RIB21.005 Voortgang REP
Tekst van het document
Publiekshal ▪ Het Rond 1, Zeist
www.zeist.nl ▪ www.twittter.com/gemeentezeist
Postbus 513, 3700 AM, Zeist
www.facebook.com/gemeentezeist
Telefoon 14 030 ▪ zeist@zeist.nl
Aan de gemeenteraad
Ontv. Griffie 08-01-2021/RIB21.005
Datum
08 januari 2021
Burgerservicenummer Bijlage(n) Onderwerp
Ons kenmerk
392337
Uw kenmerk
3 Informeren voortgang REP
Behandeld door
Jan Peter Gulmans
Portefeuillehouder
S. Jansen
Geachte leden van de raad, De U16 gemeenten werken samen aan het Ruimtelijk Economische Perspectief (REP) voor de regio. Op 4 november 2020 is door de bestuurlijke trekkers van het REP en opgaveteam REP een informatiebijeenkomst georganiseerd voor de gemeenteraden en staten. Tijdens deze bijeenkomst is met de aanwezige leden gesproken over de voortgang van het REP en de stand van zaken bij de Regionale Energiestrategie. Niet alle leden konden de bijeenkomst bijwonen. De bestuurlijke trekkers hebben daarom een informatiebrief opgesteld om genodigden die niet aanwezig konden zijn in staat te stellen kennis te nemen van de voortgang van het REP, het participatie traject en het verdere bestuurlijk proces en besluitvorming. Ook gaat de informatiebrief in op de relatie tussen het programma REP met het landelijk BO Mirt traject, waarin de regio via het programma U Ned participeert. Aan de U16 colleges is gevraagd om de informatie in de brief met de raad te delen. Hierbij doen wij u de informatiebrief en bijbehorende bijlagen toekomen. Voor de goede orde geven wij ter aanvulling op de informatiebrief en bijlagen aan dat de verdere uitwerking van de contour REP, past binnen de kaders van de Zeister Propositie en RES. Het Utrechts aanbod (bijlage 3) is een initiatief van de provincie Utrecht.
In de aanloop naar de Tweede Kamerverkiezingen in maart 2021 heeft de provincie Utrecht met Utrechtse gemeenten en Foodvalley een aanbod van de regio opgesteld voor het nieuwe kabinet. In dit aanbod wordt beschreven waar de regio sterk in is en bij kan dragen aan een verdere ontwikkeling van Nederland. Daarnaast geeft het aanbod aan wat de regio nodig heeft om sterk te kunnen blijven om maatschappelijke opgaven en uitdagingen te kunnen oppakken. Zo kunnen regio en Rijk samenwerken aan gezamenlijke maatschappelijke opgaven. Ook Zeist wordt in het Utrechts aanbod genoemd, bijvoorbeeld als onderdeel van een te ontwikkelen ligth rail verbinding vanuit de stad Utrecht richting Utrecht Science Park, Zeist naar Amersfoort. Binnenkort informeren wij u over wat Zeist kan betekenen in het Utrechts aanbod.
Austerlitz ▪ Bosch en Duin ▪ Den Dolder ▪ Huis ter Heide ▪ Zeist
2
Met RIB 392093 hebben wij u reeds geïnformeerd over de uitkomsten van het BO Mirt, d.d. 25 november 2020. In die brief hebben we tevens aangegeven dat we u binnenkort informeren over de voortgang van het REP. Dat doen we met de bijgevoegde brief. Wij gaan er vanuit u hiermee naar behoren te hebben geinformeerd. Hoogachtend, burgemeester en wethouders van Zeist,
de gemeentesecretaris,
de burgemeester,
dr. H.S. Grotens
drs. J.J.L.M. Janssen
Bijlagen: Bijlage 1. Informatiebrief Voortgang REP, d.d. 4 december 2020 Bijlage 2. Besluitvorming contour REP Bijlage 3. Utrechts aanbod
Austerlitz ▪ Bosch en Duin ▪ Den Dolder ▪ Huis ter Heide ▪ Zeist
Aan: De 16 colleges van de gemeenten die samen het REP maken
Betreft: Informeren: -
Voortgang REP
-
Verstedelijkingsstrategie REP als opmaat naar IRP en input Utrecht Nabij (BO MIRT)
Bijlagen: -
Verstedelijkingsstrategie REP als opmaat naar IRP en input Utrecht Nabij (BO MIRT)
-
Besluitvorming Contour moties en ammendementen
Datum: 4 december 2020
Beste colleges,
Tijdens de informele staten,- en radenbijeenkomst op 4 november 2020 hebben wij met de aanwezige leden gesproken over de voortgang van het Ruimtelijk Economisch Perspectief (REP) en de stand van zaken bij de Regionale Energiestrategie. Graag willen we de genodigden die niet aanwezig konden zijn in staat stellen kennis te nemen van de voortgang van het REP, het participatie traject en het verdere bestuurlijk proces en besluitvorming. Ook zullen we in deze brief de relatie leggen tussen het programma REP met het landelijk BO Mirt traject, waarin de regio via het programma U Ned participeert.
Waar komen we vandaan De afgelopen jaren hebben we als samenwerkende gemeenten al flinke stappen gezet. Denk hierbij aan de Ruimtelijk-Economische Koers uit 2017, de gezamenlijke uitgangspuntennotitie en de basis voor het beoordelingskader in 2019. Vervolgens is in 2020 gewerkt aan het aangescherpte beoordelingskader en de Contour REP, die inmiddels in alle U16 gemeenten is vastgesteld. We werken nu aan fase 3: een Integraal Ruimtelijk Perspectief voor de regio. Die willen we graag nog in de eerste helft van 2021 aan alle U16 raden voorleggen. In onderstaande tekstkader treft u de fasen van het REP aan.
Op basis REK en PvA REP wordt in vier fases een regionaal Perspectief en Programma opgesteld: Fase 1: Stip op de horizon tot 2040 (2018 - 2019) Fase 2: Een ruimtelijke contour (2019 – 2020) Fase 3: Een verstedelijkingsstrategie en integraal ruimtelijk perspectief (2020 en 2021) Fase 4: Een integraal programma en uitvoeringsstrategie Nu: Uitwerking Integraal Ruimtelijk Perspectief van oktober 2020 – maart 2021
1
Besluitvorming Contour en terugkoppeling Alle 16 raden hebben het aangescherpte beoordelingskader en de Contour aangenomen met in totaal 21 moties, 4 amendementen en 2 reacties. In de bijlage treft u de uitslag aan van de raadsbehandeling per gemeente met een duiding van de moties en amendementen. De reacties zijn op hoofdlijnen onder te verdelen in: 1.
Betrokkenheid raden: De Bilt, Stichtse Vecht en De Ronde Venen pleiten ervoor dat raden aan zet zijn, waar ruimte blijft voor gemeenten om eigen keuzes te maken;
2.
Participatie: de gemeenten Bunnik en De Bilt roepen op om de participatie zo snel als mogelijk in te richten;
3.
Moties over Wonen: Nieuwegein en Utrechtse Heuvelrug zien graag een regionale woningverdeling. De Ronde Venen is van mening dat ook langs HOV-lijnen woningbouw mogelijk moet zijn en niet alleen nabij knooppunten. Utrecht wil een regionaal woonakkoord in analogie van haar Stadsakkoord. En Bunnik vraagt aandacht voor natuurinclusief bouwen;
4.
Moties over Mobiliteit: Bunnik en Houten vragen aandacht voor automobiliteit in de Contour en vragen om hierover een paragraaf op te nemen;
5.
Moties over Groen en Landschap: Houten ziet graag de term “Groene schaalsprong” terug en Lopik wil meer nadruk op de groene pijler en Oudewater op het Groene Hart. Woerden wil de landschappelijke kwaliteit kunnen meten. Utrechtse Heuvelrug en Wijk bij Duurstede geven aan dat bij groen ook aandacht moet zijn voor water en klimaatadaptatie. Utrecht vindt dat de ruimtelijke en economische ontwikkelingen moeten passen binnen “de grenzen van de aarde” en dat klimaatcrisis en biodiversiteitscrisis ook urgent zijn.
De reacties van de raden worden meegenomen bij het uitwerken van het Integraal Ruimtelijk Perspectief (IRP). Bovendien zijn een aantal moties uit de eerdere raadsbehandeling van het beoordelingskader en de uitgangspuntennotitie doorgeschoven naar het IRP. Bij de behandeling van het IRP in de eerste helft van 2021 vindt terugkoppeling plaats aan de raden, waarbij wordt aangeven hoe de reacties uit de eerste en tweede ronde in het IRP zijn verwerkt. Het antwoord op de moties ten aanzien van betrokkenheid van de raden en participatie vindt u in deze brief.
Van Contour naar Verstedelijkingsstrategie In fase 3 van het IRP werken we vanuit de opties uit de Contour naar keuzes voor ruimtelijke ontwikkeling. Als eerste stap is de afgelopen maanden gewerkt aan de Verstedelijkingsstrategie U16, wij voegen deze ter informatie toe. Daarin zijn de hoofdkeuzes voor wonen, werken en bereikbaarheid verkend en voorbereid, gecombineerd met de beschikbare bouwstenen groen, landschap, water, energie. Deze bouwstenen krijgen steeds meer richting en vorm richting het IRP.
Deze verstedelijkingsstrategie laat zien dat er in de regio voldoende locaties zijn om de behoefte aan wonen en werken op te vangen, en geeft grofweg een prioritering aan. Ook maakt het de benodigde mobiliteitsmaatregelen inzichtelijk (dit onderzoeken we in U Ned). Hiermee zet de regio de basis voor het IRP en de inzet voor het BO MIRT (25 november 2020) en Kabinetsformatie scherp neer.
2
Van Verstedelijkingsstrategie naar Integraal Ruimtelijk Perspectief In het IRP besluiten we over zaken waarover we regionaal keuzes moeten maken. Dat betreft in elk geval de hoofdkeuzes voor de ontwikkelrichting van de regio, de majeure locaties, structuren en projecten. Daarnaast maken we zachte keuzes voor nadere uitwerking in het Programmeren (REP fase 4). In het IRP werken we de kwalitatieve uitwerking van wonen en werken uit en, in samenwerking met de programmalijnen van U Ned, een strategie voor de groeiende mobiliteitsvraag in de regio. Per deelgebied maken we kaders en kaartbeelden zodat de ruimtelijke keuzes voor groen, landschap, energie, vitaliteit voor alle kernen beeld komen. Zo komen we in de eerste helft van 2021 tot een integraal afgewogen beeld op voor de ruimtelijke ontwikkeling voor de regio: het Integraal Ruimtelijk Perspectief.
Samenhang andere trajecten Parallel met de uitwerking van het REP lopen een aantal trajecten in de samenwerking met het Rijk en Provincie, zoals U Ned, de Regionale Energie Strategie (RES) en het regionaal programmeren. De uitdaging is om inhoud en besluitvorming voor deze trajecten goed op elkaar af te stemmen en lokale, regionale en Rijksbelangen met elkaar te verenigen. In het REP proces is het daarom van belang om rekening te houden met de mijlpalen van deze trajecten als input voor het IRP en zullen we omgekeerd input of reacties geven ten behoeve van de andere trajecten.
Samenhang REP en U Ned Het REP is, namens de U16, input voor U Ned, waarin Rijk en Regio samenwerken aan verstedelijking en bereikbaarheid. De Contour, de redeneerlijnen en de ruimtelijke uitwerking van de Verstedelijkingsstrategie REP zijn goed herkenbaar in ontwikkelperspectief ‘Utrecht Nabij’ dat onlangs door rijk en regio in het BO MIRT is vastgesteld als gezamenlijke visie voor de toekomst. Er zijn nog wel wat resterende discussiepunten, onder andere over het gewenste laadvermogen (wonen en werken) van een aantal locaties, de (financiering van) benodigde mobiliteitsmaatregelen en de prioritering en fasering van ontwikkelingen. Dat past bij de fase waarin we verkeren met het programma U Ned. Het ministerie van I&W hecht aan een brede verkenning, als fundament onder besluitvorming over forse investeringen. Om dit verder op te pakken in de samenwerking Rijk/Regio zijn er in het BO MIRT van 25 november 2020 besluiten genomen voor vervolg, zoals:
De vaststelling ontwikkelperspectief verstedelijking en bereikbaarheid Utrecht Nabij. Dit is de gemeenschappelijke basis voor de onderstaande punten en toekomstige investeringsbesluiten;
De uitwerking van mobiliteitsstrategie; 3 gebiedsonderzoeken (west, zuid, oost) om integrale ruimtelijke programmering en fasering te concretiseren;
Programma knooppuntenontwikkeling;
Regionale parkeerstrategie.
In de brief ‘resultaten BO Mirt – najaar 2020’ bent u hierover geïnformeerd.
Samenhang REP en RES De RES komt voort uit het Nationaal Klimaatakkoord en is nauw verbonden aan het REP. Beide trajecten ontwikkelen zich gelijktijdig en de besluitvorming vindt gelijktijdig plaats. In oktober, na vaststelling 3
door alle deelnemers, is de ‘Ontwerp RES incl. concept bod’ ingediend bij het Nationaal Programma RES. Daarmee zijn we in de volgende fase beland naar RES 1.0. De gemeenten zijn nu aan zet voor het vinden van locaties voor elektriciteitsopwekking. Veel gemeenten zijn inmiddels gestart met deze zoektocht. De RES 1.0 wordt in april 2021 ter besluitvorming aangeboden aan de parlementen. REP en RES hebben elkaar nodig bij de integrale afweging, benutten elkaars kennis en zorgen voor samenhang tussen REP en RES. Binnen het REP benutten wij de RES als bouwsteen.
Regionaal programmeren (POVI & REP) Na de vaststelling van de POVI zal het rode contouren beleid van de provincie overgaan in een aanpak voor regionaal programmeren. De U16 en de Provincie willen dit samen vormgeven door middel van het programmeren in REP fase 4 en door een programma op te starten voor de korte en middellange termijn (start met wonen en werken). Het streven is het regionaal programma voor de korte en middellange termijn tegelijkertijd met het IRP af te ronden dit jaarlijks te herijken. Door deze adaptieve werkwijze kan de programmering goed aan blijven sluiten op regionale trajecten en lokale ambities en mogelijkheden. De programmering is een groeimodel dat steeds verder wordt aangescherpt en aangevuld kan worden.
Planning en besluitvorming IRP In de huidige derde fase van REP werken we toe naar een besluit van de 16 gemeenteraden over het IRP. De bestuurlijke opdrachtgevers van het REP stellen de gemeenteraden graag in de gelegenheid om de gehele besluitvorming over het IRP voor de gemeenteraadsverkiezingen in maart 2022 af te ronden. Dit is alleen mogelijk als het volgende tijdpad bij de gemeenten kan worden doorlopen. Het IRP wordt 15 februari verstuurd naar de colleges ter consultatie. Na verwerking van deze consultatieronde wordt op 1 april 2021 het IRP verstuurd aan de raden. Graag willen we de raden voorafgaande aan de consultatieronde informeren tijdens een raadsinformatiebijeenkomst. Ook zullen we na het aanbieden van het IRP een (digitale) tour langs de gemeenteraden houden door in de 5 deelgebieden van de Contour gesprekken te organiseren met raadsleden ter voorbereiding op besluitvorming in de raad.
De raden kunnen reacties en/of zienswijzen indienen voor juli 2021. De inbreng van de raden wordt in juli en augustus verwerkt in een definitief IRP, welke de laatste week van augustus wordt opgeleverd ter besluitvorming in de colleges en raden.
Participatie regionale stakeholders en inwoners Er is ruimte nodig voor participatie op de regionale vraagstukken, zowel met regionale stakeholders als met inwoners. Het REP team organiseert de participatie met relevante regionale actoren. Een goed voorbeeld hiervan is een recentelijk gehouden sessie over het thema Werken naar aanleiding van de vraag van MKB Nederland om samen met relevante partijen in te gaan op het STEC rapport over werklocaties. De uitkomsten van deze regionale participatie worden meegenomen in de uitwerking van het Integraal Ruimtelijk Perspectief.
4
Voor participatie met inwoners zijn gemeenten primair aan zet. Wij zien mogelijk regionale verschillen ontstaan. Voor diverse gemeenten geldt dat de keuzes in het IRP parallel lopen met lokale participatie. Voor andere gemeenten geldt dat participatie nog moet plaatsvinden. Voor deze gemeenten nemen wij in het IRP ‘zachte’ keuzes op: ze staan nog niet vast, maar zijn afhankelijk van verdere lokale besluitvorming. Deze lokale besluitvorming krijgt vorm in de volgende fase van het REP, de programmeringsfase, na afronding van een lokaal participatietraject. In deze fase zullen de keuzes per deelgebied zodanig concreet zijn dat ze voor inwoners goed te relateren zijn aan hun woonomgeving. Door de participatie met inwoners te verbinden aan deze fase kunnen gemeenten hun eigen planning hiervoor bepalen.
Met vriendelijke groet,
Klaas Verschuure en Sander Jansen,
Bestuurlijke opdrachtgevers REP
5
Bijlage besluitvorming Contour moties en amendementen Gemeente
Moties
Duiding motie (dictum)
Bunnik
Participatie in de regionale samenwerking aan de REP
Zo snel mogelijk starten, niet alleen informeren bv ook meedenken, op lokaal en (sub)regionaal nivo, dit borgen in PvA fase 3
De Bilt
inwonersparticipatie In fase 3 inwoners te betrekken in de U10 communicatie en in en comm REP regionale participatieve sessies
De Bilt
Raad blijft aan zet, ook bij U10 samenwerking
Minimaal een actuele en transparante U10 website en nieuwsbrief met oa vooraf te bespreken onderwerpen aan BT's. Eens per kwartaal op de hoogte houden van U10 ontwikkelingen. Een transparant en democratisch besluitvormingsproces en gelijke informatiepositie alle raden.
De Ronde Venen Ontwikkeling vitale kernen
Voor elke gemeente ruimte is en blijft om eigen doelstellingen te realiseren omtrent wonen, werken, bereikbaarheid
Algemeen
Stichtse Vecht
Stichtse Vecht
Utrecht
Utrechtse Heuvelrug
Raad blijft aan zet, ook bij U10 samenwerking
Minimaal een actuele en transparante U10 website en nieuwsbrief met oa vooraf te bespreken onderwerpen aan BT's. Eens per kwartaal op de hoogte houden van U10 ontwikkelingen. Een transparant en democratisch besluitvormingsproces en gelijke informatiepositie alle raden. Beperken cumulatie In het beoordelingskader een passage wordt opnemen dat een geluidseffecten toetsing plaats moet vinden ter voorkoming van een cumulatie van geluidseffecten waardoor mensen excessief overlast zouden kunnen ervaren en dat over de afweging ook gerapporteerd wordt M285 Werken De ruimtelijke en economische ontwikkelingen in de regio binnen de grenzen blijven binnen de grenzen van de aarde (boven het sociale van de aarde minimum, onder het ecologisch plafond). De Impact van alles
Een onderzoeksvraag opnemen gericht op alle bovenlokale ruimtelijke consequenties van de verstedelijkingskeuze. Daarmee wordt de manier waarop de keuze bovenlokaal doorwerkt, evenals de beperkingen van deze keuze voor onze leefomgeving, inzichtelijk, bespreekbaar en onderdeel van de afweging. En verzoekt daarnaast het resultaat/antwoord op deze vraag mee te nemen in het beoordelingskader.
1
Utrechtse Heuvelrug
Reactie : Huidige crisis en consequenties
Wijk bij Duurstede Wijk bij Duurstede
Reactie : Corona
Op dit moment is niet te overzien wat de impact is van de huidige crisis op de groei in onze regio. We gaan ervan uit dat bij de verdere uitwerking en het opstellen van het integrale perspectief, de laatste inzichten en prognoses over de groei in onze regio hierin meegewogen worden. invloed Corona meenemen
Reactie : Regionaal Programmeren
REP en regionaal programmeren provincie niet los van elkaar te zien, invloed Corona meenemen, meer aandacht bij G&L voor de Kromme Rijn Delta
Reactie : Energie
Het is belangrijk dat het integrale perspectief van de U16 zoals dat begin 2021 gereed is - voldoet aan de lokale kaders die participatief en democratisch tot stand zijn gekomen.
Reactie : Werken
in de Contour staat een beleidsadvies opgenomen met een zestal randvoorwaarden om te komen tot toekomstbestendige werklocaties in de U10. Ons voorstel is om bij dit beleidsadvies ook de behoefte aan kleinschalige werklocaties in gemengde gebieden mee te nemen als randvoorwaarden bij de uiteindelijke programmering van de werklocaties, waarbij er aandacht is voor de lokale context en bijzonderheden.
Natuur-iunlcusief bouwen & Op de natuur gebaseerde oplossingen (Nbs) in het REP Groene schaalsprong
Deze term inbouwen in vervolg REP en daarmee Groen en landschap versterken, zo goed als mogelijk meenenemen bij de uitwerking in de hoofd- en subdoelen waarmee dit verbonden is.
Houten
Landbouw
Lopik
Uitspraak (toevoeging aan raadsbesluit):
In Contour en IRP meer aandacht voor behoud en versterken aagrarische sector met kernindicatoren : aantal innovaties, nieuwe verdienmodellen, invulling van agrarische bestemmingen, voldoende ruimte voor vitale landbouw, steun en positieve campagne Belang van de vijfde pijler (Groen en Landschap) nogmaals bekrachtigen
Energie Utrechtse Heuvelrug
Werken Utrechtse Heuvelrug
Groen Bunnik
Houten
Aandringen op een groene schaapsprong met concrete doelen toevoegen ter versterking G&L
2
Oudewater
Contour REP
Utrecht
M284 klimaatcrises en biodiversiteitscrises ook urgent
Utrechtse Heuvelrug Utrechtse Heuvelrug
Wijk bij Duurstede
Woerden
Wijk bij Duurstede
Groene Hart opnemen als dragend elemengt voor de Contour en niet alleen maar inpassen in de stedelijke ontwikkeling en opnemen in kaartmateriaal. Bovendien als onderzoeksvraag de ontwikkeling en kansen voor agrarische sector meenemen.
In overleg te gaan met de U16 partners met als inzet de Contour REP te laten wijzigen en niet alleen urgenties te benoemen op bijvoorbeeld de woningmarkt en mobiliteitsopgave, maar ook ten aanzien van de klimaatcrisis of de biodiversiteitscrisis. Niet toegangkelijke In Contour meer aandacht voor het versterken van de natuur en intrinsieke waarden van natuur en de landschappen in de stiltegebieden buitengebieden. Nu teveel nadruk op recreatief groen. Wateropvang en Bij het IRP en andere U10 produkten aandacht te geven aan natuur het ontwikkelen/versterken van nieuwe (natte) natuur voor het vasthouden en opvangen van water en dit te koppelen aan de doelstellingen voor klimaatadaptatie van de regio.
De uitkomsten hiervan te bespreken aan de bestuurstafel Natuur en Landschap en op te nemen en te verwerken in het Integraal Ruimtelijk Perspectief U16 Motie : Gebied rond Dat Wijk bij Duurstede zich nadrukkelijker vanuit de Kromme Gravenbol Rijn Delta inzet voor ontwikkeling van de Groen en Blauwe Recreatiezone in het gebied rond de Gravenbol, dat van groot belang is voor de regio in zijn algemeenheid en Wijk bij Duurstede in het bijzonder Vastleggen huidige De huidige toestand van de landschappelijke kwaliteit toestand (landbouw, biodiversiteit, bodemdaling, CO2-opname/uitstoot, landschappelijke natuurwaarden, bijdrage aan regionale voedselvoorziening) kwaliteit met meetbare gegevens te onderbouwen. Reactie : Kromme Rijn
Meer aandacht bij G&L voor de Kromme Rijn Delta
Contour REP
paragraaf Mobiliteit toevoegen inclusief kaartmateriaal en een pleidooi te houden voor volledige aansluiting A12 bij de Limesbaan en ivm omlegging N229
Mobiliteit Bunnik
De Ronde Venen Woningbouw OVlijnen
In het verdere proces van de REP zich in te zetten voor verbreding van de verstedelijkingsprincipes met als doel het niet alleen mogelijk maken van woningbouw rond OVknooppunten, maar ook langs hoogwaardige OV-lijnen.
Houten
Paragraaf automobiliteit toevoegen aan de Contour met kaartmateriaal en een pleidooi te houden voor een volledige aanslyuiting op de A12
Automobiliteit
3
Stichtse Vecht
Aanscherpen denkrichtingen knooppunt Loenersloot
In de verdere uitwerking van de contour REP (onderzoeksagenda) te pleiten voor verschillende denklijnen/ scenario's voor het eventuele nieuwe knooppunt bij Loenersloot/N201, zodat de raad van Stichtse Vecht en inwoners in het participatieproces beter geïnformeerd zijn over de wenselijkheid van een ontwikkelingsopgave op deze locatie.
De Ronde Venen Overleg Rijk en Provincie woningbouw
De Minister van BZK te melden dat wij met onze gemeente willen voldoen aan de door haar geschetste behoefte voor woningbouw en de beschikbare locaties hebben om 4.800 woningen te bouwen tot 2040 en met haar gezamenlijk met provincie Utrecht in overleg te treden
Nieuwegein
Regionaal gelijkere instroom
Utrecht
M288 Van Stadsakkoord naar Regioakkoord
Utrechtse Heuvelrug
Regionale Woningverdeling
Aan de verschillende bestuurstafel U10/U16 te bespreken op welke wijze regionaal beleid kan worden ontwikkeld waardoor er een gelijkere in- en uitstroom van hoge en lage inkomens kan worden gerealiseerd in gemeenten, met als doel dat de toevoeging in de diverse segmenten goed over de gemeenten wordt verdeeld. In gesprek te gaan met Provincie, buurgemeenten, ontwikkelaars, corporaties en andere marktpartijen in de regio (U16) met als doel om te komen tot een Regionaal Akkoord Wonen (RAW); Meer aandacht voor de woonruimteverdeling t.b.v. de lagere i ko e sgroepe . het z.g. ‘sociale huurwo i gseg e t”. Bij gebrek aan deze woningen, en door het ontbreken van geschikte en voldoende huur-middenwoningen, vindt in verschillende gemeenten (en plaatsen) geen goede doorstroming van woningen plaats. Hiervoor, samen met de woningcoöperaties, een oplossing zien te vinden is ons inziens zeker een noodzakelijk, regionaal aandachtspunt.
Wonen
4
Utrechts Aanbod voor een groen, gezond en bereikbaar Nederland
1
Utrechts Aanbod voor een groen, gezond en bereikbaar Nederland De Utrechtse regio1 heeft in Nederland een bijzondere en krachtige positie. Hier komt alles samen qua infrastructuur en economische hotspots en van topkennis op het gebied van Health en Food tot gezond stedelijk leven. Met een waaier aan culturele voorzieningen, een rijk erfgoed en nationale parken als voor- en achtertuin is de Utrechtse regio één van de meest gewilde plekken om te wonen, te studeren, te ondernemen en te werken. De Utrechtse regio behoort dan ook tot de economische topregio’s van Europa. Je kunt niet om Utrecht heen. De Utrechtse regio is één van de snelst groeiende stedelijke regio’s van Nederland. De grootste uitdaging is: hoe zorgen we voor genoeg woningen en banen voor iedereen én houden we de regio gezond, leefbaar en bereikbaar? We barsten nu uit onze voegen en lopen tegen onze grenzen aan. We zullen samen moeten zoeken naar efficiënt ruimtegebruik. Alleen als we samen investeren, Rijk en regio, houden we de Utrechtse regio ook op de lange termijn economisch sterk, duurzaam leefbaar en bereikbaar voor Nederland.
1
De Utrechtse regio zoekt dan ook nadrukkelijk de samenwerking met het nieuwe kabinet. We kiezen in de Utrechtse regio voor verdichting, bouwen bij OV-knooppunten en groen in en om de steden en kernen, met gezondheid als belangrijk uitgangspunt. Door te bouwen bij knooppunten combineren we wonen met werken en bereikbaarheid en houden we ruimte voor de energietransitie en groene kwaliteit. In het landelijke gebied van de provincie zetten we in op vitale kernen, het uitbreiden van recreatiegebieden, het versterken van de natuur, het terugdringen van de stikstofuitstoot en het tegengaan van verdere bodemdaling in het westen en noorden van de Utrechtse regio.
| De Utrechtse regio bestaat uit de Gooi- en Vechtstreek, Foodvalley en de provincie Utrecht en omvat zo’n anderhalf miljoen inwoners.
2
01
BEREIKBARE WOONEN WERKLOCATIES De Utrechtse regio is de draaischijf in de nationale mobiliteitsnetwerken én één van de belangrijkste economische groeicentra van het land. Om dat in de toekomst ook te blijven, en te blijven voldoen aan de gigantische en groeiende vraag naar banen én woningen is een schaalsprong OV nodig. Alleen op die manier kunnen we groots ontwikkelen en voorzien in locaties om te wonen en te werken, met uitstraling naar de rest van Nederland. Alleen op die manier blijft de draaischijf Utrecht functioneren als spil in het nationale netwerk, verlagen we de druk op de nationale woningmarkt en dragen we bij aan het economisch verdienvermogen. Ons perspectief is een ring van stedelijke knooppunten en ontwikkellocaties rond de stad Utrecht, met elkaar verbonden door een OV-ring, gekoppeld aan sterke (light)railverbindingen met de regio en richting de rest van Nederland.
Om te blijven voldoen aan de gigantische en groeiende vraag naar banen én woningen is een schaalsprong OV nodig.
Rond dit ‘wiel met spaken’ concentreren we woningbouw- en werklocaties. We zoeken expliciet de samenwerking met het Rijk om gezamenlijk te investeren in: • Twee lightrailverbindingen: één aan de zuidwestkant van de stad Utrecht richting Nieuwegein en één aan de Zuidoostkant richting Utrecht Science Park, Zeist en Amersfoort; • Een IC-dubbelstation Utrecht LunettenKoningsweg, ter ontsluiting van ruim 60.000 woningen, 50.000 arbeidsplaatsen en het snelgroeiende Utrecht Science Park; • Het versterken van de weg- en spoorcorridor Amersfoort – Amsterdam (A1/Gooicorridor) door het bieden van meer ruimte voor treinen voor personenvervoer, versterking van Amersfoort Centraal als OV-knooppunt en ontsluiting van nieuwe woningbouw bij Amersfoort Schothorst; • Meer (internationaal) spoorverkeer door capaciteitsuitbreiding op de sporen Utrecht – Amsterdam/Schiphol en Utrecht – Arnhem met een verbeterde bediening voor knooppunten als Bunnik, Driebergen-Zeist, Veenendaal-De Klomp en Ede-Wageningen zodat deze een aantrekkelijke locatie blijven voor woningbouw; • Verder ontwikkelen van multimodale hubs door OV en weg te koppelen in samenhang met een regionale parkeerstrategie, fietsvoorzieningen en een uitgebreid fietsnetwerk.
3
02
VOLDOENDE EN BETAALBARE WONINGEN In Nederland moeten in de komende tien jaar één miljoen extra woningen bijgebouwd worden om de woningcrisis het hoofd te bieden. De Utrechtse regio bouwt er een stad bij ter grootte van Tilburg. Een serieuze opgave in de Utrechtse regio. We zetten in op een passend en betaalbaar woningaanbod voor iedereen, ook voor diegenen die daar (tijdelijk) zelf niet in kunnen voorzien. De regio heeft al één van de meest gespannen woningmarkten van Nederland. De prijzen stijgen snel en woningen dreigen te duur te worden voor veel mensen. Er zijn in het middensegment te weinig betaalbare huuren koopwoningen beschikbaar met vooral weinig goedkope koopwoningen onder de €300.000. Ook in de sociale huursector is er meer vraag dan aanbod, mensen wachten soms meer dan 10 jaar op een sociale huurwoning. Dit vraagt om een regionale aanpak gericht op o.a. stedelijke vernieuwing en leefbare kernen, waarbij voldoende financiering en bereikbaarheid randvoorwaarden zijn om aan de vraag te voldoen. Dat vraagt om: • Afschaffen verhuurdersheffing in huidige vorm om de investeringscapaciteit van woningcorporaties te verhogen. Als we niets doen lopen de corporaties in de Utrechtse regio al in 2025 tegen hun financiële grenzen aan zo blijkt uit onderzoek in opdracht van het Rijk.
• De woningbouwproductie versnellen en daarmee de betaalbaarheid van nieuwe én bestaande woningvoorraad verbeteren door alle beschikbare instrumenten (zoals de Woningbouwimpuls, infrastructuurfonds, en het Nationaal Groeifonds) in te zetten, en de instrumenten uit de Woondeal/ Verstedelijkingsstrategie ook voor regio Amersfoort beschikbaar te maken. • De verplichte markttoets voor woningcorporaties af te schaffen en een aanpassing van woningwaarderingsstelsel voor een aantal gebieden in onze regio door te voeren om zo de stijging van de aanvangshuren in de vrije sector (bij een wissel) te kunnen beperken. • Instrumenten om goed verhuurderschap te stimuleren, waaronder de introductie van een brede verhuurdersvergunning en extra middelen om het Huurteam in de hele regio in te kunnen zetten.
De komende tien jaar willen we 100.000 woningen bijbouwen.
4
03
GROEN GROEIT MEE De Utrechtse regio kenmerkt zich door waardevolle nationale landschappen en unieke natuur: Nationaal Park Utrechtse Heuvelrug (het eerste bosgebied dat je tegenkomt vanuit de Randstad en dat de steden Amersfoort en Utrecht verbindt), Het Groene Hart, De Gelderse Vallei, maar ook historische plekken als de Grebbelinie en de Hollandse Waterlinie. Deze landschappen zijn onderdelen van het aantrekkelijke vestigingsklimaat van de regio. Om dit te behouden bouwen we zoveel mogelijk binnenstedelijk, liefst via herontwikkeling en transformatie. Binnenstedelijke ontwikkeling zorgt dat we het omliggende landschap sparen, maar vraagt wel meer aandacht voor de kwaliteit van recreatie en groen in de directe omgeving van steden en dorpen. We behouden en versterken de groene recreatiegebieden en zorgen voor voldoende natuur dichtbij de woon- en werkomgeving. In dit landschap moet ook ruimte komen voor de energietransitie, de transformatie in de
landbouw, klimaatadaptatie, recreatie, verbindingen, nieuwe natuur en biodiversiteit. Samen met het Rijk willen we het landelijk gebied versterken door: • De barrièrewerking van o.a. rijkswegen en spoorlijnen op te heffen, de fietsinfrastructuur te verbeteren en deze routes op te waarderen naar groenblauwe linten van allure. • Samen investeren in de realisatie van nieuwe groengebieden en versterking van de grote landschapsparken in onze regio, bijvoorbeeld door een bijdrage uit de Bossenstrategie. Dit draagt bij aan het verbeteren van de luchtkwaliteit. • De natuur te versterken door (niet alleen in Natura2000-gebieden) de stikstofuitstoot te verminderen, geld vrij te maken voor natuurherstel en de verdroging van de Utrechtse Heuvelrug tegen te gaan via bijvoorbeeld het Deltaprogramma of het LNV-programma Natuur. • De samenwerkingskracht van het landbouwnetwerk in Foodvalley te benutten als proeftuin voor kringlooplandbouw en een nationale voedselstrategie vast te stellen.
We bouwen zoveel mogelijk binnenstedelijk, liefst via herontwikkeling en transformatie. 5
04
DUURZAME ECONOMISCHE GROEI De Utrechtse regio draagt flink bij aan het verdienvermogen van Nederland. Door de concentratie van bedrijven en kennisinstellingen rond gezondheid en een hoogopgeleide beroepsbevolking scoort de Utrechtse regio hoog als het gaat om vestigingsklimaat en concurrentiekracht. De regionale economie groeide de afgelopen jaren sneller dan het landelijk gemiddelde en deze groei willen we, ondanks de impact van corona, doorzetten. Zo dragen we ook bij aan het herstel uit de crisis. We willen het aantal beschikbare banen mee laten groeien met de groei van de regio. Een goede bereikbaarheid van de werklocaties in de regio is ook hier randvoorwaardelijk. Het Utrecht Science park (USP) met zijn unieke concentratie van kennis-, zorg- en onderzoeksinstellingen, satellietlocaties in de regio en de clusters binnen Amersfoort en Veenendaal/ Foodvalley en de ontwikkeling van een duurzame hightech AI Media Campus in Hilversum vormen de belangrijkste drijvers voor de regionale economische groei.
De potentie is enorm en om die te verzilveren voor de regio en voor Nederland, is het volgende nodig: • Mee-investeren in de doorontwikkeling van ons regionale kennis- en innovatiesysteem met het Utrecht Science Park als geografisch brandpunt, met daarbij de focus op regeneratieve medicijnen, gepersonaliseerde behandeling, e-health, preventie, Kunstmatige Intelligentie en agrifood.
• Mee-investeren in de transformatie van het Media Park naar een duurzame multifunctionele hightech AI-Media Campus. • Inzetten op een toekomstbestendige arbeidsmarkt en mismatch vraag en aanbod tegengaan door de aanbevelingen van de Commissie Borstlap (en SER) op te volgen. Meer werkzekerheid en inkomenszekerheid voor kwetsbare doelgroepen op de arbeidsmarkt en omscholing tussen sectoren (door onder meer O&O fondsen ook over de sectoren heen in te zetten). • Investeren in revitalisering bedrijventerreinen in de regio ten behoeve van de maakindustrie en deze toekomstbestendig maken door verdichting en deze circulair te maken.
De Utrechtse regio draagt flink bij aan het verdienvermogen van Nederland.
6
05
HAALBARE EN BETAALBARE ENERGIETRANSITIE We werken in de Utrechtse regio aan het realiseren van de ambitie om de CO2-uitstoot drastisch te verminderen en zetten in op het gebruik van duurzame energiebronnen. Daarmee dragen we bij aan het behalen van de (inter)nationale klimaatdoelstellingen. Een groot aantal innovatieve projecten die zijn ontstaan in onze regio richten zich op slimme oplossingen voor de gebouwde omgeving. Denk hierbij aan de bi-directionele laadpaal (Smart Solar Charging) en het integreren van warmtecollectoren in het wegdek bij de Westelijke ontsluiting in Amersfoort. We zetten vol in op de haalbaarheid en betaalbaarheid van de energietransitie en het slim combineren van verschillende opgaven in onze regio (circulair, duurzame mobiliteit, klimaatadaptatie).
Een groot aantal innovatieve projecten die zijn ontstaan in onze regio richten zich op slimme oplossingen voor de gebouwde omgeving.
De komende jaren willen we met het Rijk aan de slag op de volgende punten: • Het realiseren van de grote potentie van zonneenergie in onze regio door onder meer de inzet van (verplichtende) instrumenten bij daken, infrastructuur en een adequate landelijke financiering om de business cases van (bewoners) initiatieven rond te krijgen; • Samen vorm geven aan de innovatieve opgave voor het verduurzamen van warmte in onze regio door o.a. proeftuinen voor aquathermie en geothermie in te richten; • Stimuleren van elektrisch en op waterstof rijden door vanuit een nationale laadpaalstrategie met ons samen te werken om de regionale laad- en H2-infrastructuur te verbeteren; • Toepassen van innovatieve concepten en groen herstel door te investeren in het energieneutraal ontwikkelen van de woningbouw en het aardgasvrij maken van de bestaande wijken. Daarbij ruimte, bevoegdheden en hulp in wet- en regelgeving om experimenten om de energietransitie te versnellen en in proefprojecten toe te kunnen passen, zoals bij onze pilots voor gebouwgebonden financiering, het uitfaseren van (kook)gas en het gereedmaken van woningen voor waterstofgas.
7
Contactgegevens NIELS HUBREGTSE
SJORS AARTSEN
Niels.hubregtse@provincie-utrecht.nl 06-34279522
Sjors.aartsen@provincie-utrecht.nl 06-40274785
Senior adviseur Public Affairs Provincie Utrecht
Adviseur Public Affairs provincie Utrecht
Het Utrechts Aanbod is samengesteld met inbreng van overheden, het bedrijfsleven, kennisinstellingen en maatschappelijke organisaties uit de Utrechtse regio, onder penvoerderschap van provincie Utrecht. Het Utrechts Aanbod is opgesteld voor het nieuwe kabinet dat aantreedt na de Tweede Kamerverkiezingen van 17 maart 2021. 8