CConstaterende datZeist
Koppel je AI →
Document · PDF

PR24.084 Bijlage 3. Reactie Werkgroep Natuurlijk Zeist West op Infomarkt station

Overige evenementen 4 juni 2024, gemeente ZeistBij agendapunt: Opening van de vergadering door de voorzitters2.273 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

e-mail: e.schuler@natuurlijkzeist-west.nl

Zeist, 3 mei 2024

Reactie senario’s Informatiemarkt 22 april 2024 Gebiedsvisie Station DriebergenZeist

Geachte heer, mevrouw, Dank voor de mogelijkheid te kunnen reageren op de scenario’s voor het stationsgebied en de participatie op de Infomarkt van 24 april. De Informatiemarkt bood daarvoor in de tijdspanne van een uur te weinig gelegenheid. Ook omdat de plannen niet vooraf bekend zijn gemaakt, waardoor goed bestuderen onmogelijk was. Wij hopen op begrip voor onze opstelling dat op basis van een bezoek van een uurtje stickers plakken of gele briefjes aanbrengen niet mogelijk is vanuit onze ambitie goed en volledig op de schetsen te reageren. Participatie: een dialoogmogelijkheid ontbreekt. Onze Werkgroep heeft met anderen zorgen geuit over grootschalige woningbouw in het gebied. Wij hebben ook gevraagd om uitwerken van een natuurscenario. Wij hebben een inhoudelijke reactie op onze zorgpunten gemist. Het voorleggen van scenario’s met ontwikkelingen buiten de rode contour gaat zonder voor ons op schrift kenbare argumentering voorbij onze eerdere inbreng. Zo wordt in het participatieproces door de overheid een dialoog met burgers en maatschappelijke organisaties uit de weg gegaan. Aanhoren en zonder adequate inhoudelijke reactie verder gaan op de ingeslagen weg is geen participatie. Participatie op basis van onvolledige informatie over waarden is geen goede participatie Het gebied kent belangrijke waarden.

De Omgevingsvisie van Zeist is naar zeggen in de gemeenteraad waardengedreven. Informatie over aanwezige waarden is op de Informatiemarkt niet duidelijk gegeven. Waarden waarover de bezoekers geïnformeerd hadden moeten worden zijn naar onze mening: 1. Ecologische verbindingen zowel nat als droog voor grotere zoogdieren. 2. Cultuurhistorische landgoederen van de Stichtse Lustwarende. Naast de parken zelf zijn ook van belang zichtlijnen en de afwisseling open en gesloten.

2 3. Kwelzone. 4. Recreatie/stadslandbouw in de vorm van volkstuinen en wandelen in Kromme Rijngebied, Stichtse Lustwarande en Utrechtse Heuvelrug (landgoedstation). Bezwaren tegen de gang van zaken m.b.t. de participatie en informatie. A. Over de aanwezigheid en locatie in het gebied van deze waarden (m.u.v. de volkstuinen) zijn de deelnemers aan de Informatiemarkt niet concreet geïnformeerd zodat zij deze waarden niet bij hun reactie kunnen betrekken. B. Wij vinden dat als de overheid een meningspeiling houdt over plannen, deze wel voldoende relevante informatie moet geven. Want wat is de waarde van een peiling als degenen om een mening worden gevraagd, niet goed zijn geïnformeerd of een geen eigen keuze voor een scenario kunnen maken bijvoorbeeld voor een natuurscenario. Graag hadden wij dat met u voorafgaand aan de Informatiemarkt uitgewerkt en niet achteraf. C. De Omgevingsvisie Zeist geeft aan dat plannen en initiatieven in de Waardenweger getoetst moeten worden. U legt een plan voor aan belanghebbenden. Daar hoort ook een eerste toetsing in de Waardenweger bij. Die had op de Informatiemarkt ook voor moeten liggen. Het is niet begrijpelijk dat deze ontbreekt. D. Zonder de waarden in beeld te brengen kun je geen goede gebiedsvisie maken in overeenstemming met het beleid dat in de Omgevingsvisie is geschetst.

Negatieve effecten van woningbouw komen niet duidelijk terug in de scenario’s. Naast de hiervoor genoemde punten hebben wij in het voortraject diverse negatieve effecten van woningbouw op de omgevingswaarden aangegeven: • Te grote schade aan de Stichtse Lustwarande omdat historische parken stedelijk recreatieterrein dreigen te worden. • Landschapsaantasting en horizonvervuiling in de Stichtse Lustwarande en in het kleinschalige Kromme Rijngebied door verdichte hoogbouw en aan elkaar groeien van kernen. Beleving van het buitengebied wordt aangetast tussen Driebergen, Zeist en Odijk. In het bestemmingsplan buitengebied is het gebied aangeduid als kleinschalig landschap maar de voorgestelde bebouwing sluit daar in hoofdzaak niet bij een. • Grote (auto)mobiliteit naar bestaande kernen omdat belangrijke voorzieningen (betaalbare supermarkt, school, medisch, kinderopvang etc.) ontbreken. Is daarom een ‘werkkern’ niet veel beter dan een woonkern hier? In het algemeen is duurzaam ruimtelijk beleid aanbouwen aan bestaande woonkernen. En het is juist geen duurzaam ruimtelijk beleid om nieuwe stedelijke enclaves in het buitengebied creëren. • Onduidelijkheid welke dringende volkshuisvestelijke woningvraag uit de betrokken gemeenten zelf met voor hun eigen kernen door dit bouwproject zou kunnen worden opgelost terwijl bouwen sterk ten koste van omgevingswaarden gaat.

Vermoedelijk vestigen zich in dit gebied hoofdzakelijk instromers in de regio die worden aangetrokken vanwege de groei met 80.000 arbeidsplaatsen van de Metropool Utrecht of de centrale ligging in Nederland aan vervoersassen. Voor de woningnood in de gemeenten zelf en een noodzakelijke instroom in de regio zijn beter oplossingen bedacht en te bedenken. • Voor alle varianten geldt dat wonen een grote belasting met zich meebrengt van aanpalende natuurgebieden. Bijvoorbeeld een toename van huiskatten die succesvol nestelen van vogels in de omgeving moeilijk maken maar ook op amfibieën predateren. Loslopende honden die grotere zoogdieren en vogels opjagen. Dit gegeven maakt extra woningen in dit gebied ook ongewenst. Reactie op de scenario’s

3 Alvorens op de afzonderlijke scenario’s in te gaan willen wij enkele uitgangspunten noemen de randvoorwaardelijk behoren te zijn: 1. Borgen van een volwaardige ecologische verbinding tussen Kromme Rijn Corridor en de Heuvelrug/Stichtse Lustwarande in dit gebied. Bestaande uit een droge verbinding voor grotere zoogdieren (ree, das) en een natte via en langs de oevers van de Rijnwijckse Wetering die met water en oeverzones twee grote, zeer robuuste NNNgebieden verbindt. Deze verbindingen niet verder te verbeteren is een grote omissie voor het natuurherstel in de provincie Utrecht. Voor grotere zoogdieren is verbinding problematisch geworden, maar door woningbouw wordt deze helemaal onmogelijk gemaakt. Naar onze mening is het een verplichting om vooraf aan het maken van schetsen voor woningbouw etc. te verhelderen hoe deze verbindingen mogelijk blijven en worden verbeterd. Dit ook omdat in alle scenario’s rode ontwikkelingen bij de drafbaan zijn gepland, ook in de NNN-groene contourgebieden die zijn bedoeld om de ecologische verbindingszone vorm te geven. 2. De onverharde Laan van Rijnwijk is een beoogde ontsluitingsweg voor het gebied bij de drafbaan. Deze laan is onderdeel van de NNN en omgeven door groene contourgebieden. Gebruiken voor extra ontsluiting voor sport of bewonen vinden wij niet aanvaardbaar.

Het geasfalteerde deel ter hoogte van Nieuw-Beerschoten lijkt ons ook niet geschikt als ontsluitingsweg. Er is onvoldoende ruimte binnen het profiel van de historische laanbomen. Ook hier speelt het belang van een ecologische verbindingszone. Zonder keuze hierover zijn scenario’s niet goed te beoordelen. 3. Behoud landschappelijk karakter om het station. 4. Behoud van de waarden van de Stichtse Lustwarande. 5. Borgen dat als gevolg van de woningbouw geen parkeeroverlast ontstaat, bijvoorbeeld parkeren op recreatieplekken of landgoederenzone. 6. Er zijn veel waterpartijen geprojecteerd. Is er jaarrond voldoende water om deze vullen en is dat een duurzaam gebruik van dat water. In elk is aanvoer van gebiedsvreemd water met hoge mest- en zoutgehalten in de kwelwaterzones niet gewenst. Scenario 1 Groene As 1. Hoe groen wordt deze as? Ontsluitingswegen ontbreken en er loopt een utilitaire fietsroute door naar de USP. 2. Er wordt kwistig gestrooid met ‘dorps’karakter. Maar vier verdiepingen en voornamelijk geschakelde bouw zijn niet dorps maar stedelijk. Wat moeten we ons voorstellen bij “goed verbonden woningen”? Waarmee zijn deze woningen goed verbonden? Is dat iets anders dan grond gebonden woningen. 3. De geprojecteerde fietsroute naar het USP is onwenselijk want deze voegt nauwelijks toe. Via de Driebergseweg rijden is de omrijfactor zeer beperkt.

Utilitair fietspad leidt tot onevenredige schade aan natuur en recreatie. Want fietsroute leidt langs een dassenburcht, door ecologische verbindingen. Dus verstoort natuur en populair wandelen langs de Blikkenburgervaart en kost vierkante meters NNN. 4. Het hockeyterrein met hekken en verlichting tast de NNN en de recreatieve waarde van het gebied aan. Parkeren voor het hockey komt kennelijk in de NNN/groene contour. Een deel van de beweeg-as ligt in de NNN op een locatie aangewezen voor de ecologische verbindingszone. Dat is zo onaanvaardbaar. 5. Het verplaatsen van aanwezige op zich maatschappelijk nuttige functies als hockey en volkstuinen naar elders leidt mogelijk tot aantasting elders van waarden. Dat moet bij de scenario’s worden en wegen van waarden worden betrokken. Welke schade ontstaat elders door de verplaatsing? 6. Waar komt andere noodzakelijke bedrijvigheid als autobedrijven terecht? (Vgl. de aanleg van autoboulevard op Zandbergen).

4 7. Verstedelijking op het hockeyterrrein tast de open-dicht afwisseling en de zichtlijn van De Breul verder aan. Het huidige parkeerterrein is daarvoor steeds vrijgehouden en van een groene omlijsting voorzien. 8. Onduidelijk is of de natte ecologische verbinding langs de Rijnwijckse Wetering voldoende is geborgd en wordt vrijgehouden van verstoring. 9. Hoogbouw bij de Reehorst is landschappelijk niet passend. Ook is er de vraag naar parkeerinpassing bij hoogbouw. Parkeerkelders bouwen is niet goed in de kwelzone. Dit is in alle opzichten een onwenselijk scenario. Scenario 2 Clustering bij het station leidt tot een ongewenst mini-stadscentrum 1. Meer natuurlijk invullen van bestaand agrarisch gebied (drafbaan) is uiteraard toe te juichen maar niet ten koste van andere waarden. 2. Het fietspad USP is onwenselijk en overbodig als eerder vermeld. 3. Om wat voor soort voorzieningen gaat het op het voorzieningenplein? Zijn er voldoende inwoners voor het (economisch) draagvlak voor deze voorzieningen. Een huisartsengroepspraktijk vraagt minimaal 4000 patiënten, één supermarkt 5000 inwoners. 4. De woonblokken langs de Rijnwijckse Wetering moeten qua hoogte in het gebied passen en de oostkant komen. De westkant moet open en groen blijven. Onduidelijk is waar voor deze bouwblokken parkeren is geregeld. Er is maar één kleine parkeerlocatie opgenomen. 5.

Er is wel veel water maar te weinig groen langs de Rijnwijckse Wetering. 6. Verplaatsing van de hockeyvelden: twee hockeyvelden nemen het hele gebied ten westen van de Koeburgweg in. De invloed van het sporten met hekken en lampen wordt dan verder verspreid over het gebied. De blokkade van ecologische verbinding door één sportveld blijft. Deze oplossing kost groen. Iets dergelijks is alleen te overwegen op basis van een totaalplan waarin ecologische verbindingen, landschap en cultuurhistorie en de landschappelijke inpassing van de hockeyvelden zijn geborgd. Maar op het eerste gezicht is hiervoor geen ruimte zonder extra schade aan te richten. 7. In deelgebied 3 lijken de parkeerlocaties ook niet ruim bemeten. Dus dan wordt het nu voorgetoverde groen niet gerealiseerd. Dit is niet een goede schets om een keuze op te baseren. 8. Alle hoogbouw is niet gewenst in dit landelijke gebied. Dus geen woontorens of hoge bouwblokken. Die horen in stedelijke centra. 9. In deelgebied 4 (Abbingterrein) is geen parkeren geschetst. Hoe is dat hier geregeld. Brengt dat geen ruimtebeslag met zich mee. Wel goed is een stevige groene bufferzone met het landgoed Rijnwijk. Daarin dan geen wandelpaden opnemen. Het getekende wandelpad direct vanuit de woonwijk naar Rijnwijk is zeker geen goede zaak. Dan gaat Rijnwijk als recreatieterrein voor een woonwijk en doortrekzone voor fietsers functioneren.

Dan gaan de natuurwaarden verloren en bovendien ontvangen de eigenaren geen geld voor daarop gericht beheer. 10. De luxe woonblokken in gebied 5 moeten gescheiden worden gehouden van de Reehorst om overbelasting van natuur en landschap in de Reehorst te voorkomen. Scenario 2 leidt een zeer sterk verstedelijkt milieu dat ook buiten de huidige rode contour komt en dat qua schaal niet past bij de ruimtelijke waarden van het gebied (kleinschalig Kromme Rijngebied en Stichtse Lustwarande). Scenario 3 Wonen in het park maar blijft er voldoende park? 1. In deelgebied 1 is onduidelijk hoe het parkeren wordt geregeld en of aanleg van de waterpartijen duurzaam ingevuld kan worden.

5 2. Ook hier geldt dat onduidelijk is hoe de ecologische verbinding wordt geborgd. En in het gebied van de groene contour en in het gebied aan de zuidkant vanaf het spoor o.a. voor de das. Dus aan de zuidkant geen ontsluiting en wandelpad. 3. De geprojecteerde overgang over het spoor tussen de deelgebied 1 (volkstuinen) en het Abbingterrein, deelgebied 4, moet geen lek veroorzaken naar het natuurgebied Rijnwijk. 4. Hoogbouw in dit kleinschalig gebied is ruimtelijk niet passend. 5. De gedeelde moestuinen worden veel kleiner dan de huidige volkstuinen. Deze kunnen beter aan de zuidkant komen. En waar gaan de huidige tuinders heen? Is er een alternatief voor hen? Groeit het groen wel mee? 6. In deelgebied 2 blijft de hockey. Deze is echter niet goed ingetekend. De kunstgrasvelden nemen met de lichtmasten e.d. zoveel ruimte in dat er weinig tot geen groen overblijft. De ontsluiting van de kern vraagt ook veel ruimte. Helderheid over parkeren ontbreekt in deelgebied 2 en 4. De schetsen geven een onjuist beeld van de te verwachten situatie. 7. Een kern met voorzieningen hoort niet in landelijk gebied maar bij het station. 8. De Rijnwijckse Wetering is onvoldoende groen ingebed. Er veel infra getekend (bruin en oranje) over en bij de Rijnwijckse Wetering. 9. Hoogbouw en verdichte bouw is niet passend in het Kromme Rijnlandschap. Dat verkleint daardoor. 10.

Ontsluitingsweg over het spoor, zie opmerking deelgebied 1. 11. Geen wandelpad rechtstreeks naar Rijnwijk vanuit deelgebied 4. Zie eerdere opmerking hierover. 12. Het handhaven van de bestaande woningen in deelgebied 3 en 4 is belangrijk voor behoud van de historische ontwikkeling van gebied. 13. In deelgebied 5 wordt het P&R-gebouw volgens de tekst uitgebreid, maar daarvoor is geen ruimte ingetekend. Als dit in het groen gebeurt, geeft de schets een verkeerde voorstelling van zaken over het parkkarakter. 14. In deelgebied 5 moeten de kantoren en het wonen niet rechtstreeks worden aangesloten op het NNN-gebied de Reehorst. Dit geeft schade aan natuur en cultuurhistorie. Scenario 3 Wonen in het park wordt gerealiseerd door veel hoogbouw en een voorzieningenkern buiten het eigenlijk Stationsgebied. Dit is bezwaarlijk. Graag hebben wij ook contact over het vervolg en pleiten wij voor een dialoog samen met anderen over een reactie van u naar aanleiding van onze inbreng. Graag tot nadere toelichting bereid, Met vriendelijke groet, Namens de Werkgroep, Ernest Schuler 06-49876043 e.schuler@natuurlijkzeist-west.nl

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14226593/1