CConstaterende datZeist
Koppel je AI →
Document · PDF

PR21.165 Regionale rapportage COVID-19 20210721

Overige evenementen 7 september 2021, gemeente ZeistBij agendapunt: Post derden6.899 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Regionale rapportage COVID-19 21 juli 2021 1

Inhoudsopgave INLEIDING ........................................................................................................................................................ 3 1.

VIRUSVERSPREIDING ................................................................................................................................ 4 1.1. 1.2. 1.3. 1.4.

2.

KWETSBAREN BESCHERMEN................................................................................................................... 21 2.1 2.2.

3.

AANTAL POSITIEF GETESTE PERSONEN ............................................................................................................... 4 TESTEN .................................................................................................................................................... 17 COVID-19 VACCINATIES ............................................................................................................................. 18 AANTAL OVERLEDENEN COVID-19 ............................................................................................................... 20

MONITORING VERSPREIDING VIRUS BINNEN ZORGINSTELLINGEN .......................................................................... 21 MELD- EN ADVIESPUNT BEZORGD ................................................................................................................. 23

ZORGCONTINUÏTEIT ................................................................................................................................ 24 3.1 3.2 3.3 3.4 3.5

LANDELIJK AANTAL NIEUWE ZIEKENHUISOPNAMES............................................................................................. 24 VERLOOP IC- EN KLINIEK-CAPACITEIT REGIO ..................................................................................................... 24 INSCHALING ZORGCAPACITEIT ZIEKENHUIZEN.................................................................................................... 25 ZORGINSTELLINGEN (NIET-ZIEKENHUIZEN) ....................................................................................................... 25 OPVANGLOCATIES BUITEN HET ZIEKENHUIS ...................................................................................................... 25

BIJLAGE 1. LANDELIJKE PANELONDERZOEK .................................................................................................... 27 BIJLAGE 2. COVID-MONITOR MIDDEN-NEDERLAND ....................................................................................... 32

2

Inleiding Voor u ligt de regionale rapportage COVID-19 van de regio Utrecht. De regionale rapportage is ter informatie. De Directeur Publieke Gezondheid (DPG) draagt in crisistijd de verantwoordelijkheid voor de coördinatie van de geneeskundige hulpverlening en draagt zorg voor een regionale gecoördineerde aanpak. De regionale integrale rapportage is een hulpmiddel om zo goed mogelijk overzicht te krijgen in de COVID-19 ontwikkelingen in de zorg (acuut en niet acuut) in de regio en daar waar nodig tijdig bij te sturen en maatregelen te nemen. Zodat een veilige en efficiënte zorgverlening wordt gewaarborgd en de zorg beheersbaar blijft. De regionale rapportage wordt één keer per week opgesteld. De gepresenteerde informatie uit de rapportage kan worden ingehaald door actuele ontwikkelingen en kan op details soms niet synchroon lopen met de door het RIVM gepresenteerde cijfers vanwege het moment van peiling. Aan de inhoud van de rapportage kunnen geen verdere conclusies worden verbonden.

3

1.

Virusverspreiding

1.1. Aantal positief geteste personen Sinds eind april 2021 daalde het aantal meldingen sterk. Maar sinds week 26 is weer een sterke stijging te zien in het aantal meldingen. In week 28 zijn er landelijk 70.788 patiënten gemeld met COVID-19, waar in week 27 nog 46.141 meldingen te zien waren. Dat is een stijging van bijna 25.000 gevallen ten opzichte van de week ervoor (Figuur 1).

Figuur 1. Landelijk bij de GGD gemelde patiënten COVID-19 vanaf 5 april. Peildatum: 20 juli 2021 10:00 uur. Bron RIVM.

Een vergelijkbaar beeld zien we in de regio (Figuur 2). Sinds begin 2020 tot en met 21 juli 2021 08:05 uur zijn in totaal 140.096 personen positief op COVID-19 getest in de regio Utrecht. Sinds week 17 tot en met week 25 was er een sterke daling te zien, maar sinds de laatste versoepelingen eind juni is weer een toename te zien. Het aantal geregistreerde positief geteste personen in de regio is in week 28 gestegen naar 5.827, vergeleken met 5.557 in week 27 (Bron: RIVM). Dit is een toename van 4,8%. Grote uitbraken onder de jongeren de afgelopen weken bij feesten en evenementen en de daaropvolgende verspreiding naar andere leeftijdscategorieën zijn een verklaring hiervoor. Rond de 60% van alle besmettingen in week 28 vond plaats in de leeftijdscategorie 16-30 jaar.

Figuur 2. Aantal COVID-19 positief gemelde personen per week GGDrU. Peildatum: 21 juli 2021 9:00 uur. Het verschil met de aantallen in de tekst zijn te verklaren doordat het RIVM een ander datasysteem gebruikt.

4

Nieuwe varianten Een schatting van welke varianten de nieuwe besmettingen veroorzaken wordt gedaan door middel van de nationale kiemsurveillance (Tabel 1) en modellering van het RIVM. Aangezien de analyse van deze bepalingen tot enkele weken kan duren, zijn de resultaten van week 26 het meest recent. Nog niet alle uitslagen van de bepalingen van die week zijn binnen. Door de hogere besmettelijkheid van de deltavariant, lag het reproductiegetal (R0, het gemiddeld aantal mensen dat besmet wordt door een persoon met COVID-19) voor Nederland op 5 juli rond de 1,75, zo wordt geschat door RIVM (Figuur 3). De deltavariant is sinds begin juni steeds meer aanwezig en is naar verwachting de dominante variant in Nederland geworden. De deltavariant is naar schatting 40-60% besmettelijker dan de alfavariant. Op dit moment is er nog wel een stabiele situatie, met een kleine stijging, qua ziekenhuis- en IC-opnames, waarbij het normaal gesproken twee tot drie weken duurt voordat veranderingen te zien kunnen zijn vanwege vertraging in opnames vergeleken met besmettingscijfers. Het is dus onzeker of er een verdere stijging in ziekenhuis- en of IC-opnames gaat zijn. Het beleid rondom deltavariant is aangepast conform eerder beleid rond de opkomst van andere Variants of Concern (VOC). Reishistorie wordt vanaf heden niet meer gezien als reden om monsters in te sturen voor sequencen.

De opsporing van de deltavariant en andere virusvarianten wordt via kiemsurveillance aangevuld met extra onderzoek voor opvallende clusters op geografisch niveau (bijvoorbeeld wijk of gemeente) door middel van steekproef sequencen (Bron: RIVM). Tabel 1. Totaal aantal onderzochte monsters van week 23 t/m week 26 in 2021 die succesvol zijn geanalyseerd door nationale Kiemsurveillance. Bron: RIVM (Varianten van het coronavirus SARS-CoV-2 | RIVM).

Figuur 3. Het effectieve reproductiegetal R0 voor Nederland. Bron: RIVM, peildatum 20 juli 2021 10:00 uur.

5

Aantal COVID-19 positieve patiënten naar eerste ziektedag en effect van maatregelen In Figuur 4 staan de COVID-19 positieve patiënten vanaf 1 september 2020 uitgezet naar de dag dat deze personen voor het eerst klachten ontwikkelden en de aanscherpingen van de maatregelen met grijze balken en versoepelingen van de maatregelen met blauwe balken aangegeven waarbij in de voetnoot ook toelichting op de versoepelingen wordt gegeven. Er zit altijd een paar dagen tijd tussen het begin van de klachten en een melding van de positieve uitslag. Hierdoor zullen de laatste dagen in de grafiek uiteindelijk hoger uitkomen. Vanaf 10 juli moeten mensen, die volledig gevaccineerd zijn, twee weken wachten tot ze een vaccinatiebewijs kunnen ontvangen na hun laatste vaccinatie. Dit is een verzwaring ten opzichte van afgelopen periode, omdat het toen mogelijk was om gelijk een vaccinatiebewijs te verkrijgen, zodra de vaccinatie was verwerkt in de systemen van RIVM en GGD. Daarnaast geldt vanaf 10 juli dat het gebruik van testen voor toegang niet meer voor een uitzondering op de anderhalvemeterregel zal zorgen voor de horeca. Voor evenementen mag met gebruik van een coronatoegangsbewijs nog maar twee derde van de capaciteit worden gebruikt. Verder is de sluitingstijd van horeca vervroegd naar 00.00 uur en zijn nachtclubs en discotheken weer gesloten (bron: rijksoverheid).

Na afloop van de wekelijkse bijeenkomst van het kabinet werd aangekondigd dat vanaf dat moment thuiswerken weer de norm is en dat zorgen voor voldoende frisse lucht voor binnenruimtes een extra basisregel is die wordt toegevoegd. Verder werd aangekondigd dat tijdens de eerste ministerraad op 13 augustus een weging komt van de maatregelen ten opzichte van de actuele informatie (bron: rijksoverheid). Inschaling ‘Zeer ernstig’ Momenteel zit Nederland sinds week 26 in een vierde golf. Er was een sterke daling van de besmettingen en ziekenhuisopnamen zichtbaar. In week 28 is een stijging te zien naar 14,0 ziekenhuisopnames per 1 miljoen inwoners ten opzichte van vorige week toen er 3,0 ziekenhuisopnames per 1 miljoen inwoners te zien was. Regio Utrecht valt nu op het niveau ‘zeer ernstig’ vanwege het hoge aantal besmettingen. Landelijk zijn in week 28, 23 regio’s ingeschaald als ‘zeer ernstig’. Twee regio’s zijn ingeschaald als ‘Ernstig’ (landkaart risiconiveaus). Uitvoering Bron- en Contactonderzoek GGD regio Utrecht (GGDrU) voert Bron- en Contactonderzoek (BCO) op dit moment nog steeds volledig uit (fase 1b). GGDrU is nog een van de weinige GGD’en die dit in stand kan houden. Dat fase 1b voor GGDrU nog uitvoerbaar is, is te danken is aan de eigen applicatie (CoronaCare) die GGDrU heeft ontwikkeld om het BCO beter en efficiënter te kunnen uitvoeren.

Alleen het monitoren van index en contacten wordt nu niet telefonisch gedaan, maar digitaal via CoronaCare. Op indicatie wordt er wel telefonische monitoring gedaan. Speciaal voor de uitzonderlijke situatie die op dit moment geldt met zeer hoge aantallen in de leeftijd 16 t/m 30 jaar, is het SuperBCO ontwikkeld als extra ondersteuning om het BCO volledig te kunnen blijven uitvoeren. SuperBCO wordt gebruikt voor casussen van personen in de leeftijd 16 t/m 30 jaar die digitaal vaardig zijn. De procedure is dat eerst de uitslag wordt doorgebeld en vervolgens wordt door een BCO’er kort gebeld om de belangrijkste zaken door te nemen, uitleg te geven over het gebruik van CoronaCare en vragen van de index te beantwoorden. Vervolgens vult de index CoronaCare in en worden de antwoorden automatisch verwerkt in HPzone. Desalniettemin is de werkdruk zeer hoog en is inzet van al het aanwezige personeel nodig.

6

Figuur 4. Totaal aantal positieve registraties naar begin van de klachten, indien niet aanwezig dan meldingsdag – 3 kalenderdagen. Peildatum 21 juli 2021 9:00 uur. Coronamaatregelen 1. (8 feb) Basisscholen en kinderdagverblijven weer open. Verzorgingshuisbewoners mogen 2 personen ontvangen per dag. 2. (1 mrt) Middelbare scholen en MBO open voor minimaal 1 dag per week. 3. (16 mrt) Versoepelingen niet essentiële winkels en buiten sporten met maximaal 4 personen in groepsverband. 4. (28 apr) Avondklok verdwijnt, maximaal aantal mensen dat thuis op bezoek mag naar 2 personen, buitenterrassen worden heropend tussen 12-18 uur met maximaal 50 per terras, winkelen in niet-essentiële winkels mag weer zonder afspraak, maximale aantal aanwezigen op een begrafenis gaat naar 100 personen. 5. (15 mei) Reizen naar landen met een laag besmettingsniveau weer mogelijk. 6. (19 mei) Sportscholen en de buitenlocaties van recreatieparken zijn weer open. Buiten sporten in groepen is weer toegestaan met maximaal 30 personen. Er mag weer kunsten cultuurbeoefening plaatsvinden zowel binnen als buiten met maximaal 30 personen. Alle contactberoepen zijn weer toegestaan. Terrassen mogen langer openblijven, nu van 06.00 t/m 20.00 met maximaal 50 personen.

7

7. (5 jun) Maximum van 4 bezoekers per dag thuis ontvangen. Horeca en meeste publiek toegankelijke locaties, en daarmee ook culturele locaties, open onder voorwaarden. Openingstijden van buitenterrassen verruimd. Mogelijkheden voor sporten en kunst- en cultuurbeoefening zijn verruimd. Ook locaties voor recreatie binnen open onder voorwaarden. Alle winkels open volgens reguliere openingstijden. Maximaal aantal mensen bij een huwelijk naar 50 personen. 8. (26 jun) Alle publiek toegankelijke ruimtes weer open, waarbij 1,5 meter afstand houden verplicht is. 100% bezoekerscapaciteit toegestaan met coronatoegangsbewijzen. Op minder plekken hoeven mondkapjes te worden gedragen, enkel in het openbaar vervoer, op stations, vliegvelden en in het voortgezet onderwijs is het verplicht. 9. (10 jul) Horeca sluit om middernacht, entertainment, zoals liveoptredens, is verboden. Discotheken en nachtclubs sluiten hun deuren. Het gebruik van het coronatoegangsbewijs voor uitzondering op de anderhalvemeterregel op pauze voor de horeca. Evenementen, culturele locaties en publiek bij sportwedstrijden toegankelijk als iedereen een vaste zitplaats heeft op 1,5 meter afstand. Toegangsbewijs nog maar 24 uur geldig i.p.v. 40 uur. Evenementen hebben een maximale duur van 24 uur.

8

Vindpercentage per week Het vindpercentage in de regio Utrecht is weer gedaald van 14,78% in week 27 naar 11,28% in week 28. Landelijk is het vindpercentage gestegen, van 13,45% naar 14,02% (Bron: RIVM). Daarmee ligt de regio Utrecht onder het landelijke vindpercentage. Aantal positief geteste COVID-19 inwoners per gemeente in de regio Figuur 5 toont het aantal meldingen van positieve gevallen per gemeente in week 28. In Figuur 6 zijn de besmettingen in de laatste vier weken per 100.000 inwoners weergegeven per gemeente van de regio Utrecht. Daarbij geldt voor de weergave in relatieve cijfers dat hoe lager het inwonersaantal des te grilliger het verloop zal zijn. Een kleine toename of afname geeft relatief een groot verschil. In alle gemeenten is een sterke toename te zien. Doordat de besmettingsaantallen op dit moment erg hoog zijn, is voor bijna alle gemeenten een grote toename te zien ten opzichte van vorige week. Wat opvalt is dat de gemeenten met hoogste aantal besmettingen per 100.000 inwoners van vorige week, namelijk De Bilt, Bunnik en Utrecht, deze week als enige een daling laten zien. In bijna alle andere gemeenten is nog steeds een stijging te zien ten opzichte van vorige week.

Wat verder opvalt is dat de gemeente Bunschoten verhoudingsgewijs een laag aantal besmettingen per 100.000 inwoners heeft en deze week ook geen sterke stijging laat zien, een patroon wat je bij de andere gemeentes wel ziet.

Figuur 5. Aantal positief geteste personen per gemeente in week 28. Peildatum: 21 juli 2021 9:00 uur.

9

Figuur 6. Aantal positief geteste personen per 100.000 inwoners per gemeente tussen 21 juni t/m 18 juli 2021. Peildatum: 21 juli 2021 9:00 uur.

10

Figuur 7 laat het aantal meldingen per gemeente zien in de afgelopen twee weken. Met 430 besmettingen per 100.000 inwoners in week 28 is regio Utrecht nu uit de top 3 van hoogst aantal besmettingen per 100.000 inwoners gezakt naar de middenmoot. Regio Amsterdam-Amstelland, Groningen en Kennemerland zijn nu de regio’s met het hoogste aantal meldingen per 100.000 inwoners met respectievelijk 811, 536 en 528 besmettingen per 100.000 inwoners. Fryslân, Drenthe en Zeeland zitten momenteel het laagst in het aantal besmettingen per 100.000 inwoners met respectievelijk 253, 211 en 207 meldingen per 100.000 inwoners.

Figuur 7. Aantal in de afgelopen twee weken bij de GGD’en gemelde COVID-19 patiënten per 100.000 inwoners per gemeente met GGD-meldingsdatum 6 juli t/m 20 juli 10:00 uur (Bron: RIVM). Peildatum: 20 juli 2021 10:00 uur.

11

Verschuiving in leeftijdsverdeling Figuur 8 laat het aantal besmettingen per leeftijdsgroep zien. In Figuur 9 worden de jongere leeftijdsgroepen uitgesplitst in kinderopvang (0-3 jaar), basisschool (4-12 jaar), voortgezet onderwijs onderbouw (13-15 jaar), voortgezet onderwijs bovenbouw (16-18 jaar) en jongvolwassenen (19-27 jaar). Bijna alle leeftijdsgroepen laten in absolute aantallen van COVID-19-registraties een toename zien ten opzichte van week 27. Wat opvalt is dat het aantal registraties in de leeftijdsgroep 20-39 jaar weer terugloopt. Bij het uitsplitsen van de groep jongeren is goed te zien dat de leeftijdsgroepen 16-18 jaar en 19-27 jaar nu dalen ten opzichte van week 27 en dat de leeftijdsgroep van kinderen (4-12 jaar) en de 27+ een groter aandeel zijn gaan innemen in het aantal besmettingen. Een verklaring hiervoor is dat de besmettelijke jongeren (16-30 jaar) uit week 27 nu voor besmettingen in andere leeftijdsgroepen hebben gezorgd, waardoor het aantal besmettingen in die groepen nu oploopt.

Figuur 8. Leeftijdsverdeling COVID-19 registraties in absolute aantallen (boven) en percentage (onder) voor de weken 25 t/m 28 in 2021. Peildatum 21 juli 2021 9:00 uur.

Figuur 9. Leeftijdsverdeling COVID-19 registraties in absolute aantallen (boven) en percentage (onder) voor de weken 25 t/m 28 in 2021 met uitsplitsing 03, 4-12, 13-15, 16-18, en 19-27 t.o.v. alle andere leeftijden. Peildatum 21 juli 2021 9:00 uur.

In Figuur 10 en Tabel 2 worden de besmettingen per gemeente uitgezet naar leeftijdscategorie voor de periode van 14 juni t/m 11 juli 2021. In alle gemeenten is een sterke toename te zien voor het aantal besmettingen van de afgelopen vier weken. Als gekeken wordt naar de verdeling in week 28, dan is het aandeel van de groepen 0-19 jaar en 20-39 jaar nog steeds groot. Bij de interpretatie van de figuren moet altijd rekening worden gehouden met het totaal aantal geregistreerde besmettingen van de 12

gemeenten (Figuur 6) en het aantal afgenomen testen (Figuur 12). Daarnaast moet rekening worden gehouden met de leeftijdsverdeling van alle inwoners binnen een gemeente. Een aantal gemeenten heeft relatief gezien een groter aandeel jongeren, zoals De Bilt, Houten, Montfoort, Oudewater en Utrecht.

13

Figuur 10. Aantal besmettingen per gemeente verdeeld over leeftijdscategorieën, periode 21 juni t/m 18 juli 2021, peildatum 21 juli 2021, 09:00 uur.

14

Tabel 2. Aantal besmettingen per gemeente per leeftijdscategorieën, periode 21 juni t/m 18 juli 2021, peildatum 21 juli 2021, 09:00 uur.

Bron van besmetting Tijdens het BCO wordt gevraagd naar de mogelijke bron van besmetting. In Figuur 11 is het aantal COVID-19-registraties uitgezet naar de waarschijnlijke plek van besmetting, zoals geconstateerd in het BCO in periode 21 juni t/m 18 juli 2021. De meeste besmettingen kunnen sinds week 28 weer worden verklaard door gezinssituatie. Een mogelijke verklaring hiervoor is dat jongeren die vorige week besmet zijn geraakt in de horeca of bij evenementen nu in hun thuissituatie voor besmettingen hebben gezorgd. Hierdoor kan één positief geval meteen voor een groot aantal besmettingen zorgen en is in die categorie nu een sterke stijging te zien. Waarschijnlijk veroorzaakt door het ingaan van strengere maatregelen voor evenementen en horeca op 10 juli, is deze week weer een daling te zien voor deze locaties als meest waarschijnlijke bron van besmetting. Verder zijn nu ook stijgingen te zien in veel mogelijke bronnen van besmetting bij o.a. werkplek en onderwijs. Dit is in lijn met de stijgende cijfers in meer leeftijdscategorieën ten opzichte van vorige week. Bij Figuur 13 ontbreken nu de categorieën ‘onbekend’ en ‘leeg’, die voorheen wel zichtbaar waren.

Deze twee categorieën zijn weggelaten, omdat de langere wachttijd in het verwerken van de uitslagen en het uitvoeren van BCO, zorgt voor hoge aantallen in die categorie terwijl dit op dit moment niks zegt over de bron van besmetting. Daarnaast is voor het BCO ook een aanscherping geweest in hoe vaak gepoogd wordt om contact te zoeken met een besmet persoon, hierdoor zullen ook meer casussen op ‘onbekend’ blijven staan.

15

Figuur 11. Aantal COVID-19 registraties in de regio Utrecht uitgezet naar bron van besmetting. Periode 21 juni t/m 18 juli 2021, peildatum 21 juli 2021 9:00 uur.

16

1.2. Testen Aantal uitgevoerde testen GGDrU In week 27 zijn 49.177 testen uitgevoerd door GGDrU (Figuur 12). Dat is een toename vergeleken met afgelopen twee weken (week 26: 16.722 testen, week 27: 40.366 testen). De testcapaciteit is snel verhoogd en daarmee nog steeds boven de vraag. Met zes regionale testlocaties, vier lokale testlocaties en diverse mobiele testunits zijn wij overal in de regio bereikbaar. De toename in aantal uitgevoerde testen wordt deels verklaard door de grote uitbraken onder de jongeren bij feesten en evenementen. Daarnaast is een deel van de testen toe te schrijven aan het testen voor evenementen en testen voor reizen.

Figuur 12. Aantal uitgevoerde testen in teststraten GGDrU weergeven per week in 2021. Peildatum 21 juli 9:00 uur.

In Figuur 13 wordt de maximale testcapaciteit van GGDrU in de teststraten vanaf 4 januari weergeven. GGDrU heeft al ruime tijd voldoende testcapaciteit. Sinds 4 januari 2021 zijn op de teststraten van GGDrU 789.681 testen afgenomen.

Figuur 13. Overzicht van de wekelijkse maximale testcapaciteit van GGDrU in de teststraten vanaf 4 januari. Peildatum 21 juli 9:00 uur.

17

1.3. COVID-19 vaccinaties Operationele vaccinatie-locaties Sinds 8 januari 2021 vaccineert GGDrU op verschillende locaties. Op dit moment wordt op negen vaste locaties (Amersfoort, Breukelen, Driebergen, Houten, Utrecht, Nieuwegein, Veenendaal, Woerden, Zeist) en meerdere tijdelijke/mobiele locaties gevaccineerd (Soest, Vijfheerenlanden, Wijk bij Duurstede, Montfoort, Leusden, Oudewater, Ronde Venen, Lopik, Eemnes, Bunschoten, Baarn, Renswoude, De Bilt, Rhenen, IJsselstein, Bunnik, Woudenberg). In alle 26 gemeenten Gezette vaccinaties door GGDrU Sinds de start van de COVID-19-vaccinaties op 8 januari zijn er 1.174.868 vaccinaties gezet (peildatum 21 juli 2021 11:15). Hiervan hebben 755.723 (64%) mensen in ieder geval een eerste vaccinatie ontvangen, 419.145 personen (36%) zijn volledig gevaccineerd. Figuur 16 toont het aantal vaccinaties op de GGD-vaccinatielocaties binnen de regio, gestapeld per vaccinatieronde. Wat opvalt is dat afgelopen week voornamelijk tweede prikken zijn uitgevoerd. Een mogelijke verklaring zou kunnen zijn dat onder de jongeren die nu in aanmerking komen voor een eerste vaccinaties, veel jongeren in quarantaine of isolatie zaten vanwege een besmetting (in hun omgeving).

Figuur 16. Aantal vaccinaties per dag door GGDrU, uitgesplitst naar eerste en tweede vaccinatie. Peildatum 21 juli 11:00 uur.

Vaccinatiegraad per gemeente Figuur 17 laat de vaccinatiegraad van inwoners per gemeente zien voor inwoners die in ieder geval de eerste vaccinatie hebben ontvangen door GGDrU. Dit varieert tussen de 48% voor Renswoude tot 64% voor Bunnik, met een regiogemiddelde van 58%. Hierbij zijn zowel vaccinaties die binnen als buiten onze GGD-regio zijn gezet bij de inwoners van GGDrU meegenomen. In Figuur 19 is het percentage inwoners van GGDrU te zien welke het volledige vaccinatieprogramma hebben doorlopen bij een GGD. Dit varieert van 34% van de inwoners van Renswoude tot 48% van de inwoners van Bunnik. Het gemiddelde in de regio Utrecht ligt op 41%. Een belangrijk gegeven is dat inwoners op basis van hun leeftijd worden uitgenodigd voor een vaccinatie, waarbij de inwoners met de hoogste leeftijd als eerste zijn uitgenodigd. Dit kan verschillen tussen gemeenten en wijken verklaren als in die gemeente of wijk relatief veel jonge of oude mensen wonen. Dit zou een vertekend beeld kunnen geven van de daadwerkelijke vaccinatiegraad.

18

Bij deze cijfers is nog een belangrijke kanttekening te plaatsen: de weergegeven cijfers betreffen alleen de door de GGD’en uitgevoerde vaccinaties. Binnenkort gaat het RIVM de vaccinatiecijfers vanuit het COVID-vaccinatie Informatie en Monitoringsysteem (CIMS) integreren en met GGD’en delen. Daarin zijn de vaccinaties die uitgevoerd zijn door de zorginstellingen, ziekenhuizen en/of huisartsenpraktijken meegenomen. De daadwerkelijke opkomst zal daardoor hoger komen te liggen vergeleken met de huidige cijfers die gepubliceerd worden vanuit de GGDrU.

Figuur 17. Vaccinatiegraad voor de eerste vaccinatie van inwoners per gemeente. Peildatum 21 juli 11:00 uur.

Figuur 18. Vaccinatiegraad per gemeente voor inwoners die het volledige vaccinatieprogramma hebben doorlopen. Peildatum 21 juli 11:00 uur.

Leeftijdsverdeling Een steeds groter deel van onze samenleving krijgt de mogelijkheid om een vaccinatie te ontvangen. In Figuur 19 is het cumulatieve aantal gezette eerste vaccinaties per leeftijdsgroep weergegeven dat is gezet door een GGD voor inwoners van de regio Utrecht. Het is goed te zien dat het aantal gezette eerste vaccinaties afgelopen weken met name gestegen is in de leeftijdsgroep 20-39 jaar. Ook de leeftijdsgroep 0-19 jaar begint langzaam op te komen. In de leeftijdsgroep 0-19 jaar heeft 13,5% de eerste vaccinatie ontvangen door een GGD. Voor 20-39 jaar is dat 65,4%, voor 40-59 jaar 74,7%, voor 60-79 jaar 60,0% en voor de leeftijdsgroep 80+ jaar ligt het percentage op 77,5%.

19

Figuur 19. Cumulatief aantal gezette eerste vaccinaties per leeftijdsgroep, gezet door GGDrU. Peildatum 21 juli 11:00 uur.

Type vaccin Eind juni worden nog eerste vaccinaties gezet met Pfizer, Moderna en Janssen. Enkel als mensen nog geen tweede vaccinatie met AstraZeneca hebben gehad, maar wel een eerste, wordt van dit vaccin nog gebruik gemaakt. De inzet van het Janssen-vaccin is op 2 juni veranderd. De Gezondheidsraad benadrukt dat het Janssen vaccin effectief en voldoende veilig is, maar voor de landelijke vaccinatiestrategie adviseert de Gezondheidsraad echter om de leeftijdsgroepen die nog aan de beurt komen vanaf nu Pfizer- of Moderna-vaccins aan te bieden (RIVM). Sinds 23 juni 2021 kunnen mensen wel kiezen om zich toch te laten vaccineren met het Janssen-vaccin. In de afgelopen twee weken zijn al landelijk 262.000 Janssen-afspraken gemaakt en er zijn nog circa 113.000 vaccins beschikbaar (bron: nu.nl). Daarnaast werd op 5 juli aangekondigd dat heteroloog vaccin gebruik is toegestaan (het combineren van een eerste dosis AstraZeneca met vervolgens Pfizer als tweede vaccin) (bron: Gezondheidsraad). Landelijke ontwikkelingen in het vaccinatieprogramma Beschikbaarheid van vaccins en prioritering van doelgroepen wordt landelijk bepaald en is afhankelijk van toelating en levering van vaccins. Naast de GGD’en vaccineren de ziekenhuizen hun eigen personeel op de acute zorgafdelingen. De volgorde voor een oproep voor vaccineren is gebaseerd op geboortejaar (van oud naar jong).

Meer informatie is te vinden op rijksoverheid.nl. Iedereen met een DigiD kan via https://rivm.nl/mijnrivm-vaccinaties zijn of haar vaccinatiegegevens inzien, en kan worden ingelogd op de CoronaCheck-App, waarmee een QR-code gegeneerd wordt welke toegang kan geven tot evenementen. Daarnaast kan deze QR-code ook gegenereerd worden door een negatieve testuitslag of een recente COVID-19 infectie. 1.4. Aantal overledenen COVID-19 In totaal zijn in regio Utrecht t/m 21 juli 2021 8:05 uur 1.322 personen aan een bevestigde besmetting met COVID-19 overleden, waarvan 12 inwoners die officieel elders woonachtig zijn maar tijdelijk in de regio verbleven of waarvan geen regio bekend is (aangeduid als ‘buiten regio’ of ‘leeg’). Net zoals het landelijk beeld laat zien, is ook in de regio Utrecht het aantal overlijdens sinds de start van de vaccinaties enorm afgenomen. In week 28 is één overlijden gemeld bij GGDrU. Omdat er tijd zit tussen het overlijden, het melden en de registratie is het mogelijk dat overlijdensgevallen in de 20

laatste dagen van vorige week nog niet aan GGDrU zijn gemeld. Personen die overleden zijn in deze periode en die niet getest zijn op COVID-19, zijn niet in deze registratie meegenomen. Hierdoor zal het werkelijke aantal personen dat aan COVID-19 overleden is, hoger zijn. Daarnaast is een belangrijke kanttekening dat de GGD niet alle overlijdens krijgt gemeld. In de gemeenten met het hoogst aantal inwoners, Utrecht, Amersfoort, De Bilt en Zeist, is het aantal overledenen als gevolg van COVID-19 sinds het begin van de epidemie het hoogst (Figuur 14).

Figuur 14. Aantal personen overleden aan COVID-19 per gemeente in de regio Utrecht. Peildatum: 21 juli 2021 9:00 uur.

Net zoals het landelijk beeld laat zien, neemt ook in de regio Utrecht het risico op overlijden toe met de leeftijd. Meer dan de helft van het totaal aantal overleden patiënten met een COVID-19 infectie valt binnen de leeftijdsgroep 80+ jaar (62,4%). Dit aandeel is sinds het begin van de vaccinaties in januari enorm afgenomen. Het aandeel van de leeftijdsgroep 60-79 jaar op het totaal aantal overledenen is 34,0%. Voor zover bekend zijn bij het RIVM in de periode 5 juli t/m 11 juli 2021 landelijk elf meldingen geweest van het overlijden van mensen aan een COVID-19-besmetting. 2. Kwetsbaren beschermen 2.1 Monitoring verspreiding virus binnen zorginstellingen Landelijke aantal COVID-19 besmettingen in woonzorgcentra Het landelijk aantal verpleeghuis- en woonzorgcentrumbewoners met COVID-19 uitgezet naar dag van melding aan de GGD’en is weergeven in Figuur 15.

Figuur 15. Aantal positief geteste bewoners van woonzorgcentra in Nederland vanaf 27 februari 2020, naar meldingsdag. Bron: RIVM. Peildatum: 20 juli 2021 10:00 uur.

21

In Figuur 16 is het aantal COVID-19-registraties onder bewoners van zorginstellingen voor 24-uurs zorg weergegeven, uitgezet naar meldingsdag aan de regio Utrecht. Deze grafiek bevat alleen de door laboratoriumonderzoek bevestigde gevallen woonachtig of werkend in deze instellingen en die gekoppeld zijn aan een zorginstelling. Figuur 16 zal waarschijnlijk een onderrapportage weergeven, omdat niet alle bewoners van langdurige zorginstellingen door GGDrU worden getest. Vanaf begin januari is een gestage afname te zien in het aantal besmettingen zowel landelijk als regionaal (Figuur 16). Dit wordt zeer waarschijnlijk veroorzaakt doordat de kwetsbare groepen vanaf begin januari gevaccineerd zijn.

Figuur 16. Aantal positief geteste personen van woonzorgcentra in de regio Utrecht, naar eerste ziektedag. Peildatum: 21 juli 2021 9:00 uur.

Vanuit het BCO komen locaties in beeld waar besmettingen voorkomen of waar besmettingen worden opgelopen (de bron van besmetting). De bijzondere locaties zoals zorginstellingen, scholen, kinderdagverblijven, horeca, werkplekken en verenigingen worden vervolgens geregistreerd en gemonitord, om te bepalen of verdere acties nodig zijn. Als op een bijzondere locatie sprake is van één besmetting spreekt GGDrU van een issue. Indien drie of meer besmettingen aan elkaar gelinkt zijn wordt gesproken van een cluster. In Figuur 17 is het aantal actieve clusters bij instellingen met openstaande monitoring weergegeven. Deze clusters, gerelateerd aan 24-uurs zorg, zijn uitgezet per gemeente. Het gaat om clusters waar in de afgelopen vier weken een positieve melding is geweest. Op dit moment zijn er acht actieve clusters, twee clusters meer ten opzichte van week 27.

Figuur 17. Aantal COVID-19 clusters gerelateerd aan 24-uurs zorg in de regio Utrecht die onder actieve monitoring staan van GGDrU sinds afgelopen 4 weken. Peildatum: 21 juli 2021 9:00 uur.

22

2.2. Meld- en Adviespunt Bezorgd Het Meld- en Adviespunt Bezorgd (MAB), uitgevoerd door GGDrU, heeft een vraagbaak-, consultatie- en vangnetfunctie waar ketenpartners en bezorgde burgers terecht kunnen met zorgen en vragen over personen met verward gedrag. Daarnaast wordt uitvoering gegeven aan de taken uit de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (Wvggz): ‘Meldfunctie’ en/of ‘Verkennend Onderzoek (VO)’. Door de coronacrisis en quarantainemaatregelen, is de druk op de groep mensen met verward gedrag toegenomen. Het aantal meldingen is in 2020 bijna verdubbeld ten opzichte van 2019. Niet alleen de quarantainemaatregelen hebben gezorgd voor een stijging in het aantal meldingen (Figuur 18 en 19), ook heeft de invoering van de Wvggz, vanaf januari 2020, gezorgd voor extra bekendheid van het MAB. Daarnaast is vanaf oktober 2020 een nieuw landelijk meldpunt Zorgwekkend gedrag (tel: 0800-1205) gelanceerd. Dit meldpunt schakelt door naar desbetreffende regionale meldpunten en heeft ook bijgedragen aan een toename van het aantal meldingen in regio Utrecht. Gemiddeld worden ruim 30 meldingen per maand vanuit het landelijk meldpunt doorgezet naar het MAB.

Figuur 18. Meldingen MAB en Wvggz in de regio Utrecht in 2020 en 2021, uitgesplitst per maand. Peildatum:19 juli.

Figuur 19. Meldingen MAB en Wvggz in de regio Utrecht in 2021, uitgesplitst per week. Peildatum: 19 juli.

23

3. Zorgcontinuïteit 3.1 Landelijk aantal nieuwe ziekenhuisopnames De afgelopen weken zagen we de cijfers omtrent de instroom en bezetting in de ziekenhuizen dalen (Figuur 20). Vorige week daalde de bezetting door en stabiliseerde de instroom min of meer. Echter de instroom (en bezetting) van COVID-patiënten vertoont sinds vrijdag 9 juli een mogelijke trendbreuk. Volgens LCPS-prognoses stijgt deze week de bezetting op de IC en in de kliniek. Dit hangt samen met het grote aantal nieuwe besmettingen en de hogere R-waarde van de deltavariant van het coronavirus (Bron: LCPS).

Figuur 20. Landelijk aantal nieuwe COVID-19 patiënten opgenomen op verpleegafdelingen en Intensive Care. De gegevens van de laatste week zijn nog niet volledig. Gegevens rechts van de stippellijn worden momenteel namelijk nog aangevuld door ziekenhuizen. Bron: NICE. Peildatum: 20 juli 2021, 11:52 uur.

3.2 Verloop IC- en kliniek-capaciteit regio De instroom en de bezetting van COVID-patiënten op de IC is beperkt in onze regio (Figuur 21). Wel is een lichte stijging in de bezetting op de klinieken te zien. De druk op de ziekenhuizen zal echter beïnvloed worden door ‘inhaalzorg’. Prognoses van het LCPS, o.a. gebaseerd op het toegenomen aantal positieve testen, voorspellen een stijgende COVID-19 IC- en kliniekbezetting.

Figuur 21. Verloop kliniek en IC-capaciteit ziekenhuizen in de regio Utrecht. Peildatum: 21 juli 2021 10:00 uur.

24

3.3 Inschaling zorgcapaciteit ziekenhuizen De continuïteit van de (acute) zorg is - naast 'basis' COVID-zorg - regionaal niet bedreigd, maar wel bij individuele zorgaanbieders (Tabel 3). Huidige continuïteitsfase is geel (Figuur 22).

Figuur 22. Continuïteitsfase in de zorgketen. Bron: Regionaal plan stagnatie in de zorgketen regio Utrecht, 2021. Tabel 3. Raamwerk behoud reguliere klinische zorg. Bron: FMS-Raamwerk behoud reguliere klinische zorg in relatie tot pandemische druk, 2020.

3.4 Zorginstellingen (niet-ziekenhuizen) In de regio Utrecht zijn circa 265 zorgorganisaties met meer dan 1.400 zorglocaties. Het uitgangspunt is dat zorginstellingen zelf verantwoordelijk zijn voor de continuïteit en kwaliteit van zorg voor hun cliënten. Inmiddels is de druk op de verpleeg- en verzorgingshuizen (V&V), Gehandicaptenzorg (GHZ) en de Geestelijke Gezondheidzorg (GGZ) al meerdere weken beperkt. Om die reden is per 14 juni 2021 is gestopt met het halen van informatie, maar mochten zich zorgcontinuïteitsvraagstukken aandienen dan kunnen zorgorganisaties (V&V, GHZ en GGZ) contact opnemen met de GHOR (ghor@vru.nl). Indien de situatie weer verslechtert, zal de inventarisatie weer opgestart worden. 3.5 Opvanglocaties buiten het ziekenhuis De V&V, GHZ en GGZ, in het ROAZ regio Utrecht, hebben de opdracht gekregen van de DPG, in navolging van de opdracht van de minister van VWS (april 2020), om permanente COVID-19 zorg buiten het ziekenhuis te organiseren. Binnen de V&V-sector is capaciteit georganiseerd voor mensen die meer zorg nodig hebben dan thuis geboden kan worden, maar geen ziekenhuis indicatie hebben en voor mensen die ontslagen worden uit het ziekenhuis, maar nog onvoldoende hersteld zijn om naar huis te gaan. Momenteel is in onze regio binnen de V&V-sector opgeschaald naar tien bedden (drie zorglocaties).

In het landelijk overleg tussen GGD GHOR Nederland, ActiZ en

25

Zorgverzekeraars Nederland is afgesproken om landelijk 150 bedden tot nader order in de lucht te houden voor de coronazorg buiten ziekenhuizen. Omdat dit naar rato van het aantal inwoners verdeeld wordt, komt dit voor Utrecht neer op tien bedden. De volgende stap is om te overleggen hoe de corona-nazorg in de toekomst binnen reguliere afspraken en processen ingebed kan worden.

Figuur 23. Opvanglocaties buiten het ziekenhuis. Peildatum: 21 juli 10:00 uur. Bron: GGD GHOR NL.

26

Bijlage 1. Landelijke panelonderzoek Momenteel vindt er een grootschalig landelijk onderzoek plaats van het RIVM en GGD-en in Nederland. Dit onderzoek heeft meerdere peilingen, die ongeveer elke twee/drie weken plaatsvinden. De eerste peiling vond plaats tussen 17 en 24 april 2020. De laatste, en dertiende peiling vond plaats tussenn 16 en 20 juni 2021. Het onderzoek staat stil bij hoe mensen in Nederland de coronacrisis beleven en hoe zij hierop reageren. Disclaimer: Dit onderzoek is geen representatieve afspiegeling van de samenleving. Een aantal factoren die de representativiteit beïnvloeden worden hierna beschreven. Aan het onderzoek doen beduidend meer vrouwen mee dan mannen. Daarnaast zijn het vooral hoger opgeleiden die de vragenlijsten invullen. Jongeren (16-24 jaar) vullen minder vaak de vragenlijsten in dan de leeftijdsgroep 25+ jaar. Ten slotte doen relatief weinig mensen mee die niet in Nederland zijn geboren. Deze bijlage geeft dus alleen een indicatie van hoe de coronacrisis beleefd wordt. Er kunnen geen conclusies aan worden verbonden. De gepresenteerde informatie kan worden ingehaald door actuele ontwikkelingen.

In deze bijlage wordt ingegaan op hoe volwassenen denken over een coronavaccinatie. Daarnaast wordt beschreven in hoeverre ouders bereid zijn hun kind(eren) te laten vaccineren en hoe zij denken over het laten vaccineren van hun kind(eren). In peiling 13 (16-20 juni 2021) heeft 82% van de deelnemers minimaal één prik gehad. Aan deelnemers die (nog) niet gevaccineerd zijn (nog geen een prik gehad) is gevraagd hoe ze denken over bepaalde aspecten van het coronavaccin. 580 deelnemers zijn (nog) niet gevaccineerd. De leeftijdsverdeling is als volgt: 423 16-39-jarigen, 104 40-54jarigen, 46 55-69-jarigen en 7 70+ jarigen. Gezien het feit dat de meesten 55+ jaar op het moment van ondervraging ten minste één prik hebben gehad, richt de figuur zich op de leeftijdsgroep 55- jaar. Helaas zijn te weinig gegevens beschikbaar om te kunnen presenteren wat de redenen van deelnemers zijn om zich niet te laten vaccineren. De leeftijdsgroep 40+ jaar hebben minder vertrouwen in bescherming vaccin dan de leeftijdsgroep 40- jaar Figuur 1 geeft het percentage deelnemers per leeftijdsgroep weer dat van mening is dat het coronavaccin bescherming biedt tegen het virus. Er valt te zien dat bijna 70% van de 16-39-jarigen denkt dat het vaccin bescherming biedt tegen het virus. Dit percentage ligt beduidend lager bij de leeftijdsgroep 40-54 jaar (34%).

Tijdens de peiling in juni hebben de meeste deelnemres uit de leeftijdsgroep 40+ jaar de kans gehad om zich minimaal een keer te laten vaccineren. Het kan zijn dat de leeftijdsgroep 40+ jaar bestaat uit mensen die zich niet willen laten vaccineren door bijvoorbeeld een gebrek aan vertrouwen in het vaccin.

Het vaccin beschermt tegen het virus 100% 90% 80% 70% 60% 50% 40% 30% 20% 10% 0% 16-39 (N=423)

40-54 (N=104)

Figuur 1 Het vaccin beschermt tegen het virus in peiling 13 (16 tot 20 juni 2021).

27

Ruim de helft van de 40+ jaar is bang voor mogelijke bijwerkingen vaccin Figuur 2 geeft het percentage deelnemers per leeftijdsgroep weer dat bang is voor mogelijke bijwerkingen van het vaccin. Er valt te zien dat 54% van de leeftijdsgroep 4054 jaar bang is voor mogelijke bijwerkingen, ten opzichte van eenderde van de leeftijdsgroep 16-39 jaar. Tijdens de peiling in juni hebben de meeste deelnemers uit de leeftijdsgroep 40+ jaar de kans gehad om zich minimaal een keer te laten vaccineren. Het kan zijn dat de leeftijdsgroep 40+ jaar bestaat uit mensen die zich niet willen laten vaccineren door bijvoorbeeld een gebrek aan vertrouwen in het vaccin.

Angst voor mogelijke bijwerkingen vaccin 100% 90% 80% 70% 60% 50% 40% 30% 20% 10% 0% 16-39 (N=423)

40-54 (N=104)

Figuur 2 Angst voor mogelijke bijwerkingen vaccin in peiling 13 (16 tot 20 juni 2021).

De leeftijdsgroep 40+ jaar minder overtuigd dat vaccineren een uitweg is dan 40-minners Figuur 3 geeft het percentage deelnemers per leeftijdsgroep weer dat denkt dat vaccineren bijdraagt aan een uitweg uit de coronacrisis voor Nederland. Weer valt te zien dat de leeftijdsgroep 40-54 jaar beduidend lager scoren dan 16-39-jarigen (43% t.o.v. 84%).

Vaccinatie draagt bij aan een uitweg uit de coronacrisis voor Nederland 100% 90% 80% 70% 60% 50% 40% 30% 20% 10% 0% 16-39 (N=423)

40-54 (N=104)

Figuur 3 Vaccinatie draagt bij aan een uitweg uit de coronacrisis in Nederland in peiling 13 (16 tot 20 juni 2021).

28

Meeste ouders zijn bereid hun kind te laten vaccineren 640 ouders hebben één of meer thuiswonende kinderen. De leeftijdsverdeling van deze kinderen staat weergegeven in Figuur 4. Het grootste deel van de kinderen is 0 t/m 11 jaar.

Verdeling leeftijd thuiswonende kinderen

32% 56% 39%

0 t/m 11 (N=355)

12 t/m 15 (N=251)

16+ (N=231)

Figuur 4 Verdeling leeftijd thuiswonende kinderen in peiling 13 (16 tot 20 juni 2021).

In Figuur 5 staat de vaccinatiebereidheid voor kinderen van 0 t/m 11 jaar. 355 ouders hebben hun mening over het vaccineren van hun kind gegeven. 54% van de ouders wil hun kind(eren) laten vaccineren als een vaccin beschikbaar komt. Ruim 30% van de ouders wil dit niet, 15% staat er neutraal tegenover.

Vaccinatiebereidheid voor kinderen 0 t/m 11 jaar 100% 90% 80% 70% 60% 50% 40% 30% 20% 10% 0% (Zeker) niet (N=109)

Neutraal (N=53)

(Zeker) wel (N=193)

Figuur 5 Vaccinatiebereidheid voor kinderen 0 t/m 1 jaar in peiling 13 (16 tot 20 juni 2021).

Figuur 6 geeft de vaccinatiebereidheid voor kinderen van 12 t/m 15 jaar weer. 375 ouders hebben hun mening gegeven over het vaccineren van hun kind. De vaccinatiebereidheid binnen de groep ouders met kinderen van 12 t/m 15 jaar is hoger dan bij de ouders met kinderen van 0 t/m 11 (76% t.o.v. 54%) (Figuur 6,5). Bij de groep ouders met kinderen van 12 t/m 15 jaar ligt het percentage dat zijn/haar kinderen niet wil laten vaccineren ook lager (15%). De hogere vaccinatiebereidheid kan mogelijk worden verklaard door het feit dat al een vaccin is goedgekeurd voor deze groep en al wordt gevaccineerd. Door het gebrek aan gegevens kan de vaccinatiebereidheid voor kinderen van 16+ jaar niet gepresenteerd worden.

29

Vaccinatiebereidheid voor kinderen 12 t/m 15 jaar 100% 90% 80% 70% 60% 50% 40% 30% 20% 10% 0% (Zeker) niet (N=54)

Neutraal (N=34)

(Zeker) wel (N=287)

Figuur 6 Vaccinatiebereidheid voor kinderen 12 t/m 15 jaar in peiling 13 (16 tot 20 juni 2021).

Bijna 70% van de ouders is ervan overtuigd dat hun kind beschermd is na vaccinatie Figuur 7 geeft de mate van vertrouwen weer die ouders hebben in bescherming door het vaccin voor hun kind(eren). 640 ouders hebben aangegeven dat ze tenminste een thuiswonend minderjarig kind hebben. Er valt te zien dat 68% het (helemaal) eens is met de bescherming door het vaccin. Een veel kleiner deel (19%) geeft aan hier neutraal tegenover te staan en 13% van de ouders denkt niet dat hun kind beschermd zal zijn na vaccinatie.

Na vaccinatie is mijn kind beschermd tegen het virus 100% 90% 80% 70% 60% 50% 40% 30% 20% 10% 0% (Helemaal) oneens (N=86)

Neutraal (N=123)

(Helemaal) eens (N=431)

Figuur 7 Na vaccinatie is mijn kind beschermd tegen het virus in peiling 13 (16 tot 20 juni 2021).

De groep ouders die niet bang is voor bijwerkingen van het vaccin is even groot als de groep die wel bang is voor bijwerkingen Figuur 8 geeft de mate van angst van ouders weer voor mogelijke bijwerkingen van het vaccin bij kinderen. Het valt op dat de groep ouders die helemaal niet bang is even groot is als de groep die wel bang is (37% en 38%). Een mogelijke verklaring hiervoor kan zijn dat een bepaalde groep ouders niet bang is voor bijwerkingen omdat het in veel gevallen bij volwassenen meevalt. Anderzijds is er nog weinig bekend over het effect van vaccinatie bij kinderen, wat ouders angstig kan maken. Een kwart van de ouders staat er neutraal tegenover.

30

Angst voor bijwerkingen vaccin bij kind 100% 90% 80% 70% 60% 50% 40% 30% 20% 10% 0% (Helemaal) oneens (N=239)

Neutraal (N=161)

(Helemaal) eens (N=240)

Figuur 8 Angst voor bijwerkingen vaccin kind in peiling 13 (16 tot 20 juni 2021).

31

Bijlage 2. Covid-Monitor Midden-Nederland De Covid-Monitor verschijnt één keer per maand. 3 augustus 2021 zal de volgende Covid-Monitor verspreid worden.

32

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10488201/1