CConstaterende datZeist
Koppel je AI →
Document · PDF

RIB20.227 Stand van zaken U Ned en uitkomsten BO MIRT

Raad 19 januari 2021, gemeente ZeistBij agendapunt: Raadsinformatiebrieven (ter kennisname)55.212 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 7 van 7

Pagina 22 van 31

Voor de verbinding van de A24 met de A15, knooppunt Rozenburg, worden komend jaar de fly-overs over de A15 gebouwd. De twee dekken die hiervoor nodig zijn worden boven de A15 gebouwd, terwijl het verkeer doorrijdt. Tevens realiseren de regionale partners in goede samenwerking met Rijkswaterstaat een impuls in het omliggend gebied. De projecten uit het Kwaliteitsprogramma Nieuw Waterland krijgen steeds meer vorm. Begin 2021 start de uitvoering van de eerste projecten gericht op verbetering van de waterkwaliteit, natuur en recreatie.

Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat

Ons kenmerk IENW/BSK-2020/236124

Goederenvervoercorridors Op het Bestuurlijk Overleg Goederenvervoercorridors hebben partijen de contouren van een Toekomstagenda voor de corridors Oost en Zuidoost voor de periode 2020-2030 vastgesteld. Zij zetten in op versterking van robuuste achterlandverbindingen en het multimodaal knooppuntennetwerk, ruimtelijkeconomische ontwikkeling van strategische knooppunten, digitalisering en verduurzaming. Binnen dit kader starten onderstaande maatregelen op korte termijn. Eén van de maatregelen om de robuustheid van de netwerken en knooppunten te vergroten is het realiseren van een structurele modal shift van weg naar water. Hiervoor start in 2021 een stimuleringsregeling van € 40 miljoen voor vervoerders en verladers, gericht op bundeling en verplaatsing van vrachten van de weg naar de binnenvaart en het opzetten van frequente bargelijndiensten. Verder wordt het vervoer over water aantrekkelijker gemaakt door het stimuleren van de aanleg van kademuren met een regeling van € 10 miljoen voor regionale initiatiefnemers. In het Bestuurlijk Overleg is door alle betrokkenen benadrukt dat ook een modal shift van weg naar spoor van belang is. In aanvulling op de regeling voor het stimuleren van modal shift van weg naar water wordt de inzet hierop in overleg met de spoorgoederenvervoersector, regio’s en de Topsector Logistiek verder uitgewerkt.

Er worden verkenningen gestart naar welke infrastructurele aanpassingen nodig zijn voor het faciliteren van 740 meter lange treinen naar Venlo en Bad-Bentheim en het toekomstbestendig maken van het spoor bij knooppunt Venlo. Rijk en regio werken samen aan de MIRT-verkenning A15 Papendrecht – Gorinchem. Op basis van nieuwe inzichten blijken er ingrijpendere maatregelen noodzakelijk te zijn aan bestaande kunstwerken en het wegdek dan eerder verondersteld. Het traject A15 Papendrecht – Gorinchem vormt nu al een groot knelpunt en zonder maatregelen zal dit in de toekomst alleen nog maar toenemen. Vanwege het belang van een goede doorstroming op de A15 voor de bereikbaarheid en economie in Nederland, verhoogt het Rijk het beschikbare budget voor de A15 Papendrecht - Gorinchem op met € 375 miljoen zodat een effectieve voorkeursvariant uitgewerkt wordt. In het Bestuurlijk Overleg MIRT Goederenvervoercorridors is het MIRT-Onderzoek Vergroten robuustheid vaarwegen vastgesteld (bijlage). Verschillende vervolgonderzoeken worden gestart naar maatregelen die bijdragen aan de robuustheid van de vaarwegen. Ook wordt het uitgesteld onderhoud op het (hoofd)vaarwegennetwerk verminderd en worden stresstesten uitgevoerd. In IRMverband wordt gewerkt aan beleidsopties voor bodemligging. Er is in dit kader € Pagina 23 van 31

100 miljoen gereserveerd voor het aanpakken van bodemknelpunten voor de scheepvaart op de grote rivieren. Corridorpartijen zien kansen voor buisleidingen bij het (internationale) transport van grondstoffen. Er wordt een haalbaarheidsonderzoek voor een buisleidingtracé tussen Rotterdam en chemiecluster Chemelot (met internationale aansluiting) uitgevoerd.

Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat

Ons kenmerk IENW/BSK-2020/236124

Om landelijke sturing op de ontwikkeling van bedrijventerreinen en de vestiging van (grootschalige) logistiek te versterken start een onderzoek naar vraag en aanbod van bedrijventerreinen en het provinciale (beleids-) instrumentarium. In het kader van digitalisering van de corridors wordt geïnvesteerd in het digitaliseren van processen en informatie-uitwisseling in het spoorgoederenvervoer. De corridors worden verder verduurzaamd door alle Rijksligplaatsen voor binnenvaart te voorzien van walstroom en het stimuleren van zero emissie laadinfrastructuur voor lange afstand goederenvervoer via weg en water als onderdeel van Clean Energy Hubs. Ten slotte wordt de haalbaarheid van een integrale corridoraanpak voor het goederenvervoer op de route Amsterdam – Rotterdam - Antwerpen en verder (corridor Zuid) onderzocht. Algemeen Gevolgen COVID-19 bij projecten en onderhoud De COVID-19 crisis en de aanpak ervan hebben uiteraard ook effect op Rijkswaterstaat, de Grond-, weg- en waterbouw en de installatiebranche, en op ProRail en de spooraannemers. De werkzaamheden buiten gaan zo veel mogelijk door mits de veiligheid en kwaliteit voldoende geborgd kunnen worden. Hiervoor is een protocol ‘Samen veilig doorwerken’ afgesproken met Bouwend Nederland.

De projecten volgen de afspraken zoals aan uw Kamer bij brief van 21 april 2020 is gemeld over de aanpak infrasector tijdens de COVID-19 crisis (Kamerstuk 35300 A, nr. 86). Deze afspraken houden in dat Rijkswaterstaat en ProRail de meerkosten ten gevolge van RIVM richtlijnen in redelijkheid zullen vergoeden, waarbij deze meerkosten door de marktpartijen onderbouwd moeten worden. Negatieve gevolgen voor projecten door COVID-19 zijn opgetreden door bijvoorbeeld uitstel van zittingen van de Raad van State, problemen met leveranties uit het buitenland, tekort aan personeel bij de aannemer door reisbeperkingen naar Nederland en inefficiënt werken ten gevolge van RIVMrichtlijnen. Tegelijkertijd heeft Rijkswaterstaat, samen met marktpartijen en brancheorganisaties, werk naar voren gehaald. Dit werd ten eerste gedaan om gebruik te kunnen maken van een periode waar er minder auto’s op de weg zijn en ten tweede om de vraaguitval bij andere opdrachtgevers te compenseren. Ook ProRail heeft de mogelijkheden om werkzaamheden naar voren te halen onderzocht. Zo zijn spoorwerkzaamheden aan de Schipholtunnel naar voren gehaald. ProRail is in voortdurend overleg met de spooraannemers om te borgen dat projecten en onderhoud zo adequaat mogelijk doorgang vinden. Stikstof Over de gevolgen van stikstof voor de zeven MIRT-projecten is uw Kamer eerder geïnformeerd (Kamerstuk 35300 A, nr. 92).

In algemene zin kunnen wij daaraan toevoegen dat we alle mogelijkheden bezien om vertraging op projecten en bij instandhouding te voorkomen of te beperken.

Pagina 24 van 31

We zijn hierbij vanzelfsprekend ook afhankelijk van de beschikbaarheid van stikstofruimte in bijvoorbeeld het stikstofregistratiesysteem of de stikstofruimte om extern te salderen. Veilige, Slimme en Duurzame Mobiliteit De komende jaren wordt het meerjarige programma Veilige, Slimme en Duurzame Mobiliteit (VSD) gestart. De aanpak heeft als doel om bij te dragen aan de transitie naar een veiliger, slimmer en duurzamer mobiliteitssysteem. Zoals geformuleerd in de Schets Mobiliteit naar 2040, vraagt dit om een nieuwe manier van denken over het organiseren van mobiliteit. Het programma richt zich op maatregelen die binnen de capaciteit van de bestaande fysieke netwerken het gebruik van deze netwerken optimaliseren, op korte termijn realiseerbaar zijn en leiden tot structurele effecten. Het gaat daarbij om maatregelen op het gebied van smart mobility, doelgroepgerichte gedragsaanpak, logistiek/hubs, minder hinder en maatregelen die het fietsgebruik stimuleren. Maatregelen ook die opschaalbaar zijn en leiden tot versnelling van gewenste effecten. Het ministerie van IenW stelt voor het programma voor de komende vier jaar in totaal € 160 miljoen beschikbaar. Met de regio’s zullen de meerjarige afspraken per gebied worden uitgewerkt, waarbij 50% medefinanciering wordt vereist. Het Rijk neemt het voortouw om kaders en uniforme standaarden te ontwikkelen.

Dit najaar zijn de eerste concrete afspraken al gemaakt (voor circa € 29 miljoen totaal). Deze richten zich onder meer op het bestendigen van de positieve mobiliteitseffecten van de COVID-19 crisis door samenwerken met werkgevers en onderwijsinstellingen. Zo zijn er afspraken gemaakt om werkgevers te stimuleren en te helpen hun reisgedrag zoals nu tijdens de COVID-19 crisis te bestendigen; meer thuiswerken en meer flexibel werken. Ook zijn er afspraken gemaakt over een grotere rol van de fiets in het woon-werk verkeer. Met het onderwijs zijn afspraken gemaakt over het meer op afstand leren. Het doel van deze afspraken is om op structurele wijze filevorming aan te pakken. Dit geeft invulling aan de aankondiging in de brief van 10 juli 2020 over mobiliteit en de COVID-19 crisis (Kamerstuk 31305, nr. 315) en aan de motie Postma cs (35570 XII, nr. 27). Op het gebied van Smart Mobility wordt een versnellingsimpuls gegeven aan de reeds ingezette aanpak en werkwijze. Er wordt samen door overheid (Rijk-regiogemeenten) en bedrijfsleven gewerkt aan het opschalen van Smart Mobility toepassingen zoals digitalisering van overheden, inkoop van data of expertise voor alle regio’s ten behoeve van digitalisering uitvoeren, iVRI’s en MaaS.

Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat

Ons kenmerk IENW/BSK-2020/236124

MaaS In het kader van MaaS zijn afspraken gemaakt die bijdragen aan schaalvergroting waaronder het verplichten van de TOMP API als standaard voor data-uitwisseling binnen Mobility as a Service, het onderzoeken van een nationaal systeem voor deelmobiliteitsvergunningen en het inzetten op open en uniforme mobiliteitshubs voor deelmobiliteit. Integraal Riviermanagement Op het Deltacongres van 12 november 2020 is de intentieverklaring Integraal Riviermanagement (IRM) gepresenteerd. De verklaring is mede namens de minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit en de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties ondertekend samen met de Deltacommissaris en voorzitters van de Deltaprogramma’s Rijn en Maas. Met deze

Pagina 25 van 31

intentieverklaring verankeren we onze gezamenlijke ambities. We gaan regionale overheden, koepelorganisaties en andere stakeholders vragen om zich hierbij aan te sluiten om zo een brede basis te creëren voor het in ontwikkeling zijnde IRM. Ook hebben wij in het Infrastructuurfonds € 100 miljoen gereserveerd voor het aanpakken van laagwater/bodemknelpunten voor de scheepvaart op de grote rivieren. Deze reservering wordt nu verder uitgewerkt naar concrete projecten in IRM-verband vanwege de samenhang met andere opgaven in het rivierengebied. In Oost-Nederland wordt voortvarend gewerkt aan de in 2019 gestarte pilotprojecten IRM en in dit Bestuurlijk Overleg MIRT heb ik met Zuid-Nederland afspraken gemaakt over de start van zes nieuwe IRM-pilots. Daarbij is gelet op mogelijkheden voor het opdoen van leerervaringen voor IRM, zodat ervaringen op projectniveau bijdragen aan de beleidsontwikkeling op programmaniveau. Het gaat om vijf onderzoeken, namelijk (1) Maasoevers Maastricht, (2) Samenhangende uitwerking ten noorden van Venlo, (3) Alem en St. Andries, (4) Afweging doorstroombaar maken landhoofd Gelderse Zijde A2 en (5) Hoogwaterveiligheid ’s Hertogenbosch (Crèvecoeur), en een bijdrage aan een concreet regionaal voorstel voor het verlagen van een dam in het rivierbed van de Maas nabij Roermond.

Dat is goed voor de waterveiligheid en biedt ontwikkelingsmogelijkheden voor recreatie-ondernemers.

Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat

Ons kenmerk IENW/BSK-2020/236124

Voor de verdere voortgang van de waterdossiers wordt verwezen naar de brief van 4 november 2020 die uw Kamer heeft ontvangen ten behoeve van het Wetgevingsoverleg Water (Kamerstuk 27625, nr.523). Uw Kamer ontvangt hierbij het Eindboek Meerjarenprogramma Ontsnippering hierbij in een bijlage. Na de Tweede Wereldoorlog zijn veel wegen en spoorwegen aangelegd. Dat heeft ons land economisch vooruit geholpen, maar de keerzijde ervan was dat natuurgebieden versnipperd raakten. In de afgelopen 15 jaar zijn meer dan 500 maatregelen genomen om deze weer met elkaar te verbinden. Het eindboek toont de resultaten ervan, waardoor vele diersoorten weer veilig kunnen oversteken. Deze verbindingen verminderen daarnaast ook de kans op aanrijdingen. En dat is belangrijk, ten behoeve van zowel de verkeersveiligheid als de biodiversiteit in de natuurgebieden. Betrouwbaar en robuust spoor Stapsgewijs wordt gewerkt aan de verbetering van de betrouwbaarheid en robuustheid van de treindienst in lijn met het Toekomstbeeld OV. Naar aanleiding van de motie Amhaouch/Schonis (Kamerstuk 29984, nr. 875) is uw Kamer begin dit jaar geïnformeerd over de aanpak van aanvullende maatregelen aan het spoor richting 2030 (Kamerstuk 32404, nr.97).

Onder de noemer Spoorcapaciteit 2030 worden urgente infrastructuurmaatregelen uitgevoerd, met als doel een robuust en veilig spoorsysteem voor verdere doorgroei en een nog beter reisproduct voor de reiziger. Hiervoor is €87 miljoen gereserveerd en hierboven in de brief wordt aangegeven welke maatregelen er per landsdeel worden uitgevoerd. Overwegen De afgelopen jaren zijn positieve resultaten geboekt ten aanzien van de aanpak van overwegen. Het aantal incidenten op overwegen op het hoofdspoor nam tussen 2000 en 2019 met 50% af en het aantal dodelijke slachtoffers op overwegen is in deze periode met 70% gedaald. Dat goede vooruitgang met de overwegenaanpak wordt geboekt heeft ook de ILT in haar jaarverslag opgemerkt Pagina 26 van 31

door te melden dat in 2019 het grootste aantal overwegen zijn aangepakt sinds 2014. De ILT benadrukt tegelijkertijd dat de overwegenaanpak verder moet worden geïntensiveerd om ook in de toekomst de overwegveiligheid verder te verbeteren. Mede daarom is besloten om tot en met 2023 ca. € 37,5 miljoen per jaar extra te investeren in het NABO-programma. Uw Kamer wordt via de jaarlijkse brief over de veiligheid op het spoor nader geïnformeerd over onder andere de aanpak van overwegen.

Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat

Ons kenmerk IENW/BSK-2020/236124

Trillingen spoor Er wordt € 20 miljoen euro beschikbaar gesteld voor extra onderzoek naar het tegengaan van spoortrillingen. Dat is op 17 november 2020 ook aangegeven in de Kamerbrief over de stand van zaken met betrekking tot spoortrillingen (Kamerstuk 29984, nr. 906). Brede Doeluitkering Naast de toename van de beheer en onderhoudskosten op de hoofdinfrastructuur, nemen ook de beheer, onderhoud- en vervangingskosten van de regionale railinfrastructuur (tram en metro) in gelijke mate toe. Daardoor is regionaal steeds minder bestedingsruimte voor de wettelijke verkeers- en vervoerstaken van de vervoerregio’s Amsterdam en MRDH zoals duurzame bereikbaarheid, toegankelijkheid en verkeersveiligheid en nieuwe investeringen die voortkomen vanuit de bereikbaarheids- en gebiedsprogramma’s. Daarom wordt bezien of en zo ja welke aanpassingen nodig zijn in de omvang en systematiek van de doeluitkering aan de vervoerregio’s (BDU). Programma Toegankelijkheid stations In het Programma Toegankelijkheid stations werkt ProRail aan de bereikbaarheid van het perron en de trein, zodat een gelijkvloerse instap ontstaat. Daarnaast worden maatregelen genomen voor mensen met een auditieve of visuele beperking. Ieder jaar werkt ProRail aan diverse stations, zodat in 2030 alle stations toegankelijk zijn.

In 2020 zijn nieuwe liften of hellingbanen geplaatst op acht stations zoals op Haarlem Spaarnwoude, Castricum, Deventer en Eijsden en is de perronhoogte op elf stations verhoogd, onder andere op Bergen op Zoom, Helmond Brandevoort, Zoetermeer en Nijkerk. Tractie-energievoorziening De tractie-energievoorziening is een belangrijk onderdeel van een robuust en toekomstbestendig spoorsysteem. Hierin past een systeemkeuze (doorontwikkelen huidig 1,5kV-systeem of overschakelen op bijvoorbeeld 3kV). De verdere uitwerking van ontwikkelagenda van Toekomstbeeld OV is het kader waarbinnen dit besluit verder beslag krijgt. Hiervoor loopt inmiddels een vervolgonderzoek zoals aangekondigd in de MIRT-brief van 19 juni jl. Daarbovenop is nu € 15 miljoen gereserveerd voor verdere voorbereidende stappen.

Meerjarenprogramma Geluidsanering De maatregelen vanuit het Meerjarenprogramma Geluidsanering worden bepaald bij het vaststellen van de saneringsplannen op basis van gedetailleerd akoestisch onderzoek. Voor wegen zijn deze onderzoeken inmiddels afgerond, voor spoor nagenoeg. Met het in procedure brengen van de saneringsplannen is inmiddels ook gestart. Van de geplande 21 saneringsplannen voor wegen zijn er inmiddels

Pagina 27 van 31

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/9582688/1