CConstaterende datZeist
Koppel je AI →
Document · PDF

PR21.096 St. Leerkansen Zzeist - signalerend scholenonderzoek

Overige evenementen 11 mei 2021, gemeente ZeistBij agendapunt: A-Post derden4.959 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Ontv. Griffie 12-04-2021 - PR21.096-427281

Beste leden van de Gemeenteraad van Zeist, De Stichting Leerkansen Zeist (SLZ) bestaat inmiddels bijna vijf jaar onder het motto “Nu meedoen, is straks meetellen”. Het is ons gebleken dat de extra kosten die de scholen bij de ouders in rekening brengen zeer sterk variëren en in het voorgezet onderwijs aanzienlijk zijn. Gelukkig kan de stichting doeluitkeringen doen aan ouders van schoolgaande kinderen die over een laag inkomen beschikken. Naast deze financiële ondersteuning heeft SLZ naar het oordeel van haar bestuur ook een signalerende functie in het zichtbaar maken van financiële belemmeringen die kunnen leiden tot ongelijke kansen voor leerplichtige kinderen in Zeist. Om deze reden heeft de stichting in de periode december 2020 – februari 2021 een enquête uitgezet nder de scholen waarmee ze regelmatig contacten onderhoudt om meer nauwkeurig in kaart te brengen voor welke extra kosten ouders van schoolgaande kinderen komen te staan. Met grote dank aan alle scholen die hun medewerking verleenden, sturen wij u te uwer informatie in de bijlage de resultaten van dit onderzoek. Wij hopen dat dit ‘Signalerende onderzoek’ een bijdrage levert aan de verdere ontwikkeling van initiatieven om de kansenongelijkheid in het onderwijs tegen te gaan. Met vriendelijke groet, Het bestuur en de vrijwilligers van de Stichting Leerkansen Zeist

Signalerend scholenonderzoek

Afname enquête: december 2020 - februari 2021 Rapportage: maart 2021 Samengesteld door: Charlotte Demkes, Henny Fokkema en Meta Ronk

Inhoudsopgave 1 Aanleiding voor het onderzoek ................................................................................ 3 2 Methode van het onderzoek .................................................................................... 3 3 Resultaten ............................................................................................................... 4 3.1 Response .......................................................................................................... 4 3.2 Armoedebeleid .................................................................................................. 4 3.3 Ouderbijdrage ................................................................................................... 5 3.4 Schooladvies bij overgang naar voortgezet onderwijs en eindtoets .................. 7 3.5 Huiswerkbegeleiding ......................................................................................... 9 3.6 Inzet van huiswerkinstituten en Squla ............................................................. 10 3.7 Begeleiding voor leerlingen van economisch kansarme ouders ..................... 13 3.8 Internet thuis ................................................................................................... 14 3.9 Device .............................................................................................................

15 3.10 Gemiddelde kosten per leerjaar door de school in rekening gebracht .......... 18 3.11 SLZ onder de aandacht................................................................................. 21 4 Conclusies en aanbevelingen ................................................................................ 24

2

1 Aanleiding voor het onderzoek De Stichting Leerkansen Zeist (SLZ) bestaat inmiddels 5 jaar. In deze periode heeft SLZ bijna 1200 aanvragen in behandeling genomen. Zowel in het Primair Onderwijs (PO) als in het Voortgezet Onderwijs (VO) heeft SLZ financiële ondersteuning kunnen bieden aan kinderen uit gezinnen in Zeist met een inkomen dat niet hoger is dan 130% van het sociaal minimum. In Nederland wordt het onderwijs bekostigd door de Overheid. Toch leert de praktijk dat alle scholen bij de ouders extra kosten in rekening brengen. Voor gezinnen met een laag inkomen vormt dit een probleem en daardoor kan de economische situatie van de ouders een belemmering vormen voor de ontwikkeling van hun kinderen. De kosten die de scholen bij de ouders in rekening brengen lopen sterk uiteen en zijn per school/schoolsoort en onderwijstype sterk verschillend. Dit is de reden dat SLZ een enquête heeft uitgevoerd onder de scholen waarmee zij regelmatig in contact is. Naast de financiële ondersteuning van schoolgaande kinderen in de leeftijd van 4 tot 18 jaar wier ouders een laag inkomen hebben, heeft SLZ naar het oordeel van haar bestuur ook een signalerende functie in het zichtbaar maken van ongelijke kansen bij leerplichtige kinderen in Zeist.

2 Methode van het onderzoek De scholen waarmee SLZ regelmatig contacten onderhoudt is een vragenlijst toegestuurd die online met behulp van Google Forms kon worden ingevuld en worden ingezonden. Voor sommige aangeschreven scholen is de enquête één keer (centraal) ingevuld. De resultaten zijn verdeeld in PO of VO en de antwoorden zijn vervolgens verder verwerkt tot grafieken met Microsoft Excel.

3

3 Resultaten 3.1 Response De schoolcontactpersonen, Jan van der Bijl, Charlotte Demkes en Linda Meerbeek van SLZ hebben in december 2020 per mail de enquête uitgezet naar de scholen waarmee ze contact onderhouden. Van de 30 uitgezette enquêtes zijn 18 vragenlijsten ingevuld teruggekomen. Het overzicht van respondenten is te vinden in tabel 1. Een grote respons, zeker als in aanmerking genomen wordt dat scholen die deel uitmaken van een grotere scholengroep individueel zijn aangeschreven en vanuit de centrale staf hebben gereageerd. Tabel 1: scholen die de enquête vanuit SLZ hebben ingevuld verdeeld in primair onderwijs (PO, n=13) en voortgezet onderwijs (VO, n=5) School PO School VO Comeniusschool CLZ Kerckeboschschool Openbaar Lyceum Zeist CBS De Wegwijzer Christelijk College Zeist Meerkring (bijzonder onderwijs) Het Nieuwe Lyceum Bilthoven De Kameleon De Breul CP van Leersumschool CBS De Hoeksteen de Griffel CBS Ichthus Damiaanschool CBS De Sluis Montessori Sumatralaan WereldKidz Op Dreef

3.2 Armoedebeleid De eerst vraag die aan scholen gesteld is “Is er armoedebeleid op uw school? (Hoe wordt omgegaan met kinderen uit gezinnen met een laag inkomen?)”. Uit de antwoorden komt naar voren dat bij het merendeel van de scholen er geen sprake van een expliciet armoedebeleid (Fig. 1 en 2). PO-scholen die ‘Nee *’ hebben ingevuld, vermelden dat ze ouders doorverwijzen naar SLZ en/of naar het jeugdsportfonds, of betalingsafspraken maken over de ouderbijdrage en/of de overblijfbijdrage. Van de VO-scholen die ‘Nee *” hebben ingevuld, vermeldt één school dat zij ouders doorverwijzen naar SLZ en indien een ouder voldoet aan de inkomenstoets van SLZ een gedeelte krijgt kwijtgescholden. Eén school geeft aan voor kinderen wier ouders het te betalen bedrag onoverkomelijk is een alternatief programma aan te bieden.

4

Is er armoedebeleid op school? (PO)

23%

Nee Nee * 54%

Ja

23%

Figuur 1: Aanwezigheid van armoedebeleid op scholen in het primair onderwijs (PO).

Is er armoedebeleid op school? (VO)

25%

Nee Nee *

50%

Ja

25%

Figuur 2: Aanwezigheid van armoedebeleid op scholen in het voortgezet onderwijs (VO).

3.3 Ouderbijdrage Over de ouderbijdrage werd een tweetal vragen gesteld. De eerste vraag is “Door wie wordt de ouderbijdrage geïnd?” en de tweede vraag is “Wat als de ouders ervoor kiezen geen ouderbijdrage te betalen? (Hoe "onverplicht' is de ouderbijdrage?)”. In de resultaten ontbreekt het antwoord van één PO-school en twee VO-scholen. Figuur 3 laat zien dat in het PO de ouderbijdrage in 77% van de gevallen wordt geïnd door de ouderraad/oudervereniging. Ouders die zitting hebben in de ouderraad/oudervereniging verwerven hierdoor kennis over de financiële situatie van ouders van kinderen die de ouderbijdrage niet kunnen betalen. Figuur 4 toont dat in het VO de ouderbijdrage wordt geïnd door schooladministratie.

5

Figuur 5 geeft een indruk hoe scholen omgaan met de ouderbijdrage wanneer ouders aangeven deze niet te kunnen betalen. De uitkomst is begrijpelijk daar art. 40 lid 1 WPO en art. 27 lid 2 WVO voorschrijven dat de ouderbijdrage – los van het inkomen van de ouders – altijd vrijwillig moet zijn. Om redenen dat de ouderbijdrage wordt ingezet voor extra schoolactiviteiten, zoals schoolreisjes, feestelijkheden rondom Kerst, Sinterklaas en het Suikerfeest, wordt de aangevraagde vergoeding – na overleg met de betreffende school door de schoolcontactpersoon – conform de procedure door SLZ vergoed. Twee scholen merken in de toelichting op dat ouders die geen aanvraag bij SLZ hebben ingediend door middel van een herinnering altijd opnieuw worden aangespoord de ouderbijdrage te betalen. Bij de antwoorden op de vraag in figuur 6 geeft één school aan te volharden in de betalingsherinnering en met de ouders in gesprek te gaan.

Door wie wordt de ouderbijdrage geïnd? (PO)

23% Ouderraad/vereniging Schooladministatie 77%

Figuur 3: Inning van ouderbijdrage op scholen in het primair onderwijs (PO).

Door wie wordt de ouderbijdrage geïnd? (VO)

Ouderraadvereniging 0% Schooladministatie

100%

Figuur 4: Inning van ouderbijdrage op scholen in het voortgezet onderwijs (VO). 6

Welke actie volgt als ouders geen ouderbijdrage betalen? (PO)

8% 17%

Niets Herinnering Overleg Doorverwijzing SLZ

33%

42%

Figuur 5: Effect van niet betalen van ouderbijdrage door de ouders op scholen in het primair onderwijs (PO).

Welke actie volgt als ouders geen ouderbijdrage betalen? (VO)

33%

Niets 0% Herinnering 67%

Alternatief

Figuur 6: Effect van niet betalen van ouderbijdrage door de ouders op scholen in het voortgezet onderwijs (VO).

3.4 Schooladvies bij overgang naar voortgezet onderwijs en eindtoets Over de overgang van PO naar VO zijn de volgende drie vragen gesteld: (1) “Hoe komt het advies voor de overgang naar het voortgezet onderwijs vanuit groep 8 tot stand?”, (2) “Welke eindtoets hanteert de school?” en (3) “Wordt de eindtoetstraining ingezet op school? Zo ja, maakt deze deel uit van het lespakket of wordt deze extern tegen vergoeding aangeboden aan de ouders?”. Uit de toelichting bij de gegeven antwoorden, zoals weergegeven in figuur 7, worden als van invloed op het schooladvies genoemd: interne begeleider, directie, dossier en/of leerkrachten. Sommige scholen vermelden expliciet bij het schooladvies in overleg te treden met de ouders. 7

Figuur 8 laat zien dat 62% van de enquêteerde PO-scholen gebruik maakt van de route-8 toets en 38% van IEP toets. De geënquêteerde scholen zijn scholen waarmee SLZ regelmatig contacten onderhoudt. Zij vormen een willekeurige samenstelling van de PO-scholen in Zeist. Bij de vraag of er eindtoetstraining wordt gegeven (figuur 9) antwoordt 85% van de ondervraagde scholen geen eindtoetstraining te geven en bij 15% van deze scholen is deze vraag met ‘ja’ beantwoord. Scholen merken op, dat de kinderen van groep 8 voorbereid worden op wat ze kunnen verwachten bij de toets. Over de scores van de landelijke toetsen in groep 8 (Cito, IEP en Route-8) en de uitstroom van leerlingen naar het voortgezet onderwijs zijn in de enquête geen vragen opgenomen.

Hoe komt het advies voor VO tot stand? (PO)

Vanuit school

38% 62%

School & Ouders

Figuur 7: Totstandkoming van advies voor de overgang naar voortgezet onderwijs op scholen in het primair onderwijs (PO).

Welke eindtoets hanteert de school? (PO)

IEP

38%

Route 8

62%

Figuur 8: Gehanteerde eindtoets op scholen in het primair onderwijs (PO).

8

Wordt eindtoetstraining ingezet op school? (PO)

15% Nee Ja 85%

Figuur 9: Inzet van de eindtoetstraining op scholen in het primair onderwijs (PO).

3.5 Huiswerkbegeleiding Ook is er uitvraag gedaan naar de aanwezigheid van huiswerkbegeleiding op de scholen. “Is er huiswerkbegeleiding vanuit de school?” is de letterlijke vraag die gesteld is hierover. Figuur 10 laat zien dat door het merendeel van de PO-scholen niet actief aan huiswerkbegeleiding wordt gedaan. Eén PO-school geeft aan daar waar het mogelijk is huiswerkbegeleiding in te zetten, deels op school en deels elders, een andere POschool geeft aan dat de intentie wel aanwezig is, maar dat het “al een tijd stilligt”. Een andere school vermeldt dat er geen sprake is van huiswerkbegeleiding, maar wel van intensieve ondersteuning bij agendagebruik en overleg met de ouders hoe zij kunnen ondersteunen. In het VO (figuur 11) geeft 80% aan dat er sprake is van huiswerkbegeleiding vanuit de school. Op welke wijze deze huiswerkbegeleiding gestalte krijgt, kosteloos vanuit de school, in samenwerking met een in de school opererend huiswerkinstituut, via een extern huiswerkinstituut wordt uit de beantwoording van de vragen niet duidelijk.

9

Is er huiswerkbegeleiding vanuit school? (PO)

23%

Nee Ja

15%

62%

Deels

Figuur 10: Huiswerkbegeleiding vanuit school in het primair onderwijs (PO).

Is er huiswerkbegeleiding vanuit school? (VO)

20% Nee Ja 80%

Figuur 11: Huiswerkbegeleiding vanuit school in het voortgezet onderwijs (VO).

3.6 Inzet van huiswerkinstituten en Squla Over inzet van huiswerkinstituten en Squla werden deze drie vragen gesteld: (1) “Hoe staat de school tegenover huiswerkinstituten?”, (2) “Is er samenwerking met huiswerkinstituten? Of Squla? Zo ja, waarop richt deze zich?”, en (3) “Heeft de school zicht op hoeveel leerlingen gebruik maken van huiswerkbegeleiding en adviseert de school daarin?”. Voor de tweede vraag mist één antwoord van een VO-school. Bij de PO-scholen (Fig. 12) zijn de antwoorden genuanceerd en variëren van “als ouders ervoor kiezen is het prima” tot “zullen we nooit adviseren”. Bij de VO-scholen is 40% positief over de inzet van huiswerkinstituten (Fig.13). Nadrukkelijk wordt door de scholen opgemerkt dat de inschakeling van een huiswerkinstituut een keuze is die bij de ouders ligt.

10

Niet alle scholen hebben zicht op óf en in welke mate gebruik wordt gemaakt van een huiswerkinstituut. “Deels” in de figuren 16 en 17 houdt in dat de leerkracht of de mentor ervan op de hoogte is. Zoals figuur 14 laat zien, wordt in het PO-onderwijs in 85% van de scholen gebruik gemaakt van Squla, een digitaal, leerondersteunend programma voor PO-leerlingen. Figuur 16 laat zien dat het merendeel van de PO-scholen (69%) er geen zicht op heeft hoeveel leerlingen gebruik maken van huiswerkbegeleiding buiten de school. In algemene zin: huiswerkbegeleiding wordt door PO-scholen niet als noodzakelijk geacht. VO-scholen vermelden nadrukkelijk dat de inzet van een huiswerkinstituut een verantwoordelijkheid is van de ouders.

Hoe staat de school tegenover huiswerkinstituten? (PO)

8%

17%

Positief Neutraal

25%

Negatief n.v.t. 50%

Figuur 12: Houding tegenover huiswerkinstituten van een school in het primair onderwijs (PO).

Hoe staat de school tegenover huiswerkinstituten? (VO)

Positief 40%

40%

Neutraal Negatief

0%

n.v.t. 20%

Figuur 13: Houding tegenover huiswerkinstituten van een school in het voortgezet onderwijs (VO).

11

Is er inschakeling van huiswerkinstituten en/of Squla? (PO)

15%

Nee Ja, Squla 85%

Figuur 14: Inschakeling van huiswerkinstituten en/of Squla op een school in het primaire onderwijs (PO).

Is er inschakeling van huiswerkinstituten en/of Squla? (VO)

Nee

25%

Ja, Lyceo 75%

Figuur 15: Inschakeling van huiswerkinstituten en/of Squla op een school in het voortgezet onderwijs (VO). Is er zicht op hoeveel leerlingen huiswerkbegeleiding gebruiken? (PO)

8%

Nee Ja

23%

Deels 69%

Figuur 16: Zicht op hoeveel leerlingen gebruik maken van huiswerkbegeleiding in het primair onderwijs (PO).

12

Is er zicht op hoeveel leerlingen huiswerkbegeleiding gebruiken? (VO)

Nee

20%

Ja 20%

60%

Deels

Figuur 17: Zicht op hoeveel leerlingen gebruik maken van huiswerkbegeleiding in het voortgezet onderwijs (VO).

3.7 Begeleiding voor leerlingen van economisch kansarme ouders De vraag die gesteld werd is: “Kent de school een systeem van extra begeleiding voor kinderen van economisch kansarme ouders?”. Een derde van de PO-scholen (Fig. 18) vermeldt geen systeem van begeleiding te kennen voor kinderen uit economisch kansarme gezinnen. Eén school heeft hiervoor subsidie aangevraagd en toegekend gekregen. Daarnaast biedt deze school extra begeleiding voor kinderen die dat nodig hebben. Eén andere school vermeldt tijdens de sluiting van de school wegens corona ervoor te hebben gekozen om enkele kinderen uit een kansarme omgeving wel naar school te halen. Eén andere school licht toe dat kinderen uit een kansarme omgeving voor extra begeleiding worden doorverwezen naar het Centrum voor Jeugd en Gezin voor gesprekken samen met de ouders. Bij VO-scholen (figuur 19) is het antwoord “nee” of er wordt geen antwoord gegeven.

Systeem van begeleiding kansarme leerlingen? (PO)

15% 39%

Nee Deels Ja

46%

Figuur 18: Aanwezigheid van een systeem voor extra begeleiding voor leerlingen van economisch kansarme kinderen op scholen in het primair onderwijs (PO).

13

Systeem van begeleiding kansarme leerlingen? (VO)

Nee

40% 60%

Geen antwoord

Figuur 19: Aanwezigheid van een systeem voor extra begeleiding voor leerlingen van economisch kansarme kinderen op scholen in het voortgezet onderwijs (VO).

3.8 Internet thuis Om erachter te komen hoe noodzakelijk een internetaansluiting is bij leerlingen thuis stelden we de volgende vraag: “Acht de school het noodzakelijk dat er thuis een internetaansluiting aanwezig is?”. Uit de toelichting bij de antwoorden komt naar voren dat het merendeel van de geënquêteerde PO-scholen het noodzakelijk acht dat ouders over een internetaansluiting beschikken (Fig. 20). Of dat de ouders daadwerkelijk over een aansluiting beschikken wordt uit de antwoorden niet duidelijk. De geënquêteerde VO-scholen zijn zonder enige toevoeging ervan overtuigd dat een internetaansluiting noodzakelijk is (Fig. 21).

Internet thuis noodzakelijk? (PO)

23% Nee Ja 77%

Figuur 20: Wordt aanwezigheid van een internetaansluiting thuis noodzakelijk geacht op scholen in het primair onderwijs (PO). 14

Is internet thuis noodzakelijk? (VO)

Nee

0%

Ja

100%

Figuur 21: Wordt aanwezigheid van een internetaansluiting thuis noodzakelijk geacht op scholen in het voortgezet onderwijs (VO).

3.9 Device Over het gebruik van devices en de ondersteuning daarbij vanuit de scholen werden de volgende drie vragen gesteld: (1) “Is het noodzakelijk voor goed onderwijs dat het kind over een eigen device beschikt?”, (2) “Schrijft de school de aanschaf van een device voor? Zo ja, welke device?” en (3) “Geeft de school ondersteuning bij de aanschaf van een device en het onderhoud in zijn algemeenheid?”. In verband met het thuisonderwijs vanwege corona geven 6 basisscholen aan een device noodzakelijk te vinden (‘wenselijk’ in Fig. 22). 62% van de PO-scholen vindt het wenselijk of noodzakelijk dat de leerling over een device beschikt. In het VO achten alle geënquêteerde scholen een device noodzakelijk (Fig. 23). Als er in het PO een device wordt geadviseerd is dat een Chromebook (Fig. 24). In het VO worden per school verschillende devices geadviseerd: een Macbook, Macbook Air, Ipad of een advies bestaande uit een aantal type apparaten (aanvulling op ‘Ja’ in Fig. 25). Figuur 26 laat zien dat algemeen gesteld de PO-scholen geen ondersteuning bieden bij de aanschaf en het onderhoud van een device. Wanneer om remediërende redenen of vanwege thuisonderwijs door de school een computer wordt geadviseerd doen ouders met een minimum inkomen een beroep op SLZ en sluit de school voor de eerste twee jaar een bruikleenovereenkomst af met de ouders.

VO-scholieren uit economisch kansarme gezinnen kunnen voor de aanschaf van een device een beroep doen op SLZ. De door de school voorgeschreven device wordt door de school besteld, waarmee de school de onderhoudsverplichting op zich heeft genomen. SLZ vergoedt de aanschaf van de device aan de school. De ouders tekenen voor de eerste twee jaar een bruikleenovereenkomst met de school.

15

Is een device noodzakelijk? (PO)

23%

Ja

38%

Wenselijk Nee 39%

Figuur 22: Is het voor goed onderwijs noodzakelijk dat de leerling over een device beschikt op scholen in het primair onderwijs (PO).

Is een device noodzakelijk? (VO)

Ja Nee

0%

100%

Figuur 23: Is het voor goed onderwijs noodzakelijk dat de leerling over een device beschikt op scholen in het voortgezet onderwijs (VO).

16

Wordt er een device voorgeschreven? (PO)

8% Ja, Chromebook Nee 92%

Figuur 24: Voorschrijven van aanschaf van een device en welk type op scholen in het primair onderwijs (PO).

Wordt er een device voorgeschreven? (VO)

20% Ja Nog niet 80%

Figuur 25: Voorschrijven van aanschaf van een device en welk type op scholen in het voortgezet onderwijs (VO).

Is er ondersteuning in device aanschaf en onderhoud? (PO)

23%

Indien nodig Nee

77%

Figuur 26: Ondersteuning in aanschaf en onderhoud van een device op scholen in het primair onderwijs (PO). 17

Is er ondersteuning in device aanschaf en onderhoud? (VO)

Ja Nee

0%

100%

Figuur 27: Ondersteuning in aanschaf en onderhoud van een device op scholen in het voortgezet onderwijs (VO).

3.10 Gemiddelde kosten per leerjaar door de school in rekening gebracht De volgende twee vragen zijn in de enquête opgenomen om een indruk te krijgen van verdere kosten die ouders per schooljaar dienen te betalen: (1) “Wat is het gemiddelde van de kosten die door de school per leerjaar bij de ouders in rekening worden gebracht (kluisjes, schoolreizen, excursies, kampen, enz.)?” en (2) “Zijn er ‘verborgen” schoolkosten zoals aanschaf atlas, woordenboeken, rekenmachine, enz. die niet aan de school betaald hoeven te worden maar waarvan verondersteld wordt dat de ouders deze zelf betalen?”. In het PO-onderwijs variëren de kosten die de school bij de ouders in rekening brengt per leerjaar tussen de €30 en €85 (Fig. 28). Voor het schoolkamp van groep 8 worden extra kosten in rekening gebracht (Fig. 29). Op de VO-scholen liggen de kosten voor de jaarlaagbijdrage, profielbijdrage, excursies hoger en variëren (naast de verplichte aanschaf van een device) tussen de € 37 en € 295 (Fig. 30). Vanwege covid-19 zijn deze kosten voor dit schooljaar laag omdat excursies, werkkampen en buitenlandse schoolreizen niet konden plaatsvinden. Overige kosten die door de scholen genoemd worden en die de ouders moeten betalen betreffen bij voorbeeld een atlas, grafische rekenmachine, losse niet geplande excursies, enz. (Fig. 31 en 32).

Deze kosten worden door de ouders zelf betaald, omdat SLZ tot nu toe alleen de door de school aan de ouders in rekening gebrachte kosten aan de school vergoedt. Om deze reden vallen deze kosten buiten de vergoeding van SLZ.

18

Kosten per leerjaar (PO) 30 35 45 50

Groep 1 t/m 7

50 50 55 60 60 60 85 90 115 0

50

100

150

Figuur 28: Gemiddelde kosten die door de school per leerjaar in rekening worden gebracht voor groep 1 t/m 7 op scholen in het primair onderwijs (PO).

Kosten per leerjaar (PO) Groep 8

60 80 125 0

50

100

150

Figuur 29: Gemiddelde kosten die door de school in groep 8 in rekening worden gebracht op scholen in het primair onderwijs (PO).

19

Kosten per leerjaar (VO) 37 95 250 260 295 0

100

200

300

400

Figuur 30: Gemiddelde kosten die door de school per leerjaar in rekening worden gebracht op scholen voortgezet onderwijs (VO). (Exclusief aanschaf van een divice).

Zijn er overige schoolkosten (PO)?

15% Ja Nee 85%

Figuur 31: Zijn er verborgen/ overige schoolkosten die door de school in rekening worden gebracht op scholen in het primair onderwijs (PO)?

20

Zijn er overige schoolkosten (VO)?

Ja Nee 100%

0%

Figuur 32: Zijn er verborgen/overige schoolkosten die door de school in rekening worden gebracht op scholen in het voortgezet onderwijs (VO)?

3.11 SLZ onder de aandacht Ten slotte is er gevraagd hoe SLZ nu onder de aandacht wordt gebracht bij ouders en of de school nog tips voor SLZ heeft. Deze uitvraag kwam in de volgende vorm: (1) “Hoe wordt SLZ op school onder de aandacht (bij ouders) gebracht?” en (2) “Heeft u suggesties die de school aan SLZ zou willen meegeven?”. Voor de eerste vraag mist het antwoord van één VO-school. In zijn algemeenheid waarderen de PO- en VO-scholen de “constructieve” samenwerking met de schoolcontactpersonen vanuit SLZ zeer en spreken zij hun positieve waardering uit over de inzet van de enthousiaste en deskundige vrijwilligers. SLZ wordt in het PO door 31% van de scholen onder de aandacht gebracht als blijkt dat ouders de in rekening gebrachte bedragen niet kunnen betalen (Fig. 33). SLZ streeft ernaar door middel van meer communicatie haar activiteiten nog actiever onder de aandacht van de doelgroep te brengen.

21

Manier om SLZ onder de aandacht te brengen (PO)

Nieuwsbrief

8%

Gesprek

15% 46%

Niet Brief OB

31%

Figuur 33: Manieren hoe SLZ onder de aandacht wordt gebracht bij ouders van leerlingen op scholen in het primair onderwijs (PO). OB = ouderbijdrage

Manier om SLZ onder de aandacht te brengen (VO)

Schoolgids 50%

50%

Gesprek

Figuur 34: Manieren hoe SLZ onder de aandacht wordt gebracht bij ouders van leerlingen op scholen in het voortgezet onderwijs (VO).

22

Suggesties voor SLZ (PO)

9%

Geen sugegestie

9%

Nieuwsbrief Krantenartikel

18% 64%

Toegankelijk(er) maken

Figuur 35: Suggesties voor SLZ van scholen in het primair onderwijs (PO).

Suggesties voor SLZ (VO)

Geen suggestie 100%

Figuur 36: Suggesties voor SLZ van scholen in het voortgezet onderwijs (VO).

23

4 Conclusies en aanbevelingen Algemeen: - Onder de geënquêteerde scholen is er geen enkele school waarbij ouders niet hoeven bij te betalen. - Uit de enquête komt niet naar voren of alle ouders van leerplichtige kinderen over een internetaansluiting beschikken. - Gezien het veelvuldige beroep dat door ouders van schoolgaande kinderen uit economisch zwakke gezinnen op SLZ wordt gedaan, vervult de stichting een belangrijke functie. Armoedebeleid: - Bij het merendeel van de geënquêteerde scholen is geen sprake van een expliciet armoedebeleid. - SLZ pleit voor een actieve doorverwijzing van de scholen naar de SLZ, ook bij scholen die een gedeelte van de kosten kwijtschelden of een alternatief programma aanbieden ten einde sociale uitsluiting zoveel als mogelijk te voorkomen. Inning vrijwillige ouderbijdrage: - Bij de PO-scholen wordt de vrijwillige ouderbijdrage geïnd door de ouderraad/oudervereniging. Bij het VO door de schooladministratie. - Uit diverse onderzoeken blijkt dat mensen met een laag inkomen zich schamen voor hun financiële situatie. SLZ pleit ervoor dat beschaming van ouders (en dus ook van kinderen) en uitsluiting vanwege de economische situatie van de ouders zoveel als mogelijk wordt beperkt. - SLZ pleit ervoor dat ook de PO-scholen de financiële administratie van de bijdrage van de ouders bij de ouderraad/oudervereniging weghalen en zelf ter hand nemen.

- Het verdient aanbeveling dat de scholen ook bij de betalingsherinnering verwijzen naar de SLZ. Advies bij overgang naar voortgezet onderwijs en eindtoets: - De geënquêteerde scholen zijn scholen waarmee SLZ regelmatig contacten onderhoudt. Zij vormen een willekeurige samenstelling van de PO-scholen in Zeist. O.a. de basisschool van de Zeister Schoolvereniging, die niet heeft deelgenomen aan de enquête, hanteert de Cito-toets, de tot 2015 Centrale Eindtoets van de overheid. De goedgekeurde alternatieve IEP en Route 8toetsen kunnen in een kortere tijd worden afgenomen dan de Centrale Eindtoets: de Cito-toets vraagt drie ochtenden, de IEP-toets vergt twee dagdelen en de Route-8 toets kan in eén ochtend worden afgenomen. - Over de scores van de landelijke toetsen in groep 8 (Cito, IEP en Route-8) en de uitstroom van leerlingen naar het voortgezet onderwijs zijn in de enquête geen vragen opgenomen. Wel valt uit andere bronnen op te maken dat scholen als Op Dreef een grotere uitstroom kennen naar het VMBO-kader en procentueel gezien een lagere uitstroom kennen naar HAVO/WVO (https://allecijfers.nl/basisscholen/zeist/#uitstroomlijst) Daarnaast laat de zojuist uitgekomen Kansenatlas zien dat kinderen van nietwesterse ouders met een laag inkomen in Zeist gemiddeld aanmerkelijk lager scoren in de eindtoets, dan kinderen van westerse ouders met een hoog 24

-

inkomen. (https://kansenatlas.seo.nl/persoonlijk_inkomen/349/alles/alles/alles) . Alhoewel de scholen hierop niet tot in detail zijn bevraagd, lijkt het erop dat er in Zeist sprake is van kansenongelijkheid wanneer we kijken naar de overgang van het basisonderwijs naar het voortgezet onderwijs. SLZ pleit voor politieke aandacht en interventiebereidheid voor dit fenomeen.

Huiswerkbegeleiding en inzet van huiswerkinstituten: - De PO-scholen zijn over het algemeen terughoudend bij de inzet van huiswerkinstituten. - Uit de antwoorden is onduidelijk of de kosten voor Squla door de betreffende scholen worden vergoed of door de ouders zelf moeten worden betaald. - Op de PO-scholen speelt huiswerkbegeleiding nauwelijks een rol. - Wat de VO-scholen betreft komt uit de enquête geen duidelijk beeld naar voren over de inzet van huiswerkbegeleiding. Wel valt op, dat de huiswerkbegeleiding nadrukkelijk aan de ouders zelf wordt overgelaten, hetgeen impliceert dat huiswerkbegeleiding alleen weggelegd is voor kinderen die uit gezinnen komen met voldoende inkomen. Uiteraard wordt hiermee ook in Zeist de kansenongelijkheid tussen schoolgaande kinderen uit gezinnen met lage en hoge inkomens versterkt. - Op de VO-scholen moet de betekenis van huiswerkbegeleiding aanzienlijk zijn, gezien het grote aantal aanbieders van huiswerkbegeleiding in de gemeente Zeist. - Het verdient aanbeveling dat er in Zeist een door de lokale overheid gefinancierd en politiek breed gedragen systeem voor extra begeleiding voor kinderen uit gezinnen met een laag inkomen en niet-Westerse achtergrond wordt opgezet.

Internetaansluiting thuis: - Het is opmerkelijk dat alle PO-scholen van mening zijn dat een internetaansluiting in de huizen waar hun leerlingen wonen noodzakelijk is, maar dat zij niet weten of er een internetaansluiting is. Ook SLZ is niet op de hoogte van het aantal internetaansluitingen omdat de ouders hierop niet zijn bevraagd. (Landelijke cijfers CBS: in 2019 hebben 17.000 Nederlandse gezinnen met kinderen in de leeftijd van 5 tot 13 jaar geen internetaansluiting). Device: - Vanuit de school is het wenselijk dat leerlingen een device tot hun beschikking hebben. PO-scholieren die voor remediërende begeleiding een device nodig hebben en van wie de ouders de aanschaf niet kunnen bekostigen, dienen een aanvraag in bij SLZ. Het is bijna ondoenlijk onderwijs te volgen wanneer kinderen niet over een eigen device beschikken. - In eerste instantie ligt de verantwoordelijkheid voor de aanschaf en het onderhoud bij de ouders, hetgeen voor economisch kansarme gezinnen bezwaarlijk is. Wanneer SLZ de aanvraag ondersteunt dan neemt de school de verantwoordelijkheid voor de aanschaf en het onderhoud over. - 62% van de PO-scholen acht een device voor de leerling wenselijk of noodzakelijk. Alleen de scholen die een device noodzakelijk achten, vragen

25

-

aan ouders een device aan te schaffen en als het goed is worden economisch kansarme ouders voor ondersteuning hiervoor doorverwezen naar SLZ. Alle scholen voor VO vinden een device voor de leerling noodzakelijk. De kosten van de door de scholen voorgeschreven computers lopen sterk uiteen. SLZ zet zich op verzoek van de scholen ervoor in dat alle leerplichtige scholieren beschikken over een eigen device.

Kosten: - Zoals eerder opgemerkt: ook in Zeist is het onderwijs niet ‘gratis’. De overheid betaalt het onderwijs zodat alle kinderen van Zeist naar school kunnen, maar scholen mogen wel een geldelijke bijdrage vragen voor “iets extra’s en op vrijwillige basis”. Wat onder “extra” wordt verstaan is heel verschillend. Wel lopen deze bijdragen voor een gezin met een laag inkomen in de papieren en kunnen zodoende inclusief aanschaf van een computer op een VO-school per leerjaar soms oplopen tot ca € 1000,00 of meer per kind. - Voor een gezin met meerdere kinderen is de eigen bijdrage voor economische kansarme ouders een aanslag op het te besteden weekbudget. SLZ onder de aandacht: - De inzet en het enthousiasme van de vrijwilligers van SLZ wordt door het merendeel van de scholen hooglijk gewaardeerd. - De meerderheid van de scholen brengt SLZ onder de aandacht in gesprek met de ouders. Dit wekt de indruk dat SLZ pas genoemd wordt wanneer ouders met hun financiële situatie voor de dag komen. Landelijke onderzoeken wijzen erop dat schaamte bij ouders met een laag inkomen een belangrijke belemmering kan zijn een beroep te doen op ondersteuning. Om deze reden is het aannemelijk dat SLZ slechts een deel van haar doelgroep bereikt.

- SLZ zet stappen voor een meer doelgerichte communicatie, zoals in overleg met de scholen een folder ontwerpen die aan alle ouders wordt uitgereikt wanneer de leerling wordt aangemeld, op de websites van de scholen een item over SLZ opnemen, tweemaandelijkse persberichten voor de lokale media, deelname aan de opendagen van de scholen voor VO.

26

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10017542/1