CConstaterende datZeist
Koppel je AI →
Document · PDF

RIB22.114 Convenant duurzame woningbouw provincie Utrecht

Vragenuur Lijst ingekomen stukken 1 november 2022, gemeente ZeistBij agendapunt: Raadsinformatiebrieven (ter kennisname)7.802 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Publiekshal • Het Rond 1, Zeist

www.zeist.nl • www.twittter.com/gemeentezeist

Postbus 513, 3700 AM, Zeist

www.facebook.com/gemeentezeist

Telefoon 14 030 • zeist@zeist.nl ,;;;

Gemeente Zeist Ontv. Griffie 03-10-2022/RIB22.114

T.a. v de gemeenteraad

Datum

29 september 2022

Burgerservicenummer Bijlage(n) Onderwerp

Ons kenmerk

46800

Uw kenmerk

1 (convenant) Ondertekenen convenant Duurzame Woningbouw provincie Utrecht

Behandeld door

Erwin Mikkers

Portefeuillehouder

Wouter Catsburg

Geachte leden van de raad, Graag informeren wij u over het volgende: Het college heeft besloten om op 29 september 2022 het convenant Duurzame Woningbouw van de provincie Utrecht te ondertekenen voor niveau 'goud'. Provinciaal convenant Het convenant Duurzame Woningbouw van de provincie Utrecht (www.toekomstbestendigbouwen.nl) heeft als doel om het duurzaam bouwen van woningen aan te jagen. Bijzonder is dat dit convenant zowel door bouwpartijen als gemeenten wordt ondertekend, om gezamenlijk vorm te geven aan duurzame nieuwbouw. De gedachte achter het convenant is dat gemeenten niet meer allemaal verschillende eisen/ambities hebben, maar dat er een gelijk speelveld ontstaat. Hierdoor kunnen bouwpartijen meer standaardiseren en kan met minder kosten, duurzamer worden gebouwd. Het convenant Duurzame Woningbouw is een pakket publiek­ private afspraken voor nieuwbouw van woningen, met meetbare ondergrenzen op de thema's energie, klimaatadaptatie, circulariteit, natuur inclusief bouwen, gezondheid. Het convenant formuleert ambities op drie niveaus: brons, zilver, goud. Doelgroep zijn de partners in de bouwketen; gemeenten, provincie, bouwers, ontwikkelaars, corporaties, waterschappen, maatschappelijke organisaties en brancheorganisaties. Per bouwproject kan worden afgeweken van de afspraken met de argumenten 'comply or explain'.

Het convenant is samen met medeoverheden en marktpartijen opgesteld, waarbij de provincie het afgelopen jaar een coördinerende rol heeft vervuld. Vanaf januari 2022 is samengewerkt met de Metropoolregio Amsterdam (MRA) die een vergelijkbaar convenant heeft opgesteld, 'Toekomstbestendig Bouwen'. Door te ondertekenen versterken we het draagvlak. Versterking beleid Duurzaam Bouwen In februari 2022 is het duurzaam bouwenbeleid van de gemeente geactualiseerd. Het beleid is verbreed met meer duurzaamheidsthema's en aangevuld op basis van nieuwe normen en ervaringen die in de afgelopen jaren zijn opgedaan. Het beleid richt zich op nieuwbouw van woningbouw als utiliteitsbouw én op duurzaamheid bij renovatie.

Austerlitz • Bosch en Duin , Den Dolder , Huis ter Heide , Zeist

Ons geactualiseerde duurzaam bouwen beleid komt grotendeels overeen met niveau ‘goud’ uit het convenant.

Bij de thema's: energie, klimaatadaptatie en groen/natuur inclusief bouwen, zijn de normen vergelijkbaar. Ondertekening op een lager niveau zou een stap terug zijn. Op het punt van circulariteit is de normstelling van het convenant ambitieuzer dan het huidige gemeentelijke beleid en hoger dan wij en marktpartijen op dit moment realistisch achten. Op dit punt zien we het convenant als ambitie om op termijn naar toete groeien. In het provinciale convenant staan wel extra thema's zoals gezondheid en mobiliteit die niet voorkomen in ons eigen duurzaam bouwen beleid. Deze kunnen gebruikt worden om het beleid te versterken. Daarnaast is het zo dat er in ons eigen beleid onderwerpen staan die niet terugkomen in het convenant. Door te kiezen voor ‘goud’ leggen we de lat hoog, net als veel andere gemeenten in de regio. Het is een logische vervolgstap op het huidige beleid. Ondertekening versterkt onze ambities en ondersteunt de noodzakelijke publiek-private samenwerking op dit thema. We hanteren het convenant daarbij als ambitie/ streefwaarde. Uitvoering

Het duurzaam bouwen beleid uit februari 2022 blijft van kracht. Aanvullend wordt in de gesprekken met

woningbouwcorporaties en metinitiatiefnemers van bouwprojecten gekeken in hoeverre de waarden van het convenant gerealiseerd kunnen worden. Indien in de praktijk blijkt dat ‘goud’ een reëel uitgangspunt voor het duurzaam bouwen beleid, kan het beleid op deze punten worden geactualiseerd.

Advies Adviescommissie Milieu en Leefomgeving (AML)L Over het convenant is advies gevraagd aan de AML. Zij steunen het deelnemen aan het convenant en adviseren te gaan voor niveau brons. Vooral omdat ‘goud’ volgens AML nog niet realistisch is. Wij onderschrijven dat de ambitie op gebruik circulaire grondstoffen op dit moment nog niet realistisch is. Omdat

ons huidige duurzaam bouwen beleid al grotendeels op niveau ‘goud’ overeen komt zouden we het echter een

stap terug vinden om ‘slechts’ voor brons te gaan. Hoogachtend, burgemeester en wethouders van Zeist,

de gemeentesecretaris,

loco

ba dust konig

de burgemeester,

dr. H.S. Grotens

Austerlitz « Bosch en Duin « Den Dolder « Huis ter Heide « Zeist

es PROVINCIE :£ UTRECHT

il

Wee s

Convenant Duurzame Woningbouw provincie Utrecht Voor snellere, duurzamere en betaalbare woningbouw

18 maart 2022

PROVINCIE & UTRECHT

Inhoudsopgave Inleiding

3

Opzet convenant

4

Overwegingen

5

Afspraken.

6

Slotbepalingen

9

Bijlage 1: Het toetsin

10

Bijlage 2: Het toetsingskader - uitwerking per onderwerp… Energie. Circulariteit Duurzame mobiliteit lim Natuurinclusiviteit en biodiversiteit Gezondeleefomgeving

15 7 18 18 19 20

Bijlage 3: Leertr ‘Aan de slag met het convenant Kennis en heid

21 21 a

Monitoring Inspireren en leren.

7 7

Communicati

1

Bijlage 4: De totstandkoming van het convenant … se

Bijlage 5: Markconsultati

Bijlage6: Afspraken Klim

Bouwen Utrecht

27

Bijlage 7: Verhouding convenantenUtrecht& MRA... Begrippenlijst

29

Bronnen

30

wes, PROVINCIE i: UTRECHT Ë

reekomst bestendig Bouwend

Inleiding Voor uligt het Convenant Duurzame Woningbouw provincie Utrecht. Vertrekpunt van dit convenant is de ambitie van de provincie Utrecht om de duurzaamheidsambities makkelijker en tegen lagere kosten onderdeel te maken van de grote woningbouwopgave. De provincie Utrecht staat namelijk voor een flinke bouwopgave. In

de periode tot 2030 is de ambitie om jaarlijks 10.000 woningente realiseren. Tot 2040is er een opgave om tot 170.000 woningen te bouwen [2]. Dat betekent concreet: zo snel

mogelijk, zo veel mogelijk woningen realiseren, met ook de ambitie om 50% van het woningbouwprogramma in het sociaal en middeldure segment te realiseren [1].

Woningen die passen bij de huidige woonwensen en die ook voldoen aan de woningbehoefte op de lange termijn. Tegelijkertijd hebben we de taak om zo toekomstbestendig duurzaam mogelijk te bouwen. Dit convenant brengt de belangrijkste duurzaamheidsthema’s samen en biedt een kader

voor opdrachtgevende en opdrachtnemende partijen om de duurzaamheidsambities in de woningbouwopgavete integreren. De thema's waar dit convenant zich op richt zijn:

circulariteit, energie, klimaatadaptatie, duurzame mobiliteit, natuurinclusiviteit en gezondheid. Uitgangspuntzijn de landelijke doelstellingen op het gebied van CO2-

reductie, circulariteit en de energietransitie. Het convenant verwijst daarnaast naar andere initiatieven zoals de ‘Afspraken klimaatadaptief bouwen’, Programma Regionaal Programmeren, ‘Samen versnellen naar het nieuwe normaal’ en de ‘Citydeal circulair en conceptueel bouwen’. Al deze initiatieven

zijn net als dit convenantgericht op een samenleving die gebaseerd is op een circulaire economie in een gezonde, klimaat robuuste en kwalitatief goede leefomgeving, waarin we zo min mogelijk fossiele energiebronnen gebruiken. Dit convenantis een initiatief dat voortkomtuit een samenwerking tussen de provincie Utrecht, de gemeenten Utrecht en Amersfoort en ROM Utrecht.Bij het tot stand komen van het convenant zijn de waterschappen en vertegenwoordigers uit de bouwketen in de regio nadrukkelijk betrokken. Tijdens het afsternmingstraject werden de volgende

doelstellingen en effecten onderschreven: «

Handvatten bieden voor duurzame woningbouw.

e

Beter gebruik van het innovatievermogen van de markt.

«

Mogelijk kostenvoordeel door schaal in de toepassing van oplossingen.

«

Duidelijkheid en een gelijk speelveld creëren richting de markt.

«

Versnelling van het proces en daarmee de woningbouw.

ei PROVINCIE & UTRECHT

Opzet convenant Dit convenant bestaatuit twee delen: de overwegingen en afspraken die de ondertekenaars onderschrijven en de bijlagen met daarin het toetsingskader. In het convenant zijn de afspraken, de intenties en het bijbehorend handelingsperspectief opgenomen. Om zoveel mogelijk gezamenlijk op te kunnen trekken, doet het convenant

recht aan de verschillen in ambities van betrokken partijen. Die kunnen uiteenlopen van ‘het halen van de wettelijk norm is al een uitdaging’ tot aan ‘de ambities moeten zo uitdagend mogelijk zijn en de lat moet hoog liggen’. Dit convenant doet zoveel mogelijk recht aan alle behoeften, daarom introduceren we één kader waarbinnen ruimte is voor

de ambitieniveaus‘brons’, ‘zilver’ en ‘goud’. Bronsligt dicht tegen het wettelijk minimum aan,zilverstijgt daar bovenuit en goud is echt een koplopers ambitie. In bijlage 1 wordt een totaaloverzicht van het toetsingskader getoond, waar in bijlage 2 de inhoud van het kader verder wordt uitgewerkt. Per onderwerp wordt beschreven wat het doel is, welke indicatoren daar onderdeel van uitmaken en welke normen passen bij

brons,zilver en goud. Na ondertekening van het convenant volgt een leertraject waarin nadrukkelijk wordt

gewerkt aan de integraliteit tussen de thema's en aan hetuitwerken van de indicatoren in maatregelen. Daarbij staat het doel centraal om maatregelen te selecteren die elkaar zo veel mogelijk versterken en meerdere thema's tegelijk bedienen. Daarnaastis er

aandachtin de uitwerking om te onderzoeken of maatregelen elkaar ook kunnen tegenwerken. Er wordt ook een evaluatiecyclus en monitoring van de verschillende maatregelen uitgewerkt. Dit wordt verder toegelicht in bijlage 3.

In bijlage 4 wordt de totstandkoming van het convenant verdertoegelicht. In bijlage 5 staat een overzicht van de betrokken organisaties, en bijlage 6 bevat de afspraken omtrent klinnaatadaptief bouwen.

QS, PROVINCIE 2: UTRECHT

Overwegingen Methet ondertekenen van dit documentonderschrijven de ondertekenaars de onderstaande stellingen: De ondertekenaars zijn gecommitteerd aan de woningbouwopgaven in de provincie Utrecht.

De ondertekenaarsstreven ernaar om nieuwe woningbouwprojecten en gebiedstransformatie projecten met sloop/nieuwbouw binnen de provincie

Utrecht op een toekomstbestendige en duurzame manierte realiseren. De ondertekenaars beseffen dat er klimaatveranderingenzijn en er grondstoffenschaarste heerst. De gevolgen daarvan hebben een grote impact op

de maatschappij. Ondertekenaars willen daarom toekomstbestendig woningen bouwen en daarbij gezamenlijk optrekken om te leren en om te versnellen. De ondertekenaars volgen hiermee het klimaatakkoord van Parijs, het Nederlandse klimaatakkoord, het Nederlandse grondstoffenakkoord, de besluitvorming als onderdeel van het Deltaprogramma Ruimtelijke Adaptatie en andere nationale en

internationale afspraken waar men zich in Nederland aan heeft gebonden. Door samen opte trekken creëren de ondertekenaars massa en een gelijk speelveld zodat ketenpartners kostenefficiënter kunnen investeren en innoveren op

de benodigde maatregelen. Om bij te dragen aan een uniformering op landelijk niveau en eventuele bouwsectorbrede afspraken en normen, worden de bevindingen die ontstaan binnen de context van dit convenant zoveel mogelijk buiten de provincie Utrecht

gedeeld. Door ambities op verschillende thema’s (zoals energieneutraliteit en circulariteit) optimaal te combineren kunnen duurzaamheidsambities effectiever en goedkoper

gerealiseerd worden.

en

PROVINCIE 2 UTRECHT

Afspraken Algemene afspraken Met het ondertekenen van dit document spreken de ondertekenaars in algemene zin het

volgendeaf: 1

De ondertekenaars streven ernaar om na ondertekening alle nieuwe afspraken over nieuwbouwlocaties en gebiedstransformaties met sloop/nieuwbouw binnen

de provincie Utrecht zo toekomstbestendig en duurzaam mogelijk te ontwikkelen door gebruik te makenvan het toetsingskader. De ondertekenaars nemen daarbij de kwaliteit van de leefomgeving, milieu, technische, financiéle en economische aspecten mee en doen dit zoveel mogelijk met behoud van betaalbaarheid, volume en snelheid van de bouwopgave. De ondertekenaars streven naar een integrale aanpak op het gebied van de volgende thema's: energiepositief/energieneutraal bouwen, circulariteit, klimaatadaptief bouwen, natuurinclusief bouwen, duurzame mobiliteit, gezonde

leefomgeving in relatie tot nieuwbouw. De ondertekenaars streven naar het borgen van de inhoud van het convenant in

eigen beleid, zodat hettoetsingskader gebruikt kan worden bij het ontwerp,bij uitvragen en/of vergunningverlening. De in het toetsingskader vermelde prestatie-indicatoren en bijbehorende normen zijn een middel om de hoofddoelen per onderwerp te behalen en zo toekomstbestendig bouwen mogelijk te bouwen. Het is ondersteunend aan de visie op hette ontwikkelen gebied, ongeacht grootte,ligging of onderhandelingspositie. Daarom passen de ondertekenaars het principe: ‘Comply or Explain’ toe — waar

nodig en mogelijk kunnen de doelen ook op andere manieren gehaald worden; in dat geval onderbouwen de ondertekenaars nut en noodzaak van afwijkende keuzes. De ondertekenaars trekken in een zo vroeg mogelijk stadium met betrokken partijen op bij de ontwikkeling van eenlocatie of gebouw, om daarmee tot

optimale en kosteneffectieve oplossingen te komen. We gebruiken de afspraken in het convenant zowel in geval van publiek grondbezit als bij privaat grondbezit. De ondertekenaars zoeken actief de samenwerking op om als publieke en private

partijen gezamenlijk oplossingen te vinden voor de uitdagingen op het gebied van duurzaamheid. De ondertekenaars dragen bij aan het verder invullen en vormgeven van het

convenant doorin hetleertraject vragen en ervaringen te delen en te zoeken naar oplossingen.

Hes, PROVINCIE 3: UTRECHT

Afspraken over handelingsperspectief Methet ondertekenen van dit convenant spreken de ondertekenaars het volgende af:

1

Na ondertekening geldt tenminste het prestatieniveau brons voor duurzaamheid voor alle nieuwe woningbouwprojecten en gebiedstransformaties met sloop/nieuwbouw. Daarnaast wordt gestreefd naar, waar mogelijk, het halen van

een hoger ambitieniveau (zilver of goud, zoals bepaaldin dit convenant). Met betrekking tot technische beperkingen en financiële beperkingen vindt nadere

uitwerking plaats. Na ondertekening gaan de ondertekenaars gezamenlijk aan de slag met de

verdere uitwerking om het convenantin beleid en in de praktijk te brengen (bijlage

5).

De ondertekenaars zorgen ervoor dat zij deze afspraken en hettoetsingskader verbeteren enbij opvolgende versies waar nodig aanscherpen of versoepelen. Dit

gebeurt via de route van evaluatie en monitoring. Minimaal jaarlijks wordt het convenant op regionaal niveau geëvalueerd. Hierbij wordt de verbinding met marktpartijen, corporaties en landelijke programma's,

zoals Samen Versnellen, gezocht. De afspraken vanuit de ‘Regionale afspraken Klimaatadaptief Bouwen’ worden overgenomen en door middel van dit kader toegepast in de gebiedsontwikkeling. Per project kan, wanneer maatwerk nodig is, per indicator een passend

ambitieniveau worden gekozen. Er wordt een bijpassende set aan instrumenten gebruikt om dit ambitieniveau te bereiken. We hanteren de in het convenant gemaakte afspraken bij nieuwe woningbouwprojecten. Binnen al lopende projecten zoeken we waar, redelijkerwijs, aansluiting mogelijk is. We beseffen dat duurzame woningbouw mogelijkerwijs vraagt om het aanpassen

van verdienmodellen. Daar waar nodig gaan we op zoek naar financieringsmogelijkheden voor investeringen, leren we van elkaar welke

(maatschappelijke) baten het kan hebben en leren we hoe het mogelijk gemaakt kan worden. . We dragen bij aan een handreiking om de toepassing van de afspraken in het convenant voor medewerkers en betrokkenen in de bouwketen (gemeenten,

bedrijven, corporaties, waterschappen en overige partijen) te verduidelijken. Onderdeel van hetleertrajectis onderzoeken en vaststellen hoe we de voortgang van de toepassing van dit convenant gaan monitoren. 12. We gaan de eerste maanden na ondertekening zowel publiek als privaat met elkaar aan de slag methet opstellen van documentatie voor de implementatie

p7

en PROVINCIE 3: UTRECHT

EEN bouwen.nl

van deze afspraken in bouwprojecten, gebiedsontwikkelingsprocessen en de publieke borging; onder andere door het opstellen en doorlopen van een ‘leertraject’ tijdens de implementatie. 13. ledere gemeente is anders en heeft eigen prioriteiten. Om recht te doen aan de

diversiteit tussen de verschillende gemeenten en vooral type ontwikkelingen binnen de provincie werkt het convenant met prestatie-indicatoren die op lokaal niveau met verschillende maatregelen kunnen worden gerealiseerd. Lokaal

maatwerk blijft daarmee mogelijk, naast het gekozen ambitieniveau. Er kan in overleg (in de evaluatie) met de stakeholders besloten worden om indicatoren

naar boven of beneden bij te stellen zodat de opgave het beste aansluit bij de lokale omstandigheden.

es PROVINCIE 3% UTRECHT

Slotbepalingen Nakoming van de bepalingen van dit convenantis niet in rechte afdwingbaar. Dit convenant wordt aangegaan voorde periode vanaf de datum van ondertekening voor minimaal 1 jaar. Per jaar wordt deze stilzwijgend verlengd. Het convenant geldt voor alle projecten van deelnemende partijen, waarbij per project verschillende ambitieniveaus

gesteld kunnen worden. Toetreding tot en ondertekening van het convenant staat open voor gemeenten,

woningecorporaties, bouwbedrijven, waterschappen, waterbedrijven, architecten, installateurs, hoveniers en overige partijen die de afspraken van het convenant willen onderschrijven. Toetreding kan na het moment van ondertekening door schriftelijk een

verzoek hiertoein te dienen. Wijzigingen van of aanvullingen op het convenantzijn slechts mogelijk met instemming van de bestuurlijke kerngroep. Toe- en uittreding wordenniet als wijziging of aanvulling van het convenant beschouwd. Dit convenant eindigt als de bestuurlijke kerngroep dit overeenkomt en/of een wettelijke regeling voorziet in het onderwerp, waarop dit convenant betrekking heeft. Elke partij kan dit convenant op ieder momentschriftelijk opzeggen. Daarbij blijft het convenantvoor de overblijvende ondertekenaarsin stand. Partijen zullen in dit verband over en weer niets (ook geen schadevergoeding) van elkaar vorderen.

Bij het convenanthoren de volgende bijlagen: het toetsingskader(inclusief uitlichting per onderwerp),het leertraject, de totstandkoming van het convenant, betrokken organisaties, Regionale afspraken Klimaatadaptief Bouwen Utrecht, bronnen. Deze bijlagen vormen een integraal onderdeel van het convenant. Dit convenant kan worden aangehaald als het ‘Convenant Duurzame Woningbouw,

provincie Utrecht’.

es

PROVINCIE & UTRECHT

Bijlage 1: Het toetsingskader Energie

Ea

ee

Wettelijk

Energie

BENG 1: maximale energiebehoefte voor

Grondgebonden: <55

verwarming en koeling (in

kWh/m2/jaar)

Gestapeld: <65

BENG3: minimaal aandeelhernieuwbare

Grondgebonden: 250

CorenMe

ie

NTS

Circulariteit

MPG-score: versimpelde weergave LCA.

|0,8 (2021) 0,5 (2030)

Massapercentage (%)

Indirect in MPG

energie(in %)

Goud [20]

Gestapeld: 240

Circulariteit

Schaduwkostenin €/m2 BVO/jaar

van grondstoffenis non-

ERiy]

Ld1

Eur

zilver

virgin en/of biobased

Duurzame mobiliteit Onderwerp

Indicator

Duurzame

Parkeernorm

mobiliteit

(plaats/woning) in relatie

tot afstandtot OVknooppunt. Laadpaalnorm

(laadpaal/elektrische auto)

ERE

Goud[12/13]

en PROVINCIE & UTRECHT

Loop- en fietsroutes

=

Deelmobiliteit

-

Klimaat-adaptatie Ceat atd

Thema

Indicator

Brons [15}

Fiva AE |

Goud [15]

es

PROVINCIE & UTRECHT

Droogte

a) Droogte-

bestendige inrichting b) Bodem-

daling

€) Vitale en

kwetsbare functies

Hitte

a) schaduw b) Koele

plekken

€)

Horizontale

en verticale oppervlakten dì) Vitale en kwetsbare functies

€)Binnen-

tempera-

tuur Overstromings-risico

a) Schade

voorkomen b) Schadebeperking €) Schulen

en ‘evacueren

es PROVINCI

UTRECHT

Natuur-inclusiviteit en biodiversiteit

Cnar

Peace

Notuur-

De

inclusiviteit en biodiversiteit

Hoogwaardige habitats

soortencategorie zijn verdeeld in vijf hoofdgroepen: = Boom bewonend = Aon struweel gebonden = Aan bloemrijk grasland gebonden = Aan water en oevers gebonden

‘Groen-blauwe structuren

Gezonde leefomgeving Onderwerp

\{Subdoel

indicator

ENIS

Ì

eoud [is]

es

PROVINCIE &: UTRECHT

Standard v3.0.

Tempe-

TOjuli

12

ratuur-

overstijging in de woning tegengaan [20]

Kostenindicaties Hieronderzijn de indicatieve meerkosten voor een woning van circa 60m2 per onderwerp weergegevens. Bij deze meerkosten is nog geen rekening gehouden met de baten en/of subsidies die van toepassing zijn per thema en juist kosten kunnen drukken. Peildatum 1 februari 2022.

Core

Potent

Brons[15]

Zilver [15]

Corey ned]

Energie BENG 3 Circulariteit

MPG.

Duurzame mobiliteit

Laadpaalnorm

Klimaatadaptatie

Geheel pakket

pl4

4 SEES PROVINCIE 3: UTRECHT 8

Toekomst eee Beumenhd

Bijlage 2: Het toetsingskader — uitwerking per onderwerp Dezebijlage geeft een overzicht van deindicatoren per onderwerp. Door alle nieuwbouwinitiatieven volgens dezelfde indicatorente toetsen ontstaat er een level playing field, gelijk speelveld, binnen de provincie Utrecht. De indicatoren zijn opgesteld volgens leidende principes en sturen op prestaties. In het vervolgtraject wordt gewerkt aan de vertaling van deze prestatie-indicatoren naar mogelijke maatregelen. Daarbij wordt

nadrukkelijk rekening gehouden met de integraliteit tussen de thema's. De doelen en indicatoren van het convenantzijn zo gekozen dat bestaande meetmethoden, normeringen en andere instrumenten goed bruikbaar blijven zodat

plannen hieraan getoetst kunnen worden in de ontwerp-, specificatie- en realisatiefase. Voor een aantal van de indicatoren bestaan wettelijke eisen, zoals voor de MPG-score en de BENG. Bovenop de wettelijke eisen stelt dit convenant op alle indicatoren een extra ambitie (brons, zilver of goud). De gevraagde ambitie kan per gemeente verschillen. De indicatoren en ambitieniveaus dienen als instrument om de gevraagde ambitie per nieuwbouwproject door de gemeente zelf te toetsen. Het is daarom anders dan certificeringinstrumenten zoals GPR Gebouw en BREEAM-NL waar externe experts voor

nodig zijn. Documenten zoals een materialenpaspoort worden aanbevolen om inzicht te verschaffen en kunnen als bewijslast dienen voor de indicatoren binnen het thema circulariteit. Voor een optimale kwaliteitsborging voldoen de indicatoren aan de volgendecriteria: e

Alle genoemde indicatoren zijn herleidbaar op wet- en regelgeving, convenanten

of bestpractices. «

Alle indicatoren zijn inhoudelijk getoetst door experts op juistheid en ambitieniveau.

«

Alle indicatoren zijn op haalbaarheid getoetst door de markt/overheden.

«

Alle indicatoren zijn getoetst op praktische uitvoerbaarheid door uitvoerende partijen.

«

Alle indicatoren kunnen, indien nodig, middels de jaarlijkse evaluatie worden aangepast naar voortschrijdend inzicht.

Energie Doel Het uitgangspunt voor het thema energie is het klimaatakkoord [3]. Dit akkoord beschrijft het doel om in 2030 een CO2-reductie te hebben bereikt van 49% ten opzichte van 1990. Dit doel wordt zeer waarschijnlijk, volgend op de Europese Klimaatwet, binnenkort

aangescherpt tot een reductie van 55% in 2030 [4] [5]. in 2050 moet dit een reductie van 95% zijn.

en PROVINCIE & UTRECHT

De BENG-normen

Op het gebied van energie is wettelijk relatief veel vastgelegd, met name in de BENGnormen [6]. BENG staat voor Bijna Energie Neutrale Gebouwen. De drie BENG-normen zijn

gebaseerd op deprincipes van Trias Energetica; beperk eerst de energiebehoefte, maak daarna maximaal gebruik van hernieuwbare energie en gebruik fossiele energie zo efficiënt mogelijk. De drie BENG-normen zijn: 1.

De maximale energiebehoefte voor verwarming en koeling in kWh per m2 gebruiksoppervlak per jaar;

2.

Het maximale primair fossiel energiegebruik in kWh per m2 gebruiksoppervlak per

jaar; 3. Het minimale aandeel hernieuwbare energie in percentage van eigen energieverbruik. Naast de BENG-normen is er wettelijk een grenswaarde vastgesteld voor de temperatuur

overschrijding in de woning (TOjuli). Aanscherpen van BENG-normen

Vanuit de Trias Energetica-gedachte is het aanscherpen van BENG 1, het terugbrengen van de energiebehoefte, een interessante stap in het verduurzamen van een woning. In de praktijk pakt het sterk aanscherpen van BENG 1 echter niet zo uit. Zowel uit onderzoek (voor

Lente-akkoord door W/E Adviseurs en Nieman RI) als uit ervaringen in de praktijk blijkt dat het sterk aanscherpen van de BENG l-norm een averechts effect heeft[7]. Bij het aanscherpen van de BENG I-norm zonder aanwezigheid van duurzame koeling kiezen bouwpartijen, om te kunnen voldoen aan de TOjuli grenswaarde, vaak voor actieve koeling met een luchtwarmtepomp. Deze installatie verhoogt het energieverbruik. Om vervolgens te kunnen voldoen aan de normen van BENG 2 en BENG 3 worden vaak extra

zonnepanelen geplaatst. Dit resulteert onder aan destreep in een hogere CO‚-uitstoot[8]. Vanwege het gebruik van meer materialen en installaties heeft het aanscherpen van de BENG 1-norm ook een negatief effect op de MPG-score. Vanwege deze redenen scherpen

we BENG 1 alleen op ambitieniveau zilver (-5%) en goud (-10%) aan. BENG 2 en BENG 3 zijn sterk met elkaar verbonden. Bij een woning met een hoog percentage duurzaam opgewekte energie wordt er direct minder gebruik gemaakt van energie uit fossiele bronnen. Deze redenering volgend stellen we in dit convenant wel een ambitie op BENG 3 en niet op BENG 2. Kosten

Er is een eerste grofmazige inschatting gemaakt van de benodigde investeringen om invulling te kunnen geven aan de indicatoren op de verschillende niveaus. Deze inschatting is gebaseerd op ervaringscijfers van verschillende gemeentes in Nederland op basis van een rondvraag hierover.

5 en PROVINCIE #: UTRECHT

Ke eed bouwend

Tegelijkertijd zijn er ook goede bekostigingsmogelijkheden. Voor de kosten die gemaakt

worden om aan de ambitieste voldoen is het mogelijk extra investeringsruimte op te nemen in een hypotheek. Beleggers kunnen gebruik maken van de groenprojectenregeling van RVO.

Circulariteit Doel Het uitgangspunt voorcirculair bouwen is drieledig:

NederlandCirculairin 2050. DeRijksoverheid heeft zich het doel gesteld dat Nederlandin 2050 volledig circulair is. Subdoel is 50% minder primaire grondstoffen gebruiken in 2030

(mineralen, metalen en fossiel) [9]. Circulair bouwen in de nieuwbouw moetleiden tot CO2-reductie. Het doel volgt daarin de

gestelde doelen in het klimaatakkoord. Dit akkoord beschrijft het doel om in 2030 een CO2-reductie te hebben bereikt van 49% ten opzichte van 1990. Dit doel wordt zeer waarschijnlijk, volgend op de Europese Klimaatwet, binnenkort aangescherpt tot een

reductie van 55% in 2030 [4] [5]. in 2050 moetdit een reductie van 95% zijn. De ambitie zoals afgesproken in de City Deal Circulair en conceptueel bouwen. De ambitie is dat elk groot nieuwbouw- of transformatieproject (50+ woningen) dat wordt geïnitieerd,

zo circulair en conceptueel! mogelijk wordt gerealiseerd [10]. MPG-score

De MilieuPrestatie Gebouwen (MPG)is een indicator van de milieubelasting van de materialen in een gebouw. Een MPG-score is verplicht bij een omgevingsvergunning. Per 1 juli 2021 geldt een landelijke grenswaarde van maximaal 0,80 voor nieuwe woningen. Deze

wordt de komende jaren stapsgewijs aangescherpttot 0,50 in 2030. Op dit moment vindt er een verkenning plaats in hoeverre het sneller aanscherpen van de MPG-score mogelijk

is (0,50 in 2025 en 0,20 in 2030)[11]. Het Nieuwe Normaal

In het kader van het landelijk Cirkelstadproject Samen Versnellen, werken verschillende (rijks)overheden en bouwbedrijven samen toe naar het presenteren van ‘Het Nieuwe Normaal’ voor circulair bouwen in 2023. Dit wordt een norm met haalbare en ambitieuze prestaties voor de gebouwde omgeving. Voor de indicatoren in dit convenant putten we uit deze normen. Op dit moment is de 0.2 versie beschikbaar, deze zal in de periode tot

2023 worden geactualiseerd [12]. In navolging van een actualisatie van Het Nieuwe Normaal kunnen de indicatoren in dit convenant ook worden geactualiseerd.

'Bij conceptueel bouwenis het de ambitie om de bouw van woningenzo veel mogelijk te automatiseren maar toch diversiteit in woningente kunnen garanderen [10].

en PROVINCIE # UTRECHT

nn

Materialenpaspoort Op landelijk niveau wordt naar verwachting in 2022 een opzet voor een materialenpaspoort vastgesteld. Het is daarom een sterke aanbeveling om per project een materialenpaspoort op te stellen. Het paspoort kan dienen als bewijslast voor de indicatoren binnen het thema circulariteit en kan gebruikt worden voor de evaluatie van het convenant. Duurzame mobiliteit

Het uitgangspunt voor het thema mobiliteit is het klimaatakkoord [3]. Dit akkoord beschrijft het doel om in 2030 een CO2-reductie te hebben bereikt van 49% ten opzichte van 1990. Dit doel wordt zeer waarschijnlijk, volgend op de EuropeseKlimaatwet, binnenkort aangescherpt tot een reductie van 55% in 2030 [4] [5]. in 2050 moetdit een reductie van 95% zijn. Subdoelen hierin zijn: verminderen van reiskilometers, overstappen naar elektrisch personenvervoer, minder auto's en het stimuleren van duurzame vormen van vervoer.

Laadpalen Bij woongebouwen met meer dan 10 parkeervakken op hetzelfde terrein,is het sinds maart 2020 landelijk verplicht om voor elk parkeervak leidinginfrastructuur (loze leidingen) aan

te leggen voor de aanleg van laadpunten. Dit geldt voor nieuwe woongebouwen en voor bestaande woongebouwen die ingrijpend worden gerenoveerd [14]. Parkeernorm aanscherpen Door in een gebied de parkeernorm aan te scherpen,is er ruimte voor andere functies,

denk aan: groen of ontmoeting van mensen. Bij het aanscherpen van de parkeernorm dient rekening gehouden te worden met: «

Afstand tot OV-knooppunt

«

Beschikbaarheid deelmobiliteitsconcepten

Klimaatadaptatie Doel Het uitgangspunt van het thema klimaatadaptatie is om de nieuwbouwprojecten zodanig

te realiseren datzij bestand zijn tegen uitdagingen op het gebied van wateroverlast, droogte, hitte en overstromingen. Dit sluit aan op de afspraken zoals gemaakt in het

convenantklimaatadaptief bouwen Utrecht ([15]). Regionale afspraken klimaatadaptief bouwen Utrecht

EES, PROVINCIE 3: UTRECHT

as

Toekomst bestendig Bouwen

Op initiatief van de provincie Utrecht is in 2021 door gemeentes, bouwers, ontwikkelaars en waterschappen afspraken gemaakt over het klimaatrobuust maken van zowel

nieuwbouw als bestaande bouw. Ruim veertig partijen onderschrijven deze afspraken. Het gedeelte van deze eerder gemaakte afspraken dat van toepassing is op nieuwbouw is in zijn geheel overgenomen in dit convenant.

Ambitieniveaus De regionale afspraken voor klinaatadaptatie hebben prestatie-eisen als ondergrens

gedefinieerd. De ondergrenzen op de subdoelenzijn in dit convenant overgenomen als bronzen prestatieafspraak. In de toekomst kan ook voor klimaatadaptatie een zilveren en

gouden ambitie worden bepaald. Natuurinclusiviteit en biodiversiteit Doel Natuurinclusief ontwikkelen is een vorm van duurzaam bouwen waarbij het bouwwerk en de omliggende openbare ruimte bijdragen aan de lokale biodiversiteit en algemene

natuurwaarden. Natuurinclusief bouwen is daarmee gericht op het behouden, verbeteren en uitbreiden van biodiversiteit in de gebouwde omgeving. Dit gebeurt onder andere door het creëren van geschikte habitats voor soorten aan de hand van ecosysteem gerichte benaderingen. Daarbij kunnen stad, buitengebied en natuurgebieden niet los van elkaar

gezien worden. Het thema natuurinclusiviteit is daarom ook nauw verbonden met: Klimaatadaptatie [15]. Een natuurinclusieve omgeving draagt bij aan het klimaatadaptieve vermogen door opname van stikstof en tegengaan van hittestress in de stad.

Gezonde leefomgeving. Een groene omgeving in of nabij een wijk of werkplek draagt bij aan het welzijn van mensen. Mensen voelen zich gezonder, hebben aantoonbaar minder stress en komen minder vaakbij de huisarts. Niet alleen vanwege frisse lucht, maar ook door de positieve werking van natuur. Duurzame mobiliteit en energie zorgen voor vermindering van uitstoot. Duurzame mobiliteit biedt bovendien meer ruimte voor groen en woningbouw. Deze ruimte, langs nieuwe bebouwing, kan benut worden voor een ecologisch netwerk aan ecosystemen. Hierdoor kunnen soorten zich in de stad verspreiden en ontstaat er meer genetische

uitwisseling waardoor ersterkere populaties ontwikkelen. Een circulaire economie zorgt voor hergebruik van bouwmaterialen en vermindering van

afval. Daarmee vermindert de uitstoot vanstikstof die kan neerslaan op natuurgebieden. Dit draagtbij aan de biodiversiteitsverbetering van stikstofgevoelige habitats en soorten.

pis

es PROVINCIE 22 UTRECHT

Groen Groeit Mee Binnen de provincie Utrecht wordt gewerkt aan het Groen Groeit Mee. Doel is dat ‘groen’ meegroeit met ‘rode’ opgaven. Groen Groeit Mee richt zich ook op het toegankelijk maken

van groen in de omgeving bijvoorbeeld door middel van fiets en wandelroutes. Basiskwaliteit Natuur (BKN) Een consortium van Naturalis, Radboud Universiteit Nijmegen, Wageningen University & Research en de Vogelbescherming heeft in opdracht van de minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit een onderzoek gedaan naar de basiskwaliteit natuur. Dit is een

set van condities die nodig is om algemene soorten algemeen te laten zijn, blijven of worden. Het is de minimale kwaliteit van het leefgebied van soorten (het landschap!) die nodig is. De minister ziet in de BKN uiteindelijk een richtlijn voor de aanpak van hetstedelijk natuurbeheer. Het BKN biedt een ontwerprichting voor oplossingen voor klimaatverandering, circulaire economie, natuurinclusieve landbouw, woningbouw en

energietransitie. BKN gebruikt het verleden als inspiratie voor de toekomst.

Gezonde leefomgeving Doel

Uitganspunt van het thema gezonde leefomgeving is om gezonde woningen te realiseren met een prettig binnenklimaaten vrij van schadelijke stoffen. Het thema gezonde leefomgeving is nauw verbonden met andere thema's.

Hitte Extreme,langdurige hitte vermindert het functioneren van mensen en kan schadelijk zijn voor de gezondheid. De indicator hitte bij het thema klimaatadaptatie stelt ambities voor de hoeveelheid schaduw, het aantal koele plekken en de binnentemperatuur.

Biobased materialen Het gebruik van biobased materialen als bouwmaterialen zorgt vanwege het

vochtregulerende vermogenin veel gevallen voor een gezonder binnenklimaat. De indicator voor biobased materialen bij het thema circulariteit draagt dus ook bij aan een gezonde woning. Groen

Een groene omgeving in of nabij een wijk, utiliteitsgebouw of werkplek draagt bij aan het welzijn van mensen. Mensen voelen zich gezonder, hebben aantoonbaar minder stress en

komen minder vaak bij de huisarts. Niet alleen vanwegefrisse lucht, maar ook door de positieve werking van natuur.

een

PROVINCIE : UTRECHT

Bijlage 3: Leertraject Aan de slag met het convenant In 2022 ligt de focus op het ondertekenen en uitvoeren van het convenant. Voor het realiseren van de in dit convenant beschreven ambities en het ondersteunen van de

betrokken partijen, wordt er een leertraject opgesteld. Dit leertraject bestaatuit een aantal onderdelen:

Kennis en toepasbaarheid Om publieke en private partijen te ondersteunen in het gebruik van het convenant en de toepassing van de verschillende ambities wordt een handreiking ontwikkeld. In deze handreiking worden de indicatoren zoals beschreven in het convenantvertaald in maatregelen. Het leertraject gaat ook in op de integraliteit tussen de verschillende

thema's en laatzien hoe sommige maatregelen meerdere thema's tegelijk kunnen bedienen. Ook wordt in deze handreiking opgenomen hoe om te gaan metprivaat versus

publiek bezit van grond, en hoe derealisatie van de ambities gemonitord kan worden. Daar waar diverse opdrachtgevende partijen tegen dezelfde vraagstukken aanlopen worden deze neergelegd in leerkringen of workshops die onderdeel zijn van hetleertraject. Andere opdrachtgevende partijen die al meer ervaring hebben kunnen dan aangeven hoezij dit doen en er kan in samenwerking met marktpartijen naar oplossingen gezocht

worden. Monitoring Het uitwerken van de evaluatie en monitoring wordt verderuitgewerkt. Daarin wordt onderzocht en vastgesteld hoe we de voortgang van de toepassing van dit convenant gaan monitoren. Hiervoor maken we o.a. gebruik van bestaande monitoringsmethodes. Het monitoren heeft als doel om te beoordelen of we de in dit convenant beschreven

ambities behalen en wat er eventueel nodig is als blijkt datdit niet lukt. Inspireren en leren Voor het uitwisselen van kennis en het uitdiepen van diverse thema's op het gebied van inhoud, proces of monitoring worden bijvoorbeeld inspiratiesessies en leerkringen georganiseerd voor zowel publieke als private partijen. Tijdens deze sessies komen vraagstukken aan bod en worden inspirerende voorbeelden gedeeld. Waar nodig worden er externe experts betrokken bij deze sessies. Naast een handreiking wordt bekeken welke

ondersteuning voor deelnemende partijen gewenst is om de toepassing van het convenant tot een succes te maken.

Communicatie Om meerzichtbaarheid te geven aan wat er in de provincie Utrecht gebeurt op het

gebied van duurzaam bouwen wordt een communicatiestrategie opgesteld. Zo kunnen de laatste inzichten en voorbeelden van inspirerende projecten worden gedeeld, zowel binnen de regio, als daarbuiten. Hiervoor wordt o.a. gebruik gemaakt van de bestaande overlegstructuren in de regio.

en PROVINCIE & UTRECHT

Bijlage 4: De totstandkoming van het convenant Dit convenantis tot stand gekomen met de input van diverse partijen (bijlage 5). Er is in verschillende fases aan het convenant gewerkt. In de eerste fase is een O-meting en haalbaarheidstoets gedaan door het organiseren van diverse bestuurlijke overleggen en interviews. Hieruit werd geconcludeerd dat er een duidelijke behoefte is aan een breed gedragen convenant. Tijdens de tweede fase, het opstellen van het convenant, is input

opgehaald voorde inhoud ervan. Daarnaastzijn er diverse gesprekken gevoerd om het draagvlak voorhet convenantte vergroten. Er is een bestuurlijke kerngroep geformeerd met vertegenwoordigers van gemeente Montfoort, gemeente Amersfoort, Ballast Nedam, Bolton Groep, SchipperBosch, HDSR

waterschap, ROM Utrecht en de provincie Utrecht. Aan de hand van expertsessies zijn de thema's van het convenant verder uitgediept. Per sessie zijn telkens twee casussen behandeld uit grotere en kleinere gemeenten. Deze casussen droegen bij aan het formuleren van de afspraken en opstellen van indicatoren.

Bij deze sessies waren de betrokken gemeenten, bouwende/ontwikkelende partijen en experts op het thema aanwezig. Aanvullend is er in november 2021 een informatiesessie georganiseerd om toelichting te geven op het proces en inhoud van het convenant. Verdere verdieping vond plaats in 25 l-op-1 sessies en in een verdiepende sessie met meerdere aanwezigen.

Gedurende de gehele tweede fase is tweewekelijks de ambtelijk werkgroep? bijeengekomen om de voortgang en de input te bespreken. Parallel hebben drie bestuurlijke overleggen in de regio UI6, Amersfoort en FoodVvalley plaatsgevonden voor een toets op het convenant en het proces. Totslot is er een toelichting gegeven in de regio-overleggen van de UI0, Foodvalley en

Amersfoort en is het convenanttoegelichtin de community of practice van Cirkelstad. Aangezien dit convenant raakvlakken heeft met o.a. de afspraken die er voor toekomstbestendig bouwenzijn opgesteld voor de MRA regio en de klimaatafspraken,zijn hier regelmatig afstemmingsmomenten over geweest. De thema's Om de verschillende aspecten van toekomstbestendige woningbouw terug te laten komen in het toetsingskaderis gekozen om de indicatoren te formuleren aan de hand van de volgende zes thema's.

«

Energie

«

Circulariteit

2 metdaarin een vertegenwoordiging van de provincie Utrecht, de gemeente Amersfoort, de gemeente Utrecht en de ROM.

p22

es PROVINCIE £ UTRECHT

¢

Klimaatadaptatie

«

__Natuurinclusiviteit en biodiversiteit

«

Duurzame mobiliteit

«

Gezonde leefomgeving

Met de keuze voor deze zes thema's sluit het convenant aan op de voor nieuwbouw

relevante (maatschappelijke) transities zoals de energietransitie, grondstoffentransitie en speelt het in op de noodzaak voor een klinnaatrobuuste, gezonde leefomgeving met duurzame mobiliteitsconcepten. Onderstaande tabel geeft een overzicht van de indicatoren per thema. Door alle

nieuwbouwinitiatieven volgens dezelfde indicatoren te toetsen ontstaat er eenlevel playing field binnen de provincie Utrecht. Door hettoetsen op indicatoren wordt er gestuurd op prestaties en niet op maatregelen. Dl

Energie

BENG 3: minimaal aandeel hernieuwbare

energie (in %)

ROn De BENG-eisen zijn pas sinds 1 januari 2021 wettelijk

verplicht, er valt daarom nog veeloverte leren over de

toepassing in de praktijk.

De BENG-eisen, de MPG-eis ende TOjul-eis, zijn sterk met elkaar verbonden. Een generieke aanscherping van een eis ‘op de ene indicator kan het moeilijk (soms onmogelijk) moken de eis op een andereindicator te beholen [8]. Circulariteit

Milieu Prestatie Gebouwen(MPG)

Een MPG-berekening is bij elke aanvraag voor een omgevingsvergunning verplicht [17].

De MPG-scoreis een versimpelde weergave vande life Cycle Analysis van de materialen in een gebouw. Hetis een berekening van verschillende milieueffecten die gezamenlijk worden uitgedrukt in euro's maatschappelijke kosten [18].

De indicatorenvoor circulariteit en de waardes vandeze indicator voor ‘brons’ en ‘goud’ volgen Het Nieuwe Normaal enHet Nieuwe Normaal Excellent voor circulair bouwen van o.a. Cirkelstad [13] [12].

Circutariteit

Volumepercentage (%) van grondstoffenis

non-virgin of biobased

De minimale massapercentagesvanhernieuwbare grondstoffen. De indicatorenvoorcirculariteit en de waardes van deze indicator voor ‘brons’ en ‘goud’ volgen Het Nieuwe Normaal ‘en Het Nieuwe Normaal Excellent voor circulair bouwen van oa. Cirkelstad [13] [12].

p23

ee

PROVINCIE

Duurzame

UTRECHT

Laadpaalnorm (laadpaal/elektrische auto)

mobiliteit

Hetstellen van ambities en het scoren op de indicatoren bij het thema duurzame mobiliteit is sterk

locatieafhankelijk.

Voorde indicator laadpaalnorm is gekozen om een

reactief beleid als ondergrens te kiezen. Naar mate het beleid meer actief, of meer opde groei wordt uitgevoerd, lopen de ambitieniveaus op. Duurzame mobiliteit

Parkeernorm

Voordeindicator parkeernorm is gekozen om als ambitieniveaus te kiezen voor een aanscherping van de

parkeernorm. Dit kan gedaan worden opbasis van een voor hetproject te bepalen referentienorm.

Duurzame

mobiliteit

Loop- en fietsroutes

Voor deindicator loop-en fietsroutesis er gekozen om als

ambitieniveau de Leidraad duurzame gebiedsontwikkeling Almerete volgen [16].

Duurzame

Deelmobiliteit

Voorde indicator deelmobiliteit is gekozen om het

Klimaatadaptatie — Wateroverlast

a) Waterberging privaatterrein

De indicatoren voor klimaatadaptatie volgenhet

b) Natuurlijke afwatering

basisveiligheidsniveau zal gelden als bronzen ondergrens.

mobiliteit

stimuleren van deelmobiliteit als ondergrens te kiezen. Naar mate er deelmobiliteitsconcepten voor meerprocent van de bewoners wordt geëist, lopende ambitieniveaus op. convenant Klimaatadaptief Bouwen Utrecht [15]. Het

c) waterdiepte d) Waterneutraal

Klimaatadaptatie — Droogte

a) Droogtebestendige inrichting

b) Bodemdaling

De indicatoren voor klimaatadaptatie volgenhet

convenant Klimaatadaptief Bouwen Utrecht [15]. Het

basisveiligheidsniveau zal geldenals bronzen ondergrens.

€) vitale en kwetsbarefuncties

Klimaatadaptatie — a) schaduw Hitte

b) Koele plekken

De indicatoren voor Klimaatadaptatie volgenhet

‘convenant Klimaatadaptief Bouwen Utrecht[15]. Het basisveiligheidsniveau zal gelden als bronzen ondergrens.

©)Horizontale enverticale oppervlakten

d)Vitale en kwetsbare functies €) Binnentemperatuur

Klimaatadaptatie — a) schade voorkomen Overstromingsrisico b) Schadebeperking

©) Schuilen en evacueren

De indicatoren voor klimaatadaptatie volgenhet

convenantKlimaatadaptief Bouwen Utrecht [15]. Het

basisveiligheidsniveau zal gelden als bronzen ondergrens.

es PROVINCIE

Natuurinclusiviteit en biodiversiteit

UTRECHT

a) Ecologische structuren b) Groenblauwe structuren c) Habitat

Gezonde leefomgeving

% van de toegepaste materialen is vrij van giftige stoffen van de ‘Banned list of Chemical C2C Certified CM Product Standard V3.0.

De indicatorenvoor natuurinclusiviteit en biodiversiteit

volgen het convenantKlimaatadaptief Bouwen Utrecht

[15]. Hetbasisveiligheidsniveau zal gelden als bronzen ondergrens. Het aanscherpen van de ondergrens leidt tot de hogere ambitieniveaus.

De indicotoren voor circulariteit en de waardes van deze indicator voor ‘brons’ en ‘goud’ volgen Het Nieuwe Normaal ‘en Het Nieuwe Normaal Excellent voor circulair bouwen van 0.4. Cirkelstad[13][12].

Tabel | overzichtvan alle indicatoren

p25

EN

PROVINCIE 5: UTRECHT

Bijlage 5: Markconsultatie De hieronder genoemde organisaties zijn aanwezig geweest bij één of meerdere informatie-, of verdiepende sessies of hebben inhoudelijk gereageerd op het conceptconvenant.

Gemeente

aaa

a B Ban

Airitelstein

Dn

Bi gemeente Leusden

Ben,

oo

B®

a ist

ho-lis-tic vs ;

onEE4 Be PP Ell bur

boltorfejen

case

Schipper

cada

BOsch

1 Feattten

_P

semen

pe ial

a,

xf

soesterhof

seme

;

Coppert:

= comm «otROME” 5 we

Re ce =cranes e ="

B gemeente Baarn i

:

(©)

Et Es

emeente Bunk

RE ents

mits

Ingenious

URBAN

heete CLIMATE ml

en

provinciex Utrecht

YAdoatiantie

=

BS

Habitoo

fn

Olie

in

—

San

en

es PROVINCIE

=: UTRECHT

EEN

Bijlage 6: Afspraken Klimaatadaptief Bouwen Utrecht tene bekde geboundeongevingean leefomgeving

[1 jan) wast Veeo-ea etplder:bertnanaverkfatievandopen Ibogzaomverkeerichverplaztstenminimal 20%schadwopbuurtrivesa edecandschap z ze seamed 3.40%vanalherizetaleenverScaleoppendalienwardtwarmtrwerendofverkoelendngercht ennage &__ Dehoelngvan gebouwenleidniettotopwarmingvandeverifgruinte indedkectsomgedng. nen bet le 5. Vitaleenbwetsbare funcresengroemvoorderingenindecperbarerete moctenbestardzijtegendehit, helden, ee droagte 1. Oe het; debodemzjn sturendinde Vees-efMelpelderminiraal50% nArverenindebodemvoorver litricttotmnctureleschade foncieheum systeemkeuzenbrichting van hatplangebied. ‘deontmateringsdiepte,droogleggingenkvebatanshettoeten wegengroen,waterenvitale (Fmiimaal50%van depameerdagsom transiyanbedemnpebenoend invoigendekoko) ast senennin. enkectbarehrectes Bibetontwerpende de wetereriet. ‘Lagerasdgrondare minimal50%ifiterenindebodemvoorzover 4. Weeenhwetsbare functiesmastenbestandzjntegen langdurige droogte. ecntuateringsdeptedrooglegging en kwebalrshet toelten a letriettotschadeaan en 2 oppa! metrange beige bul 1/100 weordeningenVinlefunctes by,Jona Be cfin en krichtng,mama bijven inhet voeren de eerste 4 uur daarmaveraagd Infitreren in de bodem, alleen overschot natuurlik fvoeren beschttbase rietenafenzp hymadasl60arweer beschikaarrange4540u.

en eha x en an riet Infityesen Indebodenwaarmogelijkenvergenwaterberging oteen Vaes-of specBeke prncipes ancl opbeden ‘talenin de openbarenenteenbijvenhostboragenbegaanbaar. Samenalteene. 50 ‘genomen ceersboming,mis dezedoeimatgZn. Lage madgrendere geenspeciiekeprices functes ipwalects concen, ms demaatregelenMervodoelmatigzingezien hetregionaalofratioraalbelong. Schulenenevacueren0-250meters&moetenmantzegeiengetrofenwordenomteevacueren in hetgevalvan een overstromingenalsdevaatekortsomveligteschalen. 1. gebaseerd ad et ‘eplessiegen,ookbigelijkemaatschappelijke restatesenketen(TotalCost [2 vet opperviskwordt cheninde ooge roert, tetmee. 3 Metplangebied redereenhoogwaardige habvortenminstegeboumbeuanendesoorten. ennn 1. vande in vanhet ‘Veen:ofMelpelder:(rondaterpellelkhouden afverhogen Plangebied pn

we geedgbepertiogwatered eo, : ikdoorteaten : + Eisdiversteiten mataarndntrkat: werdenverre

ende

vangebourdgebied Bit

de,

en tegen Jeveraduur van zeg jaarmaatschappelijk het meest kasteneffectefzin voor openbaar en praat terrein.

EETL ee)

i

ee

PROVINCIE 2: UTRECHT

EEN

Bouwen.nl

Bijlage 7: Verhouding convenanten Utrecht & MRA Het convenant Duurzame Woningbouw provincie Utrecht staat niet op zichzelf. In het kader van de ambitie voor uniformering in de bouwsector is dit convenant voor het grootste gedeelte gelijk aan het convenant Toekomstbestendige Woningbouw MRA. De

samenwerking wordt tussen de regio's actief opgezocht. De overwegingen, algemene afspraken, afspraken over het handelingsperspectief en de methodiek van het

toetsingskader van beide convenanten komen, los van de regionale specificering (zoals op de regio toegespitste uitdaging in de inleiding en de verwijzing naar regionale

afspraken), volledig overeen. Ondanks de grote overeenkomstentussen beide convenanten zijn er wel regionale verschillen. Deze verschillen worden hieronder uiteengezet.

In de slotbepalingen wijken de beide convenanten van elkaar af als het gaat om het aanbrengen van wijzigingen in het convenant enhet algeheel eindigen ervan.In het convenant van de provincie Utrecht zijn hier twee extra bepalingen voor opgenomen, waarbij zij zich richten op hun bestuurlijke kerngroep. Binnen het toetsingskader (bijlage 1) worden dezelfde onderwerpen en indicatoren gebruikt. De corresponderende waarden in het kader die het ambitieniveau bepalen

komen grotendeels overeen, maarhierzijn kleine verschillen in. De verschillende waarden zijn te vinden op de onderwerpen: e

Energie, BENG 1.

e

Duurzame mobiliteit, parkeernorm & laadpaalnorm.

Daarnaastis er in het MRA-convenant een bijlage opgenomen die richting geeft aan het

proces na ondertekening van het convenantvoor zowelpubliek als privaat grondbezit.

en PROVINCIE

UTRECHT

Begrippenlijst Etud

Cerraitu)

BENG-norm

BENG staat voor Bijna Energie Neutrole Gebouwen. In Nederland wordt de energieprestatie voor nieuwbouw gebouwen bepaald aan dehand van 3 Beng- eisen (2021):

=

De maximale energiebehoeftein kWh per m2 gebruiksopperviak per jaar;

-

Het maximale primair fossiel energiegebruik, eveneens in kWh per m2

= Energieneutraal |

|

gebruiksoppervlakper jaar;

i

Het minimale candeel hernieuwbare energie in procenten.

|

Een gebouw is energieneutraal wanneer in, op of aan het gebouw evenveel duurzame energie wordt opgewekt als dat wordt gebruikt voor het gebouw gebonden energiegebruik, bij standaard kimaot en standaard gebruikersgedrag conform NTA 8800.Het betreft dus het | energiegebruik voor zaken als ruimteverwarming en -koeling, ventilatie, warm tapwater en

verlichting.

‚MPG

| Materialenpaspoort

Milieu Prestatie Gebouw (MPG)is een berekening van milieukosten per m2 bruto.

i

(door materiaalgebruik)te compenseren of ongedaan te maken.

;

vloeroppervlak perjaar. Deze kosten zijn een maatvoor de milieueffecten die door het materiaalgebruik worden veroorzaakt, over de hele levensduur. De MPG-score is een indicatie van de maatschappelijke kosten die gemaakt moeten worden om de schade aanhet milieu | Een materialenpaspoort bevat alle informatie die nodig is om een product in de toekomst te hergebruiken of te recycleren. Het vermeldt de gebruikte grondstoffen en componenten van producten en materiaal in het gebouw, inclusief locatie in het gebouw, prestaties (akoestische waarde, sterkte etc.), kwaliteit en hoeveelheid. Mogelijk aangevuld met

‘aanvullende aspecten zoals demontage richtlijnen en terugnameafspraken. r

rialen

zijn n

(pr

die zijn

van hernieuwbare,

organische grondstoffen in plaats van fossiele grondstoffen. Houtis een voorbeeld vaneen biobased materiaal. | Circulariteit

Een circulaire economie is een economisch systeem dat is gebaseerdop het minimaliseren van grondstofgebruïk door hergebruik van producten, onderdelen en hoogwaardige grondstoffen. Het is een systeem van gesloten kringlopen waarin producten hun woorde zo min mogelijk verliezen, hernieuwbare energiebronnen wordengebruikt en systeemdenken

centraalstaat” [19]. Hoogwaardige habitats

Een soort stelt eisen aan zijn biotische (alles wat leeft) en abiotische (alles wat niet leeft)

‘omgeving om te kunnen voortbestaan. Dat noemen we de habitatseisen van die soort Om het stedelijk gebied aantrekkelijk te maken en te houden voor soorten is het belangrijk dat tenminste aan de minimale levensvoorwaarden voldaan wordt. Met de term ‘hoogwaardige habitat’ worden die eisen van een soort bedoeld waar men redelijkerwijs op het perceel of met behulp van de directe omgeving aankunt voldoen. Het omvat alle aspecten van de ‘ontwikkeling van een soort die lokaal gereafisserd kunnen worden: voortplanting en verspreiding (genenpool), woonplaats, foerageergebied en rustgebied.

| |

ee

PROVINCIE & UTRECHT

Toekor:

Bronnen u “Provincie Utrecht, Monitor Wonen Provincie Utrecht,” 11 2021. [Online]. Beschikbaar: https://monitorwonen.provincie-utrecht.nl/. [Geopend 1 2021]. [2] Provincie Utrecht, “Groeialleen opte vangen metforse investeringen,”. [Online]. Beschikbaar:https://www.provincieutrecht.nl/actueel/nieuws/groei-alleen-op-te-vangen-met-forse-investeringen.[Geopend11 2021]. [3] “Klimaatakkoord”, Ministerie Economische Zaken en Klimaat, Den Haag,2019.[Online]. Beschikbaar: https://wwwijksoverheid.nl/docurnenten/rapporten/2019/06/28/klimaatakkoord/ (Geopend nl 2021). [4] Rijksoverheid, “Klimaatbeleid,” 2021. [Online]. Beschikbaar: https://wwwijksoverheid.nl/onderwerpen/klimaatverandering/klimaatbeleid. [Geopend n 2021] [5] Klimaatakkoord.nl, “Tandje bij naar 55 procent,” 13 10 2020. [Online]. Beschikbaar: https://www.klimaatakkoord.nl/actueel/nieuws/2020/10/13/tandje-bij-naar-55-procent.

[Geopend2021]. [6]

RVO, “Energieprestatie - BENG,” [Online]. Beschikbaar: https://www.rvo.nl/onderwerpen/duurzaam-

[7]

NL RI, “Onderzoek aanscherpingsmogelijkheden BENG-eisen,” Lente Akkoord, 2021. [Online]. Beschikbaar:

ondernemen/gebouwen/wetten-en-regels/nieuwbouw/energieprestatie-beng.[Geopend 06 08 2021].

https://www.ente-akkoord.nl/uploads/2021/07/Onderzoek-aanscherpingsmogelijkheden-BENG-eisen-Nieman-Ri.pdf. [Geopend

112021). [3]

LAkkoord,"Scherpere eis voor BENG | heeft wisselendeeffecten,” Zeer Energiezuinige Nieuwbouw, 2021. [Online].

Beschikbaar: https://www.lente-akkoord.nl/kennisbank/scherpere-eis-voor-beng-1-heeft-wisselende-effecten. [Geopend Il

2021). [9] Rijksoverheid, “Nederland circulair in 2050,”. [Online]. Beschikbaar: https://www.rijksoverheid.nl/onderwerpen/circulaireeconomie/nederland-circulair-in-2050. [Geopend 31 08 2021]. fo} Agenda stad, “City DealCirculair en Conceptueel Bouwen,” 2021. [Online]. Beschikbaar: https://agendastad.nl/content/uploads/2021/02/Dealtekst-Cíty-Deal-Circulair-en-Conceptueel-Bouwen-DEF-230221.pdf. [Geopend Ni 2021]. [In] Nationale Milieudatabase (NMD), “Nationale Milieudatabase Symposium 2021,” in Nationale Milieudatabase Symposium 2021, 2021. Zie ook: https://milieudatabase.nI/database/nationalemilieudatabase/ fa) Cirkelstad,“Het Nieuwe Normaal 0.2 - Samen Versnellen,” 2021. [Online]. Beschikbaar: https://www.cirkelstad.nl/wp3/wp-content/uploads/2021/11/Het-Nieuwe-Normaal-0.2.pdf. [Geopend Nl 2021]. fi3] Cirkelstad, “Sarnen Versnellen:‘het nieuwe normaal,” [Online]. Beschikbaar: https://www.cirkelstad.nl/project/samenversnellen/. [Geopend10 08 2021]. ha] RVO, “Laadinfrastructuur voor elektrisch vervoer - EPBD II” 2021. [Online]. Beschikbaar: https://www.rvo.nl/onderwerpen/duurzaam-ondernemen/gebouwen/wetten-en-regels/nieuwbouw/epbd-iïi/laadinfrastructuurelektrisch-vervoer. [Geopend 2021] fis] P. Utrecht, “Afspraken klimaatadaptief bouwen,” 2021. [Online]. Beschikbaar:https://www.pravincieutrecht.ni/sites/default/files/2021-07/Afspraken%20klimaatadaptief%20Bouwen%20Utrechtpdf.

[Geopend 2021]. liel @. Almere, “Leidraad duurzame gebiedsontwikkeling Almere," GemeenteAlmere,2021. [Online]. Beschikbaar: https://duurzaamalmere.nl/gebiedsontwikkeling/. [Geopend 1 2021). 17] RVO,“MilieuPrestatie Gebouwen - MPG,”. [Online]. Beschikbaar: https://www.rvo.nl/ onderwerpen/duurzaamondernemen/gebouwen/wetten-en-regels/nieuwbouw/milieuprestatie-gebouwen.[Geopend 10 08 2021]. lie] SN. MILIEUDATABASE, “Inkopen met de milieuprestatie gebouwen (MPG),”. [Online]. Beschikbaar: https://milieudatabase.nl/wp-content/uploads/2020/11/Publicatie_inkopen_met_MPGdef.pdf. [Geopend11 2021]. his] Ellen MacArthur Foundation, “Towards the Circular Economy Voll : an economic and business rationale for an acceleratedtransition,”. [Online]. Beschikbaar: https:/ /ellenmacarthurfoundation.org/towards-the-circular-economy-vol-I-an=

economic-and-business-rationale-for-an. [Geopend 11 2021].

[20] G. Amsterdam,“Notitie Advies BENG + normering Amsterdam,” Amsterdam. [Online]. Beschikbaar: https://bekendmakingen.amsterdam.nl/publish/pages/159981/bijlage_2_notitie_advies_beng_amsterdam_l.pdf2020. [Geopend n 2021].

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11903300/1