondersteuningsaanbod (pilots) Leren en innoveren a-1 opzetten en organiseren innovatietafels a-2 Nieuwe projecten b. sturingsinformatie en monitoring c. nieuwe (landelijke) beleidsontwikkelingen

Niet alle opgaven zullen met dezelfde intensiteit worden opgepakt. Dit zou een onmogelijk beslag doen op de beschikbare capaciteit. De meeste opgaven wordt gerealiseerd via reguliere samenwerking en uitvoering. Twee opgaven worden met een aparte bestuurlijke opdracht als onderdeel van de Innovatieagenda met extra capaciteit opgepakt, dit zijn: - Toekomstbestendige uitvoering van Werk en Inkomen - Leren en innoveren, met innovatietafels voor projecten en pilots

4. Organisatie De Innovatieagenda is een gezamenlijk agenda van gemeenten, RDWI en Biga die vastgesteld wordt door de colleges. Het bewaken van de voortgang van de Innovatieagenda en het rapporteren hierover naar colleges en raden is een verantwoordelijkheid van de gemeenten. Dit loopt via de bestuurstafel en het domeinoverleg Werk en Inkomen van de ZOU netwerk samenwerkingsstructuur rond het sociaal domein. Organisatiestructuur Innovatieagenda

gemeenteraden

AVa Biga

colleges

AB RDWI

Domeinoverleg W&I (/BT ZOU) 9

Opdracht 1

Toekomstige uitvoering

Overige opdrachten

Opdracht 2

Innovatietafels

De bestaande verantwoordelijkheden en bevoegdheden die organisaties hebben wijzigen niet. Dus bij besluitvorming over onderwerpen die vallen onder de Innovatieagenda wordt per onderwerp bezien welk gremium of welke organisatie hiervoor bevoegd is. Dit kan zijn de (afzonderlijke) gemeenten (colleges / raden) , de RDWI (AB / DB) of Biga (Ava / RvC). Over de besluitvorming, en over welk gremium bevoegd is, vindt altijd afstemming plaats in het domeinoverleg Werk en Inkomen. Zeker in het geval er onduidelijkheden bestaan over welk gremium aan zet is. Cliëntenraden en adviesraden sociaal domein worden bij besluitvorming betrokken en in de gelegenheid gesteld om advies te geven. Naar verwachting wordt de uitkomst van opdracht 1 vastgesteld door de gemeenteraden, afhankelijk van de uitkomst van het traject. Jaarlijks wordt een voortgangsrapportage opgesteld die via de colleges gedeeld wordt met de gemeenteraden en als andere stakeholders zoals cliëntenraden en adviesraden sociaal domein. Drie deelopdrachten De Innovatieagenda bestaat uit twee deelopdrachten met een bestuurlijk opdrachtgever (BO) , een ambtelijk opdrachtgever (AO) en een projectleider (PL). De Innovatieagenda zelf heeft ook een eigen BO en AO. De organisatie Innovatieagenda: BO: (Krischan Hagendoorn en Jeroen Brouwer), AO: (Kristin Nooijen en Marc van Zon), Ambtenaar 5.0 gemeente Opdracht 1 BO: Jeroen Brouwer

Opdracht 2 BO: Krischan Hagendoorn

AO: Bernice Ruiter en Erik van der Veen

AO: Bernice Ruiter

PL: RDWI/Biga

PL: RDWI

Overige opgaven Regulier

Benodigde (extra) capaciteit. De uitvoering van de Innovatieagenda vraagt (extra) inzet van gemeenten, RDWI en Biga. Het gaat hierbij om: 1. 2. 3. 4. 5.

Een beleidsambtenaar 5.0 die het voortouw neemt en fungeert als aanspreekpunt voor de gemeenten. We gaan uit van tijdelijke inzet en dat deze rol op termijn wordt ingebed binnen de reguliere beleidsinzet. Elke gemeente levert minimaal 8 uur beleidscapaciteit per week als onderdeel van de reeds bestaande inzet. Wat additioneel nodig is voor lokale projecten is aan de betreffende gemeente. Projectleider voor opdracht 1 Projectleider voor opdracht 2 10

Bijlage 1: Doelen – Inspanningen – Netwerk (DIN)

11

Bijlage 2 bij Innovatieagenda

Bestuurlijke opdracht 1, Innovatieagenda Werk en Inkomen 2024-2027 Toekomstbestendige uitvoering Werk en Inkomen Inleiding Deze opdracht is onderdeel van programmalijn 1 “Organiseren” van de Innovatieagenda Werk en Inkomen. Deze opdracht beschrijft de invulling op hoofdlijnen. De gedetailleerde invulling wordt gedaan door de projectleider die dit zal vastleggen in een projectplan. De vastgestelde strategische kaders Werk en Inkomen 2024-2027, inclusief de uitwerkingen in het Meerjarig strategisch plan RDWI en de afspraken over de verdeling participatiemiddelen, zijn het vertrekpunt voor deze opdracht. In de strategische kaders zijn de ambities aangegeven voor de uitvoering van Werk en Inkomen. Deze opdracht heeft betrekking op meerdere ambities. Om ook in de toekomst onze inwoners goed te kunnen ondersteunen richting werk of participatie is een visie op een toekomstbestendige uitvoering van Werk en Inkomen door Biga en RDWI nodig. Een uitvoering die aansluit op de gemeentelijke uitvoering in het brede lokale sociaal domein. Het terrein van Werk en Inkomen is volop in beweging. Diverse ontwikkelingen maken deze opgave urgent. Er zijn ontwikkelingen in de arbeidsmarktregio, vanuit het Rijk wordt ingezet op een regionaal werkcentrum. De participatiewet wijzigt, er komt een nieuwe wet van school naar duurzaam werk.

We zien ook dat keuzes die gemaakt zijn bij invoering van de Participatiewet in 2015, grote impact hebben op sociaalontwikkelbedrijven. In de nabije toekomst zal bij ongewijzigd beleid dit ook nadelige consequenties hebben voor Biga, door een krimpend aantal medewerkers en druk op de budgetten. Het is daarom nodig om visie te ontwikkelen op de toekomstige rol en positie van Biga als sociaalontwikkelbedrijf. De rol en positie van sociaalontwikkelbedrijven is iets dat ook landelijk speelt en waar door de overheid extra op geïnvesteerd wordt. De opgave en opdracht overstijgt de afzonderlijke partijen Deze opdracht raakt zowel de gemeenten, RDWI en Biga. Doordat deze opdracht onder de Innovatieagenda valt wordt in samenhang (door gemeenten, Biga en RDWI) bezien welke maatregelen er nodig zijn om de dienstverlening aan de inwoners en ondernemers van de regio te optimaliseren, op een zo efficiënt en effectief mogelijke manier. Zoals opgenomen in de strategische kaders, gaan we daarbij uit van de basisdienstverlening reintegratie voor alle gemeenten gezamenlijk (zie ook omschrijving in de Innovatieagenda) en mogelijke aanvullende dienstverlening waar gemeenten individueel keuzes in maken. Daarmee wordt bereikt een gezamenlijke effectieve en doelmatige uitvoering van de Wsw, Participatiewet en overige taken voor de deelnemende gemeenten.

Lokale aansluiting van belang De wens van gemeenten om re-integratie en activering meer lokaal aan te laten sluiten en daarin ook lokaal te kunnen sturen wordt hierin meegenomen. De ambitie is om de meerwaarde van lokaal maatwerk te benutten en hier op in te spelen. De inzet is dat de Biga en RDWI voor en in de betrokken gemeenten diensten verlenen op het gebied van re-integratie naar zo passend mogelijk werk voor een brede doelgroep. De toekomstbestendige uitvoering kan niet los worden gezien van de wijze waarop het lokale maatwerk wordt ingericht (de re-integratie en activering die de gemeenten onder eigen regie uit willen (laten) voeren).

12

Opdrachtomschrijving Doel is: het ontwikkelen van een gezamenlijke visie op een toekomstbestendige uitvoering van onze (basis)dienstverlening op het terrein van werk, re-integratie en activering op alle kerntaken binnen onze regio. Met als belangrijk aandachtspunt hoe de Biga zich ontwikkelt tot een toekomstbestendig sociaal ontwikkelbedrijf in samenhang met de uitvoering van de Participatiewet door de RDWI en de lokale gemeentelijke uitvoering in het sociaal domein. Het traject toekomstvisie Biga wordt hiermee geïntegreerd in deze opgave. Resultaat van de opdracht: Een visiedocument over de uitvoering van de dienstverlening op het terrein van werk, re-integratie en activering op alle kerntaken binnen onze regio. Waarin een toekomstbestendige, effectieve en doelmatige infrastructuur van de Wsw, Participatiewet en overige taken voor de inwoners van de deelnemende gemeenten wordt vastgelegd, inclusief (regionale) basisdienstverlening in relatie tot gemeentelijke (lokale) dienstverlening en inclusief een visie over de rol en de positie van Biga in relatie tot RDWI en gemeenten. Gelet op de financiële positie van de gemeenten zal efficiency en doelmatigheid ook een belangrijk aspect zijn bij het ontwikkelen van de visie. Tijdens het traject wordt inzichtelijk gemaakt wat financiële consequenties zijn van keuzes en welke keuzes mogelijk zijn.

Drie deelresultaten Om te komen tot het eindresultaat zijn er drie te behalen deelresultaten Deelresultaat 1: feitelijke analyse van de huidige context Om de komen tot een visiedocument, wordt eerst de huidige situatie in kaart gebracht: - Een analyse van de huidige organisatorische context: rollen, taken en verantwoordelijkheden voor de uitvoering van de Participatiewet en Wsw in relatie tot het sociaal domein, inclusief eventuele knelpunten - Een analyse van het huidige bestand Participatiewet, de arbeidsmarkt, etc. - Een analyse van kansrijke en succesvolle pilots en experimenten die bijdragen aan de ambities van de strategische kaders, die inspiratie en input bieden voor de toekomst. Deelresultaat 2: beschrijving van de gewenste dienstverlening re-integratie Een bouwsteen voor de te ontwikkelen visie is een analyse en beschrijving van de gewenste dienstverlening via een uitwerking en visualisatie van de ‘klantreis re-integratie’. Waarbij specifiek wordt ingegaan op de samenwerking RDWI, BIGA-groep en (overige) lokale partijen en de relatie met de arbeidsmarktregio. Waarbij ingegaan wordt op de begeleiding van inwoners die (1) naar werk kunnen, (2) die ondersteuning nodig hebben naar werk en (3) die niet naar werk kunnen. Dit geeft ook meer inzicht in de basisdienstverlening re-integratie en in de verbindingen met het brede sociaal domein.

Deelresultaat 3: visie op de doorontwikkelingsrichting van Biga als sociaal ontwikkelbedrijf. De keuzes die gemaakt zijn bij invoering van de Participatiewet in 2015, hebben grote impact op sociaal ontwikkelbedrijven. In de nabije toekomst zal bij ongewijzigd beleid dit ook nadelige consequenties hebben voor Biga, door een krimpend aantal medewerkers en druk op de budgetten. Een belangrijke vraag voor gemeenten is dan ook hoe zij de ondersteuningsstructuur voor de doelgroep van de Participatiewet wil inrichten en welke rol de Biga daarbij gaat vervullen. Het is van belang dat gemeenten hier een visie op ontwikkelen en toekomstscenario’s verkennen van de rol en de positie van Biga. Op basis van deze visie kunnen dan keuzes gemaakt worden over de rol en de positie van Biga als onderdeel van de toekomstbestendige uitvoering van Werk en Inkomen. De deelresultaten zijn bouwstenen voor het visiedocument, waarin in ieder geval ingegaan wordt op: - Wat is de wenselijke basisdienstverlening op het gebied van werk, voor de inwoners en ondernemers van deze regio. - Hoe sluit deze basisdienstverlening aan op de uitvoering van het lokale gemeentelijk sociaal domein (inclusief lokaal maatwerk Werk en Inkomen). - Wat betekent dit voor de rollen, taken en verantwoordelijkheden van RDWI, BIGA-groep en de individuele gemeenten.

- De toekomstige rol en positie van Biga als onderdeel van de toekomstbestendige uitvoeringsstructuur van Werk en Inkomen. 13

Projectorganisatie en rollen Deze opdracht is onderdeel van de Innovatieagenda. Het bestuurlijk domein overleg Werk en Inkomen is het gremium waar de voortgang van de Innovatieagenda wordt bewaakt en dus ook deze opdracht. Tussenproducten worden altijd (ook) voorgelegd aan het domeinoverleg W&I. Bestuurlijk opdrachtgever Jeroen Brouwer Ambtelijk opdrachtgevers Bernice Ruiter en Erik van der Veen. Rol: aansturing projectleider en afstemming met bestuurlijk opdrachtgevers, de eigen bestuurlijke gremia (DB/AB RDWI en AVA/RvC BIGA-groep), de ZOU-domeintafel en de gemeentelijke ambtelijk opdrachtgever van de Innovatieagenda. Projectleider Nader te bepalen (extern). Rol: Opstellen van het visiedocument en bewaken van de voortgang en/of als projectleider fungeren van de deelresultaten. Bewaken dat alle partijen betrokken blijven en zich gehoord voelen. De projectleider legt verantwoording af aan de ambtelijk opdrachtgevers van RDWI en BIGA-groep. Projectgroep De projectleider formeert een projectgroep waarin gemeenten, Biga en RDWI zijn vertegenwoordigd. Vanuit de gemeenten neemt i.i.g. deel de (nog aan te stellen) beleidsambtenaar W&I 5.0. Die ook een ondersteunde rol heeft/kan hebben bij de projectgroep. Idealiter bestaat de projectgroep uit verschillende disciplines (werk & inkomen, Wmo, financiën, et cetera).

De afgevaardigden in de projectgroep stemmen zelf af met hun interne collega’s voor input, uitwerking volgt. Externe klankbordgroep stakeholders Een nader te bepalen delegatie vanuit inwonersperspectief (RCR, Adviesraden sociaal domein) en ondernemersperspectief (VNONCW / MKB). Doel is om de externe stakeholders te raadplegen/bevragen. Onder leiding van beide ambtelijk opdrachtgevers van deze opdracht. Afstemming bestaande gremia De beide directeuren van RDWI en BIGA-groep zijn zelf verantwoordelijk voor de afstemming met hun eigen achterbannen. Naast de eerder genoemde bestuurlijke gremia zijn dat de interne organisaties, de OR-en voor zover van toepassing en overige stakeholders. Routekaart Om uiteindelijk te komen tot een visie worden de volgende stappen gezet (na opstellen projectplan): 1. Uitwerking deelresultaat 1 uiterlijk gereed in Q3 van 2024 2. Uitwerking deelresultaat 2 (dienstverlening) uiterlijk gereed in Q4 van 2024 Proces in grote lijnen: a. Uitwerking hoofdlijnen dienstverlening via projectgroep, tussentijdse presentatie in domeinoverleg b. Afstemming stakeholders via externe klankbordgroep c. Uitwerking van de hoofdlijnen 3.

Uitwerking deelresultaat 3 gereed Q2 2025 Proces in grote lijnen: a) analyse van huidige situatie b) visie en scenario verkenning met alle stakeholders c) visie en strategische uitgangspunten toekomstige rol en positie Biga, als onderdeel brede visie op uitvoering W&I. 4.

Uitwerking visiedocument in afstemming met gemeenten -> gereed in Q2 van 2025. Proces in grote lijnen: a. Start uitwerking uitgangspunten/raamwerk in Q4 van 2024 b. Eerste schets hoofdlijnen in domeinoverleg ZOU, AB RDWI en AVA BIGA-groep in Q1 2025. 14

c. d. e.

Afstemming stakeholders via externe klankbordgroep Verdere uitwerking van de hoofdlijnen, tevens afstemming proces (wat moet waar besloten worden, afhankelijk van de inhoud van het voorstel) Bespreking in domeinoverleg ZOU, AB RDWI, AVA BIGA-groep, afhankelijk van de uitkomst gemeenteraden informeren of besluitvormend -> definitieve vaststelling in Q2 2025

Bijlage 3 bij Innovatieagenda

Bestuurlijke opdracht 2, Innovatieagenda Werk en Inkomen 2024-2027

Innovatietafels Werk en Inkomen.

Inleiding Deze opdracht is onderdeel van programmalijn 3 “Leren en innoveren” van de Innovatieagenda Werk en Inkomen. Deze opdracht beschrijft de aanpak op hoofdlijnen. De verdere gedetailleerde invulling wordt gedaan door de projectleider die dit zal vastleggen in een projectplan. De vastgestelde Strategische kaders werk en inkomen 2024-2027, inclusief de uitwerkingen in het Meerjarig strategisch plan RDWI en de afspraken over de verdeling participatiemiddelen, zijn vertrekpunt voor de uitwerking van deze opdracht. Toelichting op de opdracht In de strategische kaders zijn ambities benoemd die we willen bereiken; inwoner centraal; ondersteuning vanuit passende nabijheid; werk voor iedereen en werken moet lonen; meer ruimte voor lokale inkleuring; samenhang werk en inkomen met bestaanszekerheid. Hiernaast is leren en innoveren ook als ambitie benoemd om dienstverlening aan inwoners te verbeteren. Op aantal onderdelen zijn deze ambities al meer geconcretiseerd in hoe we dit willen gaan doen. Zoals het meer gaan werken met een traploos ondersteuningsaanbod, het meer gaan werken volgens het “geen verkeerd loket” principe en meer lokale uitvoering op maat waar dit kansen biedt en meer resultaat voor inwoners. Bij deze opdracht staat ‘leren en innoveren’ centraal.

Idee daarachter is om de dienstverlening aan inwoners verder te verbeteren, door als betrokken partijen te leren van elkaar en innovatie in lijn te brengen met de strategische kaders. Leren en innoveren begint met doen, met het uitproberen van nieuwe aanpakken en werkwijzen. We willen pilots en projecten stimuleren en mogelijk maken, zowel lokaal als regionaal. Deze pilots en projecten moeten aansluiten bij de ambities en opgaven van de strategische kaders zoals hier boven genoemd zijn. Leren en innoveren is voor deel al de bestaande praktijk die we echter meer willen borgen en structureren zodat het meer resultaat oplevert. We gaan starten met innovatietafels. Waarbij enerzijds al bestaande pilots en projecten met elkaar worden gedeeld. Maar van waaruit anderzijds ook nieuwe projecten gestart kunnen worden. Gemeenten, Biga en RDWI zijn vaste deelnemers aan deze innovatietafels. De innovatietafels, de pilots en projecten bieden ook mogelijkheden om vooruitlopend op keuzes over een toekomstbestendige uitvoering al te starten met nieuwe werkwijzen. Ook leveren ze input voor de visie en het maken van keuzes.

Opdrachtomschrijving

De opgave bestaat uit twee delen: 1.

Het vorm geven van de structuur en het proces van de innovatietafels zelf, zijnde een gestructureerd en doorlopend leerproces waarbij door te leren van wat goed gaat en beter kan, tijdig bij kan worden gestuurd (aanpassen opzet of beëindigen) en innovatie mogelijk gemaakt door de start van nieuwe projecten; 15

2.

Ontwikkelen en uitvoeren van de pilots zelf.

Beoogd doel: Verbeteren en doelmatiger inrichten van dienstverlening aan inwoners met een participatie- en/ of re-integratie hulpvraag, door inzet van innovatieve dienstverlening (pilots en projecten). Resultaat: Een gestructureerd en doorlopend leerproces dat innovatie van dienstverlening op het terrein van Werk en Inkomen aanjaagt, in lijn met de strategische kaders. De beoogde deelresultaten Deelresultaat 1: Inzicht in lopende projecten Inzicht in lopende pilots en projecten binnen de ZOU regio, zowel lokaal (gemeentelijk niveau), regionaal (RDWI en Biga) als bovenregionaal (Arbeidsmarktregio). Het inzicht bestaat ten minste uit een beschrijving van de doelgroepen, doorlooptijd, betrokken partijen, financiering, effectiviteit en het doel. Deelresultaat 2: Inzicht in wensen / mogelijkheden voor nieuwe projecten Er wordt een inventarisatie gemaakt van welke nieuwe projecten gemeenten, Biga of RDWI zou willen starten. Het is denkbaar dat er geprioriteerd moet worden en/of gefaseerd. Dit proces van keuzes en van prioritering wordt nog nader uitgewerkt, zie deelresultaat 3.

Deelresultaat 3: Inrichting van proces en structuur van innovatietafels We willen een zodanige opzet van de innovatietafels zodat er een toekomstbestendige (overleg)structuur ontstaat waarin we met de betrokken partijen afwegingen maken welke pilots wel of niet worden opgestart, er wordt gekeken waar en wie de betreffende pilot het best kan oppakken, hoe de bekostiging loopt en hoe dit pilot zich verhoudt tot integrale dienstverlening in het sociaal domein. Deelresultaat 4: start van nieuwe pilots en projecten. We willen pilots en projecten starten in lijn met de strategische kaders, om te experimenteren met wat werkt en niet werkt., afhankelijk van de ondersteuningsbehoefte van de inwoners. Daarbij houden we rekening met de beschikbare capaciteit en financiële middelen Afbakening pilots en projecten De innovatie en het ‘leren en ontwikkelen’ richt zich op de onderwerpen ‘werk en participatie’. Het gaat erom dat met behulp van de pilots en project ruimte wordt gezocht om mensen te helpen bij het vinden van werk en/of zinvolle daginvulling of om hen passend te ondersteunen Projectorganisatie en rollen Deze opdracht is onderdeel van de Innovatieagenda. Het bestuurlijk domein overleg Werk en Inkomen is het bestuurlijke gremia waar de voortgang van de Innovatieagenda wordt bewaakt en dus ook deze opdracht. Tussenproducten worden altijd (ook) voorgelegd aan het domeinoverleg W&I.

Bestuurlijk opdrachtgever Krischan Hagendoorn Ambtelijk opdrachtgever Bernice Ruiter Rol: aansturing projectleider en afstemming met bestuurlijk opdrachtgevers, de eigen bestuurlijke gremia (DB/AB RDWI), de ZOU-domeintafel en de gemeentelijke ambtelijk opdrachtgever van de Innovatieagenda. Projectleider Nader te bepalen. Rol: totstandkoming van de verdere specificering van de projectopdracht, het samenstellen van een projectgroep en bewaken van de voortgang. De projectleider legt verantwoording af aan de ambtelijk opdrachtgever. 16

Projectgroep Innovatietafels De projectgroep vormt het kernteam. Afvaardiging gemeenten, RDWI, Biga en betrokken partijen bij lopende pilots en projecten en uitwerking innovatieve ideeën. De afgevaardigden in de projectgroep stemmen zelf af met hun interne collega’s voor input. Klankbordgroep netwerkorganisaties Het idee is om sessies te organiseren met netwerkorganisatie om te horen wat er leeft onder inwoners en waar behoefte aan is. Afstemming bestaande gremia Afstemming over de voortgang van de innovatietafels vindt plaats in de gremia van de RDWI (DB/AB), Biga (AVA/RWC) en gemeentelijke organisatie (colleges), de gemeenteraden worden geïnformeerd. Als de situatie zich daarvoor leent, zullen de gemeenteraden om besluitvorming worden gevraagd. Routekaart Deelresultaat 1: Inzicht in lopende projecten -> gereed Q3 2024 Deelresultaat 2: Inzicht in wensen nieuwe projecten -> gereed Q3 2024 - keuzes voor nieuwe projecten per 2025 Deelresultaat 3: Plan van aanpak en start innovatietafels -> gereed Q4 2024 Proces in grote lijnen: - Opstellen plan van aanpak innovatietafels o.l.v. projectleider en vaststellen - Eerste pitchbijeenkomst(en bestaande projecten najaar 2024 - Start proces innovatietafels per 2025 Deelresultaat 4: start van nieuwe pilots en projecten -> per 2025/2026

17

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14464171/1